Vraag 74 Bijlage 2 ( Uitvoeringsagenda MZ LR)
Tekst van het document
Uitvoeringsagenda Maatschappelijke Zorg Leidse Regio
Juli 2019
1
Inhoudsopgave Inhoudsopgave ........................................................................................................................................... 2 Inleiding ....................................................................................................................................................... 3 Visie, transformatieopgave & uitgangspunten Leidse regio ............................................................ 4 Wat is Maatschappelijke Zorg?............................................................................................................ 5 Transformatieopgave Maatschappelijke zorg Leidse regio ............................................................. 5 Wat vraagt deze transformatieopgave van gemeenten? ................................................................. 6 Uitgangspunten ...................................................................................................................................... 6 Strategische keuzes in de Leidse Regio ............................................................................................ 7 Relatie met andere ontwikkelingen .....................................................................................................
7 Risicoparagraaf ...................................................................................................................................... 8 1. Wonen is de basis ................................................................................................................................. 9 2. De inclusieve buurt .............................................................................................................................. 11 3. Preventie en vroegsignalering ........................................................................................................... 12 4. Laagdrempelige toegang ................................................................................................................... 13 5. Ondersteuning op maat ...................................................................................................................... 14 6. Bedrijfsvoering ..................................................................................................................................... 16 Bijlage 1
Acties Maatschappelijke Zorg en aanpalend ................................................................... 17
Bijlage 2
Begroting ............................................................................................................................... 23
Bijlage 3
Planning................................................................................................................................. 24
Bijlage 4
Strategische Uitgangspunten ‘1 gebied, 1 opgave, 1 aanpak’ ..................................... 26
Bijlage 5
Organisatie Maatschappelijke Zorg Leidse Regio .......................................................... 29
2
Inleiding Het doel van deze Uitvoeringsagenda Maatschappelijke Zorg Leidse Regio is drieledig: 1. Het is de gezamenlijke (Leidse Regio) aanvraag van ruim € 4 miljoen voor het investeringsfonds Maatschappelijke Zorg 2018-2020 Holland Rijnland; 2. Het is onze (Leidse Regio) gezamenlijke agenda voor de transformatie en decentralisatie Maatschappelijke Zorg; 3. Hiermee komen tot bestuurlijke besluitvorming in de 5 colleges van B&W en het informeren van de gemeenteraden. Op het moment van schrijven van deze uitvoeringsagenda leek de datum 1 januari 2021 een harde decentralisatiedatum, daar is de laatste periode verandering in gekomen. Zeer recent, op 2 juli, zijn in een overleg tussen de VNG en het rijk nadere afspraken gemaakt, en is besloten om de doordecentralisatie voorlopig te beperken tot Beschermd Wonen en de herverdeling van budgetten in te laten gaan per 2022 met een ingroeipad van 10 jaar. Hoe deze nieuwe afspraken precies uitpakken zal de komende tijd blijken, zowel landelijk als hoe we binnen de Holland Rijnland Regio en de Leidse Regio hierop acteren. Onze visie is dat we verder willen op de ingeslagen weg van transformatie en decentralisatie. Zeker v.w.b. de woonopgave willen we niet vertragen. De komende tijd volgen we de ontwikkelingen en wordt onze opgave, en vooral de planning, aangepast naar de keuzes en ontwikkelingen.
De uitvoeringsagenda is dus nog niet aangepast aan deze nadere afspraken, echter, we stellen voor de grote lijn die hierin geschetst wordt onverkort te handhaven. In de Leidse Regio werken de gemeenten Leiden, Leiderdorp, Oegstgeest, Voorschoten en Zoeterwoude samen aan de transformatie en decentralisatie van de Maatschappelijke Zorg. Waar alle gemeenten nu al verantwoordelijk zijn voor het bieden van begeleiding en dagbesteding in het kader van de Wmo, is de organisatie van Verslavingszorg, Bemoeizorg, Beschermd Wonen en Maatschappelijke Opvang nog een taak die centrumgemeente Leiden uitvoert voor alle inwoners van heel Holland Rijnland. Deze taken en de bijbehorende middelen worden per 1 januari 2021, op basis van een nieuw landelijk verdeelmodel, gedecentraliseerd naar alle gemeenten. De decentralisatie is erop gericht om als Leidse regio per 1 januari 2021 klaar te zijn om de taken op het gebied van de maatschappelijke zorg die worden overgeheveld vanuit de centrumgemeente, uit te kunnen voeren. Het gaat hierbij onder andere om kennis en expertise overdracht, het opnieuw contracteren van zorg en ondersteuning en het inrichten van werkprocessen rondom de toegang tot ondersteuning. Het moment van decentralisatie willen we als regio aangrijpen om tegelijkertijd een transformatie-slag binnen de maatschappelijke zorg te realiseren.
Hierbij is de opgave om de ondersteuning voor de meest kwetsbare inwoners dichterbij, zoveel mogelijk in en in aansluiting op de eigen leefomgeving te organiseren. Transformeren is een langdurig proces en is dan ook niet voltooid in 2021. De inschatting is dat dit proces 10 – 15 jaar duurt. De uitvoeringsagenda Maatschappelijke zorg Leidse Regio loopt daarom niet tot aan de decentralisatie in 2021, maar blijft ook de jaren daarna leidend bij het vormgeven en doorontwikkelen van de Maatschappelijke Zorg. De Leidse Regio kiest ervoor de maatschappelijke zorgopgave samen te organiseren vanuit het uitgangspunt 1 gebied, 1 opgave, 1 aanpak. Dit betekent niet dat per definitie alles rondom de maatschappelijke zorg op het niveau van de Leidse regio voor de inwoner wordt georganiseerd, het principe ‘zo normaal mogelijk vanuit de eigen leefomgeving tenzij‘ is leidend. Wel betekent het, dat we als Leidse regio iedere veranderopgave vanaf de start gezamenlijk aanvliegen en uitwerken vanuit een gedeelde visie en uitgangspunten. De vraag hierbij is hoever de samenwerking gaat en waar deze stopt. ‘Wat betekent dit voor de eigen autonomie van de gemeenten?’ en ‘wat zijn de bestuurlijke, financiële en organisatorische gevolgen?’ zijn vragen die de komende periode beantwoord moeten worden.
3
In deze uitvoeringsagenda formuleren we de algemene uitgangspunten die leidend zijn voor de transformatie en decentralisatie van de Leidse regio. Hierbij staan 5 inhoudelijke thema’s centraal: 1. 2. 3. 4. 5.
Wonen is de basis De inclusieve buurt en veiligheid Preventie en vroegsignalering Laagdrempelige toegang Ondersteuning op maat
Voor deze 5 thema’s is gekozen omdat op deze vlakken de grootste opgaven liggen. Per thema zijn de belangrijkste kenmerken, doelstellingen en opgaven weergegeven waar we de komende jaren in de Leidse regio mee aan de slag gaan. De actiepunten behorende bij de thema’s staan in bijlage 1. De agenda biedt op deze manier een inhoudelijk kader voor de concrete uitwerking van de transformatie. Ook biedt de uitvoeringsagenda inzicht in de organisatorische en bedrijfsvoerings-technische vraagstukken die samenwerking voor de Leidse regio met zich mee brengt (thema 6 Bedrijfsvoering). Tot slot biedt de uitvoeringsagenda inzicht in de financiële middelen die met de realisatie van diverse opgaven gemoeid zijn. Voor een deel van de kosten is reeds dekking vanuit lopende gemeentelijke budgetten. Extra investeringen kunnen daarnaast gedekt worden uit het investeringsfonds maatschappelijke zorg Holland Rijnland (zie bijlage 2 voor overzicht beschikbare middelen investeringsfonds maatschappelijke zorg voor de Leidse Regio). De begroting, opgenomen in deze uitvoeringsagenda, dient voor wat betreft deze investeringen als aanvraag voor dit investeringsfonds. De transformatie en decentralisatie van de Maatschappelijke Zorg wordt vaak omschreven als een ‘wicked problem’. Dit vraagt een andere werkwijze dan een reguliere veranderopgave.
Het is goed ons te realiseren de transformatie- en decentralisatie dus niet een ‘recht toe, recht aan’ veranderproces zijn, maar meer een proces dat continu in beweging is, en wat continu vraagt om bijstelling, aanpassing, flexibel meebewegen, keuzes maken en gemaakte keuzes ter discussie stellen. Deze uitvoeringsagenda is daarmee niet ‘in beton gegoten’. Het proces vraagt van ons allen een zekere lenigheid van denken, handelen en aanpassen.
Visie, transformatieopgave & uitgangspunten Leidse regio In 2015 verscheen het rapport ‘van beschermd wonen naar een beschermd thuis’ van de commissie Dannenberg (het rapport is via deze link te downloaden). Hierin zijn de contouren voor de huidige transformatie en decentralisatie geschetst. Vanuit deze contouren en aanbevelingen is de beweging verder vormgegeven. De belangrijkste hoofdlijnen: • • • •
Alle gemeenten worden (financieel en inhoudelijk) verantwoordelijk voor de Maatschappelijke Zorg; Om dit goed te realiseren is een overgangsperiode nodig; Er wordt uitgegaan van 3 typen woonvormen (intramuraal, tussenvormen, ambulant), die alle drie, zowel in wonen, als financiering, als zorglevering hun eigen kenmerken hebben; Het realiseren van decentrale geschikte woonvormen kost tijd, gesproken wordt over 10-15 jaar.
Op basis van dit rapport hebben de gemeenten in Holland Rijnland in 2017 en 2018 een regionaal beleidskader en een uitvoeringsprogramma Maatschappelijke Zorg opgesteld. Daarin staan de visie en de uitgangspunten omschreven die we in de Leidse regio ook nastreven bij het vormgeven van de Maatschappelijke Zorg. De visie is: Alle inwoners kunnen meedoen in de samenleving. De inwoner die (tijdelijk) problemen heeft met het zelfstandig regie voeren, kan via de Wmo ondersteuning krijgen. Hierbij is lokale ondersteuning het uitgangspunt. De ondersteuning is dichtbij, op maat en in de eigen leefomgeving. Voor de groep inwoners die niet (meer) zelfstandig thuis kan wonen, en waarbij ondersteuning in de eigen omgeving tekortschiet, is (tijdelijk of permanent) opvang aanwezig. 4
Onder opvang verstaan we wonen in één van de woonvormen van een instelling. Dit is waar mogelijk een tijdelijke situatie, waarbij ingezet wordt op herstel en uitstroom. Het doel is inwoners zo snel mogelijk (weer) te laten participeren in reguliere maatschappelijke activiteiten en op de arbeidsmarkt. De eigen wensen en vermogens van de inwoner staan hierbij centraal. Het deelnemen naar vermogen in de samenleving is ook afhankelijk van de mogelijkheden van de sociale omgeving. Aandachtspunten zijn dan ook het voorkomen van uitsluiting en vereenzaming (Beleidskader Maatschappelijke Zorg 2017 – 2020).
Wat is Maatschappelijke Zorg? ‘Maatschappelijke Zorg’ omvat een aantal taken die we uitvoeren voor de meest kwetsbare inwoners van onze gemeenten. Het gaat om Beschermd Wonen, Maatschappelijke Opvang en Openbare Gezondheidszorg. Deze vormen van ondersteuning zijn ingericht voor inwoners die moeite hebben om zelfstandig aan hun levensbehoeften te kunnen voldoen, zoals onderdak, voedsel, inkomen, sociale contacten en zelfzorg. Veel kwetsbare inwoners kampen daarnaast ook met een slechte gezondheid (lichamelijke en/of psychische problemen, middelengebruik) en soms zijn er risico’s voor de persoonlijke veiligheid van deze inwoners of de veiligheid van anderen. De meeste inwoners hebben te maken met allerlei problemen tegelijkertijd of de problemen zijn erg ingewikkeld waardoor het moeilijk is om de problemen zelfstandig op te lossen. Landelijk wordt ingeschat dat 1% van de bevolking behoort tot de doelgroep maatschappelijke zorg, en 4-5% van de bevolking tot de risicogroep. Het is voor gemeenten ingewikkeld om passende ondersteuning te bieden aan alle kwetsbare inwoners. Enerzijds komt dat door de manier waarop de zorg en ondersteuning in Nederland is ingericht. Veel kwetsbare inwoners hebben meerdere problemen en daarmee hebben ze te maken met meerdere wetten, organisaties, loketten van de gemeente, hulpverleners en medewerkers.
Voor deze inwoners kan het moeilijk zijn om dan nog overzicht te houden. Bovendien krijgen veel kwetsbare inwoners te maken met ingewikkelde procedures en lange doorlooptijden die de overheid en gemeenten hanteren voor het aanvragen van voorzieningen en met sancties die in werking treden bij ‘in gebreke blijven’ (bijvoorbeeld bij uitkeringen, toeslagen en persoonsgebonden budgetten). Anderzijds zijn sommige kwetsbare inwoners niet goed in staat om ‘een hulpvraag te stellen’, overschatten ze hun eigen kunnen of hebben ze na lange hulpverleningstrajecten geen behoefte meer aan ondersteuning. Juist deze kwetsbaarheid maakt dat het niet voldoende is om alleen ‘vraaggerichte ondersteuning’ te bieden. Gemeenten moeten ook bemoeizorg en preventie organiseren om zo goed mogelijk te kunnen ondersteunen bij problemen.
Transformatieopgave Maatschappelijke zorg Leidse regio De transformatieopgave van de maatschappelijke zorg luidt: ‘Kwetsbare inwoners waar mogelijk in hun eigen woonomgeving de benodigde zorg en ondersteuning te bieden, in plaats van in een voorziening beschermd wonen of maatschappelijke opvang te plaatsen. Indien toch opvang nodig is, dan duurt deze zo kort mogelijk, is deze zoveel mogelijk nabij de eigen woonomgeving en het liefst in een eigen woonplek. Inwoners in een sociaal kwetsbare positie willen graag net als andere inwoners volwaardig kunnen deelnemen aan de samenleving. Door zo zelfstandig mogelijk te wonen, een inkomen te hebben, werk of dagbesteding te hebben, gebruik te maken van voorzieningen in de wijk en sociale contacten te onderhouden. Waar inwoners met een psychische kwetsbaarheid nu nog moeten verhuizen naar een instelling voor Beschermd Wonen of in de opvang terecht komen wanneer ze dakloos worden, willen we het mogelijk maken om inwoners in hun eigen woonomgeving te ondersteunen, in of dichtbij de gemeente van herkomst. De ondersteuning moet aansluiten bij de inwoners en wonen moet zo normaal mogelijk worden vormgegeven in wijken en buurten. 5
Wat vraagt deze transformatieopgave van gemeenten? Juist wanneer sprake is van complexe multi-problematiek, raakt de hulpvraag van een inwoner vaak diverse leefgebieden (wonen, gezondheid, veiligheid, sociale contacten, werk). De Leidse Regio ziet de decentralisatie van de Maatschappelijke Zorg als een kans om los van bestaande kaders en schotten te kijken hoe hulp en ondersteuning op verschillende leefgebieden, uitgaande van de hulpvraag van de inwoner, beter met elkaar in samenhang gebracht kunnen worden. Dit vraagt op casusniveau om een integrale aanpak rondom een persoon en op systeemniveau om ontschotting tussen de gemeentelijke domeinen (Wmo, Jeugdhulp, Wonen, Werk en Inkomen, Veiligheid) als ook om een sterkere verbinding met aanpalende domeinen (Eerste en Tweedelijnszorg, langdurige zorg en forensische zorg). De transformatieopgave van de maatschappelijke zorg vraagt dan ook om een hernieuwde blik op de huidige organisatie van de zorg en ondersteuning en vereist de bereidheid om belemmerende structuren los te laten. Tegelijkertijd is het van belang om de zaken die goed geregeld zijn in het belang van de inwoner te behouden en te versterken. De inschatting is dat de transformatie van de maatschappelijke zorg 10 – 15 jaar zal duren.
Uitgangspunten Als Leidse Regio gaan we uit van de volgende uitgangspunten: Algemeen •
De 5 Leidse regio gemeenten werken samen bij de voorbereiding en uitvoering van de maatschappelijke zorg vanuit het principe 1 gebied, 1 opgave, 1 aanpak.
Inwoner centraal • • • • •
De vraag van de inwoner staat centraal, de ondersteuning wordt georganiseerd vanuit de behoefte van de inwoner. Er is altijd plek en adequate ondersteuning voor kwetsbare inwoners. Inwoners zijn vrij om te gaan wonen waar ze willen wonen, ook als dat in een andere regio of een andere gemeente is. Inwoners in een sociaal kwetsbare situatie, hun vertegenwoordigers en andere belanghebbenden worden zoveel mogelijk en op verschillende manieren betrokken bij de uitwerking van deze agenda. De maatschappelijke zorg wordt beschouwd als integraal onderdeel van het sociaal en fysiek/wonen domein (immers, zonder voldoende woningen en woonvormen is de transformatie en doordecentralisatie kansloos).
Zo normaal mogelijk wonen met passende ondersteuning dichtbij • • • •
We gaan uit van scheiden wonen en zorg, waar dat mogelijk is. Dat wil zeggen dat kwetsbare inwoners zoveel mogelijk zelf huurder zijn van de woonruimte. We voorkomen dakloosheid en we beperken instroom en bevorderen uitstroom uit de maatschappelijke opvang en beschermd wonen. De ondersteuning wordt integraal en samenhangend maar ook flexibel geboden in de eigen woonomgeving. De ondersteuning is gericht op herstel en zoveel mogelijk zelfstandig kunnen deelnemen aan de samenleving. 6
• • •
We hechten belang aan de inzet van ervaringsdeskundigheid als integraal onderdeel van ondersteuning. Alle inwoners kunnen prettig en veilig in de wijk wonen. Dit vraagt iets van alle bewoners in die wijk. Gemeenten hebben hier nadrukkelijk aandacht voor en investeren hierin. We erkennen de belangrijke rol die de omgeving (familie, sociaal netwerk, buurtbewoners) rondom kwetsbare inwoners speelt, zowel bij signalering van problematiek als bij het zetten van stappen richting persoonlijk en maatschappelijk herstel.
Samenwerking vanuit partnerschap •
•
•
De transformatie van de maatschappelijke zorg is een gedeelde verantwoordelijkheid en opgave van gemeenten en maatschappelijke partners (zorgaanbieders, corporaties, belangbehartigers, verzekeraars en welzijnspartijen). De samenwerkende partijen moeten opereren vanuit partnerschap en vertrouwen en een gedeelde visie op de toekomst van de maatschappelijke zorg, dit wordt de komende tijd verder gezamenlijk uitgewerkt. De gemeenten regisseren de benodigde integraliteit. In deze rol bewaken en bevorderen we zowel de samenhang tussen de verschillende beleidsterreinen als de samenwerking tussen verschillende partners.
Strategische keuzes in de Leidse Regio Rondom de thema’s zijn er een aantal bestuurlijk/strategische keuzes te maken, hieronder per thema het advies: 1. Wonen is de basis De woonopgave wordt zowel procesmatig als inhoudelijk als volledige Leidse Regio opgave opgepakt. We gaan uit van evenredige verdeling (zowel kwantitatief als kwalitatief) over de regio van deze opgave. We maken hiervoor de opgave voor de Leidse Regio als geheel, als ook voor de 5 gemeentes, inzichtelijk en werken, ook vooruitlopend op de decentralisatie, aan invoering. Wanneer de evenredige verdeling (nog) niet lukt kijken we naar een verevening. 2. De inclusieve buurt Deze opgave wordt procesmatig als Leidse Regio opgave opgepakt, inhoudelijk als lokale, gemeentelijke, opgave. Immers, het gaat om een lokale aanpak. 3. Preventie en vroegsignalering Deze opgave wordt procesmatig als Leidse Regio opgave opgepakt, inhoudelijk als lokale, gemeentelijke, opgave. Immers, het gaat om een lokale aanpak. 4. Laagdrempelige toegang Deze opgave wordt procesmatig als Leidse Regio opgave opgepakt. De inhoudelijke keuze hoe de toegang te organiseren wordt later genomen. 5. Ondersteuning op maat Deze opgave wordt procesmatig als Leidse Regio opgave opgepakt. Over de inhoudelijke keuzes, wat doen we als regio, en wat lokaal, volgt later bestuurlijke besluitvorming. 6.
Bedrijfsvoering Deze opgave wordt zowel procesmatig als inhoudelijk als volledige Leidse Regio opgave opgepakt.
Relatie met andere ontwikkelingen De transformatie- en decentralisatie opgave is geen op zichzelf staand, geïsoleerd traject. Er zijn raakvlakken met een aantal andere ontwikkelingen, zowel in het sociale domein als in het fysieke domein. Wijzigingen of besluiten in die andere ontwikkelingen kunnen effect hebben op de transformatie- en decentralisatie opgave, andersom kunnen besluiten in dit traject effect hebben op andere ontwikkelingen. 7
Soms is er sprake van een samenwerkingsrelatie, soms is er sprake van een afhankelijkheidsrelatie. In dat laatste geval is er tevens sprake van een potentieel risico voor inhoud of voortgang (zie Risicoparagraaf). Onderstaand zijn een aantal van deze ontwikkelingen benoemd: • • • • • • • •
Woonvisie/prestatieafspraken; Discussie in Holland-Rijnland m.b.t. de urgentieregeling/contingentregeling; Ontwikkeling van het Zorg- en Veiligheidshuis en het invoeren van de WvGGz; Deelname aan Landelijke actieprogramma’s (Weer Thuis, Zwerfjongeren); Herijking welzijnsbeleid/sterke sociale basis; Relatie toegang Maatschappelijke Zorg met de toegang WMO, Jeugd, Beschermd Wonen; Traject heroriëntatie WMO; Traject inkoop WMO (met de Maatschappelijke Zorg wel of niet als onderdeel daarvan waarbij de visie is dat we gezamenlijke inkoop nastreven) en de inkoop Jeugdhulp.
Het is van belang om bewust te zijn van de relatie met die andere ontwikkelingen, om de verbinding te bevorderen en te bewaken, maar ook om effecten van besluiten in de andere trajecten tijdig te onderkennen en daar desgewenst op te sturen.
Risicoparagraaf Het is goed om stil te staan bij de potentiële risico’s die verbonden zijn aan de ingewikkelde opgave die voor ons ligt. Het is niet alleen nodig om bewust te zijn van die risico’s, maar ook om daar actief op te monitoren. De volgende risico’s kunnen nu worden gedefinieerd: • • • • • • •
• •
Wijzigingen in landelijk beleid c.q. uitvoeringstempo; Wijzigingen in bestuurlijk draagvlak (colleges, gemeenteraden), c.q. gevoeligheden in de relatie tussen centrumgemeente en regiogemeenten; Tempo-verschillen in de ontwikkelingen bij de andere subregio’s; Onvoldoende medewerking van sleutelpartners (woningcorporaties, zorginstellingen); Onvoldoende kwantitatieve en/of kwalitatieve ambtelijke inzet vanuit de deelnemende gemeenten; Draagvlak bij omwonenden bij implementatie nieuwe woonvormen in de wijk (onrust, gevoelens van onveiligheid); Onvoldoende financiële middelen: de voorliggende aanvragen uit het Investeringsfonds passen binnen de begroting, maar zijn voor een belangrijk deel gebaseerd op aannames; er kunnen nog forse wijzigingen plaatsvinden; Het wegwerken van wachtlijsten door toevoeging woonvormen heeft tevens als effect dat er hogere zorgkosten optreden. De financiële effecten hiervan zijn nog niet goed in beeld; Besluiten in andere samenhangende trajecten kunnen een negatief effect hebben op inhoud of voortgang van deze opgave.
Wanneer één van deze risico’s zich concreet voordoet zal dit tijdig ambtelijke en/of bestuurlijk worden gemeld en besproken worden hoe daar op kan worden bijgestuurd. Indien de interventie mogelijke bestuurlijke herijking noodzakelijk maakt, zal het bestuurlijk worden opgeschaald op het niveau van de Leidse Regio, danwel op Holland-Rijnland schaal. In hoofdstuk 6 staat verder beschreven dat de risicoparagraaf de komende tijd wordt uitgewerkt met daarbij per punt keuzes en scenario’s.
8
1. Wonen is de basis Een van de belangrijkste onderdelen van de decentralisatie- en transformatie van de Maatschappelijke Zorg is het realiseren van passende huisvesting voor mensen met begeleidings- of ondersteuningsvraag. Er is krapte op de woningmarkt als geheel en specifiek is er een tekort aan kleine en goedkope woningen die voor deze mensen vaak passend zijn. Daarom is het nodig om meer betaalbare woningen te realiseren gespreid over de hele Leidse regio. Het is daarbij belangrijk dat mensen met een begeleidingsvraag zo min mogelijk hoeven te verhuizen als hun ondersteuningsbehoefte wijzigt, bijvoorbeeld naar een instelling voor beschermd wonen. De ondersteuning moet waar mogelijk aan huis geboden kunnen worden zodat inwoners gewoon in de wijk kunnen wonen, met een eigen huurovereenkomst, en passende ondersteuning aan huis. Scheiden van wonen en zorg, waar dat mogelijk is, is daarbij het uitgangspunt: een inwoner is zelf huurder van de woonruimte, en alleen de begeleiding -en niet de huisvesting- wordt door aanbieders geleverd. In de Leidse regio zijn al veel vormen van beschermd wonen en maatschappelijke opvang aanwezig. We hebben intramurale plekken, en daarnaast willen we investeren in tussenvoorzieningen, want deze vormen van wonen hebben we nog niet voldoende gerealiseerd in de Leidse regio.
Momenteel zijn de voorzieningen voor beschermd wonen en de maatschappelijke opvang met name in Leiden gesitueerd. Daarom willen we, als onderdeel van deze opgave, streven naar een goede spreiding van voorzieningen die past bij de regio en de individuele gemeenten. Deze transformatieopgave voor wonen zal een aantal jaren kosten, de verwachting is 10-15 jaar. Doelstelling: We hebben een voldoende, divers en flexibel aanbod van zelfstandige, semi-zelfstandige en intramurale woonvormen, dat aansluit op de vraag van inwoners, met daarin de benodigde flexibiliteit ten bate van doorstroom. •
We hebben een integrale visie en aanpak van gemeenten, zorgaanbieders en woningcorporaties in de Leidse Regio en we werken vanuit deze visie.
Opgave: • •
•
•
De gemeenten, corporaties en zorgaanbieders in de Leidse Regio vormen een gezamenlijke visie, ondersteund door het landelijk actieprogramma Weer Thuis. De gemeenten, corporaties en zorgaanbieders in de Leidse Regio inventariseren de kwantitatieve en kwalitatieve woonopgave (vanuit de constatering dat er in Leiden kwantitatief voldoende plekken zijn voor de Leidse Regio, maar deze zijn niet goed verdeeld over de regio, en daarnaast is er een kwalitatieve opgave [b.v. mensen wonen niet in de meest geschikte woonvorm]) en ontwikkelen van een gezamenlijke werkwijze ten aanzien van huisvesting bijzondere doelgroepen: o Inventarisatie van de huisvestingsbehoefte ten opzichte van het aanbod o Het realiseren van aanvullend woningaanbod gebaseerd op deze behoefte o Het zorgen voor een goede afstemming bij woningtoewijzing Het stimuleren van een goede spreiding van woningen en woonvormen: o Lokaal: evenwichtige spreiding over de verschillende wijken en buurten, rekening houdend met draagvlak en draaglast o Regionaal: spreiding van woonvormen over de regiogemeenten Het terugdringen van de wachtlijst Beschermd Wonen: o Instroom verminderen en uitstroom bevorderen door realisatie nieuwe tussenvormen als alternatief voor Beschermd Wonen 9
o
•
•
Doorontwikkelen van bestaande Beschermd Wonen voorzieningen richting het scheiden van wonen-zorg, daar waar mogelijk en wenselijk o Woon-zorg voorzieningen voor cliënten met specifieke ondersteuningsvragen, waarvan onvoldoende aanbod is in de Leidse Regio1 Het voorkomen van dakloosheid: o Door vernieuwing van afspraken voorkomen van huisuitzettingen die voortkomen uit onder andere schulden en overlast Het decentraliseren van de maatschappelijke opvang: o Het realiseren van 5 scheve huisjes in de regio o Het realiseren van crisisplekken voor alleenstaanden en gezinnen in de regio1 o Het realiseren van een centrale locatie voor maatschappelijke opvang in de regio.
Acties Zie bijlage 1.
1
Onderzoeksbureau AEF inventariseert de behoefte en opgave ten aanzien van deze woonvormen binnen Holland Rijnland 10
2. De inclusieve buurt In veel buurten en wijken zijn inwoners prima in staat om met elkaar ervoor te zorgen dat er samenhang in een buurt is en dat de wijk leefbaar blijft. Mensen met een meervoudig complexe zorgvraag hebben vaak een klein sociaal netwerk, waardoor zij informele zorg en ondersteuning missen. Aansluiting vinden bij buren of activiteiten in de wijk is voor hen belangrijk om zelfstandig te kunnen blijven wonen en terugval in depressie of eenzaamheid te voorkomen. Tegelijkertijd zijn kwetsbare inwoners niet altijd in staat zelf hulp te vragen, maar kan hun gedrag wel tot ongerustheid en zorg leiden bij omwonenden. Buurtbewoners moeten weten waar zij met hun vragen terecht kunnen en tools krijgen aangereikt om contact te kunnen leggen met een buurman of buurvrouw waar het niet goed mee gaat. Bij overlast is het belangrijk dat er korte lijnen zijn met zowel corporaties als zorgorganisaties zodat men zich serieus genomen voelt en gehoord wordt. Sommige wijken en buurten zijn kwetsbaar door concentratie van mensen die met forse problemen kampen. De draaglast kan in die gevallen groter zijn dan de draagkracht. Dit kan leiden tot spanningen in een wijk. Bij de realisatie van huisvesting om uitstroom uit intramurale voorzieningen te vergroten, is het belangrijk te zorgen voor een goede spreiding over de regio, zodat verdere concentratie wordt voorkomen.
Ook is het van belang gericht in te zetten op het versterken van de draagkracht in deze wijken. Belangrijk is dat dit in samenspraak gaat met wijkbewoners zelf. Gevoelens van onveiligheid, zowel bij kwetsbare mensen als bij/in de omgeving, kunnen opspelen. Het is belangrijk hier op een adequate manier mee om te gaan. Doelstelling Het faciliteren en verbinden (van een voldoende en divers aanbod) van laagdrempelige voorzieningen en activiteiten in de wijk ten bate van een inclusieve buurt waar ontmoeting, en het opbouwen van een sociaal netwerk en samenhang in de buurt aansluit op de vraag van de kwetsbare inwoners. Opgave • • • • • • •
Bekendheid geven aan, meer acceptatie en tegengaan van stigma van psychische, verslavings- of verwante problematiek. Het creëren van bewustwording en wederzijds begrip bij inwoners. Het zelf-oplossend vermogen van buurtbewoners vergroten en versterken. Begeleiding van inwoners ten bate van participatie en gebruikmaken van voorzieningen. Het opbouwen van een sociaal netwerk en verbinden van bestaande netwerken. Het bevorderen van sociale samenhang in de buurt en het faciliteren van ontmoeting. Het adequaat omgaan met (gevoelens van) onveiligheid, zowel bij kwetsbare mensen als bij de omgeving.
Acties Zie bijlage 1.
11
3. Preventie en vroegsignalering Voorkomen is beter dan genezen. Vroeg investeren in het bevorderen van mentale gezondheid levert winst op voor de gezondheid van de algehele bevolking en voor het voorkomen van psychische kwetsbaarheid in het bijzonder. Wanneer problemen van inwoners in een vroeg stadium gesignaleerd worden kan er sneller passende ondersteuning worden ingezet voor deze inwoners. Zo kan inzet van zware zorg of ondersteuning voorkomen worden of minder nodig zijn. Dit vergt dat mensen laagdrempelig ergens terecht kunnen met (signalen over) problemen. Het vergt ook dat betrokkenen, of dit nu professionals, vrijwilligers of buurtbewoners zijn, signalen herkennen en deze kwijt kunnen bij een partij die er actie op kan nemen. Hierbij is specifiek aandacht nodig voor mensen die niet zelf (in staat zijn) een hulpvraag (te) formuleren. Mensen kunnen op diverse leefgebieden (huisvesting, sociale relaties, gezondheid, veiligheid, inkomen en financiën, werk en/ of dagbesteding) kwetsbaar zijn. Om te voorkomen dat mensen zo kwetsbaar worden dat zij maatschappelijke zorg nodig hebben is een brede, samenhangende aanpak nodig gericht op preventie en vroegsignalering. Deze aanpak is gericht op herstel en vroegsignalering.
Doelstelling Preventie en vroegsignalering binnen de maatschappelijk zorg is gericht op het voorkómen van het ontstaan, het verergeren en terugval van multi-problematiek waaronder psychische problemen en/ of verslavingsproblematiek2. Opgave • • •
Elke gemeente heeft de sociale basis geregeld, de preventie- en vroeg signaleringsactiviteiten maatschappelijke zorg sluiten hierop aan en overlappen niet. Er is een breed, flexibel en passend aanbod van preventieve activiteiten dat aansluit op de behoefte op alle leefgebieden van kwetsbare inwoners en hun omgeving. Onze lokale Zorg-, ondersteuning- en veiligheidspartners werken samen als netwerk om passende ondersteuning te bieden aan kwetsbare inwoners, zowel vraaggericht als niet vraaggericht.
Acties Zie bijlage 1.
2
Doelstelling afkomstig uit Notitie ‘Preventie Geestelijke Gezondheidszorg en verslavingszorg in Holland Rijnland’, augustus 2017. 12
4. Laagdrempelige toegang De samenleving wordt steeds ingewikkelder en vraagt meer van de zelfredzaamheid van inwoners. Iedereen, van jong tot oud, kan in zijn leven in een situatie terecht komen dat die zelfredzaamheid op de proef wordt gesteld. Voor mensen met de meeste problemen is de toegang tot ondersteuning vaak het meest ingewikkeld. En als mensen in gebreke blijven, worden soms forse sancties opgelegd die leiden tot stapeling van problemen. Het is daarom belangrijk dat de toegang tot hulp zo eenvoudig mogelijk te vinden is en laagdrempelig toegankelijk. Mensen die op alle levensgebieden problemen ervaren moeten op een logische en vertrouwde plek hierover vragen kunnen stellen. Op deze plek is het belangrijk dat zij geholpen worden door professionals die goed zijn in integrale vraagverheldering en kennis hebben van de sociale kaart. Wanneer de vraag helder is, moet de toegang zo georganiseerd zijn dat op een laagdrempelige wijze de benodigde expertise kan worden ingewonnen en passende ondersteuning integraal kan worden ingezet wanneer dat nodig is. Veel mensen die zich in een sociaal kwetsbare situatie bevinden zijn vaak niet in staat zelf hulp in te roepen. Daarnaast moeten ook inwoners die zich zorgen maken over iemand anders weten waar zij met hun zorgen terecht kunnen.
Naast het organiseren van een ‘fysieke’ toegang tot maatschappelijke zorg is het duidelijk dat outreachende vormen van toegang (bemoeizorg) hun nut voor de zorgbehoevende inwoner hebben bewezen. Doelstelling De toegang tot ondersteuning Maatschappelijke zorg voor inwoners in de Leidse regio per 2021 is geregeld en sluit aan bij de behoefte van sociaal kwetsbare inwoners die al dan niet in staat zijn zelf een hulpvraag te stellen. Opgave • Het realiseren van een logische en laagdrempelige plek voor kwetsbare inwoners zelf én signaleerders, als ingang voor de maatschappelijke zorg. • De toegang tot ondersteuning Maatschappelijke zorg vormt een samenhangend geheel met de toegang tot jeugdhulp, begeleiding, schuldhulpverlening, werk en inkomen en wonen. • Het verbinden van bestaande niet-gemeentelijke toegangsketens (zorgverzekeringswet, Wet Langdurige Zorg, Forensische zorg). Acties Zie bijlage 1.
13
5. Ondersteuning op maat Elke kwetsbare inwoner is uniek en heeft een unieke ondersteuningsvraag ten aanzien van het wonen en het herstellen. Vaak is sprake is van meervoudige problematiek zoals een psychische kwetsbaarheid, een licht verstandelijke beperking, verslaving, schulden. Soms woont iemand nog zelfstandig maar loopt door allerlei problemen het risico maatschappelijk uit te vallen, in een ander geval is iemand niet in staat zelfstandig te functioneren en woont iemand (tijdelijk) op een opvangplek of in een beschermde of beschutte woonvorm. Vanwege de diversiteit aan hulpvragen vraag ondersteuning op het gebied van maatschappelijke zorg om maatwerk. Daarnaast dient ondersteuning te zijn gericht op herstel, waarbij we herstel definiëren als een persoonlijk, individueel ontwikkelproces om optimaal om te leren gaan met zowel mogelijkheden als beperkingen. Bij herstel gaat het dus niet zozeer om ‘genezen’ maar om het waar mogelijk terugwinnen van de regie over het eigen leven. Herstel is goed mogelijk zonder dat de aandoening of symptomen weggaan. Het is van belang om bij herstelgerichte ondersteuning aandacht te hebben voor de volgende zaken: •
Het maken van onderscheid in de ondersteuningsbehoefte op korte en lange termijn. Vb: iemand kan vanwege ernstige psychoses op korte termijn zijn aangewezen op intramuraal woonzorg plek terwijl op lange termijn zelfstandig wonen in eigen woning een reëel herstelperspectief is Grilligheid van herstel, het is een herstelproces wat per definitie geen lineair verloop kent maar gepaard gaat met pieken en dalen. Brede hantering van begrip “tijdelijkheid’: herstel kan meerdere jaren duren bijv. 3-8 jaar. Herstel/ontwikkelingsgerichte aanpak vraagt aan de voorkant een zorgvuldige analyse van de ondersteuningsbehoefte en gedurende het traject voldoende ruimte om bij te sturen.
• • •
Het herstel/ontwikkelperspectief van de cliënt leidend laten zijn voor het bepalen van de ondersteuningsbehoefte betekent dat een divers palet aan ondersteuning geboden moet kunnen worden. Hieronder zijn leefgebieden weergegeven die door kwetsbare mensen zelf zijn aangegeven als belangrijk voor hun stabiliteit en zingeving3. a) b) c) d) e) f)
Geestelijke gezondheid & risico’s; Lichamelijke gezondheid; Sociaal netwerk; Betekenisvolle dagactiviteiten en stabiele dagstructuur; (dagbesteding) Persoonlijke veiligheid en veiligheid van naastbetrokkenen; (veiligheid) Stabiel en veilig wonen, zo zelfstandig als mogelijk; (wonen)
Doelstelling Bieden van ondersteuning op maat gericht op herstel. Kwetsbare inwoners dienen in staat te worden gesteld optimaal om te leren gaan met zowel mogelijkheden als beperkingen zodat zij binnen hun vermogen regie over het eigen leven kunnen voeren en kunnen zo zelfstandig mogelijk in hun eigen woonomgeving kunnen blijven wonen. De inzet van een diversiteit aan ondersteuning zou ertoe moeten leiden dat instroom in intramurale zorg wordt verkleind en uitstroom uit intramurale zorg wordt bevorderd.
3
referentiekader Judith Wolf p. 55
14
Opgave •
•
•
• •
Realiseren van herstelondersteuning op maat, gericht op verschillende leefgebieden en passend bij de specifieke ondersteuningsbehoefte van kwetsbare inwoners: flexibel, persoonlijk, regieversterkend, outreachend, bereikbaar, professioneel deskundig, ervaringsdeskundig en samenhangend. Effectieve organisatie van ondersteuning rondom de inwoner/ zijn systeem: met ruimte voor eigen inbreng, met één samenhangend plan en één regisseur die er voor zorgt dat de inzet van de verschillende betrokkenen samenhangend is (integraal en continu). Versterken van samenwerking in de keten: vanwege de aanwezigheid van meervoudige problematiek is samenwerking noodzakelijk tussen professionals, naasten, organisaties en gemeenten. Voor een vloeiende samenwerking, zijn goede (regionale) afspraken nodig, ook met organisaties uit andere ketens zoals die van de GGZ, verslavingszorg, zorgverzekeraars, huisvesting, veiligheid, werk en inkomen en zorg voor jeugd. Huisvestingsvorm is ondersteunend aan herstel: realiseren van scheiden wonen en zorg (zie thema 1) Herstelondersteuning als brug naar de buurt (zie ook thema 2): De buurt waarin men woont kan een waardevolle rol spelen in het voorkomen van maatschappelijke uitval en eenzaamheid (preventie) en meewerken aan het participeren van de cliënt in de buurt (inclusie). Dit gaat lang niet altijd vanzelf.
Belangrijk is dat herstelondersteuning er ook op gericht is om een brugfunctie te vervullen tussen cliënt en de directe omgeving (en vice versa).
Acties Zie bijlage 1.
15
6. Bedrijfsvoering We werken gezamenlijk in de Leidse Regio aan de transformatie en decentralisatie van de Maatschappelijke Zorg. Dit doen we vanuit de uitgangspunten 1 gebied, 1 opgave, 1 aanpak zoals in februari 2019 in het Bestuurlijk Overleg in de Leidse Regio is besproken en geaccordeerd. In april 2019 is in een door het managersoverleg sociaal domein in de Leidse Regio geaccordeerde notitie beschreven hoe de gewenste organisatie die nodig is om aan deze doelstellingen te werken eruit ziet. De komende tijd wordt hiermee gewerkt en bekeken of dit inderdaad zo goed genoeg georganiseerd is. Daarnaast zal bekeken moeten worden hoe we de werkorganisatie (toegang en uitvoering) het best kunnen organiseren; gemeentelijk of gebiedsgericht. Om de transformatie en decentralisatie goed vorm te geven moeten de randvoorwaarden optimaal op orde zijn om de doelstellingen te kunnen halen. De decentralisatie en ambulantisering van de maatschappelijke zorg heeft implicaties voor de randvoorwaarden zoals alles m.b.t. de bedrijfsvoering. De organisatie dient de transformatie te faciliteren en aan te sluiten op de vraag van de inwoner. Daarom is het noodzakelijk om de randvoorwaarden vanuit de nieuwe kaders te organiseren.
Om dit goed vorm te geven, gevolgen en keuzes inzichtelijk te maken en te komen tot de juiste afwegingen worden de randvoorwaarden/bedrijfsvoering opgepakt samen met servicepunt71. Met betrekking tot de personele inzet: de inzet vanuit de 5 gemeenten in menskracht komt uit de eigen gemeentelijke middelen. Eventuele knelpunten (over inzet en/of financiën) worden binnen de eigen gemeentes opgelost, lukt dat niet dan wordt dit gesignaleerd en besproken in het managersoverleg. De projectmatige kosten zoals hieronder aangegeven worden gefinancierd uit het investeringsfonds. Een belangrijke stap is het ontwikkelen van een nieuw verdeelmodel voor de Maatschappelijke Zorg (begeleiding, ondersteuning, kortom de kosten waar een indicatie aan hangt) en de Persoonsgebonden Kosten (o.a. uitkering, scholing etc. van een persoon die een beroep doet op de Maatschappelijke Zorg). Op dit moment worden de financiële middelen en kosten gedragen door de centrumgemeente. Na de decentralisatie wijzigt dit. De vraag is hoe we, eendachtig het uitgangspunt van 1 gebied, 1 opgave, 1 aanpak, deze kosten verdelen. Uitdaging hierbij is een dusdanig financieel verdeelmodel op te stellen wat recht doet aan deze uitgangspunten, eerlijk en transparant is en die onze doelstellingen ondersteunt. Er is i.s.m.
Servicepunt71 een traject gestart om de scenario’s, keuzes en gevolgen van de financiering in kaart te brengen. Doelstelling Alle randvoorwaarden goed regelen teneinde de transformatie en decentralisatie optimaal te laten verkopen. Opgave Goed vormgeven van de randvoorwaarden met een onderscheid tussen: • Organisatie • Financiën • Inkoop • Governance • Deskundigheid • Participatie • Communicatie • Planning • Risicoparagraaf. Acties Zie bijlage 1. 16
Bijlage 1 Acties Maatschappelijke Zorg en aanpalend 1. WONEN IS DE BASIS Acties 1 Deelname aan het Landelijk Actieprogramma Weer Thuis, waar bestuurlijke en ambtelijke overleggen worden geïnitieerd met corporaties en zorginstellingen
2 Structureel overleg met de corporaties, zorginstellingen en gemeentelijke afdelingen vastgoed, wonen en RO: • • • • •
•
Resultaat/kpi/monitoring
Planning
Een gezamenlijke visie, opgave* en werkwijze voor de huisvesting van bijzondere doelgroepen.
Q2 2019 – Q2 2020
* in Leiden zijn kwantitatief voldoende plekken voor de Leidse Regio, maar deze zijn niet goed verdeeld over de regio, en daarnaast is er een kwalitatieve opgave
2020 e.v.
Realiseren gewenste woonvormen in de regio. Een gezamenlijke visie, opgave en werkwijze voor de huisvesting van bijzondere doelgroepen.
Q3 2019 – Q2 2020
om vrijkomend vastgoed en ontwikkellocaties in beeld te brengen om te komen tot uitgangspunten ten aanzien van spreiding van huisvestingslocaties om tot een programma van eisen te komen voor woonvormen om toewijzing van huisvestingslocaties af te stemmen om tot realisatie van aanvullende woonvormen en decentrale opvang te komen om de bundeling van expertise rondom beheer, onderhoud, administratie huisvesting te onderzoeken
3 Formuleren van een concreet toekomstbeeld van gewenste woonvormen in de regio, zowel kwalitatief als kwantitatief, met behulp van het programma Weer Thuis en het AEF-onderzoek
4 Realisatie scheve huisjes
5 Preventie dakloosheid
6 Realiseren van een tijdelijke decentrale crisisopvanglocatie
7 Pilot BW Light
Inzicht in de gewenste woonvormen en een evenredige verdeling over de regio (en dit monitoren).
Q2 2019 -Q2 2020
> 2019 Realiseren van gewenste woonvormen over de regio: • start in iedere gemeente minstens 1 tussenvoorziening 5 scheve huisjes (á € 70.000,-) Wellicht nogmaals in 2020 e.v. afhankelijk van evaluatie op Holland Rijnland niveau Actualiseren en uniformeren van de afspraken in de convenanten ‘voorkomen huisuitzettingen’ met corporaties en zorgaanbieders • Decentrale opvangvoorziening wellicht in Oegstgeest (10 plekken) of elders • Inzichten opdoen t.a.v. de realisatie van decentrale opvangvoorzieningen in de hele regio • Wellicht nogmaals in 2020 e.v. Tussenvoorziening voor cliënten die tijdelijk een beschermde woonvorm nodig hebben als tussenstap richting zelfstandig wonen.
Q2 2019 - Q2 2020 2020 e.v. Q1 2020
Q3 2019 – Q4 2020 2020 e.v.
Q3 2019 -Q4 2020
17
Zodra er een locatie in de LR is start deze op 1 of meerdere plekken.
AANPALENDE ACTIES MET AANHAKING VANUIT MAATSCHAPPELIJKE ZORG 8 Aanhaking bij heroriëntatie van de contingentregeling, huisvestingsverordening, prestatieafspraken, urgentieregeling & woonagenda 9 Aanhaking bij Leidse deelname Landelijk Actieprogramma zwerfjongeren
Aanhaking op ontwikkelingen op deze terreinen en zorgen voor optimale synergie.
Q1 2020 – Q4 2020
Intensieve samenwerking m.n. gericht op verbinding 18- - 18+.
Q3 2019 – Q2 2020
Slechten van schotten en drempels in de ondersteuning voor 16 tot 27 jarigen zodat dreigende dakloosheid bij jongeren sneller wordt gesignaleerd en effectieve ondersteuning wordt ingezet.
2. DE INCLUSIEVE BUURT Acties 1 Inzet van anti-stigma en scholingsprogramma’s gericht op wijken en buurten
2 De inzet vergroten van ervaringsdeskundigen op het gebied van voorlichting aan netwerk en omwonenden en een intermediërende rol te spelen tussen bewoners (buurtbemiddeling) 3 Bij ieder project specifiek aandacht hebben voor gevoelens van onveiligheid, zowel bij omwonenden (overlast) als bij kwetsbare inwoners (extra kwetsbaar voor verslaving, misbruik, verkeerde keuzes, financiële uitbuiting). 4 Leren van de praktijk: Goede voorbeelden én ambassadeurs verzamelen binnen de Leidse regio die een bijdrage leveren aan een ontvangende buurt. 5 Gemeenten, woningcorporaties, zorgaanbieders en cliënten maken samen afspraken over communicatie naar omwonenden bij de realisatie van nieuwe opvangvoorzieningen en bijzondere woonvormen 6 Pilot Buurtcirkels in gemeenten Leiden en Voorschoten
Resultaat/kpi/monitoring
Planning
Ervaring opdoen met evidence based initiatieven op het gebied van preventie en herstel. In het bijzonder Mental Health First Aid (MHFA), de crisiskaart en Wellness Recovery Action Plan (WRAP). Inzicht in de meerwaarde die ervaringsdeskundigheid biedt bij het realiseren van inclusieve wijken en buurten
Q3 2019 – Q4 2020
Expertise opbouwen over hoe om te gaan met de veiligheidsbeleving van inwoners en cliënten en de wijk
Q2 2019 – Q4 2020
Aanwezige kennis en expertise in de Leidse regio optimaal inzetten.
Q2 2020
Expertise opbouwen over hoe om te gaan met omwonenden rondom nieuwe woonlocaties
Q2 2019 – Q4 2020
Inzicht in de meerwaarde van de peer support voor langer zelfstandig wonen voor mensen met psychischepsychosociale kwetsbaarheid
Q2 2019 - Q4 2019
Q1 2020– Q4 2020
Q1 2020
AANPALENDE ACTIES MET AANHAKING VANUIT MAATSCHAPPELIJKE ZORG 7 Aanhaking bij Zorg & veiligheidshuis.
Aanhaking op ontwikkelingen op deze terreinen en zorgen voor optimale synergie.
Q2 2019 – Q4 2020 18
3. PREVENTIE EN VROEGSIGNALERING 1
Acties
Resultaat/kpi/monitoring
Planning
Door middel van onderzoek:
Op basis hiervan keuzes maken over decentralisatie (lokaal of regionaal) van preventieve maatregelen.
Q3 2019 – Q4 2019
•
•
2
bestaande preventieve maatregelen (en pilots) in kaart brengen en evalueren op effectiviteit de behoefte van inwoners ten aanzien van preventieve maatregelen in kaart brengen
Versterken van de samenwerking tussen zorg- en veiligheidspartners en het sociaal domein.
Formuleren van de opdracht preventie maatschappelijke zorg als input voor de inkoop/subsidiëring 2021 Kwalitatief: Toename van het gebruik van voorzieningen in de sociale basis door kwetsbare inwoners. Versterken van preventie- en vroegsignalering en verspoedigen van (tijdige) opschaling waar nodig.
Q4 2019 – Q4 2020
4. LAAGDREMPELIGE TOEGANG Acties
Resultaat/kpi/monitoring
Planning
1
Analyse centrale toegangen Beschermd Wonen en Maatschappelijke Opvang op beleid en (lokaal) uitvoeringsniveau.
•
Q3 2019 – Q4 2019
2
Evaluatie van de huidige bemoeizorgstructuur.
3
De inzet vergroten van ervaringsdeskundigen op het gebied van out-reachend werken en cliëntondersteuning. Op basis van de analyse en evaluatie komen tot een bestuurlijk advies over de inrichting van de toegang maatschappelijke zorg per 1-1-2021 Inrichting toegang maatschappelijke zorg per 1-1-2021
Inzicht in de mate waarop de huidige lokale en regionale toegangen van hulp en ondersteuning aansluiten op de vraag van kwetsbare inwoners. • Vanuit de behoefte/vraag van zorgvragers een analyse doen met de woon-uitgangspunten 1/3-1/3-1/3 in het achterhoofd en dit afzetten tegen de inventarisatie vanuit de zorgaanbieders om zo vanuit de inkooprol te sturen op resultaat. Inzicht in de positionering van bemoeizorg binnen de toegang maatschappelijke zorg rekening houdend met regionale ontwikkelingen rondom het Zorg- & Veiligheidshuis, de invoering van de Wet verplichte GGZ (Wvggz) en het Meldpunt Zorg en Overlast. Inzicht in de waarde van inzet van ervaringsdeskundigen bij de toegang.
Bestuurlijk advies inrichting toegang maatschappelijke zorg
Q3 2019 – Q1 2020
Bestuurlijk besluit inrichting toegang maatschappelijke zorg Implementatieplan inrichting toegang maatschappelijk zorg
Q 1 2020
Realisatie toegang maatschappelijke zorg Leidse regio gereed.
Q 4 2020
4
5
Q3 2019 – Q4 2019
Q3 2019 – Q4 2020
Q2 2020 – Q4 2020
19
6
Pilot Meedoen in de wijk (Meedoen in Meerburg/de stad)
Inzicht in de noodzakelijke netwerksamenwerking en de inzet van ervaringsdeskundigheid op wijkniveau m.b.t. de functies • toeleiding naar zorg • cliëntondersteuning • (vroeg)signalering • bemoeizorg
Q2 2019 – Q4 2020
AANPALENDE ACTIES MET AANHAKING VANUIT MAATSCHAPPELIJKE ZORG 7
Aanhaken op en meewerken aan de analyse van huidige lokale toegangen Wmo, Jeugd (JGT) en Werk & Inkomen op de vraag van kwetsbare inwoners.
Inzicht in de mate waarop deze vormen van toegang aansluiten bij de vraag van kwetsbare inwoners t.b.v. aanpassing van deze toegangen aan de vraag.
Q1 2020
Acties
Resultaat/kpi/monitoring
Planning
Uitvoeren bekostigingstraject maatwerkondersteuning maatschappelijke zorg In de praktijk middels pilots ervaring op doen in de transformatie van de maatschappelijke zorg: • Versterken van ambulante begeleiding en ontwikkeling van tijdelijk woon-zorg concept als alternatief voor BW - (Pilot BW Light, zie thema 1) • Pilot respijthuis Leidse Regio (zie thema 1) Gerichte samenwerking tussen lokale Wmo & consulenten BW Leiden om cliënten op de wachtlijst BW lokaal ambulant te ondersteunen als alternatief voor een beschermde woonplek.
Een samenhangend aanbod aan maatwerkondersteuning voor mensen met complexe problematiek per 1-1-2021. Resultaten van de pilots en actieprogramma worden meegenomen als input voor de inkoop maatwerkondersteuning 2021.
Q1 2020 – Q4 2020
Terugbrengen wachtlijst BW en opbouw van expertise en ondersteuning op lokaal niveau ten aanzien van inwoners met ernstige psychische problematiek.
Q3 2019 – Q4 2020
5. ONDERSTEUNING OP MAAT 1
2
3
4
5
6
7
In de praktijk investeren in sterker samenwerken tussen gemeentelijke wijkteams en ambulante behandelteams vanuit de specialistische zorg (GGZ en verslavingszorg) • Pilot FACT/ SWT in Leiden • Pilot Wijk GGZ-er in Leiderdorp en Zoeterwoude Pilot Respijthuis Leidse Regio
Het organiseren van adequate zorgen ondersteuning in nieuw te realiseren tussenvoorzieningen voor minimaal 20 cliënten van de wachtlijst Beschermd Wonen Leidse regio Ondersteuning pilots t.b.v. cliënten/initiatieven/verbetering n.t.b. + de reservering voor P.M. acties hierboven
Vergroten van de uitstroom uit BW en MO door stap vanuit intramuraal wonen naar zelfstandig wonen laagdrempelig te maken. Inzicht in de financieringsstructuur en de benodigde samenwerkingsstructuur tussen ambulante behandeling en begeleiding
Tijdelijke opvangplek waar men op adem kan komen en grip kan krijgen op het eigen herstel. 20 cliënten ondersteunen d.m.v. het organiseren adequate zorg- en ondersteuning in nieuw te realiseren tussenvoorzieningen.
Q2 2019 –Q4 2020
Q2 2019 – Q2 2020
Q2 2019 – Q2 2021 Q3 2019 – Q4 2020
Q4 2019 e.v.
20
AANPALENDE ACTIES MET AANHAKING VANUIT MAATSCHAPPELIJKE ZORG Pro-actief aanhaken en meedenken over de bestuurlijk besluitvorming over de inhoudelijke opdracht Wmo/ MZ & te hanteren sturings- en bekostigingssystematiek .
Q3 2019 – Q1 2020
Pro-actief aanhaken en meedenken over terugval voorkomen en herstel bevorderen.
Q3 2019 – Q4 2020
Mensen met ernstige psychiatrische problematiek intensief ondersteunen zodat duurzame uitstroom naar betaald werk mogelijk wordt.
Q3 2019
Acties
Resultaat/kpi/monitoring
Planning
1
Organisatie Evaluatie bestaande organisatie en vormgeven werkorganisatie.
Q2 2019 (Regulier bijwerken) Q2 2019 (Regulier bijwerken) Q3 2019
2
Financiën Onderzoeken van een financieel verdeelmodel op basis van het uitgangspunt 1 gebied, 1 opgave, 1 aanpak, dat eerlijk en transparant is en onze doelstellingen ondersteunt.
Optimale organisatie van de transformatie en decentralisatie van de Maatschappelijke Zorg: • Beleidsorganisatie • Projectorganisatie • Werkorganisatie Inzichtelijke scenario’s en keuzes. Keuze en implementatie verdeelmodel mbt tot de kosten Maatschappelijke Zorg en de Persoonsgebonden kosten.
Goede monitoringssysteem en met de resultaten sturen op inkoop en adequate ondersteuning (vooronderstelling is dat de gemiddelde zorgkosten lager worden naarmate de woonvoorziening zo veel mogelijk een reguliere woning of een tussenvoorziening betreft) Adequaat inkooptraject MZ i.r.t. WMO
Q4 2019 – Q4 2020
Goede Governance structuur tot en na 2021. (gebruik makend van datgeen bij de jeugdtransitie gebeurt)
Q3 2019
8
9
10
Ontwerpen van een duurzame: • Organisatie • Opdrachtverstrekking • bekostiging van de maatwerkondersteuning Wmo (begeleiding, dagbesteding en Maatschappelijke zorg) in de Leidse Regio per 2021. Optimalisering van samenhang in werkprocessen gemeentelijke dienstverlening op gebied van Wmo, W&I, schuldhulpverlening. Nagaan op welke wijze IPS trajecten in de Leidse Regio i.h.k.v. project arbeidsparticipatie GGZ 2.0 kunnen worden ingezet
6. BEDRIJFSVOERING
3
4
Ontwikkelen monitoringssystematiek om de gemiddelde zorgkosten per client en de gevolgen van de ambulantisering en het realiseren van tussenvoorzieningen te monitoren. Inkoop De inkoop van de MZ per 2021 zal vormgegeven moeten worden. Hiervoor liggen een aantal keuzen ten grondslag, waaronder gemeentes-gebied, reikwijdte, wijze inkopen en apart of integraal onderdeel van de WMO. Governance Hoe richten we governance structuur van de MZ LR in.
Q3 2019
Q3 2019 – Q1 2020
21
5
Deskundigheid Opbouwen deskundigheid in subregio/lokaal op gebied beleid en uitvoering
6
Participatie Het vormgeven van een gedegen participatietraject . Hieronder 2 lijnen: a) Klantvertegenwoordiging betrekken bij beleid b) klantvertegenwoordigers het maken van klantprofielen, klantreizen en van daaruit vormgeven transformatie. Communicatie Vormgeven goed communicatietraject, startend met communicatieplan over: • interne communicatie (b.v. tussen beleid en uitvoering en tussen centrumgemeente-LR) • externe communicatie (zowel met professionele organisaties als met inwoners).
7
8
9
Planning Om in control te zijn en de goede dingen op tijd te doen is een gedegen planning nodig. Risicoparagraaf Zie Inleiding, de risicoparagraaf zal de komende tijd worden uitgewerkt met daarbij per punt keuzes en scenario’s.
Deskundigheid op peil om transformatie en decentralisatie goed uit te kunnen voeren: 1. fte-compensatie voor uitvoering i.v.m. opbouw deskundigheid 2. fte-compensatie voor uitvoering i.v.m. implementatieplan toegang 3. analyse van het huidige cliëntenbestand op ideale woonbehoefte Goede participatie op: a) beleid b) klantperspectief
Q3 2019 – Q4 2020
Goede en tijdige communicatie c.q. betrekken internen en externen.
Q4 2019
Goede planning die periodiek geüpdatet wordt.
Q3 2019 (Regulier bijwerken)
Adequate risicoparagraaf.
Q4 2019
Q3 2019
22
Bijlage 2 Begroting BEGROTING UITVOERINGSAGENDA MAATSCHAPPELIJKE ZORG LEIDSE REGIO 2019 (de indeling van de uitvoeringsagenda wordt aangehouden, alleen acties worden benoemd waar uitgaven voor zijn) NR. 1 1.1 1.2 1.3
THEMA
WONEN IS DE BASIS
ACTIES
DE INCLUSIEVE BUURT
LAAGDREMPELIGE TOEGANG
6 6.1 6.2 6.3 6.4 6.5 6.6 6.7 6.8 6.9
ONDERSTEUNING OP MAAT
BEDRIJFSVOERING
€
-
€
-
Analyse toegang Evaluatie van de huidige bemoeizorgstructuur Ervaringsdeskundigen O.b.v. analyse en evaluatie komen tot bestuurlijk advies inrichting toegang MZ Inrichting toegang maatschappelijke zorg Leidse regio gereed Pilot meedoen in de wijk
TOTAAL KOSTEN 4 5 5.1 5.2 5.3 5.4 5.5 5.6 5.7
-
Bestaande preventieve maatregelen in kaart brengen Versterken samenwerking tussen zorg- en veiligheidspartners en het sociaal domein
TOTAAL KOSTEN 3 4 4.1 4.2 4.3 4.4 4.5 4.6
€
€
Lokaal Structureel Investeringsfonds
400.000 €
350.000 €
€
350.000
€
350.000 €
350.000
€ € €
150.000 € 50.000 € 550.000 €
100.000 € 150.000 € 650.000 €
250.000 € 200.000 € 1.200.000 €
200.000 € 100.000 € 1.000.000 €
50.000 100.000 200.000
€ €
30.000 € 100.000 €
30.000 € 100.000 €
30.000 50.000
€
50.000
€ €
50.000 € 180.000 €
50.000 180.000 €
80.000
€ €
50.000 100.000
€
25.000
€
25.000
€
25.000
€
25.000
€
-
€
30.000
€
30.000
-
€
-
€
25.000
€
25.000
€
30.000
€
5.000
€
€ €
€
35.000
€ € 100.000 € 100.000 €
-
€
5.000 €
5.000
165.000 € 165.000 €
165.000 € 200.000 €
165.000 200.000 €
240.000 500.000 305.000 1.045.000
€ € € €
240.000 € 500.000 405.000 € 1.145.000 €
240.000 500.000 200.000 700.000
835.000 € €
645.000 € 50.000
190.000
100.000 € 80.000 € 50.000 €
200.000 € 160.000 € 100.000 €
200.000 160.000 100.000
680.000 € 2.720.000 €
1.345.000 € 4.060.000 € € €
1.155.000 2.905.000 2.905.558 558
€
-
Organisatie Financiën Inkoop Governance Deskundigheid Participatie Communicatie Planning Risicoparagraaf
€
35.000
€
400.000 € €
400.000 € 50.000
€ € €
100.000 € 80.000 € 50.000 €
TOTAAL KOSTEN 6 TOTALE KOSTEN
€
€ €
630.000 € 1.340.000 €
* zie nota investeringsfonds, budget Leidse Regio is: Lokaal Incidenteel Leiden Investeringsfonds Leiderdorp Oegstgeest Voorschoten Zoeterwoude totaal Leidse regio Lokaal Structureel Leiden Investeringsfonds Leiderdorp Oegstgeest Voorschoten Zoeterwoude totaal Leidse Regio
50.000
€ 205.000 € 445.000 €
TOTAAL KOSTEN 5
€ €
35.000
Lokaal Incidenteel Investeringsfonds
400.000 €
-
Bekostigingstraject In de praktijk middels pilots ervaring opdoen in de transformatie van de MZ Gerichte samenwerking lokale Wmo & consulenten BW Investeren samenwerking gemeentelijke wijkteams en ambulante behandelteams Pilot respijthuis Leidse Regio Organiseren adequate zorg en ondesteuning in nieuwe tussenvoorzieningen ondersteunen client-pilots en dekking P.M. 5.2, 5.3, 5.4
TOTAAL KOSTEN 18/19/20
€
Anti-stigma en scholingsprogramma’s Versterken inzet ervaringsdeskundigen Onveiligheid Leren van de praktijk Communicatie Pilot Buurtcirkels
TOTAAL KOSTEN 2 PREVENTIE EN VROEGSIGNALERING
KOSTEN 2020 (1e inschatting)
Pilot Deelname Weer Thuis Structureel overleg corporaties/zorgaanbieders/gemeente: RO/Vastgoed/Wonen Formuleren van een concreet toekomstbeeld van gewenste woonvormen in de regio
TOTAAL KOSTEN 1
3 3.1 3.2
KOSTEN 2019
Realisatie 5 scheve huisjes Preventie dakloosheid Realiseren van een decentrale crisislocatie Pilot BW Light
1.4 1.5 1.6 1.7 2 2.1 2.2 2.3 2.4 2.5 2.6
KOSTEN 2018
Budgetten Investeringsfonds 2018 2019
€ € € €
2020
190.000 1.190.000 1.190.430 430
totaal
€
153.474 €
1.035.953 €
1.131.874 €
2.321.301
€ € € € € €
12.748 10.359 11.499 4.022 192.102 177.809
€ € € € € €
86.049 69.926 77.617 27.150 1.296.695 266.713
€ € € € € €
94.016 76.401 84.804 29.664 1.416.759 266.713
€ € € € € €
192.813 156.687 173.920 60.837 2.905.558 711.235
€ € € € €
38.433 32.862 36.476 12.028 297.608
€ € € € €
57.650 49.293 54.714 18.042 446.412
€ € € € €
57.650 49.293 54.714 18.042 446.412
€ € € € €
153.732 131.447 145.904 48.112 1.190.430
23
Bijlage 3 Planning Strategische (bestuurlijke) planning Leidse Regio
Planning VNG (eind 2018)
24
Planning uitvoeringsagenda
25
Bijlage 4 Strategische Uitgangspunten ‘1 gebied, 1 opgave, 1 aanpak’
en op de arbeidsmarkt. De eigen wensen en vermogens van de inwoner staan hierbij centraal. Het deelnemen naar vermogen in de samenleving is ook afhankelijk van de mogelijkheden van de sociale omgeving. Aandachtspunten zijn dan ook het voorkomen van uitsluiting en vereenzaming. Aanleiding van dit memo Op 19 december is er een mini conferentie in de Leidse Regio gehouden over de Maatschappelijke Zorg. Naast de inhoudelijke input en de transformatie opgave is daar ook gesproken over de organisatie van de decentralisatie. Twee stellingen die aan de orde kwamen zijn: • Samenwerken op het niveau van de Leidse Regio is noodzakelijk om de doelstellingen te halen • We pakken het op als 1 gebied, 1 opgave, 1 aanpak. De uitkomst is in overgrote meerderheid dat we het in de Leidse Regio oppakken als 1 gebied, 1 opgave, 1 aanpak (hieronder de uitkomst van deze stelling zoals in de mini-conferentie is ingevuld):