Extra Advies Referendumkamer Raadsvoorstel Wijziging Referendumverordening d.d. 18 januari 2022
Tekst van het document
Referendumkamer Leiden Aan de raad van de gemeente Leiden Leiden, 18 januari 2022 Onderwerp: advies raadsvoorstel 21.0145 ‘Wijziging Referendumverordening 2008’
Geachte raad,
De Referendumkamer Leiden heeft kennisgenomen van en overlegd over de meest recente versie van het conceptraadsvoorstel aangaande de wijziging van de Leidse Referendumverordening 2008. Een eerder advies is u gestuurd op 3 december 2021; de Referendumkamer heeft geconstateerd dat diverse onderdelen daarvan zijn verwerkt in het raadsvoorstel. Dit extra advies heeft echter betrekking op een latere wijziging als gevolg van de reactie van het college en heeft betrekking op de voorgenomen wijziging van artikel 9, eerste lid Referendumverordening (wijziging E in wijzigingsverordening) m.b.t. de periode waarvoor een inleidend referendumverzoek moet zijn ingediend. Dat was één week voor de behandeling in de raad. Voorgesteld wordt daar twee weken van te maken, om aldus een zo zorgvuldig mogelijke behandeling van dat verzoek, ook door de Referendumkamer, te faciliteren. De Referendumkamer ziet geen voldoende zwaarwegende reden voor de voornoemde wijziging en adviseert dan ook negatief over deze wijziging. Uiteraard hecht de Referendumkamer aan zorgvuldigheid, maar in het (recente) verleden is gebleken dat die kan worden betracht binnen de inderdaad relatief beperkte tijd die momenteel beschikbaar is.
Belangrijker echter acht de Referendumkamer het dat de extra week die in het voorstel wordt gecreëerd voor beoordeling en behandeling van het verzoek ‘ten koste gaat’ van de tijd die burgers hebben om het betreffende verzoek te ondersteunen. Bij een instrument dat, althans als raadgevend referendum, eerst en vooral een instrument van burgers is, wordt een dergelijke inperking van de voor die burgers beschikbare tijd naar de mening van de Referendumkamer niet aanvaardbaar geacht uit primair overwegingen van administratieve ruimte en capaciteit. In de hoop en verwachting dat de raad bereid en in staat is bovenstaand advies te betrekken in haar overwegingen en besluitvorming, en uiteraard bereid tot nader overleg,