162. RV Vaststelling bestemmingsplan Stationsgebied Oost
Tekst van het document
Voorstel aan de raad Nummer: 162
Portefeuille: Programma: Taakveld:
P. van Dijk 8 Volkshuisvesting, ruimtelijke ordening en stedelijke vernieuwing 8.1 Ruimtelijke ordening
Onderwerp: Vaststelling bestemmingsplan Stationsgebied Oost
Voorgesteld besluit 1. De 'Nota van zienswijzen en wijzigingen bestemmingsplan Stationsgebied Oost', met de daarin opgenomen reactie op de ingekomen zienswijze en voorgestelde (ambtshalve) wijzigingen, vast te stellen; 2. Het bestemmingsplan 'Stationsgebied Oost', conform beslispunt 1. gewijzigd vast te stellen. Het bestemmingsplan bestaat uit, de geometrisch bepaalde planobjecten als vervat in GMLbestand: NL.IMRO.0995.BP00091-VG01 met de bijbehorende regels, waarbij gebruik is gemaakt van een ondergrond welke is ontleend aan de basisregistratie grootschalige topografie d.d. 14-10-2021. 3. Geen exploitatieplan vast te stellen.
Urgentie Raad Geen urgentie: Er is geen datum waarvoor dit besloten moet zijn door uw raad. Voorstel kan in reguliere procedure.
Voorgaande besluitvorming Op 6 december 2022 heeft uw raad tijdens een informele sessie kennisgenomen van het stedenbouwkundig ontwerp Stationsgebied Oost. Op 14 februari 2023 zijn het Integraal Stedenbouwkundig ontwerp Stationsgebied Oost en de Checklist Vroegtijdige Betrokkenheid Raad bij het bestemmingsplan Stationsgebied Oost besproken in de Raadscommissie Ruimte Ontwikkeling en Bereikbaarheid. Op 21 februari 2023 is het Integraal Stedenbouwkundig ontwerp Stationsgebied Oost en de Checklist Vroegtijdige Betrokkenheid Raad door uw raad vastgesteld. Ook heeft uw raad op 21 februari 2023 ingestemd met de financiële dekking voor de uitvoering van het ontwerp (Raadsbesluit 13A).
Inleiding Het bestemmingsplan 'Stationsgebied Oost' voorziet in een kwaliteitsimpuls voor het Stadshart van Lelystad. Dit bestemmingsplan maakt de realisatie van een nieuw eilandbusstation, inclusief bijbehorende infrastructuur, juridisch planologisch mogelijk.
1
Naast het nieuwe busstation met middeneiland ontstaat ruimte voor een groener en ruimer Stationsplein, waardoor de relatie tussen het station en het centrum wordt versterkt. Het nieuwe Stationsplein vormt de entree van Lelystad, hoofdstad van de Nieuwe Natuur. Bij de uitwerking wordt hieraan invulling gegeven door middel van een hoogwaardige beeldkwaliteit met voldoende ruimte voor groen. Afbeelding 1. Impressie Eilandbusstation (bron: West8)
Met het nieuwe eilandbusstation verandert de routing van de bussen. De verplichte route over het Stationsplein – via de noordelijke onderdoorgang- komt te vervallen, waardoor de rijtijden worden verkort. Om ruimte te creëren voor de nieuwe route is de bebouwing langs de Middenweg al gesloopt. Door het verleggen van de Middenweg ontstaat ook ruimte voor een busbaan en een breder fietspad (E-bikeroute). Daarnaast moet de coffeeshop verplaatst worden om het eilandbusstation en bijbehorende infrastructuur mogelijk te maken. Deze nieuwe ontwikkelingen vallen ruim onder de verschillende drempelwaarden genoemd in onderdeel D11.2 van het Besluit Milieu Effect Rapportage (MER). Dit maakt dat er een vormvrije m.e.r. beoordeling geldt voor dit bestemmingsplan. Daartoe is een aanmeldnotitie opgesteld, met als conclusie dat er geen nadelige gevolgen voor het milieu zijn te verwachten. Het alsnog opstellen van een Milieueffectrapport is daarmee niet noodzakelijk. Deze aanmeldnotitie is bij de behandeling van het voorontwerpplan op 20 december 2022 door het college vastgesteld.
2
Het plangebied ligt in het Stadshart van Lelystad, direct ten oosten van het station Lelystad Centrum. Zie onderstaande afbeelding 2: Globale ligging plangebied in centrum van Lelystad
Argumenten 1. De 'Nota van zienswijzen en wijzigingen bestemmingsplan Stationsgebied Oost', met de daarin opgenomen reactie op de ingekomen zienswijze en voorgestelde (ambtshalve) wijzigingen, vast te stellen; Uw raad wordt verzocht een standpunt in te nemen over de ingekomen zienswijze en de voorgestelde wijzigingen ten opzichte van het ontwerpbestemmingsplan. In de ‘Nota van zienswijzen en wijzigingen bestemmingsplan Stationsgebied Oost’ is aangegeven hoe wordt voorgesteld om te gaan met de ingekomen zienswijze. Daarnaast geeft de nota aan of er sprake is van wijzigingen bij vaststelling van het bestemmingsplan en waarop deze wijzigingen betrekking hebben. Er is 1 zienswijze ingediend door ProRail. De zienswijze is tijdig ingediend en daarmee ontvankelijk. Deze zienswijze richt zich kort samengevat niet op het bestemmingsplan, maar op inrichtingsaspecten. Het bestemmingsplan verzet zich niet tegen deze aspecten. De zienswijze leidt daarom niet tot een wijziging van het bestemmingsplan. De afhandeling van de door ProRail aangedragen inrichtingsaspecten krijgt een vervolg in het daarvoor reeds bestaande overleg tussen ProRail en de gemeente. 3
Voorgestelde ambtshalve wijzigingen Hoewel de zienswijze van ProRail niet tot wijzigingen van het ontwerpplan leidt, worden er in de Nota zienswijzen en wijzigingen nog wel een aantal ambtshalve wijzigingen voorgesteld. Het betreft enkele aanvullingen in de toelichting, verder in de regels een herstelde verwijsfout en een wijziging van de toegestane oppervlakte voor de uit te breiden kiosk op het stationsplein. 2. Het bestemmingsplan 'Stationsgebied Oost', conform beslispunt 1. gewijzigd vast te stellen. Het bestemmingsplan bestaat uit, de geometrisch bepaalde planobjecten als vervat in GML-bestand: NL.IMRO.0995.BP00091-VG01 met de bijbehorende regels, waarbij gebruik is gemaakt van een ondergrond welke is ontleend aan de basisregistratie grootschalige topografie d.d. 14-10-2021. Uw raad neemt als bevoegd gezag een besluit omtrent vaststelling. Het besluit omtrent gewijzigd vaststellen van het bestemmingsplan is de volgende (wettelijke) stap in de procedure na de ter inzagelegging van het ontwerpbesluit tot vaststelling van het bestemmingsplan. De wijzigingen worden beschreven in de ‘Nota van zienswijzen en wijzigingen bestemmingsplan Stationsgebied Oost’. Op grond van het bepaalde in artikel 1.2.4 Besluit ruimtelijke ordening (Bro) wordt bij het besluit tot vaststelling aangegeven welke ondergrond is gebruikt. 3.
Geen exploitatieplan vast te stellen.
Het vaststellen van een exploitatieplan ex artikel 6.12 lid 1 van de Wet ruimtelijke ordening (Wro) is bij dit bestemmingsplan niet noodzakelijk. Van het vaststellen van een exploitatieplan wordt afgezien wanneer het kostenverhaal op een andere manier geregeld is. De te ontwikkelen gronden voor het eilandbusstation ontwikkelt de gemeente Lelystad zelf .Deze te ontwikkelen gronden zijn al in eigendom van de gemeente
Kanttekeningen 2. Het bestemmingsplan 'Stationsgebied Oost', conform beslispunt 1. gewijzigd vast te stellen. Het bestemmingsplan bestaat uit, de geometrisch bepaalde planobjecten als vervat in GML-bestand: NL.IMRO.0995.BP00091-VG01 met de bijbehorende regels, waarbij gebruik is gemaakt van een ondergrond welke is ontleend aan de basisregistratie grootschalige topografie d.d. 14-10-2021. 2.1 De uitspraak van de Raad van State inzake stikstof (Porthos uitspraak) vormt geen belemmering om dit plan om dit plan vast te stellen. Op 2 november 2022 heeft de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State een belangrijke uitspraak gedaan over stikstof en bouwvrijstelling. Kort samengevat heeft de raad van State uitgesproken dat de bouwvrijstelling in strijd is met Europees natuurbeschermingsrecht. Als gevolg van deze uitspraak hebben voor dit plan nieuwe Aerius berekeningen op basis van de op 26 januari 2023 geactualiseerde Aerius calculator plaatsgevonden. Door KuiperCompagnons is een stikstofdepositie-berekening uitgevoerd voor de aanleg van het eilandbusstation en bijbehorende infrastructuur. Uit dit onderzoek wordt geconcludeerd dat met zekerheid kan worden gesteld dat geen sprake is van een toename van de stikstofdepositie binnen stikstofgevoelige habitats binnen Natura 2000- gebieden door de aanleg en het gebruik van het eilandbusstation en de bijbehorende infrastructuur.
Dit betekent dat significant negatieve effecten op de instandhouding van die gebieden kunnen worden uitgesloten en dat de Wet natuurbescherming niet leidt tot belemmeringen voor de ontwikkelingen in dit project. 2.2. Er zijn geen maatregelen nodig naar aanleiding van het aanvullend akoestisch onderzoek. De provincie en vervoerder EBS hebben de gemeente laten weten, dat – als gevolg van netcongestie bij Liander – de kans reëel is dat de nieuwe concessiehouder EBS vanaf december 2023 niet met een volledige zero-emissie-operatie kan starten. Dat betekent dat het mogelijk is dat er tijdelijk een aantal dieselbussen ingezet zal worden tot het moment dat de laadinfrastructuur volledig operationeel is. De gemeente was bij de opstelling van het ontwerpbestemmingsplan uitgegaan van zero-emissiebussen. Daarop heeft de gemeente aanvullend onderzocht wat de akoestische gevolgen zijn van deze tijdelijke situatie, waarbij een aantal ritten met dieselbussen wordt gereden in plaats van met elektrische 4
bussen. Uit het aanvullend onderzoek blijkt dat ook in de situatie waarbij gedeeltelijk dieselbussen ingezet worden voor wat betreft het landtijdgemiddeld beoordelingsniveau sprake is van een aanvaardbaar woon- en leefklimaat. De conclusies met betrekking tot de optredende maximale geluidsniveaus en met betrekking tot wegverkeerslawaai blijven daarmee ongewijzigd.
Financiën Er hoeft geen exploitatieplan te worden vastgesteld. De gemeente realiseert het plan zelf en de daarvoor benodigde gronden zijn al in eigendom van de gemeente. Op 21 februari 2023 heeft uw raad ingestemd met het Stedenbouwkundig Ontwerp Stationsgebied en de financiële dekking voor de uitvoering van het ontwerp (Raadsbesluit 13A).
Vervolg Conform de bepalingen in de Wet ruimtelijke ordening (Wro) en de Algemene wet bestuursrecht (Awb) wordt het besluit tot vaststelling van het bestemmingsplan Stationsgebied Oost gepubliceerd in het Gemeenteblad en de Flevopost, en met de daarop betrekking hebbende stukken gedurende 6 weken ter inzage gelegd. Nu er een zienswijze is ingediend tegen het ontwerpbestemmingsplan en wordt voorgesteld het ontwerpbestemmingsplan gewijzigd vast te stellen, kan degene die deze zienswijze heeft ingediend en ook een belanghebbende die bezwaar heeft tegen de bij vaststelling voorgestelde wijzigingen, almede een belanghebbende die kan aantonen redelijkerwijs niet in staat te zijn geweest om een zienswijze naar voren te brengen beroep indienen bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
Bijlagen 1. Bestemmingsplan Stationsgebied Oost (toelichting met bijlagen, regels met bijlagen en verbeelding (pdf); 2. Nota van zienswijzen en wijzigingen bestemmingsplan Stationsgebied Oost; 3. Zienswijze ProRail d.d. 12 mei 2023.
Lelystad, 20 juni 2023 Het college van de gemeente Lelystad, de secretaris, J.S.W. Ozenga *Dit voorstel is digitaal vastgesteld en ondertekend
5