CConstaterende datLeidschendam-Voorburg
Koppel je AI →
Document · PDF

3243 Bijlage 3 Legesverordening 2024 Omgevingswet

Raadsvergadering 8 november 2023, gemeente Leidschendam-VoorburgBij agendapunt: Raadsvoorstel: Vaststellen tarieven heffingen en belastingen 2024 (3243).1.105 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Raadsbesluit (iBabs 3243) De raad van de gemeente Leidschendam-Voorburg Gelezen het voorstel van het college van burgemeester en wethouders; Gelet op: -

artikel 156,eerste en tweede lid, aanhef en onderdeel h; artikel 229, eerste lid, aanhef en onderdeel b, van de Gemeentewet; de artikelen 2, tweede lid en 7 van de Paspoortwet; artikel 13.1a van de Omgevingswet;

Besluit vast te stellen:

De verordening op de heffing en invordering van Leges 2024 (inclusief Omgevingswet) Artikel 1 - Definities Deze verordening verstaat onder: a. ’dag’: de periode van 00.00 uur tot 24.00 uur, waarbij een gedeelte van een dag als een hele dag wordt aangemerkt; b. ’week’: een aaneengesloten periode van zeven dagen; c. ’maand’: het tijdvak dat loopt van ne dag in een kalendermaand tot en met de (n-1)e dag in de volgende kalendermaand, met dien verstande dat als de ne dag in een kalendermaand 30 of 31 januari is, de (n-1) dag in de volgende kalendermaand altijd de laatste dag van de maand februari is; d. ’jaar’: het tijdvak dat loopt van de ne dag in een kalenderjaar tot en met de (n-1)e dag in het volgende kalenderjaar; e. 'kalenderjaar': de periode van 1 januari tot en met 31 december. Artikel 2 – Belastbaar feit Onder de naam ‘leges’ worden rechten geheven voor: a. het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verlenen van een dienst of het nemen van een besluit; b. het verlenen van een dienst op aanvraag; of c. het verrichten van handelingen ten behoeve van een aanvraag van een document; één en ander zoals genoemd in deze verordening en de daarbij behorende tarieventabel. Artikel 3 - Belastingplicht Belastingplichtig is de aanvrager of degene voor wie de aanvraag is gedaan.

Artikel 4 - Vrijstellingen Leges worden niet geheven voor: a. diensten waarvan de kosten krachtens afdeling 13.6 van de Omgevingswet zijn of worden verhaald; b. diensten die ingevolge een wettelijk voorschrift zijn vrijgesteld van rechtenheffing of kosteloos moeten worden verleend. c. de op basis van hoofdstuk 3, paragraaf 2 geheel en paragraaf 7 onder 3.7.13 berekende leges voor zover de vergunning wordt aangevraagd voor: - het in behandeling nemen van aanvragen voor het afgeven van een collectevergunning aan erkende goede doelen voor zover deze zijn geregistreerd in het Register goede doelen van het Centraal Bureau Fondsenwerving; - het in behandeling nemen van aanvragen tot het afgeven van een vergunning voor het houden van niet-commerciële activiteiten door organisaties, zonder winstoogmerk, die een cultureel, sociaal of voor de gemeente promotioneel doel nastreven; - het in behandeling nemen van aanvragen tot het afgeven van een vergunning voor zover de vergunning wordt aangevraagd voor kleinschalige, niet-commerciële buurtgerichte activiteiten; - het in behandeling nemen van aanvragen tot het afgeven van een vergunning van nietcommerciële activiteiten van (sport)verenigingen waarbij de behartiging van een sociaal en/of sportief belang voorop staat. Artikel 5 - Maatstaven van heffing en tarieven 1.

De leges worden geheven naar de maatstaven en tarieven, opgenomen in de bij deze verordening behorende tarieventabel. 2.. Voor de berekening van de leges wordt een gedeelte van een in de tarieventabel genoemde eenheid als een volle eenheid aangemerkt. Artikel 6 – Wijze van heffing De leges worden geheven door middel van een mondelinge dan wel een gedagtekende schriftelijke kennisgeving, waaronder mede wordt begrepen een stempelafdruk, zegel, nota of andere schriftuur, of een kennisgeving langs elektronische weg. Het gevorderde bedrag wordt mondeling, door toezending of uitreiking van de schriftelijke kennisgeving of langs elektronische weg aan de belastingschuldige bekendgemaakt. Artikel 7 – Termijnen van betaling 1. In afwijking van artikel 9, eerste lid, van de Invorderingswet 1990 moeten de leges worden betaald ingeval de kennisgeving als bedoeld in artikel 6: a. mondeling wordt gedaan, op het moment van het doen van de kennisgeving; b. schriftelijk wordt gedaan, op het moment van uitreiken van de kennisgeving, dan wel in geval van toezending daarvan, binnen één maand na de dagtekening van de kennisgeving. c. langs elektronische weg in het aanvraagproces wordt gedaan onverwijld, dan wel als die mogelijkheid wordt geboden binnen één maand na het indienen van de aanvraag langs elektronische weg;

d. langs elektronische weg na indiening van de aanvraag wordt gedaan, binnen één maand na dagtekening van de kennisgeving. 2. De Algemene termijnenwet is niet van toepassing op de in het eerste lid gestelde termijnen. Artikel 8 - Kwijtschelding Bij de invordering van de leges wordt geen kwijtschelding verleend. Artikel 9 – Vermindering of teruggaaf Gehele of gedeeltelijke vermindering of teruggaaf van leges voor een in de bij deze verordening behorende tarieventabel omschreven dienst wordt verleend overeenkomstig een met betrekking tot die dienst in die tarieventabel opgenomen bepaling. Artikel 10 – Overdracht van bevoegdheden Het college van burgemeester en wethouders is bevoegd tot het wijzigen van deze verordening, indien de wijzigingen: a. van zuiver redactionele aard zijn; b. een tariefsverlaging betreffen; c. een gevolg zijn van nieuwe of gewijzigde rijksregelgeving die in de loop van het kalenderjaar in werking treedt en het de volgende hoofdstukken of onderdelen van Hoofdstuk 1 en 3 van de tarieventabel betreft: 1. paragraaf 1.2 (reisdocumenten); 2. paragraaf 1.3 (rijbewijzen); 3. artikel 1.4.5 (papieren verstrekking uit de basisregistratie personen); 4. artikel 1.8.8.1 (verklaring omtrent het gedrag); Hoofdstuk 3: 5.

artikelen 3.7.7, 3.7.7.1, 3.7.7.2, 3.7.8 en 3.7.9 (kansspelen); een en ander voor zover met deze wijzigingen niet reeds bij het vaststellen of latere wijziging van deze verordening bij raadsbesluit rekening is gehouden. Artikel 11 - Overgangsrecht 1. De ‘Verordening op de heffing en invordering van Leges 2023 inclusief legestarieventabel 2023 van 9 november 2022 en de 1e wijziging van de Verordening op de heffing en invordering van Leges 2023 van 20 december 2022 worden ingetrokken met ingang van 1 januari 2024, met dien verstande dat de bepalingen die ingevolge deze verordening zijn gewijzigd van toepassing blijven op belastbare feiten die zich voor die datum hebben voorgedaan; 2. Indien de datum van inwerkingtreding van deze verordening ligt na de in artikel 12, tweede lid, opgenomen datum van ingang van de heffing, blijft de in het eerste lid genoemde verordening gelden voor de in de tussenliggende periode plaatsvindende belastbare feiten voor zover de heffing van de leges hiervoor in die periode plaatsvindt. Artikel 12 - Inwerkingtreding 1. Deze verordening treedt in werking met ingang van 1 januari 2024. 2. De datum van ingang van de heffing is 1 januari 2024.

Artikel 13 Citeertitel Deze verordening kan worden aangehaald als “Legesverordening 2024”. Aldus vastgesteld in de vergadering van de raad van de gemeente Leidschendam-Voorburg d.d. 8 november 2023; de griffier,

de voorzitter,

R.G.R. Jeene

M.W. Vroom

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Leidschendam&id=66fa6ebe-a69d-4fb4-b375-fc909a4cde95