120. rv vaststellen RES 1.0 Flevoland
Tekst van het document
Voorstel aan de raad Nummer: 120
Portefeuille: Programma: Taakveld:
Wmo, duurzaamheid, sport en bewegen, vitaliteit en gezondheid, ruimtelijk stedelijke ontwikkeling en omgevingswet en p&o 7 Volksgezondheid en milieu 7.4 Milieubeheer
Onderwerp: vaststelling RES 1.0
Voorgesteld besluit 1. De Regionale Energiestrategie Flevoland 1.0 (RES 1.0) vast te stellen, met daarin als belangrijkste onderdelen; 1.1 Het bod betreffende het realiseren van staand beleid, wat neerkomt op 5,81 TWh aan hernieuwbare energie in 2030 bestaande uit wind (4,64 TWh) en zon (1,17 TWh); 1.2 Als regio verder in te zetten op energiebesparing bij woningen en bedrijven; 1.3 Inwoners en ondernemers actief te betrekken bij het opstellen van toekomstig ruimtelijk energiebeleid en projecten door middel van proces-, project- en financiële participatie; 1.4 Als regio verder te onderzoeken wat eventuele nieuwe locaties en technieken zijn voor alternatieve duurzame opwekking; 1.5 De RES de volgende kaders voor de warmtetransitie mee te geven via de Regionale Structuurvisie Warmte; 1.5.1. In Flevoland is het uitgangspunt dat hernieuwbare warmte lokaal benut wordt waar ze beschikbaar is; 1.5.2. Transport van hernieuwbare warmte wordt tot een minimum beperkt; 1.5.3. Er wordt geen nadere verdeling van warmte(bronnen) gemaakt tussen gemeenten onderling in de regio; 1.5.4. Er komen aandachtspunten voor warmtenetten, onder andere over toegang, eigenaarschap, financiering en afname. Deze punten zijn in ontwikkeling en krijgen een plek in een latere RES
Urgentie Raad De RES 1.0 moet in regionale samenwerking worden vastgesteld en voor 1 juli 2021 aangeleverd worden bij het Nationaal Programma RES.
Samenvatting Van alle RES regio’s gezamenlijk wordt verwacht dat in 2030 voor 35 TWh aan grootschalige duurzame elektriciteitsopwekking plaatsvindt. In het bod dat Flevoland aan Nederland doet in de RES 1.0 is ‘bestaand beleid’ het uitgangspunt. In 2017 werd in Flevoland al zo’n 2,46 TWh (7% van de landelijke opgave) duurzaam opgewekt. Daarnaast zijn in Flevoland de beleidsstukken ‘Regioplan Wind’ en de ‘Structuurvisie Zon’ vastgesteld. Omgerekend wordt daarmee jaarlijks zo’n 5,81 TWh aan hernieuwbare elektriciteit geproduceerd. De gemeenten staan de komende jaren aan de lat voor de zogenaamde ‘warmtetransitie’. In het RES bod wordt Flevolandse gemeenten hiervoor een handvat geboden met een Regionale Structuur Warmte. De afstand tussen de gemeentekernen in Flevoland is groot. Daarom is in Flevoland als uitgangspunt gekozen dat hernieuwbare warmte lokaal wordt benut waar deze beschikbaar is. Transport van hernieuwbare warmte zal tot een minimum worden beperkt zodat geen warmte verloren gaat. Er zal geen verdeling worden gemaakt van warmtebronnen tussen de gemeenten. In een toekomstige RES zal opnieuw worden ingegaan op toegang, eigenaarschap en afname van warmtenetten.
Voorgaande besluitvorming 12 november 2019 Startnotitie RES Flevoland 26 mei 2020 Concept RES Flevoland
Inleiding Op dit moment wordt in 30 regio’s gewerkt aan de Regionale Energiestrategie (RES). Flevoland is één van deze regio’s. In iedere regio worden voorstellen uitgewerkt die er voor moeten zorgen dat in 2050 de CO2 uitstoot nagenoeg geheel is teruggebracht. In 2030 moet de CO2 uitstoot zijn gehalveerd ten opzichte van 1990. Het Rijk, de provincies, de gemeenten en de waterschappen hebben samen afgesproken dat de afspraken uit het Klimaatakkoord over duurzame elektriciteitsopwekking en maatregelen die nodig zijn in de gebouwde omgeving regionaal worden uitgewerkt. Deze afspraak is gemaakt vanuit de gedachte dat een succesvolle energietransitie niet van ‘bovenaf’ moet worden opgelegd, maar juist maatschappelijk moet worden gedragen. Inmiddels zijn de Startnotitie (12 november 2019) en de Concept RES Flevoland (26 mei 2020) door de gemeenteraad vastgesteld en ligt nu de RES 1.0 ter besluitvorming voor in de Provinciale Staten, alle gemeenteraden en Algemene Vergadering van het Waterschap. In de Startnotitie en Concept RES is vastgesteld om de RES 1.0 te baseren op staand beleid. De RES 1.0 Flevoland laat zien dat in deze regio al veel duurzame opwek door wind en zon plaatsvindt. Daarnaast is al besloten over veel plannen om nog meer duurzame elektriciteit op te gaan wekken. Deze plannen worden de komende jaren uitgevoerd. De RES is een langjarig proces.
In de RES Flevoland zijn randvoorwaarden opgenomen waar nieuwe toekomstige plannen aan moeten voldoen. Daarbij is het betrekken van de Flevolander belangrijk. Ook moet er tijdig voldoende capaciteit zijn op het energienet. Daarnaast is de betaalbaarheid van de energietransitie een belangrijk aandachtpunt waarbij woonlastenneutraliteit een randvoorwaarde is. In de RES wordt aangekondigd dat verder onderzocht gaat worden of en zo ja welke mogelijkheden er nog meer zijn voor grootschalige opwek door wind en zon. Daarbij wordt er wel op gewezen dat Flevoland als regio al erg veel opwekt voor de Nederlandse opgave. Mocht de bijdrage nog groter gaan worden, zal de regio er ook stevig op vooruit moeten gaan. Bij de RES 2.0 zullen nieuwe ontwikkelingen zoals bijvoorbeeld de bijdragen vanuit het gemeentelijke zonneveldenbeleid en de Transitievisie Warmte ‘Op weg naar nieuwe energie’ (TVW) opgenomen worden.
Doel Het doel van iedere RES is een zorgvuldige ruimtelijke inpassing van hernieuwbare energieopwekking, warmte(rest)bronnen en bijbehorende infrastructuur. Van een RES-regio wordt verwacht dat overheden samenwerken met maatschappelijke partners, zoals woningcorporaties, milieufederaties, netbeheerders en het bedrijfsleven zodat regionaal gedragen keuzes worden gemaakt. In Flevoland vonden deze partijen elkaar eerder al in de Flevolandse Energie Agenda (FEA). Dit FEA netwerk is onderdeel geworden van de RES Flevoland. De partners hebben meegewerkt aan het opstellen van de RES. Zo wordt voldaan aan de opgave van de RES: behalve dat een concreet voorstel of ‘bod’ wordt gedaan voor duurzame energie draait het om regionale samenwerking.
Argumenten 1. Kennis te nemen met de concept Regionale Energiestrategie Flevoland Eind 2019 hebben de raden, staten en algemeen bestuur van Flevoland kennis genomen of ingestemd met de Startnotitie RES. Hierin is vastgelegd dat de concept RES van Flevoland zal bestaan uit bestaand beleid van wind en zon. Dit is vastgesteld in de Concept RES op 26 mei 2020. De nu voorliggende RES 1.0 Flevoland is een actualisatie van de concept RES waarin de cijfers van de verschillende projecten zijn geactualiseerd en is er nu een landelijke rekenmethodiek beschikbaar gesteld. Hierdoor komt het cijfermatige bod hoger uit dan in de Concept RES is aangegeven. Tijdens de behandeling van de Startnotitie RES Flevoland in de raad (12 november 2019) is besloten dat de raad zelf de RES bieding wil behandelen. In de startnotitie is bepaald dat het bestaand beleid uitgangspunt is voor de RES 1.0 bieding. Het onderhavig stuk geeft hieraan invulling. 1.1 Als ondergrens een bod vanuit bestaand beleid: 5,81 TWh aan hernieuwbare elektriciteit. Dit is opgebouwd uit 1700 MW wind (Regioplan Wind) en 1000 ha zonnevelden in landelijk gebied (Structuurvisie Zon). Het Flevolandse bod is opgebouwd uit bestaand beleid van Regioplan wind (1700MW) en Structuurvisie Zon (1000MW). Samen komt dat overeen met ca. 5,81 TWh. Met dit bod draagt Flevoland bovengemiddeld bij aan de nationale opgave van 35TWh.
Flevoland is een van de dertig RES regio’s. Het regionale bod voorziet in een minimaal te behalen energieproductie in 2030. De gemeentelijk ambitie om in 2025 energieneutraal (excl. Mobiliteit) te zijn wordt door het regionale bod niet belemmerd. Individuele partijen behouden hun bevoegdheid om aanvullend beleid te voeren en projecten uit te voeren. 1.2 De energie die niet gebruikt wordt is de duurzaamste energie. De regio Flevoland zet in op het besparen van energie bij bedrijven en woningen. Immers de energie die je niet gebruikt, hoeft ook niet opgewekt te worden. Voor de energiebesparing bij woningen wordt hier in de transitievisies warmte van de gemeenten door middel van isolatiecampagnes en bewustwording aandacht aangegeven. Voor de bedrijven en instellingen zal hier een combinatie van handhaving op bestaande wetgeving in combinatie met informatie en advisering voor ingezet worden 1.3 Om inwoners bij de grootschalige energieopwek en warmtetransitie te betrekken is verder uitgewerkt hoe en op welke momenten inwoners betrokken worden. De ‘participatie-ladder’ is daarbij uitgangspunt en er zal specifieke aandacht gegeven worden aan financiële participatie. De RES regio Flevoland vindt draagvlak en participatiemogelijkheden absoluut voorwaardelijk voor het uitvoeren van de energietransitie.
Omdat de concept RES en de RES 1.0 uitgaan van bestaand beleid, wordt voor deze documenten vooral ingezet op informatie en communicatie. Onderzoek naar meer wind en zon betekent helderheid omtrent participatie van inwoners. In het gemeentelijke zonneveldenbeleid, welke momenteel in behandeling is aangeboden aan de raad wordt hieraan invulling gegeven. Na vaststelling zal dit in de RES 2.0 opgenomen worden. 1.4 De regio Flevoland onderzoekt hoe er nog meer met hernieuwbare elektriciteit opgewekt kan worden na 2030 De komende jaren wordt onderzocht welke potentie de regio nog heeft voor meer wind en zon dan in 2030 is gerealiseerd. In dit onderzoek moeten de vijf perspectieven met elkaar in
evenwicht zijn, namelijk technische mogelijkheden, landschappelijke of ruimtelijke inpassing, economische haalbaarheid en maatschappelijk draagvlak. 1.5 De RES geeft kaders voor de warmtetransitie mee (via de Regionale Structuurvisie Warmte): Het opstellen van een Regionale Structuurvisie Warmte is een vast onderdeel van de RES. De Flevolandse ’warmtekaart’ is steeds in ontwikkeling. Omdat de onderlinge afstanden tussen de verschillende gemeenten in Flevoland groot zijn is het aan te bevelen om lokale warmte ook lokaal te benutten. Hiermee wordt onnodig transportverlies voorkomen. Hiermee is er geen verdere verdieping noodzakelijk op een verdeling van warmtebronnen in de regio en is er voldoende input voor het verplichte onderdeel Regionale Structuurvisie Warmte. In 2021 zullen alle gemeente een Transitievisie Warmte (TVW) opstellen. De kadernota van de gemeente Lelystad voldoet aan deze kaders. De TVW’s van de gemeenten worden opgenomen in een toekomstige RES 2.0. Het is goed om op regionaal niveau voor deze gemeentelijke Transitievisies Warmte kennis uit te wisselen en aantal afspraken en aandachtspunten te maken. 1.6 Het vaststellen van de RES 1.0 Flevoland is een bevoegdheid van de gemeenteraad. In de startnotitie is afgesproken dat na ambtelijke en bestuurlijke goedkeuring, alle colleges de RES 1.0 Flevoland voor kunnen leggen aan hun volksvertegenwoordiging.
Tijdens de behandeling van de Startnotitie is door de raad aangegeven om de RES 1.0 Flevoland zelf vast te willen stellen. Om die reden wordt nu de RES 1.0 Flevoland aan de raad voorgelegd ter vaststelling.
Kanttekeningen Als er geen vaststellingsbesluit over de inhoud van het bod gegeven kan worden zal het RES bod in de overige bevoegde gezagen op route gebracht worden en kan de gemeenteraad haar reactie op het concept niet geven. Het bod zal dan door de provincie namens Lelystad worden ingebracht (huis van Thorbecke). Omdat in de startnotitie (die overal is behandeld) is vastgesteld om in te zetten op staand beleid wordt er over het huidige bod verwacht dat er instemming van de verschillende partners wordt gegeven. Voor de toekomstige RES biedingen kunnen nieuwe richtingen meegegeven worden aan de eigen colleges voor de onderhandelingen over de nieuwe RES 2.0 en volgende. De inzet van het huidige bod (staand beleid) is al door de raad vastgesteld in de startnotitie. Door nu actief mede te besluiten over het bod is er ruimte voor bijsturen door amendementen en moties voor volgende RES biedingen.
Financiën Het vaststellen van de RES 1.0 Flevoland heeft geen financiële gevolgen.
Vervolg De RES wordt behandeld in de Provinciale Staten, alle gemeenteraden en de Algemene Vergadering van het Waterschap. Op 19 april vindt een gezamenlijke bijeenkomst plaats waarbij alle Flevolandse volksvertegenwoordigers zich een beeld kunnen vormen van de RES. Nadat de volksvertegenwoordigers in eigen huis de RES hebben behandeld wordt deze 1 juli aangeboden aan het Nationaal programma RES. Het PBL geeft daarna een oordeel over alle 30 RES’en. De reactie van het PBL zal bij de actualisatie in RES 2.0 opgenomen worden. Vervolgens zal iedere regio om de 2 jaar een vernieuwde RES gaan opleveren. Welke data zijn hierbij van belang.
19 april 2021 25 mei – 22 juni 2021 1 juli 2021 najaar 2021 juni 2021 – april 2023 1 juli 2023 1 juli 2025
Gezamenlijke beeldvormende ronde Raden, Staten en Algemene Leden Vergadering Besluitvorming in Gemeenteraad Verzending RES 1.0 aan het Nationaal Programma RES (samengesteld rijk, IPO, VNG en Unie van Waterschappen doorrekening van de 30 RES biedingen door PBL (hoofdvraag tellen de biedingen op tot 35 Twh verder werken aan RES 2.0 door verder onderzoek uit te voeren zoals omschreven in de RES1.0. Uitvoeren eventueel ingediende moties en amendementen tijdens vaststellen RES 1.0 raadsbesluit inzake opleveren RES 2.0 Flevoland raadsbesluit inzake opleveren RES 3.0 Flevoland
Bijlagen - RES 1.0 Flevoland - Reactienota RES 1.0
Lelystad, 13 april 2021 Het college van de gemeente Lelystad, de secretaris,
de burgemeester,
A. Schepers
mr. H.M. Meijdam