CConstaterende datLelystad
Koppel je AI →
Document · PDF

289. RV Gemeentelijk Rioleringsplan 2022 tm 2031

Raadsvergadering 1 november 2022, gemeente LelystadBij agendapunt: 289. Gemeentelijk Rioleringsplan 2022 t/m 2031 (o.v.v. sessie 25 oktober)2.317 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Voorstel aan de raad Nummer: 289

Portefeuille: Programma: Taakveld:

S. Kruis 7 Volksgezondheid en milieu 7.2 Riolering

Onderwerp: Gemeentelijk Rioleringsplan 2022 t/m 2031

Voorgesteld besluit 1.

Het Gemeentelijk Rioleringsplan 2022 t/m 2031 vast te stellen en daarmee de kernformulering van het beleid aangaande de gemeentelijke watertaken in de gemeente Lelystad, te weten: a. Afvalwater: het hoofddoel van de riolering is de volksgezondheid. Voor een gezonde en veilige leefomgeving voorkomen we contact met afvalwater; b. Hemelwater: hemelwater is schoon en daarom passen we dit nuttig toe; c. Grondwater: we voorkomen structureel nadelige gevolgen van de grondwaterstand voor de aan de grond gegeven bestemming.

2.

De hoofdlijnen van dit beleid gemeentelijke watertaken over te nemen in de eerstvolgende herziene versie van de Omgevingsvisie van de gemeente Lelystad.

3.

De toerekenbare kosten op het gebied van straatreinigen niet meer voor € 191.000,- maar voor € 270.000,- toe te rekenen aan de rioolheffing.

4.

De kosten voor bermbeheer bij horizontale afwatering van de weg in de wegbermen voor 100% toe te rekenen aan de rioolheffing voor een bedrag van € 100.000,- en in de begroting te verwerken.

5.

De hoogte van de gemiddelde jaarlijkse kosten over 80 jaar, inclusief de toerekenbare kosten, met ingang van 2023, vast te stellen op € 9.265.208,- en daarbij: d. De kosten voor de exploitatie, zonder toerekenbare kosten, voor de jaren 2023 t/m 2031 vast te stellen op € 3.496.492,-; e. De gemiddelde jaarlijkse kosten voor vernieuwing op prijspeil 2022 vast te stellen op € 4.405.759,-.

6.

De gemiddelde jaarlijkse kosten vast te stellen op € 9.265.208,- welke, minus een afbouwende ICL-bijdrage op riolering, de basis vormen voor de hoogte van de rioolheffing in 2023.

7.

De rioolheffing jaarlijks te indexeren op basis van de indexatie welke wordt opgenomen in de begroting en dient als uitgangspunt voor de tarievennota.

Urgentie Raad Het GRP dient te zijn vastgesteld, voordat het begrotingsproces start, immers het GRP biedt kaders aan voor de begroting vanaf 2023 en is de basis voor de rioolheffing 2023 als onderdeel van de door de gemeenteraad dit najaar vast te stellen tarievennota.

Voorgaande besluitvorming n.v.t.

Inleiding Het gemeentelijk rioleringsplan (GRP) is een wettelijke verplichting en beschrijft het gemeentelijke beleid m.b.t. de gemeentelijke watertaken voor afvalwater, hemelwater en grondwater. Het GRP bevat een kostendekkingsplan voor de kosten van het beheer van de voorzieningen gemeentelijke watertaken. In dit GRP is de noodzakelijke financiering in een kostendekkingsplan verwerkt. In het kostendekkingsplan zijn voor de looptijd van dit GRP (10 jaar, met een doorkijk van 80 jaar tot 2101) de noodzakelijke maatregelen en onderzoeken sober en doelmatig uitgewerkt. De maatregelen zijn zodanig gekozen dat het rioolstelsel volgens wettelijke eisen functioneert en dat dit tegen de laagst maatschappelijke kosten gebeurt. Versnippering en kleinschalige (ad hoc) maatregelen worden zoveel mogelijk vermeden door de maatregelen af te stemmen binnen het IGOR. Er is ingezet op een robuust en toekomstbestendig rioolsysteem.

Argumenten 1. Het Gemeentelijk Rioleringsplan 2022 t/m 2031 vast te stellen en daarmee de kernformulering van het beleid aangaande de gemeentelijke watertaken in de gemeente Lelystad, te weten: a. Afvalwater: het hoofddoel van de riolering is de volksgezondheid. Voor een gezonde en veilige leefomgeving voorkomen we contact met afvalwater; b. Hemelwater: hemelwater is schoon en daarom willen we dit nuttig toepassen; c. Grondwater: we voorkomen structureel nadelige gevolgen van de grondwaterstand voor de aan de grond gegeven bestemming 1.1 Het GRP is een wettelijke verplichting Vanuit de Wet Milieubeheer is het een wettelijke verplichting. 1.2 De gemeenteraad stelt het gemeentelijk rioleringsplan vast Volgens de Wet Milieubeheer art. 4.22 stelt de gemeenteraad telkens voor een daarbij vast te stellen periode een gemeentelijk rioleringsplan vast. 1.3 De planperiode van het huidige GRP liep af op 31 december 2021 De beleidsperiode van het huidige GRP liep af op 31 december 2021. Vanaf 1 januari 2022 is er de wettelijke verplichting om een nieuw GRP te hebben vastgesteld. Dit nieuwe GRP heeft een looptijd van 2022 tot en met 2031, of zoveel korter als daar aanleiding toe is. Na vaststelling van het GRP door de gemeenteraad is het onderdeel kostendekkingsplan van dit GRP input voor de begroting voor 2023 en volgende jaren.

1.4 de gemeente heeft een wettelijke zorgplicht voor de watertaak afvalwater Volgens de Wet Milieubeheer art. 10.33 dragen de gemeenteraad of burgemeester en wethouders zorg voor de inzameling en het transport van stedelijk afvalwater dat vrijkomt bij de binnen het grondgebied van de gemeente gelegen percelen, door middel van een openbaar vuilwaterriool naar een inrichting als bedoeld in artikel 3.4 van de Waterwet (=zuiveringsinstallatie). 1.5 de gemeente heeft een wettelijke zorgplicht voor de watertaak hemelwater Volgens de Waterwet art. 3.5 dragen de gemeenteraad en het college van burgemeester en wethouders zorg voor een doelmatige inzameling van het afvloeiend hemelwater: de gemeente Lelystad zamelt het hemelwater effectief in en past het nuttig toe, door tenminste te lozen op oppervlaktewater en niet af te voeren naar de zuivering. 1.6 de gemeente heeft een wettelijke zorgplicht voor de watertaak grondwater Volgens de Waterwet art. 3.6 dragen de gemeenteraad en het college van burgemeester en wethouders zorg voor het in het openbaar gemeentelijke gebied treffen van maatregelen teneinde

structureel nadelige gevolgen van de grondwaterstand voor de aan de grond gegeven bestemming zoveel mogelijk te voorkomen of te beperken, voor zover het treffen van die maatregelen doelmatig is en niet tot de zorg van de beheerder (waterschap en/of Rijkswaterstaat) of de provincie behoort. 2. De hoofdlijnen van dit beleid gemeentelijke watertaken over te nemen in de eerstvolgende herziene versie van de Omgevingsvisie van de gemeente Lelystad 2.1 Het beleid gemeentelijke watertaken valt onder de Omgevingswet Het gemeentelijke rioleringsplan (GRP) is een document onder het regiem van de Omgevingswet. De omgevingsvisie bevat het gemeentelijk beleid op basis van de Omgevingswet. In de omgevingsvisie dient de gemeente al het beleid op te nemen aangaande de zaken die vallen onder de Omgevingswet. 3. De toerekenbare kosten op het gebied van straatreinigen niet meer voor € 191.000,- maar voor € 270.000,- toe te rekenen aan de rioolheffing 3.1 Het is juridisch mogelijk om 1/3 deel van de straatreinigingskosten toe te rekenen aan de rioolheffing. Toerekenbare kosten moeten te herleiden zijn uit de begroting. Op basis van de straatreinigingskosten in de begroting is er de mogelijkheid om deze toe te rekenen kosten met €79.000,- te verhogen. 3.2 Een schone straat draagt bij aan een goede afvoer van hemelwater Toerekenbare kosten moeten een link hebben met rioleringsbeheer.

Onderhoud is essentieel om die functie te behouden. Een schone straat is belangrijk voor de afvoer van hemelwater, daarom mogen straatreinigingskosten voor 1/3 worden toegerekend aan de rioolheffing. 4. De kosten voor bermbeheer bij horizontale afwatering van de weg in de wegbermen voor 100% toe te rekenen aan de rioolheffing en hiervoor € 100.000,- in de begroting te verwerken 4.1 Activiteiten ten behoeve van gemeentelijke watertaken zijn toe te rekenen aan de rioolheffing Alle kosten die gemaakt worden en kunnen worden toegerekend aan de uitvoering van de gemeentelijke watertaken, mogen worden toegerekend aan de kosten voor riolering en zijn daarmee mede bepalend voor de hoogte van de rioolheffing. 4.2 De bermen dragen bij aan de afvoer van hemelwater op de openbare weg De bermen van wegen zonder kantopsluiting maken onderdeel uit van de afvoer van water op die wegen. Door het ontbreken van een kantopsluiting hoeven goten niet geveegd te worden maar hoopt het vuil zich op in de eerste meter naast de weg. Voor goede horizontale afvloeiing van het regenwater van de weg naar de berm moet deze eerste meter periodiek worden afgeschraapt. De kosten hiervan mogen dus voor 100% worden toegerekend aan de rioolheffing. 5. De hoogte van de gemiddelde jaarlijkse kosten over 80 jaar, inclusief de toerekenbare kosten, met ingang van 2023, vast te stellen op € 9.265.208,- en daarbij: a.

De kosten voor de exploitatie, zonder toerekenbare kosten, voor de jaren 2023 t/m 2031 vast te stellen op € 3.496.492,-; b. De gemiddelde jaarlijkse kosten voor vernieuwing op prijspeil 2022 vast te stellen op € 4.405.759,-. 5.1 De benodigde middelen zijn berekend op basis van het kostendekkingsplan In het kostendekkingsplan zijn alle kosten opgenomen die geheel of gedeeltelijk mogen worden toegerekend aan de kosten voor uitvoering van de gemeentelijke watertaken, zoals: exploitatie, vernieuwing, toerekenbare kosten als BTW, rente en aflossing, als ook het toekomstbestendig maken van de rioleringszorg. De berekening van het kostendekkingsplan gaat uit van gemiddelde jaarlijkse kosten (prijspeil 2022) over de gehele theoretische levensduur van het areaal aan voorzieningen gemeentelijke watertaken van 80 jaar.

5.2 Het totaal areaal aan voorzieningen gemeentelijke watertaken is toegenomen Sinds het begin van planperiode van het vorige GRP is, vanwege nieuwbouw, het areaal aan de voorzieningen gemeentelijke watertaken groter geworden. Onder andere het areaal aan vrijvervalriolering is met ca. 30 km toegenomen. 5.3 De kosten van exploitatie zijn gestegen door inflatie De budgetten in de begroting zijn gebaseerd op het GRP 2016 – 2021 en over de looptijd niet geïndexeerd. 5.4 Er is meer onderzoek en planvorming nodig om met de tijd mee te gaan Naast de kosten voor het dagelijks onderhoud zijn er voor de komende jaren t/m 2031 kosten opgenomen voor onderzoek en planvorming mede i.r.t. de vragen die deze tijd aan ons stelt. Het gaat hierbij om het invoeren van data gedreven werken, de beschikbare data te analyseren en de resultaten te implementeren. 5.5 Onderzoek is nodig om inzicht in de functionaliteit en werking van het systeem te vergroten In deze en ook voorgaande GRP’s is aangegeven dat een hydraulische doorrekening nodig is om het systeem qua werking te toetsen aan de theoretische uitgangspunten. Daarnaast is inzicht in de werking van het systeem en de grenzen van de beschikbare capaciteit nodig om op basis van feiten te beoordelen of inbreidingen en uitbreidingen nog in het stelsel passen, of dat uitbreiding van het stelsel wenselijk is.

5.6 Onderzoek is nodig om inzicht in te krijgen in de kwaliteit van het getransporteerde afvalwater De gemeente heeft de watertaak afvalwater en daarmee de plicht om afvalwater te ontvangen en te transporteren. Dat betekent niet alleen ervoor te zorgen dat het transport ongestoord verloopt, maar ook inzicht hebben in de samenstelling, qua stoffen die er niet in thuis horen. En, indien noodzakelijk, de juiste en doelmatige acties nemen. 6. De gemiddelde jaarlijkse kosten van € 9.265.208 vormen, minus een afbouwende ICL-bijdrage op riolering, de basis voor de hoogte van de rioolheffing in 2023. 6.1 Het GRP bevat de onderbouwing voor de hoogte van de rioolheffing Het GRP en bijbehorend kostendekkingsplan vormen de onderbouwing van de benodigde middelen voor het beheer van de voorzieningen gemeentelijke watertaken. De totale middelen worden opgebracht door de rioolheffing en een afnemende rijksbijdrage (ICL). Op basis van jurisprudentie dient de hoogte van de rioolheffing goed te worden onderbouwd. Met de vaststelling van het GRP en bijbehorend kostendekkingsplan door de raad is dat juridisch en bestuurlijk geregeld. 6.2 De ICL-bijdrage kent een afbouw naar € 0,- bij 120.000 inwoners. De ICL-bijdrage toegerekend aan riolering is, bij besluitvorming van de ICL-evaluatie, € 1.059.000 bij 77.175 inwoners.

Door bij besluitvorming vast te leggen dat de daling op basis van inwonersgroei op dit onderdeel gelijke tred houd met de uitkomst van de evaluatie zal er bij volgende evaluaties minder aanleiding zijn om hier weer kritisch naar te kijken. Als peildatum gaan we uit van het aantal inwoners per 1 januari voorafgaande aan het begrotingsjaar. Voor de begroting 2023 is de peildatum 1 januari 2022. 7. De grondslag voor de rioolheffing wordt jaarlijks geïndexeerd op basis van de indexatie welke wordt opgenomen in de begroting en dient als uitgangspunt voor de tarievennota. 7.1 De hoogte van de rioolheffing wordt jaarlijks opnieuw vastgesteld in de tarievennota De kosten voor het beheer van de gemeentelijke watertaken zijn gebaseerd op het prijspeil van 2022. Deze kosten zullen, als gevolg van inflatie, jaarlijks stijgen. Om elk jaar een 100% dekking vanuit de inkomsten te garanderen is jaarlijkse bijstelling noodzakelijk. Dit vindt plaats bij de vaststelling door de raad van de tarievennota. 7.2 Door het toepassen van jaarlijkse indexatie op de rioolheffing zal het financiële effect aan het eind van de looptijd, bij het vaststellen van het volgende GRP, veel minder groot zijn.

De afgelopen periodes is het GRP over de gehele looptijd als basis gebruikt voor het bepalen van de heffing. Gevolg hiervan is een grote bijstelling, op basis van indexatie en areaaluitbreiding, bij vaststelling van het nieuwe GRP aan zowel de kosten- als de batenkant. Door de heffing jaarlijks te indexeren met de standaardindexering van de tarievennota zal dit effect bij vaststelling van het volgende GRP veel kleiner zijn.

Kanttekeningen n.v.t.

Financiën Het effect van dit besluit wordt via een apart voorstel in de begroting opgenomen. Na besluitvorming dient dit begrotingsvoorstel als basis voor het bepalen van de rioolheffing. Het bedrag € 9.265.208,- gaat over alle kosten m.b.t. de riolering en worden gedekt uit de rioolheffing, waarbij een deel direct naar de begroting voor exploitatie riolering gaat en een deel in de voorziening wordt gestort. Overige middelen vanuit de rioolheffing worden elders in de begroting opgenomen.

Vervolg Het GRP plaatsen op de gemeentelijke website (www.lelystad.nl/riolering) en dit via een persbericht algemeen bekend maken aan de inwoners van Lelystad. Het GRP ter kennisname toe te zenden aan: • Het college van Gedeputeerde Staten van de provincie Flevoland; • Het college van Dijkgraaf en Heemraden van het waterschap Zuiderzeeland; • De Minister van Infrastructuur & Waterstaat. De resultaten van het raadsbesluit te verwerken in de begroting van 2023 en volgende jaren.

Bijlagen Gemeentelijk Rioleringsplan 2022 t/m 2031 Lelystad, 6 september 2022 Het college van de gemeente Lelystad, de secretaris, A.N. van den Bergh *Dit voorstel is digitaal vastgesteld en ondertekend

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Lelystad&id=c4d4cf35-0fc4-410f-b6a0-8175368cd875