Inspreektekst C.L. Vermeulen namens Stichting Groen Cronesteyn d.d. 22 april 2021
Tekst van het document
Inspraak namens Stichting Groen Cronesteyn door C.L. Vermeulen (geen mevrouw) Commissie Leefbaarheid en Bereikbaarheid, 22 april 2021 Agendapunt 6, Verordening tot wijziging van de Verordening fysieke leefomgeving Leiden 2020, onderdeel bomen
Zeer geachte raadsleden, Als jonge, energieke stichting in Leiden is Groen Cronesteyn zeer verheugd over de ambitie van de gemeente om onze mooie stad groener, biodiverser en klimaatbestendiger te maken. De nu voorliggende conceptbomenverordening en bijbehorende stukken zijn echter niet de manier om die ambitie te realiseren. Ik heb zelf beroepsmatig veel ervaring met juridische en andere teksten die logisch, consistent en glashelder moeten zijn. Dat zijn deze stukken helaas niet. Ook niet nadat er een aantal - deels door ons in onze zienswijze voorgestelde - verbeteringen zijn aangebracht. Misschien dat de opstellers door de bomen het bos niet meer zien? Het is nu niet het moment om op details in te gaan als redeneringen die niet kloppen, formuleringen die al te vrijblijvend zijn of definities die in het vage blijven. En veel van de dingen die ons aan het hart gaan, zoals de vraag of het wel nodig of gewenst is een meldplicht te introduceren en de vraag hoeveel bomen er onder de voorgestelde conceptverordening hun bescherming zouden verliezen, worden vanavond door andere mensen besproken. Ik beperk me dus tot twee kwesties die voor Cronesteyn direct relevant zijn. In onze zienswijze hadden we aan de orde gesteld dat er voor het ecologisch verantwoord dunnen van boomgebiedjes maatwerk nodig is en dat dat in de nu voorgestelde verordening niet wordt gewaarborgd.
Het ambtelijke antwoord luidde dat dat in de beheerplannen gebeurt. Ik weet niet hoe het met andere beheerplannen gesteld is, maar in het recente
beheerplan van Cronesteyn is dat niet het geval. Hier moet dus alsnog een gat gedicht worden. Ten tweede: in Polderpark Cronesteyn staat een heel aantal bomen op waterkeringen (dijkjes, zeg maar) en vooral de schitterende abelen die daar staan zijn echte sieraden voor ons park. Het Hoogheemraadschap wantrouwt alle bomen op waterkeringen en een paar jaar geleden heeft de gemeente al eens een kapvergunning voor een paar abelen geweigerd. In onze zienswijze hebben we erop aangedrongen dat de paragraaf over veiligheid in het beleidskader logischerwijs ook op waterveiligheid van toepassing moet zijn. We zijn blij dat dit deels is gehonoreerd door het vereisen van een degelijke onderbouwing van een vergunningaanvraag voor het kappen van een boom op een dijk, maar het is ons niet duidelijk waarom voor waterveiligheid niet zou moeten gelden, zoals voor veiligheid in het algemeen, dat 'ook aangetoond moet worden dat het veiligheidsrisico niet duurzaam weggenomen kan worden met boomsparende maatregelen die in verhouding staan tot de waarde (...) die de bomen vertegenwoordigen.' Blijkens de ambtelijke beantwoording leeft er een idee dat een goedgewortelde boom op een waterkering per definitie een risico oplevert, maar wij vragen ons af of dat idee wel tegen een trekproef bestand is. Dank u voor uw aandacht.