26.041 BL 1 469. 250011433 - 231225 Bericht Afvalzorg over ingediende vergunningaanvraag stort Zeeasterweg_Geredigeerd
Tekst van het document
VERGUNNINGAANVRAAG STORTLOCATIE ZEEASTERWEG INGEDIEND
Datum
22 december 2025
Na een uitgebreid voortraject heeft Afvalzorg op 19 december 2025 de vergunningaanvraag voor de ophoging van stortlocatie Zeeasterweg ingediend. Bij de milieuaanvraag is tevens een vrijwillige milieueffectrapport (MER) toegevoegd. Afvalzorg heeft de maatschappelijke verantwoordelijkheid om een oplossing te bieden voor afval uit de regio dat niet kan worden verbrand of gerecycled. Daarom willen we de stortcapaciteit uitbreiden met 4,1 miljoen m³, waardoor de locatie van 15 meter naar op sommige plekken maximaal 32,5 meter hoog wordt. Na het volstorten wil Afvalzorg de locatie inrichten als natuur- en recreatiegebied volgens het terrassenmodel dat tijdens de bewonersparticipatie als voorkeur naar boven kwam. Aanvankelijk was Afvalzorg van plan om de stortplaats met 5 miljoen m 3 op te hogen naar plaatselijk 35 meter, maar mede naar aanleiding van de reacties tijdens de participatiebijeenkomsten, is dat verminderd. Met de aangevraagde uitbreiding is de stortcapaciteit in de regio, afhankelijk van het stortaanbod, voor ongeveer 14 jaar verzekerd. Wat houdt de aanvraag in? De vergunningaanvraag bestaat uit twee onderdelen: - wijziging van de milieuvergunning (uitbreiding stortcapaciteit); - wijziging van het omgevingsplan van de gemeente Lelystad (aanpassing maximale hoogte).
De Omgevingsdienst Flevoland, Gooi en Vechtstreek behandelt beide aanvragen namens de provincie Flevoland (het bevoegd gezag). De gemeente Lelystad heeft een bindend adviesrecht op de wijziging van het omgevingsplan. In bepaalde gevallen kan een negatief advies van de gemeente door de provincie worden overruled. Volgens landelijke regelgeving zijn stortplaatsen een noodzakelijke basisvoorziening en moeten lagere overheden zich inspannen om uitbreidingscapaciteit mogelijk te maken, tenzij dit vanwege lokale milieu-impact niet mogelijk is. Vrijwillige MER In de aanvraag wordt uitgebreid aandacht besteed aan de effecten van de ophoging voor het landschap, het milieu en gezondheid. Bij de milieuaanvraag is een vrijwillig milieueffectrapport (MER) toegevoegd. Dat is niet verplicht, maar Afvalzorg heeft dit laten opstellen omdat wij volledig transparant willen zijn over de eventuele gevolgen van de ophoging voor de omgeving (zoals verkeer, geluid, geur, stof etc.). Uit deze onderzoeken blijkt dat de ophoging geen negatieve gevolgen heeft voor het milieu. Door het schrappen van enkele vergunde recyclingactiviteiten treedt er een lichte vermindering op van de geurbelasting en stikstofdepositie in Natura 2000 gebieden. Hoe nu verder? Vanwege de feestdagen zal de omgevingsdienst begin januari 2026 publiceren dat de aanvraag is ingediend.
Vervolgens legt de OFGV het MER ter advies voor aan de landelijke en onafhankelijke commissie voor de milieueffectrapportage. Deze commissie beoordeelt of het MER de juiste milieuinformatie bevat. De OFGV betrekt dit advies in de besluitvorming. Mocht een positief advies volgen van de gemeente en de commissie MER, dan stelt de OFGV een ontwerpbesluit op. Dit ontwerpbesluit wordt dan zes weken ter inzage gelegd zodat iedereen een zienswijze kan indienen.
pagina 1
Recreatie- en natuurgebied in terrassenmodel In de vergunning voor de ophoging tot maximaal 32,5 meter zijn twee landschappelijke modellen uitgewerkt. De vergunningaanvraag gaat uit van het terrassenmodel, dat ook tijdens de participatie met de omwonenden en andere betrokkenen als beste optie werd gekozen. Dit model bevat vlakke en getrapte delen die veel mogelijkheden bieden voor het toekomstig gebruik als natuur- en recreatiegebied. De verdere invulling van het landschapsplan wordt samen met betrokken partijen uitgewerkt, zoals de Herinrichtingsgroep met vertegenwoordigers van de bewoners en het FlevoLandschap. Ook zal worden onderzocht of de delen van de stortlocatie al eerder kunnen worden ingericht en opengesteld voor publiek.
pagina 2