2173-14 Bijlagen Toelichting_Bijlage 11 M.e.r. aanmeldnotitie.pdf
Tekst van het document
Voor dit bestemmingsplan zijn het verkennende booronderzoek van Transect uit 2017 en het proefsleuvenonderzoek van RAAP Archeologisch Adviesbureau uit 2017 het meest relevant en worden daarom hieronder behandeld. Voor dit bestemmingsplan hebben de beleidsregels en voorschriften van de huidige archeologienota (2013) als uitgangspunt gediend. Uitzondering hierop is de zone van het toekomstige Rijksmonument (Kanaal van Corbulo I, vindplaats 4), waarvoor de dubbelbestemming Waarde Archeologie 1 wordt opgenomen. Bodemingrepen dieper dan het Archeologisch Peil zijn in deze zone in beginsel niet toegestaan. Dit betekent een verzwaring ten opzichte van het vigerende beleid, die echter noodzakelijk en vereist is vanwege de toekomstige status van archeologisch Rijksmonument en UNESCO Werelderfgoed. Voor de overige vindplaatsen die als behoudenswaardig zijn aangemerkt (vindplaatsen 1 en 5), en de gebiedsdelen met een hoge archeologische verwachting die nog niet (voldoende) zijn onderzocht en/of niet gewaardeerd, wordt de dubbelbestemming Waarde Archeologie 3 gehandhaafd. Voor deze gebiedsdelen geldt dat de gemeente voorwaarden kan stellen aan vergunningen voor bodemingrepen dieper dan het Archeologisch Peil over een oppervlakte groter dan 100 m2, of kan besluiten hiervoor geen vergunning te verlenen.
De delen van het plangebied die afdoende zijn onderzocht en/of op basis van het vooronderzoek worden afgewaardeerd, krijgen geen dubbelbestemming archeologie. Het betreft o.a. de vindplaatsen 2 en 3. Eventuele archeologische resten in de gebieden zonder dubbelbestemming archeologie worden beschermd door de wettelijke meldingsplicht voor archeologische (toevals)vondsten van art. 5.10 van de Erfgoedwet: degene die anders dan bij het verrichten van opgravingen een vondst doet waarvan hij weet of moet vermoeden dat het een archeologische vondst betreft, is verplicht deze vondst te melden bij de bevoegde overheid (Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, provincie Zuid-Holland of de gemeente Leidschendam-Voorburg) en gedurende zes maanden ter beschikking te houden voor onderzoek. Met het regime van dubbelbestemmingen archeologie in dit bestemmingsplan wordt recht gedaan aan de archeologische rijkdom van Vlietvoorde, en blijft tevens de herontwikkeling van het gebied economisch haalbaar en verantwoord.
Lodewijck Groep B.V.
24
Aanmeldingsnotitie vormvrije m.e.r.- beoordeling
4
Bestemmingsplan Vlietvoorde
Conclusie
In voorliggende aanmeldingsnotitie m.e.r.-beoordeling zijn de verwachte milieu- en omgevingseffecten als gevolg van de realisatie van maximaal 176 woningen de Veursestraatweg tussen Leidschendam en Voorschoten. Met deze aanmeldingsnotitie is de vormvrije m.e.r.beoordeling doorlopen. Samenvattend blijkt uit deze aanmeldingsnotitie dat: •
• • • • • • • • • • • •
De verhard oppervlakte neemt in de nieuwe planologische situatie aanzienlijk af, de hoeveelheid oppervlaktewater vergroot door de beëindiging van het bemalen van de drie polders. En in het plan wordt rekening gehouden met de aanwezige waterkering door een dubbelbestemming. De gronden ter plaatse van de nieuwe woningen van voldoende kwaliteit zijn. Er is geen concrete aanleiding dat er binnen het plangebied een verhoogde kans bestaat op de aanwezigheid van niet - gesprongen explosieven. De ontwikkeling heeft geen negatieve invloed op dit Natura - 2000 gebied zowel tijdens de bouwfasen als de toekomstige gebruiksfase. De voorgenomen ontwikkeling ‘niet in betekende mate’ bijdraagt aan de verslechtering van de luchtkwaliteit. De gewenste ontwikkeling passend is binnen de Wet geluidshinder indien. De voorgenomen ontwikkeling geen negatieve effecten heeft op de aanwezige flora & fauna. In aanvulling op de QuickScan flora & fauna heeft en nader ecologisch onderzoek naar de rugstreeppad plaatsgevonden, de ontwikkeling schaadt deze diersoorten niet. De ontwikkelingen binnen het plangebied vallen niet binnen een risicocontour. Derhalve is er geen plaatsgebonden risico. Er komen in of nabij het gebied geen planologisch relevante kabels en leidingen voor. De ontwikkelingen binnen het plangebied sluiten aan op de duurzaamheidsdoelstellingen.
Het plangebied heeft geen beperkende werking op de ontwikkelingsmogelijkheden voor omliggende bedrijven en de ontwikkeling van woningen in het plangebied. De mogelijk toenemende verkeersintensiteit door het bestaande netwerk kan worden opgevangen. De benodigde parkeerplaatsen kunnen binnen het plangebied gerealiseerd worden. De archeologische rijkdom van Vlietvoorde is beschermde door het regime van dubbelbestemmingen archeologie in het bestemmingsplan.
Op basis van de vormvrij m.e.r.-beoordeling kan worden geconcludeerd dat de voorgenomen ontwikkeling niet leidt tot belangrijke nadelige gevolgen. Er is geen aanleiding voor het doorlopen van een uitgebreidere m.e.r.-procedure.
Lodewijck Groep B.V.
25