CConstaterende datLeidschendam-Voorburg
Koppel je AI →
Document · PDF

2173-07 Bijlagen Toelichting_Bijlage 4 Aanvullende inventarisatie rugstreeppad.pdf

Raadsvergadering 11 mei 2021, gemeente Leidschendam-VoorburgBij agendapunt: Raadsvoorstel: Bestemmingsplan Vlietvoorde (2173).1.750 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Memo Inventarisatie rugstreeppad Vlietvoorde, Leidschendam Datum Opgesteld door Contactpersoon Gemeente Leidschendam

: 4 oktober 2019 : Mevr. I. Kroes (ecoloog) : Dhr. R. Jonker

Inventarisatie rugstreeppad, deelterrein van het project Vlietvoorde Inleiding Gemeente Leidschendam-Voorburg heeft het voornemen om, vooruitlopend op de geleidelijke ontwikkeling van Vlietvoorde als natuurvriendelijke woonlocatie, op korte termijn alvast een deel van het terrein op te hogen. In het voorjaar is voor het hele te ontwikkelen plangebied Vlietvoorde een Flora en Fauna quickscan uitgevoerd, waarbij de conclusie was, dat er tijdens die momentopname nog geen aanwijzingen waren dat er beschermde soorten voorkomen, behalve mogelijk de rugstreeppad. Het terrein ligt momenteel braak, en in de buurt liggen natuurgebieden waar verscheidene beschermde soorten voorkomen, onder andere de vanuit de Habitatrichtlijn beschermde rugstreeppad. Het gebied kan om die reden vrij eenvoudig door verschillende beschermde soorten gekoloniseerd worden, met name door een pionierssoort als de rugstreeppad. Vandaar dat voorafgaand aan het ophogen van dit deel van het terrein een nader onderzoek is uitgevoerd naar de aanwezigheid van rugstreeppad.

Locatiegegevens Het plangebied is gelegen ten noordoosten van de kern van Leidschendam, tussen Leidschendam en Voorschoten, aan de rand van Park Vlietland. Volgens de topografische kaart van Nederland kaartblad 30G (schaal 1:25.000) zijn de coördinaten van het midden van het plangebied X = 088.850, Y = 457.494 Het onderzoeksgebied betreft een deel van het totale te ontwikkelen plangebied Vlietvoorde, op een terrein waar voor een deel tot 2014 nog kassen stonden en waar daarna een intensief beheerd grasland was. Een ander deel van het te onderzoeken terrein was tot in het vroege voorjaar van 2019 nog voor het grootste deel bebouwd met kassen en er was een parkeerplaats. Dit deel maakte toen dus in geen geval onderdeel uit van het voortplantingshabitat zomerhabitat of winterhabitat van de rugstreeppad. Het deel wat voorheen intensief beheerd grasland was, ligt erg laag en is momenteel erg drassig. Tijdens het laatste veldbezoek stond dit deel van het plangebied voor het grootste deel blank. Het deel waar voorheen de kassen stonden en de bestrating lag, is momenteel volledig begroeid met hoge pionierskruiden.

Figuur 1: Luchtfoto met begrenzing geïnventariseerd gebied. De gele lijn geeft bij benadering aan waar er relatief veel bruine kikkers werden aangetroffen.

Habitat beschrijving rugstreeppad Voortplantingsbiotoop Rugstreeppadden (planten zich voort in ondiep, onbeschaduwd en vaak onbegroeid water dat vrij snel opwarmt. Vaak wordt gebruik gemaakt van tijdelijke poeltjes en plassen, maar ook slootjes en vennen kunnen geschikt zijn. Een voorwaarde is wel dat het water niet te zuur is (pH niet lager dan 5). Ook (enigszins) brak water wordt getolereerd. Tijdens de voortplantingsperiode proberen de mannetjes met hun roep, meestal vanuit geschikt voortplantingswater, vrouwtjes te lokken. De meeste roepactiviteit is na half april en in mei, maar meerdere pieken met roepactiviteit in het jaar komen voor. De complete ontwikkeling van eiafzet tot aan land gaan duurt circa 3-12 weken. Een tweede legsel, meestal half zo groot dan het eerste, is vaak minder succesvol. Larven worden het hele seizoen aangetroffen, juvenielen vooral tussen juni en half september. Zomerbiotoop In de zomer zitten de padden overdag ingegraven of ergens onder gekropen. Als het donker is komen ze tevoorschijn om te jagen op kleine dieren (zoals spinnen, regenwormen, op de grond levende insecten) Winterbiotoop Rugstreeppadden overwinteren altijd op het land, ingegraven in de grond (60-180 cm diep) of weggekropen onder/in schuren of in kelders, in en om boerderijen. Overstroming van hun winterplaats overleven

2019-09 Nader onderzoek rugstreeppad op deelterrein Vlietvoorde

2

ze meestal niet. Wanneer de temperatuur in het voorjaar weer hoog genoeg wordt (grondtemperatuur > 5-6°C) verlaten de mannetjes hun overwinterplaats. Voor een stabiele, duurzame populatie moeten de verschillende biotopen (op de juiste momenten in het jaar) beschikbaar zijn en moeten er voldoende migratiemogelijkheden zijn tussen de verschillende biotopen. In veranderende terreinen zoeken rugstreeppadden de plaatsen op die op dat moment geschikt zijn. De voortplantingstijd is de beste periode om aanwezigheid van rugstreeppadden vast te stellen. Migratieroutes Er is een groot verschil in het dispersie-gedrag tussen juveniele en volwassen rugstreeppadden. Volwassen dieren verplaatsen zich tot enkele kilometers, maar regionaal zijn daarin grote verschillen. Het zijn voornamelijk verplaatsingen tussen overwinterplaats en voortplantingswater. Tijdens de voortplantingstijd is de actieradius beperkt. Een aantal van de mannetjes is trouw aan het voorplantingsgebied en keert jaar na jaar terug. Vrouwtjes daarentegen keren niet steeds terug naar het bekende voortplantingswater. Vrouwtjes verlaten direct na de eiafzet het water en blijven niet lang in de buurt van het voortplantingswater. Het zijn voornamelijk de juvenielen die rondtrekken en nieuw voortplantingsgebied koloniseren.

Afstanden zijn niet bekend, maar het is waarschijnlijk dat uitwisseling van juvenielen plaatsvindt tussen populaties die 3-5 km van elkaar liggen Op basis van de habitatbeschrijving, het feit dat eind vorig jaar een deel van het terrein nog deels bebouwd of bestraat was, en er geen geschikt voortplantingswater aanwezig was, en er dus geen geschikt habitat was, kan worden geconcludeerd dat er op deze plek tot afgelopen zomer geen rugstreeppadden voor konden komen, totdat de kassen en de bestrating verdwenen zijn. In theorie zou het terrein dus uitsluitend in de zomer of daarna gekoloniseerd kunnen worden door juvenielen. Om uit te sluiten dat deze bijna volwassen juvenielen aanwezig zijn, is onderstaand onderzoek uitgevoerd.

Doel van het onderzoek Het gebied was in het vroege voorjaar 2019 nog voor een deel bebouwd en er was een parkeerplaats, waardoor het dus in geen geval onderdeel uitmaakt van het voortplantingshabitat van de rugstreeppad. Wel kunnen in de loop van de zomer jonge individuen het gebied gekoloniseerd hebben als zomer-landhabitat. Om die reden is het van belang om voordat de ophoging plaatsvindt een gedegen onderzoek te doen naar mogelijke aanwezigheid van enkele zwervende volwassen en juveniele rugstreeppadden.

Methode van onderzoek Op basis van habitatkenmerken zoals hierboven beschreven, is geconcludeerd dat in het deel van het plangebied waar de directe wens tot ophoging ligt, geen voortplantingsbiotoop aanwezig is. Het terrein bevatte tot en met het voorjaar 2019 geen geschikt waterbiotoop. Er zijn hier ook momenteel nog steeds geen diepe karresporen of greppels aanwezig die geschikt zijn als voortplantingsbiotoop. Het deel van het terrein, wat in het verleden eventueel mogelijk wel geschikt zou kunnen zijn geweest als winterbiotoop (het intensief beheerde grasland), en wat naast het oorspronkelijk bestraatte en bebouwde terrein ligt, staat momenteel bijna volledig onder water, na de zware regenbuien van afgelopen tijd. Het is dus momenteel eveneens ongeschikt als winterbiotoop. Als enige mogelijkheid voor kolonisatie van de rugstreeppad binnen dit deel van het plangebied, bestaat dus uitsluitend de mogelijkheid dat er sinds kort juvenielen uit de omgeving aanwezig zijn, die er vanaf ongeveer juni 2019 eventueel een zomerbiotoop hadden kunnen vinden. Om deze laatste mogelijkheid uit te kunnen sluiten is een nader onderzoek opgezet waarbij op 4 vochtige avonden in september gezocht is naar exemplaren die potentiële landhabitats hebben bezet, en dan specifiek naar exemplaren van juveniele bijna volwassen rugstreeppadden, zoals o.a. beschreven in de

2019-09 Nader onderzoek rugstreeppad op deelterrein Vlietvoorde

3

soorteninventarisatieprotocollen Netwerk Groene Bureaus 2017. Met een sterke zaklamp (Fenix TK 41) is het gehele op te hogen terrein afgespeurd naar exemplaren van de rugstreeppad, waarbij per avond het hele terrein systematisch, het gehele terrein dekkend, tweemaal belopen is. De inspecties zijn uitgevoerd in de late avonduren, op 24, 26 en 29 september en op 1 oktober. In alle gevallen was het zeer vochtig tot regenachtig weer, wat gunstig is voor het vinden van rugstreeppadden. Tabel 1 geeft een overzicht van de weersomstandigheden tijdens het onderzoek. Tabel 1 Bezoek i.v.m. inventarisatie rugstreeppad

Datum

24-09-2019

Type onderzoek

Inspectie plangebied,

Tijdsduur

Zon op/ on-

onderzoek

der

21.00-24.00

07.29-19.35

Weer

Temp.

Wind gemiddeld 3 Bft

15.0ºC

Zichtwaarnemingen landhabitat juve-

Geheel bewolkt

nielen met behulp van sterke zak-

Neerslag 5,6 mm

lamp. 26-09-2019

Inspectie plangebied,

21.00-24.00

07.32-19.30

Wind gemiddeld 3 Bft

Zichtwaarnemingen landhabitat juve-

Geheel bewolkt

nielen met behulp van sterke zak-

Neerslag 15,6 mm

15.9ºC

lamp. 29-09-2019

Inspectie plangebied,

21.00-24.00

07.37-19.23

Wind gemiddeld 3 Bft

Zichtwaarnemingen landhabitat juve-

Geheel bewolkt

nielen met behulp van sterke zak-

Neerslag 22,1 mm

15.0ºC

lamp. 01-10-2019

Inspectie plangebied,

21.00-24.00

07.41- 19.19

Wind gemiddeld 3 Bft

Zichtwaarnemingen landhabitat juve-

Geheel bewolkt

nielen met behulp van sterke zak-

Neerslag 17,1 mm

15.1ºC

lamp.

2019-09 Nader onderzoek rugstreeppad op deelterrein Vlietvoorde

4

Resultaten Er zijn tijdens geen van de vier veldbezoeken rugstreeppadden op het plangebied aangetroffen. Tijdens het tweede, derde en vierde veldbezoek zijn wel relatief veel juveniele bruine kikkers gevonden. Het ging hierbij om zeker 16 exemplaren. Deze bruine kikkers werden vooral gevonden langs de oever in de eerste meter vanaf de sloot die grenst aan het plangebied.

Effectenbeoordeling Er zijn uitsluitend bruine kikkers aangetroffen (Wnb-andere soorten). Het gaat hierbij in alle gevallen om een soort waarvoor een provinciale vrijstelling geldt van de Provincie Zuid-Holland. Het gebied is geschikt voor algemeen voorkomende amfibieën. Er zijn in het geheel geen rugstreeppadden (Wnb-hrl) aangetroffen binnen het plangebied. Hoewel het in dit geval om een kwalitatief onderzoek gaat, is het op basis van deze resultaten redelijkerwijze uit te sluiten dat dit gebied een essentieel leefgebied is van de zwaar beschermde rugstreeppad.

Toetsing aan de Wet natuurbescherming Binnen het plangebied zijn momenteel geen vaste rust- of verblijfplaatsen of exemplaren van de rugstreeppad aanwezig. Negatieve effecten van de ophoging op de rugstreeppad zijn om die reden niet te verwachten, indien de ingreep op korte termijn plaatsvindt, d.w.z. binnen uiterlijk drie à vier maanden. De ingreep zal in dat geval voor wat betreft rugstreeppad niet leiden tot een overtreding van de Wet natuurbescherming. Voor de aangetroffen bruine kikkers geldt een vrijstelling vanuit de Provincie Zuid-Holland. De ingreep zal voor wat betreft de bruine kikker niet leiden tot overtreding van de Wet natuurbescherming

Conclusie Binnen het plangebied zijn momenteel geen vaste rust- of verblijfplaatsen of exemplaren van de rugstreeppad aanwezig. Er is geen sprake van essentieel foerageergebied voor de rugstreeppad op dit plangebied. Met het uitvoeren van de werkzaamheden wordt de Wet natuurbescherming niet overtreden, onder voorwaarde dat de ingreep plaatsvindt voordat het komende voortplantingsseizoen van de rugstreeppad aanbreekt. Omdat het onderzoek heeft plaatsgevonden volgens een combinatie van aanwijzingen uit de soorteninventarisatieprotocollen Netwerk Groene Bureaus 2017, en het kennisdocument Rugstreeppad Bufo Calamita, 1.0, BIJ12, juli 2017, kan worden gesteld dat het plangebied afdoende is geïnventariseerd.

2019-09 Nader onderzoek rugstreeppad op deelterrein Vlietvoorde

5

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Leidschendam&id=34ec195a-5a25-4521-a3f5-ac4a2e265914