Kort verslag bijeenkomst Werkgroep herijking sociaal kompas 14 oktober 2020 (def).doc
Tekst van het document
Gemeente Leidschendam-Voorburg Kort verslag bijeenkomst Werkgroep herijking sociaal kompas. Videoconference (pexip) 14 oktober 2020 van 19:00 – 21:30 uur. Aanwezig:
Mevrouw Aris (VVD) voorzitter, de heer Strous (CDA) voorzitter, mevrouw Van Den Heuvel (VVD), de heer Van Hoogdalem (PvdA), mevrouw Van der Gronde (GroenLinks), de heer Verschoor (CU-SGP) en de heer Van Maldegem (D66) Wethouder Kist, mevrouw Van Fessem, mevrouw Van Arkel, mevrouw de Booij, mevrouw Hans, mevrouw Karssen, mevrouw Stegeman en de heer Visser De heer Gevers (verslag) en mevrouw Renfurm (technische ondersteuning)
Afmeldingen:
De heer Steutel (GBLV)
1. Plenaire opening en presentatie. Mevrouw Aris heet iedereen welkom en geeft een toelichting op het programma. Vanuit de ambtelijke organisatie wordt een presentatie gegeven m.b.t. het sociaal kompas, de bouwstenen voor de initiatiefvragen en de cyclus die wordt doorlopen m.b.t. de subsidietafels. De raad stelt de doelen vast middels het sociaal kompas. Het college stelt de initiatiefvragen vast. Na het doorlopen van de subsidietafels stelt het college uiteindelijk ook de subsidiebeschikking vast. Het college komt naar verwachting voor de zomer (2021) met een voorstel naar de raad voor een herijking van het sociaal kompas. Tijdens en na de presentatie worden vragen gesteld over de rol van de raad in het hele proces en of deze rol versterking nodig heeft en op welke wijze dat mogelijk is. Moet de raad worden betrokken bij het vaststellen van de definitieve initiatiefvraag of niet? De afstand tussen de doelen in het sociaal kompas en de uiteindelijke subsidieverstrekking is nu erg groot voor de raad.
Moeten de doelstellingen in het sociaal kompas helderder en uitgebreider worden geformuleerd zodat een heldere en uitgebreide evaluatie achteraf mogelijk is? Moeten de bedragen (budgetten) per subsidietafel helderder worden opgenomen in de kadernota of de begroting? In zijn algemeenheid is er overeenstemming dat de raad meer grip zou moeten hebben op de prioriteiten die worden gesteld en dat minimaal om de twee jaar een gesprek zou moeten plaatsvinden met de raad over waar die prioriteiten zouden moeten liggen (zodat het college deze input kan meenemen bij het vaststellen van de initiatiefvragen). De raad mist een moment tussen de vaststelling van het sociaal kompas en de initiatiefvraag die uitgaat richting de subsidietafels (met een daarbij horend budget). Er is behoefte aan een duidelijkere informatievoorziening op dat punt vooraf, bij voorkeur in één document (in dat verband wordt de kadernota genoemd), en een duidelijkere evaluatie achteraf (in dat verband wordt naast het jaarverslag van de subsidietafel ook het subsidieregister genoemd). Over het uitgangspunt dat de raad de doelen stelt en dat het college verantwoordelijk is voor de uitvoering is iedereen het eens. De doelen vooraf zouden echter meer meetbaar moeten worden geformuleerd zodat de uitvoering (en het effect) achteraf ook beter gecontroleerd kan worden. 2. Splitsing in twee groepen.
De deelnemers splitsen zich op in twee groepen om te praten over de doelen in het sociaal kompas en de vertaalslag die wordt gemaakt naar de subsidietafels. Groep 1 (onder voorzitterschap van mevrouw Aris): - Mevrouw Aris (VVD) - De heer Van Maldegem (D66) - Mevrouw Van der Gronde (GroenLinks) - Mevrouw Van Fessem (overige subsidies) - Mevrouw Hans (opgroeien en opvoeden) - De heer Visser (zelfredzame inwoners) Groep 2 (onder voorzitterschap van de heer Strous): - De heer Strous (CDA) - De heer Van Hoogdalem (PvdA) 1
-
De heer Verschoor (CU-SGP) Mevrouw Van den Heuvel (VVD) Mevrouw Van Arkel (basisvaardigheden en talentontwikkeling) Mevrouw De Booij (financiële zelfredzaamheid integratie en taalvaardigheid) Mevrouw Stegeman (betrokken en inclusief)
3. Plenaire terugkoppeling uitkomsten groep 1 en groep 2 en vervolgafspraken. Constateringen Groep 1: - De doelen in het sociaal kompas zijn breed geformuleerd en daardoor is het moeilijk achteraf te bepalen of de doelen ook zijn gehaald. - Omdat er nog geen evaluatie van de doelen heeft plaatsgevonden is het voor de raad ook lastig om te bepalen wat de nieuwe doelen zouden moeten zijn en hoe concreet de doelen moeten worden geformuleerd. - M.b.t. de lijst van subsidies die niet bij de subsidietafels terechtkomen is het qua subsidies conform artikel 2.5 helder waarom die worden verstrekt. Wat betreft de andere subsidies is dat minder helder en daar zou nog een keer naar moeten worden gekeken (met name als het gaat om de cultuursubsidies). - Punt van aandacht zijn ook de subsidies die op de subsidietafels liggen die geoormerkt zijn zoals het basistakenpakket (incl. vaccineren) van de JGZ. Moet dat wel op een subsidietafel liggen? Constateringen Groep 2: - Groep 2 sluit zich aan bij de constateringen die zijn gedaan in Groep 1 als het gaat om de doelstellingen. - Er wordt een vertaalslag gemaakt van de doelstellingen in het sociaal kompas (met een hoog abstractieniveau) naar de subsidietafels (uitvoering). Daartussen zit nog een (operationeel) niveau waar de raad graag over mee wil praten. - De politiek zou meer keuzes moeten kunnen maken.
Als voorbeeld wordt genoemd het onderwerp ‘inclusie’. Dat is nu vooral gericht op lhbtqi+ beleid maar daar zou ook gehandicaptenbeleid (aandacht voor mindervaliden) onder kunnen vallen. Dat soort keuzes zou de raad moeten kunnen maken. - De raad zou ook meer scherpe keuzes moeten kunnen maken. Als voorbeeld wordt genoemd of een voorziening voor de hele gemeente geldt of voor specifieke wijken of voor specifieke doelgroepen. - Dat soort keuzes hoeft niet nu niet meteen te worden gemaakt, maar de komende jaren (eventueel binnen een tweejaarlijkse cyclus) moet daar wel een versterking in plaatsvinden. - Het proces van monitoring van de subsidietafels wordt verbeterd en met het subsidieregister worden ook de kpi’s beter geformuleerd. Richting de initiatiefvragen van 2022 zou de raad hier graag inzage in willen hebben. - Punt van aandacht is ook ‘de voorziening’ versus ‘de activiteiten’. De gemeente subsidieert veelal niet alleen de activiteit maar ook de voorziening (de stenen en de mensen met langjarige contracten). Welke keuzes kun je hier maken? - Naast de doelen moet door de raad ook kritisch worden gekeken naar de subdoelen en moet de raad ook aangeven welke keuzes moeten worden gemaakt en waarom je bepaalde zaken wilt subsidiëren. - Tijdens deze bijeenkomst is vooral gekeken naar de vertaalslag van het sociaal kompas richting de subsidietafels.
Het sociaal kompas gaat echter verder dan de subsidietafels. Het sociaal kompas wordt ook gebruikt voor een vertaalslag naar beleidsnota’s. Het is goed om ook naar dat bredere kader te kijken. Hoe verder?: - Vanuit de ambtelijke organisatie wordt nu gekeken naar het proces voor de herijking van het sociaal kompas. Naar verwachting komt er voor de zomer (2021) een stuk naar de raad. De vorm van dit stuk is ook afhankelijk van de behoefte die leeft bij de raad. o De raad kan in een volgende bijeenkomst aangeven welke behoefte leeft bij de raad als het gaat om een herijking van het sociaal kompas. Hoe gedetailleerd moet het zijn? -
Vanuit de raad is aangegeven dat men een sterkere rol wil voor de raad als het gaat om de operationalisering van de doelstellingen in het sociaal kompas richting de uitvoering (initiatiefvragen) aan de subsidietafels. o De raad kan in een volgende bijeenkomst aangeven hoe dit binnen de raadscyclus tot stand zou kunnen worden gebracht. Welke keuzes zijn binnen de cyclus van sociaal 2
kompas naar subsidietafel naar evaluatie naar bijstelling doelstellingen mogelijk om de invloed van de raad te versterken? -
Vanuit de raad wordt ook aangegeven dat men graag hoort hoe het huidige sociaal kompas als beleidsstuk inhoudelijk wordt geëvalueerd. o Voorgesteld wordt deze vraag via de wethouder te stellen.
-
De werkgroep herijking sociaal kompas kan zelf geen keuzes maken als het gaat om een eventuele aanscherping van de sturing door de raad of een aanscherping van de doelstellingen, een eventuele tussenstap op operationeel niveau en een scherpere evaluatie. De werkgroep kan wel enkele ‘constateringen’ doen die voor bespreking kunnen worden voorgelegd aan de commissie. Het politieke debat is uiteraard voorbehouden aan de commissie.
3