Nadere informatie Besluitvorming over de concernreserve in de financiële stukken
Tekst van het document
Besluitvorming over de concernreserve in de financiële stukken Stap 1: Toevoegen resultaat aan concernreserve en bestemmingsvoorstel In de Jaarstukken vindt verantwoording plaats over het saldo van baten en lasten over het afgelopen boekjaar. Dit saldo wordt met het bestemmingsvoorstel toegevoegd aan de concernreserve, waarna wordt voorgesteld om een deel van dit bedrag weer aan de concernreserve te onttrekken om in het lopend jaar in te zetten als dekking van incidentele uitgaven (‘budgetoverhevelingen’) of verrekeningen met reserves. Het restant is ‘extra ruimte’ in de concernreserve. Bij de Jaarstukken 2020 betreft dit de onderstaande bedragen.
Stap 2: Besluitvorming over inzet concernreserve De besluitvorming over de eventuele inzet van de concernreserve vindt plaats in de kaderbrief. Hierbij kan het college voorstellen doen om de incidentele ruimte in deze reserve in te zetten binnen de kaders die de raad vanuit het weerstandsvermogen heeft gesteld. Na het toevoegen het resultaat uit de Jaarstukken 2020 was het verloop van de concernreserve als volgt: 30.000 25.000 20.000 15.000 10.000 5.000 0
22.412
19.485
18.643
2021
2022
2023
24.233
24.455
2024
2025
Concernreserve per 31/12 Benodigd weerstandsvermogen 2021 Benodigd weerstandsvermogen 2025
Dit was in het bestemmingsvoorstel met de volgende tabel toegelicht:
Het begrip ‘vrije ruimte’ drukt hier dus uit welke marge er zit tussen de vastgestelde norm voor de stand van de concernreserve en de stand per einde van het boekjaar. Dit geraamde verloop van de concernreserve was het vertrekpunt voor het college om in de Kaderbrief het financiële beeld voor de komende jaren sluitend te maken. Hierbij is het bovenstaande verloop aangepast: -
-
In de eerste jaren is voorgesteld om de marge in te zetten om de tekorten 2021-2024 (m.n. door de Algemene Uitkering) te dekken. Dit is in de Kaderbrief verwerkt als aanmelding in het programma ‘algemene middelen, overhead, Vpb en onvoorzien’ en staat ook toegelicht in de onderstaande tabel uit de financiële inleiding (regel c.).
In de jaren 2021-2024 wordt aan de concernreserve onttrokken, in 2025 wordt gestort zodat de reserve weer op het voor het weerstandsvermogen vereiste niveau te brengen. Zoals toegelicht in onze brief is in het bestemmingsvoorstel ten onrechte een bedrag met de concernreserve verrekend dat eigenlijk met de reserve sociaal domein verrekend had moeten worden. Hierdoor is het verloop van de concernreserve met € 1,05 miljoen te laag weergegeven.
Na deze twee correcties is het verloop van de concernreserve zoals weergegeven in het toegezonden erratum.
Er is dus sprake van een marge van 1,05 miljoen ten opzichte van de norm voor het weerstandsvermogen. Gezien ook de nadelige ontwikkelingen rondom de meicirculaire van het Gemeentefonds stelden we in onze brief al voor om dit surplus te betrekken bij de integrale afweging bij het opstellen van de Programmabegroting 2022.