CConstaterende datLeiden
Koppel je AI →
Document · PDF

Inspreektekst de heer Rotteveel Voetgangersbeleid d.d. 22 april 2021

raadscommissie Leefbaarheid en Bereikbaarheid 30 september 2021, gemeente LeidenBij agendapunt: Inspreekbijdragen544 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Inspraakreactie Voetgangersbeleid Dhr Rotteveel, commissie LB 22 april 2021

Goedenavond, mijn naam is Kees Rotteveel, ik ben verkeersadviseur en heb lang geleden ook voor de gemeente Leiden gewerkt. Bijvoorbeeld aan het Gemeentelijk Verkeer en Vervoer Plan, waarin lopen als toeristische bezigheid werd gezien. De Nota Voetgangersbeleid is een leuke nota, een aardig begin. Veel nadruk op recreatief wandelen, maar veel te weinig aandacht voor lopen naar school, werk of winkel, en bar weinig concrete plannen. Wat heel erg ontbreekt: afstemming met ander gemeentelijk beleid •

•

•

•

•

•

•

•

Groen. De gemeente werkt druk aan groenperkjes. Die leiden tot smalle voetpaden, soms zelfs tot een blokkade bij een verlaagde stoeprand. De voetgangersnota heeft geen afstemming met de afdeling Groen. Fietsparkeren. Fietsen, bromfietsen en scooters moeten op de stoep staan, maar daar zijn geen grenzen aan. Komt u wel eens op het Noordeinde of Hoge Woerd? Onbegaanbaar smalle stoepen. Het probleem is voor het Noordeinde op te lossen door op de Varkenmarkt een paar parkeerplaatsen voor fietsen te reserveren (en voor de Hoge Woerd kun je ruimte maken op de Sint Jorissteeg), maar daarover is geen afstemming met Parkeren. Verkeerslichten zijn voor auto’s, voetgangers moeten altijd stoppen, zij zien dus alleen stoplichten. Voetgangers moeten altijd op een knop drukken om groen te vragen, en worden standaard met hooguit 6 seconden afgescheept. Ook als de rest van het verkeer nog gewoon door mag rijden. Er is geen afstemming met de mensen van verkeerslichten. Autoparkeren. Auto’s worden breder en staan steeds vaker met twee wielen op de stoep. De scanauto’s van Handhaving zien dat niet. Natuurlijk is het noodzakelijk de stoep vrij te houden van laden en lossen, en parkeren, maar er is geen afstemming met handhaving. Terrassen mogen grenzeloos uitbreiden, vaak blijft er minder dan anderhalvemeter voor lopen over.

Voetgangers hebben dus last van obesiterras, dat zijn veel te dikke terrassen. Want er is geen afstemming met degene die terrasvergunningen geeft en loopruimte is geen criterium voor een terrasvergunning. Uitstallingen van ondernemers nemen soms veel ruimte in. Onder andere op de Breestraat is die er niet, maar de vergunningverlener houdt geen rekening met voetgangers. Of is er geen vergunning, maar handhaving ziet er niet op toe. De voetganger is de klos. Breestraat, Korevaarstraat, Steenstraat, overal wordt korte of lange tijd op de stoep geparkeerd. Voor de winkels zijn speciale laad- en losplaatsen, maar er is geen afstemming met Handhaving. Nee, Handhaving parkeert zelf op de stoep in de Steenstraat als ze urenlang op de markt bezig zijn. Sneeuwruimen, heeft u daar wel eens van gehoord? Het sneeuwt om de paar jaar en elke keer lijkt de gemeente volledig verrast. Voor sneeuwruimen op voetpaden was geen capaciteit, wel werd van de winter op ongebruikte fietspaden in park Cronesteijn geveegd. Waar is de afstemming?

Ja beste raadsleden, waar is de afstemming binnen de gemeente? Met Groen, Parkeren, Verkeerslichten, Terrassen, Uitstallingen, laden en lossen of sneeuwruimen? Ik weet heel goed dat het knap lastig is goede afspraken te maken met andere afdelingen die allemaal hun eigen belangen hebben. Maar zonder die afspraken en goede afstemming is er geen sprake van een behoorlijk

voetgangersbeleid. Ik vraag u met klem om de wethouder op dit punt om een aanvulling te vragen. Een schriftelijke aanvulling, dat spreekt vanzelf. Dank u wel voor uw aandacht.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10505247/2