CConstaterende datLelystad
Koppel je AI →
Document · PDF

24.338 RV Ontwerp programmabegroting 2025 - 2028

Raadsvergadering 12 november 2024, gemeente LelystadBij agendapunt: RV Programmabegroting 2025 - 20284.022 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Voorstel aan de raad Nummer: 24.338

Portefeuille: Programma: Taakveld:

D.A. Grimbergen 0 Bestuur en ondersteuning 0.11 Resultaat van de rekening van baten en lasten

Onderwerp: Ontwerp programmabegroting 2025 - 2028

Voorgesteld besluit De ontwerp programmabegroting 2025 – 2028 vast te stellen, met inachtneming van de daarin specifiek opgenomen beslispunten 0 tot en met 115: 0.

De bedrijfsvoeringsopslag 2025 vast te stellen op €57,67.

1.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Lelystad Next Level’ de meerjarenraming met ingang van 2026 bij te stellen met de volgende bedragen: €75.000 in 2026, €100.000 in 2027 en €200.000 met ingang van 2028.

2.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Ombudsfunctie’ de begroting 2025 en de meerjarenraming met ingang van 2026 bij te stellen met de volgende bedragen: €25.000 in 2025 en €125.000 met ingang van 2026.

3.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Optimalisatie toegang klantcontactcentrum’ de meerjarenraming met ingang van 2027 bij te stellen met €100.000.

4.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Opleidingen’ de meerjarenraming met ingang van 2026 bij te stellen met €300.000.

5.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Anders inzetten vierkante meters stadhuis’ de meerjarenraming met ingang van 2026 bij te stellen met de volgende bedragen: €150.000 in 2026 en €300.000 met ingang van 2027.

6.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Centrale personeelsbudgetten – Banqueting en overige kosten’ de realisatie weer in evenwicht te brengen met de daarvoor in de begroting beschikbare middelen.

7.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Levering IT producten’ de begroting 2025 en meerjarenraming met ingang van 2026 bij te stellen met €100.000.

8.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Ondersteuning IT producten’ de begroting 2025 en meerjarenraming met ingang van 2026 bij te stellen met €111.000.

9.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Versobering tertiaire arbeidsvoorwaarden’ de begroting 2025 en meerjarenraming met ingang van 2026 bij te stellen met de volgende bedragen: €50.000 in 2025, €75.000 in 2026 en €100.000 met ingang van 2027.

10.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Formatieve ombuigingen’ de begroting 2025 en meerjarenraming met ingang van 2026 bij te stellen met de volgende bedragen: €400.000 in 2025, €800.000 in 2026 en €1.200.000 met ingang van 2027.

11.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Ondersteuning college’ de begroting 2025 en meerjarenraming met ingang van 2026 bij te stellen met €82.000.

12.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Terugbrengen kerstversiering’ de begroting 2025 en meerjarenraming met ingang van 2026 bij te stellen met €10.000.

13.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Repro en mediabureau’ de begroting 2025 en meerjarenraming met ingang van 2026 bij te stellen met €70.000.

14.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Schoonmaak Stadhuis en Wigstraat’ de begroting 2025 en meerjarenraming met ingang van 2026 bij te stellen met de volgende bedragen: €10.000 in 2025 en €54.000 met ingang van 2026.

15.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Datacommunicatie en telefoonkosten’ de begroting 2025 en meerjarenraming met ingang van 2026 bij te stellen met €70.000.

16.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Repro en printerkosten’ de begroting 2025 en meerjarenraming met ingang van 2026 bij te stellen met €30.000.

17.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Inzet Huisadvocaat’ de begroting 2025 en meerjarenraming met ingang van 2026 bij te stellen met €30.000.

18.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Overige HR Software’ de meerjarenraming met ingang van 2026 bij te stellen met €20.000.

19.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Inkomsten deelnemingen’ de begroting 2025 en meerjarenraming 2026 - 2028 bij te stellen met de volgende bedragen: €200.000 in 2025 en 2026 en €150.000 in 2027 en 2028.

20.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘OZB woningen met 2,5 procent verhogen’ de begroting 2025 en meerjarenraming met ingang van 2026 bij te stellen met €335.000.

21.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Uitvoering heffing en invordering gemeentelijke belastingen’ een onderzoeksopdracht uit te voeren naar mogelijkheden om de uitvoering van heffing en invordering over te dragen.

22.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Uitvoeringskosten bezwaar (incl proceskostenvergoeding)’ de meerjarenraming met ingang van 2026 bij te stellen met €170.000.

23.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Verhogen parkeerbelasting’ de begroting 2025 en meerjarenraming met ingang van 2026 bij te stellen met €500.000.

24.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Ramen ruimte onder plafond BTW compensatiefonds’ de begroting 2025 en meerjarenraming met ingang van 2026 bij te stellen met €1.192.000.

25.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Geen gemeentelijke bijdrage Lelypas’ de Lelypas niet te continueren.

26.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Indexatie materiële budgetten gemeentebegroting’ de begroting 2025 en meerjarenraming met ingang van 2026 bij te stellen met €1.800.000.

27.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Motiemarkt en kindermotiemarkt’ de begroting 2025 en meerjarenraming met ingang van 2026 bij te stellen met €200.000.

28.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Stelpost MRA’ de begroting 2025 en meerjarenraming met ingang van 2026 bij te stellen met €10.000.

29.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Openbare orde en veiligheid’ de begroting 2025 en meerjarenraming met ingang van 2026 bij te stellen met €50.000.

30.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Energie’ het tekort dat zich nu voordoet naar beneden te brengen, zodat op termijn geen nadeel meer optreedt.

31.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Groot onderhoud woongebieden’ de meerjarenraming met ingang van 2026 bij te stellen met €1.000.000.

32.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Kabels en leidingen’ de meerjarenraming met ingang van 2026 bij te stellen met €50.000.

33.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Kwaliteit openbare ruimte’ de meerjarenraming met ingang van 2026 bij te stellen met €75.000.

34.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Onderhoud regionale fietsverbindingen’ de meerjarenraming met ingang van 2026 bij te stellen met €10.000.

35.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Openbare verlichting’ de begroting 2025 en meerjarenraming met ingang van 2026 bij te stellen met €10.000.

36.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Inperken directieketen (gebouwen)’ de meerjarenraming met ingang van 2026 bij te stellen met €25.000.

37.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Werkzaamheden niet meer in de nacht’ de meerjarenraming met ingang van 2026 bij te stellen met €70.000.

38.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Avondvierdaagse over de dreven’ de begroting 2025 en meerjarenraming met ingang van 2026 bij te stellen met €23.000.

39.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Laadpalen elektrisch’ de begroting 2025 en meerjarenraming met ingang van 2026 bij te stellen met €26.000.

40.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Bataviahaven’ de meerjarenraming met ingang van 2026 bij te stellen met €50.000.

41.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Haltes en toegankelijkheid’ de begroting 2025 en meerjarenraming met ingang van 2026 bij te stellen met €25.000.

42.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Werkbudgetten economie’ de begroting 2025 en meerjarenraming met ingang van 2026 bij te stellen met €32.000.

43.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Onderwijshuisvesting - Uitvoeringsplanning’ de meerjarenraming met ingang van 2026 bij te stellen met de volgende bedragen: €860.000 in 2026, €560.000 in 2027 en €575.000 in 2028.

44.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Onderwijshuisvesting - Architectuur’ de meerjarenraming met ingang van 2027 bij te stellen met de volgende bedragen: €15.000 in 2027 en €21.000 met ingang van 2028.

45.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Leerlingenvervoer - onderuitputting’ de begroting 2025 en de meerjarenraming met ingang van 2026 bij te stellen met €100.000.

46.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘OAB - Logopedie’ de begroting 2025 en de meerjarenraming met ingang van 2026 bij te stellen met €100.000.

47.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Leerlingenvervoer – vervoersregels en deelnemersaantallen’ de begroting 2025 en de meerjarenraming met ingang van 2026 bij te stellen met €20.000.

48.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Lokaal educatieve agenda’ de begroting 2025 en de meerjarenraming met ingang van 2026 bij te stellen met €75.000.

49.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Rebound maatwerk’ de begroting 2025 en de meerjarenraming met ingang van 2026 bij te stellen met €75.000.

50.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Afbouw sportsubsidies’ de begroting 2025 en de meerjarenraming met ingang van 2026 bij te stellen met €107.000.

51.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Buitenzwemwater’ de begroting 2025 en de meerjarenraming met ingang van 2026 bij te stellen met €125.000.

52.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Kosten sportaccommodaties meer doorberekenen aan gebruikers’ de begroting 2025 en de meerjarenraming met ingang van 2026 bij te stellen met de volgende bedragen: €30.000 in 2025, €60.000 in 2026, €90.000 in 2027 en €120.000 met ingang van 2028.

53.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Cultuur - Amateurkunst’ de begroting 2025 en de meerjarenraming met ingang van 2026 bij te stellen met €25.000.

54.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Cultuur – Cultuur in de wijk’ de begroting 2025 en de meerjarenraming met ingang van 2026 bij te stellen met €50.000.

55.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Cultuur - Cultuurinstellingen’ de begroting 2025 en de meerjarenraming met ingang van 2026 bij te stellen met de volgende bedragen: €50.000 in 2025, €100.000 in 2026, €150.000 in 2027 en €200.000 met ingang van 2028.

56.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Investeren in bestaande wijken’ de begroting 2025 en de meerjarenraming met ingang van 2026 bij te stellen met €500.000.

57.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Bestrijding invasieve exoten’ de begroting 2025 en de meerjarenraming met ingang van 2026 bij te stellen met €50.000.

58.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Bewonersconsulent’ de meerjarenraming met ingang van 2027 bij te stellen met €85.000.

59.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Participatiebudgetten’ de begroting 2025 en de meerjarenraming met ingang van 2026 bij te stellen met €35.000.

60.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Ruiterpaden en mountainbikeroutes’ de begroting 2025 en de meerjarenraming met ingang van 2026 bij te stellen met €35.000.

61.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Steigers’ de begroting 2025 en de meerjarenraming met ingang van 2026 bij te stellen met €60.000.

62.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Mantelzorgcompliment plus uitvoeringskosten’ de begroting 2025 en de meerjarenraming met ingang van 2026 bij te stellen met €283.000.

63.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Jeugdpreventiewerker ROC’ de begroting 2025 en de meerjarenraming met ingang van 2026 bij te stellen met de volgende bedragen: €50.000 in 2025 en €100.000 met ingang van 2026.

64.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Jongerencoaches’ de begroting 2025 en de meerjarenraming met ingang van 2026 bij te stellen met de volgende bedragen: €154.000 in 2025 en €308.000 met ingang van 2026.

65.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Mensen maken de Buurt’ de begroting 2025 en de meerjarenraming met ingang van 2026 bij te stellen met €100.000.

66.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Onderbesteding Wmo’ de begroting 2025 en de meerjarenraming met ingang van 2026 bij te stellen met de volgende bedragen: €246.000 in 2025 – 2027 en €111.000 met ingang van 2028.

67.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Nieuwe kijk op het voorveld’ de meerjarenraming met ingang van 2026 bij te stellen met de volgende bedragen:€140.000 in 2026 en €280.000 met ingang van 2027.

68.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Onderbesteding armoedemiddelen’ de begroting 2025 en de meerjarenraming met ingang van 2026 bij te stellen met €191.000.

69.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Additionele beschutte werkplekken’ de meerjarenraming met ingang van 2027 bij te stellen met €290.000.

70.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Wsw bijdrage per werknemer (gemeentelijke bijdrage)’ de begroting 2025 en de meerjarenraming met ingang van 2026 bij te stellen met de volgende bedragen: €105.000 in 2025, €143.000 in 2026, €176.000 in 2027 en €216.000 met ingang van 2028.

71.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Leerwerkbedrijf Bataviawerf’ de begroting 2025 en de meerjarenraming met ingang van 2026 bij te stellen met €214.000.

72.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Verlonen’ de begroting 2025 en de meerjarenraming met ingang van 2026 bij te stellen met €200.000.

73.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Algemene kosten’ de begroting 2025 en de meerjarenraming met ingang van 2026 bij te stellen met €50.000.

74.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Lelystad akkoord’ de begroting 2025 en de meerjarenraming met ingang van 2026 bij te stellen met €50.000.

75.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Jeugdzorg knoppenplan’ de begroting 2025 en de meerjarenraming met ingang van 2026 bij te stellen met de volgende bedragen: €1.000.000 in 2025, €2.000.000 in 2026, €3.000.000 in 2027, €4.000.000 in 2028 en €5.000.000 met ingang van 2029.

76.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Hogere kostentoerekening afval- en rioolheffing’ de begroting 2025 en de meerjarenraming met ingang van 2026 bij te stellen met €973.000.

77.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Asbestdaken’ de begroting 2025 en de meerjarenraming met ingang van 2026 bij te stellen met de volgende bedragen: €50.000 in 2025, €90.000 in 2026 en €100.000 met ingang van 2027.

78.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Participatie bij warmtetransitie’ de begroting 2025 en de meerjarenraming met ingang van 2026 bij te stellen met €150.000.

79.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Fysieke leefomgeving’ de begroting 2025 en de meerjarenraming met ingang van 2026 bij te stellen met €40.000.

80.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Voedsel’ de begroting 2025 en de meerjarenraming met ingang van 2026 bij te stellen met €40.000.

81.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Legesinkomsten bouwvergunningen en welstand’ de meerjarenraming met ingang van 2026 bij te stellen met €1.052.000.

82.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Huisvestingsverordening’ de begroting 2025 en de meerjarenraming met ingang van 2026 bij te stellen met €158.000.

83.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Kamerverhuur’ de begroting 2025 en de meerjarenraming met ingang van 2026 bij te stellen met €50.000.

84.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Stedelijke vernieuwing op uitnodiging’ de begroting 2025 en de meerjarenraming met ingang van 2026 bij te stellen met €50.000.

85.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Doorontwikkeling inkoop’ de begroting 2025 en de meerjarenraming met ingang van 2026 bij te stellen met de volgende bedragen: -€100.000 in 2025 en 2026 en -€200.000 met ingang van 2027.

86.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Onderzoek parkeervoorziening Lelycentre’ de begroting 2025 bij te stellen met -€20.000.

87.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Evenementenbudget’ de begroting 2025 en de meerjarenraming met ingang van 2026 bij te stellen met -€150.000.

88.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Tijdelijke sporthal’ de begroting 2025 en de meerjarenraming met ingang van 2026 bij te stellen met de volgende bedragen: -€545.000 in 2025 en -€261.000 in 2026, 2027 en 2028.

89a.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Nieuwbouw Sporthal’ een voorbereidingskrediet ter grootte van €755.316 beschikbaar te stellen.

89b.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Nieuwbouw Sporthal’ de meerjarenraming met ingang van 2029 bij te stellen met -€945.000 en deze middelen te reserveren voor het nader uit te werken voorstel.

90.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Informatiebarak Werkeiland’ de begroting 2025 en de meerjarenraming met ingang van 2026 bij te stellen met -€20.000.

91.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Subsidie Belevenissenbos’ de begroting 2025 en de meerjarenraming met ingang van 2026 bij te stellen met -€13.000.

92.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Buurtwerker in de wijk’ de meerjarenraming met ingang van 2026 bij te stellen met -€300.000.

93.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Participatie (budgetneutraal meerjarenraming met ingang van 2026 budgetneutraal bij te stellen.

94.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Onontkoombaar – Cyberbeveiligingswet (NIS2)’ de begroting 2025 en de meerjarenraming met ingang van 2026 bij te stellen met de volgende bedragen: -€161.000 in 2025, -€64.000 in 2026 en -€39.000 met ingang van 2027.

95.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Actualisatie kapitaallasten’ de begroting 2025 en de meerjarenraming met ingang van 2026 bij te stellen met de volgende bedragen: €415.000 in 2025, €400.000 in 2026, -€188.000 in 2027 en -€147.000 met ingang van 2028.

96.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Actualisatie treasury’ de begroting 2025 en de meerjarenraming met ingang van 2026 bij te stellen met de volgende bedragen: €971.000 in 2025, €275.000 in 2026, €859.000 in 2027 en €1.309.000 in 2028.

oplossen)’

de

97a.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Actualisatie verhuizing 4 Fusion’ de subsidie uit het volkshuisvestingsfonds ter grootte van €497.000 in mindering te brengen op het bij de kadernota 2025 – 2028 reeds beschikbaar gestelde investeringskrediet.

97b.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Actualisatie verhuizing 4 Fusion’ de begroting 2025 en de meerjarenraming met ingang van 2026 bij te stellen met de volgende bedragen: €25.000 in 2025 en €9.000 met ingang van 2026.

98.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Actualisatie Wmo’ de begroting 2025 en de meerjarenraming met ingang van 2026 bij te stellen met de volgende bedragen: -€1.400.000 in 2025 en 2026, -€2.000.000 in 2027, -€2.100.000 in 2028 en -€2.900.000 met ingang van 2029.

99.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Actualisatie Jeugdzorg’ de begroting 2025 en de meerjarenraming met ingang van 2026 bij te stellen met de volgende bedragen: -€2.000.000 in 2025 en -€500.000 in 2026 en 2027.

100.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Actualisatie rioolheffing’ de begroting 2025 en de meerjarenraming met ingang van 2026 bij te stellen met €12.000.

101.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Actualisatie afvalstoffenheffing’ de begroting 2025 en de meerjarenraming met ingang van 2026 bij te stellen met €315.000.

102.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Algemene mutaties meicirculaire 2024’ de begroting 2025 en de meerjarenraming met ingang van 2026 bij te stellen met de volgende bedragen: -€200.000 in 2025, -€1.333.000 in 2026, -€2.204.000 in 2027 en €304.000 met ingang van 2028.

103.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Algemene mutaties septembercirculaire 2024’ de begroting 2025 en de meerjarenraming met ingang van 2026 bij te stellen met de volgende bedragen: -€1.662.000 in 2025, -€450.000 in 2026, -€539.000 in 2027 en -€1.115.000 met ingang van 2028.

104.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Bijstelling loon / prijscompensatie septembercirculaire 2024’ de begroting 2025 en de meerjarenraming met ingang van 2026 bij te stellen met de volgende bedragen: €854.000 in 2025, €799.000 in 2026, €799.000 in 2027 en €810.000 met ingang van 2028 en deze middelen budgetneutraal beschikbaar te stellen voor de uitvoering.

105.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Indexatie Wmo demografie’ de meerjarenraming met ingang van 2026 bij te stellen met de volgende bedragen: €319.000 in 2026, €657.000 in 2027, €1.013.000 in 2028 en €1.337.000 met ingang van 2029.

106.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Besparingsverlies Jeugd’ de begroting 2025 en de meerjarenraming met ingang van 2026 bij te stellen met €2.400.000 en deze middelen budgetneutraal beschikbaar te stellen om de eerder ingeboekte taakstelling af te boeken.

107.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Participatie’ de begroting 2025 en de meerjarenraming met ingang van 2026 bij te stellen met de volgende bedragen: €500.000 in 2025, €479.000 in 2026, €530.000 in 2027, €515.000 in 2028 en €274.000 met ingang van 2029 en deze middelen budgetneutraal beschikbaar te stellen voor de uitvoering.

108.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Dienstverlening aanpak armoede en schulden’ de begroting 2025 en de meerjarenraming met ingang van 2026 bij te stellen met de volgende bedragen: €214.000 in 2025, €205.000 in 2026, €212.000 in 2027 en €218.000 met ingang van 2028 en deze middelen budgetneutraal beschikbaar te stellen voor de uitvoering.

109.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Werkdrukverlaging jeugdbescherming’ de begroting 2025 en de meerjarenraming met ingang van 2026 bij te stellen met de volgende bedragen: €162.000 in 2025, €154.000 in 2026, €156.000 in 2027 en €159.000 met ingang van 2028 en deze middelen budgetneutraal beschikbaar te stellen voor de uitvoering.

110.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Openbare bibliotheken’ de begroting 2025 en de meerjarenraming 2026 bij te stellen met de volgende bedragen: €248.000 in 2025 en €248.000 in 2026 en deze middelen budgetneutraal beschikbaar te stellen voor de uitvoering.

111.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Wet op de lijkbezorging’ de meerjarenraming met ingang van 2026 bij te stellen met €15.000 en deze middelen budgetneutraal beschikbaar te stellen voor de uitvoering.

112.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Kinderopvang Sociaal Medische Indicatie (SMI)’ de begroting 2025 en de meerjarenraming met ingang van 2026 bij te stellen met de volgende bedragen: €26.000 in 2025, €26.000 in 2026, €27.000 in 2027, €27.000 in 2028 en €48.000 met ingang van 2029 en deze middelen budgetneutraal beschikbaar te stellen voor de uitvoering.

113.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Wet Betaalbare huur’ de begroting 2025 en de meerjarenraming met ingang van 2026 bij te stellen met de volgende bedragen: €62.000 in 2025, €53.000 in 2026, €29.000 in 2027 en €24.000 met ingang van 2028 en deze middelen budgetneutraal beschikbaar te stellen voor de uitvoering.

114.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Bijstand jongerennorm’ de meerjarenraming met ingang van 2026 bij te stellen met de volgende bedragen: -€47.000 in 2026, -€49.000 in 2027 en €50.000 met ingang van 2028 en deze middelen budgetneutraal af te ramen aan de lastenkant van de begroting.

115.

Op basis van bovenstaand voorstel de reserve ontwikkeling stad te actualiseren en de beklemming van €12 miljoen onder de noemer ‘investeren in sportaccommodaties’ op te heffen.

Urgentie Raad Op basis van artikel 191 van de Gemeentewet moet de vastgestelde programmabegroting uiterlijk 14 november aan gedeputeerde staten worden aangeboden. Dit betekent dat besluitvorming in de raad uiterlijk op dinsdag 12 november plaats moet vinden. In de jaarplanning van de raad is daar rekening mee gehouden.

Voorgaande besluitvorming Kadernota 2025 - 2028

Inleiding De raad heeft op 2 juli de kadernota 2025 – 2028 vastgesteld, waarmee de financiële- en inhoudelijke kaders voor het opstellen van deze ontwerp programmabegroting 2025 – 2028 duidelijk werden. De besluitvorming uit de kadernota 2025 – 2028 is verwerkt en in de ontwerp programmabegroting 2025 – 2028 is het financieel perspectief 2025 – 2028 nogmaals geactualiseerd op basis van de laatste inzichten. Verder wordt in de begroting inzichtelijk gemaakt welke taken de gemeente uitvoert en welke bedragen daarmee zijn gemoeid. De gemeenteraad heeft de bevoegdheid om de financiële middelen voor de uitvoering beschikbaar te stellen. Dat heet het ‘budgetrecht’. Door de ontwerp programmabegroting vast te stellen geeft de gemeenteraad het college toestemming om de middelen te besteden aan de afgesproken activiteiten.

Argumenten 1. De raad heeft het budgetrecht Op basis van artikel 191 wordt de gemeenteraad verplicht jaarlijks een begroting vast te stellen. Zonder vaststelling van de programmabegroting kan het college geen uitvoering geven aan de beschreven activiteiten en ambities.

Kanttekeningen Artikel 189 lid 2 schrijft voor dat de raad erop toeziet dat de begroting structureel en reëel in evenwicht is. Tegelijkertijd wordt aangegeven dat hiervan afgeweken kan worden indien aannemelijk is dat het structureel en reëel begrotingsevenwicht in de eerstvolgende jaren tot stand zal worden gebracht. In de ontwerp- programmabegroting die aan de raad ter besluitvorming wordt voorgelegd is er op dit moment sprake van een tekort in jaarschijven 2026 en 2027. Met ingang van 2028 is er weer sprake

van een structureel begrotingsevenwicht. Wat betreft het college is het verdedigbaar om jaarschijven 2026 en 2027 van incidentele dekking te voorzien.

Financiën Het financieel perspectief 2025 – 2028 zoals aan de raad wordt voorgelegd is structureel en reëel in evenwicht met ingang van 2028. Doordat niet alle ombuigingsmaatregelen direct in volle omvang zijn in te boeken, is er in 2026 en 2027 sprake van een begrotingstekort.

Vervolg Op 22 oktober vindt er een commissievergadering plaats over de ontwerp programmabegroting 2025 – 2028. Op maandag 4 november om 10:00 uur is de deadline voor het aanleveren van amendementen en moties. De preadviezen van het college volgen naar verwachting op dinsdag 5 november. De besluitvormende raadsvergadering is voorzien op dinsdag 12 november.

Bijlagen Ontwerp programmabegroting 2025 – 2028

Lelystad, 1 oktober 2024 Het college van de gemeente Lelystad, de loco-secretaris, J.L. de Jong *Dit voorstel is digitaal vastgesteld en ondertekend

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Lelystad&id=e05bd167-8fac-474f-8641-affad5f011d4