3095 Raadsvoorstel Vaststellen Uitvoeringsprogramma Duurzaamheid 2023-2026 en de 1e herziening van het bestedingsplan bestemmingsreserve Duurzaamheid en Energietransitie en addendum
Tekst van het document
Aan de raad van de gemeente LEIDSCHENDAM-VOORBURG
Datum 28 maart 2023 Nummer 3095 Onderwerp Raadsvoorstel Vaststellen Uitvoeringsprogramma Duurzaamheid 2023-2026 en de 1e
herziening van het bestedingsplan bestemmingsreserve Duurzaamheid en Energietransitie Portefeuillehouder Wethouder Belt Behandeld door -
1. Voorgesteld raadsbesluit De raad besluit: a) De 1e herziening van het bestedingsplan bestemmingsreserve Duurzaamheid en Energietransitie vast te stellen b) Het Uitvoeringsprogramma Duurzaamheid 2023-2026 en de bijbehorende samenvatting vast te stellen c) Voor de jaren 2023 –2026, achtereenvolgens de volgende extra bedragen van € 88.000, € 1,31 mln, € -16.000 en € 184.000 te onttrekken uit de bestemmingsreserve Duurzaamheid en Energietransitie om in diezelfde jaren bovenstaande budgetten in het Programma Volksgezondheid en milieu te vormen
d) Begrotingswijziging nummer 9 voor 2023-2026 vast te stellen.
2. Aanleiding Om klimaatverandering te beperken, het verlies aan biodiversiteit te keren en natuurlijke hulpbronnen beter te beschermen én duurzaam te benutten, moet de maatschappij ook in de gemeente Leidschendam-Voorburg gezamenlijk bijdragen aan een ommekeer en de ambitie hebben om onderdeel te zijn van de oplossing. Dit betekent onder meer dat een intensivering en verbreding van de inzet nodig is. Door steeds minder (fossiele) grondstoffen te verbruiken en steeds meer hernieuwbare energie op te wekken dragen we als maatschappij samen bij aan C02 reductie. Ook is het nodig de leefomgeving aan te passen aan de gevolgen van klimaatverandering en de kwaliteit van lucht en water te verbeteren. Bij de vaststelling van de programmabegroting 2021-2024 is op basis van de nota van wijziging 2021-2024 een nieuwe Bestemmingsreserve duurzaamheid en energietransitie met bedrag van 46 miljoen euro in het leven geroepen. Op 7 juli 2021 heeft de raad het 1e bestedingsplan bestemmingsreserve duurzaamheid en energietransitie vastgesteld. De bestemmingsreserve is noodzakelijk voor het behalen van de lange termijn doelstellingen van de energie- en warmtetransitie. Via
Datum 28 maart 2023 Nummer 3095 Pagina 2/10
het bestedingsplan wordt bepaald hoe de bestemmingsreserve gedurende de loop van tijd wordt ingezet. Inmiddels heeft zich een aantal (financiële) ontwikkelingen voorgedaan die aanleiding geven tot het opstellen van de 1e herziening van de bestemmingsreserve. Zo ontvangt de gemeente extra middelen van het Rijk voor de uitvoering van de energietransitie. Deze extra middelen zijn hard nodig voor bijvoorbeeld de capaciteit voor de wijkaanpakken en geven tegelijkertijd ruimte om binnen de financiële middelen van het programma, extra in te zetten op andere duurzaamheidsthema's zoals de uitvoering van het groen actieplan en circulariteit. In 2019 heeft uw raad het Uitvoeringsprogramma Duurzaamheid voor de periode 2019-2022 vastgesteld (iBabs nr. 884). De afgelopen periode is door het college gewerkt aan een nieuw Uitvoeringsprogramma Duurzaamheid voor de periode 20232026. Het college wil de komende jaren extra inzetten op klimaatmitigatie, klimaatadaptatie en vergroening. De urgentie voor verduurzaming, het verminderen van afhankelijkheid van fossiele energie en het aanpassen op klimaatverandering is sindsdien nog groter geworden. Het nieuwe Uitvoeringsprogramma Duurzaamheid speelt in op intensivering, versnelling en verbreding van de uitvoering van bovengenoemde thema’s.
Met dit nieuwe uitvoeringsprogramma wil het college verder investeren in een toekomstbestendige gemeente met een gezond woon- en leefklimaat. Met de vaststelling van het uitvoeringsprogramma 2023-2026 stelt de raad het kader vast voor de uitvoering van de aan het programma verbonden activiteiten op het gebied van duurzaamheid tot en met 2026. Het vaststellen van het uitvoeringsprogramma en de daarbij behorende financiële middelen, draagt bij aan het realiseren van een groene, duurzame woongemeente. Het uitvoeringsprogramma richt zich op de maatregelen die bijdragen aan de ontwikkeling naar een duurzame gemeente die klimaatneutraal, klimaatadaptief, circulair en biodivers is in 2050. De inzet is om iedereen mee te kunnen laten doen met deze transitie en de (tussen)doelen samen met inwoners en andere betrokken partijen stapsgewijs te bereiken. Met het tijdsverloop zal duurzaamheid in toenemende mate onderdeel zijn van de reguliere taken van de gemeentelijke organisatie.
3. Afwegingen Doelstelling van het uitvoeringsprogramma Het Uitvoeringsprogramma Duurzaamheid 2023-2026 vormt het kader om verder te ontwikkelen naar een groene en duurzame woongemeente. Het geeft inzicht in de thema’s en de daaraan verbonden activiteiten en mijlpalen gekoppeld aan de inzet van de middelen voor de periode tot en met 2026.
Datum 28 maart 2023 Nummer 3095 Pagina 3/10
Het Uitvoeringsprogramma Duurzaamheid 2023-2026 is opgesteld op basis van de meest actuele inzichten. Daarbij is rekening gehouden met de beschikbare gemeentelijke middelen (budgetten en personele capaciteit). De ontwikkeling van een monitoringstool voor het programma wordt in 2023 opgepakt. Nieuwe ontwikkelingen leiden tot nieuwe inzichten. Indien deze inzichten vragen om een wijziging van de activiteiten of de begroting in het programma wordt dit door het college voor besluitvorming aan de raad voorgelegd.
Thema’s en verbrede opzet van het nieuwe uitvoeringsprogramma Het college kiest met het nieuwe Uitvoeringsprogramma Duurzaamheid voor een brede aanpak op duurzaamheid, met volop aandacht voor zowel klimaatmitigatie als klimaatadaptatie, vergroening en maatregelen om de milieukwaliteit te verbeteren. In het uitvoeringsprogramma 2023-2026 zijn zes thema’s uitgewerkt: - Participatie, samenleving en educatie. o Bij dit thema komt aan bod hoe de gemeente inwoners ondersteunt met informatie en advies en samenwerkt met inwoners en stakeholders. -
Energie Klimaatadaptie, vergroening en biodiversiteit Circulariteit Lucht- en waterkwaliteit Duurzame gemeentelijke organisatie. o Dit thema heeft betrekking op de stappen die worden gezet voor de CO2-reductie en circulariteit in de gemeentelijke organisatie.
Ieder hoofdstuk van het uitvoeringsprogramma start met de beschrijving van het vertrekpunt, doelstellingen en een uitwerking van de geplande activiteiten. De activiteiten en de resultaten zijn verwerkt in een jaarplanning. De aan de thema’s verbonden mijlpalen zijn als bijlage bij het uitvoeringsprogramma gevoegd. In het hoofdstuk financiën wordt toegelicht welke financiële middelen begroot zijn om de activiteiten van het Uitvoeringsprogramma Duurzaamheid te realiseren. Voortbouwen op en versnellen en intensiveren van de lopende aanpak De gemeente zet al in op de thema’s van het nieuwe uitvoeringsprogramma en heeft daarbij een breed scala aan activiteiten uitgevoerd om onze gemeente te verduurzamen. Het gaat daarbij bijvoorbeeld om het reduceren van het energiegebruik door het isoleren van woningen, de aanleg van groene daken, en steenbreekacties die met inwoners en organisaties zijn uitgevoerd. Daarnaast werkt
Datum 28 maart 2023 Nummer 3095 Pagina 4/10
de gemeente in overleg met partners aan aardgasvrije wijken en neemt deel in regionale projecten aan CO2-reductie maatregelen voor verkeer, met als doel de energietransitie in de gemeente te versnellen. In 2022 is een start gemaakt in de eerste transitiewijk binnen de gemeente in De Heuvel-/Amstelwijk. Vanuit de actualiteit wordt ingezet op de aanpak van energiearmoede met onder andere de inzet van energiehulpen bij de huishoudens die dat nodig hebben. Een gedegen inzet van communicatie- en participatiemiddelen vormt bij dit alles een vast onderdeel van de aanpak.
Aanleiding 1e herziening bestemmingsreserve Duurzaamheid en Energietransitie en de exploitatie begroting In juni 2021 heeft de raad het bestedingsplan voor de `bestemmingsreserve Duurzaamheid en energietransitie’ vastgesteld (ibabs 2150). In het bestedingsplan wordt bepaald hoe de bestemmingsreserve tot 2050 zal worden ingezet. Bij de vaststelling van het bestedingsplan bestond er nog veel onzekerheid over de middelen van het Rijk voor uitvoering het Klimaatakkoord. Daarom is toegezegd om het bestedingsplan te herijken zodra die duidelijkheid er wel is. In februari 2023 zijn de uitvoeringsmiddelen tijdelijke regeling capaciteit decentrale overheden voor klimaat- en energiebeleid (CDOKE) bekend gemaakt. Vanaf 2023 ontvangt de gemeente deze extra middelen van het rijk. Dit brengt een herziening met zich mee van zowel het bestedingsplan van de bestemmingsreserve Duurzaamheid en Energietransitie als van de begroting. Het Rijk heeft vanuit het Klimaatakkoord en de urgentie van de energiecrisis de volgende geldstromen op gang gebracht: • Incidenteel: Spuk 2021 energiearmoede € 333.132 • Incidenteel: Spuk 2022 energiearmoede/Nationaal Isolatieplan € 763.157 • Incidenteel: Spuk 2023 Nationaal Isolatieplan: € 400.040 • Incidenteel: Spuk 2024 Nationaal Isolatieplan: € 229.220 • Incidenteel: Programma aardgasvrije wijken/ De Heuvel/Amstelwijk: € 3,93 mln. •
Structureel: Uitvoeringsmiddelen klimaatakkoord 2023-2026 o 2023: € 1,38 mln. o 2024: € 1,40 mln. o 2025: € 1,41 mln. o 2026-2030: € 1,38 mln. (minimaal per jaar)
Datum 28 maart 2023 Nummer 3095 Pagina 5/10
Het college beschouwt de bijdrage van het Rijk als een structurele bijdrage en gaat er van uit dat het Rijk de gemeenten ook na 2030 financieel blijft steunen bij het realiseren van de energietransitie. De genoemde Spuk’s (Specifieke uitkeringen) kennen gerichte door het Rijk bepaalde bestedingsdoelen en indicatoren. Zo zijn of worden de Spuk 2021 en 2022 conform het Plan van Aanpak Energiearmoede (ibabs 3004) door het college ingezet voor energiebesparing van (deels gemengd) corporatiebezit en bestrijding energiearmoede (advies en kleine besparingsmaatregelen). De Spuk 2023 en 2024 moet worden benut voor isolatie van slecht geïsoleerde woningen onder een per gemeente bepaalde WOZ-waarde. Daarmee levert dat ook een bijdrage aan het terugdringen van energiearmoede. De vier Spuk’s kunnen gelet op hun specifieke doelen niet gezien worden als middelen die financiële ruimte bieden binnen het programma. Zij versnellen wel de energietransitie. Het eerste bestedingsplan reserve Duurzaamheid en Energietransitie 2021 bestaat uit vier pijlers vanuit de doelstellingen van de Lokale Energiestrategie en Transitievisie Warmte die vervolgens zijn onderscheiden in de tijdsvakken korte termijn, middellange termijn en lange termijn. Die vier pijlers zijn: 1. Bewonersinitiatieven (stimulering isolatieopgave) 2. Wijkaanpakken (het overstappen van aardgas naar hernieuwbare energie) 3.
Verduurzaming onderwijsvastgoed 4. Verduurzaming eigen gemeentelijk vastgoed Deze pijlers blijven in deze 1e herziening van het bestedingsplan in stand. Daarnaast is er in de 1e herziening bestedingsplan bestemmingsreserve één nieuwe pijler toegevoegd: verduurzaming gemeentelijke organisatie.
Wijzigingen bestedingsplan reserve Duurzaamheid en Energietransitie Ad 1: bewonersinitiatieven (stimulering isolatieopgave) De subsidies voor isolatie en groen dak worden volledig benut. Het gebruik van de rentekorting op duurzaamheidsleningen blijft wat achter bij de verwachtingen. Omdat de isolatieaanpak noodzakelijk is voor de overgang naar aardgasloos wil het college de komende jaren hierop extra blijven inzetten. Wel is gebleken dat het financieel dekken van de bewonersinitiatieven vanuit zowel de bestemmingsreserve als de exploitatie administratief tot extra werk leidt. Wijziging 1:
Datum 28 maart 2023 Nummer 3095 Pagina 6/10
Voorgesteld wordt om de stimuleringsmaatregelen in het vervolg volledig ten laste van de bestemmingsreserve te brengen. Wijziging 2: Voor de komende 4 jaar stelt het college voor om de subsidieregeling isolatie en groendak en de rentekorting op leningen van het Nationaal Warmtefonds te verhogen van € 2,6 naar ruim € 3,65 miljoen (exclusief uitvoeringskosten). Het college speelt zo in op de actuele isolatiebehoefte en haalt binnen de bestemmingsreserve subsidiebudgetten van latere jaren naar voren. Niet benutte stimuleringsmiddelen blijven beschikbaar in de bestemmingsreserve. Ad 2: wijkaanpakken Voor de pijler wijkaanpakken was vanuit de bestemmingsreserve een fors bedrag gereserveerd voor de uitvoering van die wijkaanpakken. Het rijk stelt nu met de uitvoeringsmiddelen klimaatakkoord concrete bedragen ter beschikking voor 2023 t/m 2025 met een prognose dat tot 2030 een vergelijkbaar bedrag als voor 2023 jaarlijks beschikbaar komt voor de gemeente. De uitvoeringsmiddelen klimaatakkoord zijn gebaseerd op het AEF-onderzoeksrapport Uitvoeringskosten Klimaatakkoord uit 2020. Dit heeft ook als basis gediend voor de ramingen uit het eerste bestedingsplan bestemmingsreserve Duurzaamheid en Energietransitie. Wijziging 3: Door de uitvoeringsmiddelen klimaatakkoord van het Rijk is personele uitbreiding van de gemeentelijke organisatie mogelijk.
Daarnaast blijft voor een deel van de personele middelen een dekking uit de bestemmingsreserve nodig. Over een aantal jaar zijn meerdere wijken tegelijkertijd in transitie. Als de uitvoeringsmiddelen klimaatakkoord op het huidige niveau blijven, is een grote inzet van de bestemmingsreserve voor personele middelen noodzakelijk. Wijziging 4: De uitvoeringsmiddelen van het Rijk geven ruimte om het geld uit de bestemmingsreserve dat oorspronkelijk voor de uitvoering was gereserveerd nu deels te reserveren om de effecten van de energietransitie wijkgericht te verzachten via maatwerk. Daarbij kan gedacht worden aan het meebetalen aan onrendabele isolatiemaatregelen, het verlagen van de aansluitkosten van een collectieve voorziening of intensieve begeleiding bij het maken van Duurzame Meerjaren Onderhoudsplannen. Ad 3: verduurzaming onderwijsvastgoed Ongewijzigd: Voor de pijler verduurzaming onderwijsvastgoed is in 2022 een voorziening verduurzaming onderwijsvastgoed opgezet voor de schoolbesturen. Het benutten van
Datum 28 maart 2023 Nummer 3095 Pagina 7/10
de voorziening blijft echter nog achter bij de prognoses. Eind 2024 zal het college het gebruik van deze regeling evalueren. Voor nieuwbouw van scholen is, net als in het eerste bestedingsplan, in het gewijzigde bestedingsplan ook geld gereserveerd voor het treffen van bovenwettelijke duurzaamheidsmaatregelen. Hierbij is de planning van het Integraal Huisvestingsplan Onderwijsgebouwen gevolgd. Ad 4: verduurzaming eigen gemeentelijk vastgoed Met het verduurzamen van het eigen gemeentelijk vastgoed is een begin gemaakt met onder andere het verduurzamen van De Groene Zoom, Raadhuisplein 1, Damlaan 44, de aula en kantoor Oosterbegraafplaats Rodelaan 64. Het bestedingsplan 2021 was gericht op het, via een krediet van € 890.000, op gang brengen van de verduurzaming eigen gebouwen tot en met 2024. Aan deze eerdere besluitvorming houdt het college vast vanuit het uitgangspunt dat duurzaamheid onderdeel moet zijn van de reguliere aanpak van alle onderdelen in de organisatie. Wijziging 5: Na uitputting van het krediet verduurzaming gemeentelijk vastgoed, moet verdere verduurzaming van het gemeentelijk vastgoed vanaf 2025 worden verankerd in de meerjarige onderhoudsplannen en de meerjarenbegroting op basis van het beleidskader gemeentelijk vastgoed.
Om dit proces aan te jagen en te faciliteren wordt vanuit dit programma geld vrijgemaakt voor capaciteit voor het maken van het beleidskader gemeentelijk vastgoed en voor het kunnen maken van een start bij de uitvoering ervan. In dit beleidskader wordt rekening gehouden met het tijdig nemen van verduurzamingsmaatregelen van gemeentelijke panden in de transitiewijken. Relatie bestemmingsreserve en Uitvoeringsprogramma Duurzaamheid Door de verschuiving van middelen voor bewonersinitiatieven van de exploitatiebegroting naar de bestemmingsreserve (wijziging 1) ontstaat binnen de exploitatie ruimte voor de uitvoering van de ambities uit het nieuwe Uitvoeringsprogramma Duurzaamheid. Wijziging 6: De vrijkomende ruimte in de exploitatiemiddelen in de eerstkomende jaren kunnen onder andere ingezet worden voor de uitvoering van het groenactieplan dat momenteel opgesteld wordt. Daarnaast wordt vanuit de bestemmingsreserve personele capaciteit ingezet voor het verduurzamen van de gemeentelijke organisatie, zodat er gericht gewerkt kan gaan worden aan uitvoeringsprojecten voor de reductie van de CO2-uitstoot en verbeteren van het circulair gebruik van grondstoffen.
Datum 28 maart 2023 Nummer 3095 Pagina 8/10
4. De financiële gevolgen van het besluit In het bijgaande concept-uitvoeringsprogramma is beschreven wat de verschillende thema's de komende jaren gaan kosten en hoe deze worden betaald. Er wordt de komende jaren een aantal onderzoeken of pilots uitgevoerd. Dit kan de komende jaren leiden tot nadere voorstellen voor verdere uitvoering en daarbij behorende extra financiële middelen. In onderstaande tabel is aangegeven wat de thema's uit het Uitvoeringsprogramma Duurzaamheid 2023-2026 gaan kosten en hoe deze worden betaald.
De personeelskosten voor het uitvoeren van het programma Duurzaamheid en Energietransitie worden vanaf 2023 vergoed vanuit de Rijks uitvoeringsmiddelen klimaatakkoord. Deze kosten zijn verwerkt in bovenstaande tabel. Het voorstel van het college is om hiervoor doormiddel van een begrotingswijziging structureel budget beschikbaar te stellen. In 2023 gaat het om een bedrag van € 1,38 mln. met als dekking de te ontvangen Rijksbijdrage. Voor 2024-2026 worden achtereenvolgens de volgende bedragen ter begroting gebracht € 1,40 mln, € 1,41 mln en € 1,38 mln voor de navolgende jaren. Verloop van de Bestemmingsreserve Duurzaamheid en Energietransitie Op basis van het voorstel en zoals geschetst in onderstaande tabel worden in de jaren 2023-2026 de nieuwe bedragen onttrokken aan de bestemmingsreserve Duurzaamheid en Energietransitie. Deze middelen worden ter begroting gebracht binnen het programma Volksgezondheid en milieu. Dat leidt tot de onderstaande mutatie (extra onttrekking) uit de bestemmingsreserve Duurzaamheid en Energietransitie.
Datum 28 maart 2023 Nummer 3095 Pagina 9/10
Het is de verwachting dat na afloop van dit uitvoeringsprogramma, eind 2026, de stand van de bestemmingsreserve Duurzaamheid en Energietransitie € 35,5 mln. is. Op de lange termijn t/m 2050 verwacht het college om de volgende sub thema's uit de reserve te betalen en de transitie te faciliteren: • Wijkaanpakken capaciteit en onderzoek • Bijdrage transitiekosten wijkaanpakken • Stimuleringsmaatregelen energietransitie • Verduurzaming onderwijsvastgoed nieuwbouw • Verduurzaming onderwijsvastgoed bestaande bouw • Capaciteit voor CO2-reductie gemeentelijke organisatie Risico's Het college ziet de volgende risico’s voor het behalen van de doelen: • Onvoldoende financiële middelen om de energietransitie voor 2050 te realiseren, zeker als de Rijksmiddelen na 2030 niet worden gecontinueerd • Het ontbreken van draagvlak bij inwoners en andere stakeholders voor (collectieve) oplossingen • Het ontbreken van ruimtelijke of technische oplossingen • Disbalans in opwek, opslag en netcapaciteit • Krapte op de aannemersmarkt en materialen en kostenstijgingen • Krapte op de arbeidsmarkt Het college is alert op de risico’s en ontwikkelingen en speelt daar zo nodig op in.
5. Hoe zijn inwoners/ belanghebbenden betrokken Het nieuwe Uitvoeringsprogramma Duurzaamheid 2023-2026 geeft onder andere invulling aan de doelstellingen van de Lokale Energie Strategie en Transitievisie Warmte van Leidschendam-Voorburg. Deze beleidsdocumenten zijn, na het doorlopen van het reguliere participatietraject, in 2021 door uw raad vastgesteld. Op 12 januari 2023 is een rondetafelgesprek met de stakeholders op gebied van duurzaamheid binnen de gemeente georganiseerd waarbij ideeën en suggesties over alle thema’s en activiteiten van het concept-uitvoeringsprogramma zijn uitgewisseld. Zo is er opgehaald dat er in het concept-programma met name een focus lag op inwoners en het samenwerken met inwoners en dat bedrijven hierbij onderbelicht waren. Ook is er door de stakeholders aangegeven dat het belangrijk is om de verschillende thema's met elkaar te verbinden. Bijvoorbeeld de relatie tussen CO2 reductie en mobiliteit. Deze input is verwerkt in het nieuwe programma.
Datum 28 maart 2023 Nummer 3095 Pagina 10/10
Op 25 januari 2023 is een online webinar georganiseerd om onze inwoners, stakeholders en uw raad te betrekken bij de thema’s en activiteiten van het nieuwe uitvoeringsprogramma. Tijdens het webinar konden deelnemers vragen stellen en input leveren. Ondanks dat de groep deelnemers te klein was om een goede afspiegeling van al onze inwoners te vormen zijn de ontvangen reacties waardevol. De aanwezige deelnemers hebben o.a. aangegeven dat het belangrijk is om inwoners goed te informeren over wat de gemeente doet op het gebied van duurzaamheid. De reacties van deelnemers heeft de gemeente tevens een beeld gegeven op welke vlakken inwoners in de uitvoering bereid zijn om zelf actief bij te dragen aan het verduurzamen van de gemeente. Een belangrijke conclusie is dat er veel draagvlak is voor de ondersteuningsmaatregelen die de gemeente biedt bij de energietransitie. Het webinar was tevens een opening om aan de deelnemers te vragen of ze onze nieuwsbrief willen ontvangen. Als sluitstuk is de verkregen input van het webinar en het rondetafelgesprek voor zover passend binnen de kaders door het college verwerkt in het uitvoeringsprogramma. Zo staat in het thema participatie, samenleving en educatie beschreven hoe de gemeente in de uitvoering om gaat met participatie en voornemens is om de kracht van de samenleving te benutten.
burgemeester en wethouders van Leidschendam-Voorburg,
B.C.F. Nederpel, loco-secretaris
M.W. Vroom burgemeester
Documenten behorende bij dit raadvoorstel DossiernummerBestandsnaam 3095 1e herziening van het bestedingsplan reserve Duurzaamheid 3095
en Energietransitie Uitvoeringsprogramma Duurzaamheid 2023-2026 inclusief
3095 3095
bijlagen Samenvatting Duurzaamheidsprogramma 2023-2026 begrotingswijziging Uitvoeringsprogramma Duurzaamheid 2023-2026