Inspraakreactie inzake RV 210056 Leids Omgevingsplan EAJ Groen
Tekst van het document
Aan de raadscommissie Stedelijke Ontwikkeling (via griffie@leiden.nl) Leiden, 6 september 2021 Geachte woordvoerders, Met enige verbazing richt ik mij tot u over het onderwerp Leids Omgevingsplan, zoals dat is geagendeerd voor de commissievergadering Stedelijke Ontwikkeling op dinsdag 7 september 2021 (RV 21.0056). Op bladzijde 18 van het raadsvoorstel staat een toelichting op het achterwege laten van inspraak en/of participatie bij dit voorstel: "Gelet op de fase van planvorming rondom het Leids Omgevingsplan en het doel van onderhavig raadsvoorstel heeft er ten behoeve van het opstellen van dit raadsvoorstel geen inspraak en/of participatie plaatsgevonden met de stad en/of (maatschappelijke) partners." Weliswaar staat in de tweede alinea op bladzijde 18 dat "bij het daadwerkelijk opstellen en ontwikkelen van het Leids Omgevingsplan [uiteraard] participatie en inspraak [zal] plaatsvinden", maar dat is naar mijn mening onvoldoende reden om participatie en inspraak dan maar over te slaan bij het maken van de voorgestelde strategische keuzes. Bij de voorgestelde keuzes wordt de raad immers expliciet gevraagd uitspraken te doen over veranderingen bij sturing en samenwerking die koers-verleggend – en juist inperkend - zijn voor toekomstige mogelijkheden van burgers om in te spreken en te participeren bij planologische ingrepen in de stad.
Dat aldus geen inspraak of participatie over dit raadsvoorstel heeft plaatsgevonden vind ik een te betreuren gemis, gelet op de doelstelling en de implicaties van het voorstel. Hieronder nog enige toelichting. Inspraak, participatie en vertrouwen Raadsvoorstel RV 21.0056 mondt uit in door het college voorgestelde beslispunten inzake de te kiezen strategische uitgangspunten voor het Leids Omgevingsplan ten aanzien van sturing en samenwerking. Ten aanzien van het onderdeel 'samenwerking' is op bladzijde 9 als risico benoemd dat "omwonenden en andere belanghebbenden minder precies zullen weten waar ze aan toe zijn". En ook: "zal de participatie rondom het Leids Omgevingsplan (soms) globaler van karakter zijn. De 'concrete' participatie verschuift veel meer naar de vergunningsfase. In deze vergunningsfase is de initiatiefnemer - in beginsel - verantwoordelijk voor de participatie en toetst het college." Vervolgens wordt hier verwezen naar het maken van goede en eenduidige keuzes over participatie wanneer de herziene participatieverordening
gereed is. Maar deze gang van zaken doet het belang van de burger onvoldoende recht, want juist op het hogere abstractieniveau van de voorgestelde strategische keuzes voor het Omgevingsplan is wél inspraak gewenst, aangezien de besluiten op dat niveau de inspraak en participatie op lagere abstractieniveaus gaan inperken. Als doel van het gehele voorstel op pagina 2 opgenomen: “Het maken van een aantal strategische keuzes, waarmee, aan de voorkant, op hoofdlijnen richting wordt gegeven aan de ontwikkeling en totstandkoming van het Leids Omgevingsplan. Daarbij wordt benadrukt dat de keuzes moeten worden gezien als uitgangspunten en richting voor het college én welke het begin markeren van een grotere en langere (gezamenlijke) dialoog.” De richting die in het raadsvoorstel wordt voorgesteld voor de planologische aanpak in Leiden - zowel qua proces als qua inhoud - is dan precies tegenovergesteld aan wat nodig is om het vertrouwen van kiezer ofwel burger te herwinnen. De dialoog met de samenleving over deze strategische beslissingen wordt niet aangegaan. Geen goede start, vind ik.
Mijn advies aan de raad is om het voorstel niet overhaast vast te stellen, maar om eerst de dialoog aan te gaan over de strategische keuzes betreffende ‘sturing en samenwerking’ met precies die organisaties en belanghebbenden die in hun mogelijkheden voor inspraak en participatie worden geraakt door de voorgestelde strategische keuzes in het raadsvoorstel. Tot mijn spijt ben ik dinsdagavond niet in de gelegenheid het woord te vragen tijdens de commissievergadering (burger aan het woord), wat de aanleiding is om bij deze via schriftelijke weg mijn zorgen onder uw aandacht te brengen. Het raadsvoorstel heb ik doorgesproken met Aart Martin de Jong, voorzitter van de wijkvereniging Pieters- en Academiewijk en LevendaalWest (PAL-Leiden). Hij heeft mij aangemoedigd bovenstaande reactie onder uw aandacht te brengen. Met vriendelijke groet, Eduard Groen Inwoner gemeente Leiden c.c. Aart Martin de Jong, voorzitter Vereniging voor de Pieters- & Academiewijk en Levendaal-West