CConstaterende datLeidschendam-Voorburg
Koppel je AI →
Document · PDF

3495 Onderzoeksrapportage over onderhoud aan wegen, bruggen en onderdoorgangen

Beeldvorming Brak/'t Swaentje 31 oktober 2023, gemeente Leidschendam-VoorburgBij agendapunt: Beeldvorming presentatie Rekenkamercommissie (RKC): Toelichting RKC op het rapport onderhoud wegen bruggen onderdoorgangen25.261 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 3

Om geluid te reduceren worden klinkers vermeden bij wegen waar met een snelheid van 50 km per uur wordt gereden en wordt een geluidsreducerende toplaag bij asfaltwegen toegepast bij het verstrijken van de theoretische levensduur. Bij de uitvoering van verkeersprojecten wordt gekeken naar de mogelijkheden om hinder te beperken. Hier wordt met name bij doorgaande wegen gekeken naar de mogelijkheden om werkzaamheden buiten de spits of ’s nachts uit te voeren. Werkzaamheden in woongebieden worden veelal overdag uitgevoerd. Deze afweging wordt doorgaans door de afdeling beheer en onderhoud zelf gemaakt. Daarnaast wordt dit afgestemd met externe partijen zoals hulporganisaties of andere gemeenten. Monitoring moet nog breder worden opgezet De monitoring wordt onderdeel van de nieuwe projectorganisatie die in het voorjaar van 2022 is gestart. Hier zal onder andere naar nacalculaties worden gekeken. Doel is om projecten op dezelfde wijze op te zetten om goed inzicht te krijgen in de ontwikkelingen waardoor geëvalueerd kan worden op detailniveau. Het vergt meer tijd om hier de eerste resultaten van te gaan zien. 5.2.3 Rol van de gemeenteraad Gemeenteraad aan zet bij vaststellen van plannen en budgetten De gemeenteraad van Oegstgeest stelt beheerplannen, het MJOP en budgetten vast voor het onderhoud. Ook is het aan de Raad om de keuzes te maken indien er meer werk is dan budget.

Doel is om de gemeenteraad in de positie te brengen om deze keuzes te maken en daarom het goede gesprek op de juiste momenten te voeren. Hierbij is het niet de bedoeling dat de gesprekken met de gemeenteraad over details gaan. De gemeenteraad krijgt op verschillende wijzen inzicht in de onderhoudsprojecten, namelijk via technische briefings, informele sessies en brieven. Ook heeft de Raad inzicht in het MJOP en heeft ze de wijze waarop projecten zijn geprioriteerd vastgesteld en de budgetten beschikbaar gesteld. De gemeente geeft aan dat de raad op de hoogte is van risico’s zoals prijsstijgingen. De gemeente heeft zich voorgenomen om bij de komende projecten ook de raad de mogelijkheid te geven om te komen kijken bij projecten en er is afgesproken om te rapporteren over de voortgang van projecten uit het MJOP. Dit kan bijvoorbeeld gaan over het verschuiven van planningen door vertraging in levertijden, het voordoen van risico’s of nieuwe inzichten op basis van inspecties. Tevens is afgesproken dat de raad met de P&C cyclus op hoofdlijnen informatie krijgt over de voortgang van de MJOP-projecten. Systematische nacalculaties en evaluaties van projecten moeten daarvoor de basis gaan vormen.

57

Nieuwe gemeenteraad zet in op realisatie van MJOP In het Coalitieakkoord wordt het beeld uit het MJOP door de nieuwe gemeenteraad zorgwekkend genoemd39 en er wordt uitgesproken om alle A-projecten van het MJOP uit te voeren en zo snel mogelijk ook financiële ruimte te creëren voor de overige projecten. Financiële meevallers zullen primair voor het MJOP ingezet worden. Daarnaast wordt de ambitie uitgesproken om de inzet op het gebied van klimaat te verhogen. Gezien de opgave volgend uit het MJOP, en andere opgaven zoals het Integrale Huisvestingsplan (IHP) voor scholen, is het niet mogelijk om onder de schuldquote van 130% te blijven en zullen belastingen (OZB en toeristenbelasting) verhoogd worden. De raad heeft de prioritering van projecten vastgesteld en bijbehorende budgetten beschikbaar gesteld. 5.3

Personele en financiële aspecten

5.3.1 Personele aspecten Afdeling beheer en onderhoud richt zich op zowel onderhoud als integrale projecten Onder de afdeling Beheer en Onderhoud van de gemeente Oegstgeest valt alles van beleid tot realisatie en van klein onderhoud tot de organisatie van grote projecten. De gemeente geeft aan dat dit het makkelijk maakt om dingen af te stemmen. De grote projecten omvatten soms meer dan het beheer en onderhoud maar worden wel vanuit deze afdeling getrokken vanwege de kennis over de openbare ruimte. De afdeling werkt samen met andere afdelingen waaronder de financiële afdeling en het servicebureau. Professionaliseringsslag gaande binnen organisatie, capaciteit aantrekken vormt uitdaging Doel van de gemeente is om dit MJOP uit te voeren en verder te ontwikkelen. Het idee is om het MJOP elke drie jaar te actualiseren. Om dit te realiseren is de gemeente bezig met een professionaliseringsslag in de organisatie. In eerdere communicatie over het MJOP gaf de vorige gemeenteraad aan niet alleen financiële knelpunten te zien maar ook capaciteitsproblemen. De gemeente wil binnen de afdeling steeds meer een scheiding aanbrengen waarbij de beheerders zich focussen op het beheren en er een projectenbureau is voor de grotere projecten. Voorheen deden sommige medewerkers verschillende taken. Doel hiervan is om de juiste competenties op de juiste taken in te zetten.

Daarnaast heeft de afdeling de ruimte gekregen om zich te versterken met extra arbeidskrachten waarbij de voorkeur is om zoveel mogelijk eigen personeel in dienst te nemen. In het licht van de huidige arbeidsmarkt vormt dit een uitdaging. Begin 2023 geeft de gemeente aan dat inmiddels een programmamanager voor het MJOP is gestart. Op dit moment wordt er vooral gezocht naar projectleiders. Aanbesteding via raamovereenkomsten en op projectenbasis Voor het kleinschalige en veelvoorkomende onderhoud heeft de gemeente raamovereenkomsten. Zowel voor elementenverhardingen als voor asfalt gaat de gemeente deze overeenkomsten aan. De looptijd van deze contracten zijn twee jaar met twee keer een mogelijkheid tot een jaar verlenging. De gemeente ziet voordelen in een langjarige samenwerking en de raamovereenkomsten dragen ook bij aan doelmatigheid. Overige werkzaamheden worden veelal op projectniveau aanbesteed. Aanbestedingen gebeuren veelal op prijs-kwaliteitsverhoudingen. Bij meervoudig onderhandse aanbestedingen selecteert de gemeente eerst goede partijen en besteden ze vervolgens aan op prijs. Bij andere type projecten, zoals vervanging van kunstwerken, wordt veelal op EMVI aanbesteed. Aanbestedingen die Europees of meervoudig zijn worden door de service organisatie van de gemeente uitgezet.

39

Gemeente Oegstgeest (2022). ‘Coalitieakkoord 2022-2026 ‘Zorgen voor Oegstgeest’’.

58

5.3.2 Financiële aspecten Lasten voor onderhoud aan wegen liggen vanaf 2021 aanzienlijk hoger Figuur 5.2 toont de werkelijke exploitatielasten voor de periode 2017-2021 en de begrote exploitatielasten voor de periode 2022-2026 voor het onderhoud aan wegen.40 Voor het beheer van wegen en bruggen onderscheidt de gemeente drie type onderhoudsmaatregelen: klein onderhoud, groot onderhoud en investeringen. Het kleine onderhoud (jaarlijks onderhoud) komt ten laste van de exploitatie. Hierbij zijn de werkelijke en begrote exploitatielasten voor dit type onderhoud gelijk aan respectievelijk de gerealiseerde en beoogde uitgaven. Voor groot onderhoud wordt jaarlijks een storting gedaan in de voorziening. Met een voorziening blijft het jaarlijks onderhoudsbudget beschikbaar over meerdere jaren en kan voor grotere uitgaven worden gereserveerd. De begrote stortingen in de voorziening zijn gebaseerd op de voorziene maatregelen in de komende jaren en de hoogte van de jaarlijkse storting betreft daarmee een langjarig gemiddelde van de voorziene uitgaven. Ten slotte vervangt de gemeente ook wegen. Dergelijke maatregelen worden gezien als investeringen en deze worden over een langere termijn afgeschreven. De lasten hiervan, afschrijving en rente, zijn onderdeel van de kapitaallasten.

De optelsom van de drie bovengenoemde componenten geeft inzicht in de kosten die ten laste komen van de begroting in een bepaald jaar en waarop de gemeente kan sturen in haar assetmanagement. De onderstaande figuur geeft daarmee niet de daadwerkelijke uitgaven per jaar weer, maar schetst daarentegen een beeld van de kosten aan klein onderhoud, reserveringen voor uitgaven aan groot onderhoud en de kosten van grote investeringen uitgesmeerd over een langere periode. Opvallend in deze figuur zijn enerzijds de lage lasten in 2020 en anderzijds de hoge lasten in 2021. De voorziening voor wegen was tijdelijk weggevallen omdat de accountant oordeelde dat het beheerplan niet solide was. In 2021 is dit met het nieuwe beheerplan hersteld en heeft een correctie plaatsgevonden.41 Daarnaast valt op dat de lasten in elke categorie vanaf 2021 structureel hoger liggen dan in de periode hiervoor. De achtergrond hiervan is de huidige verslechterde staat van het areaal en de benodigde maatregelen in de komende jaren om dit te herstellen. De gemeente geeft aan in de afgelopen jaren te weinig groot onderhoud en vervangingen te hebben uitgevoerd. De gemeente heeft beheerplannen en een MJOP opgesteld met maatregelen om het areaal weer op ambitieniveau B te brengen. De gevolgen hiervan zijn duidelijk terug te zien in de financiële begroting.

Zowel de lasten voor het klein onderhoud als de storting in de voorziening ten behoeve van het groot onderhoud en de kapitaallasten van investeringen liggen op een aanzienlijk hoger niveau dan in de voorgaande jaren.

40

De lasten voor 2022 zijn gebaseerd op de begroting 2022-2025 en de lasten voor de jaren 2023-2026 zijn gebaseerd op de begroting 2023-2026.

41

Gemeente Oegstgeest (2021). ‘Beheerplan wegen 2020-2027’.

59

Figuur 5.2

Werkelijke exploitatielasten (2017-2021) en begrote exploitatielasten (20222026) naar onderdeel voor wegen, in duizenden euro’s

2.000 1.800 1.600 1.400 1.200 1.000 800 600 400 200 2017

2018

2019

2020

2021

2022

Werkelijk Klein onderhoud en beheerkosten

2023

2024

2025

2026

Begroot Storting in voorziening

Kapitaallasten

Bron: Jaarrekeningen en begrotingen gemeente Oegstgeest, bewerking EIB

Kapitaallasten voor civiele kunstwerken nemen sterk toe tot 2026 Figuur 5.3 toont een vergelijkbaar figuur voor de werkelijke en begrote exploitatielasten voor civiele kunstwerken die jaarlijks ten laste komen van de begroting. De figuur geeft naast de lasten voor bruggen en onderdoorgangen ook de lasten weer voor aanleginrichtingen en duikers. Ook bij civiele kunstwerken zijn er achterstanden in de kwaliteit van het areaal. In het beheerplan heeft de gemeente elf slechte objecten benoemd en uit nader onderzoek is gebleken dat vijf bruggen onvoldoende sterk zijn om alle verkeersbelasting te dragen. Hiervoor is geadviseerd gebruiksbeperkingen op leggen.42 De benodigde maatregelen om de kwaliteit weer op het ambitieniveau te brengen zijn opgenomen in de beheerplannen en het MJOP en hierdoor nemen met name de kapitaallasten sterk toe in de komende jaren.

42

Gemeente Oegstgeest (2021). ‘Beheerplan Civiele Kunstwerken 2020-2027’.

60

Figuur 5.3

Werkelijke exploitatielasten (2017-2021) en begrote exploitatielasten (20222026) naar onderdeel voor civiele kunstwerken, in duizenden euro’s

700

600

500

400

300

200

100

2017

2018

2019

2020

Werkelijk Klein onderhoud en beheerkosten

2021

2022

2023

2024

2025

2026

Begroot Storting in voorziening

Kapitaallasten

Bron: Jaarrekeningen en begrotingen gemeente Oegstgeest, bewerking EIB

Verschillen tussen stortingen en onttrekkingen aan voorzieningen In de staat van de voorzieningen is terug te zien dat in de periode 2017-2021 een relatief klein deel van de voorzieningen van wegen is aangewend. Gemiddeld gaat het om ongeveer een derde ten opzichte van de jaarlijkse storting in de voorziening. In tegenstelling tot de wegen is voor civiele kunstwerken in de periode 2017-2021 relatief meer budget onttrokken uit de voorziening dan er is toegevoegd. Dit was mogelijk door een relatief hoge boekwaarde aan het begin van 2017. Ramingen in eerste instantie gebaseerd op kostenkengetallen Voor de beheerplannen worden eenduidige kostenkengetallen gebruikt die gebaseerd zijn op expertise van grote ingenieursbureaus. Op projectniveau wordt dit vervolgens uitgewerkt met de standaardsystematiek voor kostenramingen (SSK). Hierbij hanteert de gemeente uitgangspunten die in de gemeente zijn vastgesteld, waaronder bijvoorbeeld risicopercentages. Met de inrichting van het projectenbureau wil de gemeente de expertise voor het beheer van kengetallen versterken. Lange termijn gevolgen van MJOP van belang voor financiële positie gemeente Naast de verwerking in de begroting voor de komende vier jaar, heeft de gemeente vanwege de grote financiële impact van projecten de behoefte om verder te kijken dan deze horizon.

Daarom maakt de gemeente inzichtelijk wat de kapitaallasten voor de komende tien jaar zijn. Hiermee wordt ook inzichtelijk wat de gevolgen van investeringen zijn op belangrijke financiële parameters voor de gemeente, zoals de schuldquote, de solvabiliteit en de structurele exploitatieruimte. Bij het MJOP zijn bijvoorbeeld verschillende scenario’s onderzocht en de gevolgen hiervan op belangrijke financiële parameters.43 Bij de meeste geschetste scenario’s

43

Gemeente Oegstgeest (2021). ‘Scenario berekening MeerJarenOnderhoudsProgramma (MJOP)’.

61

leidt de uitvoering tot een (tijdelijke) overschrijding van de schuldquote van 130% wat de gemeente definieert als een risicovolle schuld. In de begroting van 2023-2026 geeft de gemeente aan dat de schuldquote tot boven de 130 procent stijgt in 2026 maar dit acceptabel te vinden aangezien andere belangrijke financiële indicatoren, namelijk het exploitatieresultaat en het weerstandsvermogen, wel voldoende blijven.44 Prijsstijgingen belangrijk benoemd risico De gemeente heeft in de komende jaren een forse opgave met projecten die volgen uit het MJOP. Een belangrijke onzekerheid hierbij zijn de prijsstijgingen. De gemeente geeft aan dat wanneer de impact van de prijsstijgingen in beeld zijn, ze dit zo snel mogelijk aan willen geven bij de gemeenteraad, ten behoeve van extra benodigd budget. Dit risico op prijsstijgingen is benoemd in het weerstandsvermogen in de begroting van de gemeente. In deze paragraaf worden de belangrijkste risico’s benoemd waar geen beheersmaatregelen op projectniveau voor te nemen zijn. De top tien aan risico’s45 worden benoemd in de begroting maar de gemeente houdt bij welke risico’s spelen en wat de kans en mogelijke gevolgen hiervan zijn. Andere belangrijke risico’s die projectafhankelijk zijn, worden meegenomen in de SSKramingen van de projecten.

Per project in het MJOP verkent de gemeente de juridische, financiële, operationele, participatie/communicatie en imago risico’s. Waar mogelijk kent de gemeente deze risico’s toe naar de verschillende disciplines. 5.4

Communicatie

Participatietrajecten bij grotere projecten Bij het bepalen van de projectscope bekijkt de gemeente wie de partners buiten zijn en of dit informatief van aard is of dat het gaat om een participatietraject. Dit is sterk afhankelijk van het project. Bij regulier onderhoud is dit vaak informatief van aard, maar bij meer ingrijpende projecten gaat er een participatietraject aan vooraf. In het MJOP wordt aangegeven dat communicatie en participatie veel oplevert maar wel veel tijd kost. Hier wordt rekening mee gehouden in de planning. Naast deze trajecten worden plannen in de openbare ruimte op de website, het bewonersplatform en via sociale mediakanalen gepubliceerd. Beperkte afstemming met overige organisaties bij onderhoud Andere organisaties zoals Veilig Verkeer Nederland (VVN) zijn in de fase van beheerplannen niet betrokken maar afhankelijk van het project zijn er soms lokale partijen betrokken. Ten slotte vindt er afstemming plaats met andere wegbeheerders over werkzaamheden die invloed hebben op het verkeer. Het doel hiervan is dat gebieden niet onnodig of langdurig hinder ervaren 5.5

Overkoepelend beeld

Figuur 5.4 geeft het overkoepelend beeld voor de gemeente Oegstgeest op de aspecten areaal en informatie, doelstellingen, planvorming, personele aspecten, financiële aspecten en communicatie. Op de aspecten areaal en informatie, doelstellingen, planvorming en communicatie is het beheer in de gemeente Oegstgeest op orde. Voor de financiële aspecten is het beheer deels op orde. De personele aspecten zijn nauwelijks op orde.

44

Gemeente Oegstgeest (2022). ‘Programmabegroting 2023-2026’

45

Hoogste kans van voordoen en financiële impact.

62

Figuur 5.4

Overkoepelend beeld gemeente Oegstgeest

Wassenaar

Voorschoten

Oegstgeest

Leidschendam-Voorburg

Areaal en informatie geheel op orde

Communicatie

deels op orde

Doelstellingen

nauwelijks op orde

Financiële aspecten

Planvorming

Personele aspecten

Bron: EIB

Gemeente heeft concreet, integraal plan om achterstanden in het areaal weg te werken Vanwege bezuinigingen in het verleden, kent gemeente Oegstgeest achterstanden in de kwaliteit op verschillende disciplines van de openbare ruimte ten opzichte van het vastgestelde kwaliteitsniveau B. Vanwege deze grote opgave heeft gemeente Oegstgeest de verschillende beheerplannen bij elkaar gelegd om op basis hiervan één integraal Meerjarenonderhoudsplan (MJOP) op te stellen. Hierbij is een duidelijk afwegingskader met wegingsfactoren gehanteerd. Met het opstellen van het MJOP en het beschikbaar stellen van middelen voor de eerste categorie projecten is een belangrijke stap gezet om deze achterstanden in te halen. Bij het uitvoeren van het MJOP worden waar mogelijk maatschappelijke ambities meegenomen zoals het aanleggen van stil asfalt bij asfaltwegen of waterdoorlatende bestrating bij parkeervakken. Resultaten strategie moeten nog blijken, personele en financiële aspecten vormen uitdaging Om de uitvoering van het MJOP te bewerkstelligen is de gemeente bezig met een professionaliseringsslag in de eigen organisatie. Hier vormt de huidige arbeidsmarkt een uitdaging om extra personeel aan te trekken. Daarnaast betekenen de sterke prijsstijgingen dat waarschijnlijk extra budgetten nodig zullen zijn voor de uitvoering van het MJOP.

De gemeente geeft aan dit vroegtijdig bij de gemeenteraad aan te geven en de gemeenteraad daarnaast op de hoogte te willen houden van de ontwikkelingen in het MJOP. Monitoring van belang om waar nodig strategie bij te sturen In de komende jaren wordt duidelijk hoe de strategie van de gemeente werkt. Het is van belang om projecten en het MJOP in algemene zin te monitoren en te evalueren zodat waar nodig bijgestuurd kan worden.

63

64

6

Gemeente Leidschendam-Voorburg

6.1

Areaal

6.1.1 Wegen Gemeente Leidschendam-Voorburg beheert ruim 3 miljoen m2 weg Tabel 6.1 toont het wegenareaal van de gemeente Leidschendam-Voorburg. Dit areaal bestaat uit ruim 3 miljoen m2 weg waarvan het grootste deel (77%) elementenverharding betreft.

Tabel 6.1

Oppervlakte gemeentelijke verhardingen Leidschendam-Voorburg naar type materiaal

Oppervlak in duizend m2

%

Asfalt Elementverharding Onverharde wegen Betonverharding

658 2.328 34 1

22% 77% 1% 0%

Totaal

3.020 3.02 0

100%

Type verharding

Bron: Gemeente Leidschendam-Voorburg46

Tweejaarlijkse inspecties en gedeeltelijke maandelijkse inspectie Elke twee jaar worden de wegen visueel geïnspecteerd en worden de schades vastgelegd volgens de landelijke systematiek van het CROW. De inspectie is de basis voor het opstellen van het onderhoudsprogramma. Naast deze tweejaarlijkse inspecties zijn er gedeeltelijke maandelijkse inspecties. Hierbij gaat het niet alleen om wegen maar om het gehele areaal. De gehele gemeente is ingedeeld in vakken van 100 bij 100 meter en elke maand selecteert een programma 100 willekeurige vakken. Hier gaan vervolgens de beheerders zelf inspecteren. Het beheerplan benoemt de resultaten uit 2017. Op dat moment was 90% van het areaal categorie A of B (voldoende tot zeer goed), 1% matig en 10% (te) slecht. Dit laatste vormt een aandachtspunt: dit mag alleen incidenteel voorkomen. De gemeente geeft aan dat bij de meest recente inspectie in 2021 het beeld was dat de kwaliteit voldeed aan de ambities. 6.1.2 Civiele kunstwerken Gemeente Leidschendam-Voorburg beheert in totaal 276 civiele kunstwerken, het gaat met name om vaste bruggen (tabel 6.2). Hierin zijn een aantal duikers meegenomen, maar vallen de geprefabriceerde duikers buiten dit concept beheerplan en worden deze meegenomen bij het areaal riolering.

46

Gemeente Leidschendam-Voorburg (2019). ‘Integraal beleidsplan wegbeheer 2019-2023’.

65

Tabel 6.2

Aantal objecten in beheer van gemeente Leidschendam-Voorburg naar type

Type object Beweegbare bruggen Vaste bruggen Tunnels Kades/kademuren Viaducten Water- en grondkerende constructies van beton, staal of metselwerk Duikers (niet volledig prefab)47 Aanlegrichtingen en visstijgers Stuwen

Aantal/oppervlak 4 226 2 10 2 21.658 m2 19 11 2

Totaal

276

Bron: Gemeente Leidschendam-Voorburg48

Overwegend goede kwaliteitsscores volgens laatste inspectie civiele kunstwerken De kwaliteit van het areaal civiele kunstwerken is door een extern inspectiebureau voor de gemeente in beeld gebracht (figuur 6.1). In 2021 is dit voor het laatst in Voorburg gedaan en in 2018 voor het laatst in Leidschendam. De kwalificaties A-E zijn vertaald naar de CROWkwaliteitsniveaus A+ tot en met D. Dit gaat over zowel beeldkwaliteit als technische kwaliteit. Een groot deel is als voldoende tot (zeer) goed beoordeeld (80%).

47

De prefab duikers zijn buiten beschouwing gelaten. Ze hebben stoms een lange lengte en vormen een geheel met hemelwaterrioolstelsels. Ook zijn ze vaak op elkaar aangesloten. Het onderscheid is daarom niet meer te maken en ze worden opgenomen in het areaal riolering.

48

Gemeente Leidschendam-Voorburg (2022). ‘Concept beheerplan civiele constructies en beschoeiingen 2023-2027’.

66

Figuur 6.1

Kwaliteit civiele kunstwerken in gemeente Leidschendam-Voorburg

Te slecht (D) Zeer goed (A+) 5% 6% Matig (C) 15%

Goed (A) 46% Voldoende (B) 28%

Bron: Gemeente Leidschendam-Voorburg49

De gemeente geeft in het concept beheerplan aan dat in de afgelopen jaren veel onderhoud is uitgevoerd en een aantal civiele kunstwerken zijn vervangen. Daarmee is de verwachting dat een groter deel voldoende tot goed scoort (89%), er minder objecten zijn die matig scoren (10%) en er slechts één object is die slecht scoort. 6.2

Visie

6.2.1 Doelstellingen Verschillende ambitieniveaus per gebied De gemeente hanteert afhankelijk van het gebied verschillende ambitieniveaus. Samengevat betekent dit niveau A voor het centrum- en stationsgebied, B voor woongebieden en C voor buitengebieden. Op basis van de meest recente inspecties werd duidelijk dat de kwaliteit hoog is en ambities grofweg worden gehaald. De verschillende ambitieniveaus hebben gevolgen voor het onderhoud. Dit uit zich ten eerste in de schades die over tijd mogen optreden. Daarnaast uit dit zich in materiaalkeuzes. Bij Bgebieden worden bijvoorbeeld standaardmaterialen uit het handboek van de gemeente gebruikt. Bij A-gebieden mag hier van worden afgeweken, alhoewel bij het onderhoud deze bijzondere materialen soms lastig te krijgen zijn. Geen nieuwe doelen voor onderhoud vanuit coalitieakkoord Uit het nieuwe coalitieakkoord volgen geen nieuwe doelstellingen of maatregelen die rechtstreeks van belang zijn voor het onderhoud aan wegen, bruggen of onderdoorgangen. Wel

49

Gemeente Leidschendam-Voorburg (2022). ‘Concept beheerplan civiele constructies en beschoeiingen 2023-2027’.

67

is er voorgenomen om een groen actieplan op te stellen. Dit zal worden opgesteld door de beleidsafdeling Maatschappelijk Ruimtelijke Ontwikkeling. Deze afdeling houdt zich bijvoorbeeld bezig met vraagstukken over doorstroming en veiligheid. Hieruit volgen soms wel consequenties voor de beheerafdeling, zoals het omvormen van fietspaden naar andere materialen. Maatschappelijke doelen waar mogelijk bij onderhoud meegenomen De gemeenteraad stelt (maatschappelijke) ambities vast. Maatschappelijke ambities die in het beheerplan voor wegen worden benoemd zijn bijvoorbeeld leefbaarheid, veiligheid, duurzaamheid en klimaatadaptatie. Hierbij is het ene doel concreter gemaakt dan het andere. Zo worden bij klimaatadaptatie een aantal concrete maatregelen genoemd waaronder waterberging op straat, het omvormen van verhardingen naar groen en het laten staan van meer bomen. Leefbaarheid is een minder concreet doel en wordt toegelicht met de wens om de openbare schoon, heel en veilig te houden met behoud van het groene karakter. De afdeling Stadsbeheer streeft ernaar om bij onderhoudswerkzaamheden zoveel mogelijk maatregelen tegelijk mee te nemen conform het principe integraal werken. Maatregelen op het gebied van klimaatadaptatie worden voorgesteld vanuit bijvoorbeeld het groen- of rioolbeheer.

Een voorbeeld van een maatregel dat op het gebied van klimaatadaptatie wordt genomen is waterdoorlatende bestrating. Dit is nu nog beperkt toegepast maar in de komende jaren wil de gemeente dit meer gaan doen. Dit zal gevolgen hebben voor met name de beheerkosten en daar zal de gemeente naar verwachting in het volgende beheerplan voor wegen op in gaan. Wens voor meer integraliteit Een voorbeeld waar nu al meer integraliteit wordt gezocht is het beheerplan voor kunstwerken en beschoeiingen.50 Voorheen was er geen beheerplan voor kunstwerken. De reden hiervan was dat er geen behoefte aan was en het onderhoud aan wegen meer prioriteit had. De gemeente werkte met uitslagen van inspecties van kunstwerken om maatregelen op te stellen. Met de start van assetmanagement wordt het noodzakelijk om ook voor de civiele kunstwerken een beheerplan te maken. Ook het eigenaarschap van het areaal is soms verdeeld over verschillende disciplines, bijvoorbeeld muren van duikers bij water en kademuren bij beschoeiingen. Met het nieuwe beheerplan wil de gemeente dit integraal benaderen. Het onderhoudsprogramma wordt nu al wel tussen de disciplines afgestemd en waar mogelijk integraal opgepakt. Bij dit soort projecten brengen ze in kaart welke kosten voor welke discipline zijn. Verdere integrale plannen is wel de wens maar vergt een langere adem.

De gemeente geeft aan dat de gehele organisatie hier klaar moet zijn en niet alleen de afdeling zelf. Bij deze integrale plannen zullen ook ontwikkelingen van belang worden die nu nog niet volledig in beeld zijn, zoals de warmtetransitie. Concept assetmanagementstrategie gereed De afdeling stadsbeheer heeft in 2021 een document met een beschrijving van de assetmanagementstrategie opgesteld genaamd ‘Slimmer beheren’. Dit document kent nog geen formele status maar vormt wel de basis voor de beheerders om aan de slag te gaan met het integraal assetmanagement. Aspecten die hierin zijn opgenomen zijn bijvoorbeeld het integraal benaderen en weloverwogen keuzes maken tussen geld, prestaties en risico’s. Van belang is om dit nu ook naar buiten toe uit te dragen en de rest van de organisatie in deze strategie mee te krijgen. 6.2.2 Planvorming Inspecties, maatregeltoetsen en nadere onderzoeken om tot onderhoudsprogramma te komen De gemeente hanteert een duidelijk plan van aanpak bij opstellen van de planning van maatregelen. Door het kennisinstituut CROW worden diverse richtlijnen opgesteld voor het beheer van verhardingen en het ligt voor de hand om deze te volgen. De gemeente gebruikt deze richtlijnen bijvoorbeeld voor het uitvoeren van de inspecties.

50

Op moment van schrijven betreft dit nog een concept beheerplan.

68

Voor wegen verloopt het proces van inspectie tot maatregel als volgt. De inspectieresultaten worden in een programma ingevoerd en hier volgen maatregelen uit. De meerjarenplanning geeft aan op welk wegvak, welk type onderhoud moet worden uitgevoerd. Vervolgens wordt een maatregeltoets uitgevoerd om te kijken wat er buiten echt nodig is. Ook is een risicoanalyse op veiligheid van de weggebruiker en technische levensduur verwachting uitgevoerd. Op deze wijze zijn de prioriteiten aangeven in het onderhoudsprogramma en wordt het onderhoud met het grootste risico op verkeersonveiligheid, dan wel de kans op kapitaalvernietiging als eerste aangepakt. Tenslotte wordt ook gekeken naar het effect van de onderhoudsmaatregel op de restlevensduur van de verharding, zodat het onderhoud zo economisch verantwoord mogelijk wordt uitgevoerd. Bij wegen wordt doorgaans de prioritering als volgt aangehouden: trottoirs en voetpaden bij winkelcentra en rondom voorzieningen voor ouderen, overige trottoirs, fietspaden, rijbanen en parkeerstroken. Bij civiele kunstwerken is de methode vergelijkbaar. Op basis van de inspectieresultaten worden nadere onderzoeken uitgevoerd en hier volgt de uiteindelijke planning uit. Bij de prioritering wordt de volgorde als volgt aangehouden: houten bruggen, beweegbare bruggen, civiele kunstwerken in de hoofdinfrastructuur, overige civiele kunstwerken en beschoeiingen.

De gemeente geeft tijdens het gesprek het belang van de maatregeltoets en nadere onderzoeken aan. Dit kan afwijken van wat een beheerprogramma aangeeft als te nemen maatregel. Daarnaast geeft de gemeente aan het onderhoud indien mogelijk af te schalen zodra er projecten aangekondigd zijn op die locatie. Hierbij wordt alleen noodzakelijk onderhoud gedaan om de veiligheid te waarborgen. Beheerplan is met name een beleidsplan Het huidige beheerplan noemt de gemeente vooral een beleidsplan: het geeft aan hoe de gemeente komt tot maatregelen en hoe deze gefinancierd worden, maar geeft geen concrete meerjarenplanning aan met geraamde bedragen. De gemeente geeft aan dat ze tweejaarlijks inspecties doen voor wegen en dat hiermee de eerste twee jaar goed te ramen zijn. Dit geldt in mindere mate voor het derde en vierde jaar, onder andere omdat na twee jaar weer een nieuwe inspectie plaatsvindt. Het nadeel van het opnemen van concrete plannen en het benoemen van bedragen in beheerplannen en begrotingen is volgens de gemeente dat de afwijkingen groot zullen zijn en dit vervolgens uitleg behoeft. Hierbij komt dat sommige ontwikkelingen niet altijd vooraf te voorzien zijn. Een voorbeeld hiervan is glasvezel dat in de gemeente wordt aangelegd. Dit was in het voorgaande jaar nog niet voorzien maar heeft wel ingrijpende gevolgen voor wegen omdat dit (deels) onder wegen wordt aangelegd.

Doel om planmatiger te werk te gaan De gemeente geeft aan dat in 2021 relatief veel zaken met betrekking tot onderhoud aan wegen op basis van meldingen zijn uitgevoerd. Het beheerprogramma rekent met een budget en dit betekent dat sommige schades niet door het systeem tot te nemen maatregelen leidt, alhoewel deze schades wel tot meldingen kunnen leiden. Hier zal in de komende jaren beter op worden gelet. Doel is om steeds planmatiger te werk te gaan. Hier zal ook het nieuwe beheerplan voor kunstwerken aan bijdragen. Asfaltwerkzaamheden worden soms gedurende de nacht uitgevoerd Asfaltwerkzaamheden worden soms ’s nachts worden uitgevoerd. In de nacht werken is echter wel kostenverhogend, dus dit probeert de gemeente tot een minimum te beperken. De keuze om dit wel te doen hangt af van de hinder die ermee bespaard wordt en eventuele werkzaamheden elders. De gemeente meldt werkzaamheden in het meldingsprogramma voor infrastructurele verstoringen en indien bijvoorbeeld omliggende gemeenten of Rijkswaterstaat ook werkzaamheden gepland heeft staan, moet daar omheen gepland worden. Gemeente maakt onderscheid tussen klein onderhoud, groot onderhoud en vervangingen De gemeente maakt onderscheid tussen verschillende type onderhoud, in overeenstemming met de BBV.

Bij groot onderhoud gaat het om correctieve maatregelen als gevolg van slijtgage na een langere periode van gebruik om een object in goede staat te houden of te brengen. Deze maatregelen zijn vaak gepland, veelal ingrijpend van aard en hebben betrekking op een groot of belangrijk deel van een object. Klein onderhoud gaat meer over de preventieve maatregelen en

69

de dagelijkse reparaties. Daarnaast worden soms civiele kunstwerken vervangen aan het einde van de levensduur. Dit wordt gezien als investering waarbij de lasten over meerdere jaren verdeeld worden. Monitoring en bijsturing focust zich op planning, kengetallen en schadebeelden In de beheerplannen geeft de gemeente aan dat de planning voor wegen ieder kwartaal waar nodig wordt bijgestuurd en voor civiele kunstwerken ieder half jaar. Hierbij wordt rekening gehouden met politieke vragen en wensen. Om de kosten voor het onderhoud aan wegen te monitoren vergelijkt de gemeente de gemaakte kosten met de kosten die gegenereerd worden door het beheerpakket, zodat ze waar nodig tarieven kunnen aanpassen. Bij elementen kloppen deze kentallen vaak redelijk. Bij asfalt zijn meer afwijkingen te zien doordat bij de uitvoering zorgvuldiger wordt gekeken naar de uit te voeren maatregel. Gehele monitoring en nacalculatie van projecten gebeurt binnen het onderhoud niet, maar wel bij de integrale projecten die elders zijn belegd. Ook in de beheerplannen vindt een terugblik plaats op de voorgaande periode en wordt op basis hiervan bijgestuurd. Zo wordt er bijvoorbeeld in het Beheerplan Wegen 2019-2023 aangegeven dat extra budget nodig is om het areaal weer op het gewenste kwaliteitsniveau te brengen.

In het concept van het beheerplan voor kunstwerken wordt aangegeven wat er in de afgelopen periode is uitgevoerd en wat het schadebeeld is ten opzichte van voorgaande periode. 6.2.3 Rol van de gemeenteraad De gemeenteraad beslist over het beleid en de ambities en kent financiële middelen toe. De gemeente geeft aan dat het uitvoeren van onderhoud noodzakelijk is en het geen keuze is om dit wel of niet uit te voeren. De gemeenteraad wordt daarom beperkt meegenomen bij de keuzes in onderhoudsmaatregelen, maar krijgen wel zicht via de beheerplannen wat de staat is van het areaal en welke middelen nodig zijn om het areaal op het gewenste kwaliteitsniveau te brengen. Deze beheerplannen worden voorgelegd aan de gemeenteraad om vast te stellen. Deze plannen bevatten geen concrete maatregelen maar focussen zich meer op aspecten zoals het algehele plan van aanpak en de financiering. Ook krijgt de gemeenteraad inzicht via de begroting wat de planning is voor het komende jaar en ziet de gemeenteraad aan het eind van het jaar wat gerealiseerd is. Daarnaast worden af en toe informatieve sessies voor de Raad georganiseerd om haar op de hoogte te brengen hoe plannen worden opgesteld. Voor de grotere projecten krijgt de gemeenteraad inzicht in het verloop via projectboeken. 6.3

Personele en financiële aspecten

6.3.1 Personele aspecten Afdeling stadbeheer gaat over planmatig onderhoud en kleine uitvoeringszaken De afdeling Stadsbeheer gaat over zowel het planmatig onderhoud als de kleine uitvoeringszaken. De eerste klachtenlijn gaat naar het cluster uitvoering. Zodra het werk wat groter van aard is, wordt het door de afdeling Stadsbeheer verder opgepakt. Binnen de afdeling is veel afstemming met andere beheerders. Met name riolering heeft bijvoorbeeld een grote opgave liggen en dit heeft ook gevolgen voor de wegen. Grotere, integrale projecten elders belegd De gemeente geeft aan dat wegreconstructies niet voortkomen uit onderhoud, maar dat deze vanuit andere initiatieven voortvloeien. Hierbij gaat het bijvoorbeeld om het verbeteren van de bereikbaarheid van een weg dat wordt meegenomen vanwege het vervangen van een riool in hetzelfde gebied. Dit soort projecten zijn vaak ingrijpend en vaak worden de wensen van bewoners geïnventariseerd en meegenomen. De interne samenwerking is ook anders bij projecten. Projecten worden bij een andere afdeling opgepakt. Bij elk project sluit één van de beheerders aan bij de overleggen en de beheerders

70

praten elkaar wekelijks bij. Daarnaast worden de beheerders bij projectoverleggen betrokken als het over hun discipline gaat. Zo zijn ze wel vanaf het begin bij de projecten betrokken, om expertise over areaal in te brengen maar ook omdat het beheer in een later stadium weer aan hen overgedragen wordt. Voldoende capaciteit aantrekken en behouden vormt uitdaging De gemeente geeft aan op een aantal posities ruimte te hebben om extra personeel aan te trekken. De gemeente voorziet dat er in komende jaren problemen kunnen ontstaan. Tijdelijke oplossingen kunnen gevonden worden in inhuur, al vormt ook dit een uitdaging op het gebied van overdracht van kennis en kwaliteit. Het risico van een te beperkte capaciteit is het planningsoptimisme wat hiermee gepaard kan gaan indien de planning onvoldoende wordt aangepast op de beperkte capaciteit. Marktpartij denkt mee over deelopdrachten binnen raamovereenkomsten De gemeente hanteert raamovereenkomsten voor het kleinere onderhoud aan elementen en asfaltverhardingen. Beide raamovereenkomsten worden voor één jaar aanbesteed en kunnen driemaal verlengd worden met een jaar. Deze raamovereenkomst is de opdracht om alle werkzaamheden uit te voeren met een verwachte omzet. Hierbinnen worden deelopdrachten gedefinieerd en hier praat de aannemer over mee. Bij de raamovereenkomst voor asfaltwerkzaamheden stelt de aannemer deze deelopdrachten op.

Naast onderhoudswerkzaamheden worden ook andere taken ingekocht. Voorbeelden hiervan zijn het opstellen van het beleidsplan en het uitvoeren van de inspecties. 6.3.2 Financiële aspecten Concept paragraaf financiële aspecten gemeente Leidschendam-Voorburg Kwaliteitsachterstand wegen met behulp van extra middelen bijgewerkt in 2020-2023 Figuur 6.2 toont de werkelijke exploitatielasten voor de periode 2017 tot en met 2021 en de begrote exploitatielasten voor het onderhoud van wegen voor 2022-2027. Binnen de exploitatielasten onderscheidt de gemeente verschillende kostenposten: kosten voor klein onderhoud en beheer, stortingen in de voorziening en kapitaallasten. Als onderdeel van het beheerplan in 2019 heeft de gemeente voorgesteld een onderhoudsvoorziening aan te leggen om uitgaven voor het onderhoud aan wegen uit te bekostigen. Doel van de voorziening is het opvangen van grote pieken en dalen in de jaarlijkse behoefte en onderhoud op het juiste moment uit te kunnen voeren. De gemeenteraad heeft met dit voorstel ingestemd. Vanaf 2020 komen daarom uitsluitend de uitgaven voor de kleine onderhoudsmaatregelen nog rechtstreeks ten laste van de exploitatie. Voor het groot onderhoud wordt jaarlijks een storting gedaan in de voorziening en deze storting komt ten laste van de exploitatie. De jaarlijkse storting in de onderhoudsvoorziening wordt weergegeven in de grafiek.

De begrote stortingen in de voorziening zijn gebaseerd op de voorziene maatregelen in de komende jaren en de hoogte van de jaarlijkse storting betreft daarmee een langjarig gemiddelde van de voorziene uitgaven. In 2020 lagen de onttrekkingen aan de voorziening lager dan de storting en in 2021 was de onttrekking ongeveer gelijk aan de storting. Ten slotte kent de gemeente ook grootschalige projecten zoals aanleg of reconstructies van wegen. Dergelijke maatregelen worden gezien als investeringen en deze worden over een langere termijn afgeschreven. De afschrijvingen en rentelasten van de investeringen vallen in de begroting onder de kapitaallasten. De optelsom van de kosten voor klein onderhoud, de storting in de voorziening en de kapitaallasten van investeringen geeft inzicht in de exploitatielasten die ten laste komen van de begroting in een bepaald jaar. De onderstaande figuur geeft daarmee niet de daadwerkelijke uitgaven per jaar weer, maar schetst daarentegen een beeld van de kosten aan klein onderhoud, reserveringen voor uitgaven aan groot onderhoud en de kosten van grote investeringen uitgesmeerd over een langere periode. Uit de visuele inspecties in 2017 bleek dat een groot aandeel van de wegen niet strookte met het kwaliteitsambitieniveau van de gemeente. De onderhoudsbudgetten van de gemeente waren echter niet voldoende om dit te herstellen.

De gemeente heeft daarom extra benodigde

71

maatregelen en bijbehorende budgetten verdeeld over de periode 2020-2023 op een manier waardoor er geen risico’s ontstaan voor veiligheid van weggebruikers.51 De totale kosten om het areaal weer op het ambitieniveau terug te brengen werden geschat op ongeveer € 1,9 miljoen. De gevolgen die de gemeente voorzag indien dit niet werd gedaan, is dat schade niet meer op het meest optimale moment zou worden hersteld en de ernst van schade toe zou nemen. Op de middellange termijn zouden dan zwaardere en duurdere maatregelen nodig zijn.52 Het college en de gemeenteraad hebben om deze reden ingestemd met de extra maatregelen en de middelen hiervoor beschikbaar gesteld. In de grafiek is de tijdelijke hogere storting terug te zien.

Figuur 6.2

Werkelijke exploitatielasten (2017-2021) en begrote exploitatielasten (20222027) naar onderdeel voor wegen, in duizenden euro’s

3.000

2.500

2.000

1.500

1.000

500

2017

2018

2019

2020

2021

2022

2023

Werkelijk Onderhoud en beheerkosten

2024

2025

2026

2027

Begroot Storting in voorziening

Kapitaallasten

Bron: Financiële gegevens gemeente Leidschendam-Voorburg, bewerking EIB

Kosten voor civiele constructies namen in afgelopen jaren toe In figuur 6.3 worden de exploitatielasten voor de uitvoering van het planmatig onderhoud aan civiele constructies weergegeven in de periode 2017-2027. Voor de periode 2017-2021 betreft dit de werkelijke kosten en 2022-2027 de begrote kosten. Hierbij is verder onderscheid gemaakt naar twee kostenposten. De kosten voor klein en groot onderhoud en de beheerkosten komen ten laste van de exploitatie. Daarnaast vraagt de gemeente kredieten aan indien er grootschalige vervangingen of renovaties nodig zijn. De gemeente heeft op dit moment een krediet voor vervangingen en groot onderhoud van € 185.000 in haar begroting staan. Dit wordt gezien als investeringen en deze worden meerjarig afgeschreven. De lasten hiervan, afschrijving en rente, zijn onderdeel van de kapitaallasten. In de afgelopen jaren is een duidelijke toename van de kosten te zien. De gemeente geeft in het concept beheerplan aan in de afgelopen jaren veel onderhoud te hebben uitgevoerd en civiele constructies te hebben vervangen. In de komende jaren zullen de kapitaallasten naar verwachting stijgen. Dit heeft te maken met investeringen die worden gedaan in onder ander kademuren.

51

Gemeente Leidschendam-Voorburg (2019). ‘Integraal beleidsplan wegbeheer’.

52

Royal HaskoningDHV (2019). ‘Notitie consequentie kwaliteit bij huidig budget’.

72

Figuur 6.3

Werkelijke exploitatielasten (2017-2021) en begrote exploitatielasten (20222027) naar onderdeel voor civiele kunstwerken en beschoeiingen, in duizenden euro’s

180 160 140 120 100 80 60 40 20 2017

2018

2019

2020

2021

2022

2023

2024

2025

2026

Werkelijk

Begroot

Onderhoud en beheerkosten

Kapitaallasten

2027

Bron: Financiële gegevens gemeente Leidschendam-Voorburg, bewerking EIB

Grote investeringen in civiele constructies lastig te plannen De gemeente geeft aan vijf bruggen te hebben die volgens de theoretische technische levensduur zijn afgeschreven, maar waarvan nog geen concreet beeld is wanneer deze precies vervangen moeten worden. In het concept beheerplan wordt aangegeven dat bij een aantal objecten de toestand wordt gemonitord en bij een aantal constructies wordt een constructief onderzoek uitgevoerd. Om toch rekening te houden met komende investeringen, kijkt het investeringsplan van de gemeente op dit moment tien jaar vooruit en biedt dit daardoor aanvullend inzicht ten opzichte van de begroting die slechts vier jaar vooruitkijkt. Renovatie of vervanging van grotere bruggen zijn omvangrijke investeringen en hebben daarom grote budgettaire gevolgen voor kapitaallasten. De komende vijf jaar zullen naar verwachting echter geen grote bruggen vervangen worden. In tabel 6.3 worden de geplande kredieten tot en met 2030 weergegeven. Elk jaar is een krediet beschikbaar van 185.000 voor groot onderhoud aan kunstwerken. Bij grotere vervangingen wordt aanvullend krediet aangevraagd. Dit is bijvoorbeeld het geval bij het vervangen van kademuren waarvoor kredieten in 2022 en 2023 zijn gepland.

73

Tabel 6.3

Investeringsuitgaven aan wegen en kunstwerken, 2019-2030, in duizend euro

Jaartal

Kredieten

2019 2020 2021 2022 2023 2024 -2030

435 117 520 451 995 185

Bron: Gemeente Leidschendam-Voorburg, bewerking EIB

Prijsstijgingen worden geleidelijk zichtbaar De gemeente geeft aan dat de huidige prijsstijgingen in de bouw het ramen van projecten lastig maakt. De raamovereenkomsten worden jaarlijks geïndexeerd conform de CBS-statline index. De daaruit voorkomende prijsstijging zijn nog op te vangen doordat de gemeente werkt met hoge kostenkengetallen, met name voor asfaltwegen. Daarnaast geeft de gemeente aan dat ze flexibel omgaat met de uitvoering van maatregelen. Er zijn volgens de gemeente vaak optimalisaties mogelijk. Zo kan het verkleinen van een vak te asfalteren weg met een meter of tien, duizenden euro’s besparen. Prijsstijgingen belangrijk benoemd risico Belangrijke risico’s worden in het weerstandsvermogen vermeld. Een belangrijk voorbeeld is het risico op prijsstijgingen. De gemeente heeft hier in het verleden bedragen aan gekoppeld om aan te geven wat de potentiële omvang is van dit risico. De huidige situatie laat echter omstandigheden zien die ertoe aanzetten om op een andere manier het risico financieel in kaart te brengen. Inmiddels is het risico op personeelstekort een feit. Het mogelijke gevolg van dit risico is dat de gemeente onvoldoende grip heeft op de uitvoering van de planning van projecten.

Bij onvoldoende beschikbaarheid van gekwalificeerd personeel loopt de gemeente het risico op vertraging en is de kans dat de kwaliteit van de uitvoering onvoldoende wordt beheerst. 6.4

Communicatie

Communicatie bij reguliere onderhoudswerkzaamheden informatief van aard Aan normale onderhoudswerkzaamheden gaat vaak geen participatietraject vooraf. Wel neemt de gemeente soms bepaalde meldingen mee en worden er bijvoorbeeld drempels aangelegd tijdens het onderhoud indien er klachten zijn over te hoge snelheid. Bij onderhoudswerkzaamheden krijgen omwonenden van tevoren een brief thuisgestuurd en wordt dit indien nodig herhaald om de twee weken. Bij grotere projecten wordt er meer tijd besteed aan communicatie met omwonenden, weggebruikers en andere stakeholders. Contact met overige partijen beperkt De afdeling Stadsbeheer geeft aan dat contact met partijen zoals Veilig Verkeer Nederland meer bij via de beleidsafdeling loopt en dat ze daarnaast beperkt contact hebben met andere wegbeheerders. Tot een jaar of zes geleden had gemeente Leidschendam-Voorburg een gezamenlijke raamovereenkomst voor onderhoud met de gemeenten Wassenaar en Voorschoten, maar hier is geen vervolg op gekomen. Echte raakvlakken zijn er beperkt met andere gemeenten. Daarnaast lijken gemeenten gewend om vanuit eigen koker te kijken naar het onderhoud van hun areaal.

74

6.5

Overkoepelend beeld

Figuur 6.4 geeft het overkoepelend beeld voor de gemeente Leidschendam-Voorburg op de aspecten areaal en informatie, doelstellingen, planvorming, personele aspecten, financiële aspecten en communicatie. Op de aspecten areaal en informatie, doelstellingen en communicatie is het beheer in de gemeente Leidschendam-Voorburg op orde. Voor de financiële aspecten, planvorming en personele aspecten is het beheer in de gemeente deels op orde.

Figuur 6.4

Overkoepelend beeld gemeente Leidschendam-Voorburg

Wassenaar

Voorschoten

Oegstgeest

Leidschendam-Voorburg

Areaal en informatie geheel op orde

Communicatie

deels op orde

Doelstellingen

nauwelijks op orde

Financiële aspecten

Planvorming

Personele aspecten

Bron: EIB

Areaal goed in beeld De gemeente heeft een goed beeld van de status van het areaal. In 2019 werden achterstanden op het gebied van wegen zichtbaar door inspecties. Dit is in het beheerplan benoemd en om deze achterstanden in te halen zijn tijdelijke aanvullende financiële middelen aangevraagd en toegekend. Gemeente heeft als doel om planmatiger te werken Voor civiele kunstwerken is de gemeente een beheerplan aan het opstellen. Voor deze discipline bestond voorheen geen plan omdat maatregelen op basis van inspecties werden gepland en geen behoefte was aan een beheerplan. Met de stap richting assetmanagement komt hier meer behoefte aan. Hierbij wordt ook beschoeiingen meegenomen in verband met de raakvlakken tussen deze twee disciplines. Daarnaast geeft de gemeente aan dat er in 2021 relatief veel maatregelen op basis van meldingen zijn uitgevoerd en dat de verhouding tussen gepland en ongepland dit jaar niet goed was. Doel is om steeds planmatiger te werk te gaan en hier zal het beheerplan van civiele kunstwerken ook aan bijdragen.

75

Personele capaciteit vormt uitdaging Uitdagingen van de gemeente liggen op het behouden van, en op enkele plekken, aantrekken van capaciteit. De gemeente geeft aan dat inhuur een uitdaging vormt bij de kennisoverdracht. Voorzichtige stap richting integraal assetmanagement De afdeling Stadsbeheer is een integrale assetmanagementstrategie aan het ontwikkelen en heeft hier een plan voor opgesteld.53 Doel is om dit nu verder in de organisatie te implementeren. Het uiteindelijke doel is om een integraal beheerplan vast te stellen, maar de gemeente kiest er voor om integraliteit geleidelijk in te passen in het onderhoud.

53

Gemeente Leidschendam-Voorburg (2021). ‘Slimmer beheren binnen LV’.

76

Referenties

Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS), Grond-, weg- en waterbouw (GWW); inputprijsindex. Gemeente Leidschendam-Voorburg (2017). Beheerkwaliteitsplan. Gemeente Leidschendam-Voorburg (2019). Integraal Beleidsplan Wegbeheer 2019-2023. Gemeente Leidschendam-Voorburg (2019). Raadsbesluit Beleidsplan wegen en instellen voorziening. Gemeente Leidschendam-Voorburg (2021). Slimmer beheren binnen LV. Gemeente Leidschendam-Voorburg (2022). Concept beheerplan civiele constructies en beschoeiingen 2023-2027. Gemeente Oegstgeest (2021). Beheerplan Civiele Kunstwerken 2020-2027. Gemeente Oegstgeest (2021). Beheerplan Wegen 2020-2027. Gemeente Oegstgeest (2021). Meerjarenonderhoudsprogramma Openbare Ruimte 2022-2027. Gemeente Oegstgeest (2021). Oplegnotitie: Scenario berekening MeerJarenOnderhoudsProgramma (MJOP). Gemeente Oegstgeest (2021). Begroting 2022-2025. Gemeente Oegstgeest (2022). Begroting 2023-2026. Gemeente Oegstgeest (2022). Coalitieakkoord 2022-2026 ‘Zorgen voor Oegstgeest’. Gemeente Voorschoten (2016). Beheerplan Wegen 2016-2020. Gemeente Voorschoten (2016), Beheerplan Kunstwerken 2016-2020. Gemeente Voorschoten (2016), Beheerplan Bruggen 2016-2020. Gemeente Voorschoten (2021). Update beheerplan Wegen 2021-2022. Gemeente Voorschoten (2021), Update Beheerplan Bruggen 2021-2022. Gemeente Voorschoten (2021). Begroting 2022-2025. Gemeente Voorschoten (2022).

Meerjarenonderhoudsplanning civiele kunstwerken periode 2023-2026. Gemeente Voorschoten (2022). Investeringen 2022-2028 (civieltechnische werken + wegen). Gemeente Voorschoten (2022). Coalitieakkoord 2022-2026 ‘Voorschoten in verbinding vooruit’. Gemeente Voorschoten (2022). Conceptbegroting 2023-2026. Gemeente Wassenaar (2016). Beheerplan Wegen 2016-2020. Gemeente Wassenaar (2016). Beheerplan Bruggen 2016-2020.

77

Gemeente Wassenaar (2021). Update Beheerplan Wegen 2021-2023. Gemeente Wassenaar (2021). Update Beheerplan Bruggen 2021-2022. Gemeente Wassenaar (2022). Begroting 2022-2016. Gemeente Wassenaar (2022). Basis in Beeld. Gemeente Wassenaar (2022). Coalitieakkoord 2022-2026 ‘Zelfbewust, duurzaam en realistisch’. Rijksoverheid (2022). Nieuwe verdeling van het gemeentefonds vanaf 2023. Geraadpleegd op https://www.rijksoverheid.nl/actueel/nieuws/2022/04/06/nieuwe-verdeling-van-hetgemeentefonds-vanaf-2023. Royal HaskoningDHV (2019). Notitie aan gemeente Leidschendam-Voorburg: Consequentie kwaliteit bij huidig budget. Westenberg (2019). Constructieve risicoscan en score per object gemeente Voorschoten.

78

Geïnterviewde personen

Geïnterviewde personen

Gemeente

Personen

Wassenaar

Aart van Sloten Herman te Sligte Jan Willem van der Geest

Voorschoten

René Zoetemelk Ton Duijndam Menno Woertman Martijn Blom

Oegstgeest

Elfred Bus André van Westbroek Mariska Warning Thomas Vos Wilco van Schie Paul Zierikzee

Leidschendam-Voorburg

Marcel Belt Geert van Rhijn Matthijs Veld Willemien Veerhuis

Bedrijf

Personen

Haasnoot Bruggen Versluys Groep D. van der Steen

Hyuk Brands Dirk van Wijngaarden Matthijs Haveman

Bron: EIB

79

6

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Leidschendam&id=d1618e80-a3fe-413b-96dc-b40b62db322e