1653 Bijlage 1 Regiovisie 'Samen bouwen aan maatschappelijk herstel' 2022-2025.pdf
Tekst van het document
Samen bouwen aan maatschappelijk herstel Regiovisie beschermd wonen en maatschappelijke opvang 2022 – 2025 Den Haag, Leidschendam-Voorburg, Rijswijk, Wassenaar en Zoetermeer Den Haag, augustus 2021
Inhoudsopgave 1. 2. 3. 4. 5. 6.
Inleiding Visie Van visie naar uitvoering Samenwerking Governance Financiering
3 4 5 10 12 14
-
Bijlagen Feiten en cijfers beschermd wonen en maatschappelijke opvang
2
1. Inleiding Het document dat voor u ligt is de opvolger van de regionale beleidsvisie 2018-2020 en het regionale uitvoeringsplan beschermd wonen en maatschappelijke opvang 2018 en verder, van de gemeenten Den Haag, Leidschendam-Voorburg, Rijswijk, Wassenaar en Zoetermeer. In onze gemeenten, ook wel aangeduid met H5, is in 2018 een beweging in gang gezet van inclusie, maatschappelijk herstel en participatie. Samen bouwen aan maatschappelijk herstel Met de regiovisie beschermd wonen en maatschappelijke opvang 2022-2025 borduren we daar op voort en schetsen we de thema’s en kaders voor de komende jaren. De bestuurders van de H5gemeenten zien de aanstaande doordecentralisatie beschermd wonen en de doorontwikkeling van maatschappelijke opvang als een gezamenlijke uitdaging. Met de regio, alle betrokken organisaties en partners, ervaringsdeskundigen en de vertegenwoordigers van cliënten. Samen bouwen we de komende jaren verder aan maatschappelijk herstel. Beschermd wonen en maatschappelijke opvang zijn momenteel voorzieningen waarvoor Den Haag verantwoordelijk is als centrumgemeente ten behoeve van alle gemeenten in de H5. Dat betekent dat Den Haag de regie voert en de middelen hiervoor ontvangt. Beschermd wonen Per 1 januari 2022 gaat de centrumgemeentefunctie veranderen en start de doordecentralisatie beschermd wonen.
Alle gemeenten worden daarmee inhoudelijk verantwoordelijk voor inwoners die hiervoor in aanmerking komen. Vanaf 1 januari 2023 komt er een nieuwe financiële verdeling over gemeenten. Voor inwoners die vanaf dat moment een aanmelding doen voor beschermd wonen is de eigen gemeente verantwoordelijk en ontvangt daarvoor ook de middelen. Voor inwoners die al een indicatie beschermd wonen hadden, verandert er niets. Op die manier waarborgen we de continuïteit van zorg. Bij ‘beschermd wonen’ gaat het over inwoners die moeite hebben met zelfstandig wonen door problemen op het gebied van psychiatrie, eventueel in combinatie met een verstandelijke beperking en/of middelengebruik. Zij kunnen op dit moment een aanvraag doen voor beschermd wonen bij centrumgemeente Den Haag. Den Haag kijkt samen met de inwoner uit een van de H5-gemeenten wat de behoefte is en wat iemand zelf kan doen. De uitkomst van dit onderzoek naar beschermd wonen resulteert in het maatwerkarrangement Wonen1. Maatschappelijke opvang Er vindt voorlopig geen doordecentralisatie plaats voor maatschappelijke opvang, dus blijft Den Haag als centrumgemeente verantwoordelijk. Zoals het nu lijkt wordt hier in 2025 een besluit over genomen na een evaluatie van de doordecentralisatie beschermd wonen.
Relevante ontwikkelingen op het gebied van maatschappelijke opvang nemen we wel mee in deze visie, maar vanwege de doordecentralisatie ligt het accent op beschermd wonen. Norm voor opdrachtgeverschap Met dit document vernieuwen we onze samenwerking in de H5 en voldoen we aan de norm voor opdrachtgeverschap2 die VNG en het Ministerie van VWS zijn overeengekomen.
1 Het resultaatgebied Wonen draagt eraan bij dat cliënten geclusterd in een gereguleerde en gestructureerde omgeving
kunnen wonen (Resultaatgebieden Wmo Maatwerkarrangementen 2020, Gemeente Den Haag). 2 Norm voor Opdrachtgeverschap MO & BW: Routekaart | VNG 3
2. Visie Dagelijks zijn er mensen die zich tot een sociaal werker uit de wijk, één van de gemeenten in de regio of bijvoorbeeld het Daklozenloket wenden, omdat ze moeite hebben het hoofd boven water te houden. Levensproblemen zoals schulden, dakloosheid, het niet hebben van een baan, verlies van geliefden, onverzekerd zijn of bijvoorbeeld het niet vinden van aansluiting bij de samenleving kunnen daaraan ten grondslag liggen. Daarnaast kan er ook sprake zijn van psychiatrie, gedragsproblematiek en/of een (licht) verstandelijke beperking. Voor een volgende stap kan professionele hulp nodig zijn. Daarvoor is het mogelijk om een beroep te doen op een vorm van begeleiding, beschermd wonen en/of de maatschappelijke opvang. Met de decentralisaties in het sociaal domein in 2015 werd beschermd wonen een nieuwe taak voor gemeenten. In het kader daarvan heeft de commissie ‘Toekomst beschermd wonen’ onder leiding van Erik Dannenberg op verzoek van de VNG een advies uitgebracht op beschermd wonen in relatie tot maatschappelijke opvang en de andere gemeentelijke taken. Met het rapport ‘Van beschermd wonen naar een beschermd thuis’3 schetst de commissie een toekomstbeeld hoe psychisch kwetsbare mensen volwaardig deel uit kunnen maken van de samenleving. Op basis van dit rapport hebben de H5-gemeenten in 2018 een visie vastgesteld die ook de koers voor de komende jaren bepaalt.
Een visie die focust op sociale inclusie en het credo ‘zelfstandig wonen, tenzij’. Sociale inclusie Sociale inclusie is en blijft ons streven. Inwoners die dak- of thuisloos zijn of dreigen te raken en/of te maken hebben met psychiatrische problemen of verstandelijke beperkingen horen er net als ieder ander bij. We willen dat zij volwaardig en zoveel als mogelijk mee kunnen (blijven) doen aan de samenleving. Via onder meer onderwijs, werk, dag- of vrijetijdsbesteding, maar ook als onderdeel van een wijk en in relatie tot bijvoorbeeld buren, vrienden en familie. De hulp en ondersteuning die wordt ingezet focust daar op. Zelfstandig wonen, tenzij… We zetten in op zoveel mogelijk zelfstandig wonen, omdat herstel van bijvoorbeeld trauma’s, psychische problemen, dak- of thuisloosheid begint met een eigen en veilige woonplek. Voor inwoners die tijdelijk verblijven in een beschermde woonvorm of in een voorziening voor maatschappelijke opvang, is het perspectief altijd om uit te stromen naar een eigen woonplek, waarbij opnieuw ambulante zorg of ondersteuning ingezet kan worden. We raken hier aan een belangrijk vraagstuk voor de komende jaren, want niet alleen in onze regio, maar ook landelijk stagneert de uitstroom richting een eigen een woning, vanwege een gebrek aan passende huisvesting, waardoor ook de wachtlijsten voor beschermd en maatschappelijke opvang toenemen.
De volgende uitgangspunten zijn leidend in onze aanpak: - Continuïteit van zorg: inwoners mogen niet lijden onder systeemaanpassingen - Lokaal waar het kan, regionaal waar het moet - Zo licht als mogelijk, zo zwaar als nodig We organiseren de (toegang tot) zorg en ondersteuning voor onze inwoners zo dichtbij mogelijk: bij hen thuis, om de hoek in een wijkcentrum of bijvoorbeeld op het gemeentehuis. De wijken en buurten van onze regio zijn immers de omgevingen waar we een integraal en sluitend aanbod kunnen organiseren. In deze context kunnen in een vroeg stadium zorgelijke signalen, niet-pluis gevoelens of problemen worden gesignaleerd. En hoe eerder dat gebeurt, hoe beter. 3 van-beschermd-wonen_20151109.pdf (vng.nl)
4
3. Van visie naar uitvoering Aan de hand van verschillende opgaven en acties geven we de komende jaren vorm aan de doordecentralisatie beschermd wonen. Het gaat over veranderingen in het systeem en in het aanbod om ervoor te zorgen dat mensen in een vertrouwde omgeving de hulp en begeleiding krijgen die hen helpt bij maatschappelijk herstel. Centraal staan drie opgaven: - De toegang lokaal en dicht bij onze inwoners beleggen - Passende zorg en ondersteuning leveren in de eigen leefomgeving - Werken aan sociale inclusie Toegang Een ieder met wie het niet goed gaat, die hulp nodig heeft of waar zorgen over zijn, moet dichtbij huis een deskundige treffen die een luisterend oor biedt, informatie en advies kan geven. Juist voor inwoners die moeite hebben het hoofd boven water te houden, kan het moeilijk zijn alles goed te overzien. Het kan best zijn dat bijvoorbeeld een Wassenaarse inwoner denkt dat een verblijf bij een zorginstelling de beste optie is, waarna in gesprek met een consulent van de gemeente Wassenaar blijkt dat er nog allerlei andere mogelijkheden zijn. Opties die betekenen dat er niet verhuisd hoeft te worden naar een verblijfsvoorziening, maar er maatwerk geboden kan worden: aan huis, in de eigen vertrouwde omgeving. Vanuit deze gedachte kiezen we om de toegang tot beschermd wonen lokaal en dichtbij onze inwoners te organiseren.
Het wordt daarmee een van de opties in het volledige aanbod van zorg en ondersteuning die medewerkers van de toegang van de H5-gemeenten in kunnen zetten. De toegang voor maatschappelijke opvang blijft centraal belegd bij het Daklozenloket in Den Haag. Kennis en expertise Een randvoorwaarde is dat op lokaal niveau informatie en kennis beschikbaar is over beschermd wonen. Enerzijds over de achtergronden en problematiek waar inwoners mee te maken kunnen krijgen. Anderzijds over het lokale aanbod en de mogelijkheden die vanuit de maatwerkarrangementen in te zetten zijn. In welke situatie en voor wie is welk arrangement het meest passend? Medewerkers van de H5-gemeenten worden hierin getraind. Het specialistenteam Wonen van de gemeente Den Haag blijft voor alle Wmo-consulenten van de H5 beschikbaar voor advies en informatie. Toegankelijk In algemene zin wordt de wereld steeds complexer: de hoeveelheid informatie die we dagelijks moeten verwerken neemt toe. Voor mensen die moeite hebben met lezen, schrijven en digitale vaardigheden is het veel moeilijker om mee te komen en bij te blijven. Voor een ieder die met beschermd wonen of maatschappelijke opvang te maken krijgt kunnen we ons voorstellen dat zij hier ook tegenaan lopen. Mensen die veel barrières ontmoeten op weg naar hulp.
Voor ons is het van belang dat onze inwoners geen schaamte ervaren als ze iemand hulp vragen, dat de informatie die via onze kanalen en onze samenwerkingspartners naar buiten gaat begrijpelijk is en aansluit bij de behoefte van mensen die moeite hebben met lezen en schrijven. Voor zover we dat nog niet hebben gedaan, gaan we onze communicatiemiddelen toetsen op toegankelijkheid. We checken dit bij ervaringsdeskundigen en taalambassadeurs.
5
Passende zorg Een tweede opgave is dat we lokaal zo goed mogelijk en dicht bij onze inwoners passende zorg en ondersteuning willen realiseren. Veel gaat goed, maar we zien ook dat het bestaande aanbod hier en daar aangepast of aangevuld moet worden. Alles begint met weten wat er in onze wijken speelt, waar onze inwoners mee te maken hebben en wat hun behoeftes zijn. Uit de gesprekken die we het afgelopen jaar hebben gevoerd en op basis van opgedane ervaringen richten we ons de komende periode in hoofdlijnen op het volgende: - Versterken ervaringsdeskundigheid en informele zorg - Spreiding en specialisme in de regio - Het zorgaanbod in de H5 - Overgang 18-/18+ - Dagbesteding - Wonen Versterken ervaringsdeskundigheid en informele zorg We weten dat de inzet van ervaringsdeskundigen waardevol is, ook in combinatie met een begeleider of behandelaar. Ervaringsdeskundigen hebben vaak de juiste toon, kunnen zien wat passend is en anderen motiveren en zelfs begeleiden om hulp te zoeken. Van belang de komende jaren is de vraag in hoeverre we in staat zijn om inwoners met een ervaring op het gebied van beschermd wonen en maatschappelijke opvang (psychiatrie, verslaving e.d.) een sterke plek weten te geven in onze aanpak.
Uit onderzoek blijkt daarnaast dat de inzet van elke ervaringsdeskundige op de lange termijn ook tot een besparing kan leiden.4 Dat komt vooral doordat mensen vanuit beschermd wonen doorgaan naar een situatie waarbij ze geen zorg meer nodig hebben of zelfstandig kunnen wonen met begeleiding. Denk bijvoorbeeld aan de buurtcirkels in Den Haag, een sociaal netwerk in de wijk of een inloophuis waar een informele vorm van zorg aanwezig is waar door het vinden van aansluiting in de wijk of dagbesteding wordt gewerkt aan maatschappelijk herstel. We gaan hierover in gesprek met onze partners, waaronder ook de vertegenwoordigers van cliënten van aanbieders, inwoners met een clientervaring en het netwerk om hen heen, zoals geliefden en familieleden. We stimuleren onze partners om ook aan de slag te gaan met ervaringsdeskundigheid. Er zijn al goede ervaringen opgedaan met ervaringsdeskundigheid, zowel in onze regio als elders in het land: daar willen we van leren. Spreiding We weten dat de meeste mensen het best en snelst herstellen in de eigen omgeving: dichtbij vrienden, familie of collega’s. Daarom is onze stip op de horizon dat intensieve vormen van zorg (maatwerkarrangement Wonen) zoveel als mogelijk beschikbaar zijn in alle H5-gemeenten.
Wanneer er minder intensieve zorg nodig is en/of wanneer iemand uit kan stromen naar een eigen woning, kan veel eenvoudiger dezelfde aanbieder en begeleider betrokken blijven bij het begeleidingsproces dat wordt doorlopen. Dergelijke momenten zijn cruciaal voor het slagen van een traject; we streven daarom naar zo weinig mogelijk verhuisbewegingen en een vaste trajectbegeleider. We ondernemen hiervoor onder meer de volgende acties: - We stimuleren aanbieders om hulp en begeleiding te bieden op de plek waar de inwoner verblijft, woont of bijvoorbeeld een activiteit onderneemt, omdat dit in het belang is van het maatschappelijk herstel van onze inwoners. - We stimuleren verdergaande samenwerking tussen aanbieders ten behoeve van onze inwoners. 4 Verkenning investeringsopgave ‘beschermd thuis’ (significant-groep.nl)
6
-
-
We onderzoeken de mogelijkheden om gemeentelijk vastgoed in te zetten als beschermde woonvorm. Vanuit de gedachte ‘lokaal waar het kan, regionaal waar het moet’ stimuleren we spreiding over de regio. Niet elke gemeente hoeft elk specialisme in huis te hebben. We zorgen voor een goede ambtelijke en bestuurlijke afstemming van de gemeentelijke woonzorgvisies, omdat het vraagstuk van beschermd wonen en maatschappelijke opvang ook gaat over het vinden van passende locaties verspreid over de regio.
Specialisme We hechten er waarde aan dat ook bij de meer algemene voorzieningen expertise in huis is om inwoners met problemen op het gebied van autisme, een (licht) verstandelijke beperking en ernstig psychiatrische aandoeningen vraagstukken zo goed mogelijk bij te kunnen staan. We geloven daarbij in de kracht van samenwerking en stimuleren onze partners om elkaars deskundigheid te gebruiken als dat nodig is en elkaar te helpen en adviseren. We gaan de komende periode met onze aanbieders hierover in gesprek en organiseren daarvoor een aantal themasessies. Bereik- en beschikbaarheid De mogelijkheid om een 24/7 bereik- en beschikbaarheidsdienst in te kunnen zetten. Voor een klein deel is het van belang om ook buiten kantoortijden contact op te kunnen nemen met een hulpverlener die binnen een half uur ter plaatse kan zijn. We onderzoeken in hoeverre dit noodzakelijk is voor mensen die al zelfstandig wonen. Ook gaan we na of deze voorziening op termijn een oplossing kan zijn om te voorkomen dat mensen van een eigen naar een beschermde woonvorm moeten verhuizen. Persoonsgebonden budget Landelijk wordt er gesproken over het aanscherpen van het beleid rond persoonsgebonden budget in relatie tot beschermd wonen. Enerzijds ter verbetering van de beheersbaarheid en anderzijds om het instrument effectiever in te zetten en ambulantisering te stimuleren.
In onze regio volgen we de discussie en werken dit gezamenlijk verder uit om uiteindelijk (zoveel mogelijk) gelijkluidende verordeningen en werkafspraken te realiseren. Flexibiliteit Idealiter krijgen inwoners met een psychische kwetsbaarheid thuis passende ondersteuning en zorg die flexibel op- en afgeschaald kan worden. Deze zorg en ondersteuning is herstelgericht en gericht op verschillende leefgebieden. We onderzoeken in de regiogemeenten daarom de mogelijkheden tot verdere flexibilisering (van de benodigde ondersteuning) om te voorkomen dat er telkens nieuwe beschikkingen afgegeven moeten worden. Daarvoor doen we ook een beroep op aanbieders. Nazorg Rijswijk en Den Haag hebben goede ervaring opgedaan met ‘waakvlambegeleiding’ voor haar inwoners. Dit is een vorm van nazorg die volgt op een intensieve ondersteuningsperiode. Hiermee houden we vinger aan de pols door bijvoorbeeld tweemaal per maand contact te hebben met de inwoner. Zo kan er snel actie worden ondernomen. We gaan kijken of en op welke manier we hier in de andere gemeenten ook vorm aan kunnen geven. Dagbesteding Een zinvolle dagbesteding draagt bij aan maatschappelijk herstel. Onze ambitie is om voor al onze inwoners met psychiatrische problematiek een mogelijkheid te creëren om te werken aan herstel door middel van dagbesteding, (beschut) werk of bijvoorbeeld onderwijs.
We willen ook daarom een vloeiende relatie met de participatiewetgeving.
7
De Cliëntenklankbordgroep Beschermd Wonen benadrukt daarbij het belang van keuzevrijheid. We vinden het van belang dat mensen iets te vinden hebben van de vorm van dagbesteding en/of werk die hen wordt voorgelegd, dat zij worden uitgedaagd en dat er ruimte is voor persoonlijke ontwikkeling. We gaan de komende jaren in onze wijken en buurten een nauwe verbinding tot stand brengen tussen verschillende partners die betrokken zijn bij dit vraagstuk om te voorkomen dat mensen uitof terugvallen. We nemen de punten van de Cliëntenklankbordgroep hierin mee. Overgang 18-/18+ Voor jongeren die op hun 18e klaar zijn om uit een jeugdhulpinstelling te stromen is niet altijd een plek in een beschermde woonvorm beschikbaar. Een langer verblijf in de jeugdzorg of overbruggingszorg wordt dan ingezet. Den Haag heeft hiervoor een richtlijn opgesteld waarbij een jongere al vanaf 16 jaar kan instromen in een beschermde woonvorm, maar ook tot zijn of haar 23ste kan blijven wonen waar hij of zij op dat moment verblijft. Deze regeling geldt voor de hele regio. Wonen De thema’s van deze regiovisie houden verband met opgaven in de woningmarktregio H95 waar onze regio onderdeel van is. De woningmarktregio heeft de Bestuurlijke Tafel Wonen Haaglanden opgericht die de samenwerking op het gebied van wonen vormgeeft en strategisch stuurt op de brede woonopgave.
We zorgen voor afstemming op ambtelijk en bestuurlijk niveau als dat nodig is. In de regiogemeenten van de H5 is behoefte aan woonplekken en kleinschalige vormen van wonen met begeleiding. Elk nieuw initiatief waarmee we het aanbod verrijken en daarmee de wachtlijst verkleinen, gaan we verkennen. Ook hier geldt dat een goede afstemming tussen de betrokken gemeenten en daarbinnen tussen het maatschappelijk en ruimtelijk domein, essentieel is. Werken aan sociale inclusie Sociale inclusie is de basis van onze regiovisie en focust vooral op de omgeving van inwoners die te maken hebben met mentale gezondheidsproblemen, problemen op het gebied van psychiatrie, gedrag of verslaving, een beperking en/of bijvoorbeeld dak- en thuisloosheid. Sociale inclusie in onze wijken en buurten vraagt om een sterk (sociaal) netwerk om inwoners heen, dat gericht is op preventie en vroegsignalering. Dat netwerk bestaat uit formele en informele zorgaanbieders, maar bijvoorbeeld ook woningbouwcorporaties, buren en (wijk)verenigingen die hun zorgen kunnen uiten. Iedere gemeente is voor zich verantwoordelijkheid voor de lokale (wijkgerichte) steunstructuur. Vanuit de regiovisie en de samenwerking in de H5 zetten we de komende jaren in op meer verbinding tussen het lokale netwerk en inwoners met psychische of psychosociale problematiek in de wijk.
Maatschappelijke opvang In de maatschappelijke opvang zien we inwoners, al dan niet met kinderen, die na een periode in de opvang door kunnen stromen richting (begeleid) zelfstandig wonen of een beschermde woonvorm. De huidige opvanglocaties zijn vrijwel allemaal in Den Haag gevestigd, zoals nachtopvang, dagopvang en 24-uursopvangvoorzieningen.
5 De H9 bestaat uit de H5 en de gemeenten Delft, Midden-Delfland, Pijnacker-Nootdorp en Westland.
8
Kwaliteitsslag Binnen de maatschappelijke opvang wordt ingezet op een kwaliteitsslag waarbij kleinschalige 24uursvoorzieningen in de plaats komen van groepsvoorzieningen met slaapzalen. Dat bevordert het herstel. Een probleem bestaat voor de zelfredzame mensen in de opvang. Door een gebrek aan betaalbare woonruimte stagneert voor hen de doorstroom. Dit betekent dat zij langer dan goed voor hen is gebruik moeten maken van maatschappelijke opvang. Daarnaast houden zij ongewild dure en schaarse opvangplekken bezet. Hoe sneller iemand die dak- of thuisloos is weer een eigen woonplek heeft, hoe beter. Mede daarom is gestart met plannen om extra woonplekken te realiseren. Uitstroom kan pas echt op gang komen als er meer sociale huurwoningen en betaalbare woonruimte beschikbaar komt. Met de Bestuurlijke Tafel Wonen zijn de eerste stappen gezet naar regionale invulling van deze taak. Dit wordt vanuit de gezamenlijke verantwoordelijkheid verder vormgegeven. We stemmen de komende jaren het aanbod van Wmo inzake de maatschappelijke opvang nog beter af om te voorkomen dat mensen op straat belanden. Voor een goed regionaal ketenaanbod zijn specialistische voorzieningen, time-out plekken en tijdelijke (winterkoudeopvang) voorzieningen nodig. Op basis van cliëntenaantallen, expertise, schaalgrootte, kosten en zorgbehoefte wordt regionaal afgestemd wat nodig is en wat de behoefte is.
9
4. Samenwerking Op het gebied van beschermd wonen en maatschappelijke opvang wordt er in H5-verband al geruime tijd samengewerkt. Zo werken de consulenten van de verschillende gemeenten in het toegangsproces rond de maatwerkarrangementen Wonen samen met het specialistenteam Wonen van de gemeente Den Haag. De samenwerking wordt de komende jaren verder versterkt. We willen samenwerken op basis van gelijkwaardigheid, maar realiseren ons dat we in een aantal opzichten niet gelijk aan elkaar zijn: - De gemeentegrootte varieert in de H5-gemeenten van 27.000 tot 547.000 inwoners. Ook het karakter, de sociale samenstelling en geschiedenis in opbouw van Wmo-voorzieningen verschilt. - De grote intramurale en geclusterde voorzieningen, maar ook veel ambulante voorzieningen zijn over het algemeen gevestigd in Den Haag. - Inkoopverbanden Wmo: o Den Haag koopt Wmo-diensten in voor de eigen gemeente. o Rijswijk koopt resultaatgericht in H4-verband6. o Leidschendam-Voorburg, Wassenaar en Zoetermeer kopen in op basis van PxQ bij de H6inkoopcombinatie.7 o Zoetermeer heeft daarnaast de gebiedsgerichte ondersteuning voor zorg en welzijn gegund aan het samenwerkingsverband inZet. Samenwerking beschermd wonen We willen onze samenwerking intensiveren richting 1 januari 2023 en zetten daarvoor in 2022 verschillende stappen.
Dit leidt tot het volgende: - De H5-gemeenten kiezen voor een vorm van samenwerking waarbij eindverantwoordelijkheid voor de ontwikkeling, inkoop en het onderhoud van de verblijfsvoorzieningen beschermd wonen (concreet: de maatwerkarrangementen met resultaatgebied wonen) bij Den Haag ligt. - Tot eind 2022 wordt dit gefinancierd door Den Haag als centrumgemeente en vanaf 1 januari 2023 voor nieuwe cliënten door de gemeente van herkomst. - Den Haag rapporteert in ieder geval tot 1 januari 2023 halfjaarlijks aan de regiogemeenten over de ingezette zorg, de kosten hiervan en de wachtlijsten. - Regiogemeenten kunnen op basis daarvan een inschatting maken over de te verwachten kosten en een verantwoording opstellen over de ingezette middelen. - De maatwerkarrangementen moeten zoveel als mogelijk aansluiten op de lokale zorgstructuur. - De ambulante Wmo-maatwerkvoorzieningen, preventie en vroegsignalering zijn een lokale verantwoordelijkheid. Bij innovaties, ontwikkelingen en trends wordt zoveel mogelijk samen opgetrokken en waar mogelijk en kansrijk samengewerkt. - Voorzieningen voor wonen en zorg worden wanneer mogelijk en passend bij de lokale behoefte, over de regio verspreid. - Vanuit Den Haag wordt actief gewerkt aan kennisoverdracht naar de regio.
Maatwerkarrangementen Om een sluitend netwerk van voorzieningen te realiseren is het van belang dat de inkoop van de zorg en ondersteuning in de verschillende Wmo-inkoopverbanden (H4, H6 en Den Haag) goed op elkaar aansluiten. In H5-verband blijven we gebruik maken van de maatwerkarrangementen Wonen die in Den Haag zijn ontwikkeld. Deze arrangementen lijken goed aan te sluiten bij de Wmo-hulp die de regiogemeenten hebben ingekocht in H6- of H4-verband. Om in elke afzonderlijke gemeente te komen tot een breed aanbod voor inwoners met psychische kwetsbaarheden, zodat zij langer thuis kunnen wonen of eerder zelfstandig kunnen wonen, gaan we het volgende doen: 6 De H4 bestaat uit Delft, Midden-Delfland, Rijswijk en Westland. 7 De H6 bestaat uit Lansingerland, Leidschendam-Voorburg, Pijnacker-Nootdorp, Voorschoten, Wassenaar en Zoetermeer.
10
-
Het Wmo-aanbod binnen H4, H6 en Den Haag op elkaar aansluiten. De regiogemeenten mandateren Den Haag voor het inkopen van maatwerkarrangementen. Integraal beschikbaar stellen van de maatwerkarrangementen Wonen. Afspraken maken in de H5 over het contractmanagement.
Overige relevante samenwerkingsverbanden We realiseren ons dat binnen de H5-gemeenten er ook beleid is op thema’s als wonen, participatie en het sociaal domein waar ook acties worden uitgezet met als doel een inclusieve samenleving. Bestuurlijke en ambtelijke samenhang tussen deze thema’s en beleidsstukken is een blijvend aandachtspunt de komende jaren waar we voortdurend de verbinding en afstemming zullen maken. Drie onderwerpen die nu relevant zijn om te noemen gaan over de problematiek 18-/18+, de Bestuurlijke Tafel Wonen en het Wmo-toezicht: - We willen dat jongeren die in een woonvorm verblijven geen last ondervinden in de zorg die ze krijgen op het moment dat ze 18 jaar worden. We streven na dat voor de leeftijdscategorie 16-23 jaar een passende keuze te maken is tussen ondersteuning die wordt geboden vanuit de Wmo en vanuit Jeugd. - In H9-verband is door de bestuurders van de Bestuurlijke Tafel Wonen een principebesluit genomen over de woonopgave en de uitstroommogelijkheden naar een eigen woning voor inwoners die gebruik maken van jeugdhulp, beschermd wonen en maatschappelijke opvang. In de uitvoeringsagenda is het uitgangspunt vastgelegd dat de herkomst van een inwoner leidend is bij het bepalen van de woonopgave voor elke gemeente. Ambtelijk zorgen we ook hier voor afstemming met de collega’s van wonen.
- Gemeenten zijn ook verantwoordelijk voor het toezicht op de WMO-voorzieningen dat door ons in de GGD-regio is belegd bij de GGD Haaglanden middels een aantal dienstverleningsovereenkomsten. Voor het toezicht op de MO- en BW-voorzieningen worden de DVO’s hiervoor voor 2022 verlengd. In de loop van 2022 worden nieuwe DVO’s afgesloten, passend bij de nieuwe verantwoordelijkheden van de individuele gemeenten.
11
5. Governance Met deze visie hebben we onze blik op de toekomst beschreven en vervolgens zijn we ingegaan op de opgaven en acties waarmee we op koers willen blijven. Onder het voorgaande hoofdstuk las u over het belang van de samenhang met andere visies en samenwerkingsverbanden. In dit hoofdstuk beschrijven we hoe we tot afspraken willen komen: op ambtelijk en bestuurlijk niveau, met onze samenwerkingspartners en hoe we hierover het gesprek willen voeren met ervaringsdeskundigen en (vertegenwoordigers van) mensen met een cliëntervaring. Het proces rond de besluitvorming, organisatie en uitvoering van de doordecentralisatie beschermd wonen in onze regio is complex. Het Rijk heeft bepaald dat beschermd wonen per 2022 een taak van alle gemeenten wordt, maar dat er regionaal moet worden samengewerkt. Maatschappelijke opvang blijft in ieder geval tot 2026 ongewijzigd: we werken in H5-verband samen waarbij Den Haag als centrumgemeente de regierol behoudt en daarvoor financiële middelen ontvangt van het Rijk. Voorts gaat iedere gemeente voor zich over de Wmo, Jeugd en Participatie. En zien we dat de vijf gemeenten van de H5 op verschillende manieren en in verschillende gremia en verbanden met elkaar en met andere gemeenten samenwerken. Structuur Hoewel de H5 geen formeel juridisch construct is, werken we wel al sinds 2015 samen voor beschermd wonen en maatschappelijke opvang.
Op inhoud hebben we een krachtige samenwerking opgebouwd waar de komende jaren op doorgaan en waarbij iedere gemeente voor zich de verantwoordelijkheid blijft houden voor lokale taken zoals preventie, het voorliggende veld en het lokale aanbod. We zien mogelijkheden om tot innovaties in ons aanbod te komen om zodoende nog beter aan te kunnen sluiten bij de behoefte van onze inwoners. Meer en meer zal beschermd wonen zich richten op de lokale infrastructuur in onze wijken en buurten. De samenwerking, kennis en expertise die we de afgelopen jaren hebben opgebouwd helpt daarbij. Informeren, afstemmen en (bij)sturen zijn manieren waarop we de komende jaren vorm gaan geven aan ‘governance’. Juist omdat ‘beschermd wonen en maatschappelijke opvang’ verband houden met veel andere thema’s en beleidsvelden, zal telkens opnieuw moeten worden bepaald of er een besluit moet worden genomen en zo ja; door wie of welk gremium. Met de structuur die we middels figuur 1 hebben willen uitbeelden, krijgen van onder naar boven in het midden de (tijdelijke) werkgroepen en de overleggen op ambtelijk, directie en bestuurlijk niveau een plek in onze samenwerking. In de lijn worden hier alle input, adviezen en reacties vanuit de cliëntenklankbordgroep, de bestuurlijke tafel wonen het directieoverleg beschermd wonen en maatschappelijke opvang geagendeerd en behandeld.
Doel van de overleggen - In het ambtelijk overleg, dat minimaal eens per vier weken plaatsvindt, vindt de voorbereiding van het directeurenoverleg en het bestuurlijk overleg plaats en wordt operationele sturing uitgeoefend. 12
-
In het directeurenoverleg, dat minimaal eens per half jaar plaatsvindt, vindt de inhoudelijke voorbereiding van het bestuurlijk overleg plaats en worden operationele besluiten genomen. Het bestuurlijk overleg, dat minimaal eens per half jaar plaatsvindt, vormt een mening over geagendeerde onderwerpen en behandelt en besluit over voorstellen. Wanneer besluitvorming door de afzonderlijke gemeenten nodig is, adviseert het bestuurlijk overleg aan de colleges van de H5-regio.
Daarnaast geldt in algemene zin volgende m.b.t. figuur 1: - Bij elke herzieningsmogelijkheid van de contracten met aanbieders consulteert Den Haag tijdig de regiogemeenten over eventueel gewenste aanpassingen in de contractvoorwaarden. Den Haag motiveert in het directeurenoverleg welke wensen wel en niet worden overgenomen. - Er wordt structureel overleg gevoerd tussen de contractmanager(s) van de H5, zodat regiogemeenten geïnformeerd blijven en input kunnen leveren t.b.v. de gesprekken met de aanbieders. - Tijdelijke project- en werkgroepen kunnen specifieke onderdelen van het beleid ontwikkelen of uitvoeren. - Voor maatschappelijke opvang is en blijft Den Haag centrumgemeente en verantwoordelijk voor het aanbod in en voor de regio. De centrale as in Figuur 1 is daarmee dé plek voor informatieuitwisseling en afstemming m.b.t dak- en thuisloosheid. Besluitvorming voor 2022 In 2022 wordt de organisatie en uitvoering van beschermd wonen en maatschappelijke opvang georganiseerd zoals dat ook in 2021 geregeld was. Dat betekent dat de toegang is belegd bij Den Haag. Ook organiseert Den Haag de inkoop, het contractmanagement en krijgt de centrumgemeente hiervoor ook de middelen. Dit is vastgelegd in een convenant en mandaatbesluit.
Besluitvorming voor 2023 en verder In 2023 en verder blijft de organisatie en uitvoering van maatschappelijke opvang een verantwoordelijkheid van Den Haag als centrumgemeente. Omdat met de doordecentralisatie beschermd wonen naar verwachting vanaf 2023 de financiën anders worden verdeeld, doen we in 2022 aan de gemeentebesturen een voorstel met een nieuwe set afspraken. We gaan onderzoeken op welke manier we onze samenwerking kunnen formaliseren en welke vorm daarvoor het meest effectief is. Vertegenwoordiging buiten de H5 Het gebied dat tezamen de H5 vormt is een dichtbevolkt gebied op een geografisch klein oppervlak. Den Haag heeft door de centrumgemeentefunctie en door het lidmaatschap van de G4 de afgelopen jaren expertise opgebouwd op het gebied van beschermd wonen en maatschappelijke opvang. We kiezen ervoor om de H5 bestuurlijk als ambtelijk door één overeengekomen en gedragen bestuurder en ambtenaar te laten vertegenwoordigen bij onder meer landelijke netwerken.
13
6. Financiering Het budget voor beschermd wonen wordt met de doordecentralisatie op basis van een objectief verdeelmodel verdeeld over alle gemeenten. Alle individuele gemeenten ontvangen vanaf 2023 voor het eerst financiële middelen volgens dit verdeelmodel. In een periode van tien jaar zal stapsgewijs het gehele individuele budget bij iedere individuele gemeente terechtkomen; en wordt het gezamenlijke budget bij Den Haag afgebouwd. De opbouw verloopt met een trend zoals weergegeven in figuur 2. In het gemeentefonds is vanaf 2023 sprake van een driedeling in budgetten: - Een centrumgemeentebudget voor maatschappelijke opvang bij Den Haag - Een (afnemend) centrumgemeentebudget voor bestaande cliënten beschermd wonen bij Den Haag - Een (toenemend) gemeentelijk budget voor nieuwe cliënten beschermd wonen bij de H5gemeenten. Het budget voor maatschappelijke opvang blijft vooralsnog ongewijzigd en hiervoor ontvangt centrumgemeente Den Haag een bedrag van zo’n € 24 miljoen. Ontwikkelingen De volgende ontwikkelingen kunnen invloed hebben op de financiën en de te maken afspraken: - Het is nog onduidelijk hoe de ontwikkeling van het budget zich verhoudt tot de ontwikkeling van bestaande en nieuwe cliënten bij de gemeenten.
- Vanaf 2021 is een deel van de populatie beschermd wonen overgeheveld naar de Wet langdurige zorg (Wlz), wat betekent dat een kleinere groep mensen in de H5 onder de groep ‘beschermd wonen’ valt en het budget dat naar de regio toekomt ook lager is. - Doordat 90% van de intramurale voorzieningen zich in Den Haag bevinden, stromen de meeste mensen ook uit in de gemeente Den Haag. Zolang een cliënt in een beschermende woonvorm woont geldt het woonplaatsbeginsel, maar zodra een cliënt uitstroomt in Den Haag, dan wordt deze een Haagse (financiële) verantwoordelijkheid - Niet alle H5-gemeenten hebben het aantal cliënten waarbij voor iedere problematiek een passend aanbod geëxploiteerd kan worden binnen de eigen grenzen. Zeker bij kleinere aantallen zal het vaak niet mogelijk zijn om een eigen voorziening op te richten alleen voor de cliënten uit de eigen gemeente. Afspraken over de financiering van dergelijke voorzieningen en regionale toegang tot de voorziening kan de gewenste spreiding én sluitend lokaal aanbod faciliteren. Regionale solidariteit We vinden het belangrijk dat deze financiële onzekerheden en veranderingen de inhoudelijke transformatie niet in de wegstaat, maar juist faciliteert. Er worden daarom afspraken gemaakt over regionale financiële solidariteit en we komen in 2022 naar de gemeenteraden met een voorstel.
14