2995 Coalitie voor veiligheid 2023-2026 Eenheid Den Haag
Tekst van het document
De ene keer op het niveau van de eenheid Den Haag, de andere keer op het niveau van de Zorg- en Veiligheidshuizen Haaglanden en Hollands Midden.
CONCEPT RAPPORT ─ Coalitie voor veiligheid 2023 - 2026
28
4.4.2
Rol van de Zorg- en Veiligheidshuizen De Zorg- en Veiligheidshuizen Haaglanden en Hollands Midden zijn samenwerkingsverbanden van zorg, justitiële en gemeentelijke partners die sturen op een goede samenwerking en met elkaar stevig regie voeren op een sluitende aanpak van personen met complexe problematiek. Ze richten zich met name op een kleine groep mensen in onze eenheid met (ernstig) risicogedrag en een opeenstapeling van problemen. Deze groep veroorzaakt veel problemen en onveiligheid. Door de inzet binnen het zorg- en sociaal domein kunnen veiligheidsproblemen voor deze mensen zelf, binnen het gezin, hun directe omgeving en de samenleving worden afgewend. Deze taak vereist ook samenwerking tussen de Zorg- en Veiligheidshuizen en de lokale en regionale netwerkorganisaties om hen heen, zoals de sociale wijkteams en Veilig Thuis.
4.4.3
Knelpunten in de huidige aanpak Als we het veiligheidsdomein en het zorgdomein beter met elkaar verbinden, kunnen we criminaliteit en overlast vroegtijdig signaleren en integraal aanpakken. De vaak meervoudige problematiek van bepaalde kwetsbare groepen, denk aan risicojeugd, licht verstandelijk beperkten, ex-gedetineerden en personen met verward gedrag, vraagt om een brede integrale levensloopbenadering en maatwerk. Daarmee voorkomen we daderschap en slachtofferschap, en uiteindelijk criminaliteit en overlast. Ook voor sanctietoepassing en reintegratie speelt de verbinding tussen het zorgdomein en het veiligheidsdomein een belangrijke rol. Uiteindelijk scheelt dit zowel in maatschappelijk leed als in maatschappelijke kosten. Het lukt nog niet altijd het veiligheidsdomein en het zorgdomein vroegtijdig en goed aan elkaar te verbinden. Het zijn andere werelden, met andere financieringsstromen en andere partners. Informatiedeling is niet altijd vanzelfsprekend en wordt bovendien belemmerd door wettelijke (knellende) kaders. Zo zou preventief informatie delen in bepaalde gevallen erger kunnen voorkomen. Een belangrijke bepaling uit de AVG is echter doelbinding. Doelbinding houdt in dat persoonsgegevens alleen verzameld mogen worden voor een ‘welbepaald, uitdrukkelijk omschreven en gerechtvaardigd’ doel (artikel 5 lid 1 sub a AVG).
Dit is in veel gevallen moeilijk hard te maken als het gaat om preventie. Tegelijkertijd willen we hier als zorg- en veiligheidspartners aan blijven werken, om te kijken wat er wél mogelijk is. Door zoveel mogelijk als één overheid op te treden halen we maximaal rendement uit onze samenwerking met een zo groot mogelijk maatschappelijk en individueel effect. De belemmeringen in informatiedeling die wij constateren kaarten we ook landelijk aan.
4.4.4
Ambities/doelstelling per onderwerp Voor de periode 2023-2026 zetten we op eenheidsniveau in op vier onderwerpen op het snijvlak van zorg en veiligheid: verward of onbegrepen gedrag, huiselijk geweld, radicalisering en de re-integratie van exgedetineerden. Jeugd(criminaliteit) valt niet onder deze onderwerpen, maar is wel een rode draad door alle onderwerpen heen. Zo vormt bijv. kindermishandeling een belangrijk onderdeel van huiselijk geweld en is een deel van de
CONCEPT RAPPORT ─ Coalitie voor veiligheid 2023 - 2026
29
personen met een persoonsgerichte aanpak in het kader van radicalisering, minderjarig. Vooral bij jongeren die dreigen af te glijden naar de criminaliteit is preventie, vroegsignalering en de verbinding van het sociaal-, onderwijs- en veiligheidsdomein van groot belang. In de Coalitie voor veiligheid is ‘jeugd en veiligheid’ een apart thema met specifieke ambities en doelstellingen. Ook het onderwerp mensenhandel begeeft zich op het snijvlak van zorg en veiligheid. Omdat mensenhandel een vorm van ondermijning is zal het in dat hoofdstuk uitgebreid behandeld worden. Belangrijk om te erkennen is wel dat mensenhandel een vorm van ondermijning is met verregaande gevolgen voor slachtoffers. De veiligheid en zorg voor deze slachtoffers zijn dan ook van belang in de aanpak. Daarbij zorgt een goede begeleiding van slachtoffers voor een hogere aangiftebereidheid en hebben zorgprofessionals in de brede zin een belangrijke signalerende functie. Een nauwe samenwerking tussen het zorg en veiligheidsdomein is daarom van belang. Verward of onbegrepen gedrag Op dit thema is de afgelopen jaren op lokaal en regionaal niveau al veel ingezet en ontwikkeld. Ook de komende jaren vraagt onbegrepen gedrag veel inzet en aandacht van politie en andere partners. De ambitie is om de ontwikkelingen op dit thema meer met elkaar te verbinden om tot een nog beter sluitende aanpak te komen.
Van de lokale, vaak meer preventief gerichte gezamenlijke aanpakken in de wijk van gemeenten, GGZ en politie naar de bredere Levensloopaanpak 5 voor de meest complexe doelgroep met ernstige psychiatrische problematiek en een hoog veiligheidsrisico in de Zorg- en Veiligheidshuizen in de eenheid. De vroegsignalering en de opvolging van de niet acute meldingen moeten enerzijds voorkomen dat personen met verward of onbegrepen gedrag verder in de problemen komen en anderzijds ervoor zorgen dat omwonenden hinder of overlast van deze personen ondervinden. Aandachtspunten in de samenwerking in de eenheid Den Haag voor de komende periode zijn het inrichten van een regionale kenniswerkplaats, samen leren van knelpunten uit casuïstiek en het beter op elkaar afstemmen van triageprocessen van de diverse meldkamers (meldkamer ambulance, meldkamer politie en triagisten GGZ) en de zorg ten behoeve van een betere hulpverlening in acute situaties. In Hollands Midden zijn diverse pilots actief gericht op de inzet van een wijk-GGD’er. Deze functionarissen, werkzaam bij het Zorg- en Veiligheidshuis Hollands Midden, team Meldpunt Zorg en Overlast, werken lokaal samen met de politie en interveniëren zo laagdrempelig als nodig en zo acuut als nodig op signalen van verward gedrag.
Door de specifieke GGZ-kennis van deze wijk-GGD’ers wordt de samenwerking met en toeleiding naar de GGZorganisaties in de eenheid versterkt.
5 De bredere Levensloopaanpak gaat uit van de volgende uitgangspunten:
- continuïteit van intensieve ondersteuning en zorg; - professionals die bij de geïncludeerde client en hun naasten betrokken blijven zo lang dat nodig is; - makkelijk op- en afschalen van ondersteuning en zorg, ook in het sociaal domein.
CONCEPT RAPPORT ─ Coalitie voor veiligheid 2023 - 2026
30
Huiselijk geweld De term ‘huiselijk geweld’ verwijst naar de relatie tussen pleger en slachtoffer. Er is meestal sprake van een machtsverschil. Het slachtoffer is of voelt zich afhankelijk van de dader. Er zijn verschillende vormen van huiselijk geweld: kindermishandeling, ouderenmishandeling, eergerelateerd geweld en (ex)partnergeweld in alle verschijningsvormen, waaronder ook psychische mishandeling en stalking 6. Daarnaast is femicide (vrouwenmoord) een zeer zorgwekkend fenomeen, dat helaas ook in Nederland voorkomt. Vaak gaat aan dergelijke moorden een geschiedenis van huiselijk geweld vooraf. Alle vormen van huiselijk geweld hebben zeer veel impact op het slachtoffer, ook op de langere termijn. Zo komt het regelmatig voor dat kinderen die in hun jeugd mishandeld zijn als volwassene zelf dader worden van huiselijk geweld of andersoortige (psychische) problematiek ontwikkelen. Ook komt verslavingsproblematiek vaak voor in combinatie met huiselijk geweld. Preventie en bij signalen zo vroegtijdig mogelijk ingrijpen, zijn dan ook van groot belang bij huiselijk geweld. De ambitie voor de komende jaren is om in het lokale veld de samenwerking tussen gemeenten, Veilig Thuis en politie te versterken. De Zorg- en Veiligheidshuizen blijven zich richten op de complexere casuïstiek, o.a. door inzet van de Multidisciplinaire Aanpak (MDA++).
Deze aanpak richt zich op casuïstiek met structureel, ernstig huiselijk en seksueel geweld. Een gezamenlijke analyse en plan van aanpak wordt uitgevoerd om het geweld te stoppen. De cliënt en de gezinsleden beslissen mee. De komende jaren wordt blijvend ingezet op het uitvoeren van de landelijke ontwikkelagenda Veiligheid Voorop, dat zich richt op verbeterslagen in de aanpak van huiselijk geweld waar het de samenloop zorg-straf betreft. Hierbij gaat het om nog nauwere samenwerking tussen Veilig Thuis, politie, OM, gemeenten, Raad voor de Kinderbescherming en Reclassering. Dit moet resulteren in het realiseren van de ambities in de regiovisies: geweld eerder en beter stoppen. Om de veiligheid te borgen is verbinding met het sociaal domein essentieel. Radicalisering en extremisme Volgens het Dreigingsbeeld Terrorisme Nederland 55 (DTN) is de bedreiging vanuit terrorisme, extremisme en radicalisering nog altijd voorstelbaar. Daardoor wordt het fenomeen vanuit verschillende invalshoeken (zoals jihadisme, rechts terrorisme en extremisme en maatschappelijk ongenoegen) in nauwe samenwerking met de ketenpartners aangevlogen. Hierbij is het voornaamste doel het maken van een kwaliteitsslag om te kunnen interveniëren wanneer nodig.
De ambities voor de komende jaren zijn: Gezamenlijk nadenken over de aanpak van nieuwe trends en ontwikkelingen, bijvoorbeeld in relatie tot maatschappelijk ongenoegen, en het uitwisselen van kennis. Ervoor zorgen dat partners elkaar nog sneller weten te vinden om elkaars informatiepositie te verstevigen. Voortzetten van de persoonsgerichte aanpak (PGA) gerelateerd aan CTER in de Zorg- en Veiligheidshuizen. Bekeken wordt tevens in hoeverre de PGA verbreed kan worden naar personen die 6
Https://www.rijksoverheid.nl/onderwerpen/huiselijk-geweld/wat-huiselijk-geweld-is#
CONCEPT RAPPORT ─ Coalitie voor veiligheid 2023 - 2026
31
zorgwekkend gedrag laten zien in het kader van maatschappelijk ongenoegen, al dan niet in combinatie met verward of onbegrepen gedrag. Organiseren van multidisciplinaire casusoverleggen waarbij maatregelen of interventies worden afgestemd m.b.t. de re-integratie van uitreizigers die zijn teruggekeerd naar Nederland en na detentie terugkeren binnen de eenheid. Bespreken van casuïstiek aan de casustafel met als doel een veilige re-integratie van minderjarige terugkeerders te bevorderen. Re-integratie ex-gedetineerden In 2019 is het bestuurlijk akkoord ‘Kansen bieden voor re-integratie’ door de Dienst Justitiële Inrichtingen (DJI), de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) en de drie reclasseringsorganisaties getekend. In het akkoord is afgesproken dat de betrokken partijen intensiever gaan samenwerken om een succesvolle terugkeer van gedetineerden naar de samenleving en vermindering van recidive te bewerkstelligen. Met de nieuwe Wet Straffen en Beschermen is er medio 2021 ook een wettelijke grondslag om met de betrokken partijen gegevens uit te wisselen. In Haaglanden zal de komende jaren uitvoering worden gegeven aan het akkoord: doorontwikkelen van de lokale re-integratie aanpakken en verstevigen van het regionale netwerk op operationeel en tactisch niveau. Complexe casussen kunnen zo nodig via de reguliere lijn naar het Zorg- en Veiligheidshuis worden opgeschaald.
De nazorg van ex-gedetineerden in de regio Hollands Midden wordt namens de gemeenten centraal gecoördineerd door het Zorg- en Veiligheidshuis. Uitzonderingen hierop zijn de gemeenten Alphen aan den Rijn en Katwijk. Zij organiseren zelf de nazorg binnen hun gemeenten. DJI en de drie reclasseringsorganisaties zullen samen met het Zorg- en Veiligheidshuis HM bezien hoe de afspraken uit het Bestuurlijk Akkoord en de Wet Straffen en Beschermen het beste ingevoerd kunnen worden op regionaal niveau.
CONCEPT RAPPORT ─ Coalitie voor veiligheid 2023 - 2026
32
4.5
Ondermijning Maatschappelijke effecten voorop In de ontwikkelstrategie aanpak ondermijning 2023 en verder, die onder regie van het RIEC Den Haag tot stand is gekomen met nauwe betrokkenheid van alle partners, is allereerst geconcludeerd dat de volgende maatschappelijke effecten richtinggevend zijn voor de aanpak in de eenheid Den Haag: 1.
Invloed van criminele netwerken in de bovenwereld terugdringen.
2.
Verminderen van de aantrekkingskracht van criminele netwerken op jonge aanwas. Laten zien dat misdaad niet loont.
3.
Zichtbaar zijn als één overheid en het vertrouwen in de overheid vergroten. De (gepercipieerde) pakkans moet omhoog, evenals de drempel om de criminaliteit in te gaan. Daarnaast moeten we aan de samenleving laten zien dat we ook de grote spelers pakken. Het is daarbij van belang om steeds te communiceren vanuit de bredere gezamenlijke boodschap: één beweging tegen ondermijning.
4.
Het bewustzijn vergroten van de gevolgen van ondermijnende criminaliteit, zoals drugscriminaliteit en mensenhandel. Dit omvat eveneens het bewustzijn van ieders rol in dit kader; bijvoorbeeld dat drugsgebruik bijdraagt aan het criminele verdienmodel.
Focusgebieden De afgelopen twee jaar is op basis van het ondermijningsbeeld van de eenheid in de integrale aanpak vooral gefocust op drugscriminaliteit en mensenhandel. Deze focus zetten we ook de komende jaren voort. We zien dat dit nog altijd de relevante thema’s zijn om op te acteren om de genoemde maatschappelijke effecten te realiseren. Er zijn verschillende vormen van mensenhandel: arbeidsuitbuiting, seksuele uitbuiting, criminele uitbuiting en gedwongen orgaanverwijdering. In de eenheid Den Haag is de integrale aanpak met name gericht op de drie eerstgenoemde vormen van mensenhandel. Vanuit de brede thema’s drugs en mensenhandel gaan we inzetten op de daarmee samenhangende deelthema’s: 1.
Vermogen, witwassen, follow the money en vastgoed (zowel in de stad als in het buitengebied).
2.
Logistieke knooppunten (bedrijventerreinen, sierteelt- en transportsector en zeehavens zoals benoemd in het nationale drugsbeeld).
3.
Kwetsbare branches, zoals horeca en land- en (glas)tuinbouw.
4.
Het voorkomen van jonge aanwas.
Op deze wijze sluit de aanpak aan bij de zeer diverse lokale problematiek binnen de eenheid. Hoofdlijnen van de bestrijdingsstrategie Zoals ook duidelijk in de te realiseren maatschappelijke effecten naar voren komt, zijn de volgende punten kenmerkend voor de bestrijdingsstrategie die we met elkaar kiezen om de aanpak van ondermijning in de eenheid Den Haag effectief en toekomstbestendig te maken:
CONCEPT RAPPORT ─ Coalitie voor veiligheid 2023 - 2026
33
Voortzetting en verbreding van de coalitie tegen ondermijning; van één overheidssamenwerking naar brede maatschappelijke samenwerking. Concreet gaat het hierbij om inzet van innovatieve interventies en nieuwe (publieke en private) partners aan te laten haken om effectieve barrières op te werpen. Als één overheid vaker zichtbaar acteren. We zoeken naar manieren om de uitvoeringskracht slim te vergroten. Er wordt ingezet op een gezamenlijke communicatiestrategie. Ervoor zorgen dat die casuïstiek wordt opgepakt waarmee we de georganiseerde criminaliteit daadwerkelijk een slag toebrengen. Het goed verbinden van repressie en preventie. Het gaat niet alleen om veiligheid, maar ook om zorg en onderwijs. Het sociaal domein en de veiligheidskant moeten elkaar lokaal beter gaan vinden. De aanpak van ondermijning moet domeinoverstijgend worden vormgegeven. Er wordt geïnvesteerd in het vergroten van de awareness. Afgesproken is om in gezamenlijkheid vanaf 2023 en verder – in het verlengde van het voorgaande - de volgende concrete acties in gang te gaan zetten: 1.
Betekenisvolle integrale casus per district
Per districtelijke ondermijningstafel en RISO pakken we minimaal een voorbeeldcasus met naar verwachting grote maatschappelijke impact als één overheid integraal op. Casussen bijvoorbeeld op grote facilitators, criminele families etc. Grote casussen – met een stevige strafrechtelijke component – waar bredere voorbeeldwerking en maatschappelijk effect van wordt verwacht. Slimme inzet van communicatie is hierbij dan ook van belang. Consequentie van de aanpak van dergelijke grootschalige casussen is onder meer dat dit dwingt tot het maken van keuzes. We maken inzichtelijk op welk thema een casus per district wordt opgepakt. 2.
Ruimte voor lokale ‘buikpijn-casuïstiek’
We houden tevens ruimte voor lokale ‘buikpijn-casuïstiek’. Het is zaak – mede voor het vergroten van vertrouwen in de overheid - om over de volle breedte zichtbaar massa te blijven maken in de aanpak van ondermijnende criminaliteit. Ook aanpak van kleine lokale casussen doet ertoe. Samen integraal kijken hoe door slimme interventies - bijvoorbeeld door zichtbare korte klappen of creatieve interventies van verschillende partners – zoveel mogelijk zichtbaar effect kan worden gegenereerd, dat is wat dit vraagt. Ontwikkeling en inzet van lokale bestuurlijke interventieteams kan hierbij een belangrijke rol spelen. Door politie en OM wordt daarnaast veel mono-disciplinaire strafrechtelijke casuïstiek gedraaid op basis van cryptodata. Ook dit is een belangrijk onderdeel van de aanpak van ondermijnende criminaliteit. Het OM zal vaker casuïstiek inbrengen aan de ondermijningstafel en we kijken of we zaken die van de strafrechtelijke weegtafel vallen op een andere manier kunnen aanpakken. 3.
Slimme mix van casuïstiek en criminaliteitsfenomenen
Mede in het verlengde van de casuïstiek werken we ook samen op criminaliteitsfenomenen. Dit door de maatschappelijk te realiseren effecten te vertalen naar duidelijke integrale doelstellingen. En van daaruit
CONCEPT RAPPORT ─ Coalitie voor veiligheid 2023 - 2026
34
bouwen aan vertrouwen in de samenwerking en te kijken wat ieders bijdrage kan zijn (ook in die gevallen dat niet alle informatie kan worden gedeeld). 4.
Meer samen zichtbaar doen
Naar buiten gaan, daar waar de problematiek zich voordoet, staat hierbij voorop. Als overheid je gezicht laten zien en het contact aangaan met burgers en ondernemers. Niet blijven hangen in overleg- en praatcircuits en ons beperken tot data uit de systemen, maar uitvoeringskracht tonen; zowel laagdrempelig en via informeel contact als het veelvuldiger uitvoeren van controles en acties, zoals bijvoorbeeld nu ook door het HEIT gebeurt. Van belang daarbij is de optelsom van alle acties die we als één overheid samen doen in beeld te brengen en erover te communiceren. Zo vergroten we de zichtbaarheid van één overheid tegen ondermijning. Dat werkt ook door in het vertrouwen in de overheid, zo is de gedachte. ‘Zichtbare actie’ heeft bovendien een olievlekwerking binnen de uitvoering tot gevolg; successen smaken naar meer en bij anderen wekt het enthousiasme op. Voor de mensen in de uitvoering is duidelijk dat hetgeen zij doen, ertoe doet. De boodschap aan de criminele doelgroep is ten slotte ook helder: bij misstanden wordt ingegrepen. De gepercipieerde pakkans wordt vergroot. 5.
Het versterken van de ambtelijke- en bestuurlijke weerbaarheid
Een ‘weerbare overheid’ is van belang voor vertrouwen in de overheid. Daarom zetten we onze inzet hierop de komende jaren voort. De basis is hier onder andere dat alle gemeenten in de eenheid Den Haag – inclusief Provincie Zuid-Holland – Bibob-beleid hebben en uitvoeren. Het versterken van (interne) weerbaarheid van de eigen organisatie voor criminele invloeden is en blijft onverminderd aandachtspunt. Bovendien liggen er kansen om binnen de gemeenten en de provincie nog meer domeinoverstijgend te werken; intern de verbinding tussen de beleidsdomeinen veiligheid, fysiek/ruimte en sociaal nog sterker organiseren, evenals de interventiekracht op die domeinen. Ook hier is het – bezien vanuit de maatschappelijke effecten die we willen bereiken – van meerwaarde om andere overheidspartners aan te laten haken: partners met andersoortige interventies tot hun beschikking. Denk bijvoorbeeld aan de zorg- en veiligheidshuizen, omgevingsdiensten en waterschappen etc. Het sterker verbinden van preventie en repressie staat ook hier weer voorop. Dit speelt zowel op het terrein van de drugscriminaliteit als de mensenhandel. Bij zowel slachtoffers als daders van mensenhandel is vaak sprake van multiproblematiek. Dit vraagt om een integrale aanpak vanuit zowel het zorg- als het veiligheidsdomein.
Daarnaast zorgt een goede opvang van slachtoffers en samenwerking tussen het zorg- en veiligheidsdomein voor een hogere aangiftebereidheid. De komende jaren wordt de ketensamenwerking op dit onderwerp bevorderd. Ook is het van belang dat op basis van de regionale richtlijnen lokaal beleid ontwikkeld wordt waarin oog is voor bewustwording bij publieke, private, zorg- en veiligheidspartners. De gemeenten hebben zich verbonden aan het landelijke programma ‘Samen tegen mensenhandel’ waarin de afspraak is opgenomen om in 2022 minimaal uitvoering te kunnen geven aan de bestuurlijke aanpak van
CONCEPT RAPPORT ─ Coalitie voor veiligheid 2023 - 2026
35
mensenhandel conform het basisniveau bestuurlijke aanpak mensenhandel. In de eenheid Den Haag is afgesproken dat elke gemeente: werkt aan actieve signalering van mensenhandel; een aandachtsfunctionaris heeft die optreedt als contactpersoon binnen de gemeente, bekend is met de bestuurlijke mogelijkheden om op te treden tegen mensenhandel en bekend is met de instanties waar slachtoffers mensenhandel terecht kunnen; gemeentelijk beleid en lokale regelgeving heeft ondersteunend aan de aanpak van mensenhandel. 6.
Het vergroten van de maatschappelijke weerbaarheid
Dit is vooral gericht op het vergoten van het bewustzijn van de gevolgen van criminaliteit, het tegengaan van jonge aanwas en het inrichten van barrières tegen ondermijnende criminaliteit in de maatschappij. We willen bondgenootschappen sluiten met burgers, bedrijven en maatschappelijke instellingen. Als samenwerkende overheid haken we ook maatschappelijke partners aan als woningcorporaties, buurt- en jongerenwerkers, zorgverleners, schuldhulpverlening, etc. Publiek-private samenwerking (PPS) verstevigen, maakt hier deel van uit. Dit laatste met name in netwerken, zoals de Platforms Veilig Ondernemen (PVO’s) en daarbij leren van andere eenheden. De wens is bovendien uitgesproken om in te zetten op een breed moreel appèl, waarbij bijvoorbeeld het gebruik van drugs als onderdeel van de criminele keten wordt aangekaart. De aanpak van voorkomen van jonge aanwas wordt ten slotte verder uitgerold. 7.
Communicatie-inzet vergroten
Communicatie is bij bovenstaande acties een belangrijk instrument om de doelen te behalen. Het draagt bij aan het bewustzijn binnen (overheids)organisaties, bij burgers en branches ten aanzien van kwetsbaarheid en risico’s voor ondermijning. Daarnaast is communicatie een belangrijk middel om de meldingsbereidheid te vergroten. Ook kan communicatie worden ingezet om professionals, zoals boa’s, medewerkers binnen de gemeente uit het fysiek en sociaal domein, zorgprofessionals en jeugdmedewerkers te ondersteunen bij hun werkzaamheden rondom de aanpak van ondermijning. Qua communicatievorm en stijl zetten we in op meer creativiteit en lef!
CONCEPT RAPPORT ─ Coalitie voor veiligheid 2023 - 2026
36
5
Verantwoording In het vorige regionaal beleidsplan is een aanzet gedaan voor het bepalen van concrete, meetbare doelen. Op basis hiervan zouden de geprioriteerde thema’s gemonitord en bijgestuurd moeten worden. In de praktijk bleek het moeilijk om concrete doelen te bepalen die direct gerelateerd waren aan de integrale inzet op een thema. Zoals je in het veiligheidsdomein vaker ziet bleek het zeer complex om externe factoren uit te sluiten. Daarnaast leverde het verzamelen van alle data voor de jaarlijkse monitoring veel extra werk op, maar leverde dit geen toegevoegde waarde op omdat de geprioriteerde thema’s op andere plekken (denk aan Zorg- en Veiligheidshuizen en het RIEC, maar ook gemeenten) al (deels) gemonitord werden, vaak aan de hand van andere effectindicatoren. De Coalitie voor veiligheid is daarnaast een regionaal plan, dat door alle gemeenten, de politie en OM onderschreven moet kunnen worden. Daarom is er sprake van een zeker abstractieniveau voor wat betreft de doelen en ambities. Concretere uitwerking van de Coalitie voor veiligheid gebeurt in regionale jaaractieplannen en binnen de afzonderlijke organisaties. Zo zal de politie bezien hoe bestaande rapportages, zoals het tabellenboek en de bestuurlijke monitorrapportage, aangepast kunnen worden aan de doelen van de Coalitie voor veiligheid.
Op basis van voorgaande is ervoor gekozen aan de Coalitie voor veiligheid in dit stadium geen concrete doelstellingen te verbinden. Concrete doelen en activiteiten worden uitgewerkt in jaarlijkse (integrale) actieplannen die onder regie van het RSIV worden opgesteld. Via het integrale Jaarverslag van de eenheid Den Haag, dat in het RBO wordt vastgesteld, wordt verantwoording afgelegd over de doelstellingen en ambities.
CONCEPT RAPPORT ─ Coalitie voor veiligheid 2023 - 2026
37
6
Sterkteverdeling politie
District ABC Basisteams stad Den Haag Totaal Stad Den Haag District D Basisteam Zoetermeer Basisteam Leidschendam - Voorburg Basisteam Wassenaar Basisteam Pijnacker - Nootdorp Totaal basisteams District D: Zoetermeer - Leidschendam/Voorburg District E Basisteam Rijswijk Basisteam Westland Basisteam Delft Totaal basisteams District E: Westland - Delft District F Basisteam Hillegom-Lisse-Teylingen Basisteam Katwijk-Noordwijk Basisteam Leiden-Noord Basisteam Leiden-Zuid Basisteam Leiden-Midden Totaal basisteams District F: Leiden - Bollenstreek District G Basisteam Alphen aan den Rijn Basisteam Kaag en Braassem Basisteam Gouda Basisteam Waddinxveen / Zuidplas Basisteam Krimpenerwaard Totaal basisteams District G: Alphen aan den Rijn - Gouda
Formatie 2022 Formatie excl. GGP Wijkagenten aspiranten 1.213,10 954,90 142,40 1.213,10 954,90 142,40 157,00 123,00 25,00 99,00 79,00 17,00 56,00 47,00 5,00 63,00 52,50 10,00 375,00 301,50 57,00 72,00 56,50 10,00 123,00 98,00 23,00 152,87 118,37 20,00 347,87 272,87 53,00 85,12 69,50 15,00 103,21 86,30 19,50 73,76 58,66 15,50 79,66 63,06 14,00 101,80 78,81 9,50 443,55 356,33 73,50 105,03 84,43 20,00 58,99 47,00 10,00 119,96 93,26 19,50 70,47 54,17 12,50 59,48 47,35 11,00 456,93 326,21 73,00
Bovenstaande tabel laat de huidige formatieverdeling over de basisteams in de Eenheid Den Haag zien. Hierin is nog niet de nieuwe formatie verwerkt die vanaf 2025/2026 beschikbaar komt vanuit de motie Hermans (700 fte landelijk). Voor de verdeling van deze formatie volgt in 2023 een voorstel dat separaat wordt vastgesteld in het RBO. De formatie moet worden onderscheiden van de bezetting per basisteam. Al enige jaren kampt de politie zowel landelijk als in Eenheid Den Haag met een onderbezetting. Dat betekent dat niet alle formatieplaatsen gevuld zijn. Dit geldt met name voor de Gebiedsgebonden Politie (GGP) en functies in de Tactische Opsporing (TO). De wijkagentenfuncties zijn over het algemeen wel (bijna) 100% gevuld. Toelichting kolommen: Formatie exclusief aspiranten: dit betreft de totale formatie van het basisteam, zowel operationele sterkte als niet-operationele sterkte, exclusief de aspirantenformatie. Het gaat om de leidinggevende functies (Teamchefs), GGP-functies, de TO in het basisteam (ten behoeve van de VVC oftewel
CONCEPT RAPPORT ─ Coalitie voor veiligheid 2023 - 2026
38
veelvoorkomende criminaliteit), Intake en Service, Operationeel Specialisten en Administratief Secretarieel Medewerkers. Ten opzichte van de formatie zoals vastgesteld in het Regionaal Beleidsplan 2019-2022 zijn er enkele kleine wijzigingen doorgevoerd, als gevolg van het overhevelen van formatie naar centrale diensten in het kader van “formatie volgt werk”. Deze wijzigingen hebben geen betrekking op de GGP (agenten). Daarnaast heeft de samenvoeging van 3 naar 2 teams in district LeidenBollenstreek geleid tot een iets andere verdeling in dat district. GGP: dit betreft de functies Medewerker GGP, Generalist GGP, Senior GGP en Operationeel Expert GGP. Wijkagenten: dit betreft de functies Senior GGP (Wijkagent), Operationeel Expert GGP (Wijkagent) en Operationeel Specialist (Wijkagent). In de tabel is alleen de formatie van de basisteams opgenomen. Daarnaast is er formatie op districtelijk niveau. Zo zijn er de flexteams (tussen de 20 en 22 fte per district) en de districtsrecherches. Daarnaast zijn er ondersteunende functies ingericht op districtsniveau, die de operationele medewerkers ontlasten als het gaat om bedrijfsvoering en administratief werk. In 2021 heeft de Eenheid Den Haag er 25,8 fte bijgekregen voor ondersteuning van de basisteams op bedrijfsvoeringsvraagstukken (de Gespecialiseerd Medewerkers B).
De formatie voor aspiranten (politieagenten in opleiding) is in de tabel niet meegenomen, omdat dit slechts een technische verdeling van formatieplaatsen is. De bezetting van aspiranten is momenteel vele malen hoger dan de formatie. Landelijk is bovendien afgesproken om de formatie van aspiranten volledig uit de formatie van de eenheden te halen en administratief onder te brengen bij het Politiedienstencentrum (PDC). Voor elke formatieplek van een aspirant die wordt overgeheveld naar het PDC, komt een formatieplek voor een volledig opgeleide medewerker terug in de eenheid.
CONCEPT RAPPORT ─ Coalitie voor veiligheid 2023 - 2026
39