CConstaterende datLeidschendam-Voorburg
Koppel je AI →
Document · PDF

3152 Programmabegroting 2024-2027_DEF

Raadsvergadering 8 november 2023, gemeente Leidschendam-VoorburgBij agendapunt: Raadsvoorstel: Vaststellen programmabegroting 2024-2027.31.004 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 4

2 alinea's met “gecombineerde”: 31 471

- 28 -

Baten Verkeer en vervoer De baten betreffen een vergoeding voor het verleggen van kabels en leidingen en de verhuur van reclameborden en vergoeding voor lichtreclames. Parkeren De baten betreffen de legesopbrengsten voor parkeerontheffingen en abonnementsgelden voor de parkeergarage Damplein. Recreatieve havens De baten betreffen retributies en de huuropbrengsten van de passantenhaven. Lasten Verkeer en vervoer De lasten hebben betrekking op het uitvoeringsprogramma verkeer en vervoer, het beheer, onderhoud en de afschrijving van wegen, openbare verlichting, tunnels, viaducten en verkeersregelinstallaties. Ook het schoon houden van de openbare ruimte maken onderdeel uit van dit taakveld. Parkeren De lasten betreffen diverse kosten (onderhoud en beheer) ten behoeve van parkeervoorzieningen. Recreatieve havens De lasten betreffen de energielasten ten behoeve van de walstroomvoorzieningen van de passantenhaven. Daarnaast zijn hierin opgenomen de begrote kapitaallasten voor de ligplaatsenhaven Leidschendam Centrum. Openbaar vervoer De lasten hangen samen met de beleidsadvisering, kapitaallasten en toegerekende ambtelijke inzet op het gebied van openbaar vervoer.

Verklaring financiële verschillen B2023 vs. B2024 Voor het programma Verkeer en Vervoer zijn de verschillen ten opzichte van 2023 en 2024 als volgt te verklaren: Baten De baten in 2024 zijn gedaald ten opzichte van 2023. Dit komt door een eenmalige bijdrage in 2023 van € 156.000 voor uitvoering planmatig onderhoud wegen. Lasten De toename van de lasten komt door de forse stijging van de kapitaallasten bereikbaarheid Stompwijk. Deze stijging van de kapitaallasten komt door de realisatie van de Veenpoldersweg in Stompwijk.

Indicatoren Verplichte indicatoren -Toelichting op de indicatoren Overige indicatoren --

- 29 -

Programma 3. Economie Wat willen wij bereiken? Leidschendam-Voorburg is een economisch vitale gemeente. In samenspraak met publieke en private partners werken we aan het vernieuwen en verduurzamen van voldoende passende plekken om te werken zoals winkelgebieden, kantoren en bedrijventerreinen. Hierbij zetten we in op een hoog voorzieningenniveau passend bij verdere verstedelijking, het borgen van voldoende passende en betaalbare bedrijfsruimte, en een aantrekkelijk en groen buitengebied met een passend economisch verdienmodel. Via regionale samenwerking dragen we actief bij aan een sterke regio. We investeren in een goede relatie en samenwerking met het bedrijfsleven en winkeliers onder meer door accountmanagement voor ondernemer en centrummanagement voor kernwinkelgebieden. We maken ons sterk voor het economisch belang binnen gebiedsontwikkeling door bij nieuwbouw 5% van het bouwvlak te bestemmen voor economische functie. Dit verhoogt de levendigheid in het gebied en zorgt voor meer arbeidsplaatsen. Wat gaan we daarvoor doen? Economie Door de regionale samenwerking in de Metropoolregio Rotterdam-Den Haag (MRDH), Businesspark Haaglanden en het regionale Woon-werkakkoord dragen we bij aan de economische ontwikkeling van onze gemeente. Lokaal geven we uitvoering aan de bouwsteen Economie & Bedrijvigheid voor de Omgevingsvisie.

In 2024 verschijnt de Omgevingsvisie waarin het beleid voor economie en ruimte voor bedrijven en voorzieningen een belangrijke plek krijgt. Het terrassenbeleid draagt bij aan levendigheid van de winkelgebieden. We onderzoeken hoe we de toekomst van de kernwinkelgebieden verder kunnen optimaliseren. daarbij kijken we bijvoorbeeld naar functiemenging, omvorming van kernwinkelgebied naar levendige stadsstraat met sterk verscluster (Damcentrum), of het compacter maken van de winkelgebieden. We bieden ruimte aan particuliere initiatieven voor bedrijfsruimtes voor zzp’ers en kleine ondernemers en sturen ruimtelijk op de realisatie van voldoende passende en betaalbare bedrijfsruimte. Voor bedrijventerreinen brengen we in 2024 in beeld hoe we onze bestaande bedrijventerreinen goed in stand kunnen houden. Speerpunten: • Het inbedden van het economische beleid in de Omgevingsvisie Leidschendam-Voorburg. • Het vernieuwen en verduurzamen van kernwinkelgebied De Julianabaan. • Het inzetten op bedrijfshuisvesting voor ondernemers. Ondernemerschap De gemeente streeft ernaar economisch vitaal te zijn en te blijven door het accountmanagement bedrijven en het centrummanagement. Deze contactfuncties dichtbij de ondernemers zijn belangrijk voor een goede aansluiting met het lokale bedrijfsleven en de gemeentelijke dienstverlening.

De accountmanager en de centrummanager onderhouden het netwerk van ondernemers. Daarnaast ondersteunt de gemeente ondernemersfondsen en winkeliersverenigingen om de toekomst en vitaliteit van de winkelgebieden te behouden. Speerpunten: Niet van toepassing

- 30 -

Toerisme, horeca en evenementen We promoten recreatie en toerisme door citymarketing gericht op alle drie de kernen. Dat doen we door het uitvoeren van het promotieplan LV Verrast, het uitdragen van het toeristisch-recreatieve profiel van de gemeente en het versterken van de kwalitatieve en kwantitatieve bezoekerseconomie. Het nieuwe evenementenbeleid wordt in 2024 geïmplementeerd. In het evenementenbeleid leggen we de focus op verspreide kleinschalige en middelgrote evenementen. In 2024 wordt eveneens het nieuwe terrassenbeleid uitgerold. Speerpunten: • Het implementeren van het nieuwe evenementenbeleid. • Het uitrollen van het nieuwe terrassenbeleid. Betrokken verbonden partijen •

MRDH Economie Door de regionale samenwerking in de Metropoolregio Rotterdam-Den Haag (MRDH), Businesspark Haaglanden en het regionale Woon-werkakkoord dragen we bij aan de economische ontwikkeling van onze gemeente.

- 31 -

Wat mag het kosten? Tabel van baten en lasten Economie Baten Lasten Saldo van baten en lasten

Begroting 2023 461 1.982 -1.521

Begroting 2024 621 1.495 -873

Begroting 2025 621 1.455 -833

Begroting 2026 621 1.455 -833

Begroting 2027 621 1.455 -833

Bedragen x € 1.000

Toelichting baten en lasten per onderdeel: De lasten en de baten van het programma Economie bedragen voor 2024 respectievelijk € 1.495.000 en € 621.000. Hieronder wordt per taakveld ingegaan waaraan de lasten worden besteed en welke baten er worden ontvangen.

- 32 -

Baten Bedrijfsloket en bedrijfsregelingen De baten betreffen de markt- en standplaatsgelden. Economische promotie De baten betreffen de toeristenbelasting en de reclamebelasting. De baten van de reclamebelasting worden ingezet voor de subsidiëring van het ondernemersfonds. Lasten Economische ontwikkeling De lasten betreffen de uitvoering van het economisch beleid, ambtelijke inzet op economische ontwikkeling, bijdrage aan de MRDH in het kader van het economisch vestigingsklimaat en incidenteel budget voor het versterken lokale economie. Fysiek bedrijfsinfrastructuur De lasten betreffen de beleidsinzet en transactiekosten bij de (ver)koop van onroerend goed. Bedrijfsloket en bedrijfsregelingen De lasten betreffen de inzet van een accountmanager bedrijven en de kosten van het beheer en onderhoud markten. Economische promotie De lasten bestaan uit de subsidiëring van het ondernemersfonds en de beleidsadvisering en uitvoering van het uitvoeringsprogramma recreatie en toerisme en evenementenbeleid.

Verklaring financiële verschillen B2023 vs. B2024 Voor het programma Economie zijn de verschillen ten opzichte van 2023 en 2024 als volgt te verklaren: Lasten De lasten zijn gedaald. Dit komt omdat een aantal incidenteel begrote budgetten wel in 2023, maar niet in 2024 beschikbaar zijn. Het gaat dan om de kosten van toezicht op de aanleg van glasvezel, onderzoekskosten voor de aanpak van winkelcentrum De Julianabaan en omgeving. In 2023 waren er nog ook nog kosten voor de aanpak van het Huygens kwartier en projectbijdrage PPS retail begroot. Daarnaast is er in 2024 geen budget meer geraamd vanuit het Plan van Aanpak Energiearmoede en het Corona herstelbeleid. Ook de kosten voor de aanleg nutsvoorzieningen voor evenementen bij het stationsplein in het Huygens kwartier zijn in 2024 niet meer begroot. Indicatoren Verplichte indicatoren Nr. Naam 14 Functiemenging

Eenheid %

16 Vestigingen van bedrijven

per 1.000 inwoners 15-65 jaar

Peiljaar Waarde Bron 2022 44,7 (landelijk 60,6) CBS BAG / LISA - bewerking ABF Research 2022 117 (landelijk 131) LISA

Toelichting op de indicatoren 14 Functiemenging De functiemengingsindex (FMI) weerspiegelt de verhouding tussen banen en woningen, en

- 33 -

varieert tussen 0 (alleen wonen) en 100 (alleen werken). Bij een waarde van 50 zijn er evenveel woningen als banen. 16 Vestigingen van bedrijven Het aantal vestigingen van bedrijven, per 1.000 inwoners in de leeftijd van 15 tot 65 jaar.

Overige indicatoren --

- 34 -

Programma 4. Onderwijs Wat willen wij bereiken? We willen dat ieder kind in onze gemeente kansrijk en gezond kan opgroeien en volwassenen zich blijven ontwikkelen. Goed onderwijs en talentontwikkeling leiden tot kansengelijkheid, door persoonlijke aandacht, door inspiratie om hun interesses en passies te volgen, en door ze aan te moedigen hun talent te ontplooien. Het onderwijs vervult hierbij een belangrijke taak. Als gemeente hebben we een rol om ervoor te zorgen dat kinderen op hun vierde jaar goed kunnen instromen in het onderwijs. Daarna hebben we de zorgplicht om vroegtijdig schoolverlaten te voorkomen en jongeren te stimuleren hun startkwalificatie te behalen. Daarnaast moet de gemeente zorgdragen voor voldoende en passende onderwijshuisvesting. Tenslotte heeft de gemeente vanuit haar wettelijke taken op het gebied van jeugd contacten met alle betrokken partners in dit veld, een belangrijke taak in het voeren van regie op de samenwerking tussen zorg- en onderwijspartners. Dat doen we onder meer door: • Ieder kind toegang te bieden tot goed onderwijs in een duurzaam en modern schoolgebouw en groene pleinen. • Samen met het onderwijs de buitenwereld naar binnen te halen, inclusief de ouders, om daarmee • Brede ontwikkeling van kinderen te stimuleren. Hierbij ook verschillende werelden aan elkaar koppelen, zoals sport, cultuur en gezondheid.

Ook in het kader van de Rijke Schooldag. • In te zetten op talentontwikkeling, kansengelijkheid en veiligheid in en om het onderwijs.

Wat gaan we daarvoor doen? Onderwijsbeleid In 2024 wordt de nieuwe Lokaal Educatieve Agenda (LEA) vastgesteld en geïmplementeerd. Hierin staan afspraken waar de gemeente samen met partners in het onderwijs en de kinderopvang gezamenlijk op in zetten. In de LEA is de gemeentelijk visie op onderwijs opgenomen, hierin wordt ingezet op sociaal-emotionele ontwikkeling, doorgaande leerlijnen, gelijke kansen, aansluiting onderwijs-arbeidsmarkt en onderwijs aan nieuwkomers. Daarnaast wordt in 2024 op het gebied van leerplicht en vroegtijdig schoolverlaten meer preventief ingezet om verzuim en schooluitval te voorkomen. Dit gebeurt in nauwe samenwerking met het onderwijs. Er wordt geanticipeerd op rijksmaatregelen zoals de verlenging van de leeftijd voor RMC tot 27 jaar. Voor kinderen van 2,5 tot 4 jaar met een (mogelijke) taalachterstand zijn programma’s beschikbaar voor voor- en naschoolse educatie. Zij worden hier actief naartoe geleid, waarbij ingezet wordt op een hoger bereik. In 2024 wordt de peutermonitor ingevoerd. Speerpunten: • Acties 2024 nieuwe LEA uitvoeren • Voorkomen dat kinderen en jeugd voortijdig de school verlaten • Meer peuters bereiken die een verhoogd risico lopen op een achterstand (huidig bereik is 87%) • Regionaal samenwerken op thema’s zoals aanpak lerarentekort en leerlingenvervoer. • Extra aandacht voor kinderopvang en een goede doorgaande leerlijn.

Onderwijshuisvesting In 2024 besluit de gemeenteraad over het nieuwe Integrale Huisvestingsplan (IHP), dat tot stand is gekomen na een intensief proces met schoolbesturen, kinderopvangorganisaties, maatschappelijke

- 35 -

partners, kinderen en andere belanghebbenden. Centraal staat de (talent)ontwikkeling van het kind en hoe een gebouw daaraan kan bijdragen, waarbij we verder kijken dan alleen onderwijs en kinderopvang. Naast functionaliteit zijn duurzaamheid, bereikbaarheid, en toegankelijkheid belangrijke thema's. Lopende projecten zoals De Vijverhof, het Sint-Maartenscollege en de Maria Bernadette worden voortgezet. Speerpunten: • Opstellen (in samenhang met de LEA) en bewaken uitvoeringsplanning IHP • Beschikbaar stellen tijdelijke onderwijshuisvesting voor scholen die in aanmerking komen voor (ver)nieuwbouw

- 36 -

Wat mag het kosten? Tabel van baten en lasten Onderwijs Baten Lasten Saldo van baten en lasten

Begroting 2023 2.766 9.034 -6.268

Begroting 2024 2.290 9.018 -6.728

Begroting 2025 2.250 10.688 -8.437

Begroting 2026 2.220 9.688 -7.468

Begroting 2027 2.220 10.392 -8.172

Bedragen x € 1.000

Toelichting baten en lasten per onderdeel: De lasten en de baten van het programma Onderwijs bedragen voor 2024 respectievelijk € 9.018.000 en € 2.290.000. Hieronder wordt ingegaan waaraan de lasten worden besteed en welke baten er worden ontvangen.

- 37 -

Baten Onderwijshuisvesting De baten betreffen huurlasten ter dekking van de kapitaallasten met betrekking tot vierkante meters kinderopvang in schoolgebouwen (IKCs). Onderwijsbeleid en leerling zaken De baten betreffen de rijksmiddelen ten behoeve van onderwijsachterstandenbeleid en leerplicht. Vanaf 2022 zijn ook de lasten en baten toegevoegd van het Nationaal Programma Onderwijs. Lasten Onderwijshuisvesting De lasten betreffen rentelasten, afschrijvingen en exploitatielasten van schoolgebouwen. Onderwijsbeleid en leerling zaken De lasten betreffen leerlingenvervoer, voor- en vroegschoolse educatie, instroomgroepen statushouders, laaggeletterdheid, brede school activiteiten, leerplicht en de lokale educatieve agenda.

Verklaring financiële verschillen B2023 vs. B2024 Voor het programma Onderwijs zijn de verschillen ten opzichte van 2023 en 2024 als volgt te verklaren: Baten De baten zijn in 2024 € 472.000 lager als gevolg lagere Rijksbijdragen van het Nationaal Programma Onderwijs (NPO). Lasten Het effect in de lasten van de NPO is gelijk aan de baten (€ 472.000).Daarnaast stijgen de afschrijvingslasten (€ 155.000) door met name de oplevering van Kindcentrum ‘De Telescoop’. Indicatoren Verplichte indicatoren Nr. Naam 17 Absoluut verzuim (niet op school ingeschreven leerplichtigen) 18 Relatief verzuim 19 Voortijdige schoolverlaters totaal (VO + MBO) %

Eenheid Aantal per 1.000 inwoners 5-18 jaar

Peiljaar 2019

Waarde 1,1 (landelijk 2,4)

Bron DUO/Ingrado

Aantal per 1.000 inwoners 5-18 jaar %

2022

37 (landelijk 24)

DUO/Ingrado

2019

1,7 (landelijk 1,7)

DUO/Ingrado

Toelichting op de indicatoren 17 Absoluut verzuim (niet op school ingeschreven leerplichtigen) Van absoluut verzuim is sprake als een leerplichtige jongere tussen de 5 en 16 jaar of een jongere van 16 of 17 jaar die valt onder de kwalificatieplicht niet is ingeschreven op een school of instelling en ook niet vrijgesteld is van de inschrijvingsplicht. 18 Relatief verzuim Van relatief verzuim is sprake als een jongeren wel op een school staat ingeschreven, maar gedurende een bepaalde tijd de lessen/praktijk verzuimt (ongeoorloofd afwezig). Ook veelvoudig te laat komen kan hiertoe worden gerekend.

- 38 -

19 Voortijdige schoolverlaters totaal (VO + MBO) % Het percentage van het totaal aantal leerlingen van het VO en MBO (12 tot 23 jaar) dat voortijdig, dat wil zeggen zonder startkwalificatie, het onderwijs verlaat.

Overige indicatoren --

- 39 -

Programma 5. Sport, cultuur en recreatie Wat willen wij bereiken? Sport, kunst, cultuur en recreatie spelen een cruciale rol in het creëren van levendigheid en aantrekkelijkheid in onze gemeente. Ze dragen bij aan de publieke gezondheid en de ontwikkeling van vaardigheden en bieden plezier aan onze inwoners. De gemeente moedigt ondernemers en vrijwilligers aan en ondersteunt hen bij het organiseren van evenementen en activiteiten. Het streven is om sport, kunst, cultuur en recreatie toegankelijk te maken voor iedereen in onze gemeente. Wat gaan we daarvoor doen? Sport De gemeente vindt sport en een gezonde levensstijl belangrijk. Samen met sportclubs, aanbieders en maatschappelijke organisaties is een lokaal sportakkoord 2023-2026 gesloten, waar in 2024 verder uitvoering aan wordt gegeven: • Coaches en lokale sporthelden worden als rolmodellen op wijkniveau ingezet • Wijkgerichte aanpak van buurtsport- en cultuurcoaches wordt voortgezet. • Bevorderen van sport en beweging in de openbare ruimte en wijken, met speciale aandacht voor diverse doelgroepen.Het beleid van de gemeente en haar partners is gebaseerd op de landelijke Regeling sportakkoord Samen met sportverenigingen blijft de gemeente investeren in hoogwaardige sportfaciliteiten. In 2023 heeft Sportpark Westvliet een upgrade gekregen met de aanleg van een rugbyveld en beachvolleybalvelden.

Om te blijven voldoen aan de eisen van de verschillende sportbonden wordt het onderhoud uitgevoerd volgens het geldende Beheerplan buitensportvoorzieningen en de Meerjaren Onderhoudsprognose voor gebouwen. Vanaf 2024 wordt het onderhoud van het rugbyveld op sportpark Westvliet toegevoegd. Zie paragraaf onderhoud kapitaalgoederen voor de acties die in het kader van het beheer en onderhoud plaatsvinden. Speerpunten: • Uitvoeren acties 2024 van het lokaal sportakkoord 2023-2026 binnen het Gezond en actief leven akkoord • Uitvoering geven aan 'rolmodellen in de wijk'. Cultuur Leidschendam-Voorburg heeft mooi erfgoed en goede culturele voorzieningen. In 2024 is er een nieuwe cultuurvisie en zal een start worden gemaakt met de uitvoering van deze visie. We zorgen er in ieder geval voor dat een passend lokaal aanbod van musea, theaters en bibliotheek beschikbaar en toegankelijk is voor alle inwoners. De rijke historie van de gemeente zal zichtbaarder worden gemaakt in musea en buiten, mogelijk met virtuele ondersteuning. Met het Huijgens museum (bestaande uit de locaties Hofwijck en Swaensteyn) wordt een nieuwe meerjarige en toekomstbestendige exploitatieovereenkomst afgesloten.

Belangrijke punten hierbij zijn de ambitie om het museum naar een hoger niveau te tillen en in de toekomst minder afhankelijk te maken van gemeentelijke middelen Het Erfgoedpodium zal worden ondersteund om cultureel erfgoed bij het publiek onder de aandacht te brengen, en er zal worden samengewerkt met recreatie en toerisme om het publiek in contact te brengen met erfgoed. Het erfgoed wordt ontsloten door evenementen, toeristische routes, rondleidingen, informatieborden, tentoonstellingen en lezingen. Erfgoed is een thema in de Omgevingsvisie en de opgave van de energietransitie.

- 40 -

Speerpunten: • Meerjaren exploitatieovereenkomst met musea afsluiten • Bestuurlijk besluit over de toekomst van de bibliotheek en het theater in Voorburg. • Verbouwing en verhuizing van de bibliotheek op het Fluitpolderplein in Leidschendam. Openbaar groen Op het gebied van openbaar groen streeft de gemeente ernaar om het groene karakter van de openbare ruimte te behouden, de variatie en beleving van groen in de wijken te vergroten en verbindingen te creëren tussen het stedelijk gebied en het buitengebied. Hierbij wordt ingezet op het bestendig maken van de openbare ruimte tegen extreme weersomstandigheden en het versterken van de biodiversiteit. Er zal worden geïnvesteerd in een groen netwerk van parken, buitenruimten, bermen en water om een gezonde en aantrekkelijke leefomgeving te creëren. Initiatieven van bewoners die hun buurt groener willen maken, worden zoveel mogelijk ondersteund. Het Groenactieplan (2023) bevat een set concrete maatregelen om Leidschendam-Voorburg verder te vergroenen en klimaatbestendiger te maken. Project ‘Vreugd & Rust’ behelst het opknappen en restaureren van park Vreugd & Rust. De eerste fasen van het herstel zijn in 2023 gestart. Vanaf 2024 wordt gewerkt aan de onderdelen: Brug langs de Vliet, nieuw onderkomen op de dierenweide, nieuwe padenstructuur en herstel tuinmuren.

De eerste drie onderdelen vragen om additionele financiering waarvoor later een afzonderlijk voorstel komt. Tevens worden vanuit reguliere onderhoudsbudgetten de aanleg van extra plantvakken en de renovatie van diverse plantvakken gerealiseerd. Het uitvoeringsprogramma Duin, Horst & Weide is afgerond. De Landschapstafel werkt momenteel aan een nieuw Meerjarenprogramma. Dit programma wordt onder andere ontwikkeld vanuit het eerder opgestelde “Landschapsontwikkelingsplan: inventarisatie & Analyse, de sleutel tot uitvoering” (2012) (continuering van beleid). De bijdrage van LV aan de proceskosten van deze landschapstafel is per abuis komen te vervallen bij het afronden van de financiën rondom het uitvoeringsprogramma Duin Horst en Weide in de begroting 2023. Hiermee wordt dit gecorrigeerd. In 2024 wordt het gebied van openbaar groen uitgebreid naar aanleiding van het nieuwbouwproject De Coulissen.

Speerpunten: • Uitvoering van acties 2024 uit het Groenactieplan • Uitwerken concreet programma DHW Betrokken verbonden partijen •

Dunea Groen Betrokkenheid bij het programma: Levering betrouwbaar drinkwater.

- 41 -

Wat mag het kosten? Tabel van baten en lasten Sport, cultuur en recreatie Baten Lasten Saldo van baten en lasten

Begroting 2023 4.038 22.175 -18.137

Begroting 2024 4.915 22.065 -17.151

Begroting 2025 4.890 22.058 -17.168

Begroting 2026 4.879 22.468 -17.589

Begroting 2027 4.840 22.408 -17.568

Bedragen x € 1.000

Toelichting baten en lasten per onderdeel: De lasten en de baten van het programma Sport, Cultuur en Recreatie bedragen voor 2024 respectievelijk € 22.065.000 en € 4.915.000. Hieronder wordt per taakveld ingegaan waaraan de lasten worden besteed en welke baten er worden ontvangen.

- 42 -

Baten Sportaccommodaties De baten betreffen huurinkomsten voor sportaccommodaties. Cultuurprestatie, cultuurproductie en cultuurparticipatie De baten betreffen huurinkomsten voor deze accommodaties. Musea De baten betreffen huurinkomsten legesopbrengsten met betrekking tot archieven. Media De baten betreffen huurinkomsten voor de bibliotheekgebouwen. Openbaar groen en (openlucht) recreatie De baten betreffen huurinkomsten volkstuinen, boetes met betrekking tot handhaving van bouwvergunningen.

Lasten Sportbeleid en activering De lasten met betrekking tot sportbeleid en activering betreffen met name de financiering van combinatiefunctionarissen en sportstimuleringsmaatregelen en de uitvoering van het lokaal sportakkoord. Sportaccommodaties De lasten betreffen beheer, exploitatie, onderhoud, rente, en afschrijvingslasten van sportaccommodaties. Cultuurprestatie, cultuurproductie en cultuurparticipatie De lasten betreffen subsidie aan theater, cultuureducatie, amateurkunst beoefening en beheer gemeentelijke accommodaties voor cultuur. Musea De lasten betreffen met name subsidies aan Musea en archiefbeheer. Cultureel erfgoed De lasten betreffen met name subsidies monumentenzorg en reguliere uitgaven ten behoeve van erfgoedbeheer. Media De lasten betreffen de subsidies aan bibliotheken en de lokale omroep. Openbaar groen en (openlucht) recreatie De lasten betreffen met name het beheer en onderhoud van de openbare ruimte. Daarnaast zijn er beheer en exploitatielasten van watergangen, parken, speelvoorzieningen en openbare kunst.

Verklaring financiële verschillen B2023 vs. B2024 Voor het programma Sport, Cultuur en Recreatie zijn de verschillen ten opzichte van 2023 en 2024 als volgt te verklaren:

- 43 -

Baten De baten zijn ten opzichte van voorgaand jaar lager uitgevallen. Dit heeft te maken met het feit dat voor de Landschapstafel Duin, Horst en Weide geen opbrengsten zijn begroot omdat het huidig uitvoeringsplan ten einde loopt. Lasten De lasten zijn gedaald ten opzichte van vorig jaar, omdat er in 2023 nog onderzoekskosten waren begroot voor het zoeken naar een geschikte locatie voor buiten zwemwater en kosten voor goede bewegwijzering naar recreatieve bezienswaardigheden met aandacht voor het groene karakter van het buitengebied. Daarnaast was in 2023 nog compensatie begroot voor exploitatietekorten bij sportverenigingen in het kader van het plan van aanpak Energiearmoede. In het vorig begrotingsjaar waren er vanuit het bestedingsplan herstelbeleid 2023 en plan van aanpak energiearmoede nog budgetten beschikbaar gesteld voor respectievelijk theater en overige kunst en cultuuractiviteiten. Vanaf 2024 zijn deze budgetten niet meer begroot. In 2023 waren er kosten begroot voor de digitalisering van de genealogische archieven. In het voorgaand begrotingsjaar werden hogere lasten verwacht voor de baggerwerkzaamheden die door gemeente en waterschappen worden uitgevoerd. Tevens was er vorig jaar nog incidenteel budget begroot voor groenrenovatie. De lasten voor de Landschapstafel Duin, Horst en Weide zijn in 2024 niet begroot omdat het uitvoeringsplan dan beëindigd is.

Indicatoren Verplichte indicatoren Nr. Naam 20 Niet-sporters

Eenheid %

Peiljaar Waarde Bron 2020 46,0 (landelijk 49,2) Gezondheidsmonitor volwassenen, GGD’en, CBS en RIVM

Toelichting op de indicatoren 20 Niet-sporters Het percentage niet-wekelijks sporters t.o.v. bevolking van 19 jaar en ouder. Bevolking van 19 jaar en ouder dat niet minstens één keer per week aan sport doet.

Overige indicatoren --

- 44 -

Programma 6. Sociaal domein Wat willen wij bereiken? Als gemeente vinden we het belangrijk dat het inwoners lukt alledaagse taken zelf te doen. Dat ze weten waar zij hulp kunnen vragen als het even niet meer lukt en dat zij het gevoel hebben de baas te zijn over hun eigen leven. Kortom: dat ze mee kunnen doen in de samenleving. De gemeente zet hier, samen met partners en inwoners op in, door: • Inwoners te helpen die dit het hardst nodig hebben. • Inwoners te ondersteunen om zoveel mogelijk op eigen benen te staan. • Inwoners sneller ondersteuning te bieden zodat problemen niet groter worden • De samenwerking met onze partners verder te versterken. • Te kijken hoe ondersteuning kan worden gecombineerd zodat inwoners met minder verschillende hulpverleners te maken krijgen. Deze uitgangspunten komen terug in verschillend sociaal beleid van de gemeente, zoals sociaal kompas en de bijbehorende aanscherping hierop, minimabeleid, schuldhulpverleningsbeleid, reintegratie- en participatiebeleid, WMO beleid, LHBTI+ beleid en lokale jeugdbeleid. De huidige tijd dwingt om breder naar vraagstukken te kijken en integraler te werken. Daarmee wordt voorkomen dat problemen rond bijvoorbeeld bestaanszekerheid met jeugdhulp worden opgelost.

Door middel van het versterken van de integrale benadering wordt nadrukkelijk ook gekeken naar oplossingen vanuit onderwijs, zorg, bestaanszekerheid en wonen. De Wams die medio 2024 wordt verwacht geeft gemeenten daarbij meer handvatten. Met de Hervormingsagenda jeugd wordt beoogd om tot betere én financieel houdbare jeugdhulp te komen. Het afbakenen van jeugdhulp is daarvoor noodzakelijk waardoor hulp evenals een degelijke sociale basisstructuur zodat passende hulp beschikbaar blijft wanneer dat echt noodzakelijk is. Wettelijk kader Naast de inspanningen van de gemeente, en partners, om de zelfredzaamheid, samenredzaamheid en zelfregie van inwoners te bevorderen, zijn ook veiligheid en kansengelijkheid belangrijke thema’s. De taken van de gemeente in het sociaal domein zijn belegd in onder andere de volgende wetten: • • • • •

Jeugdwet gericht op kinderen, jongeren en het gezin; Wet maatschappelijke ondersteuning gericht op iedereen met een lichte, lichamelijke, psychiatrische, verstandelijke en psychosociale beperking Participatiewet: voor iedereen die kan werken of participeren maar het op de arbeidsmarkt zonder ondersteuning niet redt. Wet inburgering gericht op inburgeringsplichtige inwoners om ze snel en volwaardig mee te laten doen in de samenleving Wet gemeentelijke schuldhulpverlening: volwassen inwoners met schulden die deze niet zelf kunnen oplossen

Tot slot treedt per 1 juli 2024 de Wet aanpak meervoudige problematiek sociaal domein (Wams) in werking. Dit biedt een wettelijk kader voor gemeenten om nog beter de regie te pakken op een gecoördineerde aanpak in gevallen van meervoudige problematiek in het sociaal domein.

Wat gaan we daarvoor doen? Jeugdhulp Ieder kind heeft recht op een veilige omgeving om ongestoord te kunnen opgroeien. Dit is de basis

- 45 -

voor een kind om zich optimaal te ontwikkelen en op te groeien tot een zelfredzame inwoner die positief bijdraagt aan de samenleving. Om dat te bereiken is er voor kinderen en jongeren een kansrijke, veilige en gezonde situatie nodig in en om het gezin. Helaas staat dit onder druk door problemen als bestaansonzekerheid, mentale gezondheid, prestatiedruk en (vecht)scheidingen. Al deze maatschappelijke kwesties oplossen via de jeugdhulp leidt tot overbelasting van het zorgstelsel met lange wachtlijsten tot gevolg. In 2023 zijn we gestart met ‘het fundamentele gesprek’ over opgroeien en opvoeden, waarin de verantwoordelijkheid wordt gedeeld door onder andere ouders, buurtgenoten, scholen, verenigingen en de gemeente. We zullen de toegang tot jeugdzorg prioriteit blijven geven en passende ondersteuning bieden die aansluit bij gezinsbehoeften. In 2024 wordt de lokale toegang versterkt zodat wordt voldaan aan de leidraad werken aan veiligheid. Hierdoor is de gemeente goed voorbereid op de ontwikkelingen in de veiligheidsketen. De samenwerking met de partners, zoals de huisartsen en het onderwijs, wordt doorgezet en uitgebreid. Hierbij wordt goed gebruik gemaakt van ieders expertise. Het hulpaanbod wordt versterkt zodat zo snel mogelijk passende hulp beschikbaar is wanneer dat echt nodig is.

De groei van aantal jeugdigen dat jeugdhulp nodig heeft vlakt af (circa 2.100 jeugdigen), wel is de verwachting dat de complexiteit van de problematiek toeneemt en daarmee ook de duur en kosten van de trajecten. Ook wordt nadrukkelijk rekening gehouden met het aanbieden van laagdrempelige hulp en de lokale toegang. Thema’s als normalisering en afbakening van de jeugdhulp staan centraal. Dit is in lijn met de Hervormingsagenda Jeugd. Speerpunten: • Aanpassingen in het zorgaanbod zijn lokaal doorgevoerd om nog beter aan te sluiten op de behoefte van onze jeugdigen en hun gezinnen, (preventief en geïndiceerd), waaronder de transformatie (terugbrengen van aantal kinderen in gesloten jeugdzorg naar nul in 2030) van de gesloten jeugdhulp die kleinschalig werkt. • Het lokale team voldoet aan de leidraad van VNG: Werken aan Veiligheid voor lokale (wijk)teams en gemeenten (voorheen kwaliteitskader) De samenwerkingsafspraken met onze partners (huisartsen, POH, onderwijs, zorgaanbieders) worden versterkt zodat jeugdigen zo snel mogelijk passende zorg krijgen als dit nodig is. Wet maatschappelijke ondersteuning In 2024 wordt een start gemaakt met de uitvoering van het nieuwe gemeentelijke Wmo-beleid. De gemeente wil stimuleren dat kwetsbare inwoners zo lang mogelijk thuis kunnen blijven wonen en kunnen deelnemen aan het dagelijks leven.

Niet alleen met voorzieningen, maar ook met aandacht: met mensen die eenzaam zijn gaan we in gesprek. We versterken de zelfredzaamheid van inwoners, zorgen voor een solide sociale basis en zetten in op de onderlinge betrokkenheid van inwoners. Ook zorgen we voor een goed vangnet van voorzieningen voor inwoners die het op eigen kracht of met hulp van naasten en vrijwilligers niet redden. Om dit te bereiken zorgen we voor laagdrempelige toegang tot hulp en werken we intensief samen met onze maatschappelijke partners. De groei van aantal inwoners dat een maatwerkvoorziening nodig heeft vlakt af (circa 4520 inwoners). De verwachting is echter dat het aantal inwoners met een zorgvraag nog wel zal blijven stijgen, met name ook vanwege de vergrijzing. Ook is de verwachting dat de complexiteit van de problematiek toeneemt en daarmee ook de duur en kosten van de in te zetten maatwerkvoorzieningen. Speerpunten: • Versterken samenwerking tussen gemeente en zorgverzekeraars door opstellen van een regioplan • Voorbereiden subsidieafspraken met partners voor een laagdrempelig en preventief ondersteuningsaanbod • Uitbreiden voorziening kortdurende respijtzorg ter ondersteuning van mantelzorgers - 46 -

Werk en inkomen De sociale zekerheid lijkt steeds verder onder druk te staan, landelijk is de verwachting dat er meer mensen te maken krijgen met armoede. Deze ontwikkeling wordt meegenomen in het nieuwe minimabeleid. Daarnaast stimuleert de gemeente de sociale zekerheid (inkomen en zinvolle participatie) van inwoners onder andere door het verstrekken van bijzondere bijstand en bijstandsuitkeringen, begeleiding bij de inburgering en het voorkomen en oplossen van schulden. In 2024 wordt het nieuwe re-integratie en participatiebeleid geïmplementeerd, waarbij ofwel ingezet wordt op het begeleiden naar werk of waar dit niet haalbaar is richting participatie. Instrumenten die de gemeente daarbij in inzet zijn onder andere sollicitatietraining, scholing en re-integratietrajecten. Speerpunten: • In 2024 wordt het nieuwe re-integratie en participatiebeleid geïmplementeerd en wordt het huidige schuldhulpverleningsbeleid geëvalueerd. • Eind 2024 is er nieuw minimabeleid vastgesteld welke passend is bij de sociale zekerheid die landelijk meer onder druk komt te staan en rekening houdend met behoefte van inwoners.

• Er is een start gemaakt met het actualiseren van het handhavingsbeleid, rekening houdend met de maatschappelijke ontwikkelingen (zoals toeslagenaffaire en voornemen van wijzigen van de Participatiewet) Versterkingsprogramma Sterk voor Noord De wijken Heuvel/Amstel en Prinsenhof worden extra ondersteund vanuit drie opgaven: Jeugd en Onderwijs, Financiële zelfredzaamheid en Fijn en veilig wonen. Het versterkingsprogramma Sterk voor Noord is een wijkgerichte aanpak, die extra inzet op ondersteuning van inwoners in deze wijken om de kansengelijkheid te vergroten en de leefomgeving te verbeteren. Om kinderen met achterstanden eerder in beeld te hebben wordt er ingezet op versterken van de voorschools educatie en huiswerkbegeleiding. Om ouders te versterken in hun rol, wordt ook ouderparticipatie vergroot. Vanuit Financiële Zelfredzaamheid, wordt ingezet op het voorkomen en begeleiden bij schulden. Ook op het versterken van het taalonderwijs bij laaggeletterdheid (in het Nederlands) en verhogen van maatschappelijke participatie van inwoners met een uitkering door het inzetten van participatieconsulenten. Om de sociale cohesie te versterken worden flatcoaches, lief en leed straatjes en activiteiten in de wijk ingezet. De activiteiten hebben daarbij een tweeledig doel zoals verminderen van afval en overlast en gelijktijdig inwoners met elkaar te verbinden.

Speerpunten: Niet van toepassing Betrokken verbonden partijen •

GGD Veilig Thuis Het voorkomen van huiselijk geweld en kindermishandeling.

•

Werkbedrijf de Binnenbaan B.V. Geeft uitvoering aan beschut werk en aan re-integratietrajecten waarin inwoners met een afstand tot de arbeidsmarkt begeleid worden naar een volgende stap op de arbeidsmarkt.

•

H10 - Jeugd Het servicebureau behartigt de belangen van de gemeenten op het terrein van uitvoering van inkooptaken, zoals gezamenlijke inkoop en het contracteren van Jeugdzorg.

- 47 -

Wat mag het kosten? Tabel van baten en lasten Sociaal domein Baten Lasten Saldo van baten en lasten

Begroting 2023 42.666 122.348 -79.682

Begroting 2024 34.469 116.723 -82.255

Bedragen x € 1.000

- 48 -

Begroting 2025 34.296 114.728 -80.432

Begroting 2026 34.643 111.721 -77.078

Begroting 2027 34.374 110.802 -76.427

Toelichting baten en lasten per onderdeel: De lasten en de baten van het programma Sociaal domein bedragen voor 2024 respectievelijk € 116.723.000 en € 34.469.000. Hieronder wordt per taakveld ingegaan waaraan de lasten worden besteed en welke baten er worden ontvangen. Baten Arbeidsparticipatie De baten betreffen de bijdragen van de werkorganisatie Duivenvoorde. Beschermd Wonen & Maatschappelijke Opvang Dit betreft de bijdrage vanuit andere gemeenten voor Beschermd wonen. Geïndiceerde Wmo Diensten De baten betreffen de eigen bijdragen die cliënten betalen bij het afnemen van Wmo-diensten. Daarnaast zijn hier vanaf 2023 ook de inkomsten uit Den Haag aan toegevoegd ter dekking van de lasten voor overbruggingszorg aan cliënten met een beschermd wonen-indicatie die op de wachtlijst staan en in afwachting daarvan Wmo-zorg ontvangen. Inkomensregelingen Gemeenten (BUIG) en inkomsten uit andere gemeenten voor de uitvoeringskosten van de werkorganisatie Duivenvoorde. De baten dekken de lasten niet volledig omdat de gemeente onvoldoende budget ontvangt van het Rijk om de lasten te dekken. Het verschil wordt voldaan uit de algemene middelen. Samenkracht en burgerparticipatie De baten betreffen huurinkomsten van wijk- en dienstencentra en kinderopvanglocaties gevestigd in gemeentelijke panden. De baten bevatten ook de middelen voor bemoeizorg aan de OGGZ doelgroep.

Toegang en eerstelijnsvoorzieningen Het Ministerie van Justitie en Veiligheid heeft voor 2023 en 2024 subsidie toegekend voor een project ter voorkoming van jeugdcriminaliteit (dealbreakers). Lasten Arbeidsparticipatie De lasten betreffen participatie- en re-integratie trajecten, begeleiding naar werk, loonkostensubsidie en het Platform Economie, Onderwijs en Arbeidsmarkt. Beschermd Wonen & Maatschappelijke Opvang De lasten betreffen de noodopvang dakloze gezinnen en maatschappelijk opvang. De inloop GGZ wordt uitgevoerd via de partners aan de subsidietafel Zelfredzame Inwoners. Geïndiceerde Jeugdhulp De lasten betreffen jeugdzorgkosten (in natura en PGB's). Geïndiceerde Wmo Diensten De lasten betreffen met name kosten voor huishoudelijke ondersteuning, begeleiding (in groepsverband en individueel) en schuldhulpverlening.

- 49 -

Inkomensregelingen De lasten betreffen met name de kosten voor alle uitkeringen en de bijzondere bijstand inclusief armoedebestrijding (bijv. de schoolspullenpas). Daarnaast bevat dit taakveld de kwijtscheldingen van afval- en rioolheffingen. De baten betreffen met name de rijksinkomsten Bundeling Uitkeringen Inkomensvoorzieningen Jeugdbescherming en -reclassering De lasten betreffen de gedwongen jeugdhulp (onder andere jeugdreclassering en jeugdbescherming) de kosten van de gemeenschappelijke regeling (GR) GGD, onderdeel Veilig Thuis, de kosten voor crisis interventies in de jeugdzorg en de jeugdbeschermingstafel. Maatwerkvoorzieningen (Wmo) De lasten betreffen de kosten voor hulpmiddelen en woonvoorzieningen. Samenkracht en burgerparticipatie De lasten betreffen met name subsidies en bijdragen aan maatschappelijke organisaties die bovenstaande voorzieningen aanbieden. Daarnaast vallen ook de kosten voor beheer en exploitatie van wijk- en dienstencentra hieronder en horen ook de kosten die voortkomen uit het bestedingsplan Langer Zelfstandig bij dit taakveld. De lasten voor het programma Sterk voor Noord betreft ondersteuning aan activiteiten van de partners en personele inzet van programmamedewerkers.

Toegang en eerstelijnsvoorzieningen De lasten betreffen met name Wmo Cliëntbegeleiding, Sociaal Servicepunt (inclusief de Exploitatiekosten van de Waterlelie), uitvoeringskosten, opvang verwarde personen, en uitvoering van de Hart wet euro balans. WSW en beschut werk De lasten betreffen o.a. werkbedrijf de Binnenbaan en de uitvoering van (alternatief) beschut werk.

Verklaring financiële verschillen B2023 vs. B2024 Voor het programma Sociaal domein zijn de verschillen ten opzichte van 2023 en 2024 als volgt te verklaren: Baten Onder de baten zijn in 2023 vergoedingen van het Rijk opgenomen voor een aantal taken die niet of nog niet (financieel) zijn toegekend voor 2024 en verder. Deze middelen zijn onder andere voor: • Noodopvang vluchtelingen (€ 6,9 miljoen) • Vergoeding energietoeslag (€ 179.000) • Leefgeld voor vluchtelingen uit Oekraïne (€ 1,1 miljoen) • Perspectief op werk (€ 200.000) • Toeslagen affaire (€ 200.000) • Wet inburgering (€ 603.000 lager) Lasten De effecten van de lagere baten zien we ook terug aan de lasten kant. Dit betekent dat de lasten vanaf 2024 lager zijn. Daarnaast zijn er lasten die in 2024 stijgen: • Jeugdzorgkosten (in natura en PGB's) • Kosten voor huishoudelijke ondersteuning en begeleiding (in groepsverband en individueel).

- 50 -

Indicatoren Verplichte indicatoren Nr. Naam 21 Banen

Eenheid per 1.000 inwoners 15-65 jaar

Peiljaar 2022

22 Jeugdcriminaliteit % 12 t/m 21 jarigen 23 Kinderen in % kinderen tot 18 uitkeringsgezin jaar 24 Netto arbeidsparticipatie % van de werkzame beroepsbevolking ten opzichte van de beroepsbevolking 26 Achterstand onder jeugd % - Werkloze jongeren 27 Personen met een Aantal per 10.000 bijstandsuitkering inwoners van 18 jaar en ouder 28 Lopende reAantal per 10.000 integratievoorzieningen inwoners van 15 – 65 jaar 29 Jongeren met jeugdhulp % van alle jongeren tot 18 jaar 30 Jongeren met % van alle jongeren jeugdbescherming tot 18 jaar 31 Jongeren met % van alle jongeren jeugdreclassering van 12 tot 23 jaar 32 Cliënten met een Aantal per 10.000 maatwerkarrangement inwoners Wmo

2022 2021

Waarde 392,2 (landelijk 704,0)

Bron CBS Bevolkingsstatistiek / LISA bewerking ABF Research 1,09 (landelijk 0,81) CBS - Jeugd 6,0 (landelijk 6,0) CBS - Jeugd

2022

70,8 (landelijk 72,2) CBS Arbeidsdeelname

2021

1,0 (landelijk 2,0) CBS - Jeugd

2021

448 (landelijk 431) CBS Participatiewet

2022

157 (landelijk 131) CBS Participatiewet

2022

13,8 (landelijk 13,2) CBS - Jeugd

2022

1,0 (landelijk 1,2) CBS - Jeugd

2022

1,6 (landelijk 1,2) CBS - Jeugd

2022

510 (landelijk 700) CBS - Monitor sociaal domein Wmo

Toelichting op de indicatoren 21 Banen Onder een baan wordt een vervulde positie verstaan. Dit betreffen zowel fulltimers, parttimers als uitzendkrachten. De indicator betreft het aantal banen per 1.000 inwoners in de leeftijd van 15 tot 65 jaar. 22 Jeugdcriminaliteit Het percentage jongeren (12 tot 21 jaar) dat met een delict voor de rechter is verschenen. Tot en met 2015 zijn de cijfers van deze indicator afkomstig van het Verwey-Jonker instituut Kinderen in Tel. De cijfers vanaf 2016 zijn afkomstig van het CBS. 23 Kinderen in uitkeringsgezin Het percentage kinderen tot 18 jaar die in een gezin leven dat van een bijstandsuitkering moet rondkomen. Bijstandshuishouden is een huishouden waarvan minimaal één lid een bijstandsuitkering ontvangt. Onder bijstand wordt hier uitkeringen aan huishoudens op grond van de Wet werk en bijstand (WWB, tot 2015) en de Participatiewet (vanaf 2015) en het Besluit bijstandsverlening zelfstandigen 2004 (Bbz) verstaan. Tot en met 2015 zijn de cijfers van deze indicator afkomstig van het Verwey-Jonker Instituut - Kinderen in Tel. De cijfers vanaf 2016 zijn afkomstig van het CBS.

- 51 -

24 Netto arbeidsparticipatie Het percentage van de werkzame beroepsbevolking ten opzichte van de (potentiële) beroepsbevolking. 26 Achterstand onder jeugd - Werkloze jongeren Personen van 16 t/m 22 jaar die als werkzoekende staan ingeschreven bij het UWV Werkbedrijf en tegelijkertijd geen baan hebben als werknemer volgens de Polisadministratie. Tot en met 2015 zijn de cijfers van deze indicator afkomstig van het Verwey-Jonker Instituut - Kinderen in Tel. De cijfers vanaf 2016 zijn afkomstig van het CBS. 27 Personen met een bijstandsuitkering Het aantal personen met een uitkering op grond van de Wet werk en bijstand (WWB, t/m 2014) en de Participatiewet (vanaf 2015). De uitkeringen (leefgeld) aan personen in een instelling, de elders verzorgden, zijn niet inbegrepen. Ook de uitkeringen aan dak- en thuislozen zijn niet inbegrepen. 28 Lopende re-integratievoorzieningen Het aantal re-integratievoorzieningen, per 10.000 inwoners in de leeftijd van 15 tot 65 jaar. 29 Jongeren met jeugdhulp Het percentage jongeren tot 18 jaar met jeugdhulp ten opzichte van alle jongeren tot 18 jaar. Jeugdhulp is de hulp en zorg zoals deze bedoeld en beschreven is in de Jeugdwet (2014). Het betreft hulp en zorg aan jongeren en hun ouders bij psychische, psychosociale en of gedragsproblemen, een verstandelijke beperking van de jongere, of opvoedingsproblemen van de ouders.

30 Jongeren met jeugdbescherming Jongeren met jeugdbescherming betreft jongeren tot 18 jaar die op enig moment in de verslagperiode een maatregel door de rechter dwingend opgelegd hebben gekregen. Jeugdbescherming is een maatregel die de rechter dwingend oplegt. Dat gebeurt als een gezonde en veilige ontwikkeling van een kind of jeugdige wordt bedreigd en vrijwillige hulp niet of niet voldoende helpt. Een kind of jongere wordt dan onder toezicht gesteld of onder voogdij geplaatst. In uitzonderlijke gevallen wordt de hulp of zorg voortgezet tot de leeftijd van 23 jaar. 31 Jongeren met jeugdreclassering Het percentage jongeren (12 tot 23 jaar) met een jeugdreclasseringsmaatregel ten opzichte van alle jongeren (12 tot 23 jaar). Jeugdreclassering is een combinatie van begeleiding en controle voor jongeren vanaf 12 jaar, die voor hun 18e verjaardag met de politie in aanraking zijn geweest en een proces-verbaal hebben gekregen. Indien de persoonlijkheid van de dader of de omstandigheden waaronder het misdrijf is begaan daartoe aanleiding geven, bijvoorbeeld bij jongvolwassenen met een verstandelijke beperking, kan het jeugdstrafrecht eveneens worden toegepast op jongvolwassenen in de leeftijd 18 tot en met 23 jaar. De jongere krijgt op maat gesneden begeleiding van een jeugdreclasseringswerker om te voorkomen dat hij of zij opnieuw de fout ingaat.

Jeugdreclassering kan worden opgelegd door kinderrechter of de officier van Justitie. Jeugdreclassering kan ook op initiatief van de Raad voor de Kinderbescherming in het vrijwillige kader worden opgestart. De begeleiding kan doorlopen tot de jongere 23 jaar wordt. 32 Cliënten met een maatwerkarrangement Wmo Aantal per 10.000 inwoners in de betreffende bevolkingsgroep. Een maatwerkarrangement is een vorm van specialistische ondersteuning binnen het kader van de Wmo. Voor de Wmo-

- 52 -

gegevens geldt dat het referentiegemiddelde gebaseerd is op 327 deelnemende gemeenten.

Overige indicatoren Naam Aantal bijstandsgerechtigden Opgenomen Loonkostensubsidie (LKS)

Peiljaar 2024 1.670 personen 2024 € 790.000

- 53 -

Programma 7. Volksgezondheid en milieu Wat willen wij bereiken? Het is fijn leven in onze gemeente. De leefbaarheid voor mens en dier staat echter onder druk door klimaatverandering, biodiversiteitsverlies, verstedelijking, vervuiling van lucht en water, overlast van geluid, etc. Een goede leefomgeving is voorwaardelijk voor onze gezondheid en welzijn. Het verbeteren van de leefomgeving en werken aan een duurzame toekomst is daarom speerpunt in ons beleid. Ook het bevorderen van de volksgezondheid is een belangrijk aandachtspunt voor de gemeente. De gemeente wil bereiken dat inwoners een gezonde leefstijl hebben, gezondheidsbedreigingen op tijd worden gesignaleerd en infectieziektes voorkomen worden. De gemeente heeft vastgelegde taken op het gebied van volksgezondheid en milieu. Deze zijn onder meer vastgelegd in de Wet publieke gezondheid en de nieuwe Omgevingswet. Die voeren we goed uit. Daarnaast geven we als gemeentelijke organisatie zelf, proactief, het goede voorbeeld als het gaat om gezondheid, energiebesparing en duurzaamheid. Onderwerpen die raakvlakken hebben met dit programma zijn duurzaamheid, sport en groenvoorzieningen. Deze zijn opgenomen in programma's 3 en 5. Wat gaan we daarvoor doen? Volksgezondheid Vanaf 2024 geven we samen met partners uitvoering aan het landelijke ‘Gezond en actief leven akkoord’ in Leidschendam-Voorburg.

De ambitie van het akkoord is een gezonde generatie in 2040, met weerbare gezonde inwoners die kunnen opgroeien, leven, werken en wonen in een gezonde leefomgeving. Een leefomgeving waarin sprake is van een sterke sociale basis en de fysieke en mentale gezondheid vanaf het prille begin, de eerste 1000 dagen, wordt bevorderd en behouden en waar speciale aandacht uitgaat naar inwoners in kwetsbare situaties. Dit doen we onder andere door (extra) in te zetten op programma's rondom gezonde levensstijl, het verstevigen van de ketenaanpak voor kinderen en volwassenen naar gezonder gewicht, valpreventie, aanpak overgewicht en welzijn op recept. Deze ambitie vormt een belangrijke randvoorwaarde voor de acties en speerpunten van programma 6, Sociaal Domein. Speerpunten: Niet van toepassing Milieu De doelstelling van de gemeente is om, samen met Avalex als onze afvalinzamelaar, het restafval in de gemeente zo spoedig mogelijk onder de VANG-norm van 100 kilogram restafval per persoon per jaar te brengen. Voor het reduceren en beter scheiden van afval zijn in 2023 gesprekken met inwoners gestart om te komen tot een optimalisatie van het afvalbeleid. In 2024 worden hiertoe voorstellen gedaan. Door het restafval te verminderen, zal minder afval verbrand hoeven te worden.

Tegelijkertijd worden door betere afvalscheiding waardevolle grondstoffen bespaard die gebruikt kunnen worden voor nieuwe producten.

- 54 -

In 2024 vindt de wettelijke overdracht van de bodemtaken van Provincie naar de gemeente plaats zonder financiële middelen en wordt de bodemkwaliteitskaart 2024-2029 vastgesteld. Daarnaast wordt het actieplan geluid 2024-2029 vastgesteld en wordt onderzoek naar een milieuzone uitgevoerd. Speerpunten: • Naar aanleiding van bewonersavonden komen tot optimalisering van het afvalbeleid en de wijze van inzameling. • Via wisselende communicatiecampagnes, al dan niet binnen Avalex verband of nationaal, inwoners betrekken bij de noodzaak van goede scheiding- en juist aanbiedgedrag. • Focus op verbetering van scheiding van grofvuil en voorkomen van oneigenlijk gebruik van onder meer milieustraten. Rioolwaterbeheer De belangrijkste ontwikkelingen zijn de investeringen in de rioolvervangingsprojecten. Het integrale karakter blijkt veel voorbereidingstijd te kosten. In deze projecten staat duurzaam waterbeheer en klimaatadaptatie centraal. Ze zijn gericht op het in de bodem brengen van regenwater, zodat het daar gebufferd wordt voor droge tijden. Het water wordt hierdoor schoner voor het de watergangen bereikt. Tegelijkertijd wordt met dit afkoppelen (infiltreren in de bodem en afvoeren via aparte hemelwaterriolering) van de gemengde riolering voorkomen dat de lozingen op de sloten uit de gemengde riolering toenemen door klimaatontwikkeling.

Dit is van belang voor de waterkwaliteit en de Kaderrichtlijn Water. Afkoppelen, vergroenen en versterken van de biodiversiteit gaan hand in hand. Wateroverlast door extreme neerslag wordt bestreden met een uitgekiend hoogteontwerp van de openbare ruimte. Het reguleren van grondwaterstanden voorkomt dat natte kruipruimten tot een vochtig en ongezond binnenklimaat kunnen leiden. Zie ook paragraaf onderhoud kapitaalgoederen voor beheer en onderhoud riolering en water. Met een versterkte communicatie richting bewoners wordt aandacht gevraagd voor duurzaam waterbeheer op het eigen perceel. Speerpunten: Niet van toepassing Betrokken verbonden partijen •

ODH Milieu De Omgevingsdienst Haaglanden (milieu) verzorgt voor de gemeente de wettelijke taken op het gebied van milieu vergunningverlening, toezicht en handhaving

•

Avalex Afval Avalex verzorgt het inzamelen en (laten) verwerken van het huishoudelijk afval en grondstoffen in onze gemeente.

•

GGD De gemeenschappelijke regeling GGD-VT Haaglanden (volksgezondheid) is verantwoordelijk voor de uitvoering van de GGD taken met als doelstelling het bevorderen, beschermen en bewaken van de publieke gezondheid.

•

Netwerk Afvalwaterketen Delfland (NAD) De NAD voert taken uit op het gebied van rioolgemalen en persleidingen binnen het beheergebied. De gemeente is verantwoordelijk voor de inzameling van het stedelijk afvalwater.

- 55 -

Wat mag het kosten? Tabel van baten en lasten Volksgezondheid en milieu Baten Lasten Saldo van baten en lasten

Begroting 2023 24.213 23.694 519

Begroting 2024 25.711 24.740 971

Begroting 2025 26.176 25.207 969

Begroting 2026 26.407 25.231 1.176

Begroting 2027 27.042 25.615 1.427

Bedragen x € 1.000

Toelichting baten en lasten per onderdeel: De lasten en de baten van het programma Volksgezondheid en Milieu bedragen voor 2024 respectievelijk € 24.740.000 en € 25.711.000. Hieronder wordt per taakveld ingegaan waaraan de lasten worden besteed en welke baten er worden ontvangen.

- 56 -

Baten Volksgezondheid De baten betreffen de specifieke uitkering voor de uitvoering van het lokale preventieakkoord. Riolering De baten betreffen de inkomsten uit de rioolheffing. Afval De baten betreffen de inkomsten uit de afvalstoffenheffing. Begraafplaatsen en crematoria De baten betreffen de inkomsten voor de lijkbezorgingsrechten. Lasten Volksgezondheid De lasten betreffen de GGD en lokaal gezondheidsbeleid en de jeugd gezondheidszorg en vormen de grootste posten binnen dit taakveld. Riolering De lasten hebben betrekking op de kosten die worden gemaakt voor het beheer en onderhoud van het gemeentelijk riool- en drainagestelsel (zie voor de kostenopbouw van de rioolheffing de paragraaf lokale heffingen) en de kapitaallasten op investeringen. Of de toekomstige investeringsvolume ook daadwerkelijk uitgevoerd kan worden hangt onder andere ook samen met de ruimtelijke projecten welke in dezelfde gebieden gaan plaats vinden. Tevens heeft de krapte op de arbeidsmarkt voor de specifieke functies op het gebied van riolering gevolgen voor de uitvoering van bepaalde projecten. Afval De lasten hebben betrekking op de kosten die worden gemaakt voor de afvalinzameling (zie voor de kostenopbouw van de afvalstoffenheffing de paragraaf lokale heffingen).

Milieubeheer De lasten hebben betrekking op de uitvoering van de duurzaamheidsprogramma, waaronder de subsidieregeling voor duurzame maatregelen, klimaatbeleid, energietransitie, bodemonderzoek en sanering, en de bijdrage aan de ODH. Begraafplaatsen en crematoria De lasten hebben betrekking op de beheer- en onderhoudskosten van de begraafplaatsen en gedenkparken. Zie voor de kostenopbouw van de lijkbezorgingsrechten de paragraaf lokale heffingen.

Verklaring financiële verschillen B2023 vs. B2024 Voor het programma Volksgezondheid en milieu zijn de verschillen ten opzichte van 2023 en 2024 als volgt te verklaren: Baten Er is in 2024 en verder sprake van lagere specifieke uitkering (SPUK) bij leefstijlinterventies en opstart van het Lokale Preventieakkoord. De hogere baten worden veroorzaakt door de hogere opbrengst rioolheffing. De hogere opbrengst ontstaat door een stijging van het tarief rioolheffing in verband met indexering en een extra verhoging van het tarief voor de rioolheffing conform het WRP 2022-2027.

- 57 -

Deze hogere baten worden verklaard doordat er meer huishoudens zijn ten opzichte van vorig jaar. Hierdoor zijn er bij de afvalstoffenheffing meer opbrengsten gegenereerd in gestegen PMD en dit is verwerkt in de bijdrage van Avalex. Lasten De lasten in het taakveld Volksgezondheid nemen toe door de stijging van de kosten voor de jeugdgezondheidszorg. De toename van de lasten in taakveld Riolering blijven achter bij de stijging van de baten waardoor er een storting in de voorziening riolering plaatsvindt. In taakveld Afval nemen de kosten toe op basis van hogere kosten (vooral loon- en brandstofkosten stijgingen) in een dienstverleningsovereenkomst met Avalex. Taakveld Milieubeheer laat overigens een onderschrijding van de lasten zien. Dit komt door een incidenteel bedrag in 2023 van € 456.000 voor uitvoeringskosten klimaatakkoord (duurzame energie) en door het minder toerekenen van uren naar dit taakveld. Indicatoren Verplichte indicatoren Nr. Naam 33 Omvang huishoudelijk restafval 34 Hernieuwbare elektriciteit

Eenheid Peiljaar Kilogram per inwoner 2020

%

2021

Waarde 35 (landelijk 32)

Bron CBS - Statistiek huishoudelijk afval 4,3 (landelijk 11,9) Rijkswaterstaat Klimaatmonitor

Toelichting op de indicatoren 33 Omvang huishoudelijk restafval Niet gescheiden ingezameld restafval dat te groot of te zwaar is om op dezelfde wijze als het huishoudelijk restafval te worden aangeboden. 34 Hernieuwbare elektriciteit Het percentage hernieuwbare energie, ook wel duurzame of groene energie genoemd. Dit is energie afkomstig van natuurlijke bronnen die constant worden aangevuld zoals uit wind, waterkracht, zon, bodem, buitenluchtwarmte en biomassa.

Overige indicatoren --

- 58 -

Programma 8. VHLOSV Wat willen wij bereiken? Leidschendam, Stompwijk en Voorburg vormen een aantrekkelijke gemeente. Veel mensen zijn hier op zoek naar een woning. In de komende vier jaar zal de woningnood niet worden opgelost. Wel zullen wij als gemeente de kaders scheppen om te stimuleren dat er zo snel mogelijk meer woningen gerealiseerd worden. Om toekomstbestendig te zijn, is het onze inzet dat ruimtelijke ontwikkelingen klimaatbestendig, energieneutraal en versterkend voor het groene karakter van onze gemeente. Dat doen we onder meer door: • Een meer betaalbaar, divers en duurzaam woningaanbod te realiseren en de nadruk te leggen op het sociaal en middensegment (zowel huur als koop). • Aandacht te houden voor de leefbaarheid van wijken en een evenwichtigere opbouw van wijken te realiseren. • Maatregelen te nemen om doorstroming te bevorderen, meer ruimte te geven aan creatieve en flexibele oplossingen en het tegengaan van woningspeculatie en huisjesmelkers. • Waar mogelijk belemmeringen te beslechten voor bestaande bouwprojecten. • Het respecteren van de gemaakte afspraken over lopende bouwprojecten. • Leefbaarheid, klimaatadaptatie, energieneutraal, mobiliteit en bereikbaarheid en vestigingsruimte voor nietwoonfuncties als randvoorwaarde voor bouwprojecten mee te geven.

• Bij nieuwe bouwprojecten op gemeentelijk niveau gemiddeld 30% sociale woningbouw te realiseren en 20% in het middeldure segment, waaronder ook zorgwoningen. Wat gaan we daarvoor doen? Ruimtelijk beleid Per 1 januari 2024 treedt de Omgevingswet in werking. De Omgevingswet bundelt alle wetten voor de fysieke leefomgeving. Met de instrumenten die de wet biedt, kan de gemeente de leefomgeving op een integrale wijze ontwikkelen. De Omgevingsvisie, programma's, het Omgevingsplan, het digitale stelsel Omgevingswet (DSO) en integrale afweging als onderdeel van de omgevingsvergunning, vormen belangrijke instrumenten om een mooie, schone, gezonde, toegankelijke en veilige leefomgeving te creëren. Vanaf 2024 gaat de gemeente met de wettelijk minimaal verplichte invulling van de instrumenten werken. Tegelijkertijd gaat het vormgeven, aanpassen en verbeteren van de instrumenten door. In 2024 richten we ons op uitvoering, monitoring, doorontwikkeling en risicobeheersing onder het nieuwe stelsel van de Omgevingswet. Vanuit het programma Implementatie Omgevingswet vinden hiervoor projecten plaats. In het projectenboek wordt over de voortgang gerapporteerd.

Op basis van de voortgang en resultaten wordt in 2024 gekeken in welke vorm continuering van het programma Implementatie Omgevingswet nodig is en in hoeverre elementen van implementatie door de lijnorganisatie zelf worden voortgezet en uitgevoerd. De omgevingsvisie is een verplicht instrument in de nieuwe Omgevingswet. Met de omgevingsvisie stellen we een integraal richtinggevend toekomstbeeld op voor Leidschendam-Voorburg 2050. Hierbij kijken we naar het profiel van de gemeente, de historie, de ligging, de (regionale) samenwerkingsverbanden, de trends en ontwikkelingen, de kernwaarden en de hoofdkeuzes met speerpunten die hieraan verbonden zijn. De omgevingsvisie geeft richting en houvast aan het handelen van de gemeente en houvast aan mensen, organisaties en bedrijven die iets willen doen in

- 59 -

Leidschendam-Voorburg. De omgevingsvisie is ook het kader waarbinnen Leidschendam-Voorburg het omgevingsplan opstelt. Dit omgevingsplan vervangt de huidige bestemmingsplannen. De visie is het document met de ambities en richtingen; in het omgevingsplan worden deze vertaald in concrete regels. Speerpunten: • Uitvoeren, monitoren, doorontwikkelen en risico's beheersen van de dienstverlening en ruimtelijke ontwikkelingen, onder het nieuwe stelsel van de Omgevingswet. Het gaat hierbij concreet om de online dienstverlening, het digitaal stelsel Omgevingswet, eerstelijns dienstverlening, vooroverleg bij ruimtelijke initiatieven, vergunningverlening en toezicht en handhaving. • Het beleidskader fysieke leefomgeving voorbereiden en doorontwikkelen conform de Omgevingswet. Hieronder vallen het vormgeven van de Omgevingsvisie; het voorbereiden van programma’s om uitvoering aan de Omgevingsvisie te geven; het doorontwikkelen van het Omgevingsplan 2.0; en daaruit volgend opstellen van toepasbare regels voor de online dienstverlening. • Na het opstellen van de Koersnotitie met potloodschets start de MER-procedure (milieu effect rapportage). Ook vindt er een onderzoek Beoordeling impact leefomgeving plaats. Op basis van participatie, de uitkomst van de MER en het onderzoek wordt de Omgevingsvisie opgesteld en ter vaststelling aangeboden.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Leidschendam&id=937b93a2-9adc-46eb-b461-4a9418d0d079