CConstaterende datLelystad
Koppel je AI →
Document · PDF

25.471 RV Beleidsnota Erfgoed- en archeologie 2025 - 2030

Raadsvergadering 27 januari 2026, gemeente LelystadBij agendapunt: 25.471 Beleidsnota Erfgoed en Archeologie 2025-20302.144 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Voorstel aan de raad Nummer: 25.471

Portefeuille: Programma: Taakveld:

S. Kruis 5 Sport, cultuur en recreatie 5.5 Cultureel erfgoed

Onderwerp: Beleidsnota Erfgoed en archeologie 2025 - 2030

Voorgesteld besluit 1. Te kiezen voor een volwaardig erfgoedbeleid waarbij: a. binnen de ontwikkeling van de stad: i. aandacht is voor het behouden, benutten en beleven van waardevol erfgoed, waarbij inwoners zijn betrokken; ii. het beleid voldoet aan wet- en regelgeving en iii. het beleid alle onderdelen van de ‘schijf van vijf’ bevat; b. de benodigde kennis en formatie in voldoende in de organisatie mate aanwezig is; c. beleid en uitvoering regelmatig tegen het licht wordt gehouden en, waar nodig, aanpassingen worden doorgevoerd. 2. Voor de uitwerking van het erfgoed- en archeologiebeleid te kiezen voor een realistische balans tussen het belang van erfgoed en overige gemeentelijke ambities. 3. Het college op te dragen de uitvoering van het beleid onder te brengen in een Omgevingsprogramma waarbij, op basis van de voorgelegde beleidsnota Erfgoed en archeologie, wordt gekozen voor het middelste ambitieniveau en hierbij de raad de mogelijkheid te bieden wensen en bedenkingen te geven op het concept. 4. Het college opdracht te geven, vooruitlopend op de programmatische aanpak, reeds rekening te houden met de erfgoedwaarde van in ieder geval de volgende objecten: a) b) c) d) e) f) g) h) i) j) k) l)

De Cantine; Houtribsluizen; NS Station Lelystad Centraal; Rode Klif; Scheepswrakken (zoals het Waterschip in Warande); SGL-gebouw; Smedinghuis; Stadhuis; Stalen fietsbruggen; Straalverbindingstoren. Ziekenhuis Zuiderzeewijk.

5. Voor de bepaling van de erfgoedwaardigheid van objecten de volgende criteria te hanteren: a. Historische context en technische staat b. Architectuurhistorische waarde c. Stedenbouwkundige / landschappelijke waarde d. Cultuurhistorische en maatschappelijke waarde 6. De erfgoedwaarde op projectniveau te wegen t.o.v. de andere belangen (zoals economische waarde, ontwikkelingsperspectief, maatschappelijke context, e.d.), waarbij in die integraliteit tot afwegingen en besluiten wordt gekomen.

Urgentie Raad Besluitvorming dient in deze raadsperiode plaats te vinden, zodat de uitvoering van volwaardig erfgoed- en archeologiebeleid tijdig kan worden aangevangen.

Voorgaande besluitvorming Startnota Erfgoedbeleid

Inleiding De geschiedenis van het gebied dat nu de gemeente Lelystad is omvat een tijdlijn dat teruggaat tot de prehistorie. Deze lange geschiedenis betekent dat ook het erfgoed van de stad een zeer lange periode beslaat en dus zeer divers is. De eerste inventarisatie van gebouwd erfgoed dat in 2007 is uitgevoerd geeft reeds aan vanuit welke verhaallagen naar het jonge erfgoed van Lelystad kan worden gekeken. Erfgoed vertelt het verhaal van een plek, zorgt voor verbondenheid met de omgeving, en vormt een belangrijk onderdeel van ruimtelijke kwaliteit, omdat het karakter, schoonheid en een gelaagdheid in tijd aan een gebied geeft. Wanneer je erfgoed integraal en gebiedsgericht benadert, draagt het bij aan het gezamenlijke verhaal en identiteit van de stad en kun je het inzetten voor andere beleidsvelden, zoals woningbouw, ruimtelijke inrichting, economie en toerisme, maar ook voor klimaatbestendige inrichting of verduurzaming van gebouwen. De uitgevoerde inventarisatie laat zien dat er ook bij een jonge stad op het gebied van lokaal erfgoed toch veel aanwezig is en dat hiervoor in het lokale erfgoedbeleid al diverse stappen zijn gezet. Volwaardig erfgoedbeleid dient te voldoen aan de Omgevingswet (2024) en de Erfgoedwet. Gemeenten moeten in het omgevingsplan rekening houden met het belang en behoud van cultureel erfgoed en werelderfgoed.

Cultureel erfgoed als onderdeel van de fysieke leefomgeving bestaat uit vijf elementen (schijf van vijf): archeologische monumenten, gebouwde monumenten, cultuurlandschappen, roerend of immaterieel cultureel erfgoed en stads- en dorpsgezichten. Nu is het van belang om te bepalen hoe dit alles nog beter tot zijn recht kan komen en hoe erfgoed nog meer bijdraagt aan het Verhaal van Lelystad. Met de Beleidsnota Erfgoed en archeologie 2025 2030 die nu aan uw raad ter besluitvorming wordt voorgelegd wordt daarmee de weg naar volwaardig erfgoedbeleid ingeslagen

Argumenten 1. Ad 1 Te kiezen voor een volwaardig erfgoedbeleid waarbij: a. binnen de ontwikkeling van de stad: i. aandacht is voor het behouden, benutten en beleven van waardevol erfgoed, waarbij inwoners zijn betrokken; ii. het beleid voldoet aan wet- en regelgeving en iii. het beleid alle onderdelen van de ‘schijf van vijf’ bevat; b. de benodigde kennis en formatie in voldoende mate in de organisatie aanwezig is; c. beleid en uitvoering regelmatig tegen het licht wordt gehouden en, waar nodig, aanpassingen worden doorgevoerd.

1a. Met het vaststellen van de kaders voor erfgoedbeleid normeert de raad de inhoudelijke, financiële en procedurele randvoorwaarden waarbinnen het college uitvoering geeft aan het gemeentelijk erfgoedbeleid. 1b. De raad heeft op 20 april 2021 aan de hand van een motie gevraagd om Volwaardig erfgoedbeleid. De kernopdracht van de motie betreft het ontwikkelen van een volwaardig erfgoed beleid. In aanvulling op de motie is in de Startnota ook het actualiseren van het archeologiebeleid met de huidige kennis van de prehistorie van Lelystad opgenomen. 1c. Momenteel ontbreekt een overkoepelend erfgoedbeleid dat helpt bij het verder ontwikkelen van de stad met respect voor haar geschiedenis. Daardoor mis je kansen om erfgoed integraal op te pakken en het als geheel beter beleefbaar te maken. Bij een relatief nieuwe stad is het besef dat erfgoed waarde kan bieden aan ruimtelijke kwaliteit en identiteit in vergelijking met veel oudere gemeenten nog niet sterk ontwikkeld. Maar ook wanneer de focus wordt gelegd op een sterke groei, moet goed worden omgegaan met bijzondere parels uit het verleden. Dit is een verantwoordelijkheid die we ook dragen voor de toekomstige inwoners van de stad. Dit geldt zowel voor het gebouwde als voor het minder zichtbare ondergrondse erfgoed. 1c.

Erfgoed vertelt het verhaal van een plek, zorgt voor verbondenheid met de omgeving, en vormt een belangrijk onderdeel van ruimtelijke kwaliteit, omdat het karakter, schoonheid en een gelaagdheid in tijd aan een gebied geeft. Wanneer je erfgoed integraal en gebiedsgericht benadert, draagt het bij aan het gezamenlijke verhaal en identiteit van de stad en kun je het inzetten voor andere beleidsvelden, zoals woningbouw, ruimtelijke inrichting, economie en toerisme, maar ook voor klimaatbestendige inrichting of verduurzaming van gebouwen. 1d. Het gemeentelijk erfgoedbeleid dient te voldoen aan de Omgevingswet (2024) en de Erfgoedwet (2016). De Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed heeft aangegeven welke acties op basis van de Omgevingswet moeten worden uitgevoerd en wat de aandachtspunten zijn na de inwerkingtreding. De provincie ziet er met Interbestuurlijk Toezicht (IBT) op toe hoe de gemeente de taken op dit beleidsterrein uitvoert. 1e. Dit betreft de schijf van vijf conform de Omgevingswet. Cultureel erfgoed als onderdeel van de fysieke leefomgeving bestaat uit vijf elementen: monumenten (zoals (bouw)werken, tuinen en parken); archeologische monumenten; stads- en dorpsgezichten, (delen van) cultuurlandschappen en roerend of immaterieel cultureel erfgoed, wanneer dat verbonden is aan specifieke locaties in het omgevingsplan.

1f. Volwaardig erfgoed beleid en de uitvoering daarvan vereist dat de benodigde kennis en formatie in voldoende mate in de organisatie aanwezig is. De huidige formatie en het actuele budget voor erfgoedbeleid is minimaal en ontoereikend om volwaardig uitvoering te kunnen geven aan het beleid. 1g. Volwaardig erfgoedbeleid vraagt ook een beleidscyclus, waarbij beleid en uitvoering regelmatig tegen het licht wordt gehouden en, waar nodig, aanpassingen worden doorgevoerd. Ad 2. Voor de uitwerking van het erfgoed- en archeologiebeleid te kiezen voor een realistische balans tussen het belang van erfgoed en overige gemeentelijke ambities. 2a. Met een realistische balans tussen erfgoed en overige ambities wordt de waarde van erfgoed afgewogen tegen de overige belangen rond ontwikkeling. Gelijktijdig staat Lelystad voor grote maatschappelijke (fysieke) opgaven met betrekking tot woningbouw, economie en de energietransitie. Dit vraagt om een goede afweging. Vanuit de gedachte behoud door ontwikkeling dient binnen het nieuwe beleid te worden gezocht naar een realistische balans tussen erfgoed en overige ambities. Belangen van ruimtelijke ontwikkelingen, duurzaamheid en erfgoed zijn niet tegengesteld, maar moeten elkaar versterken. Ad 3.

Het college op te dragen de uitvoering van het beleid onder te brengen in een Omgevingsprogramma waarbij, op basis van de voorgelegde beleidsnota Erfgoed en archeologie, wordt gekozen voor het middelste ambitieniveau en hierbij de raad de mogelijkheid te bieden wensen en bedenkingen te geven op het concept. 3a. De diversiteit aan acties om het beleid uit te voeren vraagt om een programmatische aanpak. 3b. Onder de Omgevingswet vormt het Omgevingsprogramma het kader voor uitwerking van brede beleidsonderwerpen. Het erfgoedbeleid kent een belangrijke ruimtelijke component. Dit dient een praktische uitwerking te krijgen door middel van een maatregelen die worden opgenomen in het Omgevingsplan. De acties die hiervoor nodig zijn worden opgenomen in een Omgevingsprogramma. 3c. In de Omgevingsvisie is de uitwerking van de kaders in een Omgevingsprogramma benoemd. 3d. Het college van burgemeester en wethouders van een gemeente kan op basis van artikel 3.4 van de Omgevingswet programma’s vaststellen. 3e. Het middelste ambitieniveau geeft uitvoering aan balans tussen erfgoed en andere ambities. Dit ambitieniveau biedt enerzijds voldoende waarborgen om aan de hand van cultureel erfgoed ook aan toekomstige generaties het ‘verhaal van Lelystad’ te kunnen vertellen, terwijl gelijktijdig voldoende mogelijkheden aanwezig blijven om invulling te geven aan de ruimtelijke ambities van de stad.

3f. Een extra informatiemoment in de ontwikkelfase van het programma geeft de raad inzicht in het concrete effect van de kaders. Bij de uitwerking van het Omgevingsprogramma worden de contouren van de uitvoeringspraktijk duidelijker en de maatregelen concreter dan in de huidige fase van ambitiekeuze mogelijk is. De vraag om wensen en bedenkingen biedt alle raadsleden de

gelegenheid opmerkingen te plaatsen bij de in het Omgevingsprogramma opgenomen uitwerking. Ad 4. Het college opdracht te geven, vooruitlopend op de programmatische aanpak, reeds rekening te houden met de erfgoedwaarde van in ieder geval de volgende objecten: a) b) c) d) e) f) g) h) i) j) k) l)

De Cantine; Houtribsluizen; NS Station Lelystad Centraal; Rode Klif; Scheepswrakken (zoals het Waterschip in Warande); SGL-gebouw; Smedinghuis; Stadhuis; Stalen fietsbruggen; Straalverbindingstoren. Ziekenhuis Zuiderzeewijk.

4a. Het opstellen van het Omgevingsprogramma vergt de benodigde tijd, voorafgaand kan worden beoordeeld of relevante erfgoedwaarde onvoldoende wordt benut of mogelijk onbedoeld verloren gaat. 4b. De selectie van deze objecten en structuren is op basis van de cultuur-historische waarderingen die zijn opgesteld door onder meer de gemeentelijke erfgoedcommissie. Deze waarderingen onderbouwen de cultuur-historische waarde. Ad 5. Voor de bepaling van de erfgoedwaardigheid van objecten de volgende criteria te hanteren: a. Historische context en technische staat b. Architectuurhistorische waarde c. Stedenbouwkundige / landschappelijke waarde d. Cultuurhistorische en maatschappelijke waarde 5a. Heldere en duidelijke criteria zijn bij erfgoedbeleid nodig om afgewogen keuze te kunnen maken op grond waarvan erfgoedobjecten geselecteerd, beschermd en beheerd moeten worden. De genoemde criteria zeggen iets over de geschiedenis van de stad, het belang voor de samenleving en kenmerkende bouwstijlen in relatie tot de omgeving. Ad.6. De erfgoedwaarde op projectniveau te wegen t.o.v. de andere belangen (zoals economische waarde, ontwikkelingsperspectief, maatschappelijke context, e.d.), waarbij in die integraliteit tot afwegingen en besluiten wordt gekomen. 6a. Er kan op projectniveau een dilemma ontstaan tussen de betekenis van erfgoed t.o.v.

ontwikkelperspectief, economische en maatschappelijke waarde van locaties. Waar in dit besluit concrete locaties worden genoemd waarvan de erfgoedwaarde meegewogen moet worden geldt het volgende: Erfgoedwaarde kan in projecten op allerlei manieren tot uitdrukking worden gebracht. Soms betreft dat het volledig handhaven van een object, waaraan wel bij het object passende aanpassingen mogelijk zijn. Het station is daarvan een voorbeeld. Erfgoedwaarde kan ook als referentie voor toekomstige bouw dienen. Dat kan figuurlijk, maar ook letterlijk door elementen van het erfgoedwaardige object op te nemen in de nieuwbouw. Zo zijn er allerlei mogelijkheden om met erfgoed om te gaan. Op projectniveau zal steeds die afweging worden gemaakt.

Kanttekeningen Er is nog geen budget beschikbaar voor de uitwerking van het beleid Het actuele budget voor erfgoedbeleid is minimaal en ontoereikend om uitvoering te kunnen geven aan het beleid. Volwaardig erfgoed beleid en de uitvoering daarvan vereist dat de benodigde kennis en formatie in voldoende mate aanwezig is. Om tot een volwaardig erfgoedbeleid te kunnen komen zijn tevens voldoende middelen nodig voor advies, onderzoek, projecten en communicatie.

Financiën Met het extra budget van € 200.000 (zoals in de Kadernota 2026 opgenomen) kunnen de taken betreffende boven- en ondergronds erfgoed op een basisniveau worden uitgevoerd. Als de raad, met de keuze voor het middelste (of een hoger) ambitieniveau, kiest voor een intensivering op deze onderwerpen, zal bij de volgende gemeentelijke Kadernota, aan de hand van de begroting in het Omgevingsprogramma, een nader voorstel voor aanvullend budget worden ingediend.

Vervolg Van de vastgestelde beleidsnota Erfgoed en archeologie 2025 – 2030 wordt een vormgegeven publieksversie gemaakt. Als duidelijk is hoeveel budget beschikbaar is voor de uitwerking van het beleid zal een Omgevingsprogramma worden opgesteld. Het college zal het Omgevingsprogramma, voorafgaand aan de vaststelling, aan de gemeenteraad ter informatie voorleggen en hierbij de raad in de gelegenheid stellen wensen en bedenkingen onder haar aandacht te brengen.

Bijlagen - Beleidsnota Erfgoed en archeologie gemeente Lelystad 2025 – 2030; - Adviesrapport Vestigia Archeologie en cultuurhistorie; - Inventarisatierapport Vestigia Archeologie en cultuurhistorie.

Lelystad, 11 november 2025 Het college van de gemeente Lelystad, de gemeentesecretaris, C.J.M. Swart *Dit voorstel is digitaal vastgesteld en ondertekend

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Lelystad&id=4152d0ce-11b9-46f6-8632-bb08919a5c0b