Verslag raadscommissie Onderwijs en Samenleving 210608
Tekst van het document
Gemeenteraad van Leiden Verslag van de vergadering van de raadscommissie Onderwijs en Samenleving, op dinsdag 8 juni 2021, digitaal gehouden via Microsoft Teams.
Aanwezig: Voorzitter:
Mevrouw Tiny Klever
Leden commissie:
mevrouw Famke Güler (PS), mevrouw Amela Halilović (D66), mevrouw Susannah Herman (D66), de heer Abdelhaq Jermoumi (PvdA), de heer Anandkoemar Jitan (LP), de heer Malcolm Jones (PvdD), de heer Rembrandt Rowaan (GL), de heer Tobias Sandoval Garcia (CDA), mevrouw Alyssa Voorwald (VVD) en mevrouw Ries van Walraven (SP)
Leden college:
Mevrouw Marleen Damen (wethouder Gezondheid, Jeugdzorg & Welzijn
Griffier:
de heer Arjo Verweij
Verslag:
mevrouw Froukje Jellema (Notuleerservice Nederland)
Afwezig m.k.:
De heer Martijn Otten (PvdA), mevrouw Suzanne van der Jagt (PvdA), mevrouw Gebke van Gaal (GL), mevrouw Maaike van Vliet (VVD)
1.
Opening en vaststelling agenda
De voorzitter opent de vergadering om 20.00 uur en stelt het quorum vast. Ze wijst op de informele informatiebijeenkomst voor de leden van de commissie OS over de opgave Beschermd Wonen, aansluitend aan deze commissievergadering. De agenda wordt ongewijzigd vastgesteld.
2.
Burger aan het woord
Er hebben zich geen insprekers gemeld.
3.
Mededelingen, rondvragen en regionale aangelegenheden
Mededelingen Er zijn geen mededelingen. Rondvragen De voorzitter geeft de heer Jermoumi het woord. Hij heeft een vraag over de vaccinatie van mensen in kwetsbare wijken. De heer Jermoumi (PvdA) merkt op dat in kwetsbare wijken de vaccinatiebereidheid bijzonder laag is. Groepen die de Nederlandse taal niet machtig zijn hebben moeite om een afspraak te maken. Omdat het belangrijk is dat zoveel mogelijk mensen zijn ingeënt, moet er extra inzet worden gepleegd om het voor die groepen gemakkelijker te maken. Bijvoorbeeld via vaccinatiebussen of mobiele prikteams en op plekken als moskeeën, kerken of buurthuizen. Spreker heeft de volgende vragen: - Wat doet de GGD in Leiden om deze mensen in kwetsbare wijken te bereiken en te zorgen dat de vaccinatiebereidheid daar ook stijgt?
Commissie O&S d.d. 8 juni 2021
1
-
Is het college bereid om in de kwetsbare wijken onconventionele middelen in te zetten, zoals een vaccinatiebus of mobiele prikteams? Gaat het college bijvoorbeeld ook sleutelfiguren in deze gemeenschap inzetten? De sociale wijkteams kunnen hier ook een rol in spelen.
Wethouder Damen geeft aan dat er landelijk aandacht is voor dit probleem. Er is communicatiemateriaal beschikbaar in allerlei talen, maar deze materialen moeten uiteraard wel op de juiste plek komen. De GGD kijkt nu in welke wijken de vaccinatiegraad het laagst is. Er is hierover contact met moskeeën, de partners in de Sterke Sociale Basis, de wijkteams en de scholen. De wethouder zegt uiteraard bereid te zijn onconventionele maatregelen te treffen. Ze verwijst naar eenzelfde probleem, weliswaar met een andere oorzaak, in een van de gemeenten in Midden Holland, waar toen gewerkt is met filmpjes met sleutelfiguren. Dat kan hier ook. Zodra alles goed is opgeschaald om zoveel mogelijk mensen te vaccineren, is er tijd en ruimte voor maatwerk. De heer Jermoumi (PvdA) vraagt of mevrouw Damen kan aangeven of dit nog voor de zomer kan worden opgestart. Wethouder Damen antwoordt dat op dit moment de contacten al worden gelegd. De heer Jitan (LP) verzoekt een minuut stilte te houden in verband met het dodelijke verkeersongeval in Leiden. De voorzitter vindt dit een gepast verzoek en vraagt de aanwezigen een minuut stilte in acht te nemen. Na deze minuut stilte geeft ze mevrouw Van Walraven het woord. Mevrouw Van Walraven heeft, mede namens GL en PS, een vraag aan de wethouder over het sluiten van voorzieningen daklozenopvang.
Mevrouw Van Walraven (SP) wijst op berichten in de media waarin wordt gemeld dat overal de extra corona-opvangvoorzieningen voor daklozen worden gesloten, terwijl in Nederland het aantal daklozen schrikbarend toeneemt. GL heeft hiervoor in de raad van 28 april al aandacht gevraagd. Nu willen GL, SP en PS graag het volgende weten: - Klopt het dat er onlangs daklozenvoorzieningen zijn gesloten? - Worden alle dak- en thuislozen in Leiden opgevangen? Zo ja, betekent dit dat het college de Binnenvest opdracht heeft gegeven niemand de deur te wijzen en zo nee, waarom niet? - Is het college nog steeds van mening dat er in Leiden niemand op straat hoeft te slapen? Zo nee, waarom niet? Wethouder Damen antwoordt dat er in Leiden vanwege corona meer mensen opgevangen moesten worden, zodat er een aantal extra locaties was geopend. Een van die locaties, de voormalige korfbalkantine aan de Saffierstraat, is nu weer gesloten. Deze locatie was voor tien personen die vanwege de coronamaatregelen en de winterperiode opgevangen moesten worden. Normaal hebben ze geen recht op opvang. Het betrof mensen uit Oost-Europa die hier voor werk waren gekomen en door de werkgever op straat zijn gezet. De wethouder verwijst naar de brief die ze hierover heeft gestuurd. Vanaf 1 april is gestart met de afbouw van deze opvang.
De wethouder benadrukt dat alle mensen die volgens de wet Maatschappelijke Ondersteuning recht hebben op opvang worden opgevangen, er wordt niemand geweigerd. Er hoeft niemand op straat te slapen, maar er zijn mensen die daar zelf voor kiezen. De Binnenvest biedt ook vaak aan deze mensen ondersteuning. Mevrouw Van Walraven (SP) wil weten of het college het normaal vindt dat mensen die hier gewerkt hebben en belasting hebben betaald, bij de nachtopvang worden geweigerd. Ze zegt te begrijpen dat deze mensen daar niet eeuwig gebruik van kunnen maken, maar ze heeft er moeite mee dat deze mensen worden geweigerd. Mevrouw Van Walraven zegt ook gehoord te hebben dat mensen met een psychiatrische problematiek ook vaak bij de deur worden geweigerd. Ze zou graag zien dat daarvoor een oplossing wordt gevonden. Wethouder Damen wijst erop dat mensen die om economische redenen naar Nederland komen, geacht worden voor zichzelf te kunnen zorgen. Deze mensen hebben geen recht op opvang. Die regel is ingesteld omdat er steeds meer gezinnen naar Nederland kwamen die de overheid vroegen voor een woning te zorgen. De wachttijd voor een woning is al heel lang, ook voor de mensen die wel recht hebben op huisvesting. De Binnenvest laat niet iemand buiten staan als die zich midden in de nacht
Commissie O&S d.d. 8 juni 2021
2
meldt. Mocht dat wel zo zijn, dan zou de wethouder graag deze signalen krijgen. Dat geldt ook voor de groep met psychiatrische problematiek. Ze wijst erop dat er een stijgend aantal mensen is voor wie het moeilijk is een passende woonplek te vinden, omdat de zorginstanties die niet hebben. Voor die mensen is De Binnenvest vaak nog het enige alternatief. De wethouder zegt daarover met de zorginstellingen in gesprek te gaan en vraagt nogmaals specifieke signalen te melden. Regionale aangelegenheden De voorzitter laat weten dat het verslag van het PHO Maatschappij en Jeugd van Holland Rijnland van 19 mei 2021 bij dit agendapunt op politiek portaal staat.
4.
Besluitenlijst van de commissie Onderwijs en Samenleving 18 mei 2021
De voorzitter laat weten dat over de besluitenlijst geen opmerkingen zijn ontvangen, zodat deze kan worden vastgesteld.
5.
Lijst van toezeggingen
De voorzitter geeft aan dat de lijst van toezeggingen te vinden is op politiek portaal. De commissie wordt voorgesteld onderstaande toezeggingen als afgedaan te beschouwen. - Herverdeelmodel maatschappelijke zorg (30 oktober 2018) - Presentatie stand van zaken woonprojecten voor doelgroepen beschermd wonen (12 januari 2021) - Vervolggesprek Monitor Sociaal Domein (27 oktober 2020) - Informatie over subsidieregeling maatschappelijke initiatieven Leiden bij dreigende uitputting budget (21 november 2019) - Promotionele activiteiten Deelverordening maatschappelijke initiatieven (3 januari 2019) De commissie stemt hiermee in. Met betrekking tot de evaluatie van de subsidie / aanbesteding vrijwilligersorganisaties van 10 september 2019 wordt voorgesteld deze toezegging een jaar uit te stellen. Hierover zijn geen opmerkingen ontvangen, hetgeen betekent dat er ingestemd wordt met dit voorstel. MAATSCHAPPELIJKE ONDERSTEUNING
6.
Zienswijze op de programmabegroting RDOG Hollands Midden 2022
De voorzitter licht toe dat de Regionale Dienst Openbare Gezondheid Hollands Midden voor 18 gemeenten, waaronder de gemeente Leiden, taken uitvoert op het gebied van gezondheid, preventie, jeugdgezondheidszorg en het voorkomen van huiselijk geweld en kindermishandeling. Ieder jaar legt deze dienst de gemeenten als eigenaren van deze Gemeenschappelijke Regeling, een programmabegroting voor. De raad wordt gevraagd een zienswijze kenbaar te maken op de programmabegroting 2022. Op 10 maart 2021 zijn de raadsleden uit de Leidse regio door de RDOG tijdens een digitale informatiebijeenkomst geïnformeerd over de tweede businesscase van het programma RDOG in 2024. Ter voorbereiding op de zienswijze was er ambtelijke afstemming binnen de Leidse regio en regio Hollands Midden. Dit in navolging van de wens van de gemeenteraden in de Leidse regio om op dit dossier meer gezamenlijk op te trekken. De concept zienswijzen zijn vooraf via de griffie met de regiogemeenten gedeeld en de concept zienswijze van de overige gemeenten in de Leidse regio staan bij dit agendapunt op politiek portaal. De PvdD en GL hebben technische vragen gesteld. Deze, en de antwoorden, staan op politiek portaal. De voorzitter geeft de heer Rowaan het woord. De heer Rowaan (GL) laat weten dat Groen Links kan instemmen met de zienswijze en dat deze als hamerstuk naar de raad kan.
Hij maakt daarbij wel de kanttekening dat het jammer is dat nu wederom uit de bespreking komt dat een adviescommissie van raadsleden niet geschikt zou zijn voor de RDOG. Er zijn wel ideeën bij de nieuwe wet die voorligt. GL gaat zich beraden over een voorstel bij de kaderbrief, waarbij ook de conclusies van de rekenkamerrapport worden meegenomen.
Commissie O&S d.d. 8 juni 2021
3
Mevrouw Voorwald (VVD) zegt te begrijpen dat sommige doelen moesten worden aangepast. De pandemie heeft veel van de RDOG heeft gevraagd. Ze complimenteert de mensen van de RDOG met hun inzet. De VVD wil een aantal punten bespreken. De programmabegroting en de financiële uitkomsten zijn prima, maar het is de vraag wat de lange termijneffecten van de pandemie zijn. Als voorbeeld noemt ze de inhaalzorg naar aanleiding van de daling van het aantal meldingen bij Veilig Thuis. Worden er nog onvoorziene kosten verwacht? De VVD kan instemmen met de wens om meer inzicht te geven in de financiële risico’s en het besteden van aandacht aan de ontwikkeling van de RDOG, de tweede businesscase. Net als de wens om pas invulling te geven aan de taak van prenataal huisbezoek als de wet door de Eerste Kamer is aangenomen. Mevrouw Voorwald wil weten of dat prenatale huisbezoek vrijwillig is. De VVD vraagt de wethouder de toezegging om bij de raad terug te komen wanneer er afwijkingen worden gevonden in de programmabegroting bij controle door de accountant. Tot slot vraagt spreekster aandacht voor het aangenomen amendement om financiële keuzes over de RDOG 2024 aan de raad voor te leggen. Die ontbreken nu. Zoals vermeld in de brief over de zienswijze van Leiderdorp zou ze dit ook graag verwerkt zien in de zienswijze vanuit Leiden.
Kan de wethouder dat toezeggen? De heer Jermoumi (PvdA) zegt zich aan te sluiten bij de woorden van de heer Rowaan. Hij heeft geen discussiepunten. De heer Sandoval Garcia (CDA) bedankt de RDOG voor het werk dat ze hebben verricht tijdens de covid pandemie. Over de zienswijze heeft het CDA de volgende punten: Het CDA is zeer te spreken over de extra middelen die Leiden incidenteel vrijmaakt voor Veilig Thuis. Ook is het CDA positief over het feit dat het RDOG structureel geld bespaart door de bedrijfsvoering te veranderen. Het CDA maakt zich echter zorgen over onzekerheden in de begroting, zoals lasten van de huisvesting. Ook zou er vanwege de pandemie omzetderving kunnen plaatsvinden. Deelt de wethouder die zorgen? Wat zijn de plannen om de huisvestingslasten zo snel mogelijk op een rijtje te krijgen? Tot slot geeft spreker aan geschrokken te zijn van het overzicht van alle kosten per project in businesscase 2. In de komende jaren worden er miljoenen uitgegeven aan organisatieontwikkelkosten, organisatie inrichting en HR verbeterprocessen. Het is niet een vaststaand gegeven dat dit op langere termijn tot kostenbesparing leidt. In het licht van de 27,5% overhead wil hij weten of de wethouder de mening van het CDA deelt dat die overhead wel een tandje minder kan.
De heer Jones (PvdD) laat weten dat de PvdD grotendeels staat achter de overwegingen die in de begroting van de RDOG worden vermeld. De gemeente Leiden heeft een directe en bepalende invloed op de gezondheid van haar inwoners. De PvdD maakt zich daarom zorgen over het feit dat de gemeente de zorg voor kwetsbare Leidse zwangere vrouwen laat afhangen van financiering door het Rijk. Een prenataal contactmoment is essentieel. De heer Jones benadrukt het belang van een goede start, die al voor de geboorte begint, en beschrijft de mogelijke gevolgen op fysiek, mentaal en sociaal gebied als deze er niet is. Hij wijst op de slechtere zwangerschapsuitkomsten in wijken met een lagere sociaaleconomische status, ook in Leiden. Het instellen van een prenataal contactmoment is een kleine investering voor het voorkomen of verhelpen van problemen. De heer Jones pleit er dan ook voor om dit niet afhankelijk te laten zijn van het Rijk. Mevrouw Herman (D66) zegt helemaal achter het pleidooi van de heer Jones te staan, maar zou graag zien dat hij op basis van dit pleidooi een vraag zou formuleren. Ze vraagt de heer Jones of het klopt dat hij om een budget vraagt buiten de landelijke regelgeving. De heer Jones (PvdD) bevestigt deze conclusie. Mevrouw Van Walraven (SP) geeft aan dat de SP het helemaal eens is met de zienswijze over de RDOG.
In de pandemie is gebleken hoe belangrijk deze organisatie is. De SP staat volledig achter het betoog van de heer Jones; prenataal contact is bijzonder belangrijk. Mocht het wetsvoorstel hierover niet worden aangenomen, dan wordt het college verzocht dit in Leiden toch door te laten gaan. Mevrouw Güler (PS) laat weten dat ook PS instemt met de zienswijze. Ook voor deze partij is het prenataal contactmoment heel belangrijk.
Commissie O&S d.d. 8 juni 2021
4
De heer Jitan (LP) bedankt de RDOG voor het werk dat ze tijdens de pandemie heeft verricht. Hij stemt in met de zienswijze programmabegroting RDOG 2022. Hij merkt op dat bij Veilig Thuis het aantal meldingen van huiselijk geweld hard is gestegen tijdens de tweede lockdown. Het probleem van de lange wachtlijsten bij Jeugdzorg moet worden aangepakt. Hij vraagt terugkoppeling te geven aan de raad over genoemde aandachtspunten. Mevrouw Herman (D66) zegt geen discussiepunten te hebben. Ze spreekt haar dank uit naar alle organisaties voor hun inzet in het moeilijke afgelopen jaar. Wethouder Damen zegt de hier geuite complimenten aan de medewerkers van de GGD te zullen overbrengen. In antwoord op de vraag van mevrouw Voorwald over de inhaalzorg geeft de wethouder aan dat deze redelijk op orde is. Wel zijn de inwoners, en vooral ook de jeugd, het afgelopen jaar mentaal fors belast. Dit zal zeker een extra inspanning van de jeugdgezondheidszorg vragen. Ten aanzien van de vraag over Veilig Thuis merkt ze op dat er ook landelijk nog geen grote stijging van het aantal aanvragen is te zien. Het geld dat was voorzien voor de verwachte grotere stijging blijft in kas, voor het geval de stijging alsnog komt. Het prenataal huisbezoek is vrijwillig, dat geldt voor alle huisbezoeken.
De wethouder zegt het pleidooi van de heer Jones over een goede start volledig te onderschrijven en wijst op het webinar ‘Een kansrijke start’. Ze nodigt de heer Jones uit daarbij aanwezig te zijn. Ze heeft het volste vertrouwen dat het wetsvoorstel door de eerste kamer wordt aangenomen, inclusief het gevraagde geld. Mocht dit niet zo zijn, dan komt ze hierop in deze commissie terug. Wat betreft de vraag van mevrouw Voorwald over de accountantscontrole van de jaarrekening zegt de wethouder toe te zullen melden als de accountant nog afwijkingen constateert. Ten aanzien van de financiële keuzes voor 2024 meent mevrouw Damen dat dit niet iets is wat in de commissie besproken kan worden. Er is al vaak gekeken naar de taken die de GGD niet meer zou moeten doen. De meeste taken zijn wettelijk verplicht of het zijn taken op verzoek van de gemeente. De meest recente taak is zorg en veiligheid. Het is niet zinvol om die keuze steeds opnieuw ter discussie te stellen. Er zou wel meer ruimte kunnen komen om te kijken of er meer lokaal dingen kunnen worden ingekocht. In antwoord op de vraag van de heer Sandoval Garcia over de onzekerheid van de huisvesting zegt de wethouder dat het AB er bovenop zit om daar niet meer geld aan uit te geven dan nodig. Tot nu toe zijn er geen signalen dat het veel meer zal gaan kosten, ook omdat er al een behoorlijke voorziening voor gereserveerd was.
Ze zegt toe de commissie hierover te informeren zodra er meer bekend is. Met betrekking tot de overhead: die is volgens de wethouder niet te hoog. Het is juist de bedoeling om de strategische kwaliteit en capaciteit van de GGD te verbeteren. Het is een verschraalde organisatie, die het daarom het afgelopen jaar ook heel zwaar heeft gehad. Alle 25 besturen van de GGD, gesteund door alle directeuren Publieke Gezondheid in Nederland, pleiten ervoor dat er nu echt geld bij moet. In antwoord op de opmerking van de heer Jitan over de wachtlijsten in de jeugdzorg zegt de wethouder dat dit niet iets is voor deze zienswijze. Ze deelt de zorg. Bij de kaderbrief zal dit zeker worden gesproken. Mevrouw Voorwald (VVD) zegt voldoende antwoord te hebben gekregen op haar vragen, maar wijst nogmaals op het discussiepunt over de scenario’s in het programmaplan RDOG 2024. In juni is een amendement aangenomen waarin onder andere kritisch zou worden gekeken naar de uitgaven. Ze zou het prettig vinden als nu nogmaals in de zienswijze wordt opgenomen dat het fijn zou zijn dat de raad eventuele financiële keuzes ook voorgelegd krijgt. Ze wil van de commissie weten hoe men daar in staat. De voorzitter constateert dat de VVD vraagt of scenario’s aan de raad voorgelegd kunnen worden met financiële consequenties voor het programma 2024.
Wethouder Damen merkt op dat deze businesscase gaat over bedrijfsvoering, niet over een takendiscussie. Het kan zijn dat het duurder wordt en dat niet alle investeringen kunnen worden terugverdiend. Dan worden scenario’s over het dienstverleningsniveau voorgelegd. Maar nu al is gebleken dat de huidige investeringen voldoende zijn. Vanaf volgend jaar worden die taakstellingen in de bijdrage per inwoner alvast verwerkt. Om die reden vond zowel het DB als het AB het niet nodig scenario’s voor te leggen. Dat zal wel gebeuren als er meer geld nodig is. Dat is ook de vraag van Leiderdorp. Het gaat niet zozeer om de bedrijfsvoering maar meer om de vraag welke taken er dan worden uitgevoerd en of daarin ruimte is voor lokaal maatwerk. De wethouder noemt als voorbeeld het pluspakket bij de jeugdgezondheidszorg. Dat zijn nu de schil 3 taken. Eerst moeten de financiën en de
Commissie O&S d.d. 8 juni 2021
5
bedrijfsvoering op orde zijn voordat dit aanbod gedaan kan worden. Naar verwachting kan op dat punt in de toekomst meer geboden worden. Het gaat dus niet om de bedrijfsvoering, maar om de mogelijkheid voor de gemeenten om een afweging te kunnen maken op zaken als een ‘publieke gezondheid plus’ of een extra investering op gezonde scholen. De voorzitter vraagt naar aanleiding van het betoog van de wethouder waar mevrouw Voorwald precies de scenario’s op wil hebben. Mevrouw Voorwald (VVD) stelt voor in de formulering van de wethouder aan de commissie voor te leggen of de Leidse raad er hetzelfde in staat en eenzelfde soort zienswijze zou kunnen indienen. De voorzitter vraagt ter controle aan mevrouw Voorwald of ze bedoelt dat de zienswijze van Leiderdorp, waarin gesproken wordt over meerdere taken en eventueel pluspakketten, ook voor de Leidse raad een interessante optie zou zijn en of men dat als zienswijze wil indienen. De heer Rowaan (GL) meent dat het geen kwaad kan om te kijken wat er lokaal opgepakt kan worden ten opzichte van het RDOG. Over de financiële keuzes merkt hij op dat het amendement behoorlijk goed is teruggekomen, omdat er heel erg wordt ingegaan op beheersmaatregelen en op terugverdieneffecten. GroenLinks wil, ondanks het gloedvolle betoog van de wethouder, meegeven dat er heel veel wordt geïnvesteerd in overhead, vooral het middenmanagement.
Het geld moet gaan naar de mensen die de gezondheidszorg uitvoeren. Spreker zegt het voor nu even bij de VVD te laten of daarop iets wordt ingediend, maar dat is wel een richting waarin GroenLinks mee kan denken. Mevrouw Herman (D66) zegt enigszins in de war te raken, omdat de heer Rowaan ingaat op het discussiepunt van de heer Sandoval Garcia terwijl dat nog niet door de voorzitter als discussiepunt was aangekondigd. Ze zegt te willen reageren op het betoog van mevrouw Voorwald, maar het is haar niet duidelijk wat deze bedoelt. Het gaat hier om een regionale regeling. Mochten er verschillende scenario’s zijn, wat gebeurt er dan als Leiden voor iets anders kiest dan Leiderdorp? Moet het dan gaan om dingen die per gemeente opgepakt kunnen worden of beslist Leiden dan nu voor Leiderdorp? Mevrouw Voorwald (VVD) antwoordt dat ze van mening is dat het handig is die discussie aan te gaan om te zien wat er mogelijk is als het lokaal, per gemeente, wordt aangepakt, los van de RDOG. Ze zegt geïnspireerd te zijn door het voorstel van Leiderdorp, maar ze kan zich ook voorstellen dat dat ook nadelige effecten kan hebben voor andere gemeenten die ook gebruik maken van de RDOG. Misschien kan de wethouder beamen dat het inderdaad zo werkt. Het is wel verstandig het te inventariseren, zodat de raad een keuze kan maken, maar dan kan alsnog besloten worden het te houden zoals het nu is.
Mevrouw Herman (D66) vraagt zich af of het de bedoeling is om concludeert tegelijkertijd een regionale en de individuele aanpak te hanteren. Ze waarschuwt dat dat juist overhead genereert. Mevrouw Voorwald (VVD) zegt aanvankelijk begrepen te hebben dat er misschien bij de RDOG scenario’s zijn waarin je kunt besparen. Maar daarnaast zou het kunnen dat er mogelijkheden zijn dat de gemeenten dat apart gaat doen. Het is de vraag of dat verstandig is, maar voor de VVD horen ze er allebei bij. Daarna moet besloten worden wat verstandig is om te doen. Ze zegt wel de zorg te delen dat het misschien helemaal niet op die manier positief uitpakt. De heer Sandoval Garcia (CDA) sluit zich aan bij de woorden van de heer Rowaan. Ook het CDA wil graag meedenken. Verder meent hij dat de wethouder een duidelijke toelichting heeft gegeven wat betreft de overhead. Hij ziet dat dan ook niet als discussiepunt. Hij zegt erop te vertrouwen dat de wethouder het signaal van het CDA zal doorgeven. De voorzitter constateert dat het discussiepunt van mevrouw Voorwald met betrekking tot de zienswijze van Leiderdorp het enige discussiepunt is dat nu nog voorligt. Ze vraagt of er nog een andere partij is die daar op wil reageren. Dit is niet het geval. Mevrouw Voorwald (VVD) memoreert dat er twee wensen zijn: kritisch nadenken over de overhead en kijken wat er mogelijk is aan scenario’s.
Ze stelt voor dat de VVD samen met het CDA en
Commissie O&S d.d. 8 juni 2021
6
GroenLinks nog even nadenkt over de juiste formulering. Mogelijk kan er iets worden gedaan met de tekst van de zienswijze van Leiderdorp. De voorzitter meent dat het punt van de overhead samen met GroenLinks wordt opgepakt en de scenario’s samen met het CDA en GroenLinks. Mevrouw Herman (D66) vraagt welk bedrag voor de overhead men nog acceptabel vindt. Ze merkt op dat er presentaties over de businesscase zijn geweest. Die hadden als doel de overhead te verlagen. De resultaten daarvan moeten nog binnenkomen. Mevrouw Voorwald (VVD) beaamt dat daar meerdere presentaties over zijn geweest. Maar de raad heeft een amendement ingediend dat er kritisch naar de overhead gekeken zou worden. En nu blijkt dat de overhead nog vrij hoog is. Er is waarschijnlijk al kritisch naar gekeken, maar het is goed om daar als raad kritisch over te blijven. Wellicht zijn er nog keuzes in te maken. Mevrouw Voorwald zegt geen bedrag te durven zeggen. De heer Sandoval Garcia (CDA) zegt zich ook graag aan te sluiten bij VVD en GroenLinks wat betreft het punt van de overhead. Wethouder Damen beaamt dat er in de businesscase al goed is gekeken naar de overhead. Maar de aanleiding om met dat programma te beginnen was het vergelijkingsonderzoek van Berenschot. Ze stelt voor dat men daar nog eens naar kijkt. Op een heleboel taken is de overhead niet heel hoog.
Ook in het bestuur is dit een permanente discussie. Mevrouw Voorwald (VVD) veronderstelt dat de raad hier al vrij snel over moet beslissen. Ze wil graag weten hoe snel er een voorstel moet komen. De voorzitter geeft aan dat het concept voorstel vóór 16 juni bij de griffie moet zijn, ongeacht de stemuitslag in de raad. Daarbij zal worden gemeld dat dit de discussie in de commissie O&S was. Het voorstel wordt afgewacht, het wordt een bespreekpunt in de raad. Tot slot wil de voorzitter van de heer Jones weten of hij tevreden is over de reactie van de wethouder. De heer Jones (PvdD) zegt te begrijpen dat er ergens een stop moet komen op de extra taken, maar hij vraagt zich af waarom juist op deze. Hij zegt het mee te nemen naar de fractie. Hij hoopt in ieder geval dat er een oplossing wordt gevonden als het rijk niet uitbetaalt. Mevrouw Damen benadrukt nogmaals dat het er echt naar uitziet dat de wetswijziging er komt. Mocht dat niet zo zijn, dan zegt ze toe daarop terug te zullen komen. De voorzitter concludeert dat dit stuk als bespreekpunt naar de raad gaat.
7.
Sluiting
De voorzitter bedankt iedereen voor de aanwezigheid en de inbreng en wijst erop dat de informatiebijeenkomst over beschermd wonen over tien minuten zal beginnen. Ze sluit de vergadering om 21.05 uur.
Commissie O&S d.d. 8 juni 2021
7