Verslag raadscommissie Stedelijke Ontwikkeling d.d. 28092021
Tekst van het document
Gemeenteraad van Leiden Conceptverslag van de vergadering van de raadscommissie Stedelijke Ontwikkeling gehouden op dinsdag 28 september 2021 in het gebouw van het Hoogheemraadschap Rijnland De integrale gesproken tekst van de vergadering en eventuele insprekers is te beluisteren op leiden.raadsinformatie.nl.
Aanwezig: Leden commissie SO:
Leden college: Insprekers: Raadsadviseur:
1.
De heer M. de Crom (VVD), de heer S. van Diepen (D66), de heer A. Friso (D66), mevrouw J. Heijnen (CDA), de heer H. van der Kaap (PvdD), de heer M. Kersten (PS), de heer A. Liemburg (PvdA), de heer W. van Peijpe (GL, voorzitter), de heer T. Rovers (SP), de heer A. Siwpersad (LP), de heer I. van Spronsen (GL), de heer P. van der Woerd (CU) Mevrouw F. Spijker (D66, wethouder Duurzame Verstedelijking, Ruimte en Wonen) De heer H. Slot, mevrouw W. Raspe, de heer C. Bollemeijer, de heer Schelvis, mevrouw P. Kort De heer E. Teunissen
Opening en vaststelling agenda
De voorzitter opent de vergadering om 20.06 uur. Hij ziet dat er voldoende leden aanwezig zijn. Hij heet iedereen welkom, nu weer in deze fysieke omgeving. Hij is daar blij mee, ook al had hij bij de digitale vergaderingen veel plezier met de diverse achtergronden van de commissieleden. De magnetron of oven van de heer Van der Kaap was daarbij een absoluut hoogtepunt. Bij het raadsvoorstel over de Corantijnstraat worden vier insprekers verwacht. Als hamerstuk is aan de agenda toegevoegd de beleidsregel standstill verkamering. Er is echter toch een inspreker bij dit onderwerp. Er zijn berichten van verhindering van mevrouw Gilissen en de heer Gaulard. Mevrouw Heijnen komt iets later, de heer Siwpersad komt rond 21.00 uur. Spreker ziet dat er geen bezwaar is tegen het vaststellen van de agenda.
2.
Burger aan het woord
De voorzitter geeft aan dat niemand zich heeft aangemeld.
3.
Mededelingen, rondvraag en regionale aangelegenheden
De voorzitter meldt dat er geen mededelingen of punten voor de rondvraag zijn. Er is wel een portefeuillehouders-overleg Economie en Leefomgeving van Holland Rijnland geweest op 22 september 2021. Op de agenda daarvoor stond een aantal redelijke relevante voorstellen. Wethouder Spijker zal hierover een terugkoppeling geven. Wethouder Spijker is niet de hele tijd bij dit overleg aanwezig geweest, maar de belangen van Leiden zijn goed behartigd. Zij had de annotatie voor deze vergadering vooraf aan de voorzitter van het overleg gezonden. Voor het laatste punt heeft zij de belangen van Leiden laten behartigen door wethouder Cramwinckel van Voorschoten. Op de agenda stond de planlijst woningbouw en monitor 2021. In de Omgevingsvisie Zuid-Holland vraagt de provincie om het regionale woningbouwprogramma jaarlijks te actualiseren. Dat gebeurt op basis van de regionale woonagenda. Die monitor is onderwerp van gesprek geweest. In haar brief aan de provincie gaat Holland Rijnland in op de nieuwe woningbehoeftecijfers van Holland Rijnland. De provincie heeft die cijfers verstrekt op het niveau van Holland Rijnland. De gemeente Leiden heeft gezegd dat zij gewoon de behoeftecijfers Commissie Stedelijke Ontwikkeling d.d. 28 september 2021
2
per gemeente wil hebben. De provincie beschikt daar ook over. Dit is al eerder bij de provincie neergelegd en Leiden heeft nu gezegd dat het echt die cijfers wil hebben. De conclusie van het overleg is dat er een tekort is van ongeveer 10% ten opzichte van de 130% van de behoefteprognoses van de provincie. De regio staat dus echt wel voor een opgave. Het overleg is op de realisatie ingegaan en kwam daarbij tot de conclusie dat er veel wordt gebouwd, maar dat de druk op de woningmarkt aanzienlijk is. Leiden voelt dat ook elke dag op de eigen woningmarkt. Ook heeft het overleg gesteld dat de behoefte groeit en dat in de plannen rekening moet worden gehouden met planuitval. Het overleg wil daarom voldoende plannen in de pijplijn hebben. Bij dit onderdeel is ook de sociale huur behandeld. Qua nieuwbouwplannen zit Holland Rijnland op ongeveer 31 % en voldoet dus aan de doelstelling van 25% sociale woningen, maar er moet ook op het niveau van Holland Rijnland rekening worden gehouden met sloop. Als de sloop wordt afgetrokken, is een klein dipje te zien. Het tweede onderwerp was de Bestuursopdracht wonen/actualisatie regionale woonagenda en heroriëntatie woonruimteverdeling. Het gaat daarbij over die nieuwe regionale woonagenda. Spreekster doet een beroep op de commissie om betrokkenheid daarbij te tonen.
In haar rapport van 26 september 2019 heeft ook de Rekenkamercommissie gezegd dat de raad zich vooral bezig moest houden met de woningbouwopgave. Die krijgt nu vorm. Er wordt echt toegewerkt naar die nieuwe regionale woonagenda. Op 3 november 2021 is er een themacafé met een dialoogsessie. Uiteindelijk wordt toegewerkt naar een eerste concept dat in de inspraak zal komen. Dat zal ongeveer in januari 2022 zijn. Spreekster heeft in afstemming met de andere gemeenten in de Leidse regio ook gezegd dat het haar wel verstandig lijkt om dit ook onderwerp van gesprek in de verkiezingen te laten zijn. Zij weet immers dat woningbouwbehoefte en aantallen altijd een politiek onderwerp zijn. Zij heeft verzocht om daarmee in elk geval in de planning van Holland Rijnland rekening te houden zodat een nieuwe raad zich daarover op wat voor manier dan ook kan uitspreken. Het derde onderwerp waren de woonwagenstandplaatsen en de wijziging van de Huisvestingsverordening. Daarbij gaat het om de verdeling van de woonwagenstandplaatsen. Zij heeft eerder aan de commissie toegezegd dat het college het aantal woonwagenstandplaatsen op het niveau van de sub-regio aanpakt. Dit gaat echter over de verdeling. Een voorstel daarover ligt voor en het portefeuillehouders-overleg heeft daarmee ingestemd. Dat voorstel is gericht op een eerlijke en transparante verdeling van de woonwagenstandplaatsen.
De vertegenwoordigers van de woonwagenbewoners zijn hier nauw bij betrokken. Dit gaat nu de inspraak in. Op een bepaald moment wordt dit ook geagendeerd voor deze raadscommissie. De voorzitter stelt vast dat er geen vragen zijn. Een tweede regionaal punt is een raadsconferentie Leidse regio op 29 september 2021 in Leiderdorp. De leden kunnen zich aanmelden voor deze bijeenkomst waar zij collega’s uit de vier gemeenten rond Leiden kunnen ontmoeten en met hen in een aantal deelsessies kunnen praten over in de uitnodiging vermelde onderwerpen. Er is nog genoeg plaats.
4.
Besluitenlijsten commissie Stedelijke Ontwikkeling van 31 augustus en 7 september 2021
De voorzitter deelt mee dat deze besluitenlijsten vanmorgen op Politiek Portaal zijn gezet. Het is dus wat kort dag, maar spreker vraagt de commissie toch om deze vast te stellen. Hij ziet dat er geen bezwaren zijn en stelt de besluitenlijsten vast. 5.
Lijst van toezeggingen en actiepunten
De voorzitter geeft aan dat deze lijst de volgende vergadering wordt toegevoegd.
6.
RV 21.0092 Tijdelijke beleidsregel standstill
Volgens de voorzitter is dit een enigszins buitengewoon hamerstuk. De leden van de commissie hebben zich daarover kunnen laten informeren. Het college stelt voor om voor de Huisvestingsverordening als onderdeel van de Verordening Fysieke Leefomgeving een standstill toe te passen. Het gaat om een niet voorziene juridische ontwikkeling elders in het land die gevolgen heeft voor het verkameringsbeleid zoals Leiden dat nu heeft. Dat is gebaseerd op juridische zaken die te maken hebben met de leefomgeving en niet zozeer met de Huisvestingsverordening. Dat moet worden rechtgezet en tot die tijd is er tot een standstill besloten en worden er dus geen vergunningen afgegeven. Van de kant van de commissie is niet gevraagd om hier een bespreekstuk van te maken.
Commissie Stedelijke Ontwikkeling d.d. 28 september 2021
3
Het onderwerp gaat dus als hamerstuk naar de raad van 7 oktober 2021, maar er is een inspreker, de heer Hans Slot die wordt vergezeld door de heer Adri Klaassen. Spreker ziet echter niemand verschijnen. De griffier gaat hen halen. Wellicht kunnen de leden zich in afwachting van de komst der insprekers bezinnen op het feest der feesten - 3 oktober – en over de samenstelling van de hutspot. De Spanjaarden hebben immers geen recept achtergelaten. Er is dus geen officieel hutspotrecept. Spreker ziet dat de heren zijn binnengekomen. De heer Slot krijgt drie minuten het woord. De heer Slot had begrepen dat hij burger aan het woord zou zijn en dat voelt hij zich ook wel, maar hij had niet begrepen dat hij bij dit onderwerp zou inspreken. Zijn betoog gaat over verkamering, maar eigenlijk gaat het over 100%. Hij dacht echter dat mensen zouden denken dat dat met geld te maken heeft. Het gaat hem erom dat in de binnenstad het uitgangspunt is, dat nu misschien even is teruggenomen, maar toch blijft bestaan, dat delen van woonstraten 100% verkamerd zijn. Toen hij deze beleidsregel zag begon hij gewoon te trillen. Hij woont op de Langebrug en hij zag toen opeens dat waar hij woont in principe voor 100% verkamerd is. Degene met wie hij samenwoont werd helemaal onrustig en vreesde dat zij misschien uit hun huis zouden worden gezet.
Spreker zei dat het wel niet zo’n vaart zou lopen, maar de emoties liepen ontzettend hoog op. Het Stadhuis aan de Breestraat was dicht, anders was hij er meteen naartoe gelopen. Tot rust gekomen besloot hij een brief aan de burgemeester te schrijven. Hij heeft daar een ontzettend slecht antwoord op gekregen. In tweede instantie kreeg hij een beter antwoord. Hij heeft een uur met de burgemeester gesproken. Hij was daarvan onder de indruk, maar het werd hem ook duidelijk dat het besluit over 100% verkamering toch wel bekend staat als een soort ‘rommelbesluit’. Het is onduidelijk of het college nu zelf de bevoegdheid heeft om het wel te doen zonder dat het in de raad is besproken. Hij weet dat niet, hij ziet niet zo in die regelgeving. Feit is wel dat verkamering van de Langebrug en andere straten met name in de Pieterswijk nooit onderwerp is geweest van officiële inspraak. Dat druist in tegen elementaire vormen van directe democratie en dergelijke. Hij weet niet of het onrechtmatig is, maar dat zou hem niet verbazen. Maar omdat hij die informatie heeft hij gekregen van de voorzitter van het college van burgemeester en wethouders, ook nog voorzitter van de gemeenteraad, dacht hij dat er wel wat van waar zou zijn dat het een rommelbesluit is. Toen heeft hij een brief gestuurd naar de gemeenteraad en alle fractievoorzitters.
Tot zijn grote teleurstelling heeft hij maar van één fractie een antwoord gekregen. Daarvoor was hij dankbaar, maar klaarblijkelijk speelt het in Leiden helemaal niet dat in de binnenstad op deze manier bewoners die hier al decennia wonen in feite de boodschap krijgen dat de gemeente met argusogen kijkt naar de plek waar zij wonen en dat zij aan die plek gewoon een andere functie wil geven, zonder dat die bewoners dat weten. Spreker vindt dit ongelofelijk slecht omgaan met de burgers. Hij heeft aan de burgemeester voorgelegd of dit betekent dat hij niet meer welkom was. Dat was de burgemeester niet met hem eens, maar hij voelt het nog steeds wel zo. Hij geeft nog een voorbeeld. De cultuur bij studenten is aan het veranderen, die gaan veel meer naar buiten. Dat heeft ook iets met corona te maken. Twee weken geleden was het prachtig weer en het was overal vol op de Langebrug. Zijn huisgenoot en hij wilden ook buiten zitten, maar voor het eerst durfden zij niet naar buiten. Het klinkt wat dramatisch, maar zo was het wel. Als zij daar gaan zitten, dan voelen zij zich in een soort habitat zitten die al is overgenomen door de studenten. Dat is absoluut geen prettig gevoel. Als hij bestuurder zou zijn, zou hij dat niet willen. Hij zou actiever zijn, ook naar de bewoners toe die er al lang zitten en ervoor zorgen dat een binnenstad levendig wordt op een andere manier.
Mensen die de Langebrug kennen van veertig jaar geleden zeggen dat deze straat mede door enorme investeringen van private personen geworden is tot wat zij nu is. Hij vindt het nogal wat dat die mensen zo weggezet worden. Hij hoopt van harte dat de commissie vindt dat dit besluit echt niet de schoonheidsprijs verdient en dat zij daarmee echt aan de gang moet. Spreker vraagt of hij binnen de drie minuten is gebleven. De voorzitter geeft aan dat dat niet het geval is, maar dat dat niet geeft. Hij is bij deze inspreker heel flexibel geweest, maar dat betekent niet dat hij dat voor de commissieleden ook zal zijn. Misschien is er enig misverstand bij welk agendapunt het betoog hoort, maar het is duidelijk en het past ook bij dit agendapunt, maar hierbij wordt geen verordening vastgesteld. Er komt een slot op verkamering. Misschien is dat iets waar de heer Slot blij mee zal zijn. De heer Van Diepen hoopt dat de voorzitter hem iets meer tijd geeft. Hij is namelijk een van de architecten van die 100%. Hij probeert de heer Slot zijn gedachtegang mee te geven. De voorzitter is niet zo flexibel. De inspreker heeft een mail gestuurd. Dat betekent dat hij openstaat voor een gesprek. Als de heer Van Diepen als architect de beweegredenen voor zijn ‘bouwsel’ wil uitleggen, raadt hij hem aan contact te leggen met de inspreker en zich nu te beperken tot een vraag.
Commissie Stedelijke Ontwikkeling d.d. 28 september 2021
4
De heer Van Diepen denkt dat het dan handiger is om na de discussie met elkaar te spreken. De heer Liemburg merkt op dat zijn fractie geen voorstander was van de 20%. Voor de rest van de binnenstad heeft de PvdA gezegd dat maximaal 20% verkamerd mag worden. Zou de heer Slot daar wel blij mee zijn geweest? De heer Slot was eigenlijk niet van plan om te antwoorden. Hij staat hier om iets te vertellen en hij wil er niet over discussiëren. De vraag is niet of hij er blij mee is. Er was een beleidsregel: 20% binnenstad. Of dat nu leuk is of niet is een andere discussie, maar ineens wordt het 100%. Daar gaat het om. De heer Van Diepen vraagt hoeveel procent de gemeente zou moeten geven, als zij een deel van de binnenstad quotumvrij wil houden. De heer Slot geeft hier gewoon geen antwoord op. Hij vindt 20% een mooi percentage. Klaar! De heer Friso denkt dat hij nog wel eens een keer kan praten met de heer Slot over de quota, maar naar aanleiding van diens verhaal is hij vooral benieuwd waarom de heer Slot bang is om gebruik te maken van de openbare ruimte voor zijn huis samen met zijn buren. De heer Slot woont bijna dertig jaar in de binnenstad. De vierkante meters in de binnenstad zijn voor iedereen zeer gewild. Iedereen wil die vanuit zijn visie gewoon hebben.
Maar de grote kunst is natuurlijk om het gebruik van die ‘overgebruikte’ binnenstad in balans te laten zijn en niet bepaalde partijen weg te zeten ten faveure van anderen. Hij weet dat het moeilijk is die balans te vinden, maar dat is een kwestie van creatief besturen, er dynamisch mee omgaan, met iedereen praten en proberen begrip te krijgen over hoe het beter kan. Het is onbegrijpelijk zoals dit is gegaan. Hij had gedacht dat hij als open burger iets voor de gemeenteraad moest zeggen. Hij wist niet dat het een commissievergadering was. De voorzitter merkt op dat bij de raadsvergadering het agendapunt burger aan het woord niet bestaat. De heer Slot is hier dus op zijn plek. Dit agendapunt leent zich daarvoor, ook al is het een hamerstuk. De heer Kersten vindt het goed om de verbazingwekkende verbazing en de emotie van de heer Slot te zien. Heeft hij, toen de raad de verordening vaststelde, niet overwogen om in bezwaar te gaan en een zienswijze in te dienen? De heer Slot denkt dat hij toen niet in de stad was of zo. Het is aan zijn aandacht ontsnapt. De heer Kersten vraagt of ook de heer Klaassen dat niet heeft overwogen. Heeft de heer Slot er niets over vernomen in de wijkvereniging? De heer Slot antwoordt dat hij, als hij nu kijkt naar de wijkkranten en interventies van anderen, ziet dat het in het debat al veel langer speelt.
Vroeger was hij heel actief in de wijkvereniging. Nu is hij een heel actief burger, hij houdt niet zo van het bestuurlijke. Hij heeft het kennelijk gewoon laten passeren. Spreker dankt voor de gelegenheid om te spreken. Hij heeft een paar uitnodigingen. Hij heeft een brief geschreven en daar staat zijn adres ook in. De voorzitter merkt op dat de commissiegriffier ook zijn gegevens heeft. Ook via hem is de heer Slot vindbaar. Spreker sluit dit agendapunt met de conclusie dat het een hamerstuk wordt in de raad. Hij heeft ook niet gehoord of gezien dat er fracties zijn die tegen zullen stemmen. Dan wordt het voorstel dus met algemene stemmen aanvaard.
7.
RV 21.0079 Nota van uitgangspunten woningbouwontwikkeling Corantijnstraat/horen insprekers
De voorzitter zet uiteen dat er hier drie woonblokken staan. Portaal wil deze woonblokken slopen voor de bouw van nieuwe woningen. Er is een intentieovereenkomst afgesloten met de gemeente, maar de commissie weet inmiddels dat dit plan niet past in het bestemmingsplan. Er wordt dus een Commissie Stedelijke Ontwikkeling d.d. 28 september 2021
5
nota van uitgangspunten vastgesteld door de raad. De inhoudelijke behandeling van dit raadsvoorstel vindt plaats op 12 oktober 2021. De leden kunnen tot en met 5 oktober 2021 nog vragen stellen. Het college heeft tot 11 oktober 2021 de tijd om de vragen te beantwoorden. Vanavond zijn er vier insprekers. Mevrouw Raspe is niet helemaal optimaal na vier uur in de file vanuit Drenthe en vraagt de commissie om clementie, als zij zo meteen wat sukkelig op de vragen antwoordt. Zij woont in een blok naast de Zijl en de bewoners van dat blok hebben een aantal jaren geleden hun pand gerenoveerd. Er zijn nieuwe staande leidingen aangebracht, oud stenen zijn vervangen en er is opnieuw gevoegd en geverfd. De 36 bewoners moesten meer dan een ton betalen. Aan de overkant staan woningen van Portaal en Portaal zit nu met hetzelfde probleem. Zij vraagt de commissie zich voor te stellen dat haar groep bewoners aan de gemeente had voorgesteld om dat mooie speeltuintje tegenover hen aan hen te verkopen. Dan zouden zij daar een paar mooie bungalows op neer kunnen zetten en van de winst op die bungalows zouden zij hun panden kunnen renoveren en iedereen zou daar dan blij mee zijn. Dan zou de commissie gevraagd hebben of mevrouw Raspe gek was geworden. Dat is gemeenschappelijke grond en dat is niet zomaar voor een aantal bewoners.
Maar vandaag voelt zij zich toch een beetje Calimero, het televisieprogramma met de zin: ”Zij zijn groot en ik ben klein”. Nu heeft deze groep bewoners tegenover zich een grote woningbouwvereniging die heel veel geldelijke belangen in de regio heeft en ook de raad als politieke instelling scoort met het bouwen van nieuwe huizen. Daar is immers vraag naar. Tegen de bewoners wordt gezegd dat zij vooral sociaal moeten zijn. Maar zij vindt dat sociaal iets is dat van iemand zelf uit moet gaan. Dat is ook zo bij de bewoners. Carla ruimt het vuil op met een prikker, Paulien, die zo meteen spreekt, plant allemaal plantjes bij het openbare groen en spreekster is jurist en gaat pro deo voor het sociaal wijkteam werken. Zo hebben de bewoners allemaal veel inbreng en zo zijn zij sociaal ten opzichte van de wijk. De heer Van Peijpe kent haar in dat verband nog wel, evenals de wethouder, uit de tijd dat die pechmannen daar gehuisvest werden. Nu wordt de bewoners eigenlijk opgelegd dat zij iets moeten doen. Zij moeten namelijk afstand doen van hun voortuin, van het zonlicht en van het rustig wonen. Het rare is dat zij daar helemaal niet in worden gekend. Spreekster heeft Portaal ooit gebeld toen zij bij de fysiotherapeut van iemand van Portaal hoorde dat hij hier alles plat ging gooien. De reactie van Portaal was dat de corporatie dat helemaal niet van plan was.
Op een gegeven ogenblijk bleek dat dat plan er toch was. Dat was de bewoners niet verteld. Spreekster heeft vele gesprekken gehad met een zekere Merlijn van Portaal, een heel aardige jongen. Zij heeft hem uitgelegd dat er een gerechtelijke uitspraak uit het verleden ligt dat er niet gebouwd mag worden. Hij ging het opzoeken. Vervolgens heeft zij aardige mensen van de gemeente aan de lijn gehad die zeiden dat daar helemaal niet mag worden gebouwd en dat het terrein een wijkfunctie heeft. De voorzitter onderbreekt mevrouw Raspe. Ondanks haar lange reis uit Drenthe is zij aardig op dreef met haar verhaal. Hij is misschien wel flexibel, maar hij waarschuwt haar in verband met de tijd en vraagt haar anekdotes achterwege te laten. Mevrouw Raspe zal haar betoog afronden, maar wijst erop dat de bewoners nergens in worden gekend. De commissie kan zien dat wat de bewoners tijdens de inspraak-dag hebben ingebracht niet is meegenomen. Er is een ander besluit genomen. Spreekster komt uit een bouwfamilie. Bouwers willen bouwen, maar zij vraagt de commissie om ook al die punten van de bewoners mee te nemen zodat zij na haar werk op haar balkon nog in de zon kan zitten, dat zij geen lallende buren tegenkomt en dat er geen inkijk komt en zo.
Die gerechtelijke uitspraak was er toch niet voor niets? Zij vraagt de commissie aan de bewoners te denken, het zijn allemaal werkende mensen, maar zij hebben niet het geld om ergens anders te gaan zitten. De heer Kersten vraagt wat mevrouw Raspe met haar verhaal heeft gedaan in de richting van de gemeente. Mevrouw Raspe heeft allerlei brieven naar de gemeente gestuurd. Zij heeft daar ook antwoord op gekregen, waaronder de reactie dat zij zich niet druk hoefde te maken omdat dit stuk grond helemaal niet wordt verkocht. Het zou gaan om bouwen op de ‘voetafdruk’, de plek waar nu die flats staan. Er werd gezegd dat het misschien een laagje hoger zou worden, maar dat dat het dan wel zo ongeveer was. De bewoners zijn absoluut niet tegen nieuwbouw, ook al zitten zij dan een paar jaar met herrie en een bouwlamp in de slaapkamer, maar zij hebben ook belangen. Dat is het probleem niet. De commissieleden hebben vast haar huiswerk van de afgelopen dagen bekeken. Zij krijgt een muur pal voor haar neus en daarvoor heeft zij dat huis niet gekocht. Van Portaal krijgt zij de horen dat de
Commissie Stedelijke Ontwikkeling d.d. 28 september 2021
6
communicatie via de gemeente gaat. Dat overleg met die aardige Merlijn is helemaal niet meer aan de orde. Die zei toen ook al dat hij het helemaal met haar eens kan zijn, maar dat hij overruled wordt. Spreekster nodigt de leden van de commissie uit om deze week hier te komen kijken. Zij was met iemand van de gemeente bezig om meer groen in de wijk te realiseren en die wist ook helemaal niet dat dit eraan kwam. Zij verzoekt de wethouder die gerechtelijke uitspraak op te zoeken. De voorzitter onderbreekt mevrouw Raspe opnieuw. Zij spreekt de commissie toe, de wethouder is hier te gast. Het is niet de bedoeling om bij het inspreken over dit agendapunt met haar van gedachten te wisselen. Uiteraard kan mevrouw Raspe contact opnemen met de wethouder. De heer Van Spronsen is in die wijk opgegroeid. Hij begrijpt de zorgen van mevrouw Raspe, maar de commissie moet zich ook zorgen maken over het wonen in deze stad. Er is in dit gebied niet veel groen en wel heel veel steen. In de plannen komt er heel veel groen bij. Zijn vraag is hoeveel meter er zit tussen haar woning en die nieuwe huizen. Mevrouw Raspe hoort de heer Van Spronsen zeggen dat er zoveel steen is. Dat valt wel mee. Er is een grote lap groen en er is op dit moment nog een brede stoep. Zij was met de mijnheer van de gemeente van het groen bezig over versmalling van die stoep waardoor er meer groen komt.
De heer Van Spronsen heeft het over dat parkeerterrein, dat ligt verderop in de richting van de Paramaribohof bij de hoogbouw. Dat parkeerterrein staat ook altijd helemaal vol. Als zij straks naar huis rijdt, moet zij drie rondjes rijden om een plek te vinden. Haar buurman Cor wees haar erop dat al het groen dat wordt aangekondigd hun tuin is. Dat is privégrond die de bewoners morgen met klinkers zouden kunnen bedekken, als zij dat zouden willen. Er wordt gezegd dat er een binnentuin komt, maar zij wil graag dat de commissieleden komen kijken. Dan kunnen zij zien dat, als er op het speelterrein nog twee flats worden gebouwd, er nog maar een soort brandgang overblijft. Dat noemt zij geen tuin. Het is een stukje tussen twee flats zodat de bewoners niet de hutspot op elkaars bord kunnen zien. Voor haar huis is er eerst de voortuin, dan is er een smal stoepje, vervolgens is er een straatje met een plek waar haar auto staat en daarna wil de gemeente meteen die flat gaan bouwen. Dan heeft spreekster geen zon meer en dan kijkt iemand bij haar recht naar binnen. Als zij dat geweten had, was zij wel in de Merenwijk blijven wonen. De voorzitter merkt op dat de uitnodiging wordt herhaald. De commissie moet zelf bekijken hoe zij dat gaat organiseren. De heer Liemburg vindt het inderdaad een mooi buurtje. De afgelopen acht jaar waren de bewoners zijn achterburen.
Mevrouw Raspe zegt dat zij niet werd geïnformeerd en dat zij van niets wist evenals alle mensen die zij spreekt. Maar in april 2019 stond al in de krant dat al die flats daar zouden worden gesloopt. Op welk moment hoorde zij dat dan? Mevrouw Raspe antwoordt dat dat daarvoor speelde. Zij zat toen bij de fysiotherapeut en hoorde daar van iemand van Portaal die zei dat Portaal de gebouwen ging platgooien tot aan het water. Zij zei toen dat zij dat knap vond omdat het haar eigendom is. Toen is zij gaan bellen. De gemeente wist nog van niets en bij Portaal werd gezegd dat zij van niets wisten, maar blijkbaar zat men daar toen wel aan te denken. De heer Liemburg begrijpt dus dat mevrouw Raspe wel twee jaar op de hoogte is van het feit dat daar plannen worden gemaakt. Heeft zij in die periode met iemand van de gemeente of van Portaal kunnen spreken? Mevrouw Raspe heeft de gemeente geschreven, zoals zij al eerder heeft gezegd. De gemeente zei dat er niet wordt gebouwd op dat stuk groen omdat dat een wijkfunctie heeft. Dat is ook zo: mensen uit de hele wijk komen daar om te zitten en spelen. Zij had dus last van gerechtvaardigd vertrouwen zoals dat in de juridische wereld heet. Zij heeft die mijnheer van Portaal gesproken. Die zei toen ook dat de zaak wordt platgegooid en dat er misschien kleinere huizen in komen. Zo is erover gepraat.
Zodra dit plan was ontstaan, was er een diepe stilte. Dat vindt zij echt wel vervelend. Zij heeft het gevoel dat zij er heel veel van haar tijd insteekt en dat er tegen haar wordt gezegd dat zij lief is en dat er aan haar wordt gedacht. Zij is vorig jaar niet naar die informatievond gegaan omdat zij maar één long heeft en met corona niet naar buiten wilde gaan. Maar de andere bewoners zijn daarnaartoe geweest. Zij mochten daar stickertjes plakken. Zij hadden echt het gevoel dat er naar hen werd geluisterd, maar in het verslag dat de commissieleden voor zich hebben is te zien dat de bewoners
Commissie Stedelijke Ontwikkeling d.d. 28 september 2021
7
iets vinden, maar dat er een andere keuze is gemaakt. Dan doet iemand een hoop moeite voor niets. De voorzitter veronderstelt dat de gegevens van mevrouw Raspe bij de commissiegriffier bekend zijn. Commissieleden kunnen contact met haar opnemen en zij kan een datumvoorstel doen. Dat moet dan niet te lang wachten. Mevrouw Raspe is mantelzorger voor haar moeder in Drenthe. Zij is nu in Leiden. Als commissieleden willen komen kijken, dan kan dat deze week. Anders zit zij weer acht uur in de auto. De voorzitter merkt op dat de commissie dit meeneemt. Het is aan de commissie om contact met haar op te nemen. De heer Bollemeijer vindt het erg fijn dat hij fysiek op locatie kan spreken. Dat voelt toch als het einde van een bijzonder periode. Ook hij nodigt de commissieleden uit om te komen kijken. Hij hoort dat er jeugdherinneringen worden opgehaald en stelt voor om dat gezamenlijk in de wijk te doen. Begin 2020 zijn de bewoners uitgenodigd om te participeren. Dat voelde heel goed. Zij konden met plakkertjes aangeven wat zij wilden. De belangrijkste wens van de bewoners was om binnen de rooilijnen van de bestaande bebouwing te blijven en het niet te hoog te maken. Daarna is er lang radiostilte geweest. Toen kwam het concept van de nota van uitgangspunten. Zijn eerste vraag was of de bewoners hier nog iets van konden vinden.
Het antwoord was dat dat niet kon en dat, als de bewoners hier iets van vinden, zij naar de raadscommissie moeten. Dus is hij hier. Toen hij ging lezen, begon het goed. Er stond dat de Corantijnstraat onderdeel is van een kleine wederopbouwbuurt met goede stedenbouwkundige en architectonische kwaliteit. Daar is hij het geheel mee eens en hij dacht dat de kwaliteit wordt erkend van hoe het nu is opgebouwd. Verder was er een opsomming van wat er in 2020 bij de participatie is opgehaald. Daarin staat dat gevraagd wordt om te blijven binnen de footprint en de ruimte open te houden zodat de bewoners een mooi uitzicht hebben op het groene plein. In hoofdstuk 4 is te lezen hoe dit is verwerkt. Hij vond dat goed: er wordt besproken hoe het verwerkt is en, als het niet verwerkt is, waarom dat niet is gebeurd. Dan worden de belangen afgewogen. Helaas is in hoofdstuk 4 niets te vinden over hoe de belangen van de bewoners zijn meegenomen. Er staat alleen maar dat het hele veld wordt volgebouwd. Hij hoopt dat, als de belangen van de bewoners niet worden afgewogen door het gemeentelijke team, dat dan op bestuurlijk niveau, dus bij deze commissie, gebeurt. Als hij de maquette van Portaal bekijkt, dan ziet hij dat het hele veld wordt volgebouwd.
Hij heeft een schetsje gemaakt van hoe het er nu uitziet vanaf zijn balkon en van wat mogelijk gemaakt zal worden, als de nota van uitgangspunten wordt vastgesteld. Dat schetsje zit ook bij de stukken. Ook is daarop te zien hoe dichtbij de bebouwing komt. Aan mevrouw Raspe werd daarnet gevraagd hoever de nieuwe bebouwing van de bestaande woningen verwijderd is. De rooilijn van het gebouw waar de bewoners op uitkijken komt dichterbij en het nieuwe gebouw wordt helemaal doorgetrokken. De bewoners gaan van een pleingevoel naar een straatgevoel. De bewoners zullen hun fraaie uitzicht geheel missen. Spreker geeft nog mee dat een goede ruimtelijke ordening iets anders is dan woningen knallen. Het hoeft elkaar absoluut niet te bijten. Er moet met woningen worden geknald omdat er behoefte is aan woningen. Maar in de huidige bebouwing zitten woningen van 130 m2. Ook binnen het huidige volume kan er dus flink worden verdicht door iets kleinere woningen te bouwen. Een corporatie zal woningen van 130 m 2 nooit meer terugbouwen. Spreker vraagt de commissie om onderzoek te doen naar wat er binnen het huidige volume kan of desnoods met een verdieping erbovenop. Er is nu niet een aantal scenario’s neergelegd en afgewogen. Er is één scenario gemaakt en dat ligt bij de commissie voor. Volgens hem is veel meer mogelijk. Ook in dezer wijk kan flink worden verdicht. Hij komt tot zijn laatste punt.
De voorzitter vraagt het een beetje kort te houden. De heer Bollemeijer zal het kort houden. Het is nu 100% sociale woningbouw. Hij heeft daar niets tegen, maar volgens hem zijn er ook andere belangen in de stad, zoals starterswoningen en ouderenhuisvesting om de doorstroming te bevorderen. Het argument wordt gebruikt dat deze locatie al van Portaal is. De enige locaties die op dit moment van Portaal zijn zijn de flanken van deze locatie. Het hele binnenterrein is niet van Portaal. Dat zou een nieuwe gronduitgifte worden. Spreker vraag de commissie om in ieder geval te zorgen voor een goede differentiatie zodat iedereen een kans maakt, ook de starters op de woningmarkt. Hij eindigt waarmee hij begon: de uitnodiging om te komen kijken De heer Schelvis is iets meer dan een jaar geleden in de Paramaribostraat komen wonen. Hij heeft hier het uitzicht op flats met balkons die ondersteund worden door stalen constructies. Dat ziet er niet
Commissie Stedelijke Ontwikkeling d.d. 28 september 2021
8
bepaald netjes uit. Hij is dan ook blij dat deze huizen gesloopt zullen worden en dat er nieuwbouw voor in de plaats komt. Deze balkons vormen maar een stukje van zijn uitzicht. Het grootste deel van zijn uitzicht is een mooi groen grasveld met speeltoestellen waar hij veel mensen bij elkaar ziet komen. Maar uit de recente nieuwsbrief en de buurtbijeenkomsten blijkt dat Portaal een nieuwbouwplan overweegt. Volgens de maquette komt er een gebouw van vier verdiepingen, pal voor zijn neus. Hierdoor verdwijnt het uitzicht, de zoninval vermindert en er staat opeens een gebouw met inkijk in de bestaande woningen. Hij zou graag zien dat de flat pal voor zijn woning zou verdwijnen. Mevrouw Kort woont in een koopappartement in de Paramaribostraat. Zij heeft geen bezwaar tegen het plan om de huidige portiekflats te slopen en hiervoor duurzame woningen terug te bouwen en zeker niet, als hierdoor de kwaliteit van de woonomgeving een impuls zal krijgen. Zij heeft vier punten van zorg naar aanleiding van de nota van uitgangspunten. Er zullen in plaats van de 88 woningen die er nu zijn 160 tot 170 woningen worden gebouwd in zes woonlagen en er komen geen extra parkeerplaatsen. Haar vrije uitzicht komt hiermee te vervallen en in plaats daarvan kijkt zij straks bij de nieuwe overburen naar binnen.
De zon blijft in het voorjaar en in het najaar verscholen achter de nieuwe hoge woonblokken en er zal ook windhinder zijn door die hoge woonblokken. Haar tweede zorg is dat door de verdubbeling van het aantal sociale woningen ook de overlast zal toenemen. Zij denkt aan geluid, vervuiling, agressie en parkeeroverlast. Zij verzint dit niet zelf, dit staat ook op de website van Portaal. Haar derde punt van zorg betreft het groen. Dat komt nergens in de wijk terug. De speelplek die nu centraal ligt in de wijk zal worden ingebed tussen de hoge torens van de woonblokken en zal zo haar functie als openbare speelruimte verliezen. Spreekster beveelt dan ook aan om de sociale cohesie die nu in de wijk bestaat te behouden. Dat kan eventueel door het vermeerderen van het aantal sociale huurwoningen, maar er kan ook worden gedacht aan starterswoningen of de reeds door vorige sprekers genoemde ouderenzorg. Spreekster zou ook graag willen dat er meer parkeergelegenheid bijkomt. Een verdubbeling van het aantal woningen betekent echt dat er meer auto’s zullen zijn in de wijk. Ook wil zij dat er meer groenvoorzieningen komen zodat meer biodiversiteit ontstaat en dat de nieuwe speeltuin een centrale plek krijgt in de wijk.
Zij verzoekt de commissie dan ook met klem om niet in te stemmen met de nota van uitgangspunten, maar uit te zoeken wat er wel mogelijk is binnen het huidige bestemmingsplan Leiden Noord en daarbij rekening te houden met het wooncomfort van de eigenaren van de koopwoningen in de Paramaribostraat en de Corantijnstraat. Plezierig wonen is immers een meerwaarde van een goede gezondheid. De voorzitter deelt mee dat de commissie dit voorstel op 12 oktober 2021 zal bespreken. Daarvoor is de commissie in de gelegenheid om langs te gaan bij de bewoners van de Paramaribostraat. Voor een echte Leidenaar is dat wel een van de mooiste straatnamen in de stad. Spreker lijkt het een goede gedachte om even te schorsen. De voorzitter schorst de vergadering om 20.58 uur en heropent deze om 21.05 uur.
8.
RV 21.0078 Vaststelling Omgevingsvisie Leiden 2040 1.1-versie
De voorzitter wijst erop dat de Omgevingswet vraagt om een omgevingsvisie. De wet treedt naar verwachting op 1 juli 2022 in werking. In de Omgevingswet is een aantal verbeterdoelen geformuleerd die hij niet allemaal zal opnoemen. Bestuurlijke afwegingsruimte en het versnellen en verbeteren van processen zijn in elk geval onderdelen daarvan. Leiden heeft al sinds 2019 de ook door de commissie besproken Omgevingsvisie 1.0. Dit is de versie 1.1 met nieuwer inzicht en nieuwere kennis ten aanzien van beleidsthema’s. Er is een slag gemaakt met de integraliteit en er is een poging gedaan om thema’s met elkaar te verbinden. Daarvoor is er ook een OER opgesteld, een omgevingseffectrapport. De commissie heeft dat OER ook kunnen lezen. Het OER en de rest van de visie hebben ter inzage gelegen en er zijn ook inspraakreacties binnengekomen. De commissie heeft op 31 augustus 2021 insprekers gehoord. Er is dus genoeg input voor een inhoudelijke bespreking vanavond. De behandeling begint met een standpuntenronde. Het is een groot raadsvoorstel met een behoorlijk lang besluit. Daarom verzoekt hij de leden om hun discussiepunten duidelijk te formuleren. Dat helpt voor de tweede termijn waarin de commissie de discussiepunten bespreekt. De heer De Crom merkt op dat het inderdaad een groot stuk is. De tijd ontbreekt dus om overal in detail op in te gaan.
Hij noemt kort een paar discussiepunten, in de discussieronde kan hij ze wat uitgebreider toelichten. Er staan in deze omgevingsvisie veel dingen waar de VVD zich zeker in kan vinden. Daar zal hij in verband met de tijd niet al te lang bij stilstaan. De ambitie voor de woningbouw ziet er goed uit, maar zijn fractie ziet nog redelijk wat aandachtspunten en heeft nog een aantal punten
Commissie Stedelijke Ontwikkeling d.d. 28 september 2021
9
van zorg. Doordat de gemeente zo hard aan de slag gaat met de woningbouw en de groei van Leiden komen andere zaken onder druk te staan. Dat is wat onderbelicht in de Omgevingsvisie. Het eerste punt is het garanderen van de bereikbaarheid en de verkeersveiligheid van wijken. Vaak hoort de commissie van bewoners de vraag of zij hun wijk nog uit kunnen, als er een paar honderd woningen bij komen. De VVD wil dat de raad de ambitie uitspreekt dat de gemeente, als dat nodig is, echt meer gaat investeren in de infrastructuur van wijken dan zij nu doet. Een ander aspect in het gevecht om de ruimte in Leiden raakt de Leidse ondernemers. Het college zegt dat het belangrijk is om die in Leiden te houden. Woningbouw is nodig, maar zijn fractie ziet ook de tendens dat ondernemers onvoldoende ruimte hebben om te opereren in een goed ondernemersklimaat. Ondernemend Leiden heeft namens ondernemers in Leiden heel constructief goede suggesties gedaan in de inspraak. In de afgelopen week heeft deze organisatie ook een Leids economisch programma gepresenteerd met een aantal heel concrete ideeën voor de verbetering van het economische klimaat in Leiden. Zijn fractie ziet graag dat daar aantoonbaar meer mee wordt gedaan. Tot op heden zijn die suggesties immers niet overgenomen en er ligt nog een aantal andere suggesties.
Zijn fractie ziet graag dat dit in de verdere uitwerking van de Omgevingsvisie wordt meegenomen. De VVD wil graag dat de sociale veiligheid wordt verbeterd. Uit de rapportage blijkt dat er nog genoeg aandachtspunten zijn. Ook bij de rondes van zijn fractie met de politie blijkt dat er soms onbedoeld onveilige en ongure plekjes worden gecreëerd door allerlei ontwikkelingen in Leiden. Zijn fractie vraagt meer aandacht daarvoor. Tenslotte wil zijn fractie dat er zonder taboes wordt nagedacht over de toekomst van de Oostvlietpolder. In de Omgevingsvisie wordt uitgesproken dat die in elk geval tot 2040 onbebouwd blijft. In het kader van het streven naar meer lucht in de stad vindt de VVD het onverstandig dat besluit nu al te nemen. Spreker zal geen voorstel maken voor wat de VVD met de Oostvlietpolder wil doen, maar spreker wil eruit hebben dat de gemeente die polder onbebouwd laat tot bijna het einde der tijden. Hij denkt dat Leiden dit gebied nog wel eens hard nodig zal hebben in de toekomst. De voorzitter merkt op dat de heer De Crom heeft gemerkt dat hij wat flexibel is, maar bij drie minuten gaat hij wel piepen. De heer De Crom ging daar ruim overheen. Hij zal ook bij de bijdragen die hierna komen gaan piepen. De heer Rovers vraagt om verduidelijking. De heer De Crom heeft het over meer lucht.
Maar zou het groen houden van de Oostvlietpolder juist niet zorgen voor meer lucht omdat er dan planten staan die CO2 omzetten in zuurstof. Hoe kijkt hij daartegenaan? De heer De Crom bedoelde dit niet al te letterlijk. Hij bedoelt dat de lucht en de ruimte uit de stad gaan omdat die wordt volgebouwd. Dat is nodig, maar het is mogelijk om wat spreekwoordelijke lucht te creëren voor ondernemers en voor inwoners van een stad, als er een uitwijkmogelijkheid is. De heer Rovers vond dat dit stuk aanzienlijk uitgebreider was dan de versie 1.0. Er staat veel beleid in, ook beleid dat al is vastgesteld. Het heeft dus weinig zin om daarover nu allemaal nieuwe discussies te voeren, zeker gezien de in aantocht zijnde verkiezingen. Eén ding in dit stuk vindt hij wel lastig. Dat is de samenhang met de in de vorige commissievergadering besproken strategische keuzes van de gemeente. Ook in dit stuk en met name in hoofdstuk 7 dat gaat over het werken met de Omgevingsvisie wordt toch weer geleund op de situationele aanpak en de uitnodigingsplanologie op sommige plekken in deze stad. Verschillende fracties, waaronder de SP, vielen daar al over bij de bespreking van het vorige stuk. Hij heeft hier nu geen bespreekpunt over omdat het daar ook al een discussiepunt is.
Het lijkt hem onnodig om dat overal te kopiëren bij alle stukken over de Omgevingsvisie en de Omgevingswet, maar hij wil wel zijn grote zorg daarover uiten. Verder complimenteert hij de ambtelijke organisatie met het opstellen van ook dit stuk. Dat moet een aardige klus zijn geweest. De heer Van der Woerd stelt dat er hard wordt gewerkt om de gemeente voor te bereiden op het in werking treden van de Omgevingswet op 1 juli 2022. Als het allemaal doorgaat, komt het nu toch wel een beetje dichtbij. De CU is ook blij dat het college hier werk van maakt door die integrale Omgevingsvisie met hoofddoelen voor het langetermijnbeleid in de gemeente op te stellen. Op hoofdlijnen vindt zijn fractie dat ook wel een mooi document. Voor zijn fractie is de kaders stellende rol die de raad is toebedeeld en die de raad serieus moet gaan nemen in relatie tot het document waarin heel veel kan een lastig punt. Er wordt ruimte geboden voor allerlei mooie ontwikkelingen, maar ook voor ontwikkelingen die risico’s met zich meebrengen. Het hangt ook een beetje samen met het zojuist door de SP genoemde punt. Hij komt nu niet met een concreet voorstel, maar hij wil dit punt wel noemen. Misschien past zijn opmerking beter bij de werkafspraken, maar hij meent dat de raad
Commissie Stedelijke Ontwikkeling d.d. 28 september 2021
10
zich in het vervolg bewust moet zijn van het feit dat het een kaders stellend document is en dat het daarin een rol zou moeten hebben. Spreker heeft een aantal discussiepunten. Het eerste betreft de reactie op het in de zienswijze genoemd punt van de zorg over de snelheid van de verstedelijking in relatie met verduurzaming en leefbaarheid. Het college zegt min of meer toe dat wordt onderzocht welke maatregelen kunnen worden genomen om recht te doen aan de inspraakreacties en de uitkomsten van het omgevingsrapport. Spreker mist hier een reflectie op hoe en wanneer dat dan terechtkomt in (de volgende versie van) de Omgevingsvisie. Dat is immers het document waarin de gemeente een keuze moet maken of zij iets doet met deze zorg als lange termijndoel voor de stad. Zijn discussiepunt is dat de raad een voorstel krijgt over hoe hiermee wordt omgegaan voor de inwerkingtreding van de Omgevingsvisie. Het andere discussiepunt is wat in het stuk ‘de Leidse hoogte van 70 m’ wordt genoemd. In de Omgevingsvisie wordt in grote lijnen het huidige hoogbouwbeleid opgenomen en wordt niet veel verruiming toegestaan. Daarover zal in de verkiezingen ongetwijfeld nog veel worden gesproken. Het is dus goed dat er in dit stuk nu geen andere, radicale keuzes worden gemaakt. In het raadsvoorstel zelf wordt die nuance vervangen door een algemeen maximum van 70 m.
Hij stelt voor om in het voorstel te verduidelijken dat de gemeente nog steeds die genuanceerde benadering van de hoogte heeft en niet stadsbreed een maximum van 70 m. Ook de heer Van Diepen complimenteert namens D66 het college met de Omgevingsvisie. Ook in Den Haag hoort hij dat Leiden echt een koploper is met het maken van dit stuk. Leiden is hier snel mee, er is nog drie jaar de tijd om hiermee te komen. Hij gaat wat meer in op de inspraakreacties. Die gaan vooral over hoogbouw en groen. D66 kijkt uit naar die aangekondigde kwaliteitstoets hoogbouw juist omdat hoogbouw zichtbaar is en zijn fractie milieukwaliteit terug wil zien. Zijn fractie kijkt uit naar de behandeling in deze commissie. Wat de uitbreiding van het groen betreft zijn de ogen nu vooral gericht op die tweede ring waarover vaak wordt gesproken. Hoewel die naam de lading dekt, spreekt zij nog niet echt tot de verbeelding. Er worden in de Omgevingsvisie keuzes gemaakt die de Leidse identiteit moeten versterken. Dat kan beter. Met zijn collega Gaulard die er vanavond helaas niet is kwam hij tot de conclusie dat die tweede groene ring precies valt op de historische schansen die werden gebruikt bij Leidens ontzet. Hij laat dit zien op een kaartje. Zijn historische hart ging sneller kloppen.
Wat is beter dan die ring straks te vernoemen naar Leidens ontzet of hem het Geuzenpark te noemen? Het is nog niet een echte naam, het is een werktitel die de heer Gaulard en hij voorstellen. Zij hebben dit uitgewerkt. In twee minuten kan hij dit niet allemaal toelichten, maar hij denkt dat dit inspiratie kan geven voor waar deze nieuwe groene route naast het Singelpark naartoe kan leiden. Hij biedt dit kaartje graag aan aan het college om hieruit inspiratie te halen bij de uitwerking van een volgende versie van de Omgevingsvisie. De heer Van der Woerd vindt het op zich een mooi plan, maar hij vraagt de heer Van Diepen of hij het niet een beetje te concreet vindt voor een document dat de hoofdlijnen van het gemeentelijke beleid op langere termijn moet omschrijven. Vindt hij dit de plek om dit te gaan regelen of wil hij het überhaupt niet regelen? De heer Van Diepen wil het zeker niet gaan regelen. Hij zal er ook geen motie of iets dergelijks over opstellen. De heer Gaulard en hij hebben dit alleen gemaakt omdat zij het te leuk vonden om dit niet te gaan benoemen, zeker in de week voor 3 oktober. Het is te toevallig dat die ringen precies over elkaar vallen. De Lammenschans kent iedereen, maar er zijn ook andere schansen. De heer Gaulard en hij willen het aanbieden aan het college als een handreiking en inspiratiebron.
Het is aan het college om daarmee aan de slag te gaan of niet. De heer Kersten dankt de heer Van Diepen voor dit prachtige voorstel. Schansenroute of Geuzenring, hij vindt het allemaal even mooi. De commissie heeft een prachtig stuk voor zich over een zeer ingewikkeld onderwerp. Het college heeft ontzettend zijn best gedaan om de raad in te voeren in de complexe materie met informatieve avonden en dergelijke. Daar ligt het niet aan, het is gewoon heel complex. Er zijn vele positieve punten te noemen, zoals meer samenhang, meer visie en meer omgevingsvisie. Het gaat de goede kant op. Hij heeft bij het volgende agendapunt gezien dat er ook over het bestuur een keurige informatieavond geweest. Ook de PS complimenteert het ambtelijk apparaat voor het steeds maar weer presenteren en verduidelijken van deze complexe materie. Spreker is ook blij dat het college positief heeft gereageerd op de adviezen die het met nadruk had gevraagd aan een aantal organisaties in de stad, zoals de Adviesraad Sociaal Domein Leiden, de Adviescommissie Cultuurhistorie Leiden, de Leidse MilieuRaad en de Leidse Sportfederatie. Die hebben prachtige adviezen ingestuurd en de gemeente is daar ook serieus op ingegaan, zij het niet
Commissie Stedelijke Ontwikkeling d.d. 28 september 2021
11
op alle punten. Dat is altijd het probleem. Hij zou van die organisaties willen horen of zij tevreden zijn met het antwoord. Hij ziet echter dat er serieuze pogingen zijn gedaan om dingen te verbeteren. Het is niet mogelijk om op al die adviezen en punten van kritiek en van zorg in de punten van die vier organisaties in te gaan. Daarom vraagt hij of het niet mogelijk is dat, wanneer dat allemaal verwerkt is in een definitieve versie, de raad die nog een keer kan gaan toetsen aan de verschillende adviezen en verzoeken. Het is gewoon te veel om dat nu in die drie minuten te behandelen. Hij maakt een uitzondering voor twee zaken. De Leidse Sportfederatie vindt dat sport en bewegen onderbelicht zijn. De voorzitter vraagt de heer Kersten om nu zijn discussiepunt helder te formuleren. De heer Kersten heeft niet echt een discussiepunt. Wat hij daarnet noemde - het verzoek om bij de raad en bij de commissie teug te komen met een stuk waarin alle adviezen zijn verwerkt - is eigenlijk een soort discussiepunt. Hij zou dan het hele stuk nog eens op zijn merites willen bekijken op punten als archeologie, cultuurhistorie, sport en bewegen en meegroeien van de sportruimte met de groei van de stad. Hij hoopt dat dat allemaal verwerkt kan worden. De heer Friso ziet een heel mooie visie met daarin voor GL herkenbare waarden. Het is een leidraad voor de toekomstige ontwikkeling van Leiden.
Het is een goede verbreding en verdieping ten opzichte van de vorige versie. Die verdieping zit met name in de uitgebreide inhoudelijke onderbouwing en, voor zover mogelijk, doorrekening van ambities. De leefomgevingsfoto geeft bijvoorbeeld een goede analyse van de kansen en bedreigingen voor Leiden. Juist wanneer het concreet wordt, wordt het immers interessant. Vele van deze ambities en waarden worden breed gedeeld, maar als belangen en ambities bij elkaar komen, kunnen zij ook gaan botsen. Dit college is goed in het hand in hand laten gaan van ambities zoals verstedelijking en verduurzaming, onder andere door woningbouw samen te laten gaan met vergroening van de omgeving, bijvoorbeeld in de nieuwe parken en wijkvervangingen. Maar er komen ook momenten dat het schuurt. Op de leefomgevingsfoto bij het OER is bijvoorbeeld te zien dat de woningbouwopgave zo groot is dat het zelfs met nieuwe voorstellen, zoals de tweede groene ring waar GL erg blij mee is, maar eigenlijk net lukt om met de toename van het aantal woningen een ongeveer gelijke klimaatsituatie te behouden. De vraag is dan of de gemeente alleen maar ‘vergroent’ om woningbouw mogelijk te maken of ook om de huidige situatie qua klimaatadaptatie te verbeteren. Daarover wil hij met de commissie discussiëren. Meer concreet wil hij dat dan doen aan de hand van het ook al door de CU genoemde besluitpunt 8c.
Op dat punt wil hij het college iets meer richting meegeven. Een ander concreet punt waarover hij van gedachten wil wisselen is lawaai van vliegverkeer. Dat geluid is natuurlijk slecht voor de gezondheid en daarvoor kunnen uiteindelijk waarden worden opgenomen in een omgevingsplan, maar daarmee kan de gemeente ook al aan de slag in de Omgevingsvisie. GL wil graag dat vliegverkeer hierin wordt meegenomen omdat het echt kan gaan raken aan de woningbouwopgave, als geluidswaarden tegen grenzen aankomen. Hij geeft dit als aandachtspunt mee en zou hierover met de commissie van gedachten willen wisselen. De heer Liemburg deelt mee dat in de fractie van de PvdA ook is gesproken over dat vlieglawaai. Daar werd opgemerkt dat de raad daarover al van alles heeft gezegd en het college met van alles op pad heeft gestuurd. De vraag rees in hoeverre de wereld er anders of beter van wordt, als dat hier ook nog eens wordt opgenomen. De heer Friso antwoordt dat dit op dit moment nog geen plek heeft gekregen in beleidsstukken. Er worden nu steeds meer vaste routes gebruikt en het beleid van Schiphol gaat in de richting van het meer gebruiken van die zuidelijke Kaagbaan. Dat beleid is nog niet terechtgekomen in de Omgevingsvisie, maar het zal wel degelijk raken aan de ruimtelijke ambities die erin staan zoals de woningbouwopgave.
Er zijn wel eens uitspraken over gedaan in de raad, maar het is nooit terechtgekomen in beleid dat Leiden ook daarmee aan de slag moet. De heer Van der Kaap merkt op dat niet alleen het lawaai een bezwaar is van het vliegverkeer. 2040 lijkt heel ver, maar als de klimaatcrisis niet echt wordt aangepakt, dan zou het einde der tijden van de heer De Crom best wel eens kunnen komen rond 2040. Het vraagt inderdaad om radicale keuzes. Eén van die keuzes is de Oostvlietpolder niet alleen tot 2040, maar misschien wel tot het einde der tijden groen en open te houden. Dat zijn toch de keuzes die de gemeente zal moeten maken, wil de samenleving überhaupt 2040 halen. Op dat punt ziet het er nog niet echt positief uit in dit stuk. Wat de participatie betreft mist hij een beetje de punten in het manifest van de zeventien wijkverenigingen. Het is jammer dat betrekkelijk weinig ervan terug is gekomen in dit stuk. De wijkverenigingen wijzen
Commissie Stedelijke Ontwikkeling d.d. 28 september 2021
12
op de meetbaarheid van het groen. Dat is een belangrijk punt. Er staan best aardige dingen in het hoofdstuk Groen/blauw raamwerk. Hij ziet daar ook wel wat zaken terug van het ambtelijke werkstuk ‘Robuuste lanen en ecologische verbindingen’ dat een aantal jaren een sluimerend bestaan had op het Stadhuis. Er waren zelfs Wob-verzoeken nodig om het boven tafel te krijgen. Het is een positieve ontwikkeling dat dit nu in dit stuk is opgenomen, terwijl een aantal jaren geleden bij de rechter moest worden gevraagd om het stuk te kunnen zien. Toen hij het stuk uiteindelijk te zien kreeg was het grotendeels zwartgelakt. De meetbaarheid van het groen is voor zijn fractie toch wel een punt. Zijn fractie ziet mooie woorden, maar wil ook graag de daden en wil die kunnen meten en de gemeente daarop af kunnen rekenen. Ook hij heeft als discussiepunt het maximum van de Leidse hoogte genoteerd. In het woordenboek krijgt het woord ‘maximum’ de betekenis van bovengrens, grootste waarde, hoogste waarde, de grootst mogelijke hoeveelheid en hoogtepunt. Dat is prima voor die Leidse hoogte. Dat zou dan 70 m zijn. Het is dan wel raar om te zeggen dat de gemeente op een aantal punten daar ver bovenuit gaat. Dan is er dus geen sprake van een maximum. De voorzitter vraagt de heer Van der Kaap zijn betoog af te ronden. De heer Van der Kaap rondt af met nog een discussiepunt.
In het besluit staat dat de vergroening in de stad waar mogelijk wordt geïntensiveerd. Op zich is dat een goed streven, maar de woorden ‘waar mogelijk’ zouden wat de PvdD betreft wel weg kunnen omdat die het statement ondergraven. De heer Liemburg kan vrij kort zijn. Er ligt een aardig stuk. Eerder is het al een complex stuk genoemd. In hoeverre dit uiteindelijk tot een begrijpelijk stelsel leidt waarbij de bewoner weet waar hij aan toe is, is nog de grote vraag. Maar helaas is landelijk de keuze voor deze gemeente gemaakt dat zij deze milieustelselwijziging moet doorvoeren. In het stuk zelf ziet de PvdA een bestendiging van het beleid dat tot nu toe is vastgelegd en daarom kan zijn fractie instemmen met dit stuk. Een eervolle vermelding verdient de mate waarin wordt ingegaan op de hoogbouw en het feit dat er nu weer een integrale visie ligt op de wijze hoe daarmee in de stad wordt omgegaan. Zijn fractie heeft daar al eerder om gevraagd en is zeer erkentelijk dat dat nu is gerealiseerd. Mevrouw Heijnen brengt naar voren dat het CDA ziet dat in deze volgende stap in de invoering van de Omgevingsvisie een aantal van de punten waar haar fractie zich in de afgelopen jaren vaak over heeft uitgesproken terugkomen. Er is bijvoorbeeld grote aandacht voor de woningbouw met de bijbehorende verruiming van de hoogte. Er wordt gesproken over vergroening en ondernemingsklimaat.
Het CDA hoopt dat echt terug te zien in de verdere uitwerking. Hoogte en vergroening zijn beide al genoemd als discussiepunten. Haar fractie praat daar straks graag over door. Verder heeft zij geen discussiepunten. De heer Siwpersad stelt dat uit het gesprek met de burgers duidelijk is geworden dat zij serieus willen worden genomen. Zij zijn boos, gefrustreerd en moegestreden. In De Mors is dat te zien. Door negatieve ervaringen tijdens vorige trajecten haken zij af en willen zij niets meer met de gemeente te maken hebben. Zij zijn met voorstellen gekomen waar niets mee is gedaan. De heer Friso vraagt wat het gesprek met de burgers is waar de heer Siwpersad naar verwijst. De heer Siwpersad vraagt of hij zijn betoog af mag maken. Dan zal hij de vraag zo meteen beantwoorden. De voorzitter wijst erop dat de heer Siwpersad een interruptie krijgt. Het zou wel fijn zijn, als hij de heer Friso een antwoord geeft. De heer Siwpersad geeft aan dat er gesprekken zijn geweest met de burgers. Er zijn heel veel projecten waarbij er heel weinig inspraak is geweest. Daar heeft hij het over. De burgers willen bovenal weten wanneer en in hoeverre er een inbreng wordt verwacht van de burgers. LP pleit er met nadruk voor dat vanaf het begin duidelijk wordt gemaakt, wanneer er geparticipeerd kan worden door gebruik te maken van de participatieladder. Die heeft de gemeente immers al.
Betrokken burgers weten dan, wanneer zij hun visie kunnen inbrengen. Zo worden er geen verwachtingen geschapen die toch niet waar kunnen worden gemaakt. Uit het gesprek bleek dat, wanneer er wel ruimte is voor participatie, de burgers ook mee willen doen. De heer Liemburg hoort dat de heer Siwpersad zegt dat er meer gebruik moet worden gemaakt van
Commissie Stedelijke Ontwikkeling d.d. 28 september 2021
13
de participatieladder. Heeft de heer Siwpersad de indicatie dat dit nu niet gebeurt en kan hij daar minstens één voorbeeld van geven? De heer Siwpersad vraagt de heer Liemburg te luisteren naar zijn betoog. Dan komt dit naar voren. De voorzitter wijst de heer Siwpersad erop dat hij er zo niet vanaf komt. Hij krijgt een interruptie en dan is het goed dat hij in elk geval een poging doet om daar antwoord op te geven. De heer Siwpersad vindt dat LEAD een duidelijk voorbeeld is. Hij vervolgt zijn betoog. De gemeente moet van het begin af heel transparant en heel duidelijk zijn, ook als er geen ruimte is voor participatie. De gemeente is er voor de inwoners. Zij vertegenwoordigt de belangen van de inwoners, de inwoners zijn er niet voor de gemeente. De gemeente moet vanaf het begin goed communiceren. Het lijkt hem dat niemand daar iets op tegen kan hebben. Zijn discussiepunt is heel duidelijk: de participatieladder vanaf het begin goed inzetten zodat de burgers weten wat er gaande is en wat zij mogen inbrengen. Waar gaat het mis in de communicatie waardoor te weinig mensen reageren bij projecten? Hoe kan de gemeente de burgers die zij vertegenwoordigt weer betrekken bij projecten die hen direct aangaan? Projecten zoals Doemee Leiden bereiken maar een klein deel van de bevolking. LP zou daarnaar graag een onderzoek willen laten uitvoeren.
Wethouder Spijker bedankt voor de complimenten. Zij denkt dat er inderdaad een heel mooi stuk voorligt. De eerste versie van de Omgevingsvisie is verder ontwikkeld en verdiept. De raad moet dit zien als een instrument waarmee hij verder aan de slag kan gaan. Wanneer er bouwplannen worden voorgelegd, heeft de raad ook het complete beeld. De raad kan aan de hand hiervan ook zien waar de kansen en bedreigingen liggen. Het was best spannend. Er is een leefomgevingsfoto gemaakt en iedereen weet dat Leiden een compacte stad is met heel veel ruimteclaims. De gemeente wil heel veel in deze stad en de vraag is dan hoe zij dat in de toekomst wil doen. De Omgevingsvisie geeft in elk geval een goed doorzicht voor welke opgaven raad en college staan. Die opgaven zullen overigens niet allemaal tegelijk worden gerealiseerd. Sommige zullen niet worden gerealiseerd. De visie geeft ook doorzicht op waar in de toekomst keuzes te maken zijn. Zelf vindt zij het mooi dat er is ingezoomd op het groen/blauwe raamwerk zodat de gemeente bij het verstedelijken ook oog heeft voor wat zij doet met het groen. Er is ook een doorzicht op hoe de gemeente het groen en het blauw kan verstevigen. Ook het punt van een aantrekkelijk vestigingsklimaat is verdiept evenals de duurzame mobiliteit en de bodem als fundament. Dat had de raad ook bij motie gevraagd.
Zij is blij dat dit document er ligt en zij denkt dat de raad daarmee verdere stappen kan zetten. Het college heeft in het raadsvoorstel ook specifiek opgenomen dat het de raad wil informeren, ook via de planning & control cyclus. Het zal een levend document richting toekomst zijn. Zij gaat niet op alle punten in, zij pakt er enkele uit. De VVD heeft de bereikbaarheid en de veiligheid genoemd. Dat komt ook terug in de besluitpunten in het raadsvoorstel onder 1.f.3. Zij laat het aan de commissie over om in de discussie te besluiten hierover nog meer op te nemen. Hetzelfde geldt voor het punt van de heer De Crom over de ondernemers. Het vestigingsklimaat komt heel nadrukkelijk terug onder 1.f.2. Zij wacht de discussie daarover af. Het onderwerp Oostvlietpolder moet de heer De Crom vooral met de commissie bediscussiëren. De CU geeft aan dat de gemeente met een bepaalde snelheid wil verstedelijken, maar vraagt of het mogelijk is om nu al iets meer concreet zicht te krijgen op hoe de gemeente hiermee omgaat. Zij ziet de Omgevingsvisie als een soort gereedschap waarmee de raad aan de slag kan, wanneer hem plannen worden voorgelegd. Dan heeft de raad dat bredere plaatje van de stad en weet hij wat de opgaven zijn, welke keuzes de stad kan maken en waarin zij haar geld kan investeren.