2244 Tarievenvoorstel 2022.docx
Tekst van het document
Bijlage bij raadsvoorstel (iBabs 2244)Tarievenvoorstel 2022 1. Inleiding In aansluiting op de paragraaf "Lokale heffingen" in de begroting 2022 wordt hieronder het tarievenvoorstel voor het jaar 2022 voor de diverse heffingen weergegeven. De bijbehorende belastingverordeningen zijn als concept raadsbesluiten toegevoegd. Ten opzichte van 2021 zijn in de belastingverordeningen 2022 de tarieven gewijzigd en technische en tekstuele wijzigingen aangebracht. De verordeningen en de bijbehorende tarieventabel zijn gebaseerd op de modelverordeningen zoals die door de VNG zijn opgesteld. Daar waar nodig zijn de verordeningen aangepast aan de situatie in Leidschendam-Voorburg. Het tarievenvoorstel betreft de volgende heffingen en belastingen: De retributies: · Afvalstoffenheffing 2022 · Lijkbezorgingsrechten 2022 · Leges 2022 · Marktgelden 2022 · Rioolheffing 2022 De belastingen: · Hondenbelasting 2022 · OZB 2022 · Precariobelasting 2021 (Intrekking per 1-1-2022) . Reclamebelasting 2022 · Toeristenbelasting 2022 De uitgangspunten voor het tarievenvoorstel 2022 zijn: a. de Kadernota 2022 - 2025 b. de indexatie van 2,74% conform de meest recente Macro Economische Verkenning; c.
maximaal 100% kostendekkendheid van de afvalstoffenheffing, rioolheffing, marktgelden, begraafrechten en leges (conform het Besluit Begroting en Verantwoording provincies en gemeenten (BBV); In Tabel 1 zijn de opbrengsten van de verschillende heffingen en belastingen voor 2022 weergegeven: Tabel 1 Opbrengsten Tarievenvoorstel: Afvalstoffenheffing OZB Rioolheffing Leges Lijkbezorgingsrechten Hondenbelasting Precariobelasting Toeristenbelasting Reclamebelasting Marktgeld
Begroot voor 2021 € 12.650.732 € 13.232.781 € 6.557.656 € 3.201.758 € 872.827 € 364.570 € 368.400 € 189.505 € 155.055 € 80.182
In % 33,6% 35,1% 17,4% 8,5% 2,3% 1,0% 1,0% 0,5% 0,4% 0,2%
Begroot voor 2022 € 12.797.018 € 14.107.851 € 7.211.657 € 3.438.120 € 896.742 € 374.559 N.v.t. * € 378.505 € 155.055 € 82.379
In % 32,4% 35,7% 18,3% 8,7% 2,3% 1,00%
Totaal
€ 37.673.466
100%
€ 39.441.886
100%
1,00% 0,4% 0,2%
* Vanaf 1 januari 2022 is het wettelijk gezien niet meer mogelijk om precariobelasting te heffen op kabels en leidingen van nutswerken.
1
2
2.
Inhoudelijke toelichting
Opbouw voorstel In dit Tarievenvoorstel wordt eerst ingegaan op de tarieven van de retributies. Dit zijn heffingen waar een aanwijsbare prestatie tegenover staat. Daarna worden de belastingen behandeld. Per onderdeel komen de ontwikkeling en de hoogte van de tarieven aan bod. De tarieven van de afvalstoffenheffing, rioolheffing en hondenbelasting zijn deelbaar door 12 maanden gemaakt. Dit is omdat de belastingplicht kan aanvangen of eindigen aan het begin respectievelijk einde van elke kalendermaand als gevolg van verhuizing naar of vertrek uit deze gemeente. DE RETRIBUTIES Begrotingsvoorschriften en kostenonderbouwing heffingen Voor het bepalen van de geraamde kostprijs van goederen, werken en diensten wordt een systeem van kostprijstoerekening gehanteerd conform de Financiële verordening van de gemeente LeidschendamVoorburg. De gemeenteraad besluit voor het belastingjaar 2022 bij de behandeling van de Begroting 2022, welk bedrag aan overhead moet worden meegenomen. Het raadsbesluit is opgenomen in de Paragraaf lokale heffingen 2022, die onderdeel uitmaakt van de Begroting 2022. In deze Paragraaf lokale heffingen 2022 is een overzicht opgenomen van de raming van baten en lasten voor de heffingen. Afvalstoffenheffing Voorgesteld wordt om de tarieven van de afvalstoffenheffing voor 2022 te verhogen zoals hieronder is weergegeven.
Lasten afvalstoffenheffing Aan de lastenkant is rekening gehouden met een wijziging van de kosten. Daarin zijn meegenomen:
De lasten van de Dienstverleningsovereenkomst met Avalex stijgen met € 516.000 ten opzichte van 2021. Deze stijging wordt onder meer veroorzaakt door een daling van de opbrengsten van grondstoffen, stijgende kosten voor inzameling en verwerking en een stijging van de verbrandingsbelasting. De BTW stijgt met € 69.000. Verhoging van de lasten door de inzet van vier bakfietsen uitgevoerd door De Binnenbaan ter bestrijding van zwerfafval en het opruimen van afval naast of in de nabijheid van ondergrondse afvalcontainers (€ 138.000). Lagere lasten voor project Omgekeerd Inzamelen (€ 150.000). Hogere lasten voor de kwijtscheldingen afvalstoffenheffing (€ 60.000).
Baten afvalstoffenheffing Aan de batenkant is rekening gehouden met een wijziging van de baten. Daarin zijn meegenomen:
Een verwachte hogere opbrengst PMD dan geraamd (plastic of metalen verpakkingen of drinkpakken) van € 80.000. In totaal wordt de PMD opbrengst geraamd op €200.000 Baten voor garantieprovisie HVC €175.000 De indexatie van 2,74% conform de meest recente Macro Economische Verkenning. Onttrekking uit de voorziening afval van €174.482
De tarieven worden dan als volgt: Tarieven afvalstoffenheffing Heffingsmaatstaf Tarief 2021 Eenpersoonshuishouden € 309,48 Meerpersoonshuishouden € 374,40
Tarief 2022 € 318,00 € 384,72
Verschil € 8,52 € 10,32
3
Lijkbezorgingsrechten Voorgesteld wordt de tarieven van de lijkbezorgingsrechten 2022 te verhogen met de indexatie van 2,74% conform de meest recente Macro Economische Verkenning. De tarieventabel van de lijkbezorgingsrechten is als bijlage opgenomen bij de Verordening op de heffing en invordering van Lijkbezorgingsrechten 2022. Leges De gemeente streeft naar kostendekkende tarieven. Bij het kostendekkend maken van de legestarieven wordt onder meer gekeken naar de tijdsbesteding per legesproduct. Ook is rekening gehouden met de hoogte van de leges van omliggende gemeenten. Bij besluitvorming van de Nota van Wijzigingen 2021 zijn voor de leges twee taakstellingen opgenomen van € 100.000 voor 2022 en € 100.000 voor 2023. Voor 2022 wordt de taakstelling gerealiseerd door het meer kostendekkend maken van de parkeerontheffing en door een besparing op de uitvoeringskosten door het verbeteren van het proces (naar verwachting medio 2022). 1. Leges algemene dienstverlening Voor het belastingjaar 2022 is de kostendekkendheid van Titel 1 (Algemene dienstverlening) onder de loep genomen. De tarieven van de paspoorten, identiteitskaarten, rijbewijs, akten en uittreksels van de burgerlijke stand, attesta de vita (bewijs van in leven zijn) zijn maximum tarieven die door de rijksoverheid worden vastgesteld.
Deze kunnen niet kostendekkend worden gemaakt, maar betreffen wel de belangrijkste inkomstenbron van Titel 1. Voor 2022 wordt voorgesteld het tarief van de parkeerontheffing te verhogen met de indexatie van 2,74% conform de meest recente Macro Economische Verkenning + 10%. De leges van de parkeerontheffing voor 2022 wordt dan € 60,95. De kostendekkendheid voor de parkeerontheffing komt hiermee uit op 58,7% en hiermee kan de taakstelling deels worden ingevuld. Ten opzichte van 2021 (€ 53,90) gaat het hierbij om een verhoging van € 7,05. De parkeerontheffing heeft een geldigheidsduur van vier jaar. De maximale Rijkstarieven voor 2022, zoals van toepassing bij de identiteitskaart, paspoort en rijbewijs waren op het moment van opstellen van dit tarievenvoorstel nog niet definitief bekend. De aanpassingen daarvan worden later in 2021 opgenomen in de 1e wijziging van de Legesverordening 2022. De tarieventabel van de legestarieven is als bijlage opgenomen bij de Verordening op de heffing en invordering van Leges 2022. 2. Leges fysieke leefomgeving / omgevingsvergunning Voor het belastingjaar 2021 is Titel 2 Dienstverlening vallend onder fysieke leefomgeving / omgevingsvergunning kostendekkend gemaakt. Titel 2 is in 2021 alvast aangepast op de komst van de Omgevingswet. Voor 2022 is een aantal artikelen hierop verder geactualiseerd.
De invoering van de Omgevingswet is tot 1 juli 2022 uitgesteld. Hiervoor zal in het voorjaar van 2022 een aparte wijzigingsverordening voor de leges worden gemaakt. Titel 2 van de Legesverordening 2022 die voor het 1e half jaar van 2022 geldt, zal dan worden ingetrokken en worden vervangen door een nieuwe Titel 2. 3. Leges dienstverlening Europese dienstenrichtlijn Voor het belastingjaar 2023 zal Titel 3 (Dienstverlening vallend onder Europese dienstenrichtlijn) meer kostendekkend worden gemaakt. Voorgesteld wordt om met het vaststellen van de Legesverordening 2022, met uitzondering van de parkeerontheffing zoals hierboven beschreven, de tarieven te verhogen met de indexatie van 2,74% conform de meest recente Macro Economische Verkenning.
4
Marktgelden Voorgesteld wordt de tarieven van de marktgelden voor 2022 te verhogen met de indexatie van 2,74% conform de meest recente Macro Economische Verkenning. Het marktgeld bedraagt per standplaats of gedeelte daarvan: Heffingsmaatstaf Per dag of gedeelte daarvan Per kalenderkwartaal
Tarief 2021 € 16,20 € 162,00
Tarief 2022 € 16,65 € 166,50
Verschil € 0,45 € 4,50
Rioolheffing Voorgesteld wordt om de tarieven van de rioolheffing voor 2022 te verhogen (inclusief indexatie van 2,74% conform de meest recente Macro Economische Verkenning) zoals hieronder is weergegeven. Lasten rioolheffing Aan de lastenkant is rekening gehouden met een stijging van de kosten die voortvloeien uit het Water- en rioleringsplan (WRP) 2022 – 2027. Hogere lasten voor de kwijtscheldingen rioolheffing (€ 60.000) Heffingsmaatstaf Rioolheffing per perceel
Tarief 2021 € 180,00
Tarief 2022 € 194,40
Verschil € 14,40
DE BELASTINGEN Hondenbelasting Voorgesteld wordt om met het vaststellen van de Verordening Hondenbelasting 2022 de hondenbelasting te verhogen met de indexatie van 2,74% conform de meest recente Macro Economische Verkenning.
Hondenbelasting 1e hond 2e hond Voor iedere hond boven het aantal van twee. Per kennel
2021 € 94,92 € 196,80 € 254,76 € 571,32
2022 € 97,56 € 202,20 € 261,72 € 586,92
Onroerende-zaakbelastingen Voor het belastingjaar 2022 worden alle onroerende zaken gewaardeerd naar een waardepeildatum van 1 januari 2021. De prognoses duiden op een gemiddeld genomen lokale WOZ-waardestijging ten opzichte van de waardepeildatum van 1 januari 2021 voor woningen. Voor niet-woningen is er een gemiddeld genomen gelijkblijvende lokale WOZ-waardeontwikkeling: · ·
voor woningen met voor niet-woningen met
7,5% 0,0 %
Dit is een gevolg van de ontwikkelingen op de vastgoedmarkt. In de conceptprogrammabegroting 2022-2025 is voor de hoogte van de OZB-opbrengsten rekening gehouden met nieuwbouw, sloop, leegstand, de inflatiecorrectie en de verwachte uitkomsten van de herwaardering 2022. Het verschil tussen de verwachte totale WOZ-waarde en de uiteindelijke definitieve WOZ-waarde kan leiden tot een verschil in gerealiseerde OZB-baten.
5
Verhoging OZB in 2022 Eigenaren van woningen Door een gemiddeld genomen lokale WOZ-waardestijging van woningen met 7,5%, wordt voorgesteld het tarief van eigenaren van woningen te verminderen met 7,5% en daarna te verhogen met een prijsindexatie van 2,74% conform de meest recente Macro Economische Verkenning en de uitgangspunten voor de begroting zoals opgenomen in de kadernota 2021. Eigenaren van niet-woningen Door een gemiddeld genomen gelijkblijvende lokale WOZ-waardeontwikkeling voor niet-woningen van 0,0% wordt voorgesteld om het tarief van eigenaren van niet-woningen te verhogen met een prijsindexatie van 2,74% conform de meest recente Macro Economische Verkenning en de uitgangspunten voor de begroting zoals opgenomen in de kadernota 2021. Uit de Meicirculaire gemeentefonds 2021 blijkt dat de gemiddelde lokale waardeontwikkeling van woningen en niet-woningen niet leidt tot een nadelig effect op de inkomsten uit het Gemeentefonds. Gebruikers van niet-woningen - Voor de gebruikers van niet-woningen wordt voorgesteld om het tarief in 2022 op 0 % te houden. OZB-tarieven 2022 In de tarieven van de eigenaren van woningen en niet-woningen is rekening gehouden met een percentage toegekende WOZ-bezwaarschriften, waardoor de OZB-aanslag wordt verminderd en de opbrengst van de OZB daalt.
Dit leidt voor 2022 tot de volgende OZB-tarieven: Percentage van de WOZwaarde van: Woningen: - eigenaren Niet-woningen: - eigenaren - gebruikers
Tarieven 2021 in % Voorgestelde tarieven 2022 in % 0,07548
0,07113
0,38734 0
0,39862 0
Precariobelasting op kabels en leidingen (nutswerken) Vanaf 1 januari 2022 is het wettelijk niet meer mogelijk om precariobelasting te heffen op kabels en leidingen van nutswerken. Voorgesteld wordt om de Verordening Precariobelasting op kabels en leidingen 2021 in te trekken. Reclamebelasting Het convenant met de ondernemersfondsen Leidschendam Centrum en Huygenskwartier Voorburg is in 2017 verlengt voor een periode van 5 jaar en eindigt op 1 januari 2022. Dit betekent dat er, op basis van afspraken die gemaakt zijn in de convenanten tussen de gemeente en de stichtingen, in 2021 een evaluatie alsmede een nieuwe draagvlakmeting zou moeten plaatsvinden om zo een eventuele verlenging mogelijk te maken. Gelet op de uitzonderlijke situatie door de corona pandemie en de enorme impact die dit heeft op ondernemers in de betreffende winkelgebieden, is het wenselijk om de evaluatie en de draagvlakmeting een jaar uit te stellen. Om dit mogelijk te maken is een aanpassing van het convenant nodig. De besturen van de beide stichtingen hebben aangegeven zich hierin te kunnen vinden. Het convenant is op 1 juni 2021 door het college middel van een addendum met een jaar verlengd (iBabs 2258) . Het verlengen van het convenant met 1 jaar betekent dat de ondernemers 6 jaar i.p.v. 5 jaar via de reclamebelasting gaan bijdragen aan het ondernemersfonds.
Dit zal voor ondernemers die geen toegevoegde waarde zien in het fonds, dan wel het financieel moeilijk hebben, een extra belasting zijn. Echter, het risico dat door de impact van de corona de draagvlakmeting negatief wordt beïnvloed weegt zwaarder. Daarnaast heeft de gemeenteraad in 2020 ter compensatie de tarieven van de reclamebelasting 6
gehalveerd en een extra subsidie aan de ondernemersfondsen uitgekeerd. Dit om individuele ondernemers zoveel mogelijk tegemoet te komen. In het addendum is opgenomen: • Het convenant wordt verlengd tot 1 januari 2023; • Partijen voeren uiterlijk 1 juni 2022 een gezamenlijke evaluatie uit; • De stichting voert in 2022 een draagvlakmeting uit in het betreffende gebied, zodat ondernemers zich kunnen uitspreken over het voortzetten van het ondernemersfonds. Voor 2022 is een bedrag begroot van € 155.055. De tarieven van de reclamebelasting 2022 zijn hierop aangepast. Mocht het door eventuele coronamaatregelen noodzakelijk zijn om de opbrengst en tarieven voor 2021 aan te passen dan kan een 1e wijziging van de Verordening Reclamebelasting 2022 worden vastgesteld. Voor de reclamebelasting 2022 is de heffingsmaatstaf de WOZ-waarde naar een waardepeildatum van 1 januari 2021. De prognoses van augustus 2021 duiden op een gemiddelde genomen gelijkblijvende WOZ-waardeontwikkeling ten opzichte van de waardepeildatum van 1 januari 2020 voor niet-woningen van 0,0%. Met de stichtingen is afgesproken om 1% inflatiepercentage toe te passen op de tarieven voor de reclamebelasting. Tarieven reclamebelasting per € 1.000 van de WOZ-waarde: Reclamebelasting Leidschendam Centrum Huygenskwartier Voorburg
Oorspronkelijk Tarief 2021 € 2,63 € 3,28
Aangepast tarief 2021 € 1,32 € 1,64
Tarief 2022 € 2,66 € 3,31
Toeristenbelasting In de Kadernota 2022 – 2025 is besloten de tarieven van de toeristenbelasting voor 2022 te corrigeren naar vergelijkbare tarieven van de gemeente Den Haag. Het tarief bedraagt per persoon per overnachting: Toeristenbelasting 2021 In een hotel, bed & breakfast, Airbnb, Wimdu, € 2,65 en andere vormen van short stay camping of een kampeerboerderij € 0,80
2022 € 5,30 € 1,60
Lastendruk voor huishoudens Ter vergelijking wordt in tabel 3 een woonlastenoverzicht weergegeven. Deze woonlasten bestaan uit de tarieven voor de afvalstoffenheffing, de rioolheffing en de onroerendezaakbelastingen. In het jaar 2021 wordt voor de bepaling van de OZB gerekend met de standaardwaarde van een woning van € 336.250. Voor het jaar 2022 is de standaardwaarde € 361.500. Tabel 3 Woonlasten
1. OZB woningen *) 2. Afvalstoffenheffing 3. Rioolheffing: Totaal *)
Eenpersoonshuishouden Meerpersoonshuishouden StijgingsStijgings2021 2022 percentage 2021 2022 percentage € 253,80 € 257,13 1,31% € 253,80 € 257,13 1,31% € 309,48 € 318,00 2,75% € 374,40 € 384,72 2,76% € 180,00 € 194,40 8,00% € 180,00 € 194,40 8,00% € 743,28 € 769,53 3,53% € 808,20 € 836,25 3,47%
Alleen voor eigenaren
7
COELO Het Centrum voor Onderzoek van de Economie van de Lagere Overheden (COELO) van de Rijksuniversiteit Groningen maakt jaarlijks een "Atlas van de lokale lasten". Dit is een landelijk overzicht van de lokale lasten per gemeente. In tabel 4 zijn de lasten 2021 voor eigenaren van woningen van de omliggende gemeenten weergegeven. In de woonlasten zijn de afvalstoffenheffing, rioolheffing en de OZB meegenomen. Bij de OZB is door COELO uitgegaan van een gemiddelde landelijke WOZ-waarde. De woonlasten in tabel 4 wijken daarom iets af van die in tabel 3. Tabel 4 Lasten voor eigenaren van woningen in 2021 (afvalstoffenheffing, rioolheffing en OZB) Gemeentelijke woonlasten 2021 Den Haag Zoetermeer Leidschendam-Voorburg Zoeterwoude Delft Rijswijk Lansingerland Pijnacker-Nootdorp Westland Midden-Delfland Voorschoten Wassenaar
Eenpersoonshuishouden Meerpersoonshuishouden Ranglijst COELO 2021 € 596,00 € 664,00 23 € 745,00 € 792,00 131 € 728,00 € 793,00 133 € 834,00 € 845,00 206 € 735,00 € 867,00 242 € 792,00 € 906,00 287 € 859,00 € 920,00 303 € 828,00 € 926,00 311 € 837,00 € 955,00 328 € 972,00 € 1.063,00 356 € 1.058,00 € 1.125,00 366 € 1.081,00 € 1.302,00 369
8