Technische vragen VVD - Roosevelt West
Tekst van het document
Technische vragen – Gebiedsvisie Roosevelt West – 31-8-2021 - VVD (Juliette Gilissen)
Nog een korte verhelderende vraag voor de cie van dinsdag. In de stukken staat “Voor compensatie van bedrijfsruimte die verloren gaat gelden de spelregels uit de Ruimtelijke strategie bedrijventerreinen 2020-2030, hoofdstuk 5. In de Leidse regio gaat geen bedrijfsruimte verloren omdat dit binnen of buiten Leiden wordt gecompenseerd. Gezien de gefaseerde ontwikkeling speelt dit compensatievraagstuk gefaseerd per ontwikkeling en staan ontwikkelaars aan de lat om samen met gemeente deze compensatie te vinden.” 1. Hoe ziet deze compensatie er nu precies uit? Uitgangspunt voor compensatie van hectares bedrijventerreinen als gevolg van transformatie is dat dit plaats vindt op basis van netto planologisch bestemde oppervlakte die niet kan worden behouden in het plangebied. Nadere duiding en berekening van de netto planologische ruimte is op pagina 21 & pagina 22 van de Ruimtelijke strategie Bedrijventerreinen 2020 – 2030. Kortgezegd gaat dit om “Het bestemmingsvlak met de planologisch toegestane milieucategorie, gecorrigeerd naar uitsluitend de gronden die ten dienste staan van de bedrijvigheid. Dit betekent dat gronden die in gebruik zijn als openbare wegen, (semi)openbare parkeervoorzieningen, water en groen buiten de compensatieverplichting vallen.” 2.
Wordt de ruimte die verdwijnt, omdat er bijvoorbeeld een bedrijf uitgeplaatst moet worden, dan 1 op 1 gecompenseerd? Nee, er worden geen bedrijven uitgeplaatst. De huidige aanwezige bedrijven in het projectgebied mogen blijven ondernemen in het gebied, zoals staat benoemd in de Gebiedsvisie Roosevelt West. 50% van de huidige m2 bedrijfsruimte blijft in het plangebied Roosevelt West behouden voor de huidige of andere, nieuwe bedrijven. De rest van de m2 planologische ruimte voor bedrijvigheid (zoals onder vraag 1 omschreven) moet gecompenseerd worden. 3. Of leest het college deze afspraak breder en kan een compensatie ook betekenen dat de verloren gegane ruimte in losse, kleinere delen gecompenseerd wordt? Ja, beleidsmatig kan een compensatieopgave over meerdere compensatielocaties worden verdeeld. Hierbij moet wel worden opgemerkt (zie pagina 22 Ruimtelijke Strategie Bedrijven (RSB)) dat binnen een bestemmingsvlak allerlei mogelijkheden en/of beperkingen zijn opgenomen die relevant zijn voor de wijze waarop de compensatieverplichting in een bestemmingsplan moet worden geborgd. Deze volgen zowel uit de planregels als uit de verbeelding van het bestemmingsplan zoals bijvoorbeeld bouwhoogtes of watergebonden bedrijvigheid. Het uitgangspunt is dat die mogelijkheden en/of beperkingen onderdeel uitmaken van de compensatieverplichting.
Uitgangspunt is dat de functionele mogelijkheden van het te compenseren bedrijventerrein niet mogen worden beperkt. Dat betekent dat bedrijfstypen die weliswaar een bepaald oppervlak nodig hebben, maar die vanwege het type bedrijfsvoering dat oppervlak niet kunnen verdelen over verdiepingen, niet kunnen worden gecompenseerd door een kleiner oppervlak met een groter toegestane bouwhoogte op te nemen in het compensatiegebied (zie p 22 RSB). Op dit moment wordt voor een drietal Leidse bedrijventerreinen compensatie-afspraken gemaakt in de vorm van een bestuursovereenkomst met de gemeente Katwijk. Zij zullen als compenserende gemeente een nieuw bedrijventerrein mogelijk maken van bruto 6,2 hectare, milieucategorie 3.1 en 3.2. Op deze wijze blijven de bestaande m2 bedrijfsruimte (Werninkterrein, Veilingterrein, Rooseveltstraat-Trekvliet) behouden, binnen de Economie071 grenzen waar de Ruimtelijke strategie Bedrijventerreinen 2020 – 2030 van toepassing is. Voor mogelijke toekomstig 50% compensatieruimte in Roosevelt West moet nog wordt gezocht naar een plek in Leiden of in de regio via dezelfde systematiek.
4. Wordt deze ruimte als 1 geheel elders gecompenseerd en het bedrijf dus in zijn geheel naar eenzelfde grootte locatie verplaatst? Nee, bedrijven kiezen zelf de voor hen optimale bedrijfslocatie, ze worden niet verplaatst door de gebiedsontwikkeling. De totale ontwikkeling van vraag en aanbod voor ruimte voor bedrijven wordt bepaald in de gehele Leidse regio. Compensatie is hierbij een dynamisch, regionaal proces en niet een lineair verband per ontwikkeling. Compensatie moet wel planologisch geregeld zijn voordat transformatie mogelijk is, in de lijn met de spelregels uit de provinciale Omgevingsverordening en uit de door de Leidse raad vastgestelde Ruimtelijke strategie Bedrijventerreinen 2020 – 2030. Deze is strategie ook door alle raden van regiogemeenten in de 071regio vastgesteld.