4285 Veiligheidsplan NO AZC Leidschendam-Voorburg - zonder matrix en contactgegevens (1)
Tekst van het document
Veiligheidsplan Noodopvang AZC Leidschendam-Voorburg Hoe de veiligheid te borgen bij een noodopvang met vluchtelingen en hoe om te gaan met incidenten, calamiteiten en eventueel maatschappelijke onrust.
Locatie : Holiday Inn Voorburg Stationsplein 8 2275 AZ Voorburg
VERSIE BEHEER Datum Versie Status
17 maart 2025 1.0 Concept
Auteur Verstuurd aan
Tanja Nikolic adjunct Locatiemanager COA Kerngroep Veiligheid
Aanleiding De gemeente en het COA gaan met elkaar een samenwerkingsverband aan inzake de opvanglocatie Leidschendam-Voorburg op Stationsplein 8. Hiervoor is 6 september 2024 een bestuursovereenkomst ondertekend. Complementair aan deze overeenkomst worden er aanvullende werkafspraken gemaakt. Het thema veiligheid maakt hier onderdeel van uit. Een nadere uitwerking van de afspraken is opgenomen in dit veiligheidsplan. Bij de term ‘veiligheidsplan’ kunnen verschillende interpretaties bestaan. Zo worden onder deze term soms ontruimingsplannen, calamiteitenplannen, beheerplannen of BHV-plannen verstaan. Voorliggend plan is niet in één van die categorieën onder te brengen. Doel van dit plan is om weer te geven hoe we de veiligheid in en rond de locatie waarborgen. Dit plan voorziet in de maatregelen die we daartoe nemen. De genoemde plannen zijn op de locatie aanwezig. Het plan is een dynamisch document wat betekent dat het voorafgaand aan de in gebruik name van de locatie verder worden aangevuld of later nog kan worden gewijzigd, indien daar noodzaak toe is. Samenvatting Gemeente, Politie en het COA werken nauw samen om de veiligheid te borgen op de locatie en in de openbare ruimte. Het betreft zowel om de veiligheid van de bewoners van de COA-locatie als de veiligheid en leefbaarheid in de omgeving en voor de omwonenden van Leidschendam-Voorburg.
In dit plan staan de verantwoordelijkheden van de verschillende partners beschreven, mede als concrete afspraken en maatregelen met betrekking tot de veiligheid(sbeleving). De meest prominente maatregel om de veiligheid te monitoren is het beleggen van een veiligheidsoverleg met de gemeente (o.a. adviseur Openbare orde en veiligheid, OOV en Handhaving) de politie en het COA (locatiemanager). In het eerste kwartaal, na ingebruikname, is er eens in de drie weken een overleg en vaker indien nodig. In overleg kan dit afgebouwd worden indien er geen bijzonderheden zijn. Als het gaat over de veiligheid op locatie zijn de belangrijkste werkafspraken vastgelegd in dit document. Er is ook een bedrijfsnoodplan en een cameraplan aanwezig op de opvanglocatie van het COA. Betrokkenen Dit veiligheidsplan is opgesteld door het COA in afstemming met de gemeente en de politie.
Inhoud Veiligheidsplan Noodopvang AZC Leidschendam-Voorburg Inhoud 1
1
3 Algemene veiligheidsafspraken
4
1.1 Verantwoordelijkheden COA, gemeente en politie 1.2 Aanspreekpunten
4 4
Veiligheid op het COA terrein
5
2.1 2.1.1 2.1.2 2.1.3
Handhaving en toezicht op locatie Toegang Beveiliging Cameratoezicht
5 5 5 5
2.2 2.2.1 2.2.2 2.2.3 2.2.4 2.2.5 2.2.6
Begeleiding Aanwezigheid personeel Voorlichting en huisregels Registratie op de locatie Reglement Onthoudingen voorzieningen ROV-maatregelenbeleid Bereikbaarheidsdienst BHV organisatie
5 5 6 6 6 6 7
2.3 2.3.1 2.3.2
Inrichting locatie Indeling van het pand Invloeden van buitenaf
7 7 7
Veiligheid in de openbare ruimte
7
3.1
Veiligheid en leefbaarheid in de publieke ruimte
7
3.2
Communicatie omgeving
7
3.3
Klachtenafhandeling/meldpunt
8
3.4
Openbare veiligheid
8
3.5
Overlegvormen
8
2
3
1 Algemene veiligheidsafspraken 1.1 Verantwoordelijkheden COA, gemeente en politie De lokale verantwoordelijkheden op het gebied van openbare orde en veiligheid op en rond een asielzoekerscentrum zijn (kortweg) als volgt verdeeld tussen COA, gemeente en politie. COA Het COA is verantwoordelijk voor de opvang en begeleiding van asielzoekers. Het COA is verantwoordelijk voor de leefbaarheid en veiligheid op de locatie en stemt waar nodig af met de GGD, de gemeente, en de politie. Gemeente De burgemeester is verantwoordelijk voor de openbare orde en veiligheid. Politie De politie is verantwoordelijk voor de handhaving van de openbare orde en hulpverlening aan hen die deze behoeven.
1.2 Aanspreekpunten Bij de opening van de opvanglocatie zal duidelijk worden gecommuniceerd bij welke organisatie men terecht kan met vragen, klachten of suggesties. Gemeente, politie en COA dragen ieder zorg voor één contactpersoon die als vast aanspreekpunt fungeert. - Voor het COA zal dat de locatiemanager van de locatie zijn. De locatiemanager is verantwoordelijk voor de leefbaarheid en veiligheid op de locatie. - De politie heeft de wijkagent als contactpersoon voor de locatie aangewezen. - De projectleider is vanuit de gemeente het aanspreekpunt die de locatie-gerelateerde zaken coördineert. De gegevens van de contactpersonen worden opgenomen in het bedrijfsnoodplan voor opening van de opvanglocatie bekend gemaakt zodat duidelijk is waar klachten, vragen en suggesties kunnen worden gemeld. Deze aanspreekpunten nemen ook deel aan de klankbordgroep en houden onderling nauw contact. De politie sluit niet structureel aan bij de klankbordgroep, maar indien nodig.
2 Veiligheid op het COA terrein 2.1 Handhaving en toezicht op locatie 2.1.1 Toegang Het gebouw is niet vrij toegankelijk en voorzien van een beveiligingsunit waar iedereen zich meldt bij de beveiliging voor het betreden van de locatie. Hulpdiensten worden bij incidenten ontvangen door een BHV’er, herkenbaar aan het BHV hesje. In het pand worden vluchtroutes naar buiten aangeduid met lichtgevende borden boven de deuren. Er is buiten het pand een verzamelplaats welke aangeduid wordt met het herkenbare verzamelplaats bord. Bewoners mogen het terrein verlaten en betreden wanneer zij hier behoefte aan hebben. Hierbij wordt beperkte toegangscontrole en registratie van bewoners en bezoekers toegepast zodat bekend is wie er op enig moment op de locatie aanwezig is. Er geldt een bezoekersregeling. Wanneer een bewoner bezoek ontvangt, dient de bewoner dit van tevoren aan te geven. De bewoner meldt het bezoek bij de beveiliger en haalt het bezoek persoonlijk op. Alle bezoekers worden geregistreerd bij de ingang door de beveiliging.
2.1.2
Beveiliging
Beveiliging van het terrein wordt verzorgd door een erkend beveiligingsbedrijf, de firma Trigion is partner van COA. Op de locatie is 24 uur per dag, 7 dagen per week beveiliging aanwezig. Zij bemensen de COA receptie.
2.1.3 Cameratoezicht COA plaatst camera’s op het terrein die ingezet worden ten behoeve van het toezicht door de beveiliging van het COA. Binnen de wettelijke regels kunnen de beelden in het belang van de openbare orde en opsporing gevorderd worden door de politie en/ of het OM.
2.2 Begeleiding 2.2.1 Aanwezigheid personeel Op de AZC-opvanglocatie is overdag een team van medewerkers uit verschillende functiegroepen aanwezig. Het gaat dan om woonbegeleiders, programmabegeleiders, casemanagers, NT2-docenten, de huismeester, de locatiemanager en/of een managementassistente. Zij spannen zich tezamen in om de opvang en begeleiding van de bewoners in goede banen te leiden. De locatiemanager van het COA is verantwoordelijk voor de dagelijkse gang van zaken op het AZC en daarmee ook voor de veiligheid van de bewoners. De locatiemanager treft maatregelen op het gebied van de sociale en fysieke veiligheid die onder andere bestaan uit: • • • •
Toezien op naleving van de huisregels die de leefbaarheid in en buiten de opvang vergroten en die aan de bewoners kenbaar maken en hen als het nodig is erop blijven wijzen. Het oppakken van signalen over spanningen tussen bewoners en zo nodig treffen van maatregelen; Voorlichting (laten) geven aan bewoners over de gedragsregels en hen begeleiden in de kennis van de algemene gedragsregels in Nederland. Indien nodig opschalen en assistentie van de politie vragen.
Een belangrijk onderdeel van de opvang is de dagbesteding. Een goede en zinvolle dagbesteding draagt bij aan integratie en participatie. De dagbesteding kan bestaan bijvoorbeeld uit opleiding, sporten en vrijwilligerswerk. Goede dagbesteding is belangrijk omdat dit bijdraagt aan o.a. het voorkomen van verveling waar mogelijk overlastgevend gedrag uit kan voortvloeien.
Voor de dagbesteding wordt de hulp van vrijwilligers ingeschakeld. De dagbesteding geschiedt onder verantwoordelijkheid van de locatiemanager van het COA. Vrijwilligers kunnen worden gevonden via de bestaande netwerken, zoals verenigingen, kerken, moskeeën of welzijnsorganisaties.
2.2.2 Voorlichting en huisregels De bewoners van het AZC zijn vrij om het terrein op en af te gaan. Zij moeten zich daarbij, net als ieder ander, houden aan de wetgeving en gedragsregels in Nederland. Het COA voert daarom voorlichtingsgesprekken met de bewoners die nieuw zijn op de opvanglocatie. Bewoners moeten ook tekenen voor ontvangst van documentatie over de rechten en plichten in Nederland. Het COA zorgt ervoor dat tijdens de voorlichting aan de verschillende doelgroepen binnen de opvang er regelmatig aandacht wordt besteed aan houding en gedrag. De inzet van het COA is erop gericht om de bewoners in de opvang zo goed mogelijk te begeleiden en incidenten te voorkomen. De bewoners worden daartoe gehouden aan huisregels. Op de dag van aankomst worden de bewoners door het COA geregistreerd en voorzien van een “legitimatiepas”. Op dat moment worden ook de huisregels aan hen toegelicht. De bewoners ondertekenen de huisregels en gaan daarmee akkoord. Als een bewoner de huisregels overtreedt, kunnen maatregelen worden genomen door het COA.
2.2.3 Registratie op de locatie Door het COA en de dienstdoende beveiliger worden bijzonderheden en eventuele incidenten dagelijks gerapporteerd aan de locatiemanager.
2.2.4 Reglement Onthoudingen voorzieningen (hierna ROV) -maatregelenbeleid Het COA gaat uit van begeleiding op maat, zodat de kans op onacceptabel gedrag wordt verkleind. Mochten er op de locatie of daarbuiten incidenten voordoen, wordt hiertoe door het COA opgetreden. Vanuit het oogpunt van begeleiding op maat wordt mede gekeken naar de op te leggen maatregel. Bij het interveniëren op overlastgevend gedrag staat bij het COA de begeleiding centraal en kiest het COA in eerste instantie voor interventies die het gedrag beïnvloeden. Pas als die interventies geen gewenst effect hebben, wordt overgegaan op maatregelen die een prikkel moeten zijn om het gedrag alsnog te veranderen. Het COA hanteert daarbij het zogeheten ROV1-maatregelenbeleid dat volgt uit de Regeling verstrekkingen asielzoekers en andere categorieën vreemdelingen 2005 (hierna: Rva 2005). In de Regeling Verstrekkingen Asielzoekers (RVA) is opgenomen dat op asielzoekers (en andere categorieën vreemdelingen) die gebruik maken van de opvang van het COA verplichtingen rusten. Bij niet-naleving voorziet de Rva 2005 in de mogelijkheid tot het opleggen van maatregelen. Het gaat dan bijvoorbeeld om een correctiegesprek, maar ook het inhouden van leefgeld. Het onderdak in het AZC mag niet zomaar ontzegd worden.
Bij extreme overtredingen kunnen overlastgevers tijdelijk worden overgeplaatst naar een time-outplek, toezichtlocatie. Bij hoge uitzondering worden bewoners overgeplaatst naar een ander AZC. Voor een overzicht van de rechten en plichten van de bewoners in het AZC en de daar geldende huisregels wordt verwezen naar: https://www.mycoa.nl/nl/wonen-bij-het-coa/rechten-en-plichten/recht-op-opvang/wat-krijg-ik-van-het-coa https://www.mycoa.nl/nl/wonen-bij-het-coa/welkom-in-deze-coa-locatie/huisregels/huisregels
2.2.5 Bereikbaarheidsdienst Het COA heeft een 24/7 bereikbaarheidsdienst paraat die bij incidenten een inschatting maakt van de benodigde acties. Er is een piketdienst ingericht onder de locatiemanagers voor incidenten met een grote impact. Dit is een incident dat meerdere ketenpartners raakt en/of politiek- en/of
maatschappelijk/humanitair- en/of publicitair gevoelig is of dreigt te worden. Indien nodig schakelt het COA met de politie voor inzet op de locatie. Hiernaast hebben de regionale woordvoerders uit MiddenZuid ook piketdiensten, zodat er altijd een woordvoerder bereikbaar is om te ondersteunen bij een mogelijk incident.
2.2.6 BHV organisatie Het COA heeft 24/7 een voldoende bemenste, adequate en ter zake geoefende BHV organisatie op de locatie paraat. Dit is vastgelegd in het bedrijfsnoodplan. Ook het beveiligingsbedrijf levert BHV’ers en ploegleiders op vraag van het COA. Er is 24/7 een BHV ploegleider op locatie aanwezig vanuit het beveiligingsbedrijf. De communicatieadviseurs van het COA kennen een piketdienst voor het geval er buiten werktijden incidenten zijn met impact op de omgeving. De bereikbare dienst maakt de inschatting of het nodig is om deze in te schakelen.
2.3 Inrichting locatie 2.3.1 Indeling van het pand Het COA richt een locatie in volgens het programma van eisen. De onderste drie verdiepingen blijven hotel, verdieping vier tot en met negen is voor COA. Op de vierde verdieping zullen er multifunctionele ruimtes (anders dan woonruimte) zijn voor de bewoners en kantoorruimte voor COA. Verdieping vijf tot en met acht zullen woonruimtes zijn voor bewoners. De negende verdieping dient als kantoorruimte voor COA medewerkers.
2.3.2 Invloeden van buitenaf De inwoners van de locatie zijn een kwetsbare groep mensen in de zin dat zij niet bekend zijn met de regels en normen en waarden binnen de Nederlandse samenleving. Zij kunnen makkelijk blootgesteld worden aan negatieve invloeden van buitenaf. Het COA traint haar personeel om bewoners van informatie te voorzien en daarmee weerbaar te maken. Daarnaast is het personeel van het COA getraind om signalen op te pakken en tijdig actie te ondernemen indien bewoners worden blootgesteld aan negatieve invloeden van buitenaf. COA medewerkers worden ook getraind om signalen op te pikken die verband houden met radicalisering van bewoners, het ronselen van mensen voor criminele activiteiten en mensenhandel & mensensmokkel. Indien er kennis wordt genomen van strafbare feiten zal dit worden gemeld bij de politie.
3 Veiligheid in de openbare ruimte 3.1 Veiligheid en leefbaarheid in de publieke ruimte Het COA, de gemeente en de politie monitoren de veiligheid en leefbaarheid op de locatie en in de omgeving van de opvanglocatie. Dit wordt gedaan op zowel operationeel/ uitvoerend als op strategisch en bestuurlijk niveau.
3.2 Communicatie omgeving Vanaf de datum van ingebruikname van de opvanglocatie zorgt het COA, in overleg met de gemeente, voor de informatie aan de inwoners en andere betrokkenen over de opvanglocatie. Het COA geeft belangstellenden regelmatig en via de klankbordgroep, een update, over hoe het gaat in de opvang en neemt vragen die er leven mee in de informatievoorziening. Voorafgaand en na ingebruikname van de opvanglocatie spant het COA zich in om omwonenden van de opvanglocatie kennis te laten maken met de opvanglocatie. Voorafgaand aan de opening van de opvanglocatie organiseert de gemeente in samenwerking met het COA een inloopavond.
3.3 Klachtenafhandeling/meldpunt De COA locatie is vanaf ingebruikname 24 uur per dag bereikbaar voor vragen, meldingen en klachten uit de omgeving. Door het COA wordt een telefoonnummer en e-mailadres opengesteld. Alle klachten worden zorgvuldig opgepakt en afgehandeld onder verantwoordelijkheid van de locatiemanager van het COA. Ontvangen meldingen en klachten worden besproken in het periodiek ambtelijk overleg tussen gemeente en COA.
3.4 Openbare veiligheid 3.4.1 Toezicht en handhaving In het kader van veiligheid wordt er vanuit de staande organisatie geacteerd vanuit de politie (wijkagent), Boa’s en het COA. Zij werken met elkaar samen zodat het mogelijk is om direct in te grijpen bij een situatie in of rondom de locatie. Het COA is in eerste instantie verantwoordelijk voor de veiligheid op en om het terrein. De Boa is verantwoordelijk voor de leefomgeving en begeeft zich voornamelijk in de openbare ruimte. De politie is verantwoordelijk voor de openbare orde en veiligheid en beweegt zich zowel in de openbare ruimte als op het terrein van de opvanglocatie indien de situatie daarom vraagt (strafbare feiten). Door goed samen te werken, wordt er een duidelijk signaal afgegeven naar de bewoners. Die weten dat overlastgevend gedrag zowel in- als buiten de opvanglocatie niet onopgemerkt blijft. De politie is primair aan zet wanneer het gaat om het handhaven van de openbare orde en veiligheid. De politie mag handhaven op alle wettelijke voorschriften. De boa heeft specifieke opsporingstaken, die zich beperken tot leefbaarheid feiten.
3.4.2. Politie De wijkagent zal voor de dagelijkse operationele veiligheidszaken aanspreekpunt zijn. Voor de procesmatige zaken is het contact een afgevaardigde van de politie met de portefeuille sociale domein/ zorg en veiligheid het aanspreekpunt voor de locatiemanager. Contact verloopt via de Centrale Meldkamer van politie. Dus geen spoed 0900-8844, wel spoed 112.
3.5 Overlegvormen 3.5.1 Veiligheidsoverleg Vanaf opening van de opvanglocatie wordt een periodiek veiligheidsoverleg ingesteld waarin ter zake dienende veiligheidszaken die verband houden met de opvanglocatie worden besproken. De frequentie van dit overleg zal in het eerste kwartaal 2-wekelijks en vaker indien dat nodig blijkt. Indien blijkt dat er geen bespreekpunten/ signalen zijn, zal dit in overleg afgeschaald worden. Vanuit het veiligheidsoverleg wordt indien nodig de burgemeester, de teamchef van de politie en de regiomanager van het COA geïnformeerd. Deelnemers aan het veiligheidsoverleg zijn: Locatiemanager COA Sr. Adviseur Openbare Orde en Veiligheid gemeente Operationeel specialist sociaal domein (politie) Teamleider handhaving Als er buiten dit overleg zaken spelen die urgent zijn om te bespreken zoeken de partijen elkaar proactief op. De gebeurtenissen die worden besproken zijn de gebeurtenissen die aan de veiligheid en leefomgeving raken en waarvan tenminste een van de leden van het overleg vindt dat er opvolging aan gegeven moet worden.
3.5.2 Overige overleggen Vanuit het (landelijk) COA beleid zijn er eveneens overlegvormen met betrekking tot de veiligheid.
3.5.3 Scenariomatrix en contactenoverzicht Hierbij een aantal scenario’s en hoe daarmee omgegaan wordt: Scenario
Verantwoordelijk
Maatregelen
Functie
Telefoonnummer
Contactpersonen
Contactenoverzicht Naam
Emailadres
Tel/ mailadres