Vastgesteld besluit bij RV 21.0116 Verordening op de heffing en invordering van markt- en staangeld Leiden 2022
Tekst van het document
RAADSVOORSTEL Rv. nr.: 21.0116
B en W-besluit d.d.: 26-10-2021 B en W-besluit nr.: 21.0522
I
lill lilll llll lillil llll llll llil tilll lilll tiltil il] tilr ril
*Z22FEB32óD5*
Naam programma: 03 Economie
Ondenrerp: Verordening markt- en staangeld 2022 Aanleiding: Jaarlijks worden de tarieven van de belastingen, leges en rechten aangepast. Dit gebeurt door vaststelling van de nieuwe belasting- en legesverordeningen of wijzigingen in bestaande verordeningen door de Raad. ln dit voorstel worden de nieuwe tarieven markt- en staangeld voor 2022 behandeld. De nieuwe verordening markt- en staangeld dient vóór 1 januari 2022te zijn vastgesteld, gepubliceerd en integraal op ínternet beschikbaar te zijn gesteld.
Doel: Het vaststellen van de tarieven voor de markt- en staangeld 2022
Kader: Artikel 216 en 229, eerste lid, aanhef en onderdelen a en b, van de Gemeentewet.
Ovenregingen: Jaarlijks worden de tarieven van de belastingen en rechten aangepast vanwege de inflatiecorrectie of mogelijke andere wijzigingen in tarieven. De trendverhoging voor 2022 is berekend op 1,7o/o voor de belastingen en andere heffingen. ln artikel 1 is onder letter f een definitie 'Standplaats' toegevoegd. Reden hiervoor is dat nu alleen
de marktkramen zelf belast worden. Het is echter de bedoeling ook de voertuigen die op de markt blijven staan in het tarief mee te nemen.
Financiën: Bij het indienen van de begroting is reeds rekening gehouden met de nieuwe tarieven I
nspraak/partici patie :
n.v.t.
Pagina í van 7
Evaluatie: n.v.t.
Bijgevoegde informatie n.v.t.
Pagina 2 van 7
RAADSBESLUIT: De raad van de gemeente Leiden Gezien het voorstel van burgemeester en wethouders (Raadsvoorstel 21.0116 van 26 oktober 2021), mede gezien het advies van de commissie Werk en Middelen, Gelet op artikel 216 en 229, eerste lid, aanhef en onderdelen a en b, van de Gemeentewet;
BESLUIT
1. vast te stellen de volgende verordening Verordening op de heffing en invordering van markt- en staangeld Leiden 2022 (Verordening markt- en staangeld Leiden 2022)
Artikel 1 Begripsomschrijvingen Deze verordening verstaat onder: a. 'dag': de periode van 0.00 uur tot 24 uur, waarbij een gedeelte van een dag als een hele dag wordt aangemerkt; b. 'week': een tijdvak van maandag tot en met de eerstvolgende zaterdag, waarbij een gedeelte van een week als een hele week wordt aangemerkt; c. 'maand': een kalendermaand, waarbij een gedeelte van een maand als een hele maand
wordt aangemerkt;
d. Jaar': een kalenderjaar, tot en met de laatste dag van het kalenderjaar; e. 'kalenderjaar': de periode van 1 januari tot en met 31 december; f. 'standplaats': de ruimte die voor de duur van de markt in gebruik wordt genomen. AÉikel 2 Belastbaar feit 1. Onder de naam van "marktgeld" worden rechten geheven ter zake voor het gebruik van voor de openbare dienst bestemde gemeentebezittingen, werken of inrichtingen tot het hebben van een standplaats op of een ligplaats aan de onderscheidene markten gedurende de voor die markten aangewezen marktdagen. 2. Onder de naam van "staangeld" worden rechten geheven: a. ter zake voor het op of boven voor de openbare dienst bestemde gemeentegrond ten verkoop uitstallen van goederen en waren van elke aard voor winkels; b. voor het op voor de openbare dienst bestemde gemeentegrond hebben van een standplaats, anders dan de in het eerste lid bedoelde standplaatsen, voor wagens, tenten, kramen en dergelijke inrichtingen, dienende tot het verkopen of het ten verkoop uitstallen van goederen en waren van elke aard.
Artikel 3 Belastingplicht De rechten worden geheven: 1. van degene, die het in het eerste lid van artikel 2 omschreven gebruik of genot heeft; van degene, die de in het tweede lid van artikel 2 bedoelde uitstallingen of standplaatsen
2.
heeft.
Pagina 3 van 7
AÉikel 4 Tarieven
1. De markt- en staangelden worden geheven naar de tarieven, opgenomen in de bij deze verordening behorende tarieventabel. 2. Voor de berekening van de markt- en staangelden wordt een gedeelte van een in de tarieventabel genoemde eenheid als een volle eenheid aangemerkt.
Artikel 5 Wijze van heffing De markt- en staangelden worden geheven bijwege van een gedagtekende kennisgeving, waarin het verschuldigde bedrag wordt vermeld.
AÉikel 6 Termijnen van betaling 1. De betaling van het marktgeld geschiedt op de eerste aanvraag, en wel: a. voor zover het per dag wordt berekend, op de dag van het in het eerste lid van artikel 2 omschreverr gebruik oÍ gerrot, belralve vuur de 3-oktobenttarkt, waarvoor de betaling van het marktgeld moet geschieden tegelijk met het indienen van de aanvraag voor een plaats op deze markt; b. voor zover het per week wordt berekend, bij de aanvang van de week; c. voor zover het per kwartaal wordt berekend, bij de aanvang van het kwartaal; d. voor zover het per jaar wordt berekend, bij de aanvang van het jaar. 2. De betaling van het staangeld geschiedt op de eerste aanvraag, en wel: a. voor zover het per week wordt berekend, bij de aanvang van de week van het in artikel 2, tweede lid, sub a. omschreven gebruik of genot; b. voor zover het per maand wordt berekend, bij de aanvang van de maand van het in artikel 2, tweede lid, sub a. omschreven gebruik of genot; c. voor zover het per jaar wordt berekend, bij de aanvang van het jaar van het in artikel 2, tweede lid, sub a. omschreven gebruik of genot; d. voor zover het per dag wordt berekend, bij de aanvang van de dag van het in artikel 2, tweede lid, sub b. omschreven gebruik of genot; e. voor zover het per week wordt berekend, bij de aanvang van de week van het in artikel 2, tweede lid, sub b. omschreven gebruik of genot; f.
voor zover het per maand wordt berekend, bij de aanvang van de maand van het in artikel 2, tweede lid, sub b. omschreven gebruik of genot; g. voor zover het per kwartaalwordt berekend, bij de aanvang van het kwartaalvan het in
artikel 2, tweede lid, sub b. omschreven gebruik of genot; h. voor zover het per halfjaar wordt berekend, bij de aanvang van het halfjaar van het in artikel 2, tweede lid, sub b. omschreven gebruik of genot; i. voor zover het per jaar wordt berekend, bij de aanvang van het jaar van het in artikel 2, tweede lid, sub b. omschreven gebruik of genot. 3. De Algemene termijnenwet is niet van toepassing op de in de voorgaande leden gestelde termijnen.
Artikêl 7 Teruggaaf 1. lndien de belastingplichtige, door omstandigheden, onafhankelijk van zijn wil, gedurende een aaneengesloten periode van tenminste zes weken geen gebruik heeft kunnen maken van de standplaats, wordt het bedrag, dat bij toepassing van het tarief, bedoeld in artikel 4, minder verschuldigd zou zijn geweest, terug gegeven. De teruggaaf wordt alleen voor volle kalendermaanden terug gegeven. 2. Er vindt geen teruggaaf plaats indien de standplaats, met toestemming van het college van burgemeester en wethouders, door een aangewezen plaatsvervanger wordt ingenomen. Pagina 4 van 7
3. Het verzoek tot teruggaaf op grond van het eerste lid wordt schriftelijk gedaan bij het College van Burgemeester en Wethouders.
AÉikel I Kwijtschelding Bij de invordering van de markt- en staangelden wordt geen kwijtschelding verleend Artikel 9 Nadere regels door het college van burgemeester en wethouders Het college van burgemeester en wethouders kan nadere regels geven met betrekking tot de heffing en invordering van de markt- en staangelden. AÉikel í0 lnwerkingtreding en citeertitel 1. De "Verordening markt- en staangeld Leiden 2021" van 3 december 2020 wordt ingetrokken met ingang van de in het derde lid genoemde datum, met dien verstande dat zij van toepassing blijft op de belastbare feiten die zich hebben voorgedaan vóór die datum van ingang van de heffing. 2. Deze verordening treedt in werking met ingang van de eerste dag na die van de bekendmaking.
3. De datum van ingang van de heffing is 1 januari 2022. 4. Deze verordening kan worden aangehaald als "Verordening markt- en staangeld Leiden 2022',.
Gedaan in de
nbare raadsvergadering van 2 december 2021,
Griffier,
dhr
F.C. Van Leiden
de
H.J.J. Lenferink
Pagina 5 van 7
Tarieventabel behorende bij de verordening markt- en staangeld Leiden 2022
Het in het eerste lid van artikel 2 bedoelde marktgeld bedraagt: 1
op de dinsdag-, woensdag-, donderdag-, vrijdag- en zaterdagmarkt: voor een standplaats
a. per m2, per
dag
€
2,40
€
23,18
€
82,46
€
10,29
m2 €
15,29
markt c. per m2, gedurende een jaar, per onderscheiden markt b. per m2, gedurende een kwartaal, per onderscheiden
2
op de door het College van Burgemeester en Wethouders van Leiden aan te wijzen dagen waarop Leidens Ontzet wordt gevierd a. Vervallen b. voor de eerste dag, waarop de (feest)markt om 12.00 uur begint per m2 en voor de overige dagen niet zijnde 3 oktober waarop de
(feest)markt om 9.00 uur begint per
m2
c. Vervallen d. op 3 oktober, waarop de (feest)markt om 9.00 uur begint, per e. Vervallen
3.
Op de Lakenmarkt en andere (door de gemeente georganiseerde) bijzondere markten die door het college zijn vastgesteld:
€
2,25
a. per week
€
1,66
b. per maand
€
4,74
c. per jaar
€
47,54
€
1,24
€
0,00
a. per dag
€
2,48
b. perweek
€
9,83
per m2 per dag Het staangeld, bedoeld in het tweede lid, sub a, van artikel 2 bedraagt per m2:
il1.
Het staangeld, bedoeld in het tweede lid, sub b., van artikel 2 (standplaats), bedraagt indien sprake is van een standplaats t.b.v. activiteiten zoals genoemd in a. de Lijst standplaatsen laag tarief, zoals door het college vastgesteld, per m2 per dag b. de Lijst standplaatsen nul tarief, zoals door het college
vastgesteld 2
indien sprake is van een standplaats, per m2
Pagina 6 van 7
maand d. per kwartaal e. per half jaar f. per jaar c. per
3.
€
34,09
€
87,80
€
142,24
€
213,15
€
10,29
m2 €
15,29
€
0,60
lndien sprake is van een standplaats op de door het college van burgemeester en wethouders van Leiden aan te wijzen dagen
waarop Leidens Ontzet wordt gevierd, per m2 a. voor de eerste dag, waarop de (feest)markt om 12.00 uur begint per m2 en voor de overige dagen niet zijnde 3 oktober waarop de (feest)markt om 9.00 uur begint per
m2
b. op 3 oktober, waarop de (feest)markt om 9.00 uur begint, per
4.
het tarief genoemd onder punt 2 wordt verhoogd
met
indien sprake is van een activiteit die plaatsvindt op een gefiscaliseerde parkeerplaats (een parkeerplaats waarvoor parkeerbelasting in rekening wordt gebracht)
5. 6.
Vervallen voor standplaatsen, die worden ingenomen op de weekmarkten, is, naast het staangeld, het in het eerste lid van artikel 2 bedoelde marktgeld verschuldigd.
Pagina 7 van 7