CConstaterende datLelystad
Koppel je AI →
Document · PDF

172. Informatienota Omgevingswet mei 2021

Raadsvergadering 22 juni 2021, gemeente LelystadBij agendapunt: 172. Informatienota Omgevingswet mei 20211.802 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

INFORMATIENOTA VOOR DE RAAD Nummer: 172 Portefeuille: Programma: Taakveld:

: Stedelijke Ontwikkeling &Cultuur : 8. Volkshuisvesting, ruimtelijke ordening en stedelijke vernieuwing : 8.1 Ruimtelijke ordening

Datum

18 mei 2021

Onderwerp: Voortgang implementatie Omgevingswet DE RAAD NEEMT KENNIS VAN: -

De financiële aspecten rond de voorbereidingen voor de inwerkingtreding van de Omgevingswet; De rol van de raad binnen de Omgevingswet; De participatievormen voor de omgevingsvisie, omgevingsplan en omgevingsvergunning en de ruimte van de raad bij besluitvorming over deze kerninstrumenten; De voortgang en planning van de implementatie van de Omgevingswet in de gemeente Lelystad.

Inleiding De gemeenteraad is in april 2021 door middel van een informatienota geïnformeerd over de voortgang van de implementatie van de Omgevingswet. Met deze raadsinformatiebrief informeren wij u over de hierboven genoemde onderwerpen. In de bijlage vindt u informatie over de voortgang en planning van de implementatie van de Omgevingswet in de gemeente Lelystad. De planning voor de processen die onderdeel zijn van het programma Implementatie Omgevingswet is ook als aparte bijlage toegevoegd. U ontvangt dit jaar elk kwartaal een informatienota met de actuele stand van zaken. Kernboodschap 1. Financiën: Minister Ollongren heeft op 12 maart 2021 de Eerste en Tweede Kamer geïnformeerd over het Integraal Financieel Beeld van de stelselherziening Omgevingswet en de onderliggende deelonderzoeken. Lelystad bevindt zich volgens het Integraal Financieel Beeld boven in de bandbreedte voor een middelgrote stad. De komende maanden doet de VNG verder onderzoek naar de implementatiekosten van de Omgevingswet. De resultaten van dit onderzoek worden vergeleken met het Integraal Financieel Beeld. Lelystad heeft zich hier ook voor aangemeld; 2. Rol van de raad: De raad schept randvoorwaarden voor het beheer, gebruik en ontwikkelen van de fysieke leefomgeving. De raad stuurt met de omgevingsvisie en het omgevingsplan op hoofdlijnen;

3. Participatie: de participatiemogelijkheden voor de gemeentelijke kerninstrumenten zijn afhankelijk van de beleidsruimte die er per kerninstrument is. De uitdaging van participatie in de Omgevingswet is dat er voor elk kerninstrument een andere benadering geldt; 4. Proces: de voorbereidingen voor de implementatie van de Omgevingswet in de gemeente Lelystad verlopen volgens planning. Dat betekent dat we naar verwachting op 1 januari 2022 over de vereiste regelgeving beschikken, de software beschikbaar en werkend is en de communicatie over de Omgevingswet met inwoners en bedrijven is opgestart. Na 1 januari 2022 wordt gestart met de daadwerkelijke transitie van het omgevingsplan. Toelichting op de kernboodschap Hierna vindt u een toelichting op de kernboodschap. Ad 1. Financiën a. Integraal Financieel Beeld Implementatie Omgevingswet: algemeen De financiële effecten van de stelselherziening die de Omgevingswet is, zijn uitgebreid onderzocht door de Rijksoverheid. Minister Ollongren heeft op 12 maart 2021 de Eerste en Tweede Kamer geïnformeerd over het Integraal Financieel Beeld van de stelselherziening Omgevingswet en de onderliggende deelonderzoeken. Onafhankelijke onderzoekers hebben in diverse deelonderzoeken de effecten van de invoering van de Omgevingswet in kaart gebracht. Deze effecten zijn verzameld en samengevoegd in het Integraal Financieel Beeld.

Uitgangspunt is dat partijen in financiële zin niet beter hoeven te worden van de invoering van de stelselherziening, maar dat ze er ook niet op achteruit hoeven te gaan. De kosten en baten in het integraal financieel beeld zijn ramingen en schattingen met bijbehorende onzekerheden. Om de reactie van de verschillende gemeentes en andere overheden te peilen is door de VNG een consultatie opgezet. Onze gemeente heeft ook deel genomen aan deze consultatie. b. Integraal Financieel Beeld Implementatie Omgevingswet: Lelystadse situatie Lelystad is een middelgrote gemeente maar de verwachting is dat onze implementatiekosten meer in de buurt komen van die van een grote gemeente (100.000 inwoners en meer). Benadrukt wordt dat sprake is van een schatting: een groot gedeelte van de kosten voor de inwerkingtreding van de Omgevingswet worden in de periode van 2022 t/m 2029 gemaakt en zijn onder andere afhankelijk van de besluitvorming over de Kadernotavoorstellen dit jaar en in de toekomstige jaren. U heeft voor de jaren 2018 t/m 2021 geld beschikbaar gesteld (€ 2,7 miljoen) voor de implementatie van de Omgevingswet. Die budgetten zijn toereikend. Maar ook in de jaren vanaf 2022 t/m 2029 moeten er nog kosten gemaakt worden voor de transitie van de Omgevingswet. Omdat er voor de periode vanaf 2022 geen budgetten zijn voor de Omgevingswet, zijn er voorstellen voor de Kadernota ingediend.

Dit gaat om gelden voor de periode 2022 t/m 2025. Het zijn budgetten die nodig zijn voor de uitvoering van wettelijke taken. Voor het berekenen van de implementatiekosten voor de inwerkingtreding van de Omgevingswet kijken we dus naar de budgetten voor de periode 2018 t/m 2029. In de berekening wordt ook de inzet van medewerkers meegenomen: er zijn medewerkers die één of meerdere jaren voor een gedeelte vrijgesteld zijn van hun reguliere taken vanwege de aanstaande inwerkingtreding van de Omgevingswet. Ook zijn er medewerkers die wel inzet hebben gepleegd, maar dit binnen hun reguliere uren hebben gedaan. Ook hun kosten moeten worden meegenomen in het beeld van de implementatiekosten. c. Integraal Financieel Beeld Implementatie Omgevingswet: conclusie In het Integraal Financieel Beeld staan voor kleine, middelgrote en grote gemeenten bandbreedten voor de implementatiekosten. Lelystad bevindt zich volgens het Integraal Financieel Beeld boven in de bandbreedte voor een middelgrote stad. Als gemeente Lelystad herkennen wij ons niet in de structurele effecten die in het Integraal Financieel Beeld genoemd worden. In het Integraal Financieel Beeld zijn de effecten van het intensiveren van participatie beperkt meegenomen.

In onze visie vraagt het begeleiden, borgen en verslagleggen van de uitkomsten van participatietrajecten als gevolg van de Omgevingswet om extra capaciteit en dat betekent extra kosten. In het Integraal Financieel Beeld

wordt ook geen rekening gehouden met keuzes van gemeenteraden die van invloed zijn op de inkomsten. d. Integraal Financieel Beeld Implementatie Omgevingswet: vervolg De komende maanden wordt door de VNG een extra onderzoek uitgevoerd naar de werkelijke implementatie kosten binnen gemeentes. Doel hiervan is om dit beeld te vergelijken met het beeld vanuit het Integraal Financieel Beeld. Onze gemeente is voor dit onderzoek aangemeld. Dit financieel beeld is het startpunt voor een financiële monitor. De daadwerkelijke structurele kosten en baten zullen na inwerkingtreding en bij de verdere ontwikkeling van het stelsel duidelijk worden. Een financiële evaluatie vindt vervolgens plaats in 2022 (waarbij de nadruk op de invoeringskosten voor medeoverheden ligt), in 2023 en 2027. De minister heeft aangegeven dat als blijkt dat er onvoldoende balans is tussen de invoeringskosten en de structurele baten, er met de medeoverheden gezocht wordt naar een oplossing. e. Leges en formatie In de Kadernota worden ook voorstellen aan u voorgelegd die gaan over de gevolgen voor de leges en formatie die inwerkingtreding van de Omgevingswet en de Wet Kwaliteitsborging met zich brengt. Ad 2.

Rol raad De Omgevingswet gaat ervoor zorgen dat gemeenten op een praktische en flexibele manier oplossingen vinden voor maatschappelijke opgaven, zoals de aanpak van kantorenleegstand en voldoende woningaanbod voor verschillende doelgroepen. Procedures worden eenvoudiger en sneller en administratieve rompslomp wordt minder doordat per vergunning één bevoegd gezag wordt aangewezen. Omdat in principe alles wat decentraal kan ook decentraal geregeld wordt, krijgen gemeenten meer afwegingsruimte voor lokaal maatwerk. Meer ruimte betekent dat de gemeenteraad keuzes voor de kwaliteiten van een gebied nog beter moet onderbouwen en verschillende belangen en partijen vroegtijdig bij het proces moet betrekken. De raad stuurt met de omgevingsvisie en het omgevingsplan op hoofdlijnen. De raad schept randvoorwaarden voor het beheer, gebruik en ontwikkelen van de fysieke leefomgeving. De uitvoeringsaspecten liggen op het bordje van het college. Bij de rol van de raad gaat het al heel snel over participatie. Bij ad 3 kunt u lezen welke beleidsruimte u heeft per kerninstrument en wat dit betekent voor de participatievorm en voor de besluitvorming. Ad 3. Participatie, beleidsruimte en besluitvorming De Omgevingswet stimuleert vroegtijdige participatie om tijdig belangen, meningen en creativiteit op tafel te krijgen. De Omgevingswet stelt inhoudelijk weinig eisen aan participatie.

Wel wordt er gewezen op de mogelijkheid om in de participatieverordening kaders te stellen waarbinnen participanten kunnen participeren bij de voorbereiding van besluiten op grond van de Omgevingswet. De participatiemogelijkheden voor de gemeentelijke kerninstrumenten zijn afhankelijk van de beleidsruimte per kerninstrument. Hieronder vindt u een overzicht van de beleidsruimte per kerninstrument van de Omgevingswet. Kerninstrument Omgevingsvisie Omgevingsplan Omgevingsvergunning  Buitenplanse omgevingsplanactiviteit  Binnenplanse omgevingsplanactiviteit

Bevoegd gezag Raad Raad

Beleidsruimte Zeer groot Redelijk groot

Redelijk groot

Beperkt tot geen

College (mogelijk: advies Raad) College

In de Omgevingswet is opgenomen wanneer participatie moet maar niet hoe participatie moet plaatsvinden. Verplichte participatie in de Omgevingswet is er in drie vormen:  Kennisgeving: het bevoegd gezag beschrijft in de kennisgeving wie worden betrokken, waarover en wanneer; wat de rol is van het bevoegd gezag en de initiatiefnemer en waar meer informatie beschikbaar komt;  Motiveringsplicht: het bevoegd gezag geeft bij het besluit aan hoe burgers, bedrijven, maatschappelijke organisaties en bestuursorganen zijn betrokken bij de voorbereiding en wat de resultaten daarvan zijn;  Aanvraagvereiste: de initiatiefnemer moet aangeven of, en zo ja hoe, hij participatie heeft vormgegeven en wat hij met het resultaat heeft gedaan. Het bevoegd gezag betrekt deze informatie bij de integrale belangenafweging. Als de aanvrager aangeeft geen participatie toegepast te hebben is dit geen weigeringsgrond voor de omgevingsvergunning, tenzij dit een activiteit betreft waar de gemeenteraad verplichte participatie voor heeft aangewezen. De uitdaging bij participatie in de Omgevingswet is dat er voor elk kerninstrument een andere benadering geldt. In het schema hieronder vindt u per kerninstrument welke vorm van participatie mogelijk is en wat dit betekent voor de besluitvorming. Kerninstrument Omgevingswet

Participatievorm

Besluitvorming

Omgevingsvisie

Alleen motiveringsplicht, vorm en wijze van participatie staat niet in wet Kennisgeving bij voornemen vaststellen omgevingsplan

Raad betrekt manier van participatie en inbreng bij het besluit tot vaststellen omgevingsvisie In besluit staat hoe burgers, bedrijven, maatschappelijke organisaties betrokken zijn bij voorbereiding en wat resultaat was  Vergunningsplichtige activiteit: gemeenteraad stelt beoordelingsregels vast voor toetsen aanvraag

Omgevingsplan

Omgevingsvergunning

Aanvraagvereiste bij vergunningsplichtige activiteit.

Voor activiteit zonder vergunningsplicht/meldplicht geen participatie nodig (activiteiten zijn vastgelegd in omgevingsplan).

Binnenplanse activiteit: het bevoegd gezag beslist vooraf of participatie nodig is en hoe dit wordt getoetst.

Binnenplanse activiteit: het bevoegd gezag mag om toelichting vragen en opbrengst van participatie meewegen maar initiatief niet afwijzen op grond van niet voldaan zijn aan participatiecriterium.

Buitenplanse activiteiten: in omgevingsplan vastleggen of participatie en overleg met derden verplicht is.

Buitenplanse activiteit: raad kan kaders meegeven voor invulling participatie.

Ad 4. Proces De voorbereidingen voor de implementatie van de Omgevingswet in de gemeente Lelystad verlopen volgens planning. Dat betekent dat we naar verwachting op 1 januari 2022 over de vereiste regelgeving beschikken die nodig is om te kunnen werken met de Omgevingswet, de software beschikbaar en werkend is en de communicatie over de Omgevingswet met inwoners en bedrijven is opgestart. Na 1 januari 2022 wordt gestart met de daadwerkelijke transitie van het omgevingsplan. In de bijlagen vindt u: a. De geactualiseerde stand van zaken voor de belangrijkste instrumenten en processen voor de implementatie van de Omgevingswet; b. De planning van de processen die onderdeel zijn van het programma Implementatie Omgevingswet.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Lelystad&id=cf12f10a-12bb-4a2f-870b-ca6a445db1d3