2481_bijlage 2 - Lokale Energie Strategie.pdf
Tekst van het document
50
Figuur 13: voorbeeld van resultaten van de analyse beschikbare ruimte voor warmtenetten in de ondergrond (Wareco 2020) Bovenstaande betekent niet dat warmtenetten in Leidschendam-Voorburg uitgesloten zijn. Per wijk of buurt zullen we een zorgvuldige afweging van verwarmingsopties maken, zowel qua kosten voor alle
51
partijen als qua ruimtelijke impact boven- en ondergronds. Wij kijken hierbij nadrukkelijk naar wat de wijkbewoners willen, maar ook naar de effecten op bijvoorbeeld het behoud van het bodemarchief (archeologische waarde), de invloed op drinkwaterleidingen en de mogelijkheden voor aanleg van fietstunnels, riolering of andere ondergrondse objecten en infrastructuur in de toekomst.
8.2 Omgevingsbeleid De gemeentelijke omgevingsvisie wordt in een aantal stappen opgesteld. De eerste stap houdt in dat vier bouwstenen worden uitgewerkt. De LES en de TVW vormen één van de vier bouwstenen. De andere zijn: Groene Woongemeente; Mobiliteit & bereikbaarheid; Economie & bedrijvigheid. Samenhang tussen deze bouwstenen en bijbehorend beleid is er behalve qua ruimtelijke impact zoals beschreven in paragraaf 8.1 ook op het gebied van het reduceren van de CO2-uitstoot. In 2022 worden in de omgevingsvisie – met bewoners, ondernemers en organisaties – de bouwstenen en de overige thema’s uit het Kompas van de leefomgeving (2019) per wijk en gebied uitgewerkt. Daarmee wordt recht gedaan aan de samenhang, kan eventueel werk met werk worden gemaakt en komen mogelijke ruimtelijke dilemma’s en vooraf te maken keuzes tijdig aan het licht. De spanning tussen behoud van kernwaarden en ruimtelijke keuzes voor de toekomst staat centraal in de bouwstenen. Wij willen als gemeente onze kernwaarden behouden en versterken. Groen en ruimte zorgen voor een prettige en gezonde leefomgeving. Dat is belangrijk. Tegelijkertijd willen we verder ontwikkelen als toekomstige gemeente: De vraag naar woningen is veel hoger dan het aanbod, we moeten op een meer duurzame manier onze energie opwekken en ons verplaatsen, de vraag naar voorzieningen verandert en neemt toe door de bevolkingsgroei.
8.3 Tot slot De energietransitie is geen stip op de horizon, maar vindt al in volle gang plaats. De drijvende kracht daarbij is niet zozeer de (economische) eindigheid van fossiele bronnen, maar is meer te vinden in betaalbare alternatieven die beschikbaar zijn en komen. Het stenen tijdperk eindigde ook niet, omdat de stenen op waren. Daarbij vindt de transitie voor een groot deel bottom-up plaats via inwoners en consumenten, al dan niet verenigd in (energie)coöperaties of andere samenwerkingsverbanden. Het doel daarbij: de leefbaarheid vergroten, door te borgen dat onze stad economisch en maatschappelijk gezien aantrekkelijk blijft. De enthousiaste mensen - vaak vrijwilligers - achter deze initiatieven nemen het heft in eigen handen om Nederland te verduurzamen. Zij zijn echte voorlopers en een belangrijke schakel in de energietransitie. We zijn op weg naar een betaalbare, haalbare, inpasbare en schone energievoorziening voor iedereen in onze gemeente. De afgelopen tijd is al met partijen gewerkt aan het bijeenbrengen van ideeën, plannen en processen om deze energietransitie voor elkaar te krijgen. Wij zijn met elkaar in gesprek en maken ons klaar om in actie te komen. De eerste resultaten zijn al zichtbaar. Er ontstaan nieuwe, gezamenlijke projecten. Iedereen moet mee kunnen en dat vraagt om zorgvuldigheid en aandacht voor elkaars posities.
Niet voor niets vormen de kernbegrippen betaalbaar, haalbaar, inpasbaar en schoon de basis van ons handelen. Met deze Lokale Energiestrategie laten we aan iedereen zien waar wij voor staan en hoe we dat realiseren. Samenwerken aan de energietransitie geeft energie. Nu de uitvoering dichterbij komt, worden de keuzes en plannen steeds concreter. Gezien de verwachte impact en omvang van deze opgave, betrekken we maatschappelijke partijen intensief bij het proces, de besluitvorming en het eigenaarschap. Om deze uitdaging als gemeente in de regierol het hoofd te kunnen bieden is een forse intensivering van de inzet op dit gebied voor de komende jaren noodzakelijk.
52
Bijlage 1: Begrippenlijst DEFINITIE
BETEKENIS
All electric-warmteoplossing
Bij een all electric-warmteoplossing is er alleen elektriciteit nodig voor het verwarmen van een gebouw. Dit is bijvoorbeeld het geval bij een elektrische warmtepomp.
Aquathermie
Aquathermie gaat over het gebruik van warmte en koude uit water. Dat kan bijvoorbeeld oppervlaktewater uit de Vliet zijn of de rivierwaterleiding van Dunea.
Bodemlussen
Een toepassingen van bodemenergie is m.b.v. een bodemwarmtewisselaar, die werkt met bodemlussen, die water in een gesloten systeem de ondergrond in draagt.
Collectieve warmteoplossing
Bij een collectieve warmteoplossing zorgt een collectieve installatie voor de warmteopwekking van meerdere woningen of gebouwen samen. Een voorbeeld van een collectieve warmteoplossing is een warmtekoudeopslag.
Corporatiewoning
Een corporatiewoning is een woning in het bezit van een woningcorporatie die meestal wordt verhuurd met een huurprijs onder de huurprijsgrens. Deze woningen behoren tot de sociale huursector.
CO2
Koolstofdioxide
CO2-neutraal
De term CO2-neutraal is de situatie waarbij de CO2-emissies (al dan niet na compensatie) ten hoogste nul zijn. Overige broeikasgassen, zoals methaan zijn hierin niet meegenomen.
Energiedrager
Een energiedrager is een grondstof die fungeert als bron voor energie, bijv. aardolie, aardgas, steenkool, elektriciteit, stoom en vormen van duurzame energie.
Energielabel
Een energielabel laat zien hoe energiezuinig een woning is. Een energielabel is gebaseerd op de isolatieschil van een woning, de gebruikte warmtetechniek en de eventuele opwek van duurzame energie.
53
DEFINITIE
BETEKENIS
Geothermie
Er zijn verschillende vormen van geothermie. Zo is er onderscheid te maken tussen ondiepe, diepe en ultradiepe geothermie. De technieken maken gebruik van warmte uit de bodem op een diepte van 500 tot 4000 meter. Warm water wordt hieruit omhoog gepompt om bijvoorbeeld water in een warmtenet te verwarmen.
Gestapelde bouw
Er is sprake van gestapelde bouw wanneer een gebouw uit meerdere bouwlagen bestaat.
Grondgebonden woning
Een grondgebonden woning is een uit één of meerdere lagen bestaande woning inclusief kap, met een voordeur die rechtstreeks uitkomt op de buitenruimte.
Hernieuwbaar gas
Hernieuwbaar gas is een overkoepelende term voor gas dat is opgewekt uit hernieuwbare bronnen. Naast groengas valt een gas als waterstof hier ook onder.
HT-warmtenet
HT-warmtenet staat voor hogetemperatuurwarmtenet. Een HT-warmtenet kan woningen en utiliteitsgebouwen voorzien van warmte voor ruimteverwarming en warm tapwater. Het water heeft een minimale temperatuur van 80°C.
Individuele warmteoplossing
Bij een individuele warmteoplossing heeft elke woning zijn eigen installatie om warmte mee op te wekken. Dit kan bijvoorbeeld een HR-ketel zijn of een individuele warmtepomp.
Lokale energiebronnen
Met spreekt van een lokale energiebron wanneer de warmte uit de bron wordt gebruikt om een warmtevraag in de buurt in te vullen.
LT-warmtenet
LT-warmtenet staat voor laagtemperatuur warmtenet Bij een laagtemperatuurwarmtenet wordt warmte geleverd op een temperatuur van circa 40°C. Bron van warmte kan restwarmte uit afvalwaterzuiveringsinstallaties, datacenters of andere bedrijven zijn. Ook kan een centrale warmtepomp worden gebruikt om de warmte te produceren.
54
DEFINITIE
BETEKENIS
MT-warmtenet
MT-warmtenet staat voor middentempera tuurwarmtenet. Bij een middentemperatuur warmtenet wordt warmte geleverd op circa 65°C. Met deze temperatuur kan zowel in ruimteverwarming als in warm tapwater worden voorzien. De warmte kan afkomstig zijn uit een geothermiebron of restwarmte van bedrijven uit de nabije omgeving.
Regionale energiestrategie (RES)
Een regionaal plan voor de verduurzaming van de gebouwde omgeving en de opwek van hernieuwbare energie. In het Regeerakkoord is aangegeven dat elke regio zo een plan opstelt, in samenspraak met gemeenten, provincies, waterschappen en netbeheerders.
Restwarmte
Restwarmte is warmte die overblijft bij (industriële) processen. Wanneer deze warmte niet inzetbaar is in het proces zelf, wordt gesproken van restwarmte.
TEO
TEO staat voor Thermische Energie uit Oppervlaktewater. Uit oppervlaktewater zoals meren kan in de winter warmte worden gewonnen en in de zomer koude om daarmee bijvoorbeeld woningen te verwarmen en te koelen.
TJ en PJ
1 TeraJoule staat gelijk aan een biljoen joule. Een biljard joule staat gelijk aan 1000 TeraJoule en 1 Petajoule. 1 Petajoule is ongeveer gelijk aan het jaarverbruik van 15.000 mensen.
Transitievisie Warmte
In de transitievisie warmte legt de gemeenteraad het tijdpad vast waarop buurten van het aardgas gaan. Voor de buurten waarvan de transitie vóór 2030 gepland is, zijn ook de potentiële alternatieve energie-infrastructuren bekend. Uiterlijk 2021 heeft elke gemeente een transitievisie warmte voor de gehele gemeente.
Utiliteit
Onder utiliteit verstaan we gebouwen die niet bedoeld zijn om in te wonen, maar ook niet worden gebruikt voor industrie of glastuinbouw. Voorbeelden zijn kantoren, winkels, ziekenhuizen en sporthallen.
Warmte
Onder warmte wordt warmte in de vorm van warm water verstaan dat wordt vervoerd door een warmtenet. Bronnen die de warmte produceren zijn bijvoorbeeld een warmtekoudeopslaginstallatie, industrie of geothermie.
55
DEFINITIE
BETEKENIS
Warmtenet
Een warmtenet is een netwerk van leidingen onder de grond, waardoor warm water stroomt. Dat warme water, afkomstig van een warmtebron in de buurt, kan worden gebruikt om huizen of andere panden te verwarmen.
Warmtetransitie Visie
zie Transitievisie Warmte. Warmtetransitie Visie en Transitievisie Warmte zijn begrippen die landelijk door elkaar gebruikt worden
Wijkuitvoeringsplan
Het Wijkuitvoeringsplan is de uitwerking van de Warmtetransitie Visie op wijkniveau. Het wijkuitvoeringsplan komt tot stand in samenwerking met stakeholders.
WKO
WKO staat voor warmte-koudeopslag. In een warmte-koudeopslaginstallatie wordt bodemenergie gebruikt voor het verwarmen en koelen van gebouwen.
56
Bijlage 2: Onderdeel participatie Bij de planvorming van de LES en WTV zijn stakeholders en inwoners op onderstaande wijze betrokken geweest. Kerngroep De belangrijkste keuzes in de planvorming zijn besproken in de kerngroep, bestaande uit gemeente, Vidomes, Wooninvest, Stedin, Energy Common LV, MKB LV en Stichting Duurzaam LV. De kerngroep wordt ondersteund door drie werkgroepen: 1. De werkgroep sociale huur. Naast de gemeente, Vidomes en Wooninvest nemen hieraan ook Respectus en de Adviesraad Vidomes deel. 2. De werkgroep wijkvolgorde (welke wijk gaat wanneer van het gas af?) bestaat uit de gemeente, Stedin, de woningcorporaties en Energy Common LV. 3. De werkgroep participatie bestaat uit de gemeente, Wooninvest, Energy Common LV, Stichting Duurzaam LV en MKB LV. De volgende onderwerpen en voorstellen zijn besproken in de kerngroep en de werkgroepen: 1. Rollen, belangen en verantwoordelijkheden van de betrokken stakeholders 2. Verwachtingen van en visie op energietransitie 3. Elkaar informeren over strategie vastgoed 4. Wensen voor nader technisch onderzoek op gemeentelijk niveau 5. Opstellen en weging van criteria voor de wijkvolgorde 6. Bewonersparticipatiestrategie, -middelen en -uitingen Bewonersparticipatie Tijdens de planvorming van de LES en WTV zijn vragen aan bewoners gesteld om mee te denken op gemeentelijk niveau over schone energie- en warmtebronnen.
Welke bronnen vinden wij kansrijk voor de toekomst en onder welke voorwaarden? Waar is draagvlak voor kleinschalige warmtenetten en onder welke voorwaarden? Een ander belangrijk thema is de wijkvolgorde. Aan bewoners is gevraagd mee te denken over criteria voor de wijkvolgorde. Resultaten bewonersparticipatie Tijdens de inloopavonden in 2019 en (begin) 2020 zijn we in gesprek gegaan met de inwoners van Leidschendam-Voorburg over energiebesparing en duurzame energiebronnen. Ook via de enquête, speciale (online) bijeenkomsten of polls op de participatiewebsite van de gemeente www.IngesprekmetLV.nl hebben zij hun mening kunnen geven. Uit deze (individuele) contacten zijn de volgende veelgehoorde reacties naar voren gekomen: • Veel bewoners verwachten dat de gemeente de aardgasvrije oplossing voor hun woning aandraagt. In elk geval moet het daarbij zo zijn dat het de bewoner geen extra geld kost. Dit moet door de overheid gecompenseerd worden, vinden ze. • De verwachting bij veel bewoners is dat er weinig draagvlak is voor windturbines in het buitengebied, vanwege de slechte ervaringen met de recent geplaatste, onaangekondigde windturbine in Den Haag. • Bewoners hebben heel veel vragen over hun eigen situatie, zoals welke no-regretmaatregelen ze kunnen nemen en met welke maatregelen ze beter kunnen wachten.
Er is grote behoefte aan informatie en advies over energiebesparing, maar ook over de toekomstige alternatieve oplossingen voor schone energie. • Bewoners vinden het lastig om eenduidig aan te geven welke criteria belangrijk zijn voor de wijkvolgorde. Beginnen daar waar de meeste winst ligt wordt even belangrijk gevonden als beginnen waar dit het makkelijkst gaat (51,4% van de 148 stemmen in de poll).)
57
•
Inwoners hebben ook veel vragen over de rollen en belangen van verschillende stakeholders in de energietransitie.
Korte samenvatting resultaten enquête In de zomer van 2020 is een enquête over de energietransitie gehouden. Inwoners van de gemeente Leidschendam-Voorburg is gevraagd mee te denken over schone energie. In totaal hebben 869 mensen de enquête ingevuld. Veel mensen zijn bereid hun woning te verduurzamen. Ruim tweederde van de respondenten is bereid op korte termijn in hun koopwoning te investeren, of om werkzaamheden uit te voeren voor een betere isolatie (67%). Door middel van de enquête wil de gemeente weten welke beweegredenen mensen hebben om iets aan het milieu te doen, welke kennis ze hebben over energietransitie, welke energiemaatregelen ze al hebben genomen of nog willen nemen en welke ondersteuningsbehoefte ze daarbij hebben. Uit de enquête komt drie groepen mensen naar voren: • De bereidwillige: deze bewoners zijn zeer gemotiveerd om iets aan klimaatverandering te doen, maar laten (nog) weinig tot gemiddeld actief gedrag zien. Dit is de grootste groep. • De pragmatici: deze bewoners zijn weinig tot gemiddeld gemotiveerd om iets aan klimaatverandering te doen, maar laten wel veel actief gedrag zien. Dit is de kleinste groep. • De middenmoot: deze bewoners zijn gemiddeld gemotiveerd om iets aan klimaatverandering te doen, en laten weinig tot gemiddeld actief gedrag zien.
De grootste groep respondenten (55%) geeft aan dat het belangrijkste motief om te verduurzamen is dat ze daarmee een bijdrage leveren aan een beter milieu. Deze motivatie is het grootst onder de bereidwillige (67%). De gemeente concludeert hieruit dat het belangrijk is om goed uit te leggen welke energiemaatregelen tot de minste CO2-uitstoot leiden, of anderszins een bijdrage leveren aan een beter milieu. Een kleinere groep respondenten (21%) vindt juist weer belangrijk dat de maatregelen die ze nemen ook financieel interessant is. Deze motivatie is het grootst onder pragmatici (35%) en de middenmoot (34%). Dus voor deze groep zal de gemeente meer uitleg geven over van welke energiemaatregelen de kosten wel of niet direct worden terugverdiend en hoeveel energie je ermee bespaart. Een grote groep mensen geeft aan dat tijd- en kennisgebrek een belemmering vormt om te gaan isoleren. Voor de gemeente betekent dit dat naast subsidie en een lening mogelijke andere ondersteuningsmogelijkheden moeten worden aangeboden. Denk hierbij aan het faciliteren van collectieve inkoopacties voor isolatie en zonnepanelen. Lopende participatietrajecten Webinars Energiezuiniger Wonen VvE’s Voor de participatie van VvE’s is in 2020 en 2021 een drietal webinars georganiseerd met gemiddeld 50 deelnemers.
Het algemene beeld dat hieruit naar voren komt is dat de ondersteuningsbehoefte bij VvE’s erg hoog is. Er is behoefte aan informatie over alternatieve warmtebronnen, maatwerkadvies, uitwisseling van ervaringen tussen VvE’s onderling, hulp bij besluitvorming en aan financiële ondersteuning. Voor de zomer van 2021 wordt op basisscholen in verschillende groepen 7 en 8 gewerkt aan het thema energietransitie. Aan de hand van lesmateriaal ontdekken de kinderen hoe je de beste keuzes kunt maken voor het opwekken van schone energie en voor alternatieve warmte. Ook leren ze de voordelen van collectieve oplossingen. In online wijkgesprekken worden wijkvertegenwoordigers uitgenodigd, zoals wijkverenigingen, huurderscommissies, buurtpreventieteams en VvE-bestuurders. De wijkgesprekken in de Transitiewijken hebben in het voorjaar van 2021 plaatsgevonden. De aanwezigen konden zich vinden in de criteria van de wijkvolgorde, maar hebben wel hun zorgen geuit over de betaalbaarheid.
58
Bijlage 3: Bekende hernieuwbare elektriciteit en warmte in Leidschendam-Voorburg
Tabel 14 - bekende hernieuwbare elektriciteit
Tabel 15 - bekende hernieuwbare warmte
59
Bijlage 4: Visie en uitgangspunten notitie voor de Lokale Energie Strategie
60
Bijlage 5: Rapport ondergrondse ruimte
61
Bijlage 6: Instrumenten Nationale en provinciale instrumenten De meest actuele regelingen staan op de website van de rijksoverheid en de Provincie Zuid-Holland. Investeringssubsidie Duurzame Energie (ISDE) Het Rijk zet met name in op het isoleren van de woningvoorraad door woningeigenaren, VvE’s en andere gebouweigenaren. De Subsidie energiebesparing eigen huis (SEEH) is ruim overvraagd en besloten is de regeling voort te zetten onder de naam Investeringssubsidie Duurzame Energie (ISDE), waarbij dezelfde voorwaarden gelden. Deze subsidie loopt tot 2030 met een budget van 100 miljoen euro per jaar. Stimuleringsregeling Aardgasvrije Huurwoningen (SAH) De Stimuleringsregeling Aardgasvrije Huurwoningen (SAH) is voor verhuurders en richt zich op het aansluiten van bestaande huurwoningen op warmtenetten en het volledig aardgasvrij maken van woningen die al op een warmtenet zijn aangesloten. De regeling beoogt een stimulans voor de aansluiting van huurwoningen op warmtenetten door middel van een tijdelijke bijdrage in de kosten voor de aanpassing van de woning en de kosten van aansluiting op een warmtenet en het geheel aardgasvrij maken van woningen die al op een warmtenet zijn aangesloten. Verduurzaming bedrijventerreinen Verduurzaming van bedrijventerreinen kan worden aangevraagd door gemeenten, ondernemersverenigingen en stichtingen.
De subsidie kan worden aangevraagd voor energiereductie en verduurzaming van bedrijventerreinen. Zonnig Zuid-Holland De provincie Zuid-Holland maakt het voor groot-dak-bezitters mogelijk subsidie aan te vragen voor het plaatsen van zonnepanelen op daken met te weinig draagkracht voor conventionele zonnepanelen of het beschikbaar stellen van een dak aan een energiecoöperatie. Nationaal Warmtefonds (NWF) Het Nationaal Warmtefonds (NWF) verstrekt sinds 2014 de Energiebespaarlening: een lening tegen aantrekkelijke voorwaarden, waarmee particuliere woningbezitters, VvE’s en scholen de verduurzaming van hun gebouwen kunnen financieren. Het Nationaal Warmtefonds is met name interessant voor VvE’s, een groep die maar in beperkte mate in beweging komt. Het NWF biedt begeleiding gedurende het proces zodat een VvE alle leden meekrijgt met investeringskeuzes voor het verduurzamen van het pand. Het BNG duurzaamheidsfonds stelt ter aanvulling een lening tegen een gereduceerde rente beschikbaar voor ondernemers en maatschappelijke instellingen voor projecten en initiatieven die bijdragen aan de duurzaamheidsdoelstellingen van de gemeente of de provincie. Publiekscampagne Iedereen doet wat Een laagdrempelige toegangspoort tot informatie, expertise en advies over woningisolatie en het ‘ontzorgen’ van de bewoners is cruciaal voor het realiseren van de energietransitie.
Er is daarom een brede publiekscampagne Iedereen doet wat opgezet. In de campagne wordt ingegaan op barrières, misverstanden en de drijfveren van woningeigenaren. Er wordt inzicht geboden in het besparingspotentieel en er wordt een handelingsperspectief geschetst. Digitaal platform Naast deze campagne wordt het bestaande digitale platform www.verbeterjehuis.nl verder uitgebreid door een koppeling te maken tussen de vraag van woningeigenaren, het aanbod van ondernemers en de financieringsmogelijkheden.
62
Standaard en streefwaarden Om woningeigenaren die hun pand willen isoleren informatie en een handelingsperspectief te bieden, ontwikkelt het Rijk een standaard en streefwaarden die aansluiten bij doelen van het Klimaatakkoord. Het Rijk onderzoekt de mogelijkheden om een vouchersysteem te ontwikkelen voor isolatietegoed. Convenant koopketen Met een convenant verduurzaming in de koopketen hebben alle betrokken partijen afgesproken zich in te zetten om de koper op een laagdrempelige manier te informeren over en te stimuleren tot het verduurzamen van de woning. Energiebelasting Vanuit het Rijk wordt de energiebelasting op gas met 1,87 cent per m³ verhoogd in 2021. De verhoging van de gasbelasting gaat het kabinet compenseren door onder andere de belasting op stroom te verminderen. Dit geeft een extra stimulans om van het gas af te gaan. Gemeentelijke instrumenten In de komende jaren zal flink worden geïnvesteerd in instrumenten die bijdragen aan de doelstellingen van de energiestrategie. Wat voor instrumenten nodig zijn hangt samen met de ontwikkeling van de markt en de samenwerking met stakeholders. De hieronder genoemde instrumenten zijn beschikbaar of komen in de nabije toekomst beschikbaar. Subsidie isolatie en groen dak De gemeente heeft al ca. 10 jaar een stimuleringsregeling voor duurzame maatregelen. Deze is door de jaren heen aangepast aan nieuwe doelstellingen.
De regeling is een populaire regeling onder de inwoners. De huidige subsidie voor isolatie en groene daken zetten we in de komende jaren voort, afgestemd op actuele doelstellingen en doelgroepen. Nationaal Warmtefonds Voor particuliere woningeigenaren en VvE’s verlaagt de gemeente nu voor het tweede jaar de rente met ca 1% bij het Nationaal Warmtefonds (NWF). Echter biedt het NWF vanaf 2022 de maximale rentekorting voor VvE’s niet meer, dit betekent dat de rentekorting voor VvE’s zonder plafond kan worden gegeven en dit overschrijdt ruimschoots het beschikbare budget van de gemeente. Wij zoeken naar een andere manier om VvE’s te kunnen ondersteunen, hierbij kan worden gedacht aan subsidie voor procesbegeleiding. Eénmalige subsidie Maatschappelijke instellingen met een gedegen plan kunnen aanspraak maken op een éénmalige bijdrage. Er wordt per situatie bekeken of dit bijdraagt aan de doelstellingen van de gemeente op duurzaamheidsgebied en wat de hoogte van de subsidiebijdrage is. Zo blijft er ruimte voor innovatieve oplossingen. Zonnevelden op daken Vanuit de energietransitie zetten we in op zoveel mogelijk lokaal opwekken. Zonnevelden op grote daken zijn een succes gebleken en de gemeente wilt deze blijven faciliteren. Dit is met name een oplossing voor bewoners die zelf geen geschikt dak hebben.
Om collectieve aanschaf te stimuleren wordt gekeken welke instrumenten we hiervoor kunnen inzetten, naast de subsidieregeling die de Provincie Zuid-Holland beschikbaar stelt.
63
Wijkuitvoeringsplan De energietransitie wordt door de gemeente wijkgericht uitgevoerd, aan de hand van een wijkuitvoeringsplan. Dat vergt maatwerk. Elke wijk is anders, zowel qua bevolkingssamenstelling als qua infrastructuur en bebouwing. In een wijkuitvoeringsplan wordt per wijk aangegeven wat de meest efficiënte vormen van energiebesparing en alternatieven voor aardgas zijn. Voor straten en buurten met uniforme of vergelijkbare gebouwen kunnen uniforme oplossingen worden bedacht. In andere gemeenten met een benadering op wijkniveau wordt gewerkt aan een klantvolgsysteem. Dit is een database waarin het paspoort van de woning komt te staan zodat duidelijk is welke aan woningen energiebesparende maatregelen zijn getroffen. Dit kan als inspiratie dienen voor LeidschendamVoorburg. Energiebespaarhypotheek Niet alle inwoners hebben vanzelfsprekend de financiële middelen of voldoende draagkracht om een lening aan te gaan voor het treffen van maatregelen ter verduurzaming van gebouwen. De gemeente onderzoekt of door middel van, bijvoorbeeld, een energiebespaarhypotheek deze groep toch kan beschikken over voldoende financiële middelen.
64
Bijlage 7: Eenheden en getallen De concentratie van energie in fossiele bronnen zorgt voor een relatief klein ruimtebeslag, dit staat in contrast met de grote oppervlakken die nodig zijn voor duurzame energie. Er zijn meters zonneweide nodig om dezelfde hoeveelheid energie te produceren als een kilo steenkool of een liter aardgas. Onderstaande rechter figuur is daarvan een mooi voorbeeld. Onderstaand overzicht bevat veel gebruikte eenheden en waarden, omrekenregels en vermenig vuldigingsfactoren. Zoals te zien in bovenstaande tabel staat 1000 Terajoule gelijk aan 1 Petajoule. Het huidige verbruik van de gemeente is 4.553 TJ ofwel 4,55 PJ.
Tabel 16: eenheden, waarden en omrekenregels
Tabel 17: fossiele bronnen versus hernieuwbare bronnen
65