Concept-besluitenlijst Gemeenteraad Leiden 8 en 13 april 2021
Tekst van het document
GEMEENTERAAD VAN LEIDEN Besluitenlijst van de vergadering op 8 en 13 april 2021, 19:00 tot 23:46 uur en 20:00 tot 22:31 uur _________________________________________________________________________________ VOORZITTER: de heer H.J.J. Lenferink GRIFFIER: de heer G.F.C. Van Leiden LOCATIE: digitaal Aanwezig zijn voorts 38 (8 april) en 39 (13 april) raadsleden: de heer Bleijie (CDA), mevrouw Van Bree (GL), de heer De Crom (VVD), de heer Van Diepen (D66), de heer Dirkse (VVD), de heer Friso (GL), mevrouw Van Gaal (GL), de heer Gaulard (D66), mevrouw Gilissen (VVD), mevrouw Halilović (D66), de heer Van Halm (SP), mevrouw Heijnen (CDA, niet bij stemmingen agendapunt 15), mevrouw Herman (D66), mevrouw Van der Jagt (PvdA), de heer Jermoumi (PvdA), de heer Jitan (LP), mevrouw Jordan (D66), de heer Van der Kaap (PvdD), de heer Kersten (PS), mevrouw Klever (PvdA), de heer Köroğlu (D66), de heer Krijgsman (D66), de heer Krol (CU), de heer Leest (VVD), de heer Olthof (D66), de heer Otten (PvdA), de heer Van Peijpe (GL), mevrouw Raat (PvdD), de heer Rowaan (GL), mevrouw Van Schaik-Gerritsen (PvdD), mevrouw Schreuder (GL), de heer van Spronsen (GL), de heer Storm (CDA, 8 april vanaf agendapunt 11), de heer Terlouw (GL), de heer Theeuwen (SP), mevrouw Verbree (VVD), mevrouw Voorwald (VVD), mevrouw Van Walraven (SP, niet bij stemmingen A1,2,M1,2 van agendapunt 13) en mevrouw Zeggelt (D66,
alleen 13 april). Tevens aanwezig: de wethouders Damen (PvdA), Van Delft (GL), Dirkse (D66), North (GL) en Spijker (D66), de gemeentesecretaris mevrouw Van Vliet en de voorzitter van de Referendumkamer de heer Van Holsteijn (agendapunt 10 t/m 12). Afwezig is op 8 april: mevrouw Zeggelt (D66) Afwezig is op 13 april: geen
1. Opening De voorzitter opent de vergadering. 2. Vaststelling van de agenda De agenda wordt gewijzigd vastgesteld met dien verstande dat agendapunt 14, RV 21.0003 Kaderbesluit Diamantplein e.o, alsnog als hamerstuk wordt behandeld. Dit op voorstel van de commissie SO. 3. Actualiteit Mevrouw Raat (PvdD) stelt vragen over plastic netten in plantsoenen. Wethouder Spijker antwoordt namens het college. Mevrouw Van Gaal (GL) stelt vragen over opvang van dak- en thuisloze mensen tijdens de huidige lock down. Wethouder Damen antwoordt namens het college. TOEZEGGINGEN Wethouder Spijker zegt toe dat het college het gemeentelijk ingenieursbureau zal vragen om er bij de herinrichting van terreinen extra goed op te letten dat er geen plastic netjes worden toegepast. Wethouder Damen zegt toe om aan VWS het signaal door te geven om de 24uurs opvang voor dak- en thuislozen in het kader van Corona (en de financiering daarvan) niet te beëindigen zolang de lockdown nog van kracht is.
1 / 18
Wethouder Damen zegt toe om, zodra de lockdown voorbij is, de raad te informeren over hoe de afbouw van de 24uurs opvang voor dak- en thuislozen in het kader van corona heeft plaatsgevonden. 4. Mededelingen De burgemeester meldt dat via de landelijke persconferentie op 13 april duidelijk zal worden welke wijzigingen in het landelijke coronabeleid de komende maanden volgen. De voorzitter deelt mee dat de duo-leden Laura van Dijk (D66) per 1 mei aanstaande en Alexandra van den Berg (SP) per direct, stoppen met hun werkzaamheden als duo-lid. De voorzitter bedankt beiden hartelijk voor hun inzet in de commissies en raad de afgelopen jaren. 5. Regeling van werkzaamheden De raad besluit overeenkomstig het voorstel met betrekking tot de Regeling van Werkzaamheden. 6. Ingekomen stukken B 02. 2e rapportage van het Uitvoeringsprogramma Leiden Duurzaam Bereikbaar Wethouder A. North d.d.150321 Brief voor kennisgeving aannemen B 04. Stagepact071 Wethouder Y. van Delft en Wethouder P. Dirkse d.d.160321 Brief voor kennisgeving aannemen B 05. Aanbieding evaluatierapport Rekenkamercommissie Leiden-Leiderdorp d.d.160321 Brief kan tzt betrokken worden bij behandeling evaluatie in LB B 06. Verwijderen twee drempels Herenstraat Wethouder A. North d.d.170321 Brief voor kennisgeving aannemen B 07.
De Leidse Beweegsleutels een beweegvriendelijke omgeving in Leiden d.d.170321 Brief voor kennisgeving aannemen B 08. Voortgang invoering nieuw financieel en inkoopsysteem B&W d.d.170321 Brief voor kennisgeving aannemen B 09. Brief wethouder Van Delft over planning beleidstrajecten stadseconomie d.d. 170321 Brief voor kennisgeving aannemen B 10. Evaluatie verkameringsbeleid B&W d.d.180321 Brief te agenderen voor een vergadering van de commissie SO (bij behandeling Wijziging Huisvestingsverordening in juni/juli) in afwachting van een behandelvoorstel van PvdA. lndien dit voorstel niet tijdig wordt aangeleverd wordt de brief voor kennisgeving aangenomen. B 11. Brief aan raad BMC rapport Deltaplan Cultuur Leiden d.d. 19.03.21 Brief te agenderen voor een vergadering van de commissie WM in afwachting van een behandelvoorstel van PvdA, CDA, D66 en GL. lndien dit voorstel niet tijdig wordt aangeleverd wordt de brief voor kennisgeving aangenomen. B 12. Brief wethouder Van Delft Subsidie zwerfafvalplan 2021 d.d. 18.03.21 Brief voor kennisgeving aannemen B 16. Verzwaring elektriciteitsnet B&W d.d.230321 Brief voor kennisgeving aannemen B 17. Onderzoek nieuw samenwerkingsmodel voor regionale bedrijfsvoering en proces van besluitvorming B&W d.d.230321 Brief voor kennisgeving aannemen B 18.
Inspectierapport Archief- en Informatiebeheer 2019-2020 Brief voor kennisgeving aannemen B 19. Aanbieding programmaplan Leiden European City of Science en voorbereidingen op weg naar 2022 B&W d.d.230321
2 / 18
Brief te betrekken bij de presentatie over het programmaplan ECS22 in de WMcommissievergadering op 15 april. B 23. Brief wethouder Spijker over Energiepark presentatie Ontwikkelplan tijdens Stadsbijeenkomst d.d. 24.03.2021 Brief voor kennisgeving aannemen B 26. Brief aan raad betreft Wensen en bedenkingen Toekomstvisie DZB Leiden 2030 Brief voor kennisgeving aannemen B 30. Financieel maatregelenpakket corona B&W d.d.310321 Brief voor kennisgeving aannemen B 31. Evaluatie regeling overdracht toeristenbelasting Ondernemersfonds Leiden en beantwoording afdoening motie Cultuurfonds Brief te agenderen voor een vergadering van de commissie WM in afwachting van een behandelvoorstel van GL. lndien dit voorstel niet tijdig wordt aangeleverd wordt de brief voor kennisgeving aangenomen. O 01. Referendum Roomburgerpark uitgelegd in twee minuten Stichting Vrienden van het Roomburgerpark d.d.100321 Brief voor kennisgeving aannemen O 13. Nieuw binnenzwembad ijshal de Vliet ZVL-1886 d.d.220321 Brief wordt betrokken bij behandeling RV 21.0015 O 14. Brief betreft raadsvoorstel Schaatshal Leiden d.d.220321 Brief wordt betrokken bij behandeling RV 21.0015 O 15. Over het Referendum inrichtingsvoorstel Wijksportpark Roomburgerpark d.d.230321 Desgewenst betrekken bij besluitvorming over RV in raad 8 april en tzt bij evaluatie v/h referendum O 22. Kaagbaan problematiek St.
Omgeving Zonder Vliegenhinder, regio Zuid Holland Noord Werkgroep Geluidshinder Kaag en Braassem Noord d.d.240321 Brief voor kennisgeving aannemen O 25. Brief SvKB (Kaag en Braassem) over PHO+ van Holland Rijnland 25.03.2021 Brief voor kennisgeving aannemen O 27. Aanbieding ontwerp-Programmabegroting 2022 VRHM d.d.250321 Betrekken bij behandeling RV zienswijze concept begroting 20222 VHRM in LB O 28. Benchmark jeugdzorg Deloitte Accountants B.V. Brief voor kennisgeving aannemen O 29. Stadsbouwhuis aan te wijzen als gemeentelijke monument Erfgoedvereniging Heemschut d.d.300321 Brief voor kennisgeving aannemen P 03. Afval Lange Mare Brief Particulier d.d.150321.pdf Brief in handen stellen van B&W ter afdoening P 21. Concept Gebiedsvisie voor het Stationsgebied Brief Particulier d.d.200321 Brief voor kennisgeving aannemen P 24.Kopiebrief particulier bezwaar uitvoering plan 'verplaatsing fietsenstalling Haanstraschool' niet conform afspraken d.d. 24.03.2021 Brief in handen stellen van B&W ter afdoening
De lijst van ingekomen stukken wordt gewijzigd (advies bij brieven nrs. B10, B11 en B31) vastgesteld. 7. Vaststelling besluitenlijsten van 18 maart 2021 en 15 december 2020 De besluitenlijst van de vergaderingen van 18 maart 2021 en 15 december 2020 worden ongewijzigd vastgesteld.
3 / 18
HAMERSTUKKEN 8. RV 21.0010 Invoering Rechtmatigheidsverantwoording BESLUIT bij RV 21.0010: De volgende uitgangspunten vast te stellen voor de door het college op te stellen rechtmatigheidsverantwoording: 1. We hanteren een verantwoordingsgrens van 1% voor de rechtmatigheidsverantwoording 2021; 2. We hanteren een rapporteringsgrens voor rechtmatigheidsissues voor 2021 van € 826.500; 3. In de paragraaf bedrijfsvoering in de jaarstukken 2021 wordt informatie opgenomen over: a. de wijze waarop de rechtmatigheidsverantwoording tot stand is gekomen; b. nadere toelichtingen op bevindingen die zijn opgenomen in de rechtmatigheidsverantwoording; c. bewuste afwijkingen van wet –en regelgeving door bijzondere omstandigheden binnen de gemeente; d. beheersmaatregelen ten aanzien van geconstateerde fouten en onduidelijkheden (de leer- en verbeterpunten) om dit in de toekomst te voorkomen; e. bevindingen boven de rapporteringsgrens die niet in de rechtmatigheidsverantwoording zelf zijn opgenomen 4. De komst van de rechtmatigheidsverantwoording wordt onderdeel van het Algemeen controleplan van de interne auditfunctie 5. Het ambitieniveau voor de eerste jaren betreft volwassenheidsniveau 1, gericht op de wettelijke uitgangspunten; 6. Na het eerste jaar zullen de gemaakte keuzes rondom de invoering van de rechtmatigheidsverantwoording worden geëvalueerd en waar nodig aangepast.
Bovenstaand raadsvoorstel wordt met algemene stemmen aangenomen.
9. RV 21.0013 Kaderbesluit Diamantplein eo BESLUIT bij RV 21.0013: Het Kaderbesluit Diamantplein e.o. te nemen door: 1. inkomsten vanwege herontwikkelingen binnen de scope van de gebiedsvisie Diamantplein toe te voegen aan de reserve Grondexploitaties en te oormerken voor de realisatie van de gebiedsvisie Diamantplein, zo dus ook de inkomsten uit erfpachtsuppletie en koopsom bloot eigendom bij de Opaalstraat. Vanwege de langjarige duur van de ontwikkeling kan op deze manier gegarandeerd worden dat inkomsten uit het gebied ook daadwerkelijk ten goede komen aan de beoogde investeringen in o.a. de openbare ruimte en duurzaamheid in hetzelfde gebied; 2.
vaststelling van de volgende kaders en randvoorwaarden voor de woningbouwontwikkeling Opaalstraat 1-5, welke niet eerder zijn vastgesteld in of afwijken van de Gebiedsvisie Diamantplein e.o. en het Ontwikkelperspectief De Mors; a. in afwijking van de Gebiedsvisie Diamantplein e.o. het woningbouwprogramma als volgt vast te stellen: ca. 50% sociale huurwoningen en ca. 50% middeldure huur- of koopwoningen. Het totaal aantal te realiseren woningen bedraagt ca. 107; b. duurzaamheid en klimaatadaptatie: er wordt een gasloos gebouw gerealiseerd, dat voldoet aan de BENG normen (normering voor energieneutraal bouwen); i. de mogelijkheid voor toepassing voor WKO en zonnepanelen wordt onderzocht;
4 / 18
ii. groene daken worden gerealiseerd indien mogelijk. iii. hemelwaterafvoer wordt gescheiden afgevoerd en er wordt zorg gedragen voor buffers; iv. er zal een materialenpaspoort worden opgesteld in het kader van circulaire economie. Bovenstaand raadsvoorstel wordt met algemene stemmen aangenomen.
BESPREEKSTUKKEN 10. RV 21.0017 Rechtmatigheid referendum over Inrichtingsvoorstel Wijksportpark Roomburgerpark BESLUIT bij RV 21.0017: 1. Een positief oordeel uit te spreken over de rechtmatigheid van het referendum. 2. Een onderzoeksopzet over de evaluatie van dit referendum en bijbehorende planning uit te werken, deze met de commissie LB en de Referendumkamer te bespreken met als doel de evaluatie voor het zomerreces af te ronden zodat dit zo spoedig mogelijk na het reces in LB kan worden besproken. Bovenstaand raadsvoorstel wordt met algemene stemmen aangenomen.
11. Reflectie op referendum over Inrichtingsvoorstel wijksportpark Roomburgerpark (RV 20.0088) De fracties en wethouder Dirkse namens het college, geven hun reflectie over het referendum. Ten aanzien van de inhoudelijke elementen en (financiële) kaders uit het inrichtingsvoorstel wijksportpark Roomburgerpark zal het college komen met een notitie die met de raad wordt besproken. De evaluatie van het referendum wordt opgepakt en afgestemd met de commissie Leefbaarheid en Bereikbaarheid. Over de participatie zal algemener gediscussieerd worden als het participatieonderzoek beschikbaar is.
12. RV 20.0088 Inrichtingsvoorstel wijksportpark Roomburgerpark (alleen stemming raadsvoorstel) De teksten van de ingediende moties en amendementen die bij de behandeling op 10 november 2020 zijn ingediend, zijn te raadplegen via https://gemeenteraad.leiden.nl (Politiek Portaal/ Documenten). BESLUITTEKST bij RV 20.0088: 1) het inrichtingsvoorstel wijksportpark Roomburgerpark met daarin de volgende deelontwerpen; Van Vollenhovenkade nabij Lorentzschool, Entree Park, Multifunctioneel veld en Speeltuin De Speelschans, Park en vijver, vast te stellen en het College te verzoeken om dit inrichtingsvoorstel als uitgangspunt te nemen voor de volgende stap namelijk het opstellen van een kaderbesluit; 2) de motie (M.19.0039/1) ‘Onderzoek minimale variant’, ingediend door Roeland Storm (CDA) d.d. 20 juni 2019 als afgedaan te beschouwen; Bovenstaand raadsvoorstel, aangehouden na de behandeling op 10 november 2020 i.v.m. de aanvraag van een referendum, wordt met algemene stemmen verworpen.
5 / 18
13. RV 21.0006 Visie Stadstuinieren De teksten van de ingediende moties en amendementen zijn te raadplegen via https://gemeenteraad.leiden.nl (Politiek Portaal/ Documenten). Ingediend wordt door raadslid Jermoumi (PvdA) amendement: A.21.0006/01 Onderwerp: Stadstuinieren als kans voor betere sociale cohesie en meer diversiteit Bovenstaand amendement wordt met algemene stemmen aangenomen. Ingediend wordt door raadslid Kersten (PS) amendement: A.21.0006/02 Onderwerp: Compensatiedossier volkstuinen in samenspraak afronden Bovenstaand amendement wordt verworpen met 15 stemmen voor en 22 tegen, met dien verstande dat de aanwezige leden van de fracties van VVD, CDA, PvdD, PS, CU en LP voor het amendement hebben gestemd. Ingediend wordt door raadslid Schreuder (GL) motie : M.21.0006/01 Onderwerp: Buurtmoestuinen: een kans voor buurtcomposteren Bovenstaande motie wordt met algemene stemmen aangenomen. Ingediend wordt door raadslid Schreuder (GL) motie : M.21.0006/02 Onderwerp: Zicht op de toekomst van volkstuinen Bovenstaande motie wordt met algemene stemmen aangenomen. Ingediend wordt door raadslid Krol (CU) motie : M.21.0006/03 Onderwerp: Groene tuinen in een groene Oostvlietpolder Bovenstaande motie wordt aangenomen met 37 stemmen voor en 1 tegen, met dien verstande dat het lid Van Walraven (SP) tegen de motie heeft gestemd.
BESLUIT bij RV 21.0006: 1. De Visie Stadstuinieren vast te stellen met: I de volgende speerpunten om stadstuinieren duurzaam en meer mogelijk te maken in Leiden: 1. meer ruimte voor stadstuinieren in Leiden, 2. het initiatief ligt bij de bewoners en de gemeente inspireert en faciliteert; 3. afronden van het compensatie dossier volkstuinen uiterlijk 2024; 4. meer buurt(moes)tuinen. In iedere wijk minimaal één buurt(moes)tuin mogelijk maken; 5. meer mogelijkheid bieden voor kleinschalig straat- en stadstuinieren; 6. meer mensen kennis laten maken met stadstuinieren; 7. meer kinderen laten kennismaken met het telen van groenten en natuurontwikkeling door educatie op de schooltuinen. Vaak begint hier de ervaring met tuinieren; 8. meer eetbare schoolpleinen, een plek op het schoolplein met eetbare gewassen. Zodat ook die kinderen die niet naar een schooltuin gaan, gewassen zien groeien en ervan kunnen proeven; 9. versterken van de maatschappelijke functie van de volkstuinen en van de verbinding met de omgeving. Meer variatie in (omvang) van tuinen op bestaande complexen. 10.benutten van kansen voor meer diversiteit en sociale cohesie door middel van stadstuinieren
II de volgende 4 hoofdlijnen voor de uitvoering:
6 / 18
1. Basis op orde: behouden wat er is aan huidige stadstuiniermogelijkheden en afspraken beter vastleggen; 2. Stimuleren: mogelijk maken van nieuwe stadstuinen, vooral van buurt(moes)tuinen. Het uitgangspunt hierbij is dat de stad het initiatief neemt en de gemeente faciliteert. 3. Opstarten voorbereiding uitvoering compensatie volkstuinen: binnen de daarvoor door de raad bestemde gronden in de Oostvlietpolder, onder de landschappelijke uitgangspunten van de bestaande door de raad vastgestelde visie Oostvlietpolder en met als uitgangspunt dat gebruikers vooral de tuinen bezoeken door middel van duurzaam langzaam vervoer; 4. Kansen pakken: gelijktijdig kansen voor stadstuinieren grijpen bij ruimtelijke ontwikkelingen en herinrichtingen. Bovenstaand raadsvoorstel wordt aangenomen met 29 stemmen voor en 9 tegen, met dien verstande dat de aanwezige leden van de fracties van VVD en CDA tegen het voorstel hebben gestemd.
14. RV 21.0008 Aanbevelingen Rekenkamercommissie Leiden-Leiderdorp over Evaluatie duurzaamheidsbeleid gemeente Leiden De teksten van de ingediende motie en het ingediende amendement zijn te raadplegen via https://gemeenteraad.leiden.nl (Politiek Portaal/ Documenten). Ingediend wordt door raadslid Leest (VVD) amendement: A.21.0008/01 Onderwerp: Paragraaf duurzaamheidseffecten Bovenstaand amendement wordt verworpen met 15 stemmen voor en 23 tegen, met dien verstande dat de aanwezige leden van de fracties van VVD, CDA, PvdD, PS, CU en LP voor de motie hebben gestemd. Ingediend wordt door raadslid Kersten (PS) motie: M.21.0008/01 Onderwerp: Inzicht in sociale effecten duurzaamheidsbeleid Bovenstaande motie wordt met algemene stemmen aangenomen. BESLUIT bij RV 21.0008: 1. In te stemmen met de conclusies van het onderzoeksrapport Evaluatie duurzaamheidsbeleid gemeente Leiden (CE Delft, november 2020) en van de brief van de Rekenkamercommissie LeidenLeiderdorp Duurzaam Leiden: worstelen met de ambities van 26 november 2020; 2. Het college te verzoeken om: a. een voorstel te doen voor het formeel vastleggen van de doelen van het duurzaamheidsbeleid en daarbij aan te geven via welke indicatoren de realisatie van het beleid kan worden bijgehouden; b.
inzichtelijk te maken welke extra tussendoelen worden beoogd en welke middelen worden ingezet om de eerder vastgestelde en toekomstige doelstellingen te halen; c. daarbij ook in te gaan op het bredere instrumentarium: juridische en fiscale instrumenten; d. jaarlijks geïntegreerd te rapporteren over de realisatie van de doelstellingen, de ingezette instrumenten en de daarmee gemoeide kosten; 3. Het voornemen uit te spreken om: a. regelmatig met het college in gesprek te gaan over de uitvoeringsprogramma's; b. daarbij prioriteit te geven aan die zaken waar de gemeente zelf invloed op heeft;
7 / 18
c.
afspraken met het college te maken over het informeren van de raad over het realiseren van de doelstellingen, de ingezette instrumenten en de daarmee gemoeide kosten; d. jaarlijks samen met het college de effectiviteit van de ingezette instrumenten te evalueren; 4. Dat het college over de voortgang rapporteert van punt 2 en dat de raad de voortgang van punt 3 bewaakt. Bovenstaand raadsvoorstel wordt met algemene stemmen aangenomen.
15. RV 21.0015 Aanbestedingsresultaat nieuwbouw binnenzwembad-ijshal De Vliet De tekst van de ingediende motie is te raadplegen via https://gemeenteraad.leiden.nl (Politiek Portaal/ Documenten). Ingediend wordt door raadslid Jitan (LP) motie: M21.0015/01 Onderwerp: Bezorg sportcomplex 'De Vliet' een onafhankelijk label corona-proof Bovenstaande motie wordt verworpen met 36 stemmen voor en 1 tegen, met dien verstande dat het aanwezige lid van de fractie LP voor de motie heeft gestemd. BESLUIT bij RV 21.0015: 1. Kennis te nemen van het aanbestedingsresultaat voor nieuwbouw binnenbad-ijshal De Vliet. 2.
Op basis van het aanbestedingsresultaat definitief te besluiten tot nieuwbouw van combinatiegebouw binnenzwembad-ijshal op sportpark De Vliet.
3
a. De kredieten voor de IJshal met een annuïtaire afschrijving als volgt te verwerken in programma 8C1.1 Exploiteren sportaccommodaties: Kredieten opnemen voor ijshal Het beschikbare krediet gebouw ijshal op te hogen met afschrijvingstermijn van 40jr Een krediet beschikbaar te stellen voor installaties ijshal van € 6.395.041 met als bijdrage van stg. IJshal €300.000 en het restant met een afschrijvingstermijn van 20 jr Een krediet beschikbaar te stellen ijshal Losse inrichtingen met een afschrijvingstermijn van 10jr
krediet
afschr
rente
3.273.791
66.967
32.738
6.095.041
276.808
60.950
350.000
33.454
3.500
9.718.832
377.229
97.188
b. De kredieten voor het Zwembad met een lineaire afschrijving als volgt te verwerken in Programma 8C1.1 Exploiteren sportaccommodaties: Kredieten opnemen voor het Combibad Het beschikbare krediet voor het gebouw Combibad de Vliet op te hogen met een afschrijvingstermijn van 40jr Een krediet beschikbaar te stellen voor installaties Combibad de Vliet met afschrijvingstermijn van 20 jr Een krediet beschikbaar te stellen voor het Combibad de Vliet voor losse inrichtingen met een afschrijvingstermijn van 10jr
krediet
afschr
rente
813.246
20.331
8.132
5.944.487
297.224
59.445
580.000
58.000
5.800
7.337.733
375.556
73.377
c. Ter dekking van een deel van de afschrijvingslasten de onttrekkingen aan de reserve Afschrijving investeringen conform onderstaande tabel te verwerken waarbij de rente in mindering gebracht wordt op de prestatie geldleningen. Ontrekken aan reserve AI Ter dekking van de afschrijvingslasten krediet ijshal losse 8inrichtingen / 18 Ter dekking van de afschrijvingslasten krediet Losse inrichting Combibad Ter dekking van de afschrijvingslasten krediet installaties Combibad
afschr 33.454 58.000 42.400 133.854
rente 3.500 5.800 8.480 17.780
d. De kredieten in onderstaande tabel af te ramen waarbij de kapitaallasten vrijvallen in de Programma 8C1.1 Exploiteren sportaccommodaties Kredieten die afgeraamd worden Het beschikbaar gestelde krediet voor de ijshal duurzaamheid met een afschrijvingstermijn van 20 jr Het beschikbaar gestelde krediet voor de ijshal installaties met een afschrijvingstermijn van 15jr Het beschikbaar gestelde krediet voor duurzaamheid combibad De Vliet met een afschrijvingstermijn van 20jr Het beschikbaar gestelde krediet voor installaties combibad De Vliet met een afschrijvingstermijn van 15 jaar De investering in het MIP voor indexering Ijshal met een afschrijvingstermijn van 40jr De investering in het MIP voor indexering Combibad de Vliet met een afschrijvingstermijn van 40jr (hier heeft de correctie index buitenbad plaatsgevonden) De investering in het MIP voor prijsstijgingen Sportaccommodaties met een afschrijvingstermijn van 30 jr
krediet
afschr
rente
2.038.642
92.586
20.386
3.862.690
227.540
36.627
1.811.929
90.596
18.119
3.505.385
233.692
35.054
227.000
4.648
2.270
148.000
3.693
2.790
2.311.000
66.437
23.110
e. De volgende onttrekkingen terug te storten in de reserve Afschrijving investeringen conform onderstaande tabel waarbij de rente toegevoegd wordt aan de prestatie geldleningen. Terugstorten in reserve Afschrijving investeringen Was ter dekking van de afschrijving van het krediet voor de duurzaamheid ijshal
afschr
rente
20.437
4.500
20.314
3.270
20.000
4.000
40.067
6.010
100.818
17.780
Was ter dekking van de afschrijving van het krediet voor de installaties ijshal Was ter dekking van de afschrijving van het krediet duurzaamheid combibad de Vliet Was ter dekking van de afschrijving van het krediet installaties combibad de Vliet
4
a. Het tekort à € 32.767 op de kapitaallasten van het totale gebouw te dekken vanuit de verwachte huuropbrengsten à € 71.000 in Programma 8C1.1 exploiteren gemeentelijke sportaccommodaties. b. De resterende verwachte opbrengsten uit commerciële verhuur à € 38.233 als dekking in te zette voor de exploitatielasten van de openbare ruimte van sportpark De Vliet.
5. De begrotingswijziging vast te stellen voor de jaren 2021-2024 zoals hieronder weergegeven Programma Bedragen in € (+ = nadeel, -/- = voordeel) Bestuur en dienstverlening Veiligheid Economie Bereikbaarheid Omgevingskwaliteit Stedelijke ontwikkeling Jeugd en onderwijs Cultuur, sport en recreatie Maatschappelijke ondersteuning Werk en inkomen Algemene middelen, Overhead,Vennootschapsbelasting en Saldo van baten en lasten Mutatie reserves Resultaat
2021 Lasten
2022 Baten
0 0 0 0 0 0 0 0 0 0
0 0 neutraal
Baten
0 0 0 0 0 0 0 0 0 0
0 -
2023
Lasten 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0
0 -
0 -
0
Lasten
9 / 18
Lasten
Baten
0 0 0 0 0 0 0 0 0 0
0 0 0 0 0 0 0 65.801 0 0
0 0 0 0 0 0 0 -32.767 0 0
0 0 0 0 0 0 0 65.355 0 0
0 0 0 0 0 0 0 -32.392 0 0
0
2 65.803 100.818 0 neutraal
0 -32.767 -133.854
0 65.355 101.225 0 neutraal
0 -32.392 -134.188
-
0 0 neutraal
2024 Baten
0
Bovenstaand raadsvoorstel wordt aangenomen met 30 stemmen voor en 7 tegen, met dien verstande dat de aanwezige leden van de fracties van VVD en LP tegen het voorstel hebben gestemd.
MOTIE VREEMD AAN DE ORDE VAN DE DAG 16. Motie VOD PvdA vrijstelling giften De tekst van de ingediende motie is te raadplegen via https://gemeenteraad.leiden.nl (Politiek Portaal/ Documenten). Ingediend wordt door raadslid Klever (PvdA) motie VOD Onderwerp: Vrijstelling giften in de bijstand Bovenstaande motie wordt aangenomen met 32 stemmen voor en 6 tegen, met dien verstande dat de aanwezige leden van de fractie van de VVD tegen de motie hebben gestemd. 17. Schorsing De voorzitter schorst de vergadering om 23.46 uur.
17. Heropening en vaststellen agenda De voorzitter heropent op 13 april de vergadering van 8 april 2021.
18. RV 21.0007 Verordening doelgroepen woningbouw Leiden 2021 De teksten van de ingediende moties en amendementen zijn te raadplegen via https://gemeenteraad.leiden.nl (Politiek Portaal/ Documenten). Ingediend wordt door raadslid Van der Kaap (PvdD) amendement: A20.0007/01 Onderwerp: Huurprijsgrenzen Bovenstaand amendement wordt verworpen met 7 stemmen voor en 32 tegen, met dien verstande dat de aanwezige leden van de fracties van PvdD, SP en PS voor het amendement hebben gestemd. Ingediend wordt door raadslid Kersten (PS) amendement: A20.0007/02 Onderwerp: Instandhoudingstermijn niet beperken Bovenstaand amendement wordt verworpen met 8 stemmen voor en 31 tegen, met dien verstande dat de aanwezige leden van de fracties van PvdD, SP, PS en LP voor het amendement hebben gestemd. Ingediend wordt door raadslid Kersten (PS) motie: A20.0007/01 Onderwerp: Instandhoudingstermijn onbeperkt in stand houden Bovenstaande motie wordt verworpen met 8 stemmen voor en 31 tegen, met dien verstande dat de aanwezige leden van de fracties van PvdD, SP, PS en LP voor de motie hebben gestemd. Ingediend wordt door raadslid Friso (GL) motie: A20.0007/02 Onderwerp: Lage drempels voor middenhuur Bovenstaande motie wordt met algemene stemmen aangenomen.
10 / 18
BESLUIT bij RV 21.0007 (incl. erratum): 1. De Verordening doelgroepen woningbouw Leiden 2021 vast te stellen, luidende aldus: Verordening doelgroepen woningbouw Leiden 2021 De raad van de gemeente Leiden; Gezien het voorstel van het college van burgemeester en wethouders; Gelet op de artikelen 147 en 149 van de Gemeentewet en de artikelen 1.1.1, eerste lid en 3.1.2 van het Besluit ruimtelijke ordening; B E S L U I T vast te stellen de: Verordening doelgroepen woningbouw Leiden 2021 Artikel 1: Definities In deze verordening wordt verstaan onder: a. Aanvangshuurprijs: de huurprijs bij de start van de huurovereenkomst; b. College: het college van burgemeester en wethouders van Leiden; c. DAEB-norm: de inkomensgrens bedoeld in artikel 48, eerste lid, van de Woningwet; d. Sociale huurwoning: huurwoning als bedoeld in artikel 1.1.1., eerste lid, onder d van het Besluit ruimtelijke ordening; e. Huurprijs: de prijs die bij huur per maand is verschuldigd voor het enkele gebruik van een woonruimte; f. Inkomen: rekeninkomen als bedoeld in artikel 1, aanhef en onder i van de Wet op de huurtoeslag; g. Middeldure huurwoning: huurwoning als bedoeld in artikel 1.1.1, eerste lid, onder j van het Besluit ruimtelijke ordening; Artikel 2: Huurprijsgrenzen 1.
De aanvangshuurprijs voor sociale huurwoningen bedraagt maximaal het bedrag bedoeld in artikel 13, eerste lid, onder a, van de Wet op de huurtoeslag. 2. De aanvangshuurprijs voor middeldure huurwoningen dient tenminste boven het bedrag bedoeld in artikel 13, eerste lid, onder a, van de Wet op de huurtoeslag te blijven met een maximum van € 1000,- (prijspeil 2021-2023). 3. De in het eerste lid bedoelde aanvangshuurprijs en de in het tweede lid bedoelde minimale aanvangshuurprijs worden jaarlijks per 1 januari geïndexeerd overeenkomstig het bepaalde in artikel 27, eerste lid van de Wet op de huurtoeslag. 4. De in het tweede lid bedoelde maximale aanvangshuurprijs wordt jaarlijks per 1 januari geïndexeerd, voor het eerst uiterlijk per 1 januari 2024. De indexering start niet eerder dan op 1 januari van het jaar na het jaar waarin de eerste verhuur na oplevering plaatsvond indien de eerste verhuur na oplevering vóór 1 januari 2024 plaatsvindt. De indexering is overeenkomstig de consumentenprijsindex alle huishoudens van het Centraal Bureau voor de Statistiek, verhoogd met 1,5%. 5.
De hoogte van de aanvangshuurprijs van sociale huurwoningen dient gerekend vanaf de datum van eerste verhuur na oplevering gedurende de instandhoudingstermijn zoals genoemd in artikel 4, met toepassing van het derde lid, op of onder het maximale bedrag bedoeld in het eerste lid van dit artikel te blijven. 6. De huurprijs van middeldure huurwoningen mag door de verhuurder jaarlijks worden geïndexeerd. De indexering is overeenkomstig de consumentenprijsindex alle huishoudens van het Centraal Bureau voor de Statistiek, verhoogd met ten hoogste 1,5%. 7. De hoogte van de huurprijs van middeldure huurwoningen dient gerekend vanaf de datum van eerste verhuur na oplevering gedurende de instandhoudingstermijn zoals genoemd in artikel 4, met toepassing van het derde en vierde lid, te blijven binnen de bandbreedte als bedoeld in het tweede lid van dit artikel. Artikel 3: Doelgroepen 11 / 18
1. 2.
Als doelgroep voor sociale huurwoningen worden aangemerkt huishoudens met een jaarlijks brutoinkomen van hoogstens de DAEB-norm. Als doelgroep voor middeldure huurwoningen wordt aangemerkt huishoudens met een jaarlijks brutoinkomen van hoogstens 1,5 maal de DAEB-norm.
Artikel 4: Instandhoudingstermijn 1. Sociale huurwoningen dienen gedurende een termijn van tenminste 20 jaar na de eerste ingebruikname voor de maximale huurprijsgrens, zoals bedoeld in artikel 2, eerste lid beschikbaar te blijven. 2. Middeldure huurwoningen dienen gedurende een termijn van tenminste 15 jaar na de eerste ingebruikname voor de maximale huurprijsgrens, zoals bedoeld in artikel 2, tweede lid beschikbaar te blijven. 3. De instandhoudingstermijn voor sociale huurwoningen zoals genoemd in het eerste lid geldt niet voor toegelaten instellingen als bedoeld in artikel 19, eerste lid van de Woningwet. Artikel 5: Hardheidsclausule Het college is bevoegd in uitzonderlijke gevallen waarin de toepassing van deze verordening naar hun oordeel tot een bijzondere hardheid leidt ten gunste van de aanvrager af te wijken van deze verordening. Artikel 6: Rapportageverplichting 1. De verhuurder dient gedurende de instandhoudingstermijn zoals bedoeld in artikel 4, jaarlijks een rapportage te overleggen waaruit blijkt dat ten aan zien van de verhuur is voldaan aan de verplichtingen voortvloeiend uit deze verordening. 2. De in het eerste lid bedoelde rapportage dient op 1 april van het jaar volgende op het jaar van rapportage te zijn overlegd op een door het college voor te schrijven wijze en volgens een door het college vast te stellen format. 3.
De rapportage als bedoeld in het eerste lid dient in het eerste jaar na eerste verhuur en vervolgens in het derde, het zesde, het negende, het twaalfde, het vijftiende en indien van toepassing het achttiende en twintigste jaar na eerste verhuur, vergezeld te gaan van een controleverklaring van een gecertificeerde registeraccountant. 4. Het gestelde in dit artikel geldt niet voor toegelaten instellingen als bedoeld in artikel 19, eerste lid van de Woningwet. Artikel 7: Inwerkingtreding Deze verordening treedt in werking op de dag na die waarop zij bekend gemaakt is. Artikel 8: Citeertitel Deze verordening wordt aangehaald als Verordening doelgroepen woningbouw Leiden 2021.
Toelichting Aanleiding en doel De Wet ruimtelijke ordening (Wro) biedt gemeenten de mogelijkheid om per deelgebied in bestemmingsplannen te eisen dat een bepaald percentage van categorieën woningen wordt gerealiseerd in nieuwbouwplannen. Dit kan voor de categorieën sociale huur, middeldure huur, sociale koop en particulier opdrachtgeverschap. De Doelgroepenverordening vormt daarmee de wettelijke basis voor het doorvoeren van gemeentelijk woonbeleid in bestemmingsplannen. De Doelgroepenverordening heeft alleen betrekking op (ver)nieuwbouw. Sinds 1 juli 2017 kan de gemeente ook sturen op toevoeging van de categorie middeldure huurwoningen. Deze mogelijkheid, de woningbouwplannen en de volkshuisvestelijke doelen van de gemeente Leiden zoals ook vastgelegd in de Woonvisie Leiden 2020-2030 en Uitvoeringsagenda Wonen Leiden 20202023 vormen de uitgangspunten voor deze Doelgroepenverordening. Om de Doelgroepenverordening toe te passen moet dit in het betreffende bestemmingsplan en/of het bijbehorende exploitatieplan vastgelegd worden. Alleen dan kan de Doelgroepenverordening worden toegepast. Op het moment dat bij inwerkingtreding van de Omgevingswet de bestemmingsplannen over gaan
12 / 18
naar het Omgevingsplan (van rechtswege) dient waar in deze regeling “bestemmingsplan” staat, dat gelezen te worden als “Omgevingsplan”. In deze verordening zijn de categorieën sociale huurwoning en middeldure huurwoning opgenomen. De maximale aanvangshuurprijs voor middeldure huurwoningen wordt hiermee vastgelegd. Deze grens moet de gemeente bepalen. De Doelgroepenverordening regelt tevens voor welke doelgroep de te bouwen sociale huurwoningen bedoeld zijn. De doelgroep wordt bepaald aan de hand van inkomensgrenzen. De verordening regelt ook dat de sociale en de middeldure huurwoningen gedurende een bepaalde periode beschikbaar moeten blijven. Hiervoor zijn de minimale instandhoudingstermijnen opgenomen.
Artikelsgewijze toelichting Artikel 1 Definities De inhoud van a. tot en met d. en f. spreekt voor zich. Bij e. huurprijs, betekent het ‘enkele gebruik van een woonruimte’ de huurprijs zonder servicekosten of voorschot voor nutsvoorzieningen. Bij g. middeldure huurwoning: omwille van de toepasbaarheid van deze verordening wordt het begrip ‘middeldure huurwoning’ gehanteerd voor het begrip ‘geliberaliseerde woning voor middenhuur’, zoals toegepast in het Besluit ruimtelijke ordening. Artikel 2 Huurprijsgrenzen Dit artikel omschrijft de bandbreedte waarbinnen de huurprijsgrenzen van sociale en middeldure huurwoningen moeten blijven. Bij het bepalen van de maximale huurprijs voor een sociale huurwoning en de minimale huurprijs voor een middeldure huurwoning is aansluiting gezocht bij de bestaande huurtoeslaggrens, zoals bedoeld in artikel 13, eerste lid, onder a, van de Wet op de huurtoeslag. Daarmee sluit de grens aan bij de bedragen zoals genoemd in artikel 1.1.1, eerste lid onder d en j van het Besluit ruimtelijke ordening. Die grens bedraagt € 737,14 (prijspeil 2020). De bovengrens voor een middeldure huurwoning is bepaald op € 1.000. Deze bovengrens is overeenkomstig de grens die gehanteerd wordt in de ‘Uitvoeringsagenda Wonen Leiden 2020-2023’. Na afloop van de Uitvoeringsagenda Wonen Leiden 2020-2023 kan deze bovengrens mogelijk worden aangepast.
De huurprijzen voor sociale huurwoningen worden jaarlijks op 1 januari geïndexeerd. De minimale aanvangshuurprijs voor een middeldure huurwoning wordt jaarlijks geïndexeerd met een verhoging zoals bepaald in artikel 27, eerste lid van de Wet op de huurtoeslag. Hiermee is aansluiting gezocht bij de huurtoeslaggrens zoals de rijksoverheid hanteert voor zelfstandige woonruimten. Indien deze stijgt dan gebeurt dat op basis van de consumentenprijsindex alle huishoudens. De indexeringsgrondslag van de bovengrens van de middeldure huurwoningen is een gemeentelijke beleidskeuze. Gekozen is voor een koppeling aan de jaarmutatie van de consumentenprijsindex (CPI) alle huishoudens zoals het Centraal Bureau voor de Statistiek jaarlijks in januari publiceert over het voorafgaande kalenderjaar. De indexering is overeenkomstig de CPI verhoogd met 1,5%. Gedurende de looptijd van de Uitvoeringsagenda (2020 tot en met 2023) start de indexering van de bovengrens van de middeldure huurwoningen niet eerder dan op 1 januari van het jaar na het jaar waarin de eerste verhuur na oplevering plaatsvond. Vanaf 1 januari 2024 start de indexering sowieso. De huurverhogingen voor middeldure huurwoningen die de verhuurder doorvoert, mogen er niet toe leiden dat de huurprijs tijdens de instandhoudingstermijn hoger wordt dan de maximale aanvangshuurprijs die in enig jaar geldt.
Er is derhalve een plafond voor de te vragen huurprijs in de instandhoudingstermijn. Deze verordening regelt daarnaast ook de maximale hoogte van de jaarlijkse huurverhoging die de verhuurder aan zittende huurders van middeldure huurwoningen oplegt. De jaarlijkse toegestane huurverhoging is overeenkomstig de consumentenprijsindex verhoogd met ten hoogste 1,5%. Dit staat los van eventuele andere afspraken hierover of wettelijke beperkingen omtrent huurprijzen. Op het moment van vaststellen van deze verordening is bekend dat er bij de Rijksoverheid een wettelijke regeling in de maak is omtrent de jaarlijkse verhoging van huurprijzen van sociale en vrije markt huurwoningen. Mocht deze wetswijziging in gaan en meer beperkend zijn dan de regels in deze verordening, dan geldt uiteraard de landelijke wetgeving.
13 / 18
Voor sociale huurwoningen gelden landelijke regels voor huurverhogingen en dient de aanvangshuurprijs gedurende de minimale instandhoudingstermijn steeds binnen de in de verordening bepaalde bandbreedte te blijven. Als gevolg van de wettelijk toegestane maximale huurverhoging kan de huur boven de maximale aanvangshuurprijs uitkomen, maar dient bij een nieuwe verhuring weer binnen de bandbreedte gestart te worden. Artikel 3 Doelgroepen Dit artikel omschrijft de doelgroepen voor nieuw te bouwen sociale en middeldure huurwoningen. De afbakening van de doelgroep vindt plaats door middel van een maximale inkomensgrens. Deze afbakening doet niets af aan de bepalingen zoals opgenomen in de Woningwet artikel 48, eerste lid, waarin voor corporaties (Toegelaten instellingen) een (beperkte) afwijkingsmogelijkheid is opgenomen. Deze regeling blijft gelden en kan door corporaties worden toegepast. Gedurende een vastgelegde termijn (zie artikel 4) moet de woning voor deze doelgroep in stand gehouden worden. Hierbij wordt aansluiting gezocht bij de inkomensgrenzen uit de regionale huisvestingsverordening, die gelden voor toewijzing van sociale huurwoningen. Tot de belangrijkste doelgroep voor sociale huurwoningen behoren huishoudens met een inkomen tot maximaal de DAEB-norm (tot € 39.055,- prijspeil 1-1-2020). Toewijzing vindt plaats conform de landelijke Regels van toewijzing naar inkomen.
Bijbehorende inkomensgrenzen worden jaarlijks bij ministeriële regeling vastgesteld. Tot de doelgroep voor middeldure huurwoningen behoren huishoudens met een inkomen tot maximaal 1,5 maal de DAEB-norm (prijspeil 2020: €58.582,50). Door hierbij naar een wettelijke norm te verwijzen en er een vaste berekening aan te koppelen, hoeven prijsstijgingen/prijswijzigingen niet te resulteren in het aanpassen van de verordening. Artikel 4 Instandhoudingstermijn De verhuurder moet de woning gedurende een minimale instandhoudingstermijn beschikbaar houden. De minimale instandhoudingstermijn voor sociale huurwoningen is bepaald op 20 jaar na de eerste ingebruikname. De minimale instandhoudingstermijn voor middeldure huurwoningen is bepaald op 15 jaar na de eerste ingebruikname. Deze grenzen zijn overgenomen uit de ‘Uitvoeringsagenda Wonen Leiden 20202023’ De huurprijzen van sociale en middeldure huurwoningen zullen in die periode niet hoger mogen zijn dan de bovengrens die is vastgelegd in artikel 2 van deze verordening. Indien woningen binnen de termijn van 20 dan wel 15 jaar worden onttrokken aan de opgelegde categorie, wordt in strijd gehandeld met de Doelgroepenverordening. Als bijvoorbeeld een woning wordt verkocht aan een eigenaar-bewoner dan wel voor een te hoge huur wordt verhuurd gedurende die instandhoudingsperiode, kan het college handhavend optreden.
In het derde lid staat bepaald dat de instandhoudingstermijn voor sociale huurwoningen niet geldt voor woningcorporaties (toegelaten instellingen). De verkoopregels van sociale huurwoningen voor toegelaten instellingen zijn wettelijk al geregeld. Toegelaten instellingen zijn op dit gebied dus al gebonden aan landelijke regelgeving. Artikel 5 Hardheidsclausule Het college kan van deze verordening afwijken als de toepassing ervan leidt tot bijzondere hardheid in een bepaald geval. Dat wil zeggen dat de toepassing van de verordening tot een onvoorzien en onredelijk benadelend gevolg zou leiden voor de betreffende verhuurder waarop de verordening van toepassing is. De hardheidsclausule wordt slechts in uitzonderlijke gevallen toegepast. Dat de verordening op zich genomen nadelig kan uitvallen voor een verhuurder is geen reden voor toepassing van de hardheidsclausule. Wel zou bijvoorbeeld een verhuurder om volkshuisvestelijke redenen kunnen verzoeken om toepassing van de hardheidsclausule. Artikel 6 Rapportageverplichting Om te bewaken dat verhuurders zich houden aan de Doelgroepenverordening en de in het bestemmingsplan (en na inwerkingtreding van de Omgevingswet het Omgevingsplan (van rechtswege)) verankerde verdeling naar sociale- en middenhuurwoningen en de bijbehorende huurprijzen dienen deze jaarlijks aan het college te rapporteren.
Over de inhoud van de rapportage en de wijze van rapporteren stelt het college nadere regels
14 / 18
op, Deze betreffen in ieder geval de wijze waarop de verhuurder aan de gemeente kan rapporteren en welke gegevens een rapportage minimaal moet bevatten. Van de verhuurders wordt gevraagd dat zij de rapportage op een aantal momenten gedurende de instandhoudingstermijn laten controleren en goedkeuren door een accountant. In het vierde lid is bepaald dat toegelaten instellingen niet jaarlijks aan het college hoeven te rapporteren. Toegelaten instellingen zijn al gebonden aan landelijke regelgeving omtrent het verantwoorden van hun bezit. In geval van het overtreden van bepaling uit deze verordening, waaronder deze rapportage verplichting, kan het college handhavend optreden. Ook in het geval dat uit controle van de aangeleverde gegevens in de rapportage blijkt dat een bepaling uit deze verordening door verhuurder wordt overtreden kan het college handhavend optreden. Het handhaven zal in beginsel bestaan uit het toepassen van een last onder dwangsom die is gericht op het beëindigen van de geconstateerde overtreding. Om ervoor te zorgen dat een dwangsom voldoende afschrikkende werking heeft zal deze worden gesteld op een veelvoud van het potentieel financieel gewin dat verhuurder mogelijk kan bereiken door zich niet aan het bepaalde in de verordening te houden. Artikel 7 Inwerkingtreding Dit artikel spreekt voor zich. Artikel 8 Citeertitel Dit artikel spreekt voor zich.
Bovenstaand raadsvoorstel wordt met algemene stemmen aangenomen.
19. RV 21.0014 Kaderbesluit Gebiedsontwikkeling Telderskade De teksten van de ingediende moties en amendementen zijn te raadplegen via https://gemeenteraad.leiden.nl (Politiek Portaal/ Documenten). Ingediend wordt door raadslid Heijnen (CDA) amendement: A21.0014/01 Onderwerp: Bouwvolume aanpassen aan voorzieningen & draagvlak Bovenstaand amendement wordt verworpen met 12 stemmen voor en 27 tegen, met dien verstande dat de aanwezige leden van de fracties van CDA, PvdD, SP, PS, CU en LP voor het amendement hebben gestemd. Ingediend wordt door raadslid Otten (PvdA) amendement: A21.0014/02 Onderwerp: Betere aansluiting oud en nieuw Bovenstaand amendement wordt aangenomen met 26 stemmen voor en 13 tegen, met dien verstande dat de aanwezige leden van de fractie van VVD, CDA, SP en CU tegen het amendement hebben gestemd. Ingediend wordt door raadslid Otten (PvdA) motie: M21.0014/01 Onderwerp: Meer zeggenschap bij de verdere uitwerking Bovenstaande motie wordt aangenomen met 28 stemmen voor en 11 tegen, met dien verstande dat de aanwezige leden van de fracties van CDA, PvdD, SP, CU en LP tegen de motie hebben gestemd.
Ingediend wordt door raadslid De Crom (VVD) motie: M21.0014/02 Onderwerp: Duidelijkheid over verkeer en parkeren Bovenstaand amendement wordt verworpen met 15 stemmen voor en 24 tegen, met dien verstande dat de aanwezige leden van de fracties van VVD, CDA, SP, PS, CU en LP voor het amendement hebben gestemd. Ingediend wordt door raadslid Van Spronsen (GL) motie: M21.0014/03 Onderwerp: Groen beter borgen Bovenstaande motie wordt met algemene stemmen aangenomen. 15 / 18
Ingediend wordt door raadslid Van Spronsen (GL) motie: M21.0014/04 Onderwerp: Parkeerplaatsen Boshuizerlaan elders realiseren Bovenstaande motie wordt voor de stemming ingetrokken door de indiener. Ingediend wordt door raadslid Van Spronsen (GL) motie: M21.0014/05 Onderwerp: Straat vernoemen naar verzetsvrouw in Verzetsheldenbuurt Bovenstaande motie wordt aangenomen met 26 stemmen voor en 13 tegen, met dien verstande dat de aanwezige leden van de fracties van VVD, CDA, PvdD en CU tegen de motie hebben gestemd. Ingediend wordt door raadslid Van Spronsen (GL) motie: M21.0014/06 Onderwerp: Houtbouw in woningbouw Bovenstaande motie wordt voor de stemming ingetrokken door de indiener. Ingediend wordt door raadslid Theeuwen (SP) motie: M21.0014/07 Onderwerp: Participatie niveau ‘adviseren’ Bovenstaande motie wordt verworpen met 21 stemmen voor en 18 tegen, met dien verstande dat de aanwezige leden van de fracties van VVD, CDA, PvdD, SP, PS, CU en LP voor de motie hebben gestemd.
BESLUIT bij RV 21.0014: 1. De gebiedsvisie Telderskade vast te stellen als ruimtelijk toetsingskader voor de ontwikkeling, als uitwerking van de ambities uit het Ontwikkelperspectief Leiden Zuidwest. Met dien verstande: - De drie hoogteaccenten van 7 lagen langs de Boshuizerlaan te schrappen; - Als maximale bouwhoogte langs de Boshuizerlaan 4-5 bouwlagen (max 16 meter) te hanteren; - Als nadere voorwaarde voor een vijfde bouwlaag langs de Boshuizerlaan te bepalen dat deze met een minimale setback van 3 meter ten opzichte van de Boshuizerlaan moet worden gerealiseerd; - De afname aan volume die dit tot gevolg heeft elders in het gebied, bijvoorbeeld aan de zijde van de Churchillaan, te compenseren. 2. Het plangebied, waar de gebiedsontwikkeling Telderskade zal plaatsvinden, vast te stellen. Het plangebied is weergegeven in de gebiedsvisie. 3. In te stemmen met het ruimtelijke concept van de gebiedsvisie Telderskade, te weten: a) Sport en speelzone Telderskade b) Groen Hoefijzer c) Centrumgebied Zuidwest 4. In te stemmen met programmatische kaders uit de gebiedsvisie, te weten: a) Wonen i. Woningtypen: 30% sociaal, 50% middeldure koop, 20% markthuurwoningen met een minimale oppervlakte van 45 m2 GBO per woning. b) Maatschappelijke voorzieningen i.
De bouw van een nieuw Huis van de Buurt Telderskade, bestaande uit de renovatie van Boshuizerkade 119 (fase 1) en een nieuwbouw Buurthuis (fase 2) ii. Kinderopvang iii. Gezondheidscentrum c) Spelen en bewegen i. Een speelpark Telderskade, waaronder een nieuwe openbare speeltuin. d) In te stemmen met een partiële wijziging van de welstandsnota voor het projectgebied Telderskade op basis van de beeldkwaliteitseisen uit de gebiedsvisie Telderskade. Beoordeling van de initiatieven zal plaatsvinden conform beeldkwaliteitseisen uit de gebiedsvisie Telderskade.
16 / 18
5.
Financiën: a) Voor renovatie Boshuizerkade 119 (huis van de buurt fase 1) een bedrag van € 3.396.050 inclusief BTW op te nemen in het Meerjareninvesteringsplan waarbij de kapitaallasten vanaf 2024 opgenomen worden in programma 6 onder de prestatie Exploiteren gemeentelijk van gemeentelijke gebouwen. i. van de maximale investering van € 3.396.050 heeft € 2.394.812 betrekking op het casco en wordt lineair in 40 jaar afgeschreven. De bijbehorende kapitaallasten zijn m.i.v. 2024 € 83.818; ii. van de maximale investering van € 3.396.050 heeft € 1.001.237 betrekking op installaties en wordt lineair in 15 jaar afgeschreven. De bijbehorende kapitaallasten zijn m.i.v. 2024 € 76.762; iii. de exploitatielasten inclusief kapitaallasten ter hoogte van € 249.383 en de exploitatieopbrengsten ter hoogte van € 140.990 vanaf 2024 op te nemen in Programma 6 onder de prestatie exploiteren van gemeentelijke gebouwen; iv. het structurele tekort op de exploitatie ter hoogte van € 65.543 vanaf 2024 als volgt te dekken: Door de structurele dotatie aan de reserve Duurzame stad structureel te verlagen met € 34.208 de investering Verduurzaming vastgoed fase 3 zoals opgenomen in het meerjareninvesteringsplan te verlagen met € 522.250 en de vrijval van de kapitaallasten van € 31.335 in te zetten voor dekking van de kapitaallasten van de renovatie fase 1 ter hoogte van € 31.335. v.
Het tijdelijke tekort op de vastgoedexploitatie van de renovatie van de Daltonschool van € 42.850 tot aan realisatie nieuwbouw huis van de buurt in 2024 en 2025 te dekken uit de vrijval van kapitaallasten van de investering Bouwrijpmaken vijfmeilocatie en op de stelpost kapitaallasten te boeken en dit bij de Kaderbrief 2022-2025 te betrekken. b) Een voorbereidingskrediet voor Huis van de Buurt fase 1 beschikbaar te stellen en deze in mindering te brengen op de investering onder 5a van € 385.000 inclusief BTW; c) Een bedrag van € 155.000 (€ 94.467 huurexploitatie Huis van de Buurt en €59.549 wegvallende exploitatieopbrengsten) als tegenvaller te betrekken bij de kaderbrief 2022-2025. d) Voor de Voorbereidingsfase tot aan het Uitvoeringsbesluit van het project gebiedsontwikkeling Telderskade een krediet van € 310.000 beschikbaar te stellen en de kosten ten laste van de balanspost onderzoek en ontwikkeling te boeken en de rente in 2022 ten laste van programma 6b1.2Opstellen MPG en Vermogensbeheer te brengen en te dekken vanuit Prg6B1.3 Exploiteren gemeentelijke gebouwen. e) Conform de Financiële verordening 2020 (RB 20.0024) € 100.000 aan de reserve Bedrijfsvoering plankosten te doteren, zodat deze reserve weer wordt aangevuld volgens het revolving fund mechanisme en deze dotatie te dekken uit de reserve Grondexploitaties f) Vooruitlopend op het uitvoeringsbesluit: i.
De investering bouwrijp maken locatie Vijf Meihal met kapitaallasten in programma 8C1.1 exploiteren gemeentelijke sportaccommodaties af te ramen en op te nemen in Programma 6B1.3 Exploiteren van gemeentelijke gebouwen met gelijkblijvende kapitaallasten. ii. De investering voor het bouwrijpmaken van de locatie 5 Meihal op te hogen met € 300.000 waarbij met een afschrijvingstermijn van 30 jaar de kapitaallasten á € 13.000 worden opgenomen in programma 6B1.3 Exploiteren van gemeentelijke gebouwen. iii. Ter dekking hiervoor € 300.000 af te ramen in programma 7A1.2 waarborgen openbare speelruimte en te storten in de reserve Afschrijving Investeringen. iv. Jaarlijks de afschrijvingslasten van € 10.000 te onttrekken uit de reserve Afschrijving Investeringen. v. Jaarlijks de rente ten laste te brengen van de prestatie Geldleningen.
17 / 18
g) De (meerjarige) begrotingswijziging zoals hieronder weergegeven vast te stellen
Programma Bedragen in € (+ = nadeel, -/- = voordeel) Bestuur en dienstverlening Veiligheid Economie Bereikbaarheid Omgevingskwaliteit Stedelijke ontwikkeling Jeugd en onderwijs Cultuur, sport en recreatie Maatschappelijke ondersteuning Werk en inkomen Algemene middelen, Overhead,Vennootschapsbelasting en Saldo van baten en lasten Mutatie reserves Resultaat
2021 Lasten 0 0 0 0 0 65.115 -300.000 -65.115 0 0 0 -300.000 400.000 0 neutraal
2022 Baten
Lasten 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0
0 -100.000
2023 Baten
0 0 0 0 0 222.766 0 -209.766 0 0
Lasten 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0
-3.000 10.000 0 0 neutraal
0 -10.000
0 0 0 0 0 221.039 0 -208.139 0 0 -2.900 10.000 0 0 neutraal
Bovenstaand raadsvoorstel wordt met algemene stemmen aangenomen.
20 Sluiting De voorzitter sluit de vergadering om 22.31 uur.
Vastgesteld in de vergadering van 29 april 2021, de Griffier,
de Voorzitter,
18 / 18
2024 Baten
Lasten 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0
0 -10.000
Baten
0 0 0 0 0 437.361 0 -206.513 0 0
0 0 0 0 0 -140.990 0 0 0 0
-45.650 185.198 -34.208 0 neutraal
0 -140.990 -10.000