Verslag van de Raadscommissie Onderwijs en Samenleving
Tekst van het document
Gemeenteraad van Leiden Verslag van de vergadering van de raadscommissie Onderwijs en Samenleving op dinsdag 7 december 2021, digitaal via MSTeams.
Aanwezig: Voorzitter:
Mevrouw T. Klever
Leden commissie:
De heer Hossam Boutaibi (GL), mevrouw Famke Güler (PS), mevrouw Amela Halilović (D66), mevrouw Susannah Herman (D66), mevrouw Suzanne van der Jagt (PvdA), de heer Anandkoemar Jitan (LP), de heer Malcolm Jones (PvdD), de heer Maarten Kersten (PS), de heer Pieter Krol (CU), de heer Martijn Otten (PvdA), de heer Rembrandt Rowaan (GL), de heer Tobias Sandoval Garcia (CDA), mevrouw Maaike van Vliet (VVD), mevrouw Alyssa Voorwald (VVD) en mevrouw Ries van Walraven (SP)
Leden college:
De heer Paul Dirkse (wethouder Kennis, Onderwijs, Sport en Financiën) t/m agendapunt 9, mevrouw Marleen Damen (wethouder Gezondheid, Jeugdzorg & Welzijn) vanaf agendapunt 10
Griffier:
de heer Arjo Verweij
Verslag:
mevrouw Froukje Jellema (Notuleerservice Nederland)
Afwezig:
mevrouw Gebke van Gaal (GL)
1.
Opening en vaststelling agenda
De voorzitter opent de laatste vergadering van dit jaar om 20.00 uur en memoreert dat dit eveneens de laatste vergadering is waar wethouder Damen bij aanwezig is. Voorts stelt ze vast dat het quorum aanwezig is. Er zijn geen afmeldingen. De commissie SO heeft vanavond een extra vergadering. Vanwege de aanwezigheid in deze commissie en in de commissie SO van wethouder Dirkse en een aantal woordvoerders is de agenda aangepast. De nieuwe agenda wordt ongewijzigd vastgesteld.
2.
Burger aan het woord
De voorzitter laat weten dat er geen aanmeldingen zijn voor dit agendapunt.
3.
Mededelingen, rondvragen en regionale aangelegenheden
Mededelingen Wethouder Dirkse geeft een corona-update op het gebied van sport en onderwijs. De zwemlessen die de gemeente verzorgt zijn wat ingekort zodat er meer kinderen les kunnen krijgen. De verenigingen kunnen eventueel in het weekend en in de kerstvakantie lessen verzorgen, of voor acht uur ‘s ochtends. Wat het onderwijs betreft is de situatie op de scholen heel verschillend. Op sommige scholen moeten hele klassen in quarantaine. Dit komt vaker voor in het basisonderwijs dan in het voortgezet onderwijs. Hoewel er zorgen zijn over de toegenomen onderlinge irritaties met incidenten tot gevolg, draaien de scholen over het algemeen draaien gewoon door. De heer Otten (PvdA) merkt op dat de buurtsportcoaches nog wel na 17.00 uur actief mogen zijn. Ze zijn begonnen met het initiatiefvoorstel van de Sportplaza’s, maar ze krijgen van de gemeente geen
Commissie O&S d.d. 7 december 2021
1
duidelijkheid of daarvoor de sportvelden gebruikt mogen worden. Hij vraagt het college om hier actie op te ondernemen. Wethouder Dirkse geeft aan dat hij niet op de hoogte was van deze uitzondering. Hij zegt toe dit te zullen uitzoeken. De voorzitter geeft mevrouw Van Vliet het woord voor een mededeling. Mevrouw Van Vliet (VVD) doet kort verslag van de stand van zaken rond het gesprek tussen deze commissie en de universiteit over de samenwerking naar aanleiding van een toezegging van wethouder Dirkse over de Humanities Campus. De universiteit wil graag met de commissie Onderwijs en Samenleving en de commissie Stedelijke Ontwikkeling in gesprek over de strategische agenda in relatie tot de stad en de campusvorming in de binnenstad. Er wordt gezocht naar een datum in februari. Suggesties of aandachtspunten zijn welkom. Rondvragen Er zijn geen rondvragen aangekondigd. Regionale aangelegenheden Er zijn geen regionale aangelegenheden.
4.
Besluitenlijst van de commissie Onderwijs en Samenleving 16 november 2021
De voorzitter laat weten dat over de besluitenlijst geen opmerkingen zijn ontvangen, zodat deze kan worden vastgesteld.
5.
Lijst van toezeggingen en actiepunten
De voorzitter geeft aan dat op politiek portaal een link staat naar de lijst van toezeggingen. Daarover zijn geen opmerkingen ontvangen. HAMERSTUKKEN
6. RV 21.0122 Benoeming nieuw lid Raad van Toezicht Stichting Scholengroep Leonardo da Vinci. De voorzitter stelt dat er door het vertrek van een lid van de Raad van Toezicht van de Scholengemeenschap Leonardo da Vinci Leiden een vacature is ontstaan. Na een zorgvuldige selectie heeft de Benoemingsadvies-commissie (BAC) de heer G.P.G. Kunst voorgedragen om benoemd te worden tot lid van de Raad van Toezicht van de scholengroep Leonardo da Vinci. Het college stelt de raad voor de heer Kunst met terugwerkende kracht per 12 oktober 2021 te benoemen tot lid van de Raad van Toezicht. Hierover zijn geen technische vragen gesteld. Vanuit de commissie is geen verzoek ontvangen om dit raadsvoorstel te bespreken, zodat het een hamerstuk wordt op de agenda van de raad op 21 december 2021.
7.
RV 21.0123 Statutenwijziging PROOLeiden-Leiderdorp 2021
De voorzitter geeft aan dat de wetgeving die van toepassing is op de Stichting Openbaar Primair en Speciaal Onderwijs Leiden -Leiderdorp op korte termijn zal wijzigen. Daarom is het nodig enkele artikelen uit de statuten te wijzigen. De statutenwijziging heeft het wettelijk - en statutair traject doorlopen en wordt gesteund, want goedgekeurd, door de Raad van Toezicht PROOLeidenLeiderdorp. Deze wijziging behoeft de instemming van de gemeenteraad. Er zijn geen technische vragen gesteld. Dit is een hamerstuk, er is vanuit de commissie geen verzoek ontvangen om dit raadsvoorstel te bespreken. Daarom wordt het een hamerstuk op de agenda van de gemeenteraad van 21 december 2021. SPORT
Commissie O&S d.d. 7 december 2021
2
8. Motie-VOD PS Gedupeerde obligatiehouders voormalige voetbalvereniging GHC De voorzitter geeft aan dat in deze motie VOD van PS het college wordt verzocht ‘als tegemoetkoming en vanuit alle redelijkheid en billijkheid’ een bedrag van € 44.000,- beschikbaar te stellen aan de (door het faillissement van GHC) gedupeerde Leidse ondernemers. Ze benadrukt dat het niet is toegestaan tijdens het debat namen van derden te noemen. Er zijn geen vragen gesteld en er worden ook geen technische vragen meer behandeld. Vervolgens krijgt de heer Kersten (PS) het woord voor een korte inleiding. De heer Kersten (PS) leest de tekst voor van de heer Barnhoorn, erevoorzitter van GHC, omdat deze dit wegens technische problemen zelf niet online kan doen. ‘Ik doe hierbij een beroep op het geweten van de gemeenteraad en het college om een onverkwikkelijke affaire, die veel goodwill bij kiezers en ondernemers heeft gekost, recht te zetten en krediet terug te winnen. Het betreft de gang van zaken rond voetbalclub GHC in de jaren 2016-2018, uiteindelijk resulterend in het schuldeloos vertrekken van haar speelcomplex en een faillissement. Deze gang van zaken valt niet meer terug te draaien, maar wel die van de gedupeerde MKB-ondernemers die als particulier de club in betere tijden in 2014 met de bouw van het jeugdhonk hebben willen ondersteunen en € 100.000 aan obligaties hebben gegeven.
Als particuliere sponsors, niet als investeerders met risico. In de waarde van het totale onroerend goed van de club, jeugdhonk, clubhuis, et cetera, in totaal verzekerd voor € 941.000, dachten ze zekerheid voor hun obligaties te hebben. De curator heeft het vertrouwen bevestigd door in te zetten op een passende vergoeding door de gemeente. Helaas werd hij ernstig ziek en moest zich laten vervangen. Ook de gemeentelijke advocaat wekte het vertrouwen aandacht te willen geven aan de tegenwaarde van de overige panden en het juridische recht op natrekking van de rest van het onroerend goed door de club. Groot was dan ook de verbijstering bij de ondernemers toen ze achteraf constateerden dat de niet gemotiveerde interim curator rond de feestdagen van 2017/2018 een snelle broekzak/vestzak deal met de gemeente had gesloten, waarbij de gemeente weliswaar € 100.000 voor het jeugdhonk wilde betalen, maar daarvan gelijk eerst volledig aan zichzelf denkend bijna € 80.000 in eigen zak stak om de huurschuld met de club te vereffenen en de nieuwe curator zich € 10.000 liet uitbetalen. Voor de obligatiehouders resteerde slechts ruim € 10.000 ter compensatie van hun vordering. Een gang van zaken waar juridisch niets meer aan te doen viel.
Wat had de gemeente belet om vanuit die grote kapitaalswaarde een kwart van de geïncasseerde huurschuld met de ondernemers te delen en de helft van dit geïnde bedrag als coulance aan te bieden. Het gaat dan om het thans gevraagde bedrag van € 44.000, de helft van de nog open staande € 88.000. Nu dreigt niet alleen een groot onrecht. Leidse ondernemers en particuliere sponsoren bedenken zich nu wel tien maal om hun geld in een sportvereniging of andere Leidse organisatie te steken. Het gaat nu als een smeulend vuur rond bij de gewone Leidse burger of de Leidse MKB’ers tijdens meetings en gesprekken. Enkele weken geleden stond er nog een groot artikel in het Leidsch Dagblad. Dus de hele stad kijkt nu mee. De motie is mede ondertekend door raadslid Jitan van Leiden Participeert. De voorzitter geeft wethouder Dirkse het woord. Wethouder Dirkse wijst erop dat deze inspraak dezelfde strekking heeft als wat er in september 2019 al is besproken. Hij verwijst dan ook naar de notulen van die vergadering voor het standpunt van het college. Het gaat om een verplichting die partijen zijn aangegaan in 2012 waarop jarenlang niets is afgelost en wat op enig moment ook is afgehandeld door de curator en de rechtbank. Er wordt nu een moreel appèl op het college gedaan om dit private geld met geld van de Leidse belastingbetaler terug te storten. Dat is fundamenteel niet juist.
Het standpunt van het college blijft hetzelfde als in 2019. Het is netjes afgehandeld, rechtelijk getoetst. Het is vastgelegd in een vaststellingsovereenkomst, waarmee het dossier wat het college betreft is gesloten. De voorzitter geeft de partijen gelegenheid tot een reactie, te beginnen met mevrouw Halilović. Mevrouw Halilović (D66) zegt eigenlijk een punt van orde te willen maken en hier verder niet inhoudelijk op in te willen gaan. Het standpunt van D66 staat al lang vast en is al lang bekend. De raad lijkt niet serieus te worden genomen. Dit wordt als niet gepast gezien en ze wil verder ook niet de discussie hierover voeren.
Commissie O&S d.d. 7 december 2021
3
De heer Boutaibi (GL) zegt niet te willen ingaan op individuele zaken. Door het nu weer te bespreken kunnen verkeerde verwachtingen worden gewekt. Het college was duidelijk, er ligt een overeenkomst. Hij vraagt de heer Kersten om de motie door te laten gaan of het hier bij te laten. Mevrouw Van Vliet (VVD) sluit zich aan bij voorgaande sprekers, dus geen steun voor de motie. De heer Otten (PvdA) sluit zich eveneens aan bij voorgaande sprekers. De inhoudelijke mening van de PvdA is twee jaar geleden al ter sprake gekomen. Het is niet goed om als gemeenteraad voor een aantal individuele mensen € 44.000 te reserveren. De heer Sandoval Garcia (CDA) zegt dit in de fractie te willen bespreken. De heer Jones (PvdD) zegt dit eveneens in de fractie te willen bespreken. Mevrouw Van Walraven (SP) zegt dat het standpunt van de SP niet is veranderd, hetgeen betekent dat er geen steun is voor de motie. De heer Krol (CU) wijst op de vaststellingsovereenkomst die is gesloten. Er moeten dan wel heel zwaarwegende redenen zijn voor de politiek om daarop terug te komen. Die redenen zijn er niet, dus in lijn met het eerdere standpunt wordt de motie niet gesteund. De heer Jitan (LP) zegt de motie te steunen, omdat de Leidse ondernemers het vertrouwen moeten houden dat zij sportverenigingen kunnen steunen of daarin investeren. Het gaat niet om individuele belangen, maar om algemeen belang.
Het gaat niet om een of twee personen, maar om een vereniging die destijds meer dan tweehonderd leden had. De voorzitter geeft de heer Kersten het woord met de vraag of hij de motie gaat indienen, ondanks de weinige steun van deze commissie. De heer Kersten (PS) constateert dat er na al die jaren nog steeds veel misverstanden zijn. Het gaat niet om individuele zaken. De wethouder heeft destijds gesteld dat de andere panden getaxeerd waren, maar ze zijn nooit officieel getaxeerd. Ze zijn door ambtenaren op waarde geschat. Je moet sponsoren nooit ontmoedigen. De motie wordt zeker ingediend ter bespreking in de raadsvergadering van 21 december.
ONDERWIJS 9 RV 21.0125 Het beschikbaar stellen van kredieten voor 2022 voor een aantal schoolgebouwen en gymzalen De voorzitter geeft aan dat er in 2022 conform het IHP 2020-2032 wordt gestart met de vernieuwing van een aantal schoolgebouwen en gymzalen. Jaarlijks kunnen de schoolbesturen van scholen voor basis-, (voortgezet) speciaal en voortgezet onderwijs geld aanvragen voor het opknappen en verbeteren van hun schoolgebouwen. Het college beoordeelt deze aanvragen en stelt een zogenaamd Onderwijshuisvestingsprogramma en overzicht op. Aan de raad wordt nu gevraagd de hiervoor in 2022 benodigde kredieten inclusief gemeentelijke plankosten te verstrekken voor de schoolgebouwen en gymzalen van de Lucas van Leyden, de Stevenshofschool, het Vlietland College, Auris de Weerklank en de wissellocaties aan de Vijf Meilaan en de Noachstraat. Er zijn technische vragen gesteld door de PvdA en de PvdD. De antwoorden hierop staan op politiek portaal, of volgen zo snel mogelijk. De voorzitter geeft vervolgens het woord aan mevrouw Van der Jagt. Mevrouw Van der Jagt (PvdA) zegt dat haar partij akkoord gaat met het voorstel, met daarbij de volgende opmerking. In de stukken wordt verwezen naar een aanvraag voor uitbreiding van De Thermiek. Die aanvraag zou volgens het college qua leerlingaantal en vierkante meters terecht zijn, maar op dit moment zou daar geen ruimte voor zijn.
De PvdA zal de ontwikkelingen op dit punt nauwlettend volgen, omdat het juist voor deze kinderen een goed schoolgebouw een grote bijdrage kan leveren aan hun ontwikkeling.
Commissie O&S d.d. 7 december 2021
4
De heer Sandoval Garcia (CDA) geeft aan dat zijn partij het voorstel steunt. Inzake de aanvraag voor uitbreiding van De Thermiek vraagt hij de wethouder om een toezegging dat deze de raad in april een korte brief stuurt met de stand van zaken. De heer Jones (PvdD) zegt dat het signaal van Stichting Resonans nogal aankwam bij de PvdD. Hij hoopt dat het college daarop een passende reactie geeft. Het is de taak van de gemeente om Leiden toegankelijk te houden voor elke Leidenaar. De PvdD zal de progressie op dit punt nauwlettend volgen. Er zijn hierover ook technische vragen gesteld. Afhankelijk van de antwoorden zullen er voorstellen volgen ter verbetering van de situatie, eventueel in de volgende bestuursperiode. Mevrouw Van Walraven (SP) laat weten dat de SP instemt met het krediet. Het nut is duidelijk. Wel spreekt ze haar zorg uit over de kostenoverschrijding bij verschillende projecten op alle gebieden, ook bij onderwijs. Mevrouw Güler (PS) zegt zich daar bij aan te sluiten. PS stemt in met het beschikbaar stellen van het krediet. De heer Krol (CU) stemt in met het voorstel. Wel wijst hij erop dat de kostenoverschrijding goed in de gaten moet worden gehouden. De heer Jitan (LP) geeft aan dat zijn partij het plan steunt. Hij vraagt de wethouder of in de plannen de zorg voor voldoende luchtkwaliteit in verband met de verspreiding van corona is meegenomen.
Mevrouw Halilović (D66) zegt eveneens geen discussiepunten te hebben en het voorstel te steunen. De heer Rowaan (GL) laat weten dat GL het een goed voorstel vindt, geheel conform het IHP. GL roept nogmaals op de scholen erop te wijzen dat direct energieneutraal bouwen belangrijk is en dat ze daarbij gebruik kunnen maken van de lening die het college daarvoor biedt. En ook bij de sloop te zorgen voor circulaire sloop. Mevrouw Van Vliet (VVD) zegt dat haar partij instemt met het voorstel. Ze heeft nog drie vragen aan de wethouder. 1. Het gaat om forse bedragen, is er nog budgettaire ruimte om dit ook in de toekomst op te kunnen vangen? Hoe zorgt de wethouder ervoor dat dit niet in de weg staat van eventueel gemaakte plannen? 2. Gezien de schaarse ruimte is het belangrijk te kijken naar multifunctioneel gebruik van locaties. Kan en wil de wethouder daar naar kijken, ook in verband met de aanvraag van De Thermiek? 3. Kan de wethouder garanderen dat de overige plannen voor de toekomst ook doorgaan? De voorzitter geeft de wethouder het woord voor de beantwoording van een aantal vragen. Wethouder Dirkse gaat in op de opmerkingen over de Thermiek. Daarover zijn nu gesprekken gaande met Resonans en in antwoord op de vraag van het CDA zegt de wethouder toe in het tweede kwartaal van 2022 in een wethoudersbrief daarover te rapporteren.
Daarnaast worden de scholen maximaal gefaciliteerd als het gaat om energieneutraal bouwen. Wat betreft de budgetten houdt het college houdt de vinger aan de pols. De wethouder zegt geen garanties te kunnen geven, maar er wel sterk op te sturen dat men binnen de budgetten blijft. Wat betreft het multifunctioneel gebruik zegt de wethouder te betwijfelen of voor een school voor speciaal onderwijs de oplossing in multifunctioneel gebruik te vinden is. Er wordt zeker wel gekeken naar multifunctionele oplossingen, waarbij hij enkele voorbeelden noemt. De voorzitter bedankt de wethouder voor zijn reactie en aanwezigheid, waarna deze naar de volgende commissie schakelt.
MAATSCHAPPELIJKE ONDERSTEUNING 10 RV 21.0109 Vaststellen verordening jeugdhulp gemeente Leiden 2022 De voorzitter geeft aan dat de raad wordt gevraagd de verordening Jeugdhulp gemeente Leiden 2022 vast te stellen en deze per 1 januari 2022 in werking te laten treden. De huidige verordening van
Commissie O&S d.d. 7 december 2021
5
2015 wordt dan per die datum ingetrokken. Hierdoor worden ontwikkelingen op het terrein van jeugdhulp formeel geborgd. Het betreft een kaderstellend en inspraakplichtig voorstel, waarvoor de verordening op de raadscommissies Leiden behandeling in twee commissievergaderingen voorschrijft. Vanavond is er de inhoudelijke bespreking (tijdens de vergadering op 16 november kon worden ingesproken). Er zijn technische vragen gesteld door GL, PS, VVD en PvdA. De antwoorden staan op politiek portaal of volgen zo snel mogelijk. De voorzitter geeft de heer Rowaan als eerste het woord voor de inhoudelijke behandeling. De heer Rowaan (GL) is van mening dat de uitwerking logisch voortkomt uit het beleid van het afgelopen jaren. Er is nog één discussiepunt inzake artikel 18, lid 3. Daarover zijn technische vragen gesteld, maar de antwoorden stelden niet geheel gerust. In dat artikel staat dat de gemeente gerechtigd de kosten voor die hulp of het PGB volledig terug te vorderen als een ouder of een jeugdige foutieve informatie heeft gegeven en op basis daarvan jeugdhulp heeft gekregen. Dat betekent dat mensen daardoor in grote financiële problemen zouden kunnen komen.
GL zou graag zien dat in de toelichting wordt opgenomen dat er in zo’n geval altijd maatwerk wordt geleverd, dat persoonlijke omstandigheden worden meegewogen en dat een vordering er niet toe mag leiden dat mensen in financiële problemen komen, zoals schulden of leven onder het sociaal minimum. Mevrouw Voorwald (VVD) constateert dat de verordening tegemoet komt aan alle besluiten inzake de jeugdzorg die de VVD inbracht of steunde. Er wordt passende hulp geboden wanneer dat nodig is, en nooit voor een duurdere behandeloptie gekozen dan nodig is. Ruimte voor verbetering is er altijd. Ze bedankt de wethouder voor de beantwoording van de technische vragen. Er rest nog één vraag. In de verordening staat dat bij beoordeling van eigen mogelijkheden en probleemoplossend vermogen van de ouders rekening wordt gehouden met het belang van de ouders op de voorziening Inkomen. En er staat dat ouders die zichzelf nu uitbetalen voor zorg aan hun kinderen via het PGB dat vanaf nu niet meer kunnen doen en dat gezinnen bij wie dat het geval is zullen worden begeleid bij een overgangsregeling en maatwerktraject. De vraag aan de wethouder is of dat klopt of dat de regel nog breder te interpreteren is, dan dit maatwerk dat geboden wordt.
Wordt daarbij ook gestimuleerd dat ouders aan het werk gaan als dat nu nog niet het geval is? De voorzitter geeft de heer Krol het woord voor het stellen van een vraag. De heer Krol (CU) merkt op dat mevrouw Voorwald lijkt te suggereren dat zo goedkoop mogelijke zorg in het belang is van het kind. Kan ze dat uitleggen? Mevrouw Voorwald (VVD) zegt dat het niet zo is dat de goedkoopste zorg het beste is. Het moet altijd gaan om kwalitatief de beste zorg voor het kind. Maar er moet geen duurdere hulp worden gegeven dan nodig. De heer Krol (CU) vraagt mevrouw Voorwald of ze van mening is dat dat voldoende doorklinkt in deze verordening. Mevrouw Voorwald (VVD) is van mening dat de verordening duidelijk weergeeft hoe er in de afgelopen raadsperiode over gesproken is. De goedkoopste adequate zorg betekent ook dat je altijd goede zorg levert, maar niet duurder dan nodig. De voorzitter geeft vervolgens mevrouw Van der Jagt het woord. Mevrouw Van der Jagt (PvdA) meent dat er veel moet gebeuren om de zorg en ondersteuning aan de jongeren te verbeteren. Daarin is deze verordening een stap in de goede richting. De PvdA stemt dan ook in met deze verordening. Er is nog één discussiepunt en één aandachtspunt. Het discussiepunt betreft de rol van de onafhankelijke cliëntondersteuner.
Zou dit niet een plek moeten krijgen in deze verordening? Het aandachtspunt betreft een reactie op de verordening, waarin wordt gesteld dat het uitsluiten van informele zorg door ouders onwenselijk is. Het college geeft in haar antwoord op de technische vragen een heldere en genuanceerde toelichting. De PvdA vindt echter dat mantelzorgers op een goede manier ondersteund moeten worden en meent dat met deze werkwijze daaraan voldoende tegemoet kan worden gekomen. De ontwikkelingen worden nauwlettend gevolgd. De heer Sandoval Garcia (CDA) heeft ten aanzien van de verordening een vraag en een paar punten die hij aan de wethouder wil meegeven.
Commissie O&S d.d. 7 december 2021
6
-
-
-
In de verordening staat dat de tarieven voor de PGB van 20 euro naar 30 euro niet worden geïndexeerd. Dat is een verkapte bezuiniging. Hij vraagt of de wethouder bereid is deze budgetten wel te indexeren. Het is positief dat het college nu grenzen kan stellen aan de duur en omvang van individuele jeugdhulpvoorzieningen. De lijst voor individuele jeugdhulpvoorzieningen (artikel 4) is wel erg lang. Bij sommige punten is het de vraag of die onder jeugdhulp moeten vallen, bijvoorbeeld ontmoetingsmomenten in de school, preventietrainingen of huiswerkbegeleiding. Dit punt kan meegenomen worden tijdens de rondetafelgesprekken. Er wordt nog gesproken over de hoogte van de budgetplafonds. Wat is daarbij de insteek van de gemeente? Is er met deze verordening voldoende aandacht voor verblijfzorg na sluiting van Ipse De Bruggen in Oegstgeest?
Mevrouw Halilović (D66) geeft aan dat haar partij geen discussiepunten heeft. De voorgestelde verordening heeft ook een draagvlak binnen deze sector in de samenleving. De heer Jones (PvdD) stelt voor een toeziend orgaan aan te stellen voor transparantie en een correcte naleving van de in het sociaal domein vastgestelde regels. in het belang van de kinderen lijkt het wenselijk een lokale kinderombudspersoon aan te stellen om te zorgen dat de menselijke maat gewaarborgd wordt. Naast de zorg voor de regelgeving. De heer Jitan (LP) zegt het voorstel te zullen steunen en heeft geen discussiepunten. Hij maakt van de gelegenheid gebruik om de wethouder te bedanken voor de goede samenwerking en wenst haar veel succes met haar nieuwe carrière. De heer Krol (CU) sluit zich aan bij de laatste woorden van de heer Jitan. Verder zegt hij te begrijpen dat het college een flinke update van de verordening voorlegt, waarbij terecht een beroep wordt gedaan op de eigen kracht van de inwoners en op het benutten van een eigen netwerk en het wijzen op de verantwoordelijkheid van de ouders of verzorgers. Toch zijn er nog veel kinderen die behoefte hebben aan professionele hulp. Daarbij is het uitgangspunt goede zorg, en niet goedkope zorg. Dat uitgangspunt staat in deze verordening nog teveel onder druk.
Hij wijst op artikel 11.4, waarbij meer in termen van geld wordt gedacht dan in termen van kwaliteit van de zorg. Hij stelt voor dit artikel te herschrijven. Dat geldt ook voor artikel 14a, waar dezelfde term wordt gebruikt. De nadruk moet liggen op kwaliteit. De voorzitter geeft mevrouw Voorwald het woord voor het stellen van een vraag. Mevrouw Voorwald (VVD) vraagt de heer Krol hoe hij adequate zorg zou omschrijven als dit anders omschreven zou moeten worden. De heer Krol (CU) antwoordt dat het woord adequaat lijkt te suggereren dat het om kwaliteit gaat, maar de volgorde (goedkoopste, adequate zorg) is onjuist. Professionals hebben aangegeven dat deze jongeren zorg nodig hebben. Dan is het verkeerd dat de betaalbaarheid voorop staat. Mevrouw Voorwald (VVD) stelt de heer Krol de vraag welke keuze hij zou maken als hij kon kiezen tussen duurdere adequate zorg en goedkopere adequate zorg waarmee hij twee jongeren zou kunnen helpen. De heer Krol (CU) zegt dat daar nu geen antwoord op gegeven kan worden. Hij veronderstelt dat mevrouw Voorwald meent in de verordening te kunnen regelen welke zorg het best past. Daarmee tendeert de VVD naar de goedkoopste optie, en de CU naar de beste optie, en dat is de zorg die professionals adviseren. Spreker gaat verder met zijn betoog en zegt nog drie discussiepunten te willen inbrengen. - Nut en noodzaak van artikel 4.3c.
Hierbij bestaat het risico dat de kinderen van het kastje naar de muur worden gestuurd, van regeling naar regeling. - Artikel 3d, waarin gesuggereerd lijkt te worden dat groepsaanbod altijd voorrang moet hebben boven een individueel aanbod. - De vraag waar de verantwoordelijkheid ligt voor het opstellen van een gezinsplan. Wat de heer Krol betreft zou die bij het jeugdteam moeten liggen.
Commissie O&S d.d. 7 december 2021
7
Mevrouw Güler (PS) maakt van de gelegenheid gebruik om wethouder Damen te bedanken en wenst haar verder veel succes. Ze wijst op de budgetplafonds in de jeugdzorg die altijd ten koste gaan van kinderen die de zorg hard nodig hebben. Eerder is aangegeven dat een aanbieder, mits goed onderbouwd, altijd om extra geld kan vragen. Toch gaat het niet altijd goed. Daarom heeft PS technische vragen gesteld over het aantal thuiszitters op het VO. In het antwoord werd als criterium voor extra geld onder andere gesproken over ‘crisis’. Mevrouw Güler vraagt de wethouder wat daaronder wordt verstaan. Bij alle kinderen met psychische problemen is er sprake van een crisis. Ze wil de volgende discussiepunten inbrengen: - Is de commissie het ermee eens dat er coulanter moet worden omgegaan met dispensatie als er sprake is van budgetplafonds? - Is de commissie het ermee eens dat het welzijn van kinderen belangrijker is dan het financieel grip houden op het sociaal domein? Mevrouw Van Walraven (SP) merkt op dat in de stukken het accent wel erg ligt op het terugdringen van jeugdhulp en het aan banden leggen van het PGB gebruik. Er wordt gesproken over hulp aan kinderen die het echt nodig hebben. Dat suggereert dat er ook kinderen zijn die onnodige hulp krijgen. Dat zou anders geformuleerd moeten worden. Mevrouw Van Walraven sluit zich aan bij hetgeen PS zei over de thuiszitters.
Tot slot wenst ze mevrouw Damen succes bij haar volgende baan. Wethouder Damen bedankt de sprekers voor de goede wensen en geeft aan bij de raad verder afscheid te zullen nemen. Ze gaat over tot het beantwoorden van de vragen. Naar aanleiding van het punt van GL over het niet terugvorderen van de kosten bij foutieve informatie als dit niet bewust is gedaan merkt ze op dat er vooral bij de PGB’s nogal wat misbruik is gemaakt van het systeem. Daarom wil ze niet bij voorbaat uitsluiten dat foutieve informatie kan leiden tot terugvordering. Er is altijd ruimte om individuele gevallen te beoordelen. De heer Rowaan (GL) wenst de wethouder eveneens succes met haar nieuwe functie. Hij verduidelijkt zijn opmerking over foutieve informatie. Ook als er opzettelijk is gefraudeerd, is het onwenselijk om iemand in financiële problemen te brengen met terugvordering. Hij vraagt of de wethouder bereid is om dat in de toelichting op te nemen. Wethouder Damen zegt dat het bij individuen anders ligt dan bij organisaties die er in het geval van PGB’s vaak tussen zitten. Dan is het te zwart/wit om te schrijven dat dit nooit tot problemen bij die organisaties mag leiden. Ze gaat verder met de vraag van de VVD. - Er wordt inderdaad maatwerk geboden in de overgangsperiode, waarbij het toetsen van draagkracht niet gaat over het toetsen van financiële draagkracht.
Het gaat om een sociaal netwerk en dergelijke. - Op het punt van de PvdA inzake onafhankelijke cliëntondersteuning zegt de wethouder nogmaals dat dit expliciet in de Wmo is geregeld. - In antwoord op de vraag waarom de PGB-tarieven niet worden geïndexeerd, zegt de wethouder dat dit niet wordt gezien als een inkomensvoorziening. Mevrouw Voorwald (VVD) vraagt de wethouder of ze, als ze het over draagkracht van de ouders heeft, doelt op het artikel waarin staat ‘het belang van de ouders om te voorzien in inkomen’. Is dat draagkracht? Wethouder Damen antwoordt dat er geen inkomenstoets wordt gedaan. Het gaat om een sociaal netwerk, de opvoedingscapaciteiten van de ouders en dergelijke en niet om financiële draagkracht. Dat is wettelijk ook niet toegestaan. In antwoord op onder andere de vraag van het CDA over Ipse de Bruggen zegt ze dat dat moeilijk is te beantwoorden omdat het een algemene verordening is. Vanwege budgetkrapte komen er budgetplafonds bij sommige instellingen. Er wordt altijd gekeken of er een andere organisatie is die hulp kan verlenen als er ergens geen plek meer is. Als dat niet het geval is zijn er altijd mogelijkheden om het budget op te hogen. Daar is een afwegingskader voor gemaakt. Er is sprake van crisis als de veiligheid en de ontwikkeling van kinderen direct in gevaar is. Niet ieder psychisch lijden van een kind is meteen een crisis.
Ten aanzien van een kinderombudspersoon merkt de wethouder op dat de Inspectie Gezondheidszorg toets op de kwaliteit van de zorg van de aanbieders. Er is wel degelijk sprake van transparantie.
Commissie O&S d.d. 7 december 2021
8
De heer Jones (PvdD) corrigeert zijn uitspraak over transparantie. Hij zegt te bedoelen dat er behoefte is aan meer inzicht. Iemand met een ombudsfunctie kan meer duiding geven aan zaken. Mevrouw Güler (PS) merkt op dat kinderen die nu gedwongen thuis zitten en diverse klachten krijgen toch echt wel in een crisis zitten. Voor die kinderen is de veiligheid in het geding. Wethouder Damen zegt het daar zeker mee eens te zijn. Maar het hoeft niet te betekenen dat er in alle gevallen jeugdhulp ingezet moet worden. Mevrouw Van Walraven (SP) merkt op dat de wethouder het een crisis noemt als de ontwikkeling van kinderen wordt geremd. Maar is het dan niet zo dat door anorexia, zware angststoornissen en autisme de ontwikkeling van kinderen wordt geremd? Wethouder Damen antwoordt dat dat wel het geval is als er sprake is van die diagnoses. Maar niet alle thuiszitters hebben die diagnose. Mevrouw Van Walraven (SP) wijst erop dat er ook een groep kinderen is die niet thuis zit, maar ook die problemen heeft. Die kinderen moeten toch ook geholpen worden? Wethouder Damen antwoordt dat dat uiteraard moet. Daar is het hele beleid op gericht. Maar er kunnen budgetplafonds of wachtlijsten zijn, en dan worden de kinderen met de meest urgente problemen eerst geholpen. Mevrouw Van Walraven (SP) merkt op dat het lijkt alsof code Zwart wordt gehanteerd. Alleen de zwaarste gevallen worden geholpen.
Maar kinderen moeten toch altijd worden geholpen? Wethouder Damen zegt dat dat afhankelijk is van het probleem. Dit is een vertaling van de afgesproken visie: kinderen moeten zo gezond en zo normaal mogelijk kunnen opgroeien. Als dat niet lukt en er individuele jeugdhulp nodig is, dan wordt die ingezet. Er wordt veel expertise aan de voorkant ingezet. Het is niet zo dat individuele jeugdhulp altijd het beste is. De wethouder gaat verder met het beantwoorden van de vragen. In antwoord op de vraag van de CU of er niet teveel nadruk ligt op de financiën zegt de wethouder dat er naast de nadruk op de kwaliteit ook meer nadruk moet komen op kostenbewustzijn in de jeugdhulp. Dat erkennen de jeugdhulpinstellingen zelf ook. In antwoord op de vraag van mevrouw Güler over budgetplafonds en het verder kijken dan de regio zegt de wethouder dat altijd eerst wordt geprobeerd de hulp te bieden vanuit de gecontracteerde aanbieders. Er is nu een nieuw inkoopplan, waarbij in principe alle hulp hier aanwezig is. Mocht er hulp van buiten de regio nodig zijn omdat het hier niet is, dan kunnen daar afspraken over worden gemaakt. Maar de ouders kunnen niet zelf kiezen. Er zijn ook landelijke arrangementen voor hele specialistische hulp. Mevrouw Van Walraven (SP) komt terug op haar opmerking over de formulering dat er hulp wordt gegeven aan kinderen die dat echt nodig hebben.
Dat zou betekenen dat er blijkbaar ook kinderen zijn die hulp krijgen terwijl dat niet nodig is. Zou die formulering er uit kunnen? Wethouder Damen antwoordt dat dat de kern is van de nieuwe visie. Er is een enorme toename van individuele jeugdhulp terwijl het de vraag is of dat de beste manier is om de kinderen te helpen. Er wordt ook hulp ingezet waarbij je je kunt afvragen of dat hulp is. Bijvoorbeeld huiswerkbegeleiding. In het nieuwe inkoopplan zijn daar afspraken over gemaakt. Discussiepunten de heer Rowaan (GL) De heer Rowaan (GL) wijst op artikel 18 lid 3 waarin staat dat de gemeente de kosten van jeugdhulp en BTW terug mag vorderen als iemand opzettelijk onjuiste informatie heeft gegeven. Hij zou graag zien dat de opmerking van de wethouder dat dit niet gaat over iemand die per ongeluk een kleine fout maakt, in de toelichting bij de verordening wordt opgenomen. Daarnaast gaat het de maatschappij meer kosten opleveren als iemand die opzettelijk heeft gefraudeerd door de terugbetalingsverplichting helemaal in de schulden komt. Ook zou hij graag in de toelichting opgenomen zien dat terugvordering bij individuen niet mag leiden tot grote financiële problemen.
Commissie O&S d.d. 7 december 2021
9
De heer Krol (CU) vindt het een prima voorstel, maar zou graag zien dat dit ook in de verordening zelf wordt geregeld. Hij biedt aan daarover mee te denken. Mevrouw Voorwald (VVD) wijst op de schuldhulpverlening binnen de gemeente waar mensen met schulden naar draagkracht geholpen worden. Geen steun voor het voorstel dus. Mevrouw Van der Jagt (PvdA) zegt in principe positief te staan tegenover het voorstel om iets op te nemen om individuen te beschermen. Wethouder Damen merkt op dat de gemeente nog nooit iets heeft teruggevorderd, het probleem heeft zich dus nog nooit voorgedaan. Mevrouw Van Walraven (SP) steunt het voorstel van de heer Rowaan. De heer Sandoval Garcia (CDA) zegt dat ook het CDA een positief staat tegenover het voorstel om het in de toelichting op te nemen. Mevrouw Halilović (D66) sluit zich daarbij aan. De heer Jitan (LP) zegt dat ook LP het een goed voorstel vindt. De heer Rowaan (GL) zegt blij te zijn met de steun en gaat het uitwerken. De voorzitter geeft aan dat er ook ambtelijke bereidheid is om mee te denken over het voorstel. Discussiepunten mevrouw Van der Jagt (PvdA) Mevrouw Van der Jagt (PvdA) merkt op dat de vertrouwenspersoon wel is opgenomen in de verordening, maar de rol van de onafhankelijke cliëntondersteuner niet. Ze zou deze laatste ook graag opgenomen zien in de verordening.
Ze wijst erop dat in de Wmo staat dat onafhankelijke cliëntondersteuning kan worden ingezet. De cliëntondersteuner kan bijstaan als iemand op zoek is naar hulp, de vertrouwenspersoon komt pas later in beeld. De heer Rowaan (GL) zegt het een goed idee te vinden. Mevrouw Güler (PS) staat er ook positief tegenover, maar wil wel graag weten wie dat dan gaat uitvoeren. Is dat een organisatie? Of iemand van de gemeente? Mevrouw Van der Jagt (PvdA) antwoordt dat dit bij MEE is belegd. Mevrouw Halilović (D66) staat ook positief tegenover het voorstel. Ze wil wel weten hoe het financieel dan geregeld wordt. Mevrouw Van der Jagt (PvdA) geeft aan dat mensen die gebruik maken van de jeugdwet nu ook al een beroep kunnen doen op de onafhankelijke cliëntondersteuner. Dit kost dus geen extra geld. Gezien de positieve reacties (ook van de CU via de chat) wordt het voorstel verder uitgewerkt. Discussiepunt de heer Sandoval Garcia (CDA) De heer Sandoval Garcia (CDA) wijst op zijn laatste vraag over het waarborgen van de verblijfzorg gezien de situatie bij Ipse de Bruggen. Hij zou graag een korte reactie van de wethouder hierop krijgen. Wethouder Damen antwoordt dat dat een verplichting is van de aanbieder zelf. Daar wordt hard aan gewerkt.
Discussiepunt de heer Jones (PvdD) De heer Jones (PvdD) stelt voor een kinderombudspersoon aan te stellen die kinderen en jongeren helpt bij het beschermen van hun rechten. Mevrouw Voorwald (VVD) wijst erop dat er al een nationale kinderombudsman is. Ze vraagt de heer Jones (PvdD) wat deze persoon dan anders maakt.
Commissie O&S d.d. 7 december 2021
10
De heer Jones (PvdD) wijst erop dat er meerdere gemeenten zijn die een eigen ombudsman hebben, om ervoor te zorgen dat er ook lokaal geholpen kan worden. De heer Krol (CU) zegt het moeilijk te vinden om er nu een definitief oordeel over te geven. Hij stelt voor er een motie VOD van te maken. De heer Rowaan (GL) is het eens met de heer Krol. Een kinderombudsman zou nieuw beleid zijn. Ook hij heeft meer tijd nodig om een en ander uit te zoeken. Mevrouw Güler (PS) zegt benieuwd te zijn naar het voorstel. Als dat goed onderbouwd is en past binnen deze verordening dat wil ze daar eventueel wel over meedenken. De heer Jones (PvdD) zegt het mee terug te nemen naar de fractie. Er komt in ieder geval een voorstel, nu of als een motie VOD. Discussiepunten de heer Krol (CU) De heer Krol (CU) wijst op zijn eerste discussiepunt over de verhouding kwaliteit en kosten. De nadruk op de kosten is nu disproportioneel, daar zou tekstueel een betere verhouding in aangebracht kunnen worden. Het gaat om de kinderen waarbij al is vastgesteld dat individuele hulp nodig is. Hij stelt voor om dat in artikel 11 en artikel 14 te herformuleren. De heer Rowaan (GL) zegt de bezwaren niet te zien. Dit geeft de kaders voor de hulpverleners. Het moet adequaat zijn om het probleem op te lossen. De opdracht is om naar de beste zorg te kijken, en dat kan met de goedkoopste varianten.
Mevrouw Voorwald (VVD) zegt zich aan te sluiten bij de woorden van de heer Rowaan. Mevrouw Van Walraven (SP) is het eens met de heer Krol. De volgorde moet omgedraaid worden, het oordeel van de professional moet bovenaan staan. In de artikelen moet iets opgenomen worden over het vertrouwen op de professional. Mevrouw Van der Jagt (PvdA) begrijpt het punt van de heer Krol, maar vindt het belangrijk dat beide elementen benoemd blijven. Alleen de volgorde veranderen levert niets op. Ze wacht het voorstel van de heer Krol af. Mevrouw Halilović (D66) sluit zich aan bij de woorden van de heer Rowaan. Het gaat om de intentie. De kaders die meegegeven worden hebben de bedoeling om op kwaliteit in te zetten. Mevrouw Güler (PS) veronderstelt dat bepaalde tarieven vast staan, zowel bij de PGB’s als de zorg in natura, zodat het niet vreemd is dat het zo geformuleerd is. Ze hoort graag de reactie van de wethouder. De heer Rowaan (GL) merkt op dat het niet gaat om te weinig vertrouwen in de professionals. Dat vertrouwen is er zeker, maar er moet wel een kader van betaalbaarheid bij genoemd worden. Anders ligt de macht bij de aanbieder en die heeft niet direct de incentive om de goedkoopste zorg aan te bieden. Het doet niets af aan de kwaliteit van de zorg. Wethouder Damen beaamt dat er inderdaad vaststaande tarieven zijn.
Ze herhaalt dat er wel degelijk vertrouwen is in de professionals, maar de afgelopen zes jaar is gebleken dat het wel goed is om duidelijke kaders en een duidelijke opdracht mee te geven. Het helpt als vanuit de politiek heldere kaders worden meegegeven aan de professionals. Dit steunt hen ook in de gesprekken met de ouders. Mevrouw Van Walraven (SP) zou graag meer bevestigd willen zien dat er vertrouwen is in de professional. Dat kan inderdaad in een toelichting worden opgenomen. De voorzitter geeft de heer Krol het woord voor een conclusie
Commissie O&S d.d. 7 december 2021
11
De heer Krol (CU) zegt dit punt mee terug te nemen naar de fractie en mogelijk met een voorstel te zullen komen. Hij benadrukt dat dit voor hem een zwaarwegend punt is, ook in de beoordeling van de verordening. Spreker gaat verder met het tweede discussiepunt. Hij wijst erop dat artikel 4.3c inhoudt dat er alleen individuele jeugdhulpverlening komt als er geen oplossing is binnen andere regelingen of wetten. Dat houdt een risico in dat kinderen van het kastje naar de muur worden gestuurd. Het is niet goed dat de gemeente zich in deze regeling verschuilt achter andere regelingen. Het artikel moet worden aangepast. Er moet gekeken worden binnen andere regelingen en wetten, maar dat mag nooit een excuus zijn om zorg die valt onder de jeugdwet niet te leveren. De verordening is op dat punt niet secuur. Wethouder Damen geeft een toelichting op de tekst. De andere wetten in het zorgsysteem zijn strikt afgebakend. Als het niet lukt om binnen die wetten hulp te verlenen, dan is er altijd nog de jeugdwet. Via de jeugdwet wordt vaak de volwassen GGZ voor ouderen betaald. Met deze tekst wordt beoogd dat er kritisch wordt gekeken of de andere wetten voldoende benut worden. Bijvoorbeeld bij ouders met psychische problemen waardoor het kind in de knel komt. Met dit artikel wordt daar iets meer tegenwicht aan geboden.
De heer Krol (CU) zegt het helemaal eens te zijn met de wethouder wat het doel betreft. Maar het zou iets genuanceerder beschreven moeten worden. De heer Rowaan (GL) meent dat de heer Krol de volgorde niet juist ziet als hij zegt dat er eerst een indicatie is en dan de verordening. Hij legt uit hoe de procedure werkt. De gemeenten zijn de allerlaatste stap in het hulpverleningstraject. Het wordt te gemakkelijk doorgeschoven naar de gemeente. Mevrouw Güler (PS) wijst erop dat een aanvraag voor de Wet langdurige zorg niet zo gemakkelijk gaat. Misschien kan er wel aangegeven worden dat het JGT helpt bij het aanvragen daarvan. De heer Krol (CU) zegt het punt mee terug te nemen en er nog op terug te komen. Hij gaat verder met artikel 4.3d. Daarin wordt aangegeven dat jongeren alleen individuele hulp kunnen krijgen als er geen passend groepsaanbod is. Dat suggereert dat groepshulp altijd te prefereren is boven individuele begeleiding. Hou verhoudt zich dat tot de indicatie die door de professionals is gegeven? Wat hem betreft wordt dit hele artikel geschrapt. Mevrouw Güler (PS) is het eens met de heer Krol. Groepsbegeleiding kan een hulpmiddel zijn, maar het een mag het ander niet uitsluiten. Mevrouw Van der Jagt (PvdA) steunt het voorstel van de heer Krol niet. Er wordt gewoon eerst gekeken of de hulp in groepsverband kan terwijl het goed aansluit bij de hulpvraag.
Als individuele hulp beter zou werken, dan moet dat gebeuren. Mevrouw Van Walraven (SP) vindt dat de gemeente op deze manier veel te veel op de stoel van de professional gaat zitten. Laat het over aan de professional. Mevrouw Voorwald (VVD) sluit zich aan bij de woorden van mevrouw Van der Jagt. De heer Krol (CU) zegt ook dit punt nog mee terug te zullen nemen. Het is een belangrijk voorstel, maar mogelijk is er onvoldoende steun voor. Hij gaat verder met artikel 10.1, waar de verordening stelt dat het gezinsplan de verantwoordelijkheid is van de ouders en kinderen. Samen met het Jeugdteam kunnen ze een goed plan opstellen. Ook dit zou omgedraaid moeten worden: de professionals zijn verantwoordelijk voor een goed gezinsplan. Mevrouw Voorwald (VVD) is van mening dat het juist geformuleerd is. Er staat dat de jeugdige en/of ouders samen met het Jeugdteam een gezinsplan opstellen. Dat is precies zoals het zou moeten. Wethouder Damen zegt dat het uitgangspunt bij deze verordening is dat de ouders zelf wat meer verantwoordelijkheid en regie krijgen op het dagelijks leven. Er wordt steun gegeven vanuit het Jeugdteam, maar het plan moet van de ouders zelf zijn. Ze moeten intrinsiek gemotiveerd zijn.
Commissie O&S d.d. 7 december 2021
12
De heer Rowaan (GL) zegt zich daarbij aan te sluiten. De ouders en het gezin moeten zelf die rol krijgen en als dat niet lukt dan biedt het Jeugdteam hulp. Hij komt nog terug op het vorige punt van de heer Krol. Hierover heeft hij nog twijfels, maar zegt eventueel wel mee te willen denken over wat de zin over het groepsaanbod oproept. Mevrouw Halilović (D66) zegt dat de toelichting van de wethouder voor haar toereikend is. Mevrouw Van der Jagt (PvdA) sluit zich aan bij de VVD, GL, D66 en de woorden van de wethouder. Het is goed dat de regie bij de jongere of de ouder en het kind zelf ligt. De heer Krol (CU) zegt een afweging te zullen maken. Discussiepunten mevrouw Güler (PS) Mevrouw Güler (PS) geeft een korte toelichting op haar discussiepunt. Ten opzichte van vorig jaar is het aantal thuiszitters op het VO in deze regio verdubbeld. Deze groep kampt vaak met angst, depressie, anorexia of autisme. Ze zijn daarom gebaat bij een op maat gemaakt programma waarbij onderwijs en zorg wordt gecombineerd. Helaas zijn er wachtlijsten, vaak het gevolg van de door de gemeente ingestelde budgetplafonds. Er zijn zorgaanbieders die wel plek hebben. Een budgetplafond mag geen reden zijn om een kind geen zorg te bieden. Gemeenten zijn in dat geval verplicht om een financiële uitzondering te maken of om te regelen dat er bij een andere zorgaanbieder plaats is.
Mevrouw Güler vraagt de commissieleden of zij het eens zijn met het feit dat er coulanter omgegaan zou moeten worden met dispensatie als er sprake is van budgetplafonds en of de commissie het ermee eens is dat het welzijn van het kind belangrijker is dan het financieel grip houden op het sociaal domein. Mevrouw Van Walraven (SP) zegt het daar grondig mee eens te zijn. De heer Rowaan (GL) zegt dit lastig te vinden. Zijn partij is tegen budgetplafonds, omdat het niet gaat helpen om de kosten te drukken. Tegelijkertijd komt vanuit de regio de vraag naar budgetplafonds. Dat de kwaliteit van zorg en snelle adequate zorg belangrijker is dan kostenbeheer is duidelijk. Daarvoor is ook een motie ingediend, speciaal voor de specialistische GGZ. Maar er zijn op dit moment geen aanknopingspunten om meer ruimte te bieden voor dispensatie, los van wat er al in gang gezet is. Mevrouw Güler (PS) vraagt de heer Rowaan wat hij bedoelt met dat er vanuit de regio vraag is naar budgetplafonds. De heer Rowaan (GL) meent dat het afschaffen van budgetplafonds niet alleen in Leiden besloten kan worden. Dat moet dan in de hele regio. Mevrouw Güler (PS) zegt dat het niet de bedoeling is om budgetplafonds af te schaffen, maar om er coulanter mee om te gaan. Het ministerie geeft ook aan dat er een uitzondering gemaakt mag en moet worden als er heel hard hulp nodig is.
Wethouder Damen merkt op dat het haar niet duidelijk is hoe dit moet leiden tot een wijziging in de verordening. Met een beperkt budget zijn de budgetplafonds een manier om te sturen. Dat is niet in deze verordening geregeld, maar in allerlei andere documenten. Dit is een vrij algemene discussie. De heer Rowaan (GL) geeft aan dat er nu bij crises al uitzonderingen worden gemaakt. Er kunnen wachtlijsten ontstaan, maar daar wordt aan gewerkt met de motie die gezamenlijk is ingediend. Hij zegt niet te begrijpen waarom er meer ruimte moet zijn voor dispensatie. Mevrouw Güler (PS) zegt de wethouder wel te begrijpen, het is inderdaad wel lastig om het in deze verordening te plaatsen. Afhankelijk van de reacties van de commissie gaat ze er nog over nadenken of ze er iets mee kan doen. Mevrouw Voorwald (VVD) meent dat het belang van goede zorg hier wel degelijk voorop staat. Het is goed dat er gekeken wordt waar er nog ruimte is, zodat er zo snel mogelijk hulp geboden kan worden. Deze verordening is een technische uitwerking van wat er in de raad en in de regio is afgesproken. Mevrouw Güler (PS) zegt dit te begrijpen. Ze zegt het mee terug te nemen naar de fractie.
Commissie O&S d.d. 7 december 2021
13
De voorzitter geeft mevrouw Walraven het woord in verband met haar voorstel over professionalisering. Mevrouw Van Walraven (SP) zegt er nog over na te willen denken en eventueel met de heer Krol (CU) te overleggen. De voorzitter stelt vast dat dit als een bespreekstuk naar de gemeenteraad gaat.
10.
SLUITING
De voorzitter bedankt wethouder Damen voor haar inzet en betrokkenheid bij de onderwerpen. Ze wenst haar het allerbeste. In de gemeenteraad volgt een officieel afscheid. Ze wenst de commissieleden nog een fijne avond.
Commissie O&S d.d. 7 december 2021
14