Inspreektekst de heer van der Meer Aldi d.d. 9 september 2021
Tekst van het document
INSPRAAKREACTIE Geachte commissieleden, Inleiding Vandaag is uw laatste kans om nog eens kritisch te kijken naar de ‘Parapluherziening beleidsregels parkeren Binnenstad en Stationsomgeving’. Wij hopen u met onze bijdrage te overtuigen dat dit plan indruist tegen een goede ruimtelijke ordening en de wet markt en overheid en op deze wijze helemaal niet vastgesteld mag worden. Uw commissie behandelt dit plan als “hamerstuk”. Volgens Aldi is dat niet terecht. Aldi constateert dat de onderbouwing van het plan onvolledig en onjuist is. Door het plan als hamerstuk te behandelen miskent uw commissie dat het plan een onaanvaardbare parkeersituatie in het Stationsgebied veroorzaakt. De parkeersituatie die ontstaat betekent onder meer een strop voor het filiaal van Aldi aan het Stationsplein. Een maximale parkeernorm van ‘0’ is nergens acceptabel, ook niet in het Stationsgebied In het plan is vastgelegd dat de gemeente een omgevingsvergunning voor de activiteiten ‘bouwen’ of ‘strijdig gebruik’ voortaan zal toetsen aan de “Beleidsregels Parkeernormen van de gemeente Leiden”. Aan de hand van deze beleidsregels zal de gemeente bepalen of voldoende ruimte is aangebracht voor het parkeren van auto's. Voor het Stationsgebied geldt volgens de beleidsregels een maximale parkeernorm van ‘0’. Dit betekent concreet dat er geen nieuwe parkeerplaatsen meer op eigen terrein gerealiseerd mogen worden.
Aldi begrijpt hier helemaal niets van. Een parkeernorm van ‘0’ is niet in overeenstemming met een goede ruimtelijke ordening. Zeker niet in het Stationsgebied, waar allerlei nieuwe functies zijn voorzien. Deze functies hebben een zekere behoefte aan parkeergelegenheid. Deze parkeerbehoefte is niet gelijk aan ‘0’. De redenering van de gemeente dat het Stationsgebied zodanig bijzonder is, dat geen enkele medewerker, bezoeker of gebruiker met de auto naar het Stationsgebied wil komen, is feitelijk niet juist. Volgens de parkeerkencijfers van het CROW is altijd sprake van een parkeerbehoefte bij nieuwe functies, zelfs in het (gebiedstype) centrum van een zeer sterk stedelijk gebied. Wij vragen ons sterk af wat de professionele mening is van het CROW met betrekking tot dit beleid. Hoe gaat uw gemeente de parkeerbehoefte van nieuwe ontwikkelingen bepalen en oplossen? Bij de onderbouwing van het bestemmingsplan ‘De Geus’ heeft u voor het bepalen van de parkeerbehoefte eenvoudigweg ongemotiveerd aansluiting gezocht bij de kencijfers voor de ‘Binnenstad’, vanwege het ontbreken van kencijfers (en parkeernormen) voor het ‘Stationsgebied’ in de beleidsregels.
Uw gemeente motiveert dit als volgt: Alvorens bezoekers 'doordrongen' zijn van het feit dat de functies in het stationsgebied het beste bereikbaar zijn met het openbaar vervoer en de fiets, zal een deel van de bezoekers toch voor de auto blijven kiezen, (…). Hoewel de stimulans bij het openbaar vervoer en de fiets ligt, hebben bezoekers de mogelijkheid om hun eigen vervoerswijze te blijven kiezen. Om deze reden is bij dit bestemmingsplan een berekening gevoegd met daarin de te verwachte parkeervraag van bezoekers van De Geus (hieronder worden ook werknemers/arbeidsplaatsen verstaan). Om deze parkeervraag te berekenen is gebruik gemaakt van de Beleidsregels Parkeernormen, maar dan voor de locatie 'binnenstad' in de plaats van 'stationsgebied'.’
In deze paragraaf motiveert u zelf dat de parkeernorm helemaal geen ‘0’ is. Het lijkt uw gemeente niet uit te maken welke parkeerbehoefte geldt in het Stationsgebied, omdat klaarblijkelijk geen nieuwe parkeerplaatsen nodig zijn. Uw gemeente gaat er daarbij ten onrechte vanuit dat de parkeerbehoefte van nieuwe functies in het Stationsgebied kan worden opgelost door de bestaande parkeerterreinen. Mochten er toch problemen ontstaan, dan zal uw gemeente “op een later moment ingrijpen”. Gevolgen van de parkeernorm van ‘0’ zijn niet aanvaardbaar Onacceptabel, dat vindt Aldi van deze handelwijze. De aanwezige ondernemers in het gebied worden reeds geconfronteerd met een hoge parkeerdruk. Die parkeerdruk zal alleen maar toenemen. Uw gemeente probeert dit weg te schrijven. Het meest markante voorbeeld daarvan zijn de normen van uw gemeente voor een “acceptabele loopafstand”. Uw gemeente meent – zo blijkt uit uw parkeerbeleid – dat personen bereid zijn om vanaf een parkeerplaats een afstand van 400 meter af te leggen naar hun woning en 800 meter naar andere functies. Uit een recent onderzoek van het CROW (“Inzicht in acceptabele loopafstanden, 2021”) blijkt echter dat mensen helemaal niet bereid zijn om deze afstanden af te leggen. Voor een supermarkt geldt bijvoorbeeld volgens het onderzoek een acceptabele loopafstand van 100 tot 250 meter. Dat is ook logisch.
Wie is er nu bereid om 800 meter te lopen met een boodschappentas van 15 kilo aan zijn arm en een kratje bier achter op zijn rug? De klanten van Aldi zullen enkel bereid zijn om te parkeren op de parkeerplaatsen op het Morssingelterrein. Dat zal echter niet meer mogelijk zijn na de realisatie van allerlei nieuwe ontwikkelingen aan en nabij het Morssingelterrein, waarbij niet wordt voorzien in nieuwe parkeerplaatsen. De bezoekers van Aldi worden verdrongen van het Morssingelterrein. Tot slot Als laatste punt merkt Aldi op dat uw gemeente door het hanteren van een parkeernorm van ‘0’ in strijd handelt met de Wet Markt en Overheid. Uw gemeente bevoordeelt hiermee de exploitatie van haar eigen parkeergarages. Het is voor commerciële partijen, zoals de exploitant van De Geus, niet langer mogelijk om parkeervoorzieningen op te richten die concurreren met de door de gemeente geëxploiteerde parkeervoorzieningen. Door deze publiekrechtelijke handeling bevoordeelt de gemeente het overheidsbedrijf boven andere ondernemingen en handelt daarmee in strijd met de Mededingingswet. Aldi zal zich blijven verzetten tegen de parkeernorm van ‘0’ in het Stationsgebied en de plannen die daarmee samenhangen. Aldi vraagt uw commissie hetzelfde te doen.