3402 (1) Raadsvoorstel Vaststellen Jaarstukken 2022
Tekst van het document
Aan de raad van de gemeente LEIDSCHENDAM-VOORBURG
Datum 30 mei 2023 Nummer 3402 Onderwerp Raadsvoorstel Vaststellen Jaarstukken 2022 Portefeuillehouder Wethouder Van Veller Behandeld door P. Boelens
1. Voorgesteld raadsbesluit De raad besluit: a. De jaarstukken 2022 vast te stellen; b. Het positieve rekeningresultaat 2022 van € 5.949.000 (afgerond) te storten in c.
de algemene reserve vrij besteedbaar; De bestemmingsreserve Oekraïne op te heffen en het vrijkomende bedrag
van € 1,5 miljoen te storten in de Algemene reserve vrij besteedbaar; d. De bestemmingsreserve Corona op te heffen en het vrijkomende bedrag van € 592.361 te storten in de Algemene reserve vrij besteedbaar; e. Voor de overheveling van de nog in 2023 te realiseren activiteiten een bedrag
f.
van € 1.989.062 ten laste van de Algemene reserve vrij besteedbaar beschikbaar te stellen; Voor het uitkeren van de extra energietoeslag 2023 een bedrag van
€ 2.000.000 ten laste van de Algemene reserve vrij besteedbaar beschikbaar te stellen; g. Een bedrag van € 3,0 miljoen te onttrekken aan de Algemene reserve vrij besteedbaar voor de vorming van een bestemmingsreserve “CID Binckhorst (Velostrada)”; h. De naam van de bestemmingsreserve “Bereikbaarheid CID Binckhorst” te i.
wijzigen in “CID Binckhorst (Leefbaarheid)”; Begrotingswijziging nummer 5 van 2023 vast te stellen.
2. Aanleiding Het college legt op grond van de Financiële verordening gemeente LeidschendamVoorburg en de regelgeving in het besluit begroting en verantwoording, de jaarstukken 2022 ter vaststelling voor aan de gemeenteraad
3. Afwegingen 3.1 Algemeen Met de jaarstukken 2022 legt het college aan de raad verantwoording af over het jaar 2022. De jaarstukken bestaan uit het jaarverslag (de programmaverantwoording en de paragrafen) en de jaarrekening.
Datum 30 mei 2023 Nummer 3402 Pagina 2/7
Het jaarverslag gaat in op de mate waarin de voorgenomen doelstellingen en prestaties daadwerkelijk zijn gerealiseerd. De jaarrekening geeft inzicht in het resultaat en het vermogen van de gemeente. De jaarrekening sluit met een positief resultaat van € 5.949.000. Voorgesteld wordt dit saldo te storten in de algemene reserve vrij besteedbaar. 3.2 Accountantscontrole Ten tijde van het aanleveren van de concept jaarstukken aan de het college had de accountant de controle van de jaarstukken nagenoeg afgerond. De tijdens de controle door de accountant voorgestelde financiële en/of tekstuele aanpassingen zijn doorgevoerd in de voorliggende jaarstukken 2022. Eén financiële aanpassing behoeft nadere toelichting. In goed overleg met de accountant is besloten om op de verwerking van de 1e herziening 2023 van het Meerjarenperspectief Grondexploitaties (MPG) een correctie van € 984.000 toe te passen in de jaarrekening. Deze aanpassing komt voort uit gewijzigde marktomstandigheden en oplopende rente die zich in 2023 voordoen – na de periode waarover de 1e herziening gaat - die van invloed zijn op de balanspositie zoals opgenomen in de jaarrekening. De aanpassing zal ook in het Meerjarenperspectief Grondexploitaties verwerkt worden als onderdeel van de 2e herziening 2023. De bevindingen van de accountant worden opgenomen in het accountantsverslag.
Deze rapportage wordt rechtstreeks aan de gemeenteraad gezonden. Naar verwachting zijn het rapport van bevindingen van de accountants en de accountantsverklaring tijdig voor de behandeling van de jaarstukken 2022 in de raad beschikbaar en kan de gemeenteraad in de raadsvergadering van 4 juli 2023 een besluit nemen over de jaarstukken 2022. 3.3 Rekeningresultaat Het totale rekeningresultaat over 2022 bedraagt per saldo € 5.949.000 voordelig. Op basis van de geactualiseerde begroting 2022 is rekening gehouden met een voordelig begrotingsresultaat van € 2.470.000. Ten opzichte van de actuele begroting 2022 is het rekeningresultaat € 3.479.000 positiever. Dit voordeel wordt onder andere veroorzaakt door een hogere algemene uitkering gemeentefonds. Daarnaast is er een voordeel ontstaan, omdat activiteiten die voor 2022 stonden gepland, (gedeeltelijk) niet zijn gerealiseerd. Een gedeelte van deze activiteiten wordt alsnog uitgevoerd in 2023. De afwijking van het jaarrekening resultaat 2022 ten opzichte van de begroting 2022 is overigens kleiner dan in voorgaande jaren. Dat heeft onder meer te maken met het feit dat er strakker is gestuurd op realistisch plannen, begroten en verantwoorden.
Datum 30 mei 2023 Nummer 3402 Pagina 3/7
Door middel van de tussentijdse rapportages is er bijgestuurd en zijn de benodigde financiële bijstellingen aan de raad voorgelegd In het volgende overzicht staat per programma welk bedrag per saldo was begroot, wat per saldo werkelijk is uitgegeven en ontvangen en wat het verschil is tussen begroting en realisatie 2022. Een min in de kolom Begroting en de kolom Jaarrekening staat voor een last. Een min in de kolom Verschil betekent een nadelig verschil: er is meer uitgegeven of minder ontvangen dan begroot. Een plus betekent een voordelig verschil: er is minder uitgegeven dan begroot of meer ontvangen dan begroot. Programma
Begroting na wijziging 2022 -6.897
Jaarrekening 2022 -6.264
Verschil
Veiligheid
-8.890
-8.932
-42
Verkeer en Vervoer
-11.339
-9.733
1.606
Economie
-1.048
-435
614
Onderwijs
-5.903
-5.748
156
Sport, cultuur en recreatie
-17.106
-16.173
932
Sociaal domein
-76.542
-75.508
1.034
853
1.009
157
-4.295
-7.558
-3.263
Algemene Dekkingsmiddelen
161.099
162.967
1.867
Overhead
-33.745
-32.492
1.253
Vennootschapsbelasting
-30
-68
-38
Onvoorziene uitgaven
-100
0
100
Totaal van lasten en baten
-3.944
1.065
5.009
Mutaties reserves
6.413
4.884
-1.530
Totaal
2.470
5.949
3.479
Bestuur en Ondersteuning
Volksgezondheid en milieu VHLOSV
633
Bedragen x € 1.000
Voor een toelichting op hoofdlijnen van verschillen tussen begroting 2022 en jaarrekening 2022 wordt verwezen naar het onderdeel “Huishoudboekje” in de bestuurlijke samenvatting. In het jaarverslag zijn in het onderdeel programma’s de financiële afwijkingen groter dan € 100.000 ten opzichte van de gewijzigde begroting 2022 per programma en taakveld toegelicht.
Datum 30 mei 2023 Nummer 3402 Pagina 4/7
3.4 Investeringen Op basis van het investeringsplan 2022 was een totale investeringsuitgave geraamd van € 36,6 miljoen. Werkelijk is € 25,6 miljoen geïnvesteerd. Dit betekent dat in 2022 circa 70% van het totaal beschikbare investeringsbedrag is uitgegeven. Ten opzichte van voorgaande jaren is een groter deel van de geplande investeringen gerealiseerd. De werkelijke investeringsuitgaven zijn € 11,0 miljoen lager dan verwacht. Hiervan heeft een bedrag van € 1,4 miljoen betrekking op in 2022 afgeronde investeringskredieten, waarvan de totale kosten lager zijn dan verwacht. Het restantbedrag van € 9,6 miljoen van de geplande investeringsuitgaven wordt doorgeschoven naar 2023. In de jaarstukken is in de bestuurlijke samenvatting, onderdeel “Het huishoudboekje 2022”, over de realisatie van het investeringsplan 2022 een toelichting op hoofdlijnen opgenomen. In de jaarrekening is in het onderdeel ‘Realisatie investeringsplan’ informatie opgenomen over de uitvoering van het Investeringsplan 2022 en de voortgang van de totale investeringskredieten. Daarnaast is een toelichting gegeven op over- en onderschrijdingen en de naar 2023 doorgeschoven investeringsuitgaven. 3.5 Over te hevelen activiteiten van 2022 naar 2023 In de bijlage ‘budgetoverhevelingen” bij de jaarstukken 2022 is informatie opgenomen over de nog te realiseren activiteiten in 2023, die in 2022 nog niet zijn afgerond.
Het jaarrekeningresultaat 2022 is onder andere beïnvloed door de niet bestede budgetten, waarvan de activiteiten (gedeeltelijk) niet in 2022 hebben plaatsgevonden en alsnog in 2023 worden uitgevoerd. Het gaat om een totaalbedrag van € 1.989.062. Het doorschuiven van deze incidentele budgetten vanuit 2022 naar 2023 leidt tot een tijdelijke verhoging van de algemene reservepositie. Met begrotingswijziging nummer 5 worden deze middelen in 2023 weer uit de algemene reserve vrij besteedbaar onttrokken en toegevoegd aan de begroting 2023, zodat de activiteiten in 2023 alsnog uitgevoerd kunnen worden. In de bijlage bij de jaarstukken 2022 wordt verder ingegaan op de over te hevelen bedragen. Het college stelt voor een bedrag van € 1.989.062 uit de algemene reserve vrij besteedbaar te bestemmen voor deze nog te realiseren activiteiten in 2023.
Datum 30 mei 2023 Nummer 3402 Pagina 5/7
3.6 Mutatie reserves 2023 De gemeente heeft in de algemene uitkering 2022 een bedrag van afgerond € 2 miljoen ontvangen voor de kosten van een deel van de energietoeslag 2023 (€ 500), die de gemeente in 2022 mocht uitkeren. Aangezien onze gemeente dit bedrag niet in 2022 uitgekeerd heeft, wordt deze eenmalige bate 2022 via het jaarrekeningresultaat 2022 gestort in de Algemene reserve vrij besteedbaar. Omdat nu de gehele energietoeslag 2023 in 2023 wordt uitgekeerd, wordt aan de raad voorgesteld om voor de dekking van een deel van de kosten van de energietoeslag 2023 een bedrag van € 2 miljoen te onttrekken aan de Algemene reserve vrij besteedbaar. Bestemmingsreserve Oekraïne Omdat alle kosten voor de opvang van Oekraïners gedekt worden uit de middelen die de gemeente van het Rijk ontvangt hoeft er geen beroep te worden gedaan op de reserve Oekraïne. Voorgesteld wordt om deze reserve, per 1 januari 2023, op te heffen en om het saldo van deze reserve, per 31 december 2022, van € 1,5 miljoen te storten in de Algemene reserve vrij besteedbaar. Bestemmingsreserve Corona Omdat alle plannen uit het bestedingsplan 2022 in het kader van corona uitgevoerd zijn en de situatie rondom het coronavirus genormaliseerd zijn, wordt voorgesteld om de reserve Corona per 1 januari 2023 op te heffen.
Voorgesteld wordt om het saldo van deze reserve, per 31 december 2022, van € 592.361 te storten in de Algemene reserve vrij besteedbaar. Bestemmingsreserves CID Binckhorst In de begroting 2022 – 2025 zijn incidentele middelen geraamd voor de gemeentelijke bijdrage aan het No-regret pakket in het kader van CID Binckhorst. Onze bijdrage is uitsluitend bedoeld voor de realisatie van de Velostrada. Omwille van de lange doorlooptijd (minimaal 5 jaar), de omvang van het incidentele budget (€ 3,0 miljoen) en de onduidelijkheid over wanneer de gemeente de deelbetalingen moet doen wordt voorgesteld om een nieuwe bestemmingsreserve “CID Binckhorst (Velostrada)” in te stellen. Zodra duidelijk is welk bedrag in enig jaar betaald moet worden, wordt aan de raad voorgesteld om het benodigde budget ten laste van deze reserve beschikbaar te stellen. Voorgesteld wordt om € 3,0 miljoen te onttrekken aan de Algemene reserve vrij besteedbaar en te storten in de reserve CID Binckhorst (Velostrada).
Datum 30 mei 2023 Nummer 3402 Pagina 6/7
De incidentele bedragen die in 2023 tot en 2025 voor de bijdrage aan het No-regret pakket geraamd zijn, worden afgeraamd. De vrijvallen middelen worden toegevoegd aan het begrote exploitatiesaldo van de betreffende jaren. De saldi van die jaren worden daardoor minder negatief (in 2023 en 2024) en iets positiever (in 2025). Recent is bij de vaststelling van het Masterplan Bereikbaarheid CID Binckhorst nog een nieuwe reserve met betrekking tot CID Binckhorst ingesteld; te weten “Bereikbaarheid CID Binckhorst”. Om het onderscheid tussen beiden reserves die betrekking hebben op CID Binckhorst duidelijker tot uitdrukking te laten komen in de omschrijving wordt voorgesteld om de naam van de reserve “Bereikbaarheid CID Binckhorst” te wijzigen in CID Binckhorst (Leefbaarheid). De leefbaarheid van Voorburg wordt verbeterd door de voorgestelde infrastructurele aanpassingen inclusief die van de nabije omgeving. De financiële gevolgen van deze reserve mutaties zijn verwerkt in begrotingswijziging nummer 5 van 2023. 3.7 Begrotingsrechtmatigheid In de jaarstukken 2022 is in hoofdstuk 3 Jaarrekening, een analyse opgenomen van de begrotingsrechtmatigheid. Per programma zijn de overschrijdingen van de gerealiseerde lasten ten opzichte van de geactualiseerde begroting 2022 in beeld gebracht.
Lastenoverschrijdingen vanaf € 100.000 die op grond van de toetsing als onrechtmatig zijn gekwalificeerd, zijn toegelicht.
4. De financiële gevolgen van het besluit Het eigen vermogen van de gemeente, dat is het totaal van de algemene en de bestemmingsreserves en het rekeningresultaat, bedraagt per 31 december 2022 afgerond € 223,2 miljoen (zie onderstaande tabel). Eind 2021 was sprake van een eigen vermogen van € 222,1 miljoen. De vermogenspositie is in 2022 dus toegenomen met € 1,1 miljoen. De opbouw van de reservepositie is als volgt weer te geven: Eigen vermogen
31-12-2022
31-12-2021
toename
Algemene reserves
75.062
85.203
-10.141
Bestemmingsreserves
142.156
135.217
6.939
Totaal reserves
217.218
220.420
-3.202
5.949
1.682
4.267
223.167
222.102
1.065
Rekeningresultaat 2022 / 2021 Totaal eigen vermogen Bedragen x € 1.000
Datum 30 mei 2023 Nummer 3402 Pagina 7/7
Voor een uitgebreide toelichting op de diverse reserve mutaties wordt verwezen naar het onderdeel ‘jaarrekening’, hoofdstuk ‘toelichting op de balans’.
5. Hoe zijn inwoners / belanghebbenden betrokken De jaarrekening leent zich niet voor participatie door inwoners. Inwoners worden door middel van een persbericht en een infographic in Het Krantje geïnformeerd over de jaarrekening.
burgemeester en wethouders van Leidschendam-Voorburg,
B.C.F. Nederpel waarnemend secretaris
M.W. Vroom burgemeester
Bijlage bestemd voor de raad: Nummer 3402 3402 3402 3402
Onderwerp Jaarstukken 2022, Boekwerk Jaarstukken 2022 Jaarstukken 2022, Bijlage budgetoverhevelingen Jaarstukken 2022, Begrotingswijziging 5 van 2023 Persbericht jaarstukken 2022