CConstaterende datLeiden
Koppel je AI →
Document · PDF

Reacties per aspect VVGB Morsweg

raadscommissie Stedelijke Ontwikkeling 24 februari 2022, gemeente LeidenBij agendapunt: Technische vragen1.104 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Reactie op verlies aan privacy, inkijk, bezonning: Bezonning Omdat er geen wettelijke norm is zijn we als gemeente vrij een norm te kiezen. Leiden heeft ervoor gekozen om de Haagse norm toe te passen. Dat is bestendig beleid van de gemeente Leiden waar we onze besluitvorming op afstemmen. Er is een bezonningsstudie aangeleverd conform de Haagse norm (gemeten op 2 peil data). Geconcludeerd is dat er met de komst van de appartementen er nog steeds aan aanvaardbaar woon- en leefklimaat is voor bewoners en panden van Morsweg 49-51 en 5355. Er is nog steeds sprake van voldoende zon conform de Haagse bezonningsnorm. Uitsteken van balkons aan achterzijde Het uitsteken ten opzichte van de bestaande achtergevel van de naastliggende woningen van corporatie Portaal. De nieuwe balkons steken 94 cm ten opzichte van de achtergevel uit van de naastliggende woningen (en dus niet 2,5 meter). Gevolgen voor inkijk en privacy Het balkon uit het plan wordt plaatselijk ca. 1,70 meter minder breed gemaakt. Hierdoor is er geen sprake van flankerende balkons. Er zit ruimte tussen Morsweg 62b en het bouwplan. Hier blijft doorzicht mogelijk. De dichtstbijzijnde balkons van Portaal zijn circa 4,75 meter verwijderd van de balkons in voorliggend plan en de woonkamerramen zijn circa 1,4 meter vanaf de balkons in voorliggend bouwplan.

Om de privacy van bewoners van belendende panden te borgen is onder andere het balkon op de derde verdieping iets meer dan 2 meter teruggelegd ten opzichte van het belendende pand. Dit komt omdat hier tussen nog de vide/trapgat zit. Bij het lopen over deze spiltrap is tevens de privacy geborgd door een rooster (louvres). Het zicht tussen bewoners van nieuwbouw en bewoners van het belendende pand is daarmee voldoende afgeschermd. Bovenaan de spiltrap (trap houdt 1 meter afstand tot de perceelsgrens) is de inkijk zeer beperkt vanwege steile hellingshoek van de zichtlijn. Overdag treedt hier altijd reflectie op, waardoor in kijk bemoeilijkt wordt. Voor de avondsituatie gelden de houten louvres. De balustrade van verdieping drie wordt uitgevoerd in matglas.

Geluid: Geluidsoverlast van lift en spiltrap De adviezen van DGMR -om de geluidsisolatie volledig te laten voldoen aan de eisen uit het Bouwbesluit- zijn geheel opgevolgd en verwerkt in de tekeningen van de aanvraag omgevingsvergunning. De diktes van de betonwanden zijn aangepast daar waar nodig, zoals bij de liftschacht. Deze is ook vergroot naar 250mm. De geluidsisolatie voldoet aan de eisen uit het Bouwbesluit. Het is daarom aannemelijk om geen onevenredige geluidsoverlast te verwachten. Geluid overlast tijdens de bouw Overlast van de bouw is tijdelijk en onvermijdelijk Voor wat betreft tijdens de bouw: Aan de omgevingsvergunning zijn gebruikelijke voorwaarden verbonden ten aanzien de bouwveiligheid. Daarin zijn o.a. zaken opgenomen om tijdens de uitvoering overlast naar de omgeving tot een minimum te beperken.

Bouwplaats Het is nog niet bekend waar de bouwplaats wordt ingericht. Indien het geval is dat dit op het achtererfgebied gebeurt dan zijn er gebruikelijke richtlijnen om negatieve gevolgen voor het groen te voorkomen.

Reactie op verlies van groen: Fauna: Vogels: Op de planlocatie kunnen nesten van vogels met jaarrond beschermde nesten en kwetsbare vogels worden uitgesloten, maar nesten van een algemene broedvogelsoort niet. Het is verboden om nesten te beschadigen of weg te nemen (Art 3.1 lid 2). Een nest van een algemene vogelsoort kan verloren gaan indien er werkzaamheden tijdens het broedseizoen plaatsvinden. De volgende voorwaarden worden opgenomen in de vergunning: • Voer de werkzaamheden aan het plangebied buiten de broedperiode uit. De broedperiode is globaal van maart t/m juli, maar er dient rekening gehouden te worden met verschillen per vogelsoort en jaarlijkse/seizoen afhankelijke afwijkingen vanwege de weersomstandigheden. Overleg dit met een ecoloog. OF: • Laat een ecoloog vooraf aan de werkzaamheden controleren op nesten. Indien aangetroffen: overleg vervolgmaatregelen. Zoogdieren: Enkele kleine, algemene, maar beschermde zoogdiersoorten kunnen niet volledig op de planlocatie worden uitgesloten. De beschermde soorten die op de planlocatie kunnen worden aangetroffen, vallen onder de vrijstelling volgens de verordening uitvoering Wet natuurbescherming Zuid-Holland (Provincie Zuid-Holland, 2016). Wat betreft deze soortgroep is er geen sprake van overtreding van de Wet natuurbescherming (bosmuis, huismus, bruine rat).

Vleermuizen De aanwezigheid van een vaste verblijfplaats van gebouw bewonende vleermuizen kan niet worden uitgesloten en kan met de bouw verloren gaan (Art 3.5 lid 4). Voor deze soortgroep kan sprake zijn van overtreding van de Wet natuurbescherming. Er is een vervolg onderzoek gedaan naar kleine vleermuissoorten en zomer-, kraam- paar en winterverblijfplaatsen conform Protocol vleermuizen. Geconcludeerd is dat de resultaten uit het onderzoek voldoende dekkend zijn om overtreding Wet natuurbescherming te voorkomen. Er worden geen beschermde soorten/groepen verwacht. Tevens is het voornemen om ondanks bovenstaande nestkasten op te hangen. Overig; Op de planlocatie zijn beschermde amfibieënsoorten, beschermde vissoorten, beschermde reptielen, beschermde ongewervelden uitgesloten.

Flora: Planten in grond en aan de muur In de omgeving van de planlocatie, maar niet op de planlocatie zelf, zijn twee beschermde planten gemeld, namelijk muurbloem en wolfskers (NDFF). Tijdens het veldbezoek zijn geen beschermde soorten waargenomen. Op de planlocatie is muurvegetatie aanwezig, namelijk wingerd. Beschermde plantensoorten kunnen worden uitgesloten. Deze kan niet in stand gehouden blijven omdat de woningen in de bestaande poort worden ingepast. Wolfskers groeit op kapvlakten en op humus houdende grond (mergel en stenige plaatsen). Deze groeiplaatsen zijn niet aanwezig op de planlocatie. Geschikte groeiplaatsen voor beschermde muurplanten (zeer oude, verweerde muren met kalkspecie) ontbreken op de planlocatie en de planlocatie ligt daarbij buiten het natuurlijk verspreidingsgebied van de meeste beschermde soorten (NDFF). De vegetatie op de planlocatie bestaat enkel uit cultivars en kersenbomen Op de planlocatie worden beschermde plantensoorten uitgesloten. Voor deze soortgroep is geen sprake van mogelijke overtreding van de Wet natuurbescherming. Gezien vanaf de Morsweg komen aan de rechterzijde op de begane grond, de bergingen en de entree/opgang van de appartementen. Vanwege hun functie is het niet mogelijk deze berging en entree elders te realiseren. Aan de linkerzijde van de onderdoorgang wordt een bosschage van struiken gerealiseerd.

En de bestaande bomen blijven gehandhaafd. Bomen Er worden te allen tijden geen bomen gekapt t.b.v. het plan. In het plan gebied bevinden zich twee sierkersen, onder de onderdoorgang. Deze blijven behouden en worden niet gekapt. In de omgeving van de planlocatie, maar niet op de planlocatie zelf (achtererf gebied) bevinden zich 4 sierkersen. Sierkersen in het achtererfgebied worden ook niet gekapt en deze staan zoals in het artikel in het Leidsch dagblad van 14-02-2022 dan ook niet ‘in de weg’, zoals wordt gesteld. Overigens liggen de bomen niet in een bomenstructuur en zijn geen ‘waardevolle’ bomen zoals beschreven in het register Ecologische bomen gemeente Leiden. De omtrek en lengte maken de bomen tevens niet kapvergunning plichtig.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/11226465/1