Vastgesteld besluit bij RV 21.0143 Vaststellen nota Leids religieus erfgoed 2021 kaders voor de toekomst
Tekst van het document
RAADSVOORSTEL Rv. nr.: RV 21.0143
B en W-besluit d.d.: 14-12-2021 B en W-besluit nr.: 21,0634 *Z23E4C5D7CD*
Naam programma: Cultuur, sport, recreatie Ondenrverp: Vaststellen nota Leids religieus erfgoed 2021, kaders voor de toekomst, na inspraak
Aanleiding: Steeds meer gemeenten maken een lokale visie religieus erfgoed (ook wel 'kerkenvisie' genaamd), gestimuleerd vanuit rijksbeleid. De aanleiding is dat steeds meer gebedshuizen in het land de oorspronkelijke functie verliezen en dat daarmee ook moet worden geanticipeerd op de toekomst van het religieus erfgoed. Leiden is een stad met veeÍ beeldbepalend religieus erfgoed, dat deel uitmaakt van het stedelijk weefsel. Daarom is het belangrijk om deze inventarisatie te doen. De conceptnota Leids religieus erfgoed heeft zes weken, tot en met 18 november 2021, ter visie gelegen. De inspraak is nu verwerkt.
Doel:
- Aandacht voor de rol en betekenis van de historische gebedshuizen in de ontwikkeling van de stad. - Behoud van de cultuurhistorische waarden van de historische gebedshuizen in en voor Leiden. - Mede richting geven (naast overig vigerend beleid) aan eventuele toekomstige (herbestemmings-)opgaven vanuit de waarden van de gebouwen; maken van heldere keuzes.
- Tijdig signaleren en eventueel bijsturen van ontwikkelingen op het gebied van instandhouding dan wel herbestemming.
Kader:
- B&W 21.0465, d.d. 5 oktober 2021; de conceptnota Lerds religieus ertgoed, kaders voor de toekomst (d.d. 5 okt 2021) vaststellen voor inspraak (de inspraaktermijn is nu achter de rug; de inspraak is verwerkt);
- Landelijk programma Toekomst religieus erfgoed: hiermee stimuleert het rijk zo veel mogelijk gemeenten om een lokale 'kerkenvisie' te ontwikkelen met het oog op toenemend verlies van de oorspronkelijke functie van de gebedshuizen en de transitie / sloop van de gebouwen. lnmiddels zijn hier al circa 240 gemeenten in Nederland mee aan de slag gegaan.
- RV 20.0639 continueren Leidse Erfgoednota (2014, RV 13.01 13); voorliggende nota Lerds religieus ertgoed kan worden gezien als één van de uitwerkingen van de Erfgoednota. Ambities Erfgoednota:
- Leiden staat met al haar ertgoedkennis- en collecties nationaalen internationaat aan de top; - Leiden wil haar historische omgevingskwaliteit behouden, benutten en versterken voor een a a ntre kke I ij ke, vitale e n toe kom stbe ste nd ige sta d ; - Leiden bruist van ertgoedbeleving voor en door bewoners en bezoekers. Pagina I van 5
- Omgevingswet: al het fysieke, ruimtelijke erfgoed heeft een relatie met de instrumenten van de Omgevingswet. - Erfgoedwet en Verordening fysieke leefomgeving; veel bedehuizen zijn rijksmonument of gemeentelijk monument; iedere Omgevingsvergunning voor de activiteit monument wordt dus getoetst aan deze wet- en regelgeving. Voorliggende nota vervangt dat niet, maar biedt extra context. Publieke toegankelijkheid en functie worden in het kader van de monumentenstatus niet getoetst. Dat ligt echt in het Omgevingsplan bij eventuele bestemmingswijziging. ln dat geval is de voorliggende nota Leids Religieus erfgoed een toetsingskader. - RV 21.0358 Vaststellen Omgevingsvisie Leiden 2040, versie í.1 (erfgoed maakt integraal deel uit van de Omgevingsvisie, zowel vanuit de verplichting van de Omgevingswet als vanuit de amhities van de Erfgoednota). De integrale ambities van de Omgevingsvisie zijn leidend. Erfgoed maakt integraal deel uit van de Omgevingsvisie, zowel vanuit de verplichting van dc Omgevingswet als vanuit de ambities van de Erfgoednota. - Gebieds-ontwikkelperspectieven; locatie-gebonden ontwikkelingen en specifieke toekomstperspectieven per bedehuis moeten passen binnen de vigerende ontwi kkel perspectieven. - Structuurvisie Verder met de Binnenstad, gebruikshandleiding voor ontwikkelingen in de binnenstad van Leiden' (okt.
2012); idem - Voor een enkele specifieke kerk zijn eerdere besluiten van belang, zoals in het geval van de Antoniuskerk; daarvoor ligt er een besluit tot niet aanwijzing als gemeentelijk monument (B&W 20.0058) en een kaderbesluit voor de betrefÍende ontwikkeling (Gebiedsontwikkeling Telderskade (RV 21 .0014). Dat kan dus gevolg hebben voor de betreffende kerk. - Al het vigerende beleid (van horecavisie tot cultuurnota) wordt meegewogen bij vergunningaanvragen / herbestemming.
Overwegingen: De voorliggende nota Leids religieus erfgoed bevat een aantal elementen Op de kaart De nota voorziet in een uitgebreide inventarisatie en waardenstelling van de gebedshuizen. De grote rijkdom aan gebouwen en interieur is daardoor zichtbaar. Alle gebedshuizen zijn in beeld gebracht, maar de focus ligt (vanuit het oogpunt van erfgoed) op de monumentale - historisch waardevolle gebedshuizen. ln de uitgebreide waarderingsmethodiek zijn diverse (cultuurhistorische en stedenbouwkundige) facetten meegenomen en is gebruik gemaakt van de innr rt rran oinanarpn en de aanwezine kennis van Frfooed I eiden Hierdoor ontstaat inzicht in de 'w--'-" -
aanwezige waarden. Deze zijn nooit zwart-wit, maar relatief ten opzichte van elkaar. Plekken van betekenis Ook de betekenis van de gebouwen is door voorliggende nota beter in beeld; als locaties van bezinning en religie, als culturele en maatschappelijke locaties, huiskamers van de stad, beeldbepalende gebouwen met aantrekkingskracht voor bezoekers etc. De gebouwen hebben kortom betekenis ook buiten de religieuze gemeenschappen en kunnen bijdragen aan een aantrekkelijk vestigingsklimaat (één van de thema's uit de Omgevingsvisie Leiden 2040). Gesprek eigenaren De monumentale gebouwen worden door de eeuwen heen gedragen door de eigenaren, de kerkbesturen. Zij zorgen tot op de dag van vandaag voor onderhoud en instandhouding en gaan daar indien mogelijk ook mee door. Maar de tijden veranderen en deze constructie komt op termijn mogelijk onder druk te staan. Ook in Leiden zien we een ontwikkeling (zoals mogelijk verlies aan bestuurskracht en financiële middelen) waarbij het voorstelbaar is dat deze Pagina 2 van 5
constructie niet in alÍe gevallen op lange termijn houdbaar is. Vanuit het oogpunt van het monument is behoud van de oorspronkelijke functie vaak het beste. Herbestemming is echter van alle tijden. De stad is altijd in ontwikkeling. Toetsingskader Voor het geval een (gedeeltelijke) bestemmingswijziging aan de orde is, is het instrument van de transformatieladder in het Íeven geroepen. Bij eventuele herbestemming (waarbij bestemmingswijziging aan de orde is) vormen de in de nota opgenomen globale waarden een eerste vertrekpunt. ln concrete gevallen moet dit altijd nog nader worden u itgewerkt. De voorliggende nota schrijft geen specifieke functies voor. De waardering en de instaptrede op de transformatieladder laten zich alleen vertalen naar hoofdelementen die behouden zouden moeten worden in het transformatieproces. Dit is ook niet in beton gegoten. Maatwerk is bij ieder monument van belang. Het moet wel haalbaar zijn in een integrale afirveging (ook financieel, functioneel). Een eventuele daling op de transformatieladder (met eventueel verlies op deze hoofdelementen) wordt dus voorafgegaan door een inspanning tot behoud. Zokan het kader ook als een inspanningsverplichting voor de eigenaar worden gezien. ls er geen sprake van bestemmingswijziging in het omgevingsplan, dan kan alleen worden getoetst op de activiteit monument in het kader van de omgevingsvergunning.
Een element zoals publieke toegankelijkheid speelt daarin geen rol.
Rolgemeente Uitgangspunt is de verantwoordelijkheid van de eigenaar voor de exploitatie en het onderhoud van een gebouw. Wij kiezen voor een beperkte rol van de gemeente. Daarom is nu gekozen voor de rolzoals omschreven in hoofdstuk 10, die dichtbijde reeds bestaande (publiekrechtelijke) rol ligt. Dat omvat onder meer: het ontwikkelen en toepassen van voorliggend kader, de instelling van een aanspreekpunt en gesprekstafel voor de eigenaren, het duurzaamheidsadvies, het tijdige vooroverleg in het kader van de omgevingsvergunning, het (beter) benutten van bestaand en toekomstig (ruimtelijk) instrumentarium. Een en ander kan gerealiseerd worden binnen de bestaande capaciteit en middelen. Bij de eigenaar blijft de verantwoordelijkheid voor het gebouw, eventuele aanvragen omgevingsvergunning en het transformatieproces. We vragen de eigenaren tijdig van het vooroverleg gebruik te maken, de stappen van het transformatieproces en -ladder te volgen met de waarden als vertrekpunt. Eigenaren kunnen elkaar ontmoeten aan de tafel religieus erfgoed en gebruik maken van het duurzaamheidsadvies. De nota bevat dus formele en informele elementen. Het gaat niet alleen om toetsingskaders maar ook om gedeelde waarden en ambities en continuering van gesprek, maar hierbij hanteren we als kader de publiekrechtelijke rol van de gemeente.
Kerkbesturen vragen als eigenaar van de monumentale gebouwen om steun van de gemeente ten aanzien van de instandhouding en het actief meedenken over de toekomst. Daarin wordt niet tegemoet gekomen. De diverse inspraakreacties van de kerkbesturen laten zien dat dit als teleurstellend wordt ervaren. Op dit moment verkeren de diverse monumentale gebouwen in redelijke tot goede staat van onderhoud. Dit zou een goed moment zijn om nieuwe mogelijkheden van instandhouding (beheersvormen, bestuurskracht etc.) te verkennen. Het vinden van een oplossing wordt lastiger als gebouwen een restauratieachterstand oplopen. Er is een risico dat er op termijn een acute restauratieachterstand ontstaat bij bepaalde monumentale gebedshuizen waarvoor de betreffende eigenaar geen middelen heeft. Als die situatie zich voordoet kunnen er zeer grote
Pagina 3 van 5
bedragen gemoeid zijn met noodzakelijke restauraties. Het laten vervallen en/of afbreken van deze gebouwen, de meeste rijksmonumenten, is in dat geval vooralsnog geen optie. Leiden is niet de enige gemeente waar dit speelt. We monitoren de landelijke ontwikkelingen en lcvcrcn inbreng vanuit de stedelijke praktijk. Het instellen van de lokale tafel religieus erfgoed heeft mede als doel dergelijke signalen in een vroeg stadium op te vangen. Erfgoed en de Omgevingsvisie De kerkenvisie is omgedoopt tot de nota Leids religieus erfgoed, kaders voor de Íoekomst. Dit mede omdat Leiden maar één integrale (ruimtelijke) visie heeft; de Omgevingsvisie. Erfgoed maakt hier integraal onderdeel van uit en draagt bij aan het vestigingsklimaat van de stad. De helangenafweging vonr specifieke locaties vindt in het licht van de Omgevingsvisie (en de ontwikkelperspectieven) plaats. Bij de uitwerking en implementatie van de nota maken we gebruik van de instrumenten van de Omgevingswet, zoals het omgevingsplan.
Financlën: De gemeente speelt geen actieve rol in de instandhouding van monumenten in particulier eigendom en beperkt haar rol- ook in het transformatieproees - tot het publiekreehtelijke. De
verantwoordelijkheid voor de instandhouding van het monument blijft bij de eigenaar evenals het proces van eventuele verkoop en herbestemming. De rolvan de gemeente kan gerealiseerd worden binnen de bestaande middelen en capaciteit.
lnspraaUpaÉicipatie: ln hoofdstuk 4 van de nota is het proces weergegeven. ln het bijzonder zijn de eigenaren / kerkbesturen nauw betrokken in diverse gesprekken. Daarnaast is betrokken een groep genodigde stakeholders die vanuit een breder stadsperspectief kon meedenken. Participatie heeft als volgt plaatsgevonden: - Proces met eigenaren van de kerngroep monumentale bedehuizen, bestaande uit; o een oriëntatieronde / bezoek aan diverse gebouwen; o individuele gesprekken met (een vertegenwoordiging van) de kerkbesturen; o vier gezamenlijke digitale bijeenkomsten met de eigenaren van de kerngroep die nu nog
als bedehuis in gebruik zijn;
o enquête onder de kerngroep over de venvachtingen (bv. verlies van functie) t.a.v. de toekomst;
- Tevens enquête onder de niet-monumentale bedehuizen maar hier is helaas geen respons op nolznman' vvl\vlllvll'
- Twee digitale bijeenkomsten waarvoor een aantal externe stakeholders was uitgenodigd (zoals dc Historischc Vcrcniging Oud Leidon, bowonersvertegenwoordiging (heeft slechts beperkt deel genomen), Lakenhal, Centrummanager, Cultuurmakelaar e.d.) - Vervolgens heeft de conceptnota voor eenieder ter inzage gelegen ten behoeve van inspraak. Tijdens de inspraakperiode zijn 12 reacties ontvangen (waarvan 8 van kerkgemeenschappen). Alle reacties zijn verwerkt in de nota van beantwoording. Evaluatie: Evaluatie indien daar aanleiding toe is over 5 jaar; een stand van zaken betreffende het religieus erfgoed.
Bijgevoegde informatie: 1. Nota van beantwoording zienswijzen n.a.v. de inspraak op de conceptnota Leids religieus erfgoed; 2. Nota Leids religieus erfgoed 2021, kaders voor de toekomst. Pagina 4 van 5
RAADSBESLUIT:
De raad van de gemeente Leiden: Gezien het voorstel van burgemeester en wethouders (Raadsvoorstel RV 21.0143 van 14 december 2021), mede gezien het advies van de commissie Werk en Middelen,
BESLUIT
de nota Leids religieus erfgoed 2021, kaders voor de toekomst, vast te stellen met daarin de volgende rolvan de gemeente; a. de toepassing van het Leidse transformatieproces en de transformatieladder als instrument;
b. het instellen van een gemeentelijk contactpersoon (beperkte rol binnen bestaande capaciteit);
c. het benutten van het bestaand instrumentarium van Omgevingswet en Erfgoedwet, met onder meer het vooroverleg als instrument;
d. het verstrekken van gratis duurzaamheidsadvies door Erfgoed Leiden; e. het instellen / faciliteren van een 1 a 2 jaarlijkse tafel religieus erfgoed voor eigenaren ten behoeve van informatie-uitwisseling;
f. het waar mogelijk en gewenst verbinden van de nota religieus erfgoed met toekomstig gemeentelijke beleidsinstru mentariu m. Gedaan in de openbare raadsvergadering van 10 maarl2022, de Griffier
de Voorzitter,
{hq dhr
C. Van Leiden
drs
.J.J. Lenferink
Pagina 5 van 5