Rapportage-Bomen-Effect-Analyse-Centrumroute-fase-4-Schuttersveld-INCL-BIJLAGEN (1)
Tekst van het document
Bomen Effect Analyse
Schuttersveld fase 4 Leiden
Bomen Effect Analyse, Schuttersveld fase 4, Leiden
COLOFON
Bomen Effect Analyse, Schuttersveld fase 4, Leiden
OPDRACHTNEMER
BTL Bomendienst B.V. Marowijne 80 7333 PJ Apeldoorn Postbus 177 7300 AD Apeldoorn T 055-5999 444 E bomendienst@btl.nl
OPGESTELD DOOR
Arthur ‘t Hart
VRIJGEGEVEN DOOR
Harmen van der Meulen
OPDRACHTGEVER
Gemeente Leiden
PROJECTNUMMER
728200208
KENMERK
BD20098/HM
STATUS
Definitief
VERSIE
1
DATUM
14 augustus 2020
Copyright 2020 BTL Bomendienst B.V. Alle rechten voorbehouden. Niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd, opgeslagen in een geautomatiseerd gegevensbestand, of openbaar gemaakt, in enige vorm of op enige wijze, hetzij elektronisch, mechanisch, door fotokopieën, opnamen of enige andere manier zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van BTL Bomendienst B.V. BTL Bomendienst B.V. is niet aansprakelijk voor eventuele schade ontstaan bij gebruik van gegevens uit dit rapport.
BD20098HM
2
Bomen Effect Analyse, Schuttersveld fase 4, Leiden
Inhoudsopgave 1
Inleiding _____________________________________________________________ 4 1.1 Onderzoeksvragen _________________________________________________ 5 1.2 Uitgangspunten en beschikbare informatie: ______________________________ 5 1.3 Relevante Geplande werkzaamheden __________________________________ 5
2
Werkwijze ____________________________________________________________ 6 2.1 Werkwijze bovengrondse beoordeling __________________________________ 6 2.2 Werkwijze ondergrondse beoordeling __________________________________ 7
3
Resultaten ___________________________________________________________ 8 3.1 Resultaten bovengrondse beoordeling__________________________________ 8 3.1.1 Leiplatanen _________________________________________________ 9 3.1.2 Middenberm ________________________________________________ 9 3.1.3 Meidoorns in bosplantsoen parkeerplaats ________________________ 10 3.1.4 Platanen Anthony Fokkerweg __________________________________ 10 3.1.5 Populieren_________________________________________________ 11 3.2 Resultaten ondergrondse beoordeling _________________________________ 12
4
Conclusie ___________________________________________________________ 23 4.1 Bovengronds onderzoek ___________________________________________ 23 4.2 Ondergronds onderzoek - bodemopbouw ______________________________ 23 4.3 Ondergronds onderzoek - beworteling _________________________________ 23 4.4 Gevolg werkzaamheden per knelpunt _________________________________ 24 4.4.1 Aanleggen nieuw fietspad _____________________________________ 24 4.4.2 Aanleggen nieuw voetpad_____________________________________ 24 4.4.3 Kruising met Anthony Fokkerweg boom 28 _______________________ 25 4.4.4 Kruising met Anthony Fokkerweg boom 21 _______________________ 25 4.4.5 Middenberm _______________________________________________ 26 4.4.6 Leiplatanen ________________________________________________ 27 4.5 Potentiele verplantbaarheid _________________________________________ 28
5
Advies ______________________________________________________________ 29 5.1 Werken onder toezicht _____________________________________________ 29 5.2 Minimale Graafafstanden ___________________________________________ 29 5.3 Drukverdelende constructie _________________________________________ 29 5.4 Algemene boombeschermende maatregelen ___________________________ 29 5.5 Algemeen handhavingsadvies: ______________________________________ 30
Bijlage 1
BD20098HM
Bomenposter Werken rond Bomen _________________________________ 31
3
Bomen Effect Analyse, Schuttersveld fase 4, Leiden
1 Inleiding De kruising aan de Schuttersveld te Leiden wordt van gevel tot gevel opnieuw ingericht om een betere doorstroming van het verkeer te verkrijgen. Binnen het project bevinden zich een aantal bomen waaronder oude populieren, oude platanen en jonge platanen. Een goede doorstroming van het verkeer staat voorop, maar waar mogelijk is het wenselijk de aanwezige bomen in te passen. Afbeelding 1 laat een concept tekening van de nieuwe situatie zien. Afbeelding 1. Concept nieuwe situatie
Deze BEA is uitgevoerd om te bepalen welke bomen behouden kunnen blijven. Tevens is gekeken naar oplossingen en/of alternatieven en voorwaarden waarop de bomen behouden kunnen blijven.
BD20098HM
4
Bomen Effect Analyse, Schuttersveld fase 4, Leiden
1.1
ONDERZOEKSVRAGEN BEA Hoofdvraag: Kunnen de bomen, in het perspectief van de voorgenomen werkzaamheden, in de huidig verschijningsvorm en op deze standplaats, duurzaam behouden blijven? Antwoord op de hoofdvraag wordt gevonden door onderzoek te doen naar de volgende deelvragen: 1. Van biologische aard: a. Wat is de grootte, huidige conditie en mechanische kwaliteit van de bomen? b. Wat is de omvang van de voornaamste beworteling? c. Wat is de toekomstverwachting van de boom bij ongewijzigde omstandigheden? 2. Van geografische aard: a. Wat zijn de geplande werkzaamheden binnen de invloedssfeer van de bomen? b. Wat is de invloed van de voorgenomen werkzaamheden op de toekomstverwachting van de bomen? 3. Oplossingen: a. Welke maatregelen (tijdens de bouwfase en in de eindsituatie) zijn mogelijk om de bomen duurzaam in stand te houden? Wat zijn de (on)mogelijkheden? b. Advies graafafstanden. Het veldwerk is uitgevoerd op 23 en 25 juni 2020 door Arthur ’t Hart, Boomtechnisch Adviseur en European Tree Technician in dienst bij BTL Bomendienst.
1.2
UITGANGSPUNTEN EN BESCHIKBARE INFORMATIE: • • • • • • •
1.3
IPOR Centrumroute Fase 4 – SCHETS (incl best.riolering) [2020-05-28).pdf IPOR Centrumroute Fase 4 – SCHETS (incl klic [2020-05-28].pdf IPOR Centrumroute Fase 4 – SCHETS (knelpunten K&L) [2020-05-28].pdf IPOR Centrumroute Fase 4 – SO CONCEPT 01 [2020-06-23].pdf IPOR Centrumroute Fase 4 – SO CONCEPT 02 [2020-06-23].pdf IPOR Centrumroute Fase 4 – SO CONCEPT.DWG Mondelinge toelichting in het veld door Rick Vermeulen en Paul Waalboer
RELEVANTE GEPLANDE WERKZAAMHEDEN • • • •
Verandering en herstructurering van gevel tot gevel Plaatsen van nieuw fietspad aan noordzijde populieren Verwijderen trottoir en vergroten groeiplaats aan zuidzijde populieren Plaatsen van nieuw fietspad aan noordzijde populieren
BD20098HM
5
Bomen Effect Analyse, Schuttersveld fase 4, Leiden
2 Werkwijze Om antwoord te geven op de onderzoeksvragen is er veldwerk uitgevoerd. Het veldwerk bestaat uit een bovengronds- en ondergronds onderzoek. Dit hoofdstuk beschrijft de gehanteerde werkwijzen.
2.1
WERKWIJZE BOVENGRONDSE BEOORDELING De bovengrondse beoordeling is gedaan volgens de VTA-methodiek en geeft inzicht op de conditie, mechanische gebreken en toekomstverwachting van de bomen. VTA Methodiek De bomen zijn uitgebreid visueel beoordeeld op mechanische gebreken, conditie en toekomstverwachting bij ongewijzigde omstandigheden. Hierbij is gebruik gemaakt van de VTA-methode, waarmee visueel zichtbare gebreken van de bomen worden beoordeeld. VTA-methode Met de VTA-methode worden de visueel zichtbare gebreken van de bomen beoordeeld. Er wordt gekeken naar afwijkingen aan de stam, kroon en wortelaanlopen. Sommige van deze afwijkingen geven een indicatie van verminderde stabiliteit (gevaar voor windworp of stambreuk). Andere afwijkingen, bijvoorbeeld zwaar dood hout in de kroon, hebben een verhoogd risico op takbreuk tot gevolg. Tevens wordt aandacht besteed aan de conditie van de bomen. Bepalend voor de conditie is in de winter scheutlengte en knopzetting en in de zomer bladzetting.
Conditie bepaling De conditiebepaling geeft een oordeel over de gezondheidstoestand van een boom op een bepaald moment. Bij de conditie worden, afhankelijk van het seizoen, de volgende conditiekenmerken beoordeeld; blad/ knopbezetting, bladgrootte, bladbezetting, takscheutlengte, hoeveelheid dode takken/ twijgen en de aanwezigheid van groeistrepen. Afhankelijk van de boomsoort, de leeftijd en de beschikbare hoeveelheid licht rond de boomkroon kan de aanwezigheid van enig dood hout als normaal worden beoordeeld. Voor de conditiebepaling wordt de volgende indeling gehanteerd; goed, voldoende, matig, slecht en dood. Op basis van de conditiebepaling en aanwezigheid van eventuele gebreken wordt bepaald wat de toekomstverwachting van de bomen is. Wanneer een boom een toekomstverwachting heeft van minder dan 15 jaar dan wordt geadviseerd geen maatregelen te treffen die als doel hebben de boom in te passen. Voor toekomstverwachting wordt de volgende indeling gehanteerd; meer dan 15 jaar, 5 tot 10 jaar, 10 tot 15 jaar en 0 tot 5 jaar.
BD20098HM
6
Bomen Effect Analyse, Schuttersveld fase 4, Leiden
Beoordeling mechanische gebreken Naast de conditiebepaling zijn de mechanische gebreken van de bomen beoordeeld. In de meeste gevallen is er geen relatie tussen mechanische gebreken en conditie. Een gebrek kan bijvoorbeeld een slechte takaanhechting (plakoksel) of holte zijn. Mechanische gebreken kunnen van invloed zijn op de stabiliteit van de gehele boom of breukvastheid van de kroon, stam en/of takken. Zo kan een boom die is aangetast door een parasitaire schimmel omvallen of afbreken. Ingeval mechanische gebreken invloed hebben op de stabiliteit en/of breukvastheid dan worden beheermaatregelen geadviseerd. Wanneer visueel de veiligheidstoestand niet goed is vast te stellen dan wordt nader stabiliteitsonderzoek geadviseerd.
2.2
WERKWIJZE ONDERGRONDSE BEOORDELING Door middel van het groeiplaatsonderzoek zijn de eigenschappen van de bodem en het bewortelingspatroon in beeld gebracht. Deze informatie vormt de input voor het advies met betrekking tot de ondergrondse situatie in relatie tot de bovengrondse situatie. Groeiplaatsonderzoek Op basis van grondboringen en sleuven is het bodemprofiel beschreven. Aspecten die per bodemlaag worden beschreven zijn: de mate van beworteling, het vochtgehalte, eventuele roestverschijnselen, het organisch stofgehalte, het leemgehalte, de textuur en de kleur. De locatie van de profielsleuven is gekozen aan de hand van mogelijke knelpunten die optreden bij de geplande werkzaamheden
BD20098HM
7
Bomen Effect Analyse, Schuttersveld fase 4, Leiden
3 Resultaten Dit hoofdstuk bestaat uit de bovengrondse beoordeling en het ondergronds onderzoek. Daarnaast worden de knelpunten benoemd die invloed hebben op het duurzaam behoud van de boom.
3.1
RESULTATEN BOVENGRONDSE BEOORDELING Binnen de invloedsferen van de werkzaamheden zijn 37 bomen gesitueerd. De bomen zijn onder te verdelen in 3 deelgebieden: De leiplatanen nabij het station (boom 1 t/m 7), de bomen in de middenberm (8 t/m 17) en de bomen rond het grasveld waar het nieuwe fietspad wordt aangelegd (18 t/m 37). Afbeelding 2 laat de locatie, conditie en het boomnummer van de bomen zien.
Afbeelding 2. Conditie van de bomen binnen de invloedsferen van de werkzaamheden
BD20098HM
8
Bomen Effect Analyse, Schuttersveld fase 4, Leiden
3.1.1
LEIPLATANEN Nabij het station zijn 7 leiplatanen gesitueerd met een stamdiameter tussen 14 en 18 centimeter, zie afbeelding 4. Zoals te zien in Afbeelding 2 hebben de bomen een voldoende conditie en een toekomstverwachting van meer dan 15 jaar.
Afbeelding 3. Leiplatanen
3.1.2
MIDDENBERM In de middenberm zijn 10 bomen gesitueerd met een stamdiameter van 18 tot 42 centimeter. Van deze bomen hebben 9 platanen een matige conditie (afbeelding 4) en 1 vleugelnoot heeft een stamdiameter van 42 centimeter, een slechte conditie en een afgestorven top (afbeelding 5). De platanen hebben een toekomstverwachting van 10 tot 15 jaar. De vleugelnoot heeft een toekomstverwachting van 5 tot 10 jaar. De matige conditie wordt mogelijk veroorzaakt door slechte omstandigheden in de groeiplaats.
Afbeelding 4. (links) Platanen
Afbeelding 5. (rechts) Vleugelnoot
BD20098HM
9
Bomen Effect Analyse, Schuttersveld fase 4, Leiden
3.1.3
MEIDOORNS IN BOSPLANTSOEN PARKEERPLAATS Rond het grasveld waar het het nieuwe fietspad komt staan in het bosplantsoen 7 meidoorns en een Gewone kardinaalsmuts met een stamdiameter van 10 tot 20 centimeter. Deze bomen hebben een voldoende conditie en een toekomstverwachting van meer dan 15 jaar. Op afbeelding 6 steken de meidoorns iets uit boven de onderbegroeiing van het bosplantsoen.
Afbeelding 6. Meidoorns in bosplantsoen
3.1.4
PLATANEN ANTHONY FOKKERWEG Aan de Anthony Fokkerweg zijn 4 platanen gesitueerd, zie afbeelding 7. Deze platanen hebben een stamdiameter van 52 tot 62 centimeter, een voldoende conditie en een toekomstverwachting van meer dan 15 jaar.
Afbeelding 7. Platanen Anthony Fokkerweg
BD20098HM
10
Bomen Effect Analyse, Schuttersveld fase 4, Leiden
3.1.5
POPULIEREN Ter hoogte van het huidige fietspad 6 populieren en 2 iepen gesitueerd. Alle bomen behalve boom 35 hebben een voldoende conditie. Boom 35 heeft een matige conditie. Door de relatief hoge leeftijd van de populieren wordt de toekomstverwachting geschat op 10 tot 15 jaar. Deze populieren hebben een stamdiameter van 80 tot 120 centimeter. De iepen hebben een toekomstverwachting van meer dan 15 jaar. Door lichtconcurrentie van de populieren hebben de beide iepen (stamdiameter 46 en 47 centimeter) geen duurzame kroon ontwikkeld.
Afbeelding 8. (links) Populieren
Afbeelding 9. (rechts) Iep 36, slechte kroonontwikkeling door concurrentie
BD20098HM
11
Bomen Effect Analyse, Schuttersveld fase 4, Leiden
3.2
RESULTATEN ONDERGRONDSE BEOORDELING Om inzicht te krijgen in het bewortelingspatroon van de bomen ter hoogte van de te verwachten knelpunten zijn profielsleuven gegraven. Knelpunten ontstaan voornamelijk bij het aanleggen van het nieuwe fietspad en op de kruising met de Anthony Fokkerstraat. Totaal zijn 8 profielsleuven gegraven en is 1 grondboring uitgevoerd. Afbeelding 10 geeft een overzicht weer van de locatie van de profielsleuven. Op de volgende pagina’s is een beschrijving van de profielopbouw, beworteling en beeldmateriaal van het bodemonderzoek opgenomen.
Afbeelding 10. Overzicht profielsleuven
BD20098HM
12
Bomen Effect Analyse, Schuttersveld fase 4, Leiden
Profielsleuf 1 Profielsleuf 1 is gegraven op de ontgravingslijn van het cunet ten behoeven van het nieuw te plaatsen fietspad ter hoogte van boom 32. De profielsleuf is 2.9 meter uit het hart van de boom gemaakt. Afbeelding 11. (links) Profielsleuf 1 overzicht
Afbeelding 12. (rechts) Profielsleuf 1 detail
Tabel 13.
Bodemopbouw en beworteling profielsleuf 1
Bodemopbouw en
Maaiveld inrichting
Gazon
beworteling profielsleuf 1
Opbouw
0 - 40 centimeter
bodemprofiel
Matig humeus fijn zand, kleihoudend 40 - 50 centimeter Humusloos fijn zand
Beworteling
0 - 50 centimeter Matig intensieve fijne en dunne beworteling tot 2 cm diameter Op 50 centimeter diepte 2 wortels van 3 en 9 cm diameter
Opmerking
BD20098HM
Bodem zeer sterk verdicht
13
Bomen Effect Analyse, Schuttersveld fase 4, Leiden
Profielsleuf 2 Profielsleuf 2 is gegraven op de ontgravingslijn van het cunet ten behoeve van het nieuw te plaatsen fietspad ter hoogte van boom 30. De profielsleuf is 2.9 meter uit het hart van de boom gemaakt. Afbeelding 14. Profielsleuf 2 detail
Afbeelding 15. Profielsleuf 2 overzicht
Tabel 16.
Bodemopbouw en beworteling profielsleuf 2
Bodemopbouw en
Maaiveld inrichting
Gazon
beworteling profielsleuf 2
Opbouw
0 - 30 centimeter
bodemprofiel
Matig humeus fijn zand, kleihoudend 30 - 50 centimeter Humusloos fijn zand
Beworteling
0 - 50 centimeter Matig intensieve fijne en dunne beworteling tot 1 cm diameter Op 50 centimeter diepte 2 wortels van 4 en 8 cm diameter
Opmerking
BD20098HM
Bodem sterk verdicht
14
Bomen Effect Analyse, Schuttersveld fase 4, Leiden
Profielsleuf 3 Profielsleuf 3 is gegraven direct tegen de stamvoet van boom 29. Gekozen is voor deze locatie om inzichtelijk te krijgen in het verloop van de wortels dicht op de boom. Hiermee kan bepaald worden of het fietspad mogelijk dichter naar de bomen toe gelegd kan worden. Afbeelding 17. (links) Profielsleuf 3 overzicht
Afbeelding 18. (rechts) Profielsleuf 3 detail
Tabel 19.
Bodemopbouw en beworteling profielsleuf 3
Bodemopbouw en
Maaiveld inrichting
Gazon
beworteling profielsleuf 3
Opbouw
0 - 40 centimeter
bodemprofiel
Matig humeus fijn zand, kleihoudend
Beworteling
0 - 40 centimeter Matig intensieve fijne beworteling 1 dikke stabiliteitswortel van meer dan 30 cm diameter vanaf de stamvoet op maaiveld tot 50 cm diep op 20 cm uit de stamvoet 1 wortel van 7 cm diameter rond de dikke wortel
Opmerking
BD20098HM
De wortels duiken direct buiten de stamvoet de diepte in.
15
Bomen Effect Analyse, Schuttersveld fase 4, Leiden
Profielsleuf 4 Profielsleuf 4 is gegraven op de ontgravingslijn van het cunet ten behoeven van het nieuw te plaatsen fietspad ter hoogte van boom 28. De profielsleuf is 2.9 meter uit het hart van de boom gemaakt. Afbeelding 20. Profielsleuf 4 overzicht
Afbeelding 21. Profielsleuf 4 detail
Tabel 22.
Bodemopbouw en beworteling profielsleuf 4
Bodemopbouw en
Maaiveld inrichting
Gazon
beworteling profielsleuf 4
Opbouw
0 - 40 centimeter
bodemprofiel
Matig humeus fijn zand, kleihoudend 40 - 60 centimeter Humusloos fijn zand
Beworteling
0 - 60 centimeter Matig intensieve fijne en dunne beworteling tot 2 cm diameter
Opmerking
BD20098HM
Bodem sterk verdicht
16
Bomen Effect Analyse, Schuttersveld fase 4, Leiden
Profielsleuf 5 Profielsleuf 5 is gegraven op 0.50 meter uit de stamvoet van boom 28. Gekozen is voor deze locatie om inzichtelijk te krijgen hoe het verloop van de wortels is dicht op de boom. Hiermee kan bepaald worden of het fietspad mogelijk dichter naar de bomen toe gelegd kan worden. Afbeelding 23. Profielsleuf 5 overzicht
Afbeelding 24. Profielsleuf 5 detail
Tabel 25.
Bodemopbouw en beworteling profielsleuf 5
Bodemopbouw en
Maaiveld inrichting
Gazon
beworteling profielsleuf 5
Opbouw
0 - 50 centimeter
bodemprofiel
Matig humeus fijn zand, kleihoudend
Beworteling
0 - 40 centimeter Matig intensieve fijne beworteling 40 - 50 centimeter 3 dikke wortels van 3, 6 en 9 cm diameter op 35 cm diepte
Opmerking BD20098HM
Puinrijke bodem 17
Bomen Effect Analyse, Schuttersveld fase 4, Leiden
Profielsleuf 6 Profielsleuf 6 is gegraven in het voetpad aan de zijde van het huidige fietspad van boom 28. Deze profielsleuf begint op 0.50 meter uit de stamvoet en loopt verder van de boom af richting de Anthony Fokkerstraat. Afbeelding 26. Profielsleuf 6 detail
Afbeelding 27. Profielsleuf 6 overzicht
Tabel 28.
Bodemopbouw en beworteling profielsleuf 6
Bodemopbouw en
Maaiveld inrichting
Trottoir 30x30 tegels
beworteling profielsleuf 6
Opbouw
0 - 30 centimeter
bodemprofiel
Humusloos fijn zand
Beworteling
0 - 30 centimeter Intensieve beworteling tot 7 cm diameter Irritatiewortel van 10 cm diameter dicht op stamvoet gevormd door verharding
Opmerking
BD20098HM
-
18
Bomen Effect Analyse, Schuttersveld fase 4, Leiden
Profielsleuf 7 Profielsleuf 7 is gegraven op 1.00 meter uit de stamvoet van boom 37. Afbeelding 29. Profielsleuf 7 detail
Afbeelding 30. Profielsleuf 7 overzicht
Tabel 31.
Bodemopbouw en beworteling profielsleuf 7
Bodemopbouw en
Maaiveld inrichting
Gazon
beworteling profielsleuf 7
Opbouw
0 - 50 centimeter
bodemprofiel
Roerige laag Humusloos fijn zand afgewisseld met Matig humeus fijn zand, kleihoudend
Beworteling
0 - 50 centimeter Intensieve fijne beworteling dicht op de stam Matig intensieve fijne beworteling tot 1 cm diameter 3 dikke wortels van 3, 6, en 9 cm diameter op 20 cm diepte
Opmerking
Wortels buiten snel af naar beneden en gaan de diepte in Dikke zwarte kabel op 0.50 meter diep
BD20098HM
19
Bomen Effect Analyse, Schuttersveld fase 4, Leiden
Profielsleuf 8 Profielsleuf 8 is gegraven op 1.00 meter uit de stamvoet van boom 35. Afbeelding 32. Profielsleuf 8 detail
Afbeelding 33. Profielsleuf 8 overzicht
Tabel 34.
Bodemopbouw en beworteling profielsleuf 8
Bodemopbouw en
Maaiveld inrichting
Trottoir 30x30 tegels
beworteling profielsleuf 8
Opbouw
0 - 60 centimeter
bodemprofiel
Humusloos wit zand
Beworteling
0 - 60 centimeter Extensieve fijne beworteling 1 wortel van 8 cm diameter op 50 cm diepte
Opmerking
Blauwe en rode kabel op 0.60 m diep Wortel t.b.v. zichtbaarheid geel gemaakt.
BD20098HM
20
Bomen Effect Analyse, Schuttersveld fase 4, Leiden
Profielsleuf 9 Profielsleuf 9 is gegraven net buiten de boomspiegel op 0.75 meter uit de stamvoet van boom 21. Afbeelding 35. Profielsleuf 9 detail
Afbeelding 36. Profielsleuf 9 overzicht
Tabel 37.
Bodemopbouw en beworteling profielsleuf 9
Bodemopbouw en
Maaiveld inrichting
30x30x8 tegels
beworteling profielsleuf 9
Opbouw
0 - 30 centimeter
bodemprofiel
Humusloos fijn zand 30 - 65 centimeter Matig humeus fijn zand
Beworteling
10 - 30 centimeter Fijne haarwortels direct onder de verharding tot 0,5 cm diameter 30 - 60 centimeter Matige beworteling met een diameter tot 3 cm, geconcentreerd bovenin deze laag, daarna afnemend. 40 centimeter Dikke wortel met diameter van 5 centimeter
Opmerking
BD20098HM
-
21
Bomen Effect Analyse, Schuttersveld fase 4, Leiden
Profielboring 1 Profielboring 1 is gemaakt in het midden van het vlak waarin de bomen 8 t/m 17 zijn gesitueerd. Afbeelding 38. (links) Profiel boring 1, bovenste 80 centimeter
Afbeelding 39. (rechts) Profielboring 1 locatie
Afbeelding 40. (rechts) Profiel boring 1, onderste 70 centimeter
Bodemopbouw profielboring 1
Tabel 41. Bodemopbouw
Maaiveld inrichting
Gazon
profielboring 1
Opbouw
0 - 100 centimeter
bodemprofiel
Matig humeus fijn zand, kleihoudend, sterk verdicht 100 - 110 centimeter Humusloos fijn wit zand 110 - 140 centimeter Licht humeus fijn grijs zand, vochtig, anaerobe geur 140 - 150 centimeter Humusrijk fijn zwart zand, zeer vochtig, sterke anaerobe geur >150 centimeter Rood gesteente, verder boren niet mogelijk
Beworteling
-
Opmerking
-
BD20098HM
22
Bomen Effect Analyse, Schuttersveld fase 4, Leiden
4 Conclusie De resultaten van het onderzoek zijn geanalyseerd en leiden tot een conclusie. De conclusie is verdeeld in de boven- en ondergrondse situatie. Tevens volgt er een conclusie van de gevolgen van de werkzaamheden op de bomen per knelpunt en wordt per knelpunt antwoordt gegeven op de hoofdvraag: Kunnen de bomen, in het perspectief van de voorgenomen werkzaamheden, in de huidige verschijningsvorm en op deze standplaats, duurzaam behouden blijven?
4.1
BOVENGRONDS ONDERZOEK De meeste bomen hebben een voldoende conditie. Alleen vleugelnoot boomnummer 8 heeft een slechte conditie en een afgestorven top. De platanen in de middenberm hebben een matige conditie.
4.2
ONDERGRONDS ONDERZOEK - BODEMOPBOUW De verschillende profielsleuven laten allemaal vrijwel dezelfde bodemopbouw zien. Onder het gazon bevindt zich een laag van ongeveer 40 centimeter matig humeus fijn zand dat kleihoudend is en sterk verdicht. Hieronder is humusloos zand aanwezig. Onder de bestrating vinden we overal humusloos wit zand tot een diepte van 60 centimeter. In de middenberm is de laag met matig humeus fijn en kleihoudend zand 100 centimeter dik. Hieronder is grijs en zwart zand aanwezig tot het grondwater. Op een diepte van 150 centimeter is natte grond aangetroffen en een anaerobe geur. Dit is zeer waarschijnlijk de diepte van de gemiddelde grondwaterstand die nu iets lager is door de droogte. De groeiplaats in de middenberm bevat onvoldoende organische stof en is sterk verdicht, dit bevestigt het vermoeden dat de verminderde conditie wordt veroorzaakt door slechte groeiomstandigheden.
4.3
ONDERGRONDS ONDERZOEK - BEWORTELING De profielsleuven laten duidelijk zien dat de dikke wortels van de populieren direct bij de stamvoet de diepte induiken. Op een afstand van meer dan 100 centimeter is dan ook weinig dikke beworteling aangetroffen tot een diepte van 50 centimeter. Fijne en dunnen beworteling is wel matig intensief aanwezig in de bovenste 50 centimeter. Van de 3 profielsleuven in verharding is in 2 profielsleuven vrijwel geen dikke beworteling aangetroffen. Bij 1 profielsleuf in verharding, dicht op de stamvoet is wel intensieve dikke en fijne beworteling aangetroffen in de bovenste 30 centimeter.
BD20098HM
23
Bomen Effect Analyse, Schuttersveld fase 4, Leiden
4.4
GEVOLG WERKZAAMHEDEN PER KNELPUNT
4.4.1
AANLEGGEN NIEUW FIETSPAD
Afbeelding 42. Nieuwe fietspad aangegeven door blauwe pijl
De rode pijl geeft het nieuwe voetpad aan
Afbeelding 42 laat de locatie van het nieuwe fietspad zien ten noorden van de populieren. Doordat de beworteling van de bomen de diepte in duiken is op de ontgravingslijn van het geplande fietspad tot een diepte van 30 centimeter geen dikke beworteling aangetroffen. Na 30 centimeter diepte zijn wortels aangetroffen tot een dikte van 10 cm diameter. Deze wortels dienen behouden te blijven om de populieren te kunnen handhaven. Conclusie: Het is mogelijk het fietspad met behoud van de bomen aan te leggen wanneer het cunet niet dieper wordt gemaakt dan 0.30 cm onder huidig maaiveld. Dit betekend dat het fietspad verhoogd moet worden om voldoende cunet dikte te creëren. Voor duurzaam behoud van de bomen is het essentieel dat een druk verdelende constructie wordt toegepast onder het nieuwe fietspad.
4.4.2
AANLEGGEN NIEUW VOETPAD In afbeelding 42 is het nieuwe voetpad aangegeven door de rode pijl, getekend los van het fietspad om boom 37 heen. Vervolgens sluit het voetpad weer aan op het fietspad. Deze ontwerpkeuze is gemaakt omdat de ruimte tussen boom 35 en boom 37 mogelijk niet voldoende is om zowel fietspad als voetpad tussen deze bomen door te laten gaan. Onderzoek toont echter aan dat het wel mogelijk is om het fietspad en het voetpad naast elkaar tussen boom 35 en 37 door te leggen. Het plaatsen van het voetpad tussen de bomen zorgt ervoor dat de beworteling van boom 37 maar aan 1 zijde schade oploopt en alle beworteling aan de noordzijde behouden blijft. Er worden door de aanleg van het pad geen stabiliteitswortels beschadigd. Toelichting: De totale ruimte tussen de stamvoeten van boom 35 en boom 37 is 7 meter. De profielsleuven op 1 meter uit de stamvoet tonen aan dat hier voldoende diepte gemaakt kan worden voor het realiseren van het cunet. Voorwaarde hiervoor is wel dat aanwezige dikke beworteling (dikker dan 5 cm) niet wordt afgezet maar wordt verwerkt in het cunet. Deze beworteling dient te worden afgedekt met een worteldoek ter voorkoming van wortelvorming onder het voetpad.
BD20098HM
24
Bomen Effect Analyse, Schuttersveld fase 4, Leiden
Conclusie: Het is mogelijk om het fietspad en het nieuwe voetpad te plaatsen tussen boom 35 en boom 37. Voorwaarde hiervoor is wel dat aanwezige dikke beworteling (dikker dan 5 cm) niet wordt afgezet maar wordt verwerkt in het cunet en dat de totale breedte van de verharding, fietspad en voetpad, niet breder wordt dan 5 meter.
4.4.3
KRUISING MET ANTHONY FOKKERWEG BOOM 28 Op afbeelding 43 is de kruising met de Anthony Fokkerweg weergegeven in de ontwerptekening. De grijze lijnen geven de oude situatie weer en de blauwe lijnen het nieuwe ontwerp. De bocht, aangegeven door de rode pijl, wordt in het nieuwe ontwerp dichter naar de boom toe geplaatst. Tevens wordt de oude bocht, nu bestaande uit voetpad, vervangen door rijbaan verharding. De profielsleuf onder het voetpad, dicht op de stam van populier 28 laat zien dat hier intensieve beworteling aanwezig is. De nieuwe bocht komt echter ruimer om de boom dan waar de profielsleuf is gegraven. De dikte van de beworteling neemt snel af in de richting van de nieuwe bocht en de schade zal dan ook beperkt zijn wanneer deze wortels op een zorgvuldige wijze worden afgezet. Conclusie: Indien zorgvuldig gewerkt wordt en beworteling op de juiste wijze wordt afgezet is het mogelijk de nieuwe bocht te realiseren tot op circa 1 meter uit het hart van boom 28.
Afbeelding 43.
21
Kruising met Anthony Fokkerweg
Plataan 21 en Populier 28
28
4.4.4
KRUISING MET ANTHONY FOKKERWEG BOOM 21 Aan de overzijde van populier 28 is plataan 21 gesitueerd, zie afbeelding 43. In het ontwerp is het nieuwe fietspad gesitueerd op de locatie van deze boom, waardoor deze niet behouden kan blijven. Direct buiten de boomspiegel van boom 21 is geen beworteling aangetroffen, het is mogelijk om verharding aan te leggen tot op de rand van de huidige boomspiegel. Conclusie: OP basis van het huidige ontwerp is het niet mogelijk om boom 21 te behouden, nieuw aan te leggen verharding dient minimaal op de rand van de huidige boomspiegel te worden aangebracht.
BD20098HM
25
Bomen Effect Analyse, Schuttersveld fase 4, Leiden
4.4.5
MIDDENBERM Door de ingrijpende veranderingen en de intensieve aanwezigheid van kabels en leidingen (afbeelding 44) rond de middenberm is het voor een groot deel van de bomen niet mogelijk deze te behouden. Gezien de matige conditie van de bomen en de sterk verdichtte groeiplaats adviseren wij ook geen nadere inspanning te leveren om de bomen te behouden. Door de zware verdichting van de bodem is het moeilijk in te schatten hoe het wortelgestel van de bomen is ontwikkeld. Voor het verplanten van deze bomen is een volledig verplantbaarheidsadvies noodzakelijk om de kosten inzichtelijk te maken. Voor een succesvolle verplanting in de huidige groeiplaats en een matige conditie dienen de bomen minimaal 3 jaar voor uitvoering te worden voorbereid op de verplanting. Het verbeteren van de doorwortelbaarheid van de groeiplaats zal hiervoor noodzakelijk zijn. Het verplanten van een groot deel van de bomen is daarbij vrijwel onmogelijk door de aanwezige kabels en leidingen. De inspanning voor het verplanten van deze bomen weegt niet op tegen de kosten voor de aanplant van bomen van een vergelijkbaar formaat in een voldoende ruime groeiplaats. Nieuwe bomen met een goede groeiplaats en een geschikt wortelgestel kunnen zich sneller ontwikkelen en een grotere bijdrage leveren aan de ecosysteemdiensten in de stad.
Afbeelding 44. Kabels en leidingen onder middenberm met meerdere kruisende kabels en leidingen
Conclusie: De bomen in de middenberm zijn op basis van het ontwerp en kwaliteit niet te behouden. Het behoud of verplanten van deze bomen weegt niet op tegen het aanplanten van nieuwe bomen in een goed ingerichte en gedimensioneerde groeiplaats.
BD20098HM
26
Bomen Effect Analyse, Schuttersveld fase 4, Leiden
4.4.6
LEIPLATANEN
Afbeelding 45. Leiplatanen in nieuwe ontwerp inclusief kabels en leidingen
De leiplatanen in afbeelding kunnen niet behouden blijven doordat verharding wordt gerealiseerd op deze locatie. Door de jonge leeftijd, vitaliteit en snoeiwijze zijn deze bomen potentieel verplantbaar. Ook hier geldt dat aanwezige kabels en leidingen een eventuele verplanting zeer lastig kunnen maken. Een verplantbaarheidsonderzoek dient aan te tonen of verplanten daadwerkelijk mogelijk is. Hierbij dient de exacte ligging van kabels en leidingen inzichtelijk te worden gemaakt, danwel de OV-kabels dienen te worden afgezet. Conclusie: De leiplatanen kunnen niet behouden blijven op basis van het ontwerp en zijn potentieel verplantbaar, bij een verplanting dient hiervoor een volledig verplantbaarheidsonderzoek te worden uitgevoerd. Afbeelding 46. Leiplatanen inclusief bestaande kabels en leidingen
BD20098HM
27
Bomen Effect Analyse, Schuttersveld fase 4, Leiden
4.5
POTENTIELE VERPLANTBAARHEID De bomen in de middenberm zijn niet potentieel verplantbaar op basis van kwaliteit en de onevenredig hoge kosten voor de uitvoering hiervan. De leiplatanen in verharding zijn potentieel wel verplantbaar, hiervoor dient een verplantbaarheidsonderzoek te worden uitgevoerd. Plataan 21 die mogelijk moet wijken voor het nieuwe fietspad is potentieel verplantbaar. Door het ontbreken van beworteling in de gemaakte profielsleuf is het zeer waarschijnlijk dat alle wortels snel de diepte in gaan. Een verplantbaarheidsonderzoek dient aan te tonen wat de praktische haalbaarheid is van een verplanting en dient te bepalen of de boom dit kan overleven zonder voorbereiding. Voor de meidoorns is de potentiele verplantbaarheid op basis van ondergronds onderzoek niet te bepalen door de situering in bosplantsoen. De leeftijd en conditie van de bomen maken de bomen wel potentieel verplantbaar, maar zijn dit economisch gezien niet waard. De populieren zijn door hun leeftijd en omvang niet te verplanten. De twee iepen, gesitueerd tussen de populieren, hebben geen duurzame kroon ontwikkeld door concurrentie waardoor verplanten niet aan te bevelen is door de verhoogde kans op takbreuk en onvoldoende bladmassa voor een goede hergroei van nieuwe beworteling. Tevens is een verplanting niet mogelijk doordat dit teveel schade zou toebrengen aan de nevenstaande populieren.
BD20098HM
28
Bomen Effect Analyse, Schuttersveld fase 4, Leiden
5 Advies Op basis van de conclusie is het advies geformuleerd. Om de boom duurzaam te kunnen behouden dienen tijdens de uitvoering de volgende randvoorwaarden in acht genomen te worden.
5.1
WERKEN ONDER TOEZICHT Tijdens het gehele werk dient boomtechnisch toezicht gehouden te worden door een European Tree Technician. Deze dient bevoegd te zijn het werk stil te leggen wanneer duurzaam behoud van de boom in het geding komt. In overleg met opdrachtgever zal dan gezocht worden naar een passende manier om verder te werken.
5.2
MINIMALE GRAAFAFSTANDEN De minimale graafafstanden zoals aangegeven in deze BEA mogen niet overschreden worden tenzij dit onder toezicht van een European Tree Technician en zeer zorgvuldig wordt uitgevoerd. In het bestek naar de opdrachtnemer voor de aanleg dient dit te worden opgenomen inclusief maatregelen bij overtreding van de adviezen.
5.3
DRUKVERDELENDE CONSTRUCTIE Zoals reeds aangegeven in de BEA dient het nieuwe fietspad volledig onderlegd te worden met een druk verdelende constructie. Deze constructie dient er voor te zorgen dat de groeiplaats onder het nieuwe fietspad intact blijft. Onze voorkeur hierbij gaat uit naar het gebruik van een druk verdelende krattenlaag, waardoor tevens wortelopdruk in de toekomst kan worden voorkomen. De krattenlaag zorgt bovendien voor ene betere uitwisseling van zuurstof in de bodem zodat de beworteling onder het cunet niet wordt afgesloten door de ophoging van het maaiveld.
5.4
ALGEMENE BOOMBESCHERMENDE MAATREGELEN Werken in de nabijheid van bomen vergt een aantal zorgvuldigheden om de bomen duurzaam te behouden. Als handvat voor het werken met bomen verwijzen wij door naar de bomenposter in bijlage 1. Geadviseerd wordt deze poster ‘’Werken rond bomen’’ van Vereniging Stadswerk van toepassing te verklaren tijdens de werkzaamheden in het bestek. Daarnaast dient de poster op de bouwlocatie op te worden gehangen ter informatie voor de diverse bouwmedewerkers op het terrein. Het algemene handhavingsadvies, tevens terug te vinden op de bomenposter, dient in acht genomen te worden tijdens de werkzaamheden:
BD20098HM
29
Bomen Effect Analyse, Schuttersveld fase 4, Leiden
5.5
ALGEMEEN HANDHAVINGSADVIES: ▪
Geen bouwdepot in de kwetsbare zone van een boom
▪
Geen transportbewegingen binnen en/ of boven de kwetsbare boomzone
▪
Inpakken van de stam met boombescherming tegen schade, daar waar fysieke afscherming van de kwetsbare boomzone met bouwhekken niet mogelijk is.
▪
Toezicht bij de uitvoering van graafwerkzaamheden door gecertificeerd European Tree Technician
▪
Tijdens graafwerkzaamheden aangetroffen wortels met een diameter >10 centimeter behouden of na toetsing door een gecertificeerd ETT’er laten verwijderen.
▪
Aangetroffen wortels met een diameter tussen 4 en 10 centimeter, dienen haaks op de groeirichting te worden doorgezaagd/geknipt.
▪
De bomenposter; ‘Werken rond bomen’ en de poster ‘kwetsbare boomzone’ op de bouwlocatie hangen
▪
Bij de startbespreking van de werkzaamheden een Toolbox ‘Werken rond bomen’ houden met uitvoerend personeel
BD20098HM
30
* Genoemde termijn geldt voor regulier onderhoud.
Bijlage 1 Registratieformulier visuele boomveiligheidscontrole en beheerinventarisatie
** Bovengrondse beoordeling, geldt als indicatief.
Naam onderzoeker(s): Boom- Soort nr. 1 2 3 4 5 6 7 8 9 10 11 12 13 14 15 16 17 18 19 20 21 22 23 24 25 26 27 28 29 30 31 32 33 34 35 36 37
Platanus x hispanica Platanus x hispanica Platanus x hispanica Platanus x hispanica Platanus x hispanica Platanus x hispanica Platanus x hispanica Pterocarya fraxinifolia Platanus x hispanica Platanus x hispanica Platanus x hispanica Platanus x hispanica Platanus x hispanica Platanus x hispanica Platanus x hispanica Platanus x hispanica Platanus x hispanica Platanus x hispanica Platanus x hispanica Platanus x hispanica Platanus x hispanica Euonymus cv Crataegus monogyna Crataegus monogyna Crataegus monogyna Crataegus monogyna Crataegus monogyna Populus x canadensis Populus x canadensis Populus x canadensis Ulmus x hollandica 'CV' Populus x canadensis Crataegus monogyna Crataegus monogyna Populus x canadensis Ulmus x hollandica 'CV' Populus x canadensis
Arthur 't Hart
Datum: donderdag 25 juni 2020
Stam- Boom Kroon Groei- Gevaar- Conditie diam. hoogte diameter fase zetting (cm) (m) (m) 17 6 4 J Hoog Vold 16 6 4 J Hoog Vold 17 6 4 J Hoog Vold 17 6 4 J Hoog Vold 20 6 4 J Hoog Vold 14 6 4 J Hoog Vold 18 6 4 J Hoog Vold 42 10 8 J Hoog Slecht 31 8 6 J Hoog Matig 24 10 6 J Hoog Matig 26 10 6 J Hoog Matig 24 8 6 J Hoog Matig 23 8 6 J Hoog Matig 19 8 6 J Hoog Matig 18 8 6 J Hoog Matig 19 8 6 J Hoog Matig 21 10 6 J Hoog Matig 48 15 12 HW Hoog Vold 62 18 12 HW Hoog Vold 62 20 12 HW Hoog Vold 52 16 12 HW Hoog Vold 10 6 5 VW Matig Vold 10 6 5 VW Matig Vold 14 6 5 VW Matig Vold 14 6 5 VW Matig Vold 20 6 5 VW Matig Vold 14 6 5 VW Matig Vold 90 24 20 VW Hoog Vold 88 24 20 VW Hoog Vold 87 24 20 VW Hoog Vold 45 12 12 HW Hoog Vold 96 24 20 VW Hoog Vold 13 6 5 VW Matig Vold 12 6 5 VW Matig Vold 80 22 18 VW Hoog Matig 47 12 12 HW Hoog Vold 120 24 20 VW Hoog Vold
Project: Schuttersveld F4
Stadsdeel
Standplaats Ver/Gaz/Bepl
Kroon
Mechanische kwaliteit Stam
Stamvoet
Categorie
Ver Ver Ver Ver Ver Ver Ver Gaz Gaz Gaz Gaz Gaz Gaz Gaz Gaz Gaz Gaz Ver Ver Ver Ver Bepl Bepl Bepl Bepl Bepl Bepl Gaz Gaz Gaz Gaz Gaz Bepl Bepl Gaz Gaz Gaz
Vold Vold Vold Vold Vold Vold Vold Slecht Matig Matig Matig Matig Matig Matig Matig Matig Matig Vold Vold Vold Vold Vold Vold Vold Vold Vold Vold Matig Matig Vold Matig Vold Vold Vold Matig Matig Vold
Vold Vold Vold Vold Vold Vold Vold Matig Vold Vold Vold Vold Vold Vold Vold Vold Vold Vold Vold Vold Vold Vold Vold Vold Vold Vold Vold Vold Vold Vold Vold Vold Vold Vold Vold Vold Vold
Vold Vold Vold Vold Vold Vold Vold Matig Vold Vold Vold Vold Vold Vold Vold Vold Vold Vold Vold Vold Vold Vold Vold Vold Vold Vold Vold Vold Vold Vold Vold Vold Vold Vold Vold Vold Vold
Goed Goed Goed Goed Goed Goed Goed attentie Goed Goed Goed Goed Goed Goed Goed Goed Goed Goed Goed Goed Goed Goed Goed Goed Goed Goed Goed Goed Goed Goed Goed Goed Goed Goed Goed Goed Goed
Centrum
Wijk Stationskwartier
Veiligheid Maatregel
Beheer Urgentie
Onderhouds-
Maatregel
Urgentie*
staat
rooien
dood hout
binnen 1 j
binnen 1 j
aanv aanv aanv aanv aanv aanv aanv aanv aanv aanv aanv aanv aanv aanv aanv aanv aanv aanv aanv aanv aanv aanv aanv aanv aanv aanv aanv aanv aanv aanv aanv aanv aanv aanv aanv aanv aanv
onderh snoei
binnen 1 j
onderh snoei onderh snoei
binnen 1 j binnen 1 j
Advies verplantbaarheid** j j j j j j j n j j j j j j j j j n n n n n n n n n n n n n n n n n n n n
Boomwaarde € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € € €
Opmerkingen
2.202,62 leiboom 2.202,62 leiboom 2.202,62 leiboom 2.202,62 leiboom 2.202,62 leiboom 2.202,62 leiboom 2.202,62 leiboom 2.747,80 afgestorven top 2.747,80 2.747,80 2.747,80 2.747,80 2.747,80 2.747,80 2.747,80 2.747,80 2.747,80 6.386,79 6.386,79 6.386,79 6.386,79 2.073,67 Meerstammig 2.604,18 2.604,18 2.604,18 2.604,18 2.604,18 1.328,96 1.328,96 vleermuiskast 1.328,96 vleermuiskast - slechte kroonvorm door concurentie 1.328,96 2.604,18 2.604,18 1.328,96 - slechte kroonvorm door concurentie 1.328,96
X
Y
4,4839031 4,4839607 4,4840423 4,4841158 4,484183 4,4842546 4,4843328 4,4847458 4,4848244 4,4849456 4,4849824 4,4851586 4,4852108 4,485322 4,4853725 4,4854811 4,4855634 4,4865717 4,4864388 4,4863117 4,4861709 4,4867644 4,486757 4,4867547 4,4867336 4,4867177 4,4867131 4,4862693 4,4863541 4,4864227 4,4864469 4,4864604 4,4866856 4,4866632 4,4864896 4,486541 4,4865949
52,166827 52,166794 52,166755 52,166719 52,166684 52,166652 52,166618 52,166562 52,166494 52,166487 52,166427 52,166393 52,166337 52,166322 52,16627 52,16626 52,166189 52,166443 52,166345 52,166252 52,166142 52,166367 52,16629 52,166225 52,166109 52,166026 52,165929 52,166039 52,165959 52,165876 52,165834 52,165792 52,165729 52,165642 52,165612 52,165586 52,165569
Z stamvoet NAP 0.521 0.533 0.677 0.693 0.765 0.699 0.702 0.686 0.612 0.449 0.468 0.282 0.307 0.257 0.281 0.306 0.207 0.187 0.244 0.353 0.329 -0.039 -0.049 -0.087 0.063 0.007 0.018 0.712 0.659 0.763 0.607 0.581 0.227 0.026 0.355 0.364 0.335