CConstaterende datLelystad
Koppel je AI →
Document · PDF

2024-10-22_Commissie Bestuur_ Middelen en Economie_Besluitenlijst

Commissie Bestuur, Middelen en Economie 3 juni 2025, gemeente LelystadBij agendapunt: Vaststellen besluitenlijst Begrotingscommissie 22 oktober 20244.025 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Besluitenlijst Commissie Bestuur, Middelen en Economie Datum Tijd Locatie Voorzitter Griffier Aanwezig

22-10-2024 19:30 - 22:30 Raadzaal F.J.C. Volmer T.W.M. Loosman Raadsleden/fractie-assistenten: Marco Boogaard, Murat Aktan, Wim Botter, Koen Dreesman, Bas de Reus, Henk Schraa, Rob Ros, Fred Wilcke, Ashwin van Stormbroek, Sanne de Wilde, Roel Velstra, Jolande Donninger, Michael Wijngaard, Jelle Hijmissen. Namens het college: Wethouders Grimbergen, Kruis, van Dijk, Messelink-Dijkstra Burgemeester Baltus

1

Opening

2

Vaststellen agenda De agenda is ongewijzigd vastgesteld.

3

Oordeelvormende commissie

3.a

Hamerstukken voor de raad

3.a.1

RV Motie Lelypas Voorgesteld besluit:

Kennis te nemen van de bijgevoegde notitie – Beantwoording vragen motie Lelypas – over de afdoening van de motie M02 271 Gedegen besluit Lelypas en de onderstaande conclusies te onderschrijven. a. de Lelypas kan niet bestaan zonder financiële ondersteuning van de gemeente. b. het toevoegen van gemeentelijke regelingen aan de Lelypas leidt tot een kostenverhoging ten opzicht van de huidige situatie. c. In plaats van de Lelypas in huidige vorm, kan het invoeren van een (door de gemeente beheerde) niet-commerciële stadspas worden overwogen. Insprekers:

-

Overige aanwezigen:

-

Toezeggingen:

-

Conclusie voorzitter:

Het raadsvoorstel kan als A-stuk naar besluitvorming in de raadsvergadering van 12 november 2024.

Aantekeningen:

Het onderwerp Lelypas is eveneens onderdeel van de Programmabegroting 2025-2028 (ombuiging 25), waarover eveneens in de raadsvergadering van 12 november besloten wordt.

3.b

RV Programmabegroting 2025 - 2028 Voorgesteld besluit:

De ontwerp programmabegroting 2025 – 2028 vast te stellen, met inachtneming van de daarin specifiek opgenomen beslispunten 0 tot en met 115: 0.

De bedrijfsvoeringsopslag 2025 vast te stellen op €57,67.

1.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Lelystad Next Level’ de meerjarenraming met ingang van 2026 bij te stellen met de volgende bedragen: €75.000 in 2026, €100.000 in 2027 en €200.000 met ingang van 2028.

2.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Ombudsfunctie’ de begroting 2025 en de meerjarenraming met ingang van 2026 bij te stellen met de volgende bedragen: €25.000 in 2025 en €125.000 met ingang van 2026.

3.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Optimalisatie toegang klantcontactcentrum’ de meerjarenraming met ingang van 2027 bij te stellen met €100.000.

4.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Opleidingen’ de meerjarenraming met ingang van 2026 bij te stellen met €300.000.

5.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Anders inzetten vierkante meters stadhuis’ de meerjarenraming met ingang van 2026 bij te stellen met de volgende bedragen: €150.000 in 2026 en €300.000 met ingang van 2027.

6.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Centrale personeelsbudgetten – Banqueting en overige kosten’ de realisatie weer in evenwicht te brengen met de daarvoor in de begroting beschikbare middelen.

7.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Levering IT producten’ de begroting 2025 en meerjarenraming met ingang van 2026 bij te stellen met €100.000.

8.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Ondersteuning IT producten’ de begroting 2025 en meerjarenraming met ingang van 2026 bij te stellen met €111.000.

9.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Versobering tertiaire arbeidsvoorwaarden’ de begroting 2025 en meerjarenraming met ingang van 2026 bij te stellen met de volgende bedragen: €50.000 in 2025, €75.000 in 2026 en €100.000 met ingang van 2027.

10.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Formatieve ombuigingen’ de begroting 2025 en meerjarenraming met ingang van 2026 bij te stellen met de volgende bedragen: €400.000 in 2025, €800.000 in 2026 en €1.200.000 met ingang van 2027.

11.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Ondersteuning college’ de begroting 2025 en meerjarenraming met ingang van 2026 bij te stellen met €82.000.

12.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Terugbrengen kerstversiering’ de begroting 2025 en meerjarenraming met ingang van 2026 bij te stellen met €10.000.

13.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Repro en mediabureau’ de begroting 2025 en meerjarenraming met ingang van 2026 bij te stellen met €70.000.

14.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Schoonmaak Stadhuis en Wigstraat’ de begroting 2025 en meerjarenraming met ingang van 2026 bij te stellen met de volgende bedragen: €10.000 in 2025 en €54.000 met ingang van 2026.

15.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Datacommunicatie en telefoonkosten’ de begroting 2025 en meerjarenraming met ingang van 2026 bij te stellen met €70.000.

16.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Repro en printerkosten’ de begroting 2025 en meerjarenraming met ingang van 2026 bij te stellen met €30.000.

Pagina 2

17.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Inzet Huisadvocaat’ de begroting 2025 en meerjarenraming met ingang van 2026 bij te stellen met €30.000.

18.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Overige HR Software’ de meerjarenraming met ingang van 2026 bij te stellen met €20.000.

19.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Inkomsten deelnemingen’ de begroting 2025 en meerjarenraming 2026 - 2028 bij te stellen met de volgende bedragen: €200.000 in 2025 en 2026 en €150.000 in 2027 en 2028.

20.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘OZB woningen met 2,5 procent verhogen’ de begroting 2025 en meerjarenraming met ingang van 2026 bij te stellen met €335.000.

21.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Uitvoering heffing en invordering gemeentelijke belastingen’ een onderzoeksopdracht uit te voeren naar mogelijkheden om de uitvoering van heffing en invordering over te dragen.

22.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Uitvoeringskosten bezwaar (incl proceskostenvergoeding)’ de meerjarenraming met ingang van 2026 bij te stellen met €170.000.

23.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Verhogen parkeerbelasting’ de begroting 2025 en meerjarenraming met ingang van 2026 bij te stellen met €500.000.

24.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Ramen ruimte onder plafond BTW compensatiefonds’ de begroting 2025 en meerjarenraming met ingang van 2026 bij te stellen met €1.192.000.

25.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Geen gemeentelijke bijdrage Lelypas’ de Lelypas niet te continueren.

26.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Indexatie materiële budgetten gemeentebegroting’ de begroting 2025 en meerjarenraming met ingang van 2026 bij te stellen met €1.800.000.

27.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Motiemarkt en kindermotiemarkt’ de begroting 2025 en meerjarenraming met ingang van 2026 bij te stellen met €200.000.

28.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Stelpost MRA’ de begroting 2025 en meerjarenraming met ingang van 2026 bij te stellen met €10.000.

29.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Openbare orde en veiligheid’ de begroting 2025 en meerjarenraming met ingang van 2026 bij te stellen met €50.000.

30.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Energie’ het tekort dat zich nu voordoet naar beneden te brengen, zodat op termijn geen nadeel meer optreedt.

31.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Groot onderhoud woongebieden’ de meerjarenraming met ingang van 2026 bij te stellen met €1.000.000.

32.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Kabels en leidingen’ de meerjarenraming met ingang van 2026 bij te stellen met €50.000.

33.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Kwaliteit openbare ruimte’ de meerjarenraming met ingang van 2026 bij te stellen met €75.000.

34.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Onderhoud regionale fietsverbindingen’ de meerjarenraming met ingang van 2026 bij te stellen met €10.000.

35.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Openbare verlichting’ de begroting 2025 en meerjarenraming met ingang van 2026 bij te stellen met €10.000.

36.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Inperken directieketen (gebouwen)’ de meerjarenraming met ingang van 2026 bij te stellen met €25.000.

37.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Werkzaamheden niet meer in de nacht’ de meerjarenraming met ingang van 2026 bij te stellen met €70.000.

Pagina 3

38.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Avondvierdaagse over de dreven’ de begroting 2025 en meerjarenraming met ingang van 2026 bij te stellen met €23.000.

39.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Laadpalen elektrisch’ de begroting 2025 en meerjarenraming met ingang van 2026 bij te stellen met €26.000.

40.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Bataviahaven’ de meerjarenraming met ingang van 2026 bij te stellen met €50.000.

41.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Haltes en toegankelijkheid’ de begroting 2025 en meerjarenraming met ingang van 2026 bij te stellen met €25.000.

42.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Werkbudgetten economie’ de begroting 2025 en meerjarenraming met ingang van 2026 bij te stellen met €32.000.

43.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Onderwijshuisvesting - Uitvoeringsplanning’ de meerjarenraming met ingang van 2026 bij te stellen met de volgende bedragen: €860.000 in 2026, €560.000 in 2027 en €575.000 in 2028.

44.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Onderwijshuisvesting - Architectuur’ de meerjarenraming met ingang van 2027 bij te stellen met de volgende bedragen: €15.000 in 2027 en €21.000 met ingang van 2028.

45.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Leerlingenvervoer - onderuitputting’ de begroting 2025 en de meerjarenraming met ingang van 2026 bij te stellen met €100.000.

46.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘OAB - Logopedie’ de begroting 2025 en de meerjarenraming met ingang van 2026 bij te stellen met €100.000.

47.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Leerlingenvervoer – vervoersregels en deelnemersaantallen’ de begroting 2025 en de meerjarenraming met ingang van 2026 bij te stellen met €20.000.

48.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Lokaal educatieve agenda’ de begroting 2025 en de meerjarenraming met ingang van 2026 bij te stellen met €75.000.

49.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Rebound maatwerk’ de begroting 2025 en de meerjarenraming met ingang van 2026 bij te stellen met €75.000.

50.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Afbouw sportsubsidies’ de begroting 2025 en de meerjarenraming met ingang van 2026 bij te stellen met €107.000.

51.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Buitenzwemwater’ de begroting 2025 en de meerjarenraming met ingang van 2026 bij te stellen met €125.000.

52.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Kosten sportaccommodaties meer doorberekenen aan gebruikers’ de begroting 2025 en de meerjarenraming met ingang van 2026 bij te stellen met de volgende bedragen: €30.000 in 2025, €60.000 in 2026, €90.000 in 2027 en €120.000 met ingang van 2028.

53.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Cultuur - Amateurkunst’ de begroting 2025 en de meerjarenraming met ingang van 2026 bij te stellen met €25.000.

54.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Cultuur – Cultuur in de wijk’ de begroting 2025 en de meerjarenraming met ingang van 2026 bij te stellen met €50.000.

55.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Cultuur - Cultuurinstellingen’ de begroting 2025 en de meerjarenraming met ingang van 2026 bij te stellen met de volgende bedragen: €50.000 in 2025, €100.000 in 2026, €150.000 in 2027 en €200.000 met ingang van 2028.

56.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Investeren in bestaande wijken’ de begroting 2025 en de meerjarenraming met ingang van 2026 bij te stellen met €500.000.

57.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Bestrijding invasieve exoten’ de begroting 2025 en de meerjarenraming met ingang van 2026 bij te stellen met €50.000.

Pagina 4

58.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Bewonersconsulent’ de meerjarenraming met ingang van 2027 bij te stellen met €85.000.

59.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Participatiebudgetten’ de begroting 2025 en de meerjarenraming met ingang van 2026 bij te stellen met €35.000.

60.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Ruiterpaden en mountainbikeroutes’ de begroting 2025 en de meerjarenraming met ingang van 2026 bij te stellen met €35.000.

61.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Steigers’ de begroting 2025 en de meerjarenraming met ingang van 2026 bij te stellen met €60.000.

62.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Mantelzorgcompliment plus uitvoeringskosten’ de begroting 2025 en de meerjarenraming met ingang van 2026 bij te stellen met €283.000.

63.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Jeugdpreventiewerker ROC’ de begroting 2025 en de meerjarenraming met ingang van 2026 bij te stellen met de volgende bedragen: €50.000 in 2025 en €100.000 met ingang van 2026.

64.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Jongerencoaches’ de begroting 2025 en de meerjarenraming met ingang van 2026 bij te stellen met de volgende bedragen: €154.000 in 2025 en €308.000 met ingang van 2026.

65.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Mensen maken de Buurt’ de begroting 2025 en de meerjarenraming met ingang van 2026 bij te stellen met €100.000.

66.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Onderbesteding Wmo’ de begroting 2025 en de meerjarenraming met ingang van 2026 bij te stellen met de volgende bedragen: €246.000 in 2025 – 2027 en €111.000 met ingang van 2028.

67.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Nieuwe kijk op het voorveld’ de meerjarenraming met ingang van 2026 bij te stellen met de volgende bedragen:€140.000 in 2026 en €280.000 met ingang van 2027.

68.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Onderbesteding armoedemiddelen’ de begroting 2025 en de meerjarenraming met ingang van 2026 bij te stellen met €191.000.

69.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Additionele beschutte werkplekken’ de meerjarenraming met ingang van 2027 bij te stellen met €290.000.

70.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Wsw bijdrage per werknemer (gemeentelijke bijdrage)’ de begroting 2025 en de meerjarenraming met ingang van 2026 bij te stellen met de volgende bedragen: €105.000 in 2025, €143.000 in 2026, €176.000 in 2027 en €216.000 met ingang van 2028.

71.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Leerwerkbedrijf Bataviawerf’ de begroting 2025 en de meerjarenraming met ingang van 2026 bij te stellen met €214.000.

72.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Verlonen’ de begroting 2025 en de meerjarenraming met ingang van 2026 bij te stellen met €200.000.

73.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Algemene kosten’ de begroting 2025 en de meerjarenraming met ingang van 2026 bij te stellen met €50.000.

74.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Lelystad akkoord’ de begroting 2025 en de meerjarenraming met ingang van 2026 bij te stellen met €50.000.

75.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Jeugdzorg knoppenplan’ de begroting 2025 en de meerjarenraming met ingang van 2026 bij te stellen met de volgende bedragen: €1.000.000 in 2025, €2.000.000 in 2026, €3.000.000 in 2027, €4.000.000 in 2028 en €5.000.000 met ingang van 2029.

76.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Hogere kostentoerekening afval- en rioolheffing’ de begroting 2025 en de meerjarenraming met ingang van 2026 bij te stellen met €973.000.

Pagina 5

77.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Asbestdaken’ de begroting 2025 en de meerjarenraming met ingang van 2026 bij te stellen met de volgende bedragen: €50.000 in 2025, €90.000 in 2026 en €100.000 met ingang van 2027.

78.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Participatie bij warmtetransitie’ de begroting 2025 en de meerjarenraming met ingang van 2026 bij te stellen met €150.000.

79.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Fysieke leefomgeving’ de begroting 2025 en de meerjarenraming met ingang van 2026 bij te stellen met €40.000.

80.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Voedsel’ de begroting 2025 en de meerjarenraming met ingang van 2026 bij te stellen met €40.000.

81.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Legesinkomsten bouwvergunningen en welstand’ de meerjarenraming met ingang van 2026 bij te stellen met €1.052.000.

82.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Huisvestingsverordening’ de begroting 2025 en de meerjarenraming met ingang van 2026 bij te stellen met €158.000.

83.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Kamerverhuur’ de begroting 2025 en de meerjarenraming met ingang van 2026 bij te stellen met €50.000.

84.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Stedelijke vernieuwing op uitnodiging’ de begroting 2025 en de meerjarenraming met ingang van 2026 bij te stellen met €50.000.

85.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Doorontwikkeling inkoop’ de begroting 2025 en de meerjarenraming met ingang van 2026 bij te stellen met de volgende bedragen: -€100.000 in 2025 en 2026 en -€200.000 met ingang van 2027.

86.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Onderzoek parkeervoorziening Lelycentre’ de begroting 2025 bij te stellen met -€20.000.

87.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Evenementenbudget’ de begroting 2025 en de meerjarenraming met ingang van 2026 bij te stellen met -€150.000.

88.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Tijdelijke sporthal’ de begroting 2025 en de meerjarenraming met ingang van 2026 bij te stellen met de volgende bedragen: -€545.000 in 2025 en -€261.000 in 2026, 2027 en 2028.

89a.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Nieuwbouw Sporthal’ een voorbereidingskrediet ter grootte van €755.316 beschikbaar te stellen.

89b.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Nieuwbouw Sporthal’ de meerjarenraming met ingang van 2029 bij te stellen met -€945.000 en deze middelen te reserveren voor het nader uit te werken voorstel.

90.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Informatiebarak Werkeiland’ de begroting 2025 en de meerjarenraming met ingang van 2026 bij te stellen met -€20.000.

91.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Subsidie Belevenissenbos’ de begroting 2025 en de meerjarenraming met ingang van 2026 bij te stellen met -€13.000.

92.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Buurtwerker in de wijk’ de meerjarenraming met ingang van 2026 bij te stellen met -€300.000.

93.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Participatie (budgetneutraal oplossen)’ de meerjarenraming met ingang van 2026 budgetneutraal bij te stellen.

94.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Onontkoombaar – Cyberbeveiligingswet (NIS2)’ de begroting 2025 en de meerjarenraming met ingang van 2026 bij te stellen met de volgende bedragen: -€161.000 in 2025, -€64.000 in 2026 en €39.000 met ingang van 2027.

95.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Actualisatie kapitaallasten’ de begroting 2025 en de meerjarenraming met ingang van 2026 bij te stellen met de volgende bedragen: €415.000 in 2025, €400.000 in 2026, -€188.000 in 2027 en -€147.000 met ingang van 2028.

Pagina 6

96.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Actualisatie treasury’ de begroting 2025 en de meerjarenraming met ingang van 2026 bij te stellen met de volgende bedragen: €971.000 in 2025, €275.000 in 2026, €859.000 in 2027 en €1.309.000 in 2028.

97a.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Actualisatie verhuizing 4 Fusion’ de subsidie uit het volkshuisvestingsfonds ter grootte van €497.000 in mindering te brengen op het bij de kadernota 2025 – 2028 reeds beschikbaar gestelde investeringskrediet.

97b.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Actualisatie verhuizing 4 Fusion’ de begroting 2025 en de meerjarenraming met ingang van 2026 bij te stellen met de volgende bedragen: €25.000 in 2025 en €9.000 met ingang van 2026.

98.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Actualisatie Wmo’ de begroting 2025 en de meerjarenraming met ingang van 2026 bij te stellen met de volgende bedragen: -€1.400.000 in 2025 en 2026, -€2.000.000 in 2027, -€2.100.000 in 2028 en €2.900.000 met ingang van 2029.

99.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Actualisatie Jeugdzorg’ de begroting 2025 en de meerjarenraming met ingang van 2026 bij te stellen met de volgende bedragen: -€2.000.000 in 2025 en -€500.000 in 2026 en 2027.

100.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Actualisatie rioolheffing’ de begroting 2025 en de meerjarenraming met ingang van 2026 bij te stellen met €12.000.

101.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Actualisatie afvalstoffenheffing’ de begroting 2025 en de meerjarenraming met ingang van 2026 bij te stellen met €315.000.

102.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Algemene mutaties meicirculaire 2024’ de begroting 2025 en de meerjarenraming met ingang van 2026 bij te stellen met de volgende bedragen: -€200.000 in 2025, -€1.333.000 in 2026, -€2.204.000 in 2027 en €304.000 met ingang van 2028.

103.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Algemene mutaties septembercirculaire 2024’ de begroting 2025 en de meerjarenraming met ingang van 2026 bij te stellen met de volgende bedragen: -€1.662.000 in 2025, -€450.000 in 2026, €539.000 in 2027 en -€1.115.000 met ingang van 2028.

104.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Bijstelling loon / prijscompensatie septembercirculaire 2024’ de begroting 2025 en de meerjarenraming met ingang van 2026 bij te stellen met de volgende bedragen: €854.000 in 2025, €799.000 in 2026, €799.000 in 2027 en €810.000 met ingang van 2028 en deze middelen budgetneutraal beschikbaar te stellen voor de uitvoering.

105.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Indexatie Wmo demografie’ de meerjarenraming met ingang van 2026 bij te stellen met de volgende bedragen: €319.000 in 2026, €657.000 in 2027, €1.013.000 in 2028 en €1.337.000 met ingang van 2029.

106.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Besparingsverlies Jeugd’ de begroting 2025 en de meerjarenraming met ingang van 2026 bij te stellen met €2.400.000 en deze middelen budgetneutraal beschikbaar te stellen om de eerder ingeboekte taakstelling af te boeken.

107.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Participatie’ de begroting 2025 en de meerjarenraming met ingang van 2026 bij te stellen met de volgende bedragen: €500.000 in 2025, €479.000 in 2026, €530.000 in 2027, €515.000 in 2028 en €274.000 met ingang van 2029 en deze middelen budgetneutraal beschikbaar te stellen voor de uitvoering.

108.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Dienstverlening aanpak armoede en schulden’ de begroting 2025 en de meerjarenraming met ingang van 2026 bij te stellen met de volgende bedragen: €214.000 in 2025, €205.000 in 2026,

Pagina 7

€212.000 in 2027 en €218.000 met ingang van 2028 en deze middelen budgetneutraal beschikbaar te stellen voor de uitvoering.

109.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Werkdrukverlaging jeugdbescherming’ de begroting 2025 en de meerjarenraming met ingang van 2026 bij te stellen met de volgende bedragen: €162.000 in 2025, €154.000 in 2026, €156.000 in 2027 en €159.000 met ingang van 2028 en deze middelen budgetneutraal beschikbaar te stellen voor de uitvoering.

110.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Openbare bibliotheken’ de begroting 2025 en de meerjarenraming 2026 bij te stellen met de volgende bedragen: €248.000 in 2025 en €248.000 in 2026 en deze middelen budgetneutraal beschikbaar te stellen voor de uitvoering.

111.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Wet op de lijkbezorging’ de meerjarenraming met ingang van 2026 bij te stellen met €15.000 en deze middelen budgetneutraal beschikbaar te stellen voor de uitvoering.

112.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Kinderopvang Sociaal Medische Indicatie (SMI)’ de begroting 2025 en de meerjarenraming met ingang van 2026 bij te stellen met de volgende bedragen: €26.000 in 2025, €26.000 in 2026, €27.000 in 2027, €27.000 in 2028 en €48.000 met ingang van 2029 en deze middelen budgetneutraal beschikbaar te stellen voor de uitvoering.

113.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Wet Betaalbare huur’ de begroting 2025 en de meerjarenraming met ingang van 2026 bij te stellen met de volgende bedragen: €62.000 in 2025, €53.000 in 2026, €29.000 in 2027 en €24.000 met ingang van 2028 en deze middelen budgetneutraal beschikbaar te stellen voor de uitvoering.

114.

Op basis van bovenstaand voorstel ‘Bijstand jongerennorm’ de meerjarenraming met ingang van 2026 bij te stellen met de volgende bedragen: -€47.000 in 2026, -€49.000 in 2027 en -€50.000 met ingang van 2028 en deze middelen budgetneutraal af te ramen aan de lastenkant van de begroting.

115.

Op basis van bovenstaand voorstel de reserve ontwikkeling stad te actualiseren en de beklemming van €12 miljoen onder de noemer ‘investeren in sportaccommodaties’ op te heffen.

Insprekers:

Ombuiging 71 - Leerbedrijf Bataviawerf: Mevrouw A. Hoog (Directeur Batavialand) De heer M. van Boheemen (Medewerker Concern voor Werk) De heer K. Sars (Sars Houtbouw) Ombuiging 13 - Repro en mediabureau: De heer K. Boot (CEO FlevoPost / Mediahuis Noord)

Overige aanwezigen:

Team financiën -

Toezeggingen: -

Er is onduidelijkheid over, of het college contact heeft gehad met de Flevopost over de voorgenomen ombuiging 13, repro en mediabureau en de klachten die er zouden zijn over de bezorging van de Flevopost. Het college zegt toe de raad te informeren over welke actie hierop is ondernomen. Het college zegt toe om met een heldere planning te komen voor het poppodium. Het college zegt toe de raad te informeren of er signalen zijn op fraude bij de bijstand. Pagina 8

-

Het college zegt toe in breder verband te reageren op het conceptvoorstel van de raad, inclusief de taakstelling op inhuur.

Conclusie voorzitter:

Het raadsvoorstel kan als B-stuk naar besluitvorming in de raadsvergadering van 12 november 2024.

Aantekeningen:

Inspreker, Mevr. A. Hoog (Directeur Batavialand) heeft aangegeven de raad schriftelijk te informeren over het aantal studenten wat gebruikt maakt van de regelingen op de Bataviawerf en of er gesprekken zijn geweest met BataviaStad voor eventueel aanvullende financiering voor de werf. Presentatie van de raad, moet toegevoegd worden aan de stukken van de vergadering.

4

Sluiting De vergadering is om 22:54 uur gesloten.

Pagina 9

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Lelystad&id=8cc8f0ae-70c8-4043-851d-d3f3f63663dd