CConstaterende datLelystad
Koppel je AI →
Document · PDF

30. aanpak doorontwikkeling omgevingsvisie

Raadsvergadering 25 januari 2022, gemeente LelystadBij agendapunt: 30. Aanpak doorontwikkeling omgevingsvisie1.317 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

INFORMATIENOTA VOOR DE RAAD Nummer: 30 Portefeuille: Programma: Taakveld:

mo, duurzaamheid, sport en bewegen, vitaliteit en gezondheid, ruimtelijk stedelijke ontwikkeling en Omgevingswet en p&o 8 Volkshuisvesting, ruimtelijke ordening en stedelijke vernieuwing 8.1 Ruimtelijke ordening

Portefeuillehouder:

Schoone

Datum

21 december 2021

Onderwerp: Aanpak doorontwikkeling Omgevingsvisie De raad neemt kennis van: De raad neemt kennis van de globale aanpak van het proces doorontwikkeling omgevingsvisie. Inleiding Bij de vaststelling van de omgevingsvisie 1.0 en de kadernota 2022-2025 is al aangekondigd dat de omgevingsvisie wordt doorontwikkeld en dat de raad in het najaar 2021 in kennis wordt gesteld van de aanpak. Vooruitlopend op een bestuurlijke startnota die ter vaststelling wordt voorgelegd aan de nieuwe raad, brengen wij u alvast in kennis van de voorgenomen aanpak. Waarom doorontwikkeling? De aanleiding zijn de bijgestelde ambities die naast versnelling van de woningbouw ook een verdere verkenning van de groei van Lelystad naar meer dan 100.000 inwoners (aansluitend op het amendement 40.000 woningen) inhoudt. Bij een dergelijke groeiambitie zal verkend moeten worden óf en onder welke randvoorwaarden dat haalbaar is. Een stad groeit niet alleen met woningen, maar als een volledige samenleving met bijhorende functies, die allemaal ruimte vragen. En omdat niet alles overal past zullen er integrale ruimtelijke keuzes moeten worden gemaakt om ervoor te zorgen dat Lelystad in balans ontwikkelt. Dit vraagt om verdieping van ambities, toe te passen principes en een integrale ruimtelijke strategie.

Daarnaast vraagt de nieuwe Omgevingswet een milieueffectrapportage of o.e.r (omgevingseffectrapportage) bij een omgevingsvisie en zijn er digitaliseringsvereisten. De omgevingsvisie 2.0 zal enerzijds invulling moeten geven aan doorwerking van beleid uit de Nationale Omgevingsvisie (NOVI, 2020), en uit de Provinciale Omgevingsvisie (Flevoland Straks). In de omgevingsvisie 1.0 zijn de beleidsdocumenten wel benoemd, maar de doorwerking en kaders van de documenten ontbreekt nog. Daarnaast zal de omgevingsvisie de verbinding moeten zoeken met bovengemeentelijke en regionale ambities, plannen en agenda’s uit samenwerkingsverbanden zoals de Verstedelijkingsstrategie van de MRA en de Strategische Agenda Flevoland die beide als onderdeel van de Omgevingsagenda Noordwest gaan dienen en daarmee onderdeel zijn van het rijksbeleid, namelijk de uitwerking van de NOVI.

1

Kernboodschap De doorontwikkeling levert een omgevingsvisie 2.0 op die is geactualiseerd op basis van de bijgestelde ambitie van Lelystad en voldoet aan de vereisten die aan een omgevingsvisie gesteld worden in de Omgevingswet. Daarnaast is het niet alleen werken naar een omgevingsvisie 2.0 het is ook een doorontwikkeling in integraal werken. Het “anders werken” onder de Omgevingswet. De omgevingsvisie en de ruimtelijke strategie die daarin wordt ontwikkeld stelt ons in staat om: - proactief op ontwikkelingen te acteren. Om maatschappelijke opgaven te realiseren, en de rol als facilitator en ondersteuner te optimaliseren. - Weten waar we heen willen, koersvast - Maar toch wendbaar, de ruimtelijke strategie moet adaptief zijn, zit het mee dan kunnen ontwikkelingen versnellen, zit het tegen dan kunnen we snel terug schakelen Hoe we dit willen aanpakken wordt in deze informatienota kort uitgelegd. Aanpak Analyse fase (tot najaar 2022) In de analysefase zullen we het huiswerk doen voor de tweede fase (confrontatiefase), we gaan: - betekenis geven aan Hoofdstad van de Nieuwe Natuur: de doorwerking van de groenstructuur door alle schalen heen. - de ruimtelijke vertaling maken van alle opgaven: we gaan oefenen met een methodiek om alle ruimtevragers in beeld te krijgen.

De groeiopgave wordt onderzocht en uitgewerkt voor in ieder geval twee scenario’s: groei naar 100.000 inwoners, aansluitend op de doelstellingen van LNL en groei naar 150.000+ inwoners (40.000 woningen). In de verkenning naar 40.000 woningen worden natuurlijk ook de niet prioritaire gebieden (OVI 1.0) betrokken. Ook wordt in de ruimtelijke vertaling in beeld gebracht welke ruimtelijke beperkingen er gelden voor de groeiambitie (zoals geluidscontouren, hindercirkels etc.) zodat duidelijk wordt welke gebieden wel en niet geschikt zijn voor woningbouw.1 - een Nota reikwijdte en detailniveau opstellen als voorbereiding op de MER . - een participatieplan opstellen voor de volgende fase Participatie vindt in deze fase nog nauwelijks plaats. Wel zullen we externe partijen als Staatsbosbeheer, RVB, provincie, en andere experts nodig hebben voor de juiste analyses. We gaan in deze fase bewoners niet opnieuw bevragen. Bewoners zijn immers recent betrokken bij de vaststelling van de omgevingsvisie 1.0. Wel brengen we in beeld wat de opbrengst was uit dit traject en andere recente participatietrajecten zoals de woonvisie en energietransitie. Deze analysefase wordt afgesloten met door de raad vast te stellen richtinggevende uitspraken, om zo met de juiste uitgangspunten de volgende fase in te gaan.

1.

1in navolging van het amendement van de Inwoners Partij bij de vaststelling van de Omgevingsvisie 1.0

2

Confrontatiefase (najaar 2022-medio 2023) In de tweede fase, de confrontatiefase brengen we de opgaven, structuren en principes bij elkaar. Duidelijk zal worden dat er keuzes gemaakt moeten worden. En in elk type gebied zal er ruimte moeten zijn voor bijhorende voorzieningen zoals groenstructuren die het gebied gezond, beleefbaar, klimaatadaptief, en natuurinclusief maken. In hoog stedelijke gebieden kan je anders omgaan met de ruimte voor bijvoorbeeld parkeren als in een woonwijk met een lage bebouwingsdichtheid. In sommige gebieden is er juist ruimte nodig voor voorzieningen als buurtcentra, openbaarvervoer etc. Op groter schaalniveau heeft een groeiende stad naast woningen ook groengebieden en werkgebieden nodig, ook moet er energie opgewekt worden en moet het gebied goed ontsloten worden. De groeiambitie zal uitgaan van een groei die past bij de Hoofdstad van de Nieuwe Natuur. Niet alles zal passen en dus zullen er keuzes gemaakt moeten worden. Een goede methode gaat ons daarbij helpen. Ook laten we in de omgevingseffectrapportage de effecten op de omgeving doorrekenen. Dit alles gaat ons helpen integraal en weloverwogen keuzes te maken.

Naast de ruimtelijke vraagstukken die dit proces zullen opleveren zullen er ook keuzes moeten worden gemaakt om de ontwikkeling van de stad adaptief in een tijdspad weer te geven zodat de stad in balans kan ontwikkelen: als het mee zit versnellen en als het tegen zit terugschakelen. Ook wordt de koppeling gelegd met een investeringsstrategie: financieel slim aanpakken, dus hoe kunnen winstgevende ontwikkelingen helpen de opgaven te financieren die juist om investeringen vragen. Via een in fase 1 op te stellen participatieplan zal in deze tweede fase inwoners, ondernemers en maatschappelijke partners mee kunnen denken over de integratie van structuren, principes en opgaven. Deze fase wordt afgesloten met een integraal keuzedocument, ter vaststelling aan de raad. Procedurefase (medio 2023-medio 2024) In deze fase worden de resultaten van het integraal keuzedocument omgezet in een omgevingsvisie 2.0 die samen met de omgevingseffectrapportage als ontwerp ter inzage zullen worden gelegd. De uiteindelijke omgevingsvisie zal uiterlijk 3 jaar na inwerkingtreding van de Omgevingswet moeten worden vastgesteld, dus uiterlijk medio 2025. Naar verwachting is dat prima haalbaar.

In deze fase vindt participatie plaats via de formele procedure, het ontwerp omgevingsvisie wordt samen met de OER ter inzage gelegd voor een ieder om op die manier de gelegenheid te bieden zienswijzen kenbaar te maken. De raad geeft voorafgaand aan de ter inzagelegging de ontwerp-omgevingsvisie vrij. Eventuele zienswijzen worden betrokken bij de uiteindelijke vaststelling. Relatie met versnellingsgebieden Niet alles hoeft op dit proces te wachten. We willen immers versnelling met de woningbouw naar 1000 woningen per jaar, in de gebieden Warande, Bestaande stad, inclusief Stadshart en de Kust. De omgevingsvisie 1.0 geeft hiervoor al een stevige basis. Uitwerking kan plaatsvinden binnen de kaders van de omgevingsvisie 1.0. Het proces van de doorontwikkeling van de omgevingsvisie kan behulpzaam zijn in lopende trajecten. Er vindt dan ook een intensieve samenwerking plaats. Wanneer er in de tussentijd keuzes gemaakt moeten worden die niet passen binnen de omgevingsvisie 1.0, dan gaat het dus om een fundamenteel vraagstuk, dat vervolgens opgepakt wordt in het proces doorontwikkeling omgevingsvisie. Vervolg Momenteel wordt op basis van deze globale aanpak een bestuurlijke startnota opgesteld. Deze zal in het voorjaar zo snel als mogelijk worden aangeboden aan de nieuwe raad. In de tussentijd wordt ambtelijk al gestart met analyses. Bijlagen: -

3

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Lelystad&id=adcf9e85-af58-4918-ab86-67a2b88f4af1