278. rv Plan van aanpak transitie omgevingsplan_aanpassing n.a.v. raad - NIEUWE VERSIE
Tekst van het document
Voorstel aan de raad Nummer: 278
Portefeuille: Programma: Taakveld:
Wmo, duurzaamheid, sport en bewegen, vitaliteit en gezondheid, ruimtelijk stedelijke ontwikkeling en omgevingswet en p&o 8 Volkshuisvesting, ruimtelijke ordening en stedelijke vernieuwing 8.1 Ruimtelijke ordening
Onderwerp: Plan van aanpak transitie omgevingsplan Lelystad
Voorgesteld besluit De volgende uitgangspunten vast te stellen voor het nieuwe Omgevingsplan voor Lelystad: 1. Het omgevingsplan staat ten dienste van de in de omgevingsvisie vastgelegde ambities; 1. Het omgevingsplan draagt bij aan de ambities van Lelystad richting 2040; 2. De geldende beleidsdoelen van de omgevingsvisie en uitwerkingen daarvan (programma’s) zijn kaderstellend voor het omgevingsplan. 2. De mogelijkheden van de Omgevingswet worden actief benut voor de verbetering van onze dienstverlening; 3. het omgevingsplan is niet alleen maar gericht op het vastleggen van de bestaande situatie, maar biedt juist ruimte en flexibiliteit om gewenste ontwikkelingen te faciliteren. a. De gewenste ontwikkelingen (die volgen uit bestaande beleidskaders) worden vastgelegd in de omschrijving van de doelen van het omgevingsplan, waarbij niet de regels maar de doelen centraal staan. 4. in principe wordt gewerkt met algemene regels zonder vergunningplicht, in plaats van standaard vergunningplichten. Zo kan het niveau van dienstverlening wordt worden, en blijft er genoeg ruimte om bij te sturen als dat nodig is. 5. de voormalige Rijksregels (Bruidsschat) die naar de gemeente worden overgeheveld worden geanalyseerd op de doelmatigheid en noodzakelijkheid voor de Lelystadse context. Op basis hiervan doen wij voorstellen om te komen tot verantwoorde keuzes voor deregulering. 6.
Het niveau van (digitale) dienstverlening wordt verhoogd door het proces van de veel aangevraagde en minder complexe activiteiten verder te digitaliseren. 7. De inwoner, ondernemer en maatschappelijke organisatie als gebruiker centraal stellen betekent ook dat zij in een vroegtijdig stadium bij de totstandkoming van het omgevingsplan in de gelegenheid worden gesteld om hun ideeën en perspectieven te delen (participatie), en dat wij motiveren hoe de resultaten van de participatie zijn gewogen.
3. De transitie wordt gefaseerd aangepakt met de prioritering op basis van de Omgevingsvisie; 8. de hoofdstructuur van het omgevingsplan wordt opgesteld in 2022, met inachtneming van de uitgangspunten 1 t/m 6. 9. het tijdelijke omgevingsplan wordt in de transitieperiode (2022 t/m 2029) gefaseerd door het nieuwe omgevingsplan vervangen, gebiedsgericht en voor algemeen geldende thema’s / onderwerpen. Voor elke gefaseerde wijziging volgt een raadsbesluit. De gefaseerde aanpak is hieronder geïllustreerd:
10. de thematische wijzigingen zijn anno 2021 nog onderwerp van nadere uitwerking. Thema’s waarvoor in de transitieperiode in elk geval beleidswijzigingen plaatsvinden die naar verwachting zullen leiden tot (nieuwe / gewijzigde) regels in het omgevingsplan zijn: a. Klimaatadaptatie en water en rioleringsplan b. Warmtetransitie c. RES / Zonnevelden d. Bodembeleid en archeologie e. Geluid f. Wonen en stedelijke vernieuwing (welstand) g. Monumentenbeleid h. Economische visie i. Horecabeleid 11. Voor de gebiedsgerichte wijzigingen gelden de volgende deelgebieden op basis van de gebiedstypologieën van de omgevingsvisie, met de bijbehorende sturingsfilosofie en belangrijke thema’s. De prioritaire gebieden (in onderstaande tabel nummers 1 t/m 3 en dikgedrukt) worden als eerste (2022 t/m 2025) uitgewerkt, omdat hier de meeste ontwikkelingen worden verwacht.
Deelgebieden omgevingsplan
Aard van het Omgevingsplan
Belangrijke thema’s/ activiteiten om te regelen
1. Stationsgebied en stadshart
Ontwikkelgericht met nadruk op faciliteren van een stedelijk woonwerkmilieu.
Mobiliteit, klimaatadaptatie, bouwen, uitwerking functie stedelijk woon-werkmilieu.
2. Kustzone
Ontwikkelgericht met nadruk op faciliteren van nieuwe woon-werk respectievelijk woonmilieus.
Bouwen, duurzaamheid, uitwerking functie ontspannen woonmilieu.
3. Groene rand, incl. Warande
Ontwikkelgericht met nadruk op wonen in clusters, met voldoende ruimte tussen de clusters voor een groene, recreatieve buffer zone.
Wonen, recreatie, natuur, klimaatrobuust.
4. Bestaande wijken
Ontwikkelgericht (stedelijke vernieuwing) en conserverend (beschermen kwaliteiten, zoals structuur van de dreven en behoud van de menselijke maat).
Bouwen, gezondheid (spelen, bewegen, etc.), klimaatrobuust.
5. Werkgebieden
Ontwikkelgericht, ruim baan voor werk, en een hoogwaardige werkomgeving.
Uitwerken functies voor werkgebieden, klimaatadaptatie en hittestress
6. Buitengebied
Ontwikkelgericht met het oog op de energietransitie en toekomstbestendige landbouw, en beschermen van de openheid en verkaveling.
Uitwerking agrarische functie en functie energie landschap.
7. Natuur (IJsselmeer, Markermeer en Oostvaardersplassen)
Behouden, beschermen en waar mogelijk recreatief benutten van de kwaliteiten.
Uitwerking functie natuur.
Urgentie Raad Niet van toepassing
Samenvatting De gemeenteraad wordt gevraagd om uitgangspunten vast te stellen voor het transformeren van de huidige ruimtelijke regelgeving naar één nieuw omgevingsplan voor heel Lelystad. Met deze uitgangspunten kan doelgericht gewerkt worden aan deze transitie. Wij stellen voor dat het omgevingsplan een doorwerking moet zijn van de omgevingsvisie en (dus) moet bijdragen aan de ambities voor Lelystad. Wij stellen voor om verantwoorde keuzes voor deregulering te maken en ruimte te geven aan initiatieven en het verhogen van onze (digitale) dienstverlening.
Voorgaande besluitvorming -
Inleiding Met de inwerkintreding van de Omgevingswet (hierna: Ow) ontstaat een tijdelijk omgevingsplan van rechtswege (alle geldende bestemmingsplannen worden automatisch door de wet als omgevingsplan bestempeld). In de transitieperiode (wettelijke overgangstermijn) tot 2030 moet dit tijdelijke omgevingsplan worden getransformeerd naar een nieuw omgevingsplan dat voldoet aan de Ow, én bij voorkeur ook bijdragen aan de ambities van Lelystad, zoals deze is vastgelegd in onder meer de Omgevingsvisie.
Doel De raad vroegtijdig te betrekken in het voorbereidingsproces van de ruimtelijke regelgeving voor de komende jaren. Met de uitgangspunten van de gemeenteraad kan de ontwikkeling van het omgevingsplan doelgericht plaats vinden.
Argumenten De navolgende uitgangspunten vast te stellen voor het nieuwe Omgevingsplan voor Lelystad: 1. Het omgevingsplan staat ten dienste van de in de omgevingsvisie vastgelegde ambities 2. De mogelijkheden van de Omgevingswet worden actief benut voor de verbetering van onze dienstverlening 3. De transitie wordt gefaseerd aangepakt met de prioritering op basis van de Omgevingsvisie 1.1 Het omgevingsplan staat ten dienste van de in de omgevingsvisie vastgelegde ambities In aanvulling op het wettelijke kader zetten wij het omgevingsplan in als instrument voor het bereiken van de Lelystadse ambities richting 2040 voor zover deze betrekking hebben op het benutten en beschermen van de fysieke leefomgeving. Het omgevingsplan biedt in potentie kansen om ambities van Lelystad waar te maken en te versnellen. De ambities zijn onder meer beschreven in de vastgestelde omgevingsvisie en kunnen worden samengevat als: “Lelystad, Hoofdstad van de Nieuwe Natuur, is in 2040 een zelfstandige, sociaal veerkrachtige, duurzame, aantrekkelijke en economisch sterke stad met 100.000 inwoners. Hiervoor gaat Lelystad haar potentie volop benutten en kiest voor haar unieke kwaliteiten én de onderscheidende regionale positie”. Om ambities te kunnen realiseren en waar mogelijk te versnellen moeten we ervoor zorgen dat de regels die ambities niet in de weg staan en waar mogelijk zelfs faciliteren.
2.1 De mogelijkheden van de Omgevingswet worden actief benut voor de verbetering van onze dienstverlening Wij benutten de mogelijkheden van de Omgevingswet om invulling te geven aan de verbeterdoelen van de Omgevingswet en de ambitie van de raad om inwoners, ondernemers en maatschappelijke organisaties als gebruiker centraal te stellen. We gaan uit van het principe ‘ja-mits’ in plaats van
‘nee-tenzij’1. En we gebruiken het omgevingsplan ook om verantwoorde keuzes te maken voor deregulering2. De ontwikkeling van het omgevingsplan is veel meer dan een juridische-technische wijziging. Met het oog op de verbeterdoelen van de Omgevingswet moeten we met het omgevingsplan ook op een andere manier gaan werken. De Omgevingswet gaat uit van de veranderde maatschappelijke context met meer ruimte voor initiatief vanuit de samenleving, digitalisering, en mogelijkheden voor lokaal maatwerk en keuzevrijheid. Participatie is een belangrijke pijler van de Omgevingswet en een verplichting bij de ontwikkeling van het omgevingsplan. Kortom, het omgevingsplan moet bijdragen aan duidelijke regelgeving, stelt de leefomgeving centraal, biedt meer ruimte voor maatwerk en draagt bij aan snellere en betere besluitvorming bij initiatieven. 3.1 De transitie wordt gefaseerd aangepakt met de prioritering op basis van de Omgevingsvisie Omdat we aan slag gaan met het ontwerpen van 1 omgevingsplan voor de hele gemeente is het belangrijk dat er eerst een goede basis wordt gelegd. We willen voorkomen dat er in de transitiefase (van 2022-2030) keuzes worden gemaakt die ertoe leiden dat de hele basis van het omgevingsplan aangepast moet worden. De basis van het omgevingsplan moet dus geschikt zijn om de omgevingsvisie goed te vertalen.
Het is van belang dat de raad kaders meegeeft over zowel de manier van regels stellen, als over de volgorde van de aanpassing van het omgevingsplan. Het is de bedoeling dat deze uitgangspunten voor langere tijd gebruikt kunnen worden binnen de transitieperiode. Toch hoeven de kaders niet per sé voor de hele looptijd tot 2030 te gelden. Als er aanleiding is om later de strategie te veranderen, dan kunnen de uitgangspunten altijd gewijzigd worden. Dit kan op aangeven van de raad zijn, of op voorstel van het college.
Kanttekeningen: 1.1 Ambities kunnen wijzigen De ambities voor de gemeente Lelystad kunnen de komende jaren wijzigen. Als de nieuwe ambities in strijd zijn met de uitgangspunten voor het omgevingsplan, dan worden de uitgangspunten bijgesteld en in overeenstemming gebracht met de nieuwe ambities. 2.1 Geen blauwdruk voor nieuwe manier van werken De nieuwe werkwijze, waaronder de participatie bij wijzigingen van het omgevingsplan zijn nieuw. Ook elders in het land wordt alleen nog maar geëxperimenteerd. Dit betekent dat er nu nog geen blauwdruk bestaat als bewezen manier van werken. De ontwikkeling van het nieuwe omgevingsplan gaat stapsgewijs. De ervaringen in Lelystad en andere gemeenten in het land worden elke keer gebruikt bij de volgende stap naar het uiteindelijk definitieve nieuwe omgevingsplan voor Lelystad. 3.1 Externe veranderende omstandigheden in afwijking van de uitgangspunten Naast een wijziging in ambities kan het zo zijn dat er door veranderende omstandigheden in de stad of zelfs daarbuiten noodzaak is om de uitgangspunten voor het omgevingsplan te wijzigen. Ook in deze situatie kunnen de kaders worden bijgesteld. Daar komt bij dat de uitgangspunten slechts de basis vormen voor de voorbereiding op de wijziging van het omgevingsplan door het college. Uiteindelijk moet elke wijziging van het omgevingsplan door de raad worden vastgesteld.
De raad blijft bevoegd om, als dat nodig is, in afwijking van de algemene uitgangspunten de wijziging van het omgevingsplan vast te stellen.
Financiën In de kadernota is al budget toegekend voor de komende jaren. Met dit voorstel worden de kosten niet verhoogd. Het is uitsluitend bedoeld om doelgericht aan de transitie opgave te werken.
1 Notitie ‘Op weg naar de Omgevingswet, leren door te doen’, zoals door de gemeenteraad vastgesteld in 2017
en raadsprogramma 2 Raadsprogramma 2018-2022
Vervolg Op basis van de kaders van de raad zal in 2022 gewerkt worden aan de basis van het omgevingsplan. Dit is de juridische hoofdstructuur van het plan en mogelijk al enkele algemene regels. Vanaf eind 2022 zal gestart worden met het ontwerpen van de 1e wijziging van het omgevingsplan conform de vastgestelde aanpak van de gemeenteraad.
Bijlagen -
Lelystad, 14 september 2021 Het college van de gemeente Lelystad, de loco secretaris,
de burgemeester,
C.J. Schelling
A.E.H. Baltus