CConstaterende datLeiden
Koppel je AI →
Document · PDF

Verslag Notubiz WM 14 januari 2021

raadscommissie Werk en Middelen 25 maart 2021, gemeente LeidenBij agendapunt: Besluitenlijst van de commissie Werk en Middelen van 14 januari 202121.506 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 3

Commissie Werk en Middelen 14 januari 2021

15

Zij vraagt aandacht voor de Pesthuislaan waar ondernemers betrokken zijn bij de Horecavisie maar waar dat niet is gelukt voor bewoners. Er worden veel woorden besteed aan hoe het gebied moet gaan bruisen maar er wordt met geen woord gerept over de bewoners. De PvdD stelt voor de horeca rond het Pesthuis te schrappen. Verder ziet zij het liefst een cultureel maatschappelijke functie voor de Lutherse kerk en stelt voor hierin geen horeca toe te staan. De PvdD heeft geen bezwaar tegen het koppelen van H1 en H1*. De heer Bleijie vraagt of de PvdD signalen of inzicht heeft in de veronderstelling dat de horeca (nog) niet duurzaam zou ondernemen. De heer Olthof hoort de PvdD zeggen dat er niet is geluisterd naar bewoners. Is deze visie geen verbetering ten opzichte van de huidige als het gaat om de leefbaarheid voor bewoners? Mevrouw Van Schaik heeft zich in de materie verdiept. Er zijn 400 horecaondernemingen in Leiden waarvan er twee een eco-keurmerk en zeven een green-label certificaat hebben. Stichting Duurzame Horeca Leiden heeft nog geen dertig koplopers die scoren op de duurzaamheidscriteria. Afgezet tegen het aantal ondernemingen scoort Leiden slecht. Er moeten dringend stappen worden gezet. Dit kan niet worden overgelaten aan de bereidwilligheid van individuele horecaondernemers.

De gemeente kan de horeca faciliteren en een rol spelen bij het creëren van een gelijk speelveld. Er is in deze visie minder ruimte voor uitbreiding van de horeca dan in de vorige maar zij heeft ook gehoord dat er met bezwaren van bewoners eigenlijk niets wordt gedaan. Mevrouw Klever zegt dat de horeca hard is geraakt daarom is het belangrijk. Het is belangrijk de nota te behandelen om ondernemers perspectief te kunnen bieden. De horeca maakt de stad aantrekkelijk, biedt werkgelegenheid en is een plek waar praktisch opgeleiden op basis van gelijkwaardigheid samenwerken met studenten. Er is in de stad plaats voor wonen, werken en recreëren. Deze drie zijn idealiter in balans en waar mogelijk versterken zij elkaar. De gemeente staat voor de taak recht te doen aan bewoners, ondernemers en werknemers. De PvdA is blij dat er minder plek is voor horeca in de Binnenstad en meer daarbuiten. Deze spreiding versterkt het verblijfklimaat en maakt de Binnenstad leefbaarder. Het versterken van de horeca categorieën en het samenvoegen van H1 en H1* is een goed idee. Het feit dat geen van de suggesties van de insprekers is overgenomen in de nota, vindt de PvdA zorgelijk. Zij kan zich niet voorstellen dat er geen goede ideeën tussen zitten. Ondanks de evaluatie van de inspraak wil zij een signaal afgeven. Zij heeft twee discussiepunten. De PvdA vindt een evaluatie in 2023 te laat.

Ze vraagt de wethouder deze naar voren te halen. Overlast wordt door veel insprekers genoemd. Het valt haar op dat overlast van studenten, evenementen en horeca op een hoop wordt gegooid. Zij zou het prettig vinden over dit onderwerp een keer over door te praten in de commissie. Zij refereert ook aan het feit dat de burgemeester heeft toegezegd de overlast rond evenementen in kaart te gaan brengen. Zij verneemt graag de mening van collega’s op dit punt. De heer Bleijie hoort de PvdA zeggen dat de Horecavisie ondernemers perspectief biedt. Over welk perspectief heeft de PvdA het? Mevrouw Gilissen begrijpt dat de PvdA op een ander moment het onderwerp overlast in de commissie wil bespreken. Zij vraagt zich af of het niet beter is dit in commissie L&B te doen. Mevrouw Klever antwoordt dat het perspectief is dat de visie duidelijkheid biedt en dat er ook na corona nog ruimte is voor horeca in de stad. De commissie wordt vaak geconfronteerd met insprekers die het over overlast hebben. Zij denkt zij dat dit onderwerp in W&M thuishoort en brengt dit in als discussiepunt. De heer Van Halm vindt dat de behandeling van de Horecavisie op een heel slecht moment komt. Het is voor de SP erg ongemakkelijk dit te bespreken midden in de coronacrisis. De vooraf gemaakte berekeningen over de aanwas bij de cafés en de hotelbranche kunnen nagenoeg door de wc worden gespoeld.

Uit de inspraak kwam naar voren dat organisaties

Commissie Werk en Middelen 14 januari 2021

16

tevreden zijn maar bewoners van de Binnenstad zijn dat niet. De inspraakbijdragen van bewoners van het Pieterkwartier en het Rapenburg zijn niet meegenomen terwijl dit op hen een grote impact heeft. Veel bewoners zeggen dat een aanwas het nog erger maakt. Het is nu echt te voorbarig te praten over uitbreiding van de horeca. Er is een aantal plekken aangewezen waar geen nieuwe horeca wordt toegestaan maar daarover spreken is erg lastig. De SP wil op dit moment liever geen uitbreiding en sluit zich op dit punt aan bij de PvdD. Het Bio Science Park en het Pesthuis moeten gaan bruisen. Wat wordt hier nu eigenlijk mee bedoeld? Klopt het dat de bewoners hierin niet zijn meegenomen? Er is wel degelijk sprake van overlast. Hij sluit zich graag aan bij de discussie van het CDA. Het Hoteloverleg schrijft dat het op dit moment niet mogelijk is een goed oordeel te geven over de Horecanota. De impact van de coronacrisis is enorm en niemand weet waar dit eindigt. De rapporten waarop de visie is gebaseerd zijn achterhaald. Hij sluit aan bij de discussie op dit punt. Het gelijktrekken van H1 en H1* is wat de SP betreft prima. De heer Van Peijpe vindt dat bewoners wel degelijk zijn gehoord bij het opstellen van de Horecavisie. Veel bewoners hebben ingesproken, er is met de Wijkvereniging gesproken en er zijn inspraakreacties in de visie verwerkt.

De heer Bleijie vraagt of de SP de indruk heeft dat de inspraakreacties een wijziging van het beleid tot gevolg heeft gehad. De heer Van Halm antwoordt dat de mensen hebben ingesproken omdat zij zich niet gehoord voelden. Ze zijn hierdoor niet op het juiste manier en niet op het juiste moment meegenomen in het opstellen van de visie. Dat is kwalijk. Er zijn wel reacties verwerkt maar minder dan goed was geweest. Uiteindelijk is er niet veel gedaan met de vele inspraakreacties. De inspraakreacties hebben geen wijziging van het beleid tot gevolg. Het draagvlak zou wel zijn vergroot als het college wijzigingen had doorgevoerd. De heer Kersten vindt het geen helder stuk. Het heeft 153 vragen en 12 twaalf insprekers opgeleverd. Het college meldt dat ondernemers positief zijn maar over bewoners geen woord. Zelfs een verzoek om de ter inzagelegging te verlengen vanwege de zomerperiode, is niet ingewilligd. Waarom niet? Geen van de inspraakreacties van bewoners is meegenomen. De bewoners zouden een balans tussen leefbaarheid en levendigheid krijgen maar het is meer een positie tussen onleefbaar en levendigheid geworden. Alleen van ondernemers wordt een soort tevredenheid gemeld. Een van de insprekers vroeg terecht de behandeling van de Horecavisie uit te stellen tot na corona. Het is onmogelijk deze nu te behandelen.

Ook Partij Sleutelstad vindt dat er geen verdere uitbreiding van de horeca moet plaatsvinden. Ten aanzien van het Pesthuis sluit hij zich aan bij opmerkingen van collega’s. De raad heeft cultuur met ondergeschikte horeca gevraagd voor het Pesthuis en krijgt grootscheepse horeca ten bate van het Vondelkwartier voorgeschoteld. Hij begrijpt de onrust onder bewoners. Ook met deze inspraakreacties is niets gedaan. Hetzelfde geldt voor de voormalige AMRO bank aan de Breestraat. De Lutherse kerk is ook zo’n voorbeeld. Het is totaal onacceptabel daar een hotel in te bouwen. Het algemeen uitbreiden van terrassen is een wens van D66 maar uitbreiding werkt belemmert voor de markt. Ook in de Pieterswijk en het Rapenburg wil zijn partij geen uitbreiding, de uitzonderingsregel moet daar niet meer worden toegepast en dat geldt ook voor de Oude Vest. Het college zegt dat het geen gevolgen heeft voor het gebied maar vragen hierover zijn onbeantwoord gebleven. De norm van stemgeluid is niet vastgesteld. De gemiddelden per dag worden als norm genomen maar deze zijn onbelangrijk. Het gaat om de pieken. Zijn partij wil dat de monitor plaatsvindt in 2022 en in 2023. Uit historisch onderzoek is gebleken dat er niet zomaar een gangetje of een poortje achter een hotel wordt volgebouwd maar dat het gaat om een Oude Steeg met de naam Pronksteeg. Hij wil dat de plannen rond de Pronksteeg worden herzien.

De heer Van Peijpe hoort Partij Sleutelstad zeggen dat de bewoners ontevreden zijn, minder horeca willen en niet gehoord worden. Wie zijn de bewoners van de Binnenstad? Zijn dat de ontevreden insprekers of zijn dat ook de mensen die heel tevreden zijn.

Commissie Werk en Middelen 14 januari 2021

17

De heer Kersten antwoordt dat het niet alleen om de bewoners van de Binnenstad gaat maar ook van andere gebieden waar horeca speelt. Het gaat om bewoners die zich tot de gemeenteraad hebben gewend en zich niet gehoord, niet genoteerd voelen in de nota van beantwoording. Van hun inbreng is niets gehonoreerd. Natuurlijk zijn er tevreden bewoners. Er wordt duidelijk gesteld dat ondernemers tevreden zijn maar over bewoners wordt met geen woord gerept. Dat is een klacht die ook GroenLinks zich zou moeten aantrekken. Mevrouw Klever vraagt of Partij Sleutelstad zich realiseert dat uitstel van de horecavisie betekent dat er voorlopig veel meer horeca mag bestaan. De heer Olthof zegt dat er 15 horecastraten zijn geschrapt, vooral in het Pieterskwartier en op het Rapenburg. Kan dit niet betekenen dat er wel naar de bewoners is geluisterd? De heer Kersten begrijpt het dilemma dat de PvdA schetst. Aan de ene kant wil hij niet nog meer horeca want dit gaat zaken die toch al te lijden hebben onder corona, de kop kosten. Op dit moment is de zaak niet goed te overzien daarom stelt hij voor het risico te nemen. De horecastraten zijn niet geschrapt omdat bewoners bezwaar maken maar om andere redenen. Er zijn ook straten toegevoegd. Hij hoopt dat zijn bespreekpunten zijn genoteerd zijn. De heer Krol heeft uitgekeken naar de visie maar de crisis plaatst deze in een ander daglicht.

Dat neemt niet weg dat het goed is na te denken over een vitale horeca in de toekomst. De raad moet hierin reëel zijn en zittende horecaondernemers absoluut prioriteit geven. Het college schrapt een aantal straten maar er wordt onvoldoende zekerheid geboden aan zittende ondernemers. Hoe vinden zij het dat er netto meer horeca mogelijk wordt gemaakt? Dat leidt er in de huidige crisis zeker toe dat ondernemers op de fles gaan. De CU stelt voor om, zolang de coronacrisis gaande is, geen onomkeerbare keuzes te maken. Graag voert hij hierover de discussie. Hij overweegt een motie in te dienen. Het college zegt aandacht te hebben voor het gezondheidsperspectief van de stad maar werkt dit niet nader uit. Sterker nog, tegelijk wordt de keuze voorgelegd om H1 en H1* gelijk te stellen. Wat de CU betreft verandert er niets aan dit onderscheid want het gebruik van alcohol hoeft niet onnodig te worden gepromoot. Dit voert hij als tweede discussiepunt aan. Hij vraagt het college het gezondheidsperspectief nader uit te werken, bijvoorbeeld door aan te sluiten bij het lokaal presentieakkoord. Het college eigent zich de bevoegdheid over horeca in bijzonder gebouwen, toe. De CU wil dat het college bij dergelijke besluiten, vanwege het publieke belang van de objecten, de gemeenteraad consulteert. Hij brengt dit in als discussiepunt en overweegt een motie.

Horeca in de Lutherse Kerk is wat de CU betreft uitgesloten. Het zesde punt gaat over ontwikkellocaties. De visie gaat vrijwel geheel over de Binnenstad. Een visie op ontwikkellocaties, zoals het Energiepark, de Lammenschansdriehoek en de Meelfabriek, wordt daarin node gemist. Juist voor deze gebieden moet er een visie zijn. Besluiten over horeca op dergelijke locaties mogen niet op een achternamiddag en zonder betrokkenheid van de raad, worden genomen. Graag een discussie. De visie op deze locaties kan dan ook worden meegenomen in de monitor van de Horecavisie. De CU maakt zich zorgen dat het college kiest voor horeca op meer plekken in de Binnenstad. De Binnenstad is bovenal een gewone woonwijk waar prettig geleefd en gerecreëerd moet kunnen worden. Vanuit dat perspectief kijkt de CU naar wat er mogelijk is in ondernemen, horeca en evenementen. Veel partijen, met het college voorop, zetten de leefbaarheid van de Binnenstad onder druk. De visie levert hier op dit moment, onvoldoende een bijdrage aan. De heer Bleijie vraagt of de CU pleit voor een tijdelijke horecastop tot na de coronacrisis. Is een terugval op de oude visie een optie? Hoe wil de CU bereiken dat er onontkoombare besluiten worden genomen. De heer Krol wil niet terugvallen op de oude Horecavisie want daar zitten veel technische wijzigingen in die niet zijn uit te stellen.

Tegelijk pleit hij ervoor, gelet op de crisis, geen onomkeerbare besluiten te nemen. Hij wil een aantal zaken zoals deze in de visie staan, tussen haakjes plaatsen. Bepaalde zaken moeten nu niet worden uitgevoerd maar worden uitgesteld. Hij stelt daarbij voor dat er geen horeca mag worden uitgebaat in de Heren-Douzastraat, het

Commissie Werk en Middelen 14 januari 2021

18

Rapenburg, het Pieterskwartier en in het verlengde van de Nieuwe Rijn. Dat zijn de plaatsen met de meeste impact. Meer horeca daar is een slecht signaal naar de zittende horeca en naar bewoners van de Binnenstad. Twee grote belangen moeten er worden beschermd en dat zijn de leefbaarheid van bewoners en de bestaanszekerheid van zittende ondernemers. De heer Jitan spreekt zijn dank uit voor de visie. Horeca is een belangrijk deel van het centrumgebied waar mensen elkaar ontmoeten en het zorgt voor werkgelegenheid. Horeca draagt bij aan de vitaliteit en de gastvrijheid van de stad waardoor het toerisme groeit. Mensen besteden meer geld aan eten en drinken buitenshuis. Het gebruik van de horeca is aan veranderingen onderhevig. Door de coronacrisis zijn veel ondernemers op zoek naar creatieve oplossingen en zijn er nieuwe initiatieven gestart met afhaalmaaltijden en thuisbezorgdiensten. De horeca zorgt voor werkgelegenheid, vooral voor studenten maar zorgt volgens insprekers ook voor overlast. Het is fijn dat er horeca is geschrapt in woonstraten in het centrum. De visie is opgesteld zodat alle belanghebbenden weten waar ze aan toe zijn. Deze visie biedt ondernemers mogelijkheden voor de toekomst.

Nieuwe ontwikkelingen moeten dan ook doorgang vinden om ondernemers er weer bovenop te laten komen In de visie zijn ondernemers goed meegenomen maar op welke manier geldt dat voor bewoners? Hij stelt voor, in de toekomst voor de horeca een code in te stellen. Ook stelt hij voor om eerst leegstaande horecapanden te gebruiken alvorens naar nieuwe mogelijkheden te kijken. Leiden Participeert wil als discussiepunt inbrengende de vraag hoe de participatie heeft plaatsgevonden. De heer Bleijie vraagt in welke straten er horeca geschrapt wordt. Kan het ook niet zo zijn dat er in bepaalde straten geen horeca meer wordt toegevoegd? Er wordt geen horeca geschrapt. De heer Jitan antwoordt dat in de visie staat, dat een aantal straten in woonwijken wordt ontzien en daar is hij blij mee. Hij denkt dat de wethouder het zo heeft bedoeld maar het kan ook zijn dat CDA het zo interpreteert. Wethouder Van Delft zegt dat op grond van gesprekken met ondernemers en bewoners de afweging is gemaakt het proces om de Horecavisie vast te stellen, voort te zetten. Horecaondernemers en hotels hebben flexibiliteit nodig om de bedrijfsvoering aan te passen. Het college doet er alles aan om de horeca te steunen want de situatie is hartverscheurend. Zij stelt voor de evaluatie te laten plaatsvinden aan het begin van 2023 en 2026.

In 2022 zullen nog niet alle effecten zichtbaar zijn, het duurt even voor zaken zijn opgestart. Jaarlijks kan er wel een monitor plaatsvinden maar een evaluatie is breder en dat lukt niet ieder jaar. In de oude visie worden er eisen gesteld aan een horecagelegenheid die uniek is en qua karakter, uitstraling, ligging of een concept met een toegevoegde waarde waardoor ze in aanmerking kunnen komen voor de pareltjesregeling. De regeling is echter nooit toegepast. De eisen zijn nu generiek gesteld, ‘als zich een bijzondere kans voordoet’. De heer Bleijie begrijpt dat de visie nu moet worden behandeld en dat dit ook geldt voor de hotels. Het Hoteloverleg vindt dit niet opportuun. Ondanks de mogelijkheden die de visie biedt ziet de branche nu geen mogelijkheden hierover een oordeel te vellen. De impact van de coronacrisis is enorm en niemand weet hoe de sector er na de crisis uitziet. De wethouder biedt mogelijkheden die haaks staan op wat de hotels ervan vinden Wethouder Van Delft begrijpt de zorg van het Hoteloverleg maar tegelijk wordt er ruimte gereserveerd voor de zittende hotels die willen uitbreiden. Een visie is een papieren waarheid. Als blijkt dat het niet goed gaat wordt het beleid bijgesteld. Zij begrijpt dat het moeilijker voor de branche wordt te herstellen maar wil tegelijk de gelegenheid bieden, ook als het herstel zich niet snel aandient.

De horecavisie geldt voor langere tijd. Op het moment dat er geen gebruik van wordt gemaakt is er geen man overboord. De heer Bleijie zegt dat in het raadsvoorstel sprake is van een monitoring. Dat is iets anders dan een evaluatie. Is de wethouder bereid het woord monitor in de visie om te zetten in een evaluatie met daaraan gekoppeld een herijking? Een monitor is een positiebepaling en een evaluatie trekt conclusies en geeft aanwijzingen om dingen anders te doen.

Commissie Werk en Middelen 14 januari 2021

19

Wethouder Van Delft vindt dit een semantische discussie. Bij een evaluatie hoort een monitor om evaluatie mogelijk te maken. Evalueren is nodig om de ongewenste effecten van het beleid bij te kunnen stellen. Eerst is er de monitor, daarna de evaluatie en daaruit worden conclusies getrokken. Op het moment dat besloten wordt dat het anders moet volgt er een aanpassing. Mevrouw Gilissen noemt het ook een evaluatie. Zij begrijpt dat 2022 kort dag is maar begin 2023 is niet concreet. Zij vraagt de wethouder toe te zeggen dat de evaluatie in het eerste kwartaal 2023 in de commissie wordt besproken. Wethouder Van Delft zegt toe de evaluatie van de Horecavisie in het eerste kwartaal 2023 te zullen agenderen. Mevrouw Gilissen zegt het unieke uit de pareltjesregeling nu generiek en algemener is geformuleerd om een uitzondering te kunnen maken als er iets bijzonder voorbij komt. Daarmee wordt hetzelfde effect bereikt. Wat wordt als bijzonder gezien en wie gaat daarover? Wethouder Van Delft verduidelijkt de kwestie. In de oude pareltjesregeling moet een bedrijf bijzonder en uniek zijn. Nu wordt meer gekeken naar wat een horecazaak kan betekenen voor het gebied en de omgeving. Zij vervolgt de beantwoording. Wethouder Van Delft zegt dat als een zittende horecazaak in een geschrapte horecastraat stopt daar weer een nieuwe uitbater mag komen.

Bestaande horeca wordt niet geschrapt maar op die plek mag er geen nieuwe horeca worden toegevoegd. De huidige H1 bedrijven kunnen worden omgezet naar een H1*. De regeling geldt voor alle horecazaken, bestaande en nieuwe. Mevrouw Gilissen vindt de tekst van het samenvoegen van H1 en H1* onduidelijk. Wellicht is dit te ondervangen door het woordje ‘ook’ toe te voegen. Het lijkt alsof de regeling alleen voor nieuwe vestigingen gelijk getrokken wordt en dat er een verschil is met de bestaande horeca terwijl in de visie staat dat het bestemmingsplan dit toelaat. De regels botsen. Wethouder Van Delft gaat bekijken of het woordje ‘ook’ wat toevoegt. Als dat zo is, is zij bereid daar iets mee te doen. De regels botsen niet. Er is een aantal straten geschrapt waar geen nieuwe horecavestigingen mogen worden toegevoegd. Daarmee wordt zittend ondernemers hun rechten niet ontnomen. De heer Bleijie zegt dat in de nieuwe regeling ook ondergeschikte horeca zoals kappers, alcohol mag schenken. Onderschrijft de wethouder dat dit strijdig is met het gezondheidsbeleid? Hoe gaat de wethouder dit handhaven? Wethouder Van Delft antwoordt dat de aanname van het CDA onjuist is. Als er bij de kapper alcohol geschonken wordt moet aan alle drankverstrekkende horecaregels worden voldaan. Voor H1 zaken die ook H1* zaak willen worden is een standaardvergunning vereist. De kosten daarvan zijn € 107,64.

In principe is het college bereid de uitbreiding van de terrasregels in 2021 te verlengen en voert het gesprek hierover met KHN. Zij is benieuwd hoe D66 de ambitie voor een toiletvoorziening vorm wil geven en meldt dat de toiletvoorziening bij het stadhuis terug wordt geplaatst. De heer Olthof vraagt of hij de uitleg van de wethouder over de terrassen kan worden gezien als een toezegging. Gelden deze gedurende de gehele pandemie? Wethouder Van Delft antwoordt dat de uitbreiding van de terrassenregels gelden gedurende de pandemie en zolang de anderhalve meter van toepassing is. Zij kan geen harde toezegging doen maar de grondhouding van het college is positief. De heer Kersten vraagt de toezegging dat uitbreiding van de terrassen niet ten koste gaat van marktplaatsen en dat de markt ongewijzigd blijft.

Commissie Werk en Middelen 14 januari 2021

20

Wethouder Van Delft antwoordt dat uitbreiding van de terrassen, zeker op woensdag, een goede combinatie is. Gedurende de pandemie is er markt rond de Lammer- en Beestenmarkt. Zij is altijd op zoek naar een vorm van samenwerking zodat iedereen ruimte heeft om te ondernemen. Voor uitbreiding van de terrassen is toestemming van de omwonenden nodig. De heer Bleijie zegt dat ondergeschikte horeca in categorie 1 valt. Als besloten wordt H1 en H1* samen te voegen wordt het schenken van alcohol daar wel degelijk mogelijk, terwijl blurring is bedoeld als aanvulling en ondersteuning van de detailhandelsfunctie. Is dit niet strijdig met het gezondheidsbeleid en hoe wordt dit gehandhaafd? Wethouder Van Delft antwoordt dat er voor blurring rijksregels gelden. Er mag geen alcohol worden geschonken. Het CDA heeft wel een punt. Zij zoekt uit of de tekst op dit punt aangepast moet worden. De rest van de vraag is irrelevant. De wethouder vervolgt de beantwoording. Wethouder Van Delft zegt dat het klopt dat er onjuistheden in de tekst staan. Als er een erratum wordt opgesteld neemt zij deze punten erin mee. Het CDA denkt dat er 45 extra horecagelegenheden kunnen komen maar dat zijn er 12 plus 2 uit de Haarlemmerstraat Oost. Bij bijzondere monumentale gebouwen zijn altijd alle regels rondom monumentenzorg van toepassing. Leiden is daar streng op.

De Wibar is mogelijk gemaakt na een motie van GroenLinks. Er is een vergunning verleend voor twee jaar. De Wibar heeft toestemming voor een categorie 5 bar maar deze blijft daar niet tot in lengte van dagen zitten. De heer Bleijie zegt dat Leiden heel voorzichtig omgaat met monumentaal erfgoed. Moet met de Erfgoednota in de hand, de horeca in kwetsbare panden (ook binnen), zoals de Lutherse Kerk, niet worden gesloten. Er zijn alternatieven voor de Lutherse Kerk maar deze kunnen nu niet worden onderzocht omdat de mogelijkheid van horeca daar boven de markt hangt. Moet dit niet worden voorkomen? Wethouder Van Delft antwoordt dat de Lutherse Kerk in een woonwijk ligt en dat het college daar geen horeca met een terras wil. Bij monumentale gebouwen wordt er ook rekening gehouden met de binnenkant, daar wordt op getoetst. Anderzijds is horeca soms de enige manier om een monument levend te houden. Als dit niet wordt onderhouden gaat het verloren. Dat wil het college voorkomen. Horeca op die plek past niet en hangt ook niet boven de markt. De heer Bleijie vindt Wibar een mooi initiatief maar deze is op een bedrijventerrein gevestigd. Het bestemmingsplan laat dit niet toe en in de nieuwe visie kan het ook niet. Met de uitvoering van de motie gaat de wethouder daar tegenin.

Is de wethouder bereid deze fout recht te zetten en de Wibar te laten verdwijnen van het bedrijventerrein? Wethouder Van Delft is op zoek naar een andere plek voor de Wibar. Als de kans zich voordoet gaat dat zeker gebeuren. De nieuwe visie biedt mogelijkheden maatwerk toe te passen, ook voor categorie 5 horeca. Het college denkt dat het momenteel passend is maar op termijn niet. Het creëren van een plek voor jongeren is momenteel belangrijker maar er moet wel een oplossing voor komen. Zij vervolgt haar de beantwoording. Wethouder Van Delft zegt dat zij in de visie meer had willen meenemen over duurzaamheid maar dat dit lastig is. Dat betekent niet dat er niets gebeurd. Voorbeelden zijn de ecoglazen, het afvalophaal project en terrasverwarmers. Het beschikbare budget wordt momenteel ingezet op breder geformuleerde duurzaamheidsdoelen, energiescans zijn daar geen onderdeel van. Economische wetgeving maakt het onmogelijk het vestigingsbeleid zo te formuleren dat er alleen duurzame concepten worden toegestaan. Meerdere fracties geven aan dat de mening van omwonenden niet is meegenomen. Dat bestrijdt zij. Het participatieproces is in december 2018 gestart. Bewoners en bewonersverenigingen zijn gehoord. Zij heeft zelf ook gesprekken gevoerd. Op basis van de opgehaalde input is besloten meerder horecastraten te schrappen. Van de in de Pieterswijk geplande twee

Commissie Werk en Middelen 14 januari 2021

21

extra horecagelegenheden is er een geschrapt. Dat omwonenden niet in alles gelijk hebben gekregen, wil niet zeggen dat er niet naar hen is geluisterd. Aan de voorkant was er een uitgebreid participatieproces. Ook zijn er heel veel vragen van bewoners beantwoord. Deels zijn hun wensen meegenomen en deels niet. De inspraakreacties hadden betrekking op zaken waarin zij bewoners niet tegemoet is gekomen. Dat wil niet zeggen dat de participatie en de inspraak zijn mislukt. Er is een afweging gemaakt op basis van alle belangen van betrokkenen. De heer Kersten zegt dat de wethouder haar best doet maar als alle insprekers klagen dat er niets is toegewezen en de beantwoording van 153 vragen tot geen enkele wijziging heeft geleid, is dat erg triest. Wethouder Van Delft zegt dat er aan de voorkant veel zaken zijn meegenomen. De visie is gebaseerd op het participatieproces en dat heeft veel opgeleverd. Aan de achterkant zijn er zaken toegewezen maar veel zaken ook niet omdat het college daarin van mening verschilt met de bewoners. Ze kon niet alle omwonenden tevreden stellen. Het is nu aan de raad een keuze te maken en daarbij alle belangen af te wegen. Mevrouw Van Schaik zegt dat het haar zou helpen als zij zicht had op wat er aan de voorkant is gebeurd. De raad is geconfronteerd met een lange lijst insprekers die allemaal zeggen dat er niet geluisterd is.

Zij vraagt de wethouder de raad op de hoogte te brengen van wat er allemaal in het participatieproces is gebeurd. Bewoners van de Pesthuislaan hebben ook ingesproken en zeggen niet bij het proces te zijn betrokken. Deze straat ligt buiten het centrum en daarom is de situatie anders. Heeft het college steken laten vallen of zijn deze mensen ook aan de voorkant gehoord? Wethouder Van Delft zegt toe de raad voor de raadsvergadering een beschrijving toe te zenden van het proces en hoe het college tot zijn keuzes is gekomen. Er is met vertegenwoordigers van de bewoners van de Pesthuislaan gesproken. Zij weet niet welke vereniging de Pesthuislaan vertegenwoordigt maar er is niet met bewoners afzonderlijk gesproken. Wat over het Pesthuis in de Horecavisie is opgenomen, is eerder door de raad vastgesteld bij de verkoop van het pand. Hierin staat dat er ook horeca mogelijk is. Zij komt op een later tijdstip met de verdere uitwerking van de plannen naar de raad. De heer Bleijie zegt dat de visie in de toekomst mogelijkheden biedt horeca toe te voegen in het Pesthuis. Als de raad hiermee instemt, krijgt de eigenaar de ongebreidelde mogelijkheid daar horeca toe te voegen en wordt het moeilijk de kaders te handhaven. Wethouder Van Delft zegt dat er bij de verkoop van het Pesthuis al mogelijkheden zijn vastgesteld. Dit punt wordt verder uitgewerkt.

Daarnaast is zijn van mening dat horeca voor het Bio Science Park, prima in het Pesthuis zou kunnen. Daar hebben, behalve de bewoners van de Pesthuislaan, weinig mensen overlast van. Zij vervolgt de beantwoording. Wethouder Van Delft is naar aanleiding van de vraag van de PvdA bereid het onderwerp overlast te agenderen maar dan moet er wel een aanleiding zijn en een bespreekdocument komen. Het college komt later ook nog met een visie op de bezoekerseconomie. De heer Kersten vraagt of het ontbreken van sluitingstijden in de Horecavisie aanleiding zou kunnen geven tot overlast. Wethouder Van Delft antwoordt dat de sluitingstijden in de horeca-categorieën zijn vastgelegd. De vraag wat de relatie is met overlast, is lastig te beantwoorden. Wethouder Van Delft zegt op vragen van de SP over het Pesthuis dat destijds op verzoek van de buurt, het gesprek is gevoerd met omwonenden. Zij stemden op dat moment allemaal in met de plannen. Er zijn ook weinig klachten binnengekomen. Zij bestrijdt nogmaals dat bewoners niet zijn gehoord. De inspraakperiode van zes weken viel grotendeels in de vakantieperiode. Vooraf was er een uitgebreid traject en niemand heeft zich volgens haar belemmerd gevoeld.

Commissie Werk en Middelen 14 januari 2021

22

Zittend ondernemers worden volgens de CU onvoldoende beschermd. De wethouder zegt dat ze juist de ruimte krijgen te ondernemen. Zolang de coronacrisis voortduurt, zullen nieuwe ondernemers zich niet vestigen. Zij gaat ervan uit dat corona van voorbijgaande aard is. De verwachting is dat, afgezien van degenen die het niet gaan redden, de horeca zich dan snel zal herstellen en hoopt dat iedereen de eindstreep haalt. Gezonde concepten kunnen zich gemakkelijker vestigen. Zij vallen onder H1 en kunnen gelijk worden geschakeld met H1* Dit soort concepten gaat hier echter minder in mee. De gemeente heeft een lokaal gezondheidsbeleids- en preventiebeleid. Voor ontwikkellocaties is er een stukje over place-making opgenomen. Gedurende een korte tijd kan een plek onder de aandacht worden gebracht zodat levendigheid kan worden gecreëerd. Op de vragen van Leiden Participeert over de wijkbewoners is zij eerder uitgebreid ingegaan. Mevrouw Van Schaik begrijpt dat het gemakkelijker wordt voor gezonde concepten om zich te vestigen terwijl de wethouder eerder zei dat er geen structuur kan worden opgezet voor duurzame concepten. Wat is het verschil? Wethouder Van Delft antwoordt dat zij wellicht niet duidelijk genoeg is geweest. Sushi en wok concepten zijn in de mode.

Deze vallen onder categorie 1 waardoor het gemakkelijker is zich te vestigen maar er kan niet op dit soort concepten worden geselecteerd. DISCUSSIE Mevrouw Gilissen heeft een toezegging gekregen dat in ieder geval in het eerste kwartaal 2023 de evaluatie in de commissie wordt besproken. Zij neemt als bespreekpunt mee terug naar haar fractie, het punt van de pareltjes. De VVD wil een aanscherping op de uitzondering die het college zich voorbehoud naar aanleiding van de discussie over de pareltjes. Deze stond voorheen in de visie. De heer Krol vindt dat de discussie uit de hand loopt. Hij wil eerst de discussiepunten inventariseren. Wellicht kan er een iets uitgebreidere discussie in de raad worden toegestaan. De voorzitter vindt dit geen goed idee maar kan het niet goed overzien. Verlenging terrasregels in coronatijd De heer Olthof zegt dat op dit punt er nog geen concrete toezegging is gedaan. Hij vraagt of de commissie ervoor voelt de terrassen in 2021 en zolang de pandemie voortduurt, uit te breiden. Wethouder Van Delft herhaalt haar reactie. Zij is in gesprek met KHN. Het college zit hier positief in maar heeft nog geen besluit genomen. Daarom is het lastig een toezegging te doen. De heer Olthof kan hiermee uit de voeten. Toiletvoorzieningen De heer Olthof zegt dat toiletvoorzieningen in deze tijd node worden gemist.

De publieke functie van de horeca wordt hierdoor duidelijk. Hij stelt voor meer publieke voorzieningen in de stad te plaatsen om de horeca te ontlasten. Samen met KHN en DZB kunnen deze worden ingericht en onderhouden. D66 wil dat er meer toiletten in de binnenstad komen. De heer Bleijie vindt het een sympathiek voorstel maar vraagt zich af of dit bij een horecavisie past. Is dit niet meer iets voor L&B? Leiden participeert in een webapplicatie waarin alle publieke toiletten staan. Deze kan worden geraadpleegd. Welk probleem ziet D66? Mevrouw Van Schaik vindt het een goed idee want er is behoefte aan. Eerder stond er een soort ‘keet’ op de markt. Een voorziening moet goed toegankelijk zijn, ook voor mindervaliden. Dat was de ‘keet’ niet. Als dat in het voorstel wordt opgenomen, steunt de PvdD dit.

Commissie Werk en Middelen 14 januari 2021

23

Mevrouw Gilissen moet denken aan de ‘plé van Gré’. Zij heeft zich jarenlang hard gemaakt voor openbare toiletten in de stad. De VVD heeft, vruchteloos, diverse voorstellen ingediend. Als D66 met een voorstel komt om het college zo ver te krijgen zal de VVD dit steunen. De heer Kersten zegt het voorstel van D66 te steunen omdat het voor bezoekers en ondernemers op de markt, noodzakelijk is dat deze voorzieningen er komen. Mevrouw Klever zegt dat als D66 met een voorstel komt, de PvdA dit steunt. De heer Van Peijpe denkt dat er behoefte aan is en is benieuwd naar de reactie van de wethouder. Wethouder Van Delft zegt dat dit haar de afgelopen periode bezig heeft gehouden. Vandaar dat er een toiletwagen is geplaatst. Het is wel een probleem dat met corona samenhangt. Mensen kunnen terecht in de bibliotheek, de parkeergarage en er is een webapplicatie. Zij begrijpt de vraag maar het is bijzonder deze te koppelen aan de Horecavisie. Het is een probleem van de Binnenstad. Zij is bereid om binnen het programma Binnenstad te kijken wat hieraan gedaan kan worden. Mevrouw Gilissen vraagt D66 wat deze ervan vindt om hier een VOD van maken en dit buiten de commissie in te brengen. De heer Olthof neemt dit punt mee terug naar zijn fractie. Hij wordt gesteund en heeft zich afgevraagd of het in deze commissie past. Hij komt op korte termijn met een voorstel.

Uitstellen van de Horecavisie De heer Bleijie vindt instemmen met de visie, terwijl de horeca onder grote druk staat, niet opportuun. Het is onbekend hoe de vlag er over een half jaar bijhangt. Alle onderzoeken zijn pré corona uitgevoerd. Nieuwe horeca heeft een oneerlijk voordeel heeft ten opzichte van de zittende horeca omdat ze de ellende van corona niet hebben meegemaakt. Daarom stelt hij voor de horecavisie pas te implementeren als de kruitdampen van corona zijn opgetrokken en nadat er actueel onderzoek is gedaan. Hij stelt een tijdelijke pas op de plaats voor. De heer Olthof is het oneens met het CDA. Uitgerekend KHN vraagt de raad met de visie in te stemmen. Hoe rijmt het CDA dit met de eigen opstelling? De heer Krol heeft het gevoel dat het CDA ervan door gaat met een discussiepunt van de CU. In eerste termijn meende hij te proeven dat het CDA de Horecavisie helemaal niet wil invoeren. Mevrouw Van Schaik vraagt of het CDA wil vasthouden aan de huidige horecavisie. De heer Van Peijpe zegt dat zowel het CDA als GroenLinks niet blij zijn met de consequenties als de Horecavisie niet wordt vastgesteld. Hoe ziet het CDA dit? Mevrouw Klever is het gedeeltelijk met GroenLinks eens. Een nieuwe visie maakt het voor horecaondernemers mogelijk naar de toekomst te kijken. Op het moment dat er geen ondernemers zijn die de lege plekken opvullen, blijven deze gewoon open staan.

Zij pleit ervoor de visie gewoon te behandelen en vast te stellen. De heer Bleijie hoopt niet de suggestie te hebben gewekt dat het CDA terug wil vallen op de oude Horecavisie. Deze biedt kansen maar ook bedreigingen. Hij vindt dat de horecavisie (nog) niet moet worden vastgesteld en niet geïmplementeerd. KHN heeft aangegeven achter het Hoteloverleg te staan als het gaat om het toevoegen van extra hotelkamers en is van mening dat er eerst een actueel onderzoek moet worden uitgevoerd naar de gevolgen van corona op de horeca. Voor de implementatie stelt hij een pas op de plaats voor.

Commissie Werk en Middelen 14 januari 2021

24

De heer Van Peijpe zegt dat het of deze visie wordt of een gewijzigde vorm daarvan. Hij vraagt zich af of een soort juridische bevriezing van gewenste en ongewenste ontwikkelingen mogelijk is. Hij is benieuwd naar de ideeën van de CU en de reactie van de wethouder. Wethouder Van Delft onderschrijft de woorden van GroenLinks. De huidige visie is geldig tot het moment dat er een nieuwe is vastgesteld. Als bepaalde onderdelen niet van toepassing worden verklaard is daar een apart besluit voor nodig. Het is dan wel de vraag wat dit betekent voor de plaatsen die in de nieuwe visie zijn aangewezen. Zij kan de vraag niet beantwoorden of daar dan de oude of de nieuwe visie van kracht is. Aan de hand van het voorstel zou zij de consequenties moeten laten uitzoeken. Mevrouw Van Schaik vraagt zich af wat de strekking zou moeten zijn van het voorstel. Is de kern daarvan dat er voorlopig geen horecavestigingen meer worden toegestaan? De heer Van Halm stelt voor om met een motie de raad op te roepen het visiestuk aan te nemen maar de uitbreiding in ieder geval dit jaar niet plaats te laten vinden. Als het juridisch niet mogelijke is alles weg te amenderen kan bij de evaluatie gekeken worden of er weer zaken kunnen worden toegevoegd. De heer Krol stelt voor een aantal voorgestelde uitbreidingen tussen haakjes te zetten en daar een tijdspad aan te koppelen. Dat is goed te amenderen.

Concreet denkt hij aan het Pieterskwartier, het Rapenburg, het verlengde van de Nieuwe Rijn en de Heren- Douzastraat. De heer Van Peijpe vraagt waarom er door genoemde straten een streep moet en door anderen niet. Wat gebeurd er met deze straten? Het is niet zo simpel als het wordt voorgesteld. De heer Krol antwoordt dat de impact van deze locaties het grootst is voor ondernemers en bewoners. De heer Olthof vraagt zich af wat het verschil is met het evaluatiemoment in 2023. Mevrouw Klever heeft er problemen mee dat er onderzoek moet plaatsvinden en dat er onderdelen van het plan worden geschrapt. Dit staat haaks op elkaar Als het plan van het CDA wordt gevolgd wanneer is dat dan klaar? Zij is hiervan geen voorstander. De heer Bleijie kan zich voorstellen dat er onduidelijkheden zijn. Hij stelt voor de horecavisie vast te stellen maar de implementatie uit te stellen tot na corona en nadat er onderzoek is gedaan naar de gevolgen van corona voor de horeca. Zoals de CU aangaf moet worden voorkomen dat er onomkeerbare besluiten worden genomen. Het CDA wil het toevoegen van horeca uitstellen tot het moment dat de coronacrisis op zijn eind loopt. De voorzitter stelt voor dat partijen die hier iets mee willen eerst uitzoeken wat ze precies willen en het voorstel agenderen voor de raadsvergadering.

Opnemen einddatum in de Horecavisie De heer Bleijie zegt dat het CDA ervoor pleit een einddatum op te nemen in visie. Deze is, zeker in deze onzekere tijd, van groot belang. Het geeft richting en een eindmoment die de raad de mogelijkheid biedt de visie te herijken. Hij stelt 2025 voor als einddatum. Wethouder Van Delft zegt dat er meer nota’s worden vastgesteld zonder einddatum omdat anders het keurslijf van het ritme van de nota, dwingend kan worden. Eerder of later kan bijstelling nodig zijn. Het college komt met een volgende versie als daar aanleiding voor is. Zij acht de raad in staat zelf aan te geven wanneer zij de tijd rijp acht voor een nieuwe visie. Mevrouw Gilissen neemt het voorstel mee naar haar fractie voor beraad.

Commissie Werk en Middelen 14 januari 2021

25

De heer Olthof is verbaast dat er geen einddatum is bepaald, zeker nu er twee jaar voorbereiding aan vooraf is gegaan. Hij staat er positief in maar vindt 2025 te vroeg en neemt het voorstel mee naar zijn fractie voor beraad. De heer Bleijie zegt met een voorstel te komen. Uitzonderingsmogelijkheden De heer Bleijie zegt dat er rond de vorige horecavisie veel gedoe is geweest over de uitzonderingen daarop. Het CDA stelt voor deze mogelijkheid te laten vervallen wegens strijdigheid met de uitgangspunten. Het beleid is niet meer te controleren en de stand van de horeca op den duur niet meer duidelijk in beeld. Dat werkt onzekerheden in de hand bij ondernemers en bewoners. Het CDA wil dat de uitzonderingsmogelijkheid schrappen of dat wordt vastgelegd dat uitzonderingen vooraf worden voorgelegd aan de raad. Mevrouw Klever vraagt over welke uitzonderingen het CDA het heeft. Mevrouw Van Schaik begrijpt dat de bevoegdheid bij het college ligt. De raad wordt daarover geïnformeerd middels een brief en deze kan vervolgens worden geagendeerd. De heer Bleijie antwoordt dat het college zowel bij de natte als bij de droge horeca uitzonderingen heeft opgenomen. Het college eigent zich hiermee de mogelijkheid toe de visie te wijzigen. Het CDA wil daarom dat uitzonderingen eerst worden voorgelegd aan de raad.

Door de raad alleen te informeren blijft de procedure ongewijzigd en dat is voor het CDA onvoldoende. Deze methode werkt. Als schrappen van de uitzonderingsregel niet haalbaar is wil hij dat uitzonderingen voor besluitvorming aan de raad worden voorgelegd. De heer Kersten onderschrijft het voorstel van het CDA. Wethouder Van Delft zegt dat voor de vergunningverlening het college de raad informeert. Er is dan gelegenheid dit te agenderen. Zij wil deze bevoegdheid aan het college houden omdat het uitvoering betreft binnen de vastgestelde kaders. Soms is snelheid geboden daarom pleit zij voor behoud van deze mogelijkheid. De raad wordt in de gelegenheid gesteld er iets van te vinden en daarmee is voldoende geborgd dat er niet overal nieuwe gelegenheden op ploppen. Wijzigingen worden in een raadsvoorstel gegoten. De heer Bleijie overweegt met een voorstel te komen. In de vorige periode zijn bepaalde wijzigingen ook niet aan de raad voorgelegd. Hij wil het liefst dat deze mogelijkheid wordt geschrapt om willekeur te voorkomen en vast te kunnen houden aan de beleidsuitgangspunten. De heer Olthof zegt de lijn van de wethouder te volgen omdat hier terughoudend mee wordt omgegaan. Hij steunt het voorstel niet. Mevrouw Van Schaik steunt het voorstel van het CDA, mede omdat de visie geen einddatum kent. Dit college is wellicht terughoudend maar van een volgend college is dit onbekend.

Upgraden De heer Bleijie begrijpt de wens de horeca categorieën op te waarderen omdat dit flexibiliteit biedt. Toch is het CDA van mening dat een opwaardering aan de raad moet worden voorgelegd omdat dit strijdig is met de beleidsuitgangspunten. Omdat de raad aan de zijlijn staat is op een gegeven moment niet meer te overzien hoeveel horecagelegenheden er van een bepaalde categorie zijn. Dat kan tot een overkill in een bepaald gebied leiden. Hij stelt voor upgraden alleen mogelijk te maken na goedkeuring van de raad.

Commissie Werk en Middelen 14 januari 2021

26

Mevrouw Klever vindt dat de flexibiliteit van de ondernemer wordt beperkt als er voor iedere upgrade een raadsbesluit moet komen. De PvdA wil deze bevoegdheid aan het college laten. Ze vertrouwt erop dat het college hier goed mee omgaat en steunt het voorstel niet. De heer Bleijie is voornemens met een voorstel te komen omdat de flexibiliteit ook tegen de horecaondernemer kan werken als een upgrade niet voldoet aan de beleidsuitgangspunten op grond waarvan een ondernemer heeft geïnvesteerd. Straten toevoegen aan horecavrije ruimte De heer Bleijie wil graag twee straten toevoegen aan de horecavrije gebieden en dat zijn het Rapenburg en de Heren- Douzastraat zodat daar geen horeca meer wordt toegevoegd. Sommige gebieden wil het CDA verkleinen, zoals de Nieuwstraat en omgeving. De Nieuwstraat wil hij loskoppelen van de omgeving en deze alleen voor horeca bestemmen. Datzelfde geldt voor de Oude Singel. Hij stelt voor dit gebied te verengen. In het Pieterskwartier wil hij voor het ABN/AMRO pand en het Pesthuis een maximaal aantal vierkante meters vaststellen zodat de horeca kleinschalig blijft en past bij de buurt en de omgeving. De heer Van Peijpe vraagt het CDA voor elke straat een apart voorstel te maken waarin gemotiveerd wordt aangegeven waarom er in de betreffende straat wel of geen horeca gewenst is.

Hij is benieuwd naar de achterliggende gedachte van de keuzes en gaat ernaar kijken. De heer Bleijie wil in genoemde gevallen het kwartje laten vallen in de richting van de bewoners en niet richting het economisch belang. Het voorstel gaat uit van het belang van bewoners en ligt in lijn met de inspraakreacties uit die gebieden. De heer Olthof steunt het voorstel niet en is het oneens met het CDA. Horeca is voor veel mensen de belangrijkste reden om naar de stad te komen. In andere gebieden, zoals de HerenDouzastraat, is het voor ondernemers van belang, daar horeca toe te voegen. Hij wacht af het voorstele af. De heer Van Halm is het eens met de motivering van het CDA. Het sluit aan bij het voorstel om straten weg te amenderen waar nu toevoegingen zijn gepland. Mevrouw Van Schaik zegt het voorstel van het CDA te kunnen steunen. Mevrouw Klever vraagt of er voor elke straat een aparte motie kan komen. Er zullen moties zijn die de PvdA niet zal steunen maar zij is bereid hier in de fractie naar te kijken. De heer Van Peijpe is blij dat het CDA het voorstel motiveert. Hij maakt hier pertinent bezwaar tegen. Er zijn mensen die hebben ingesproken omdat ze niet blij zijn maar tegelijk hebben ook veel bewoners zich niet laten horen. Hij gaat hier niet in mee. De raad moet alle belangen afwegen, ook van mensen en partijen die zich niet hebben laten horen.

Als dat de motivatie van het CDA is, steunt GroenLinks het voorstel niet. De heer Krol vindt het mooi dat de belangen van ondernemers en van bewoners gediend kunnen worden. Daarom heeft hij een positieve grondhouding ten aanzien van het voorstel. De heer Kersten is het eens met het voorstel van het CDA. De heer Bleijie zegt een voorstel in te gaan dienen. Dit gaat uit van het koesteren van de horeca die nu al aanwezig is. GroenLinks doet bewoners af als een clubje zeurpieten maar verzwijgt dat er acht wijkverenigingen in de Binnenstad zijn geweest die het contact met het college hebben opgeschorst vanwege het verloop van het overleg over de Horecavisie. H1 en H1* samenvoegen

Commissie Werk en Middelen 14 januari 2021

27

De heer Bleijie zegt dat het CDA geen voorstander is van het samenvoegen van deze horeca categorieën. Het biedt ondernemers een ruimere mogelijkheid alcohol te schenken. Het college stelt zich ten doel het alcoholgebruik terug te dringen. Dit staat er haaks op. Een aantal verslavingsinstanties waarschuwt dat het alcoholgebruik voor kwetsbare groepen dan gewoon wordt. Het CDA overweegt met een voorstel te komen om H1 en H1* niet samen te voegen. De heer Olthof vraagt het CDA het standpunt te heroverwegen. Het gaat om een gelijk speelveld. In het kerngebied is momenteel sprake van oneerlijke concurrentie. Op het ene terras mag er wel en op het ander geen, alcohol worden geschonken. Het gaat om een hele kleine groep en deze kan hiermee, zonder gezondheidsconsequenties, worden geholpen. Het geeft sommige ondernemers wat lucht. Mevrouw Van Schaik wordt aan het twijfelen gebracht. De link met de verslavingszorg is hierin niet overwogen. Zij vraagt of de wethouder het argument, dat alcoholgebruik wordt genormaliseerd als dit ook bij H1 wordt toegestaan, herkent. Is er contact geweest met de verslavingszorg? Wethouder Van Delft zegt dat beide argumenten, gezondheidsrisico’s en oneerlijke concurrentie, in het college naar voren kwamen Het is gelet op de openingstijden van dit soort gelegenheden, niet is te verwachten dat daar grootschalig alcohol zal worden gebruikt.

Daarom is er iets voor te zeggen dit gelijk te trekken. De keuze wordt aan de raad gelaten. Zij heeft deze vraag niet aan de verslavingszorg voorgelegd. Het gaat om een beperkt aantal (7) horecagelegenheden. Zij denkt dat het verantwoord is maar het is een principiële discussie waarin het college de mening van de raad volgt. De heer Krol steunt het voorstel van harte. Het was ook een discussiepunt van hem. Het college geeft in de visie aan het gezondheidsaspect belangrijk te vinden. Het is vreemd dat het schenken van alcohol wordt gepromoot op plekken waar het niet strikt noodzakelijk is. Dat het college er niet uitkomt en de keuze aan de raad laat, impliceert dat er niet veel redenen zijn deze aanpassing door te voeren. De heer Kersten steunt het voorstel en sluit zich hierbij aan. De heer Bleijie komt met een voorstel. Hij heeft navraag gedaan bij verslavingsinstanties en een mail ontvangen over de risico’s van blurring. Hierin staat dat blurring het voor jongeren normaal maakt om alcohol te drinken, dit een uitdaging is voor mensen met een alcoholprobleem en dat het niet geëquipeerde ondernemers de mogelijkheid biedt alcohol te schenken. Dat maakt de handhaving complex. Het samenvoegen van H1 en H1* kan dus grote problemen opleveren. Hij stuurt de mail van de verslavingszorg door naar de griffie.

Monumentale gebouwen uitzonderen De heer Bleijie zegt dat de discussie al is gevoerd. Hij komt met een voorstel om de paar gebouwen in Leiden, die van binnen sterk monumentaal zijn zoals de Lutherse Kerk, uit te zonderen van horeca. De panden zijn kwetsbaar en moeten worden gekoesterd. Er zijn alternatieven voor de Lutherse kerk waar horeca geen rol speelt. Als het algemene voorstel het niet haalt komt hij met een specifiek voorstel voor de Lutherse Kerk. De heer Krol heeft twee discussiepunten. Op het punt van de Lutherse Kerk sluit hij aan bij het voorstel van het CDA om geen horeca toe te staan. Daarnaast vindt de CU het geen goed idee dat het college zichzelf een specifieke bevoegdheid toe-eigent om horeca in bijzonder objecten toe te laten. Deze objecten hebben een grote publieke waarde. De raad moet in dergelijke besluiten per definitie worden gehoord en een beslissende stem hebben bij de besluitvorming. Mevrouw Klever vindt het belangrijk dat het erfgoed bewaard blijft. Zij kan zich vinden in de reactie van het college. Zij heeft begrepen dat Monumentenzorg super kritisch is. Een frietkraam kan echt niet terecht in de Lutherse Kerk. Ondernemers worden hiermee onderschat.

Commissie Werk en Middelen 14 januari 2021

28

Zij gaan met veel zorg met de panden om omdat zij er veel geld in hebben gestoken. Zij wil horeca in bijzondere gebouwen niet helemaal uitsluiten maar kan zich voorstellen dat daar voorwaarden aan worden verbonden. De panden zijn er juist om mensen te laten zien wat er aan de binnenkant allemaal te beleven valt. Zij is (nog) geen voorstander van het voorstel. De heer Kersten is het helemaal eens met het voorstel over de Lutherse Kerk. De raad moet worden gehoord als het college voornemens is een besluit te nemen over bijzondere objecten. Hij is het oneens met de PvdA. Wanneer in de Lutherse Kerk een hotel wordt gevestigd wordt het interieur onzichtbaar. Als dit soort besluiten aan het college worden overgelaten geeft dat geen enkele garantie. Hij is er een groot voorstander van het oordeel aan de raad te laten. De heer Van Halm onderschrijft de punten van het CDA en de CU. Mevrouw Van Schaik sluit zich aan bij de voorstellen het CDA en de CU. De heer Olthof sluit zich aan bij de woorden van de PvdA. De gebouwen hebben een publieke functie. Er wordt met de grootst mogelijke zorgvuldigheid gekeken naar aanvragen. D66 steunt de voorstellen van CDA en CU niet. De heer Van Peijpe deelt de zorg van partijen en zit er dubbel in. Er zijn zorgen over het monument maar tegelijk nemen ook de zorgen toe als er nooit meer een bestemming voor het object wordt gevonden.

Er zijn voorbeelden waar een goede verbouwing het monument juist beter tot zijn recht laat komen. Hij pleit voor maatwerk en wacht het voorstel af. De heer Jitan vindt dat er voorzichtig moet worden omgegaan met monumentale gebouwen en dat deze bewaard moeten blijven voor komende generaties. Leiden Participeert steunt het voorstel van CDA en CU. De heer Bleijie is blij dat monumentaal erfgoed bijna door de hele raad wordt gekoesterd. Het is nu al lastig om horeca in dit soort panden te beginnen. De panden zijn kwetsbaar zeker als ze op een andere manier worden gebruikt dan allen voor kerkdiensten. Er zijn alternatieven. Het CDA komt met een algemeen voorstel en een specifiek voorstel voor de Lutherse Kerk. De heer Krol komt met twee voorstellen, een om horeca in de Lutherse Kerk uit te sluiten en een motie om bij bijzondere objecten altijd de keuze voor te leggen aan de raad. Daarmee komt hij tegemoet aan de zorgen van GroenLinks want dan kan de raad de afweging maken of iets een goede bestemming krijgt of niet. Hotelkamers De heer Bleijie is geschrokken van de ambitie van het college om het aantal hotelkamers fors uit te breiden terwijl de hotelbranche zelf de gevolgen van de coronacrisis niet kan overzien. Het aantal overnachtingen zal op korte termijn niet spectaculair toenemen. De onderzoeken zijn allemaal voor corona uitgevoerd.

Het aantal kamers staat in schril contrast met dat in vergelijkbare steden zoals Delft en de raad wil geen Amsterdamse toestanden. Het CDA wil dat na corona de behoefte aan hotelkamers wordt onderzocht samen met KHN en het Hoteloverleg en dat op grond daarvan het aantal toe te voegen kamers wordt bepaald. De heer Van Halm is hier helemaal mee eens en wil meedenken over een voorstel. Mevrouw Van Schaik betuigt haar steun voor het voorstel van het CDA. De heer Olthof zegt dat D66 niet voor ongebreidelde groei van het aantal hotelkamers is. Ook hij heeft de reactie van het Hoteloverleg gelezen. De cijfers zijn van voor corona maar hij heeft er vertrouwen in dat Leiden er bovenop komt. In vergelijking met steden als Leuven komt Leiden er bekaaid van af. Er is echt nog wel ruimte. Het Hoteloverleg doet daarom een aantal

Commissie Werk en Middelen 14 januari 2021

29

handreikingen zoals het gefaseerd invoeren van kamers omdat het zakelijke effect niet weg is. Hij onderschrijft wel dat dat het goed gemonitord moet worden. Wethouder Van Delft zegt dat er jarenlang een restrictief beleid is gevoerd. Als het aantal hotelkamers de komende jaren wordt gerealiseerd is het niet zo dat er Amsterdamse toestanden ontstaan. De monitormomenten zijn belangrijk om aan de rem te kunnen trekken als zaken niet in evenwicht blijken te zijn. Voor zittend ondernemers met uitbreidingsplannen is het belangrijk dat zij deze mogelijkheid hebben. Leiden is in 2022 City of Science en zakelijke bezoekers moeten worden gefaciliteerd. Zij raadt de raad aan de uitbreiding goed te keuren omdat de raad over genoeg instrumenten beschikt om tussentijds in te kunnen grijpen. De heer Bleijie is voornemens met een voorstel te komen. Mede omdat in de Leidse regio ongelofelijk veel hotelkamers zijn die kunnen worden ingezet bij Leiden City of Science. Verkapte verkamering De heer Bleijie zegt dat alle hotelontwikkelingen onder de vijf kamers altijd worden toegestaan en niet op de voorraad in mindering gebracht. Het CDA is daar geen voorstander van. Deze kamers moeten wel in mindering worden gebracht op het aantal kamers dat de gemeente wil realiseren. Het realiseren van vijf kamers in bijvoorbeeld een woonhuis, is bovenal een vorm van verkamering.

De gemeente heeft een verordening die verkamering tegen moet gaan en daarmee is het voorstel in strijd met de verordening. Het CDA wil dit onderdeel schrappen omdat het niet goed is voor de hotelmarkt en in strijd is met vigerend beleid. Mevrouw Gilissen zegt het op dit onzalige tijdstip prima te vinden wat er allemaal wordt voorgesteld en gaat de moties en andere voorstellen op haar gemak lezen. De heer Bleijie komt op dit punt met een voorstel naar de raad. Airbnb De heer Bleijie zegt dat Airbnb is opgenomen in de horecavisie maar momenteel niet vergund. Landelijke wetgeving wordt afgewacht. Alle vormen van Airbnb zijn illegaal. Het Hoteloverleg is bereid een inventarisatie op te stellen om te kunnen handhaven. Het CDA ziet Airbnb als een marktverstoorder. Hij pleit er daarom voor deze te inventariseren en hierop te handhaven. Mevrouw Klever is het eens met het CDA maar het college geeft aan dat er momenteel geen wetgeving is op basis waarvan er gehandhaafd kan worden. Wethouder Van Delft antwoordt dat het klopt dat Airbnb illegaal is. Er zou op gehandhaafd kunnen worden maar het is lastig als er, zoals nu, niet overnacht wordt. Wel is er rond panden waar geen bewoners staan ingeschreven, een actie om te kijken of daar Airbnb plaatsvindt zodat er kan worden gehandhaafd. Het college reageert ook op meldingen. Hierover staat het een en ander in het handhavingsplan.

Als de tekst aangescherpt moet worden kan dat in het plan worden aangegeven en kan dit worden afgewogen tegen andere handhavingsprioriteiten. De heer Van Peijpe zegt dat zijn partij altijd positief is geweest over Airbnb als goedkoop alternatief. De raad wacht al jaren met smart op wetgeving vanuit Den Haag zodat er toeristenbelasting geheven kan worden en gehandhaafd. GroenLinks is daar voorstander van maar zolang er geen regels zijn schaart hij zich achter de lijn van het college. Bij overlast kan er worden gehandhaafd maar als die er niet is lijkt handhaving op Airbnb, die grotendeels leeg staat, onjuist. GroenLinks zal het voorstel niet steunen. De heer Kersten zegt dat er in Amsterdam scherp wordt gehandhaafd. Het kan dus wel. De heer Bleijie zegt met een voorstel te komen.

Commissie Werk en Middelen 14 januari 2021

30

Duurzaamheid actieplan voor de horeca Mevrouw Van Schaik begrijpt dat dit een ruimtelijk planologisch deel van de visie is. Het college kan niet veel meer doen dan een bijlage opnemen. In de bijlage zitten goede punten maar ze zijn nogal vrijblijvend. Er is geen actieplan, geen tijdlijn en wat het college onderneemt wordt weinig concreet gemaakt. Zij roept het college op de bijlage om te vormen tot een actieplan en over een paar jaar met een stand van zaken naar de raad te komen. Mevrouw Klever is het ook opgevallen dat er weinig concreets over duurzaamheid in de visie staat. Zij vroeg zich af hoe hierover met ondernemers wordt gecommuniceerd maar bedacht zich dat dit punt wellicht bij duurzaamheid thuishoort. Hoe denkt de PvdD hierover? De heer Bleijie vindt de bijlage over duurzaamheid heel uitgebreid maar het advies vrijblijvend. Hij kan zich vinden in een actieplan maar niet als dit wordt opgelegd. De heer Kersten steunt het voorstel van de PvdD. Wethouder Van Delft zegt dat het woord actieplan, ook actie suggereert maar dat is niet altijd het geval. Het kan niet worden afgedwongen. Aan een actieplan zit een bepaalde mate van vrijwilligheid richting ondernemers. In dit geval is het lastig omdat sprake is van economische mededinging. Er wordt dan meer gekeken naar pilots of stimuleringsregelingen.

Met een lijst van acties die uitgevoerd moet worden kan zij lastig uit de voeten. Het moet ook in andere duurzaamheidsdocumenten (circulaire economie, afval) worden meegenomen. De wens dit verder te willen brengen ondersteunt zij. De heer Olthof zegt dat de wethouder duurzaamheid op de kaart heeft gezet bij diverse onderwerpen. Hij is het ermee eens dat dit niet kan worden opgelegd. D66 steunt het voorstel niet maar wel dat er aandacht moet zijn voor duurzaamheid. Mevrouw Van Schaik antwoordt dat W&M de plek is om dit onderwerp te bespreken. Het onderwerp is breed maar hier gaat het om relevante onderwerpen voor de horeca. In die zin wil zij dit agenderen. Als duurzaamheid niet kan worden opgelegd is het de vraag hoe de stap, van een vrijblijvende lijst naar meer actie, kan worden gezet. Geen enkele ondernemer leest een bijlage bij een visie. Zij denkt na over de tekst en komt met een voorstel. Terrasverwarming uit faseren Mevrouw Van Schaik zegt dat vervuilende terrasverwarming op winterterrassen niet is toegestaan. Dit punt wil zij opnieuw maken voor de voltallige horeca. De horeca kan prima gastvrij zijn op een minder vervuilende manier door het uit faseren van terrasverwarming. De heer Olthof zegt dat focus ligt op elektrische terrasverwarming. Dat is een prima oplossing. Hij vraagt zich af wat het voorstel van de PvdD toevoegt. De heer Van Peijpe is blij met de motie.

Hij begrijpt dat de wethouder met de horeca in gesprek is hoe vervuilende terrasverwarming langzaam uitgebannen kan worden. Dit punt is niet duidelijk in de visie. Het is wel goed hier iets over op te nemen. Hij vraagt de wethouder helderder op te schrijven waarom duurzame terrasverwarming de voorkeur heeft. Wethouder Van Delft heeft de wens de vervuilende terrasverwarming uit te faseren. Momenteel wordt hierover met de horeca niet over gesproken. Het is een goed idee om op termijn de grote blazers uit te faseren maar zij wil wel dat de horeca enige ruimte wordt geboden en ze deze niet meteen af te nemen. Als de motie op een bepaalde manier wordt geformuleerd kijkt zij daar serieus naar kijken. Energiescans aanbieden

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/9856230/2