CConstaterende datLelystad
Koppel je AI →
Document · PDF

210415 - Beantwoording mondelinge vragen D66 inzake woningontruimingen

Raadsvergadering 6 april 2021, gemeente LelystadBij agendapunt: Gelegenheid tot stellen van mondelinge vragen (art. 39 RvO)631 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Beantwoording technische vragen Document: Onderwerp: Portefeuillehouder: Datum: Van:

Woningontruimingen Meijdam / Baaten / Schoone / De Vreede 15 April 2021 D66

Op 1 april heeft de fractie D66 technische vragen gesteld. Hieronder herhalen wij eerst de vraag en vervolgens ons antwoord. 1. Vraag 1: Ik heb begrepen dat de gemeente verantwoordelijk wordt voor de opslag en vernietiging van de inboedel bij ontruimingen. Wij hebben de volgende vragen hierover: - Om hoeveel ontruimingen gaat het op jaarbasis in Lelystad? beantwoording vraag 1: In 2020 zijn wij betrokken geweest bij 5 huisuitzettingen. 2. Vraag 2: - wat betekent dit voor de daarmee gepaard gaande kosten? beantwoording vraag 2: Vorig jaar is er voor € 4.800 aan kosten gedeclareerd. In de nieuwe situatie zijn er extra kosten die soms ook verhaald kunnen worden. De kosten kunnen namelijk worden doorbelast aan de verhuurder. Die, op zijn beurt, de kosten weer op de schuldenaar kan proberen te verhalen.. 3. Vraag 3: welke spelregels komen er tbc het bewaren en vernietigen van deze inboedels? beantwoording vraag 3: Per 1 april 2021 zijn gemeenten verantwoordelijk voor afvoer en opslag van inboedel. Als de inboedel niet binnen 13 weken wordt opgehaald kan de gemeente de zaken verkopen of vernietigen. Dit vraagt ten opzichte van het huidige werkproces om een aanpassing van beleid en afstemming met verhuurders. Op dit moment wordt hier aan gewerkt. Als dit is afgerond zullen we de raad meenemen in de besluitvorming of nader informeren over deze aanpassingen.

Extra informatie Woningontruimingen zijn een combinatie van zorg (sociaal domein), beheer openbare ruimte, juridische handhaving en wonen. Als gemeente hebben we een begrotingsproduct huisuitzettingen en een werkproces. Bij huisuitzettingen hebben deurwaarders de mogelijkheid om inboedels op straat zetten. Deze inboedels hebben geen waarde, anders had de deurwaarder wel beslag gelegd. De eigenaar is over het algemeen met persoonlijke spullen en alles wat voor hem waarde heeft vertrokken. Als de eigenaar bij de uitzetting aanwezig is, vindt daar afstemming mee plaats over zijn huisraad. Wat wil hij graag bewaren en voert hij zelf af. De rest komt formeel op straat en de gemeente voert dit als afval direct af. Per 1 april jl. zijn de regels met betrekking tot afvoer en opslag van inboedels bij huisuitzettingen gewijzigd. Dit vraagt ten opzichte van het huidige werkproces om een aanpassing van beleid en afstemming met verhuurders. Op dit moment wordt hier aan gewerkt. Als dit is afgerond zullen we de raad meenemen in de besluitvorming en nader informeren over deze aanpassingen.

Afvoer en opslag inboedel Een ontruiming wordt aangemeld bij de gemeente waar de betreffende ontruiming zal plaatsvinden. Deze wordt aangemeld bij het college van burgemeester en wethouders. Op dit moment is het per gemeente afhankelijk wie verantwoordelijk is voor de afvoer en opslag van de inboedel na een ontruiming. Soms neemt de gemeente dit voor haar rekening, soms ligt de verantwoordelijkheid hiervoor bij de verhuurder. Dit gaat per 1 april 2021 veranderen. Per 1 april 2021 zijn gemeenten verantwoordelijk voor afvoer en opslag inboedel Op 1 april 2021 wordt namelijk artikel 556 Rv gewijzigd. Vanaf dat moment draagt het college van burgemeester en wethouders ten laste van de executant altijd zorg voor het meevoeren en opslaan van de roerende zaken die bij een ontruiming van een woning op straat geplaatst zijn. De artikelen 5:29 en 5:30 van de Algemene wet bestuursrecht zijn van overeenkomstige toepassing. Dat betekent dat een gemeente de inboedel na een ontruiming afvoert en opslaat. Als de inboedel niet binnen 13 weken wordt opgehaald kan de gemeente de zaken verkopen of vernietigen. De kosten van dit alles kunnen worden doorbelast aan de verhuurder. Die, op zijn beurt, de kosten weer op de schuldenaar kan proberen te verhalen.

Hiermee wordt een einde gemaakt aan het verschillende lokale beleid per gemeente en de daaruit voortvloeiende rechtsonzekerheid voor ontruimde partijen, schuldeisers en gerechtsdeurwaarders.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Lelystad&id=bf0c8378-7ad1-41e6-b443-66b8ce40f0cc