241. INFO brief RO-brief VRO
Tekst van het document
INFORMATIENOTA VOOR DE RAAD Nummer: 241
Portefeuillehouder: Portefeuille: Programma: Taakveld:
J. Schoone Ruimtelijk Stedelijke ontwikkeling 8 Volkshuisvesting, ruimtelijke ordening en stedelijke vernieuwing 8.1 Ruimtelijke ordening
Datum:
5 juli 2022
Onderwerp: Ruimtelijke ordeningsbrief van minister voor VRO DE RAAD NEEMT KENNIS VAN: De Ruimtelijke ordeningsbrief van de minister van VRO, Hugo de Jonge, en de voor Lelystad belangrijke conclusies. INLEIDING De minister van VRO, Hugo de Jonge, heeft op 17 mei jl. de Ruimtelijke ordeningsbrief aan de Tweede Kamer gestuurd. Met deze brief legt het kabinet de basis voor een nieuw nationaal ruimtelijk beleid en voor de uitvoering daarvan. KERNBOODSCHAP Nieuwe beleidslijn van het Rijk Met de Ruimtelijke ordeningsbrief legt het kabinet de basis voor een nieuw nationaal ruimtelijk beleid en voor de uitvoering daarvan. De belangrijkste aspecten van de nieuwe beleidslijn zijn: Inzet op Rijksregie Het Rijk zet duidelijk in op Rijksregie. Het Rijk stelt daarvoor kaders op binnen een groot aantal nationale programma’s en maakt daarbij een samenhangende afweging die oplossingen bieden voor meerdere nationale opgaven. Deze nationale ruimtelijke keuzes zijn kaderstellend voor het Rijk en voor de decentrale overheden (provincies, gemeenten en Waterschappen).
▪
Sturing via provinciale plannen en gebiedsplannen (NOVEX-gebieden). Er wordt ingezet op verticale sturing via provinciale plannen in combinatie met horizontale sturing via NOVEX-gebieden1 (voorheen NOVI-gebieden2). Lelystad valt daarbij binnen het provinciale plan voor Flevoland, alsmede binnen het NOVEX-gebied MRA. Ook is de uitwerking voor de Lelylijn (MIRTonderzoek) een apart NOVEX-gebied die Lelystad raakt.
▪
1 De NOVEX-gebieden (Nationale Omgevingsvisie Extra) zijn de opvolgers van de NOVI-gebieden, waarbij de
NOVEX zich duidelijk richt op het versterken van de uitvoeringskracht, door onder andere de inzet van de ontwikkelfunctie van het Rijksvastgoedbedrijf. In deze gebieden wil het Rijk meerjarig relatief intensief als partner deelnemen perspectief- en planontwikkeling en in de uitvoering. 2 NOVI-gebieden (Nationale Omgevingsvisie) zijn de gebieden waar het Rijk langjarig samen met de regio een
extra impuls wilde geven aan de grote transities en extra steun geeft aan de aanpak van grote, integrale fysieke opgaven, die essentieel zijn voor Nederland.
Provinciaal plan: Vertaling Rijkskaders naar provinciale puzzel en arrangement. Op provinciaal niveau moet een ‘ruimtelijke puzzel’ worden opgesteld om de nationale opgaven en doelen ruimtelijk te vertalen en te combineren met decentrale opgaven. Met deze ruimtelijke puzzel wordt duidelijk of de uitvoering van de programma’s ruimtelijk mogelijk is in de betreffende provincie of dat aanvullende nationale keuzes noodzakelijk zijn. Wederkerige afspraken hierover vormen uiteindelijk een ruimtelijk arrangement per provincie. Voor Flevoland zal dit plaatsvinden via het lopende traject ‘Strategische agenda Flevoland’.
▪
Gebiedsplan (NOVEX): Opstellen gezamenlijk ontwikkelperspectief. Voor een aantal regio’s is duidelijk dat de nationale opgaven dusdanig stapelen, dat een gebiedsgerichte ordening en prioritering van verschillende nationale opgaven noodzakelijk is. Binnen deze gebieden gaan meerdere Rijkspartijen meerjarig deelnemen in perspectief- en planontwikkeling en in de uitvoering. Er wordt hiervoor een gezamenlijk ontwikkelperspectief opgesteld, inclusief afgestemde uitvoeringsafspraken en investeringsbesluiten. Lelystad maakt hierbij onderdeel uit van het NOVEX-gebied MRA.
▪
▪ -
Planning < 1 oktober 2022: Opstellen Rijkskader (Rijk). 1 oktober 2022 – juli 2023: Opstellen provinciaal plan (provincie). 1 juli 2023 – oktober 2023: Opstellen ruimtelijke arrangementen per provincie (Rijk).
Inhoudelijke perspectieven Inhoudelijk wordt de Ruimtelijke ordeningsbrief opgebouwd vanuit drie perspectieven. Onderstaand een korte toelichting op deze drie perspectieven. Overkoepelend uitgangspunt is daarbij dat water en bodem voor alle drie de perspectieven sturend zijn. Landbouw en natuur naar draagkracht van het bodem- en watersysteem Dit perspectief richt zich op de uitdagingen op het gebied van natuur, bodem, waterkwaliteit en klimaatopgave. De opgave is dat de kwaliteit en vitaliteit van het landelijk gebied onder druk staat. Er is sprake van uitputting van het bodem- en watersysteem, een verslechtering van de kwaliteit van de natuur met een negatief effect op het klimaat en biodiversiteit. Er is meer aandacht voor het landelijk gebied en (de verduurzaming van de) landbouw voor vooral het in stand houden van geschikte landbouwgebieden (op kleigrond). Er is aandacht nodig voor de bescherming tegen de zeespiegelstijging, afvoer en berging van meer water, inclusief de beschikbaarheid zoet water (waaronder IJsselmeer) en de daaraan gekoppelde nieuwe ruimteclaims.
▪
Ordenende netwerken voor energie en (circulaire) economie Dit perspectief richt zich op de grote infrastructuren voor energie (elektriciteit, gas), data en internet, en mobiliteit. De opgave is dat Nederland in 2050 klimaatneutraal en circulair moet zijn. Daarbij wordt ingezet op reductie van de vraag naar energie en grondstoffen en moet de opwekcapaciteit van duurzame energie omhoog en circulair worden vormgegeven. Hierbij moet er voldoende ruimte en aandacht zijn voor de economische functies en de goede internationale bereikbaarheid. De energie-infrastructuur wordt steeds belangrijker voor de keuze waar ontwikkeld wordt, maar ook waar grote energievragers gerealiseerd kunnen worden. Hierbij wordt extra gekeken naar gebieden waar energie gekoppeld kan worden aan mobiliteitssysteem (spoorlijnen, waterwegen, buisleidingen of hoogspanningstracés).
▪
Leefbare steden en regio. Dit perspectief richt zich op de kracht van het stedelijke netwerk. Een netwerk van bereikbare, compacte steden met een hoge leefkwaliteit omgeven door mooie en waardevolle landschappen. De opgave richt zich op extra woningen voor verschillende doelgroepen, ruimte voor de stedelijke economie en de transformatie van de bestaande gebouwde omgeving. Onderdeel hiervan is de transitie naar een circulaire economie. Er is aandacht voor integrale en kwalitatieve ontwikkeling (wonen, werken, voorzieningen, maar ook voor duurzaamheid, natuur en landschap). Daarbij is er een focus op het bouwen rondom multimodale knooppunten en ter versterking van stedelijke netwerken en de agglomeratiekracht, maar ook voor mogelijke spreiding van woningbouw i.v.m. overstromingsrisico.
▪
Invloed op gemeentelijk beleid Het nieuwe Rijksbeleid past grotendeels bij de ontwikkelopgave en ambities van Lelystad. Lelystad heeft in het kader van Lelystad Next Level een grote ontwikkelingsopgave en in het verlengde daarvan de afspraak met BZK om onze woningbouwproductie te versnellen naar 1000 woningen per jaar. We zetten daarbij in op integrale en kwalitatieve groei. We bouwen aan een samenleving. De Ruimtelijke ordeningsbrief zet duidelijk in op groei (wonen en economie) en heeft daarbij aandacht voor de koppeling met o.a. klimaat, water, bodem, natuur, duurzaamheid en energie. De ambities van Rijk en Lelystad zijn grotendeels gelijk en Lelystad kan een belangrijke bijdrage (blijven) leveren aan de Rijksambities. Lelystad biedt ruimte voor woningenbouw en economische groei, ligt aan een multimodale corridor en kan ontwikkelen passend binnen de geschetste opgaven.
▪
Er zijn ook een aantal aandachtspunten waar we in de verdere uitwerking scherp op moeten zijn, zoals: - Invloed van het belang voor zoetwaterberging op voorgenomen buitendijkse ontwikkelingen. Er is extra aandacht voor de zoetwaterberging van het IJsselmeer (en in het verlengde daarvan van het Markermeer). Vanuit dit oogpunt kunnen buitendijkse ontwikkelingen vanuit de Kustvisie als een bedreiging gezien worden. - Kansen die Lelystad biedt op het gebied van (duurzame) energie, in relatie tot mogelijke bedreigingen die dat oplevert. Met de Maximacentrale, de opwekking van duurzame energie in de polder en de nabijheid van energiehoofdstructuren (hoogspanning en gas) biedt industrieterrein Flevokust-Haven kansen als (duurzame) energiehub. Beschikbaarheid van energie is kan echter ook grote energietrekjkers aantrekken met aandachtspunten vanuit duurzaamheidsoogpunt. - De vraag van het Rijk of op termijn verstedelijking niet meer richting het oosten, noorden en het zuiden van het land verplaatst moet worden. Onder andere in relatie tot overstromingsgevaar wordt er door het Rijk gekeken naar spreiding van groei over Nederland. Als Lelystad zullen we ons blijven inzetten op de benodigde groei van de stad. Lelystad moet goed aansluiten bij provinciaal plan en het ontwikkelperspectief MRA (NOVEX). Lelystad valt zowel binnen een provinciaal als een NOVEX plangebied (MRA).
Dit vraagt blijvend om aandacht (afstemming en sturen op één verhaal van Lelystad). Het is daarom belangrijk om te blijven inzetten op zowel de samenwerking in MRA-verband (Verstedelijkingsconcept) als op de provincie (Strategische agenda Flevoland). Het Verstedelijkingsconcept MRA is de belangrijke basis voor afspraken met het Rijk op MRA niveau. Lelystad is daarnaast betrokken bij de opstelling van de Strategische Agenda Flevoland vanuit de Flevolandse samenwerking ‘Samen maken we Flevoland’ die de basis zal worden voor het provinciale gebiedsplan.
▪
VERVOLG De uitgangspunten van de Ruimtelijke ordeningsbrief geven de kaders voor de nieuwe manier van werken waarop we moeten aansluiten. Voor een groot deel kunnen we als organisatie op dezelfde manier samenwerken met onze regionale partners en het Rijk, omdat deze samenwerkingsstructuren ook in deze nieuwe opzet belangrijk blijven. Als Lelystad moeten we daarbij ons aanbod en onze belangen inbrengen in de verschillende uitwerkingen die het komende anderhalf jaar plaats gaan vinden. Dit geldt zowel voor de uitwerking van Rijkskaders, als voor de uitwerking van het provinciale plan en arrangement. Met de doorwerking van dit nieuwe nationaal ruimtelijk beleid via de provinciale weg en via NOVEXgebieden (MRA en Lelylijn), gebeurt er veel ten aanzien van ruimtelijke strategie in de regio. Het is belangrijk dat u hier als gemeenteraad goed van op de hoogte bent. Om deze reden zullen we u op een later moment nader informeren over de nieuwe Rijkssturing, de schakelfunctie van de regio en de gemeentelijke strategie. Bijlagen Ruimtelijke ordeningsbrief d.d. 17 mei 2022.