271. RV Ontwerp programmabegroting 2024 - 2027
Tekst van het document
Voorstel aan de raad Nummer: 271
Portefeuille: Programma: Taakveld:
D.A. Grimbergen 0 Bestuur en ondersteuning 0.11 Resultaat van de rekening van baten en lasten
Onderwerp: Ontwerp programmabegroting 2024 - 2027
Voorgesteld besluit De ontwerp programmabegroting 2024 en de meerjarenraming 2024 – 2027 vast te stellen, met inachtneming van de volgende specifiek daarin opgenomen beslispunten: 0. 1. 2.
3.
4. 5. 6. 7. 8. 9a. 9b. 9c. 10a.
Voor begrotingsjaar 2024 een bedrijfsvoeringsopslag van €57,20 vast te stellen. Op basis van bovenstaand voorstel ‘Taakstelling ‘onderbesteding’ betrekken bij perspectief’ de meerjarenraming met ingang van 2025 bij te stellen met -€809.000. Op basis van bovenstaand voorstel ‘Actualisatie leges burgerzaken’ de begroting 2024 en de meerjarenraming met ingang van 2025 bij te stellen met de volgende bedragen: -€175.000 in 2024, -€190.000 in 2025, -€260.000 in 2025, -€350.000 in 2026, -€290.000 in 2028 en €170.000 in 2029 en dit te dekken door de hogere legesinkomsten. Op basis van bovenstaand voorstel ‘Actualisatie vervangingsinvesteringen ICT’ de meerjarenraming met ingang van 2025 bij te stellen met de volgende bedragen: -€47.000 in 2025 en -€94.000 met ingang van 2026 en dit te dekken ten laste van de voor dit doel beschikbare stelpost. Op basis van bovenstaand voorstel ‘Actualisatie Energiekosten’ de begroting 2024 bij te stellen met €500.000. Op basis van bovenstaand voorstel ‘Actualisatie treasury’ de begroting 2024 en de meerjarenraming 2025 – 2027 bij te stellen met de volgende bedragen: €844.000 in 2024, €1.188.000 in 2025, €1.065.000 in 2026 en €537.000 in 2027. Op basis van bovenstaand voorstel ‘Actualisatie stelpost kapitaallasten’ de begroting 2024 bij te stellen met €500.000.
Op basis van bovenstaand voorstel ‘Actualisatie verkeersmodel’ de begroting 2024 en de meerjarenraming met ingang van 2025 bij te stellen met -€50.000. Op basis van bovenstaand voorstel ‘Actualisatie verkeersregelinstallaties’ de begroting 2024 en de meerjarenraming met ingang van 2025 bij te stellen met -€5.000 en dit te dekken ten laste van de voor dit doel beschikbare stelpost. Op basis van bovenstaand voorstel ‘Actualisatie investeringskrediet fietsenstalling station’ het voorbereidingskrediet te verhogen met €750.000 tot een totaalbedrag van €1.350.000. Op basis van bovenstaand voorstel ‘Actualisatie investeringskrediet fietsenstalling station’ het investeringskrediet voor de realisatie van de fietsenstalling te verhogen met €1.700.000 tot een totaalbedrag van €12.620.000. Op basis van bovenstaand voorstel ‘Actualisatie investeringskrediet fietsenstalling station’ de bij de totale investering van €14.000.000 behorende kapitaallasten te dekken binnen de reeds daarvoor gereserveerd begrotingsruimte. Op basis van bovenstaand voorstel ‘Actualisatie IHP’ het reeds beschikbaar gestelde krediet voor nieuwbouw van basisschool De Tjalk te verhogen met €1.500.000 en de meerjarenraming met ingang van 2025 bij te stellen met -€27.000 ter dekking van de hieruit voortvloeiende kapitaallasten.
10b.
11. 12. 13. 14. 15. 16. 17a. 17b. 18. 19. 20.
21. 22. 23.
24.
25.
26.
27. 28.
Op basis van bovenstaand voorstel ‘Actualisatie IHP’ de begroting 2024 en de meerjarenraming met ingang van 2025 bij te stellen met de volgende bedragen: -€822.000 in 2024, -€723.000 in 2025, -€757.000 in 2026, -€648.000 in 2027 en 2028 en -€188.000 met ingang van 2029. Op basis van bovenstaand voorstel ‘Actualisatie Participatiewet (BUIG)’ de begroting 2024 en de meerjarenraming met ingang van 2025 budgetneutraal bij te stellen. Op basis van bovenstaand voorstel ‘Actualisatie eerste inrichtingskosten Bijzondere Bijstand’ de begroting 2024 en de meerjarenraming met ingang van 2025 bij te stellen met -€85.000. Op basis van bovenstaand voorstel ‘Actualisatie Wmo’ de begroting 2024 en de meerjarenraming 2025 – 2027 budgetneutraal bij te stellen en de meerjarenraming met ingang van jaarschijf 2028 bij te stellen met -€680.000. Op basis van bovenstaand voorstel ‘Actualisatie Jeugdzorg’ de begroting 2024 en de meerjarenraming met ingang van 2025 bij te stellen met de volgende bedragen: €3.750.000 in 2024, -€4.000.000 in 2025 en -€6.000.000 met ingang van 2026. Op basis van bovenstaand voorstel ‘Actualisatie riolering’ de begroting 2024 en de meerjarenraming met ingang van 2025 bij te stellen met €252.000. Op basis van bovenstaand voorstel ‘Actualisatie afvalstoffenheffing’ de begroting 2024 en de meerjarenraming met ingang van 2025 bij te stellen met €179.000.
Op basis van bovenstaand voorstel ‘Actualisatie begraven (inclusief wandgraven)’ een investeringskrediet van €260.000 beschikbaar te stellen. Op basis van bovenstaand voorstel ‘Actualisatie begraven (inclusief wandgraven)’ de begroting 2024 en de meerjarenraming met ingang van 2025 bij te stellen met €21.000. Op basis van bovenstaand voorstel ‘Actualisatie inkomsten bouwleges’ de begroting 2024 en de meerjarenraming 2025 bij te stellen met €1.000.000. Op basis van bovenstaand voorstel ‘Algemene mutaties meicirculaire 2023’ de begroting 2024 en de meerjarenraming met ingang van 2025 bij te stellen met de volgende bedragen: €439.000 in 2024, €1.110.000 in 2025, €738.000 in 2026 en €180.000 met ingang van 2027. Op basis van bovenstaand voorstel ‘Algemene mutaties septembercirculaire 2023’ de begroting 2024 en de meerjarenraming met ingang van 2025 bij te stellen met de volgende bedragen: €2.215.000 in 2024, €2.164.000 in 2025, €1.020.000 in 2026 en €4.901.000 met ingang van 2027. Op basis van bovenstaand voorstel ‘Armoedebestrijding kinderen’ de begroting 2024 en de meerjarenraming met ingang van 2025 bij te stellen met €19.000 en deze bedragen beschikbaar te stellen voor de uitvoering.
Op basis van bovenstaand voorstel ‘Brede impuls combinatiefuncties’ de begroting 2024 en de meerjarenraming met ingang van 2025 bij te stellen met -€389.000 en deze inkomsten voortaan te begroten via de specifieke uitkering. Op basis van bovenstaand voorstel ‘Integraal Zorgakkoord (Wmo abonnementstarief)’ de meerjarenraming met ingang van 2025 bij te stellen met de volgende bedragen €437.000 in 2025, €441.000 in 2026 en €440.000 met ingang van 2027 en deze bedragen beschikbaar te stellen voor de uitvoering. Op basis van bovenstaand voorstel ‘Jeugdzorg - Hervormingsagenda’ de begroting 2024 en de meerjarenraming met ingang van 2025 bij te stellen met de volgende bedragen: €836.000 in 2024, €546.000 in 2025, €23.000 in 2026 en €14.000 met ingang van 2027 en deze middelen beschikbaar te stellen voor de uitvoering. Op basis van bovenstaand voorstel ‘Participatie (Wsw en begeleiding nieuw)’ de begroting 2024 en de meerjarenraming met ingang van 2025 bij te stellen met de volgende bedragen: €390.000 in 2024, €374.000 in 2025, €341.000 in 2026, €332.000 in 2027 en €166.000 met ingang van 2028 en deze middelen beschikbaar te stellen voor de uitvoering.
Op basis van bovenstaand voorstel ‘Terugdraaien eigen bijdrage huishoudelijke hulp en herinvoeren eigen bijdrage’ de meerjarenraming met ingang van 2025 bij te stellen met de volgende bedragen: €384.000 in 2025 en -€520.000 met ingang van 2026 en deze middelen budgetneutraal in de meerjarenraming te verwerken. Op basis van bovenstaand voorstel ‘Wet nieuwe procedure vaststelling verkiezingsuitslag’ de begroting 2024 en de meerjarenraming met ingang van 2025 bij te stellen met €15.000 en deze middelen beschikbaar te stellen voor de uitvoering. Op basis van bovenstaand voorstel ‘Veilig wonen’ de begroting 2024 en de meerjarenraming 2025 – 2026 bij te stellen met €7.000 en deze middelen beschikbaar te stellen voor de uitvoering.
29. 30. 31.
32. 33. 34. 35. 36. 37. 38. 39. 40.
41. 42. 43. 44. 45. 46. 47a.
47b.
Op basis van bovenstaand voorstel ‘LHBTI Regenboogsteden’ de begroting 2024 en de meerjarenraming 2025 – 2026 bij te stellen met €20.000 en deze middelen beschikbaar te stellen voor de uitvoering. Op basis van bovenstaand voorstel ‘Bijzondere bijstand en vroegsignalering’ de begroting 2024 bij te stellen met €260.000 en deze middelen beschikbaar te stellen voor de uitvoering. Op basis van bovenstaand voorstel ‘Compensatie Wsw voor bijzondere WML- verhoging’ de begroting 2024 en de meerjarenraming met ingang van 2025 bij te stellen met de volgende bedragen: €91.000 in 2024, €84.000 in 2025, €77.000 in 2024 en €72.000 met ingang van 2027 en deze middelen beschikbaar te stellen voor de uitvoering. Op basis van bovenstaand voorstel ‘Rijksvaccinatieprogramma’ de begroting 2024 en de meerjarenraming met ingang van 2025 bij te stellen met €22.000 en deze middelen beschikbaar te stellen voor de uitvoering. Op basis van bovenstaand voorstel ‘Europese richtlijn energieprestatie gebouwen (EPBD III)’ de begroting 2024 en de meerjarenraming met ingang van 2025 bij te stellen met €8.000 en deze middelen beschikbaar te stellen voor de uitvoering. Op basis van bovenstaand voorstel ‘Ontwikkeling herdenkingsplek’ de meerjarenraming met ingang van 2025 bij te stellen met -€41.000 en deze middelen te reserveren voor het nader uit te werken voorstel.
Op basis van bovenstaand voorstel ‘Leader cofinanciering’ de begroting 2024 en de meerjarenraming met ingang van 2025 bij te stellen met -€10.000. Op basis van bovenstaand voorstel ‘Herstel cultuurinstellingen’ de begroting 2024 bij te stellen met -€100.000 en dit te dekken vanuit de eerder door het Rijk beschikbaar gestelde middelen voor ondersteuning van de lokale cultuurvoorzieningen. Op basis van bovenstaand voorstel ‘Ondersteuning culturele infrastructuur’ de begroting 2024 bij te stellen met -€300.000 en dit te dekken vanuit de eerder door het Rijk beschikbaar gestelde middelen voor ondersteuning van de lokale cultuurvoorzieningen. Op basis van bovenstaand voorstel ‘Investeringsbudget museale functie’ de begroting 2024 bij te stellen met -€300.000 en dit te dekken vanuit de eerder door het Rijk beschikbaar gestelde middelen voor ondersteuning van de lokale cultuurvoorzieningen. Op basis van bovenstaand voorstel ‘Niet overgaan tot verbreding Lelypas’ de begroting 2024 en de meerjarenraming met ingang van 2025 niet bij te stellen. Op basis van bovenstaand voorstel ‘Toevoeging begrotingsoverschot aan reserve ontwikkeling stad’ de begroting 2024 en de meerjarenraming 2025 bij te stellen met de volgende bedragen: -€424.000 in 2024 en -€1.171.000 in 2025 en deze middelen toe te voegen aan de reserve ontwikkeling stad.
Op basis van bovenstaand voorstel ‘Meer grip en versterking samenwerkingsverbanden’ de begroting 2024 bij te stellen met -€41.000 ten laste van de reserve ontwikkeling stad. Op basis van bovenstaand voorstel ‘Samen maken we Flevoland’ de begroting 2024 bij te stellen met -€90.000 ten laste van de reserve ontwikkeling stad. Op basis van bovenstaand voorstel ‘Uitvoering SPUK ‘Kansrijke Wijk’’ de begroting 2024 en de meerjarenraming 2025 bij te stellen met -€100.000 ten laste van de reserve ontwikkeling stad. Op basis van bovenstaand voorstel ‘Ligplaats KNRM Lelystad’ de begroting 2024 bij te stellen met -€90.000 ten laste van de reserve ontwikkeling stad. Op basis van bovenstaand voorstel ‘Toekomstbestendige bedrijventerreinen (opgave 1)’ de begroting 2024 en de meerjarenraming 2025 bij te stellen met de volgende bedragen: €80.000 in 2024 en -€70.000 in 2025 ten laste van de reserve ontwikkeling stad. Op basis van bovenstaand voorstel ‘Delftse stoep Stadhuisstraat’ de begroting 2024 bij te stellen met -€50.000 ten laste van de reserve ontwikkeling stad. Bij de uitwerking van dit soort gebiedsontwikkelingen in het vervolg het volgende expliciet inzichtelijk te maken: A. Hoe de ontwikkeling eruit ziet in het geval er géén aanvullende incidentele dekking beschikbaar is. Hierbij wordt dan inzichtelijk gemaakt welke keuzes (in kwaliteits- en ambitieniveau) er gemaakt kunnen worden.
B. Hoe de ontwikkeling eruit ziet wanneer er wél aanvullende incidentele dekking beschikbaar is. Indien mogelijk wordt er gewerkt met verschillende varianten met een financiële bandbreedte. De integrale afweging over wat nodig is – en wat eventueel beschikbaar is – ieder jaar bij de kadernota aan de raad ter besluitvorming voor te leggen en daarvoor een afwegingskader op te stellen.
Urgentie Raad Dit voorstel moet uiterlijk besloten zijn in de raadsvergadering van 14 november 2023 ,want Dit voorstel moet uiterlijk besloten zijn in de raadsvergadering van 14 november 2023. Artikel 191 van de Gemeentewet verplicht het college de door de raad vastgestelde begroting in ieder geval vóór 15 november toe te zenden aan gedeputeerde staten. Besluitvorming is reeds gepland op dinsdag 14 november en dit betekent dat toezending van de vastgestelde stukken één dag later is. Dit wordt doorgaans geaccepteerd, omdat de reden hiervoor agenda technisch van aard is.
Voorgaande besluitvorming Kadernota 2024 - 2027
Inleiding De raad heeft op dinsdag 27 juni de kadernota 2024 – 2027 vastgesteld, waarmee de financiële- en inhoudelijke kaders voor het opstellen van deze ontwerp programmabegroting 2024 – 2027 duidelijk werden. De besluitvorming uit de kadernota 2024 – 2027 is verwerkt en in de ontwerp programmabegroting 2024 – 2027 is het financieel perspectief 2024 – 2027 nogmaals geactualiseerd op basis van de laatste inzichten. Verder wordt in de begroting inzichtelijk gemaakt welke taken de gemeente uitvoert en welke bedragen daarmee zijn gemoeid. De gemeenteraad heeft de bevoegdheid om de financiële middelen voor de uitvoering beschikbaar te stellen. Dat heet het ‘budgetrecht’. Door de ontwerp programmabegroting vast te stellen geeft de gemeenteraad het college toestemming om de middelen te besteden aan de afgesproken activiteiten. Op dinsdag 14 november staat de besluitvorming in de gemeenteraad op de agenda.
Argumenten 1. De raad heeft het budgetrecht Op basis van artikel 191 wordt de gemeenteraad verplicht jaarlijks een begroting vast te stellen. Zonder vaststelling van de programmabegroting kan het college geen uitvoering geven aan de beschreven activiteiten en ambities.
Kanttekeningen Artikel 189 lid 2 schrijft voor dat de raad erop toeziet dat de begroting structureel en reëel in evenwicht is. Tegelijkertijd wordt aangegeven dat hiervan afgeweken kan worden indien aannemelijk is dat het structureel en reëel begrotingsevenwicht in de eerstvolgende jaren tot stand zal worden gebracht. In de ontwerp- programmabegroting die aan de raad ter besluitvorming wordt voorgelegd is er op dit moment echter sprake van een structureel tekort met ingang van 2026. Met het presenteren van een tekort in 2026 en verder, maar een sluitende begroting voor 2024 en 2025, wordt dit voldoende aannemelijk gemaakt. De prioriteit in de aankomende periode ligt bij het inzichtelijk maken van ombuigingsmogelijkheden, zodat op een later moment in gezamenlijkheid de juiste keuzes gemaakt kunnen worden. Zoals gezegd, doen we dat via het met de raad afgesproken proces van ‘Zero Based Begroten’. Het raadsakkoord zal ons hierbij gaan helpen, want daarin staat wat we belangrijk vinden voor het Lelystad van de toekomst.
Financiën Het financieel perspectief 2024 – 2027 zoals aan de raad wordt voorgelegd is structureel en reëel in evenwicht in de jaren 2024 (+€424.000) en 2025 (+€1.171.000). Voorgesteld wordt deze positieve begrotingssaldi toe te voegen aan de reserve ontwikkeling stad. Met ingang van jaarschijf 2026 is er sprake van een structureel tekort (-€15.015.000 in 2026 en -€12.951.000 in 2027). Zoals gezegd wordt daarop geanticipeerd via het proces van ‘Zero Based Begroten’.
Vervolg Raadsleden hebben tot en met zaterdag 14 oktober de tijd om schriftelijke vragen met een technisch karakter in te dienen via Ibabs. Deze vragen worden uiterlijk op dinsdag 24 oktober door het college van een antwoord voorzien. Op 31 oktober staat er een commissievergadering gepland over de ontwerp programmabegroting 2024 – 2027. De deadline voor het aanleveren van moties en amendementen is op maandag 6 november (vóór 10:00 uur). Besluitvorming over de ontwerp programmabegroting 2024 – 2027 is voorzien op dinsdag 14 november.
Bijlagen Ontwerp programmabegroting 2024 - 2027 Lelystad, 3 oktober 2023 Het college van de gemeente Lelystad, de secretaris, J.S.W. Ozenga *Dit voorstel is digitaal vastgesteld en ondertekend