CConstaterende datLelystad
Koppel je AI →
Document · PDF

112. rv Beleid zonneparken.docx

Raadssessies (Trouwzaal) 22 juni 2021, gemeente LelystadBij agendapunt: 112. Beleidskader zonneparken Gemeente Lelystad1.915 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Voorstel aan de raad Nummer: 112

Portefeuille:

Wmo, duurzaamheid, sport en bewegen, vitaliteit en gezondheid, ruimtelijk stedelijke ontwikkeling en omgevingswet en p&o 8 Volkshuisvesting, ruimtelijke ordening en stedelijke vernieuwing 8.1 Ruimtelijke ordening

Programma: Taakveld:

Onderwerp: Beleidskader zonneparken Gemeente Lelystad

Voorgesteld besluit 1. Kennis te nemen van het “Beleidskader zonneparken Gemeente Lelystad” met beleid voor grootschalige zonneparken in het buitengebied, maar ook voor zonneparken in het stedelijk gebied en de volgende kaderstellende uitgangspunten inclusief het in bijlage 1 opgenomen werkingsgebied met de onderscheiden deelgebieden 1 tot en met 8, vast te stellen: 1.1 Behoud van de beleving van het open landschap te bereiken door het hanteren van de landschappelijke inpassingsprincipes: 1.1.1 minimum afstanden tot de weg (gebieden 1 tot en met 4): o 350 meter vanaf de wegen in het landelijk gebied (met uitzondering van erftoegangswegen); 1.1.2 o

beperking in hoogte van de constructies (gebieden 1 tot en met 4): In alle gebieden een maximum bouwhoogte voor te schrijven van 3 meter;

1.1.3 o o o o

minimale onderlinge afstanden tussen de zonneparken; Gebied 1: 350 meter; Gebied 2: 350 meter; Gebied 3: 400 meter; Gebied 4: 600 meter;

1.1.4 o o o o

maximum grootte van een zonnepark: Gebied 1: 10 hectare; Gebied 2: 30 hectare; Gebied 3: 20 hectare; Gebied 4: 30 hectare.

1.1.5 In principe is er geen omheining van het zonnepark, tenzij dat bijvoorbeeld door een verzekering vereist wordt. In dat geval mag het toegepaste hekwerk maximaal 2 meter hoog zijn, met een transparante verschijningsvorm. 1.1.6 In gebied 5 is het ontwikkelen van iedere vorm van zonneparken uitgesloten, waarbij als uitzondering uitsluitend zon op daken wordt toegestaan; 1.1.7 In gebied 6 wordt vanwege de landschappelijke karakteristiek van het gebeid terughoudend omgegaan met het toestaan van grond gebonden zonnepanelen. Er wordt beoordeeld op basis van maatwerk waarbij onder meer maximum elektriciteitsproductie, maximum oppervlak en het voldoen aan redelijke eisen van Welstand criteria zijn.

Pagina 1

1.1.8 Gebied 6b valt onder stedelijk gebied en transformeert naar bedrijventerrein. Hier is al eerder een zonnepark ontwikkeld. Zonneparken zijn binnen de transformatie goed voorstelbaar en kunnen passen bij het toekomstige karakter van het gebied. 1.1.9 Gebied 7 valt buiten dit beleidskader. Initiatieven zijn mogelijk maar worden beoordeeld op basis van maatwerk 1.1.10 In gebied 8 worden zonneparken alleen toegestaan op daken van woningen, op of bij bedrijven en op of bij andere gebouwen. 1.2 Alleen initiatieven te honoreren met een natuur inclusief ontwerp. 1.3 Participatie te verplichten voor initiatiefnemers door: 1.3.1 Het vereisen van een afstemmingsverslag met omwonenden; 1.3.2

Toepassen van procesparticipatie;

1.3.2.1 Bieden van financiële participatie door een financiële afdracht aan het op te richten Duurzaamheidsfonds. Deze afdracht bedraag €500/MWp. 1.4 De initiatiefnemer bij het indienen van de aanvraag aan te laten tonen dat het park aangesloten kan worden op het elektriciteitsnet, hetzij bij een netbeheerder, hetzij via een windpark. 1.5 Initiatiefnemers uit te nodigen om hun project voor te leggen op basis van de reguliere aanvraag- en besluitprocedures. 1.6 Initiatieven die anders zijn dan een grondgebonden opstelling worden door het college beoordeeld op basis van maatwerk en worden voorgelegd aan de gemeenteraad voor wensen en bedenkingen. 2

Het beleidskader zes weken na vaststelling in werking te laten treden.

Urgentie Raad -

-

-

De raad heeft het college verzocht beleid te formuleren over de inpassing van grootschalige zonneparken in Lelystad. Over dit beleid heeft het college op 3 maart 2020 en 9 juni 2020 met de raad gesproken. Met de raad is afgesproken dat volgend op de sessie van 9 juni 2020 het concept beleidskader wordt voorgelegd. Dit beleid is nodig om doelstelling te halen om in 2025 energieneutraal te zijn en aan te geven hoe Lelystad omgaat met grond-gebonden zonne-energie in het kader van de Regionale Energie Strategie. Door nu te besluiten kunnen initiatiefnemers mogelijk nog tijdig aanvragen voor de SDE rond van dit najaar.

Met het oog op belangen van derden, zoals in het laatste gedachtestreepje is aangegeven, is besluitvorming door de raad gewenst bij de eerstvolgende mogelijkheid die zich aandient.

Samenvatting Lelystad wil in 2025 energieneutraal zijn. Om uiteindelijk in 2030 49% minder CO2 uit te stoten tot vrijwel geen uitstoot van CO2 in 2050. Om het eerste doel te bereiken is ruimte nodig om duurzame energie te kunnen produceren. Naast de bouw van windturbines is ook zonne-energie nodig om uiteindelijk afscheid te kunnen nemen van fossiele brandstoffen. Maar het bouwen van zonneparken is niet overal gewenst. Om de bouw van zonneparken in goede banen te leiden stellen we het beleid vast dat de voorwaarden beschrijft waarbinnen zonneparken ontwikkelt mogen worden. Ontwikkelen mag, maar met respect voor het landschap, de natuur en de inwoners van Lelystad moeten er voordeel van kunnen hebben.

Pagina 2

Voorgaande besluitvorming Er is eerder besloten het college opdracht te geven beleid voor zonneparken op te stellen en ter besluitvorming voor te leggen aan de raad. Daarnaast zijn er informatiesessie met de raad gehouden op 3 maart 2020 en op 9 juni 2020.

Inleiding Om Lelystad in 2025 energieneutraal te laten zijn, is grootschalige productie van duurzame energie nodig. Deze energie is vooral afkomstig van windturbines en zonnepanelen. Om de doelstelling te halen is in heel Lelystad (stedelijk en landelijk gebied tezamen) 1000 hectare aan zonnepanelen nodig. Een groot deel daarvan kan worden gerealiseerd op daken (mits technisch mogelijk of redelijkerwijs technisch mogelijk te maken) of andere locaties in stedelijk gebied, maar de doelstelling kan niet worden gehaald als in het landelijk gebied geen ruimte wordt geboden voor zonneparken. Het ontwikkelen van zonneparken in het landelijk gebied vergt veel aandacht voor landschappelijke inpassing en voor de gevolgen voor de natuur. Het beleidskader wat nu wordt vastgesteld geeft ruimte voor het halen van de energiedoelstelling met behoud van de landschappelijke kwaliteit en biodiversiteit. Daarnaast biedt het de omwonenden van de parken en de inwoners van Lelystad kansen om op verschillende wijzen te participeren in de ontwikkeling van de parken en gaan de parken financieel bijdragen aan de overgang naar nieuwe energie in het stedelijk gebied. Om de landschappelijk kwaliteit in stand te houden is een studie uitgevoerd naar de aspecten die van invloed zijn op die landschappelijke kwaliteit.

In deze studie is vastgesteld dat Lelystad zich in een aantal onderscheidende landschappen laat verdelen, de nummers 1 t/m op 8 onderstaande afbeelding:

In het beleidskader wordt van elk van dit gebied aangegeven of ontwikkeling van zonneparken daar gewenst is en zo ja, onder welke voorwaarden.

Pagina 3

Doel Het bieden van voorwaarden waarbinnen zonneparken ontwikkeld mogen worden met bescherming van de Lelystadse belangen.

Argumenten 1. De raad is bevoegd gezag voor het vaststellen van beleidskaders 1.1 Beleving van het open landschap is een kernkwaliteit van het buitengebied van Lelystad Het toevoegen van zonneparken aan het landschap mag niet leiden tot een mindere waardering van deze kernkwaliteit. Dat kan worden voorkomen door - In de gebieden 1 t/m 4 een minimale afstand van de weg te hanteren; - In de gebieden 1 t/m 4 een maximum bouwhoogte voor te schrijven; - Een minimale onderlinge afstand aan te houden: - Een maximaal aaneengesloten oppervlakte te bepalen voor een zonnepark: - In principe geen omheining van het zonnepark, tenzij dat bijvoorbeeld door een verzekering vereist wordt. In dat geval mag het toegepaste hekwerk maximaal 2 meter hoog zijn, met een transparante verschijningsvorm. Voor de onderbouwing van de genoemde randvoorwaarden wordt verwezen naar het Beleidskader zonneparken Gemeente Lelystad en in het bijzonder de landschapsstudie die ten grondslag ligt aan dat kader. 1.2 Zonneparken leiden niet automatisch tot verbetering van biodiversiteit. Om te voorkomen dat de biodiversiteit verslechtert moet in het ontwerp van het park voldoende aangetoond worden dat rekening wordt gehouden met natuurontwikkeling.

Omdat de wijze waarop bioversiteit en invloed op plantensoorten sterk afhankelijk is van de locatie en er zeer uiteenlopende manieren zijn om daar rekening mee te houden, worden de ontwerpen getoetst door de specialist ecologie. 1.3 Participatie draagt bij aan het creëren van draagvlak en biedt mogelijkheden om inwoners van de stad te helpen bij de overgang naar nieuwe energie. Participatie wordt op verschillende manieren vorm gegeven: - Procesparticipatie: omwonenden en andere belanghebbenden worden in een vroeg stadium betrokken bij de planvorming. De initiatiefnemer moet kunnen aantonen dat omwonenden zijn betrokken; - Het initiatief moet, net als bij de windparken wordt vereist, bijdragen aan de uitvoering van de overgang naar nieuwe energie in stedelijk gebied door afdracht aan een op te richten duurzaamheidsfonds. - Aanvullend op deze twee aspecten kan een initiatiefnemer kiezen uit: o Mede-eigenaarschap van deelnemers van een energiecoöperatie; o Financiële deelneming (bijvoorbeeld door aandelen of obligaties) o Omwonendenregeling: direct voordeel voor omwonenden bijvoorbeeld door korting op de geproduceerde elektriciteit. 1.4 Omdat er vooralsnog sprake is van een tekort aan aansluitruimte op het elektriciteitsnet moet een initiatiefnemer aan kunnen tonen dat het zonnepark aangesloten kan worden op het elektriciteitsnet.

Hetzij rechtstreeks bij een netbeheerder, hetzij door levering van de stroom via een netaansluiting van een windpark. 1.5.1 De vergunningverlening verloopt via de gebruikelijke ruimtelijke procedures. Er zijn ook andere opties denkbaar (zoals tenderen), echter deze procedurevormen zijn bijzonder tijdrovend, juridisch complex en leiden niet op voorhand tot een meer succesvolle uitwerking van het beleidskader. Omdat er geen sprake is van schaarse vergunningen is het tenderen van vergunningen niet wettelijk vereist. 1.5.2 Met een zelfstandige ruimtelijke procedure kan de concrete vergunningaanvraag beoordeeld worden op de dan geldende ruimtelijke kaders en lopende ontwikkelingen.

Pagina 4

In en om Lelystad spelen verschillende opgave rondom stedelijke vernieuwing zoals de woningbouwopgave Lelystad next level, natuurontwikkeling etc. Dit beleid is afgestemd op de nu reeds bekende projecten en zoekgebieden voor korte en middellange termijn. Voor de lange termijn kennen deze nog niet allemaal een concrete uitwerking op locatieniveau. Hierdoor is het niet mogelijk om deze ontwikkelingen nu op de kaart aan te geven. Bij het opstellen van de benodigde ruimtelijke onderbouwing van het betreffende project moet aangegeven worden hoe het zonne-initiatief zich verhoud tot de dan bekende ontwikkelingen in het betreffende gebied. Hiermee houdt het college en de raad de ruimte om voor de verschillende gebieden in en rond de stad de integrale finale afweging te maken. 1.6 Door maatwerkbenadering blijft er ruimte voor innovatie en nieuwe technieken/opstellingen. Deze initiatieven worden bij het college en de raad ter beoordeling gelegd. 2.1 Met het inwerking treden van het beleidskader na zes weken krijgen initiatiefnemers de gelegenheid hun plan te laten passen binnen de gestelde kaders.

Kanttekeningen 1. Er kan gekozen worden voor maatwerk in plaats van een algemeen geldend beleidskader Het is mogelijk om zonneparken individueel en op basis van maatwerk per locatie te beoordelen. Echter is dan voor initiatiefnemers niet duidelijk binnen welke kaders een plan ontwikkeld kan worden. Daarnaast bestaat het risico van onrechtmatigheid. Ook is de kans op aantasting van de beleving van het open landschap een risico.

Financiën Dit voorstel heeft geen financiële gevolgen

Vervolg Na positieve besluitvorming door de raad wordt het inwerking treden van het beleidskader op de gebruikelijke wijze gepubliceerd.

Bijlagen -

Bijlage 1 – Werkingsgebied Beleidskader Zonneparken Gemeente Lelystad met de onderscheiden deelgebieden 1 tot en met 8; Bijlage 2 - Beleidskader Zonneparken Gemeente Lelystad; o Bijlage 1: Rapportage zon in landschap; o Bijlage 2: Gedragscode zon op land o Bijlage 3: Reactienota concept zonneveldenbeleid

Lelystad, 30 maart 2021 Het college van de gemeente Lelystad, de secretaris,

de burgemeester,

A. Schepers

mr. H.M. Meijdam Pagina 5

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Lelystad&id=53f9c769-e051-4b00-97bb-1bb3363a27a4