CConstaterende datLeidschendam-Voorburg
Koppel je AI →
Document · PDF

3501 Hoofdstuk 7 Nadere regels duurzaamheid

Commissie Omgeving 19 december 2023, gemeente Leidschendam-VoorburgBij agendapunt: Raadsbrief wensen en bedenkingen wijzigingen Hoofdstuk 7 Nadere regels subsidieverstrekking gemeente Leidschendam-Voorburg, Duurzaamheid2.350 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Bijlage 2: Hoofdstuk 7 Duurzaamheid Artikel 7:1 aanvullende begrippen •

a. Een particuliere eigenaar van een woning, waaronder ook begrepen de individuele woningeigenaar binnen een VVE voor het deel dat niet gezamenlijk is en waarvan hij volgens de splitsingsakte eigenaar is;

•

b. Schone energie: energie opgewekt uit schone energiebronnen zoals zon, water, wind en warmte afkomstig uit de warmte van lucht en/of (bodem)water.

•

c. Duurzame maatregel: een duurzame energiebesparende maatregel.

•

d. Energiebesparende Maatregel: een verandering/aanpassing aan een woning of complex die het energieverbruik reduceert. Hieronder wordt in deze regeling verstaan het aanbrengen van: HR++ glas, energiezuinig glas voor monumenten/beschermd dorpsgezicht, vloer-, bodem-, (spouw) muur-, gevel- of dakisolatie.

•

e. HR++ glas: glas met een hoog rendement, volgens een isolatiewaarde (U-waarde). Het is dubbelglas met in de spouw een edelgas en een coating. Onder HR++ glas wordt niet verstaan de overige glassoorten zoals: enkel glas, voorzetraam, gewoon dubbel (HR) glas, HR+ glas én het bijbehorende frame/kozijn.

•

f. Energiezuinig glas voor monumenten/beschermd woongezicht speciaal energiezuinig glas voor monumenten of woningen in beschermd dorpsgezicht of woningen die genoemd worden in de lijst met beeldbepalende objecten (monumentenlijst).

•

g. Vloerisolatie: materiaal ter verhoging van de warmte-isolatiewaarde van de vloer van een woning of appartementencomplex.

•

h. Bodemisolatie: materiaal op de bodem ter verhoging van de warmteisolatiewaarde van de vloer van een woning of appartementencomplex.

•

i. Muur- of gevelisolatie: isolatiemateriaal aan buitenkant of binnenkant van de muur ter verhoging van de warmte-isolatiewaarde van de buitenmuur van een woning of appartementencomplex.

•

j. Spouwmuurisolatie: materiaal ter verhoging van de warmteisolatiewaarde van de buitenmuur van een woning of appartementencomplex.

•

k. Dakisolatie: materiaal ter verhoging van de warmte-isolatiewaarde van het dak van een woning of appartementencomplex.

•

l. Groendaken: een vegetatie dak.

•

m. Woning: een, volgens het bestemmingsplan vastgesteld, voor bewoning bestemd gebouw. De woning moet kadastraal bekend zijn bij de gemeente Leidschendam-Voorburg.

•

n. Bijgebouw: dakkapel, dakopbouw, serre, garage verbonden aan de bestaande woning.

•

o. Appartementencomplex: een verzameling van meerdere bij elkaar behorende woningen.

•

p. VVE: vereniging waarvan een woning- of appartementeigenaar van rechtswege lid is. De Vereniging van Eigenaren is verantwoordelijk voor en heeft zeggenschap over (gemeenschappelijke delen van) het gebouw en de bijbehorende grond.

•

q. Particulier verhuurder: de natuurlijke persoon die één of meer woningen voor permanente bewoning verhuurt.

•

r. Offerte: een kopie van een door een erkend installatie- of aannemersbedrijf opgestelde offerte s. Factuur: een kopie van een door een erkend installatie- of aannemersbedrijf opgestelde rekening van de duurzame maatregel waarvoor subsidie wordt aangevraagd.

•

t. Betalingsbewijs: een kopie van een bankafschrift dat aantoont dat de betaling is overgemaakt aan het bedrijf dat de DE-voorziening geïnstalleerd heeft.

•

u. Energielabel van de woning: Een energielabel is een maatstaf om te zien hoe energiezuinig de woning is.

Artikel 7:2 Subsidieplafond •

1. Het subsidieplafond, voor de verstrekking van subsidies zoals opgenomen in artikel 7:3, is gelijk aan het in de begroting opgenomen bedrag binnen de bestemmingsreserves voor duurzaamheid en energietransitie

•

2. Het college verdeelt het maximale subsidiebedrag genoemd in het eerste lid op volgorde van binnenkomst van de volledige aanvragen. Indien op de dag dat het subsidieplafond wordt bereikt meerdere aanvragen zijn binnengekomen, dan wordt door een notaris geloot om de aanvragen van die dag in volgorde van afhandeling te zetten.

Artikel 7:3 Voor wie •

Het college kan subsidie verstrekken voor de aanschaf en installatie van een of meer duurzame maatregelen aan: o

a.

een particuliere eigenaar van een woning, waaronder ook begrepen de individuele woningeigenaar binnen een VVE voor het deel dat niet gezamenlijk is en waarvan hij volgens de splitsingsakte eigenaar is; o

b. een Vereniging van Eigenaren (VVE), of diegene die gemachtigd is namens de VVE; of

o

c. een particuliere verhuurder die eigenaar is van meergezinswoningen, niet zijnde een woningcorporatie, zorginstelling of stichting.

Artikel 7:4 Subsidiebedrag •

1. Voor isolerende maatregelen en een groendak is een vast subsidiebedrag per m2 per maatregel bepaald tot een maximum van €5.000,- per woning per kalenderjaar. Het maximale subsidiebedrag per Vereniging van Eigenaren is €25.000,- per kalenderjaar. In de bij deze subsidieregeling behorende tabel 2 zijn per maatregel de subsidiebedragen opgenomen.

Artikel 7:5 Wat en tegen welke voorwaarden •

1. Subsidie als bedoeld in artikel 7:3 wordt slechts verstrekt indien de voorziening een van de volgende duurzame maatregelen betreft en als deze voorziening voldoet aan de voorwaarden genoemd in tabel 1, zie bijlage. o

a. HR++ glas;

o

b. Energiezuinig glas voor monumenten/beschermd dorpsgezicht;

o

c.

Vloerisolatie; o

d. Bodemisolatie;

o

e. Spouwmuurisolatie;

o

f. Muur- of gevelisolatie;

o

g. Dakisolatie;

o

h. Groendaken;

•

2. Subsidie voor een energiebesparende maatregel die niet voldoet aan de oppervlakte specificaties van tabel 1 kan niettemin worden verstrekt, indien deze subsidie tegelijkertijd wordt aangevraagd met subsidie voor een voorziening in dezelfde woning die wel voldoet aan de specificaties van tabel 1.

•

3. Subsidie wordt voorts slechts verstrekt indien: o

a. de energiebesparende maatregel nog niet is geplaatst op het moment dat de aanvraag voor subsidieverlening wordt gedaan;

o

b. de energiebesparende maatregel in bestaande bouw wordt geplaatst; deze voorwaarde is niet van toepassing bij een groen dak. , Dit mag ook op een nieuwbouwwoning worden geplaatst, mits het om één woning gaat, niet onderdeel zijnde van een bouwproject met meerdere woningen.

o

c.

de energiebesparende maatregel leidt tot een vermindering van het energieverbruik én tot een verbetering van de bestaande woning of appartementencomplex; o

d. het totaal geïnvesteerde bedrag, waarvoor de aanvrager subsidie aanvraagt, minimaal het bedrag van € 1000,- is; [ Uitgezonderd voor HR++ glas mits er ook kozijnen worden geplaatst]. Uitgezonderd voor groene daken, hiervoor geldt een minimaal geïnvesteerd bedrag van € 250,-.

o

e. de aanleg of installatie van de energiebesparende maatregel uitgevoerd is conform de, op het moment van aanleg, geldende (bouw)regelgeving, geldende normen, beleid of overige wet- en regelgeving.

o

f. voor de voorziening niet eerder subsidie is verstrekt

o

g. het subsidieplafond nog niet bereikt is.

Artikel 7:6 Bijzondere voorwaarden •

1. Woningeigenaren met woningen met bouwjaar vóór 1995 kunnen subsidie aanvragen voor alle duurzame energiemaatregelen. Woningeigenaren met woningen met bouwjaar na 1995 kunnen alleen subsidie aanvragen voor groendaken. Woningen van na 1995 worden verondersteld al voldoende geïsoleerd te zijn.

•

2. HR++ Glas, energiezuinig monumentaal glas, vloer-, bodem-, dak-, muur-, gevel- en spouwmuurisolatie moet worden geplaatst c.q. aangebracht door een erkend bedrijf met uitzondering van een groendak; deze mag door de eigenaar zelf worden geplaatst. Het

isolatiemateriaal moet daarnaast worden aangebracht door een erkend bedrijf dat natuurvriendelijk isoleert zoals beschreven op www.natuurvriendelijkisoleren.nl.

•

3. Voor alle energiebesparende maatregelen moet duidelijk het aantal m2 gespecificeerd worden op de offerte en de factuur.

•

4. Op de offerte dient een duidelijke beschrijving te worden beschreven van de duurzame maatregel waarvoor subsidie wordt aangevraagd.

•

5. De factuur is voorzien van het bedrag en het type duurzame maatregel en een datum waarop de duurzame maatregel is geplaatst. In de factuur moet een specifiek onderscheid zijn gemaakt tussen de verschillende kostenposten.

•

6. Het bankafschrift moet voorzien zijn van de originele datum, naam en/of nummer van de aanvrager. De overige gegevens die niet van belang zijn voor de behandeling van deze aanvraag kunnen onzichtbaar gemaakt worden. Bij contante betaling geldt als betalingsbewijs een kopie van de bon, mits op de factuur ook wordt benoemd dat er contant is voldaan.

Artikel 7:7 Aanvraag subsidieverlening •

1. Een aanvraag voor subsidieverlening wordt schriftelijk ingediend bij het college met behulp van een door het college vastgesteld aanvraagformulier subsidieverlening.

•

2. Het aanvraagformulier wordt ondertekend en gaat vergezeld van: o

a.

een offerte van de energiebesparende maatregel van een daartoe gespecialiseerd bedrijf; •

3. Indien de aanvrager een individuele woningeigenaar is binnen een VVE voor een deel dat niet gezamenlijk is: o

a. een kopie van een splitsingsakte waarin de juiste passage wordt gearceerd en

o

b. een verslag van de ledenvergadering waaruit blijkt dat de VvE goedkeuring verleent voor de voorgenomen installatie/aanleg.

•

4. Indien de aanvraag is ingediend door een VVE bevat de aanvraag ook een verslag van de ledenvergadering waaruit blijkt dat de VvE goedkeuring verleend aan de voorgenomen installatie van de energiebesparende maatregel.

Artikel 7:8 Behandeling aanvraag en beslistermijn subsidieverlening •

1. Een aanvraag voor subsidieverlening wordt pas in behandeling genomen als deze aan alle gestelde vereisten voldoet.

•

2. Volledige aanvragen worden in volgorde van binnenkomst geregistreerd en in behandeling genomen.

•

3. Het college bevestigt direct schriftelijk de ontvangst van de aanvraag.

•

4. Indien een aanvraag niet voldoet aan alle gestelde vereisten, wordt de aanvrager binnen drie weken na ontvangst van de aanvraag in de gelegenheid gesteld om zijn aanvraag binnen een door het college

gestelde termijn aan te vullen. Indien de gevraagde gegevens en bescheiden voldoende zijn om de aanvraag te beoordelen, wordt de aanvraag alsnog als een volledige aanvraag aangemerkt en als zodanig geregistreerd. Het college stelt de aanvrager daarvan zo spoedig mogelijk in kennis. Als datum van registratie geldt de datum waarop het college de aanvullende gegevens en bescheiden heeft ontvangen. •

5. Indien de aanvraag niet binnen de door het college gestelde termijn als bedoeld in het vierde lid wordt aangevuld, besluit het college de aanvraag niet verder te behandelen, tenzij de aanvrager een gemotiveerd verzoek om verlenging van de gestelde termijn heeft gedaan. Indien het college het verzoek om verlenging toewijst, geeft het college aan de aanvrager een laatste nieuwe termijn om de aanvraag aan te vullen.

•

6. Het college beslist binnen acht weken op een volledige aanvraag. Het college kan deze termijn eenmaal met ten hoogste vier weken verdagen.

Artikel 7:9 Aanvraag subsidievaststelling •

1. Binnen een termijn van 20 weken na de subsidieverlening dient de aanvrager een aanvraag tot vaststelling van de subsidie in.

•

2. Een aanvraag voor subsidievaststelling wordt schriftelijk ingediend bij het college met behulp van een door het college vastgesteld aanvraagformulier subsidievaststelling voor energiebesparende maatregelen.

•

3. Het aanvraagformulier wordt ondertekend en gaat vergezeld van:

o

a. een kopie van een gespecificeerde factuur; en

o

b.

een kopie van het betalingsbewijs; en o

c. voor groene daken ook vergezeld van: een foto van het aangelegde groendak.

•

4. Indien voor de aanleg en installatie van een duurzame maatregel een omgevingsvergunning (voorheen: bouw- of monumentenvergunning) is vereist, dient de aanvrager, in afwijking van het eerste lid, binnen een termijn van 24 weken na de verlening van de omgevingsvergunning een aanvraag tot vaststelling van de subsidie in.

Artikel 7:10 Beslistermijn subsidievaststelling en uitbetaling •

1. Het college beslist binnen acht weken op een aanvraag om subsidievaststelling. Het college kan deze termijn eenmaal met ten hoogste twee weken verdagen.

•

2. Het subsidiebedrag wordt binnen vier weken na subsidievaststelling uitbetaald door overmaking van het bedrag op het bankrekeningnummer van de aanvrager. Als bankrekeningnummer van een VVE of van een verhuurder van meergezinswoningen wordt aangemerkt het bankrekeningnummer zoals dat is geregistreerd bij de Kamer van Koophandel.

Artikel 7:11 Weigeringsgronden •

De subsidie wordt geweigerd, indien: o

a. de aanvraag niet voldoet aan de voorwaarden als bedoeld in artikel 7:5 en 7:6;

o

b. een eventuele benodigde omgevingsvergunning (bouw- of monumentenvergunning) is geweigerd;

o

c.

een bewoner/eigenaar van een woning of appartementencomplex een subsidie aanvraagt die door de gemeente Leidschendam-Voorburg al verstrekt is aan een andere partij (bijvoorbeeld een VVE); o

d. het maximum subsidiebedrag wordt overschreden; dit is € 5.000,- per woning of appartement en € 25.000,- per VvE.

o

e. er voor zover het subsidieplafond bij verlening wordt overschreden;

o

f. er gegronde vrees bestaat dat de aanvrager de voorgenomen voorziening niet, of niet naar behoren heeft gerealiseerd; g. Subsidie wordt aangevraagd voor het vervangen of de isolatie van nieuwe aanbouw, opbouw, nieuwe verdieping, nieuwe dakkapel, glaskoepel of dakraam h. Het isolatiemateriaal niet wordt aangebracht door een erkend bedrijf dat natuurvriendelijk isoleert zoals beschreven op www.natuurvriendelijkisoleren.nl

i. De aanvrager van subsidie voor groendak geen bestelbon heeft bijgevoegd, waaruit de datum blijkt waarop de bestelling is geplaatst. Dit geldt niet als de aankoop niet online is gedaan.

Tabel 1 Specificaties duurzame maatregelen Duurzame maatregelen

Specificaties

HR++ glas

Minimaal oppervlak van 5 m2 U-waarde (warmtegeleiding) ten hoogste 1,2 W/m2 K Plaatsing conform NPR 3522 (1). Woningen van voor 1995 minimaal type HR++ glas met ventilatie (2)

Minimaal oppervlak 5 m2 woningen van voor 1995 UEnergiezuinig glas waarde (warmtegeleiding) minder dan 3.5 W/m2 K met voor monumenten of ventilatie. beschermd dorpsgezicht Vloerisolatie Minimaal oppervlak 10 m2 voor woningen van voor 1995. Totale RC-waarde na aanbrengen isolatie groter of gelijk aan 3.5 m2K/W Bodemisolatie

Minimaal oppervlak 20 m2 voor woningen van voor 1995. Totale RC-Waarde na aanbrengen isolatie groter of gelijk aan 3.5 m2K/W

Spouwmuurisolatie Minimaal oppervlak 10 m2 voor woningen van voor 1995. Totale RC-Waarde na aanbrengen isolatie groter of gelijk aan 1,7 m2K/W Muur- of gevelisolatie

Minimaal oppervlak 10 m2 voor woningen van voor 1995. Totale RC-Waarde na aanbrengen isolatie groter of gelijk aan 3 m2K/W

Dakisolatie

Minimaal oppervlak 35 m2 voor woningen van voor 1995. Totale RC-Waarde na aanbrengen isolatie groter of gelijk aan 2.5 m2K/W

Groendaken

Minimaal oppervlak 5 m2. Minimaal de volgende lagen: Gifstoffenvrije laag dakbedekking; wortelwerende laag; Drainagelaag; Filtervlies; Substraatlaag en vegetatielaag (zoals grassen (3), vetplanten, mossen en kruiden). De helling van het dak is niet meer dan 45 graden. Bij een hellingshoek tussen de 35 graden en 45 graden moeten maatregelen getroffen zijn tegen het wegglijden en uitdrogen van de groene daklaag.

Tabel 2 Subsidiebedragen per vierkante meter per duurzame maatregel Soort isolatiemaatregel Subsidiebedrag per m2 HR++ glas € 46,00 Energiezuinig glas voor monumenten/beschermd dorpsgezicht Vloerisolatie

€ 137,00

Bodemisolatie

€ 6,00

Spouwmuurisolatie

€ 8,00

Muur- of gevelisolatie

€ 19,00

Dakisolatie

€ 17,00

Groendaken

€ 20,00

€ 11,00

Voor de berekening van de meterprijs per isolatiemaatregel is gekeken naar de gemiddelde kosten van de totaal aantal aanvragen van de afgelopen jaren per m2. Dit bedrag komt grotendeels overeen met de subsidiebedragen van de landelijke ISDE-subsidieregeling, behalve voor muur- en dakisolatie, groendak en monumentaal glas.

Netto glasmaat Om subsidie aan te vragen heeft u de oppervlakte van het glas nodig in vierkante meters. De gemeentelijke subsidieregeling hanteert de meetmethode: netto glasmaat. De kozijnen tellen niet mee voor het subsidiebedrag per m2.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Leidschendam&id=804b8abe-5eb6-4738-b289-7092e53f8bd1