Bijlage bij inspraak mw Roos Transitievisie Warmte gemeente Leiden getoetst aan Algemene beginselen van behoorlijk bestuur 23-2-2022
Tekst van het document
Pagina |1
Transitievisie Warmte van gemeente Leiden getoetst aan Algemene beginselen van behoorlijk bestuur
Elk bestuursorgaan moet haar besluiten zodanig nemen dat ze niet in strijd zijn met de Algemene beginselen van behoorlijk bestuur. Die beginselen zijn ontleend aan jurisprudentie en voor een deel in wetgeving vastgelegd en voor een deel niet. Bij de beoordeling van de TWV zijn de volgende beginselen van belang: • •
Het legaliteitsbeginsel, elk besluit dient gegrondvest te zijn op de wet of op de Grondwet, anders is er geen bevoegdheid. Het rechtszekerheidsbeginsel, de overheid moet haar besluiten zodanig formuleren dat de burger precies weet waar hij aan toe is of wat de overheid van hem verlangt. Bovendien moet de overheid de geldende rechtsregels juist en consequent toepassen.
Bij het voornemen om in de strijd tegen de klimaatverandering passende maatregelen te nemen staat de burger voor de keus welke maatregelen hij moet nemen om zijn energiegebruik en zijn emissie van broeikasgassen te verminderen. In dat kader zal hij tegen betaling aankopen doen en/of contracten afsluiten met private partijen. Daar komt, in overeenstemming met het legaliteitsbeginsel, geen overheid aan te pas. Dus ook de gemeente Leiden niet! In Nederland moet de overheid voldoen aan het rechtszekerheidsbeginsel. De gemeente Leiden zou in het kader van de strijd tegen de klimaatverandering conform dat beginsel kunnen besluiten indien de gemeente eigenaar zou zijn van de gehele keten: vanaf de energie-omzetting naar warmte in de Rijnmond tot aan de aflevering van warmte aan de inwoners van Leiden. Nu dat niet zo is kan de gemeente noch de betaalbaarheid, noch de haalbaarheid noch de duurzaamheid garanderen, dat is aan andere partijen. Dat impliceert dat de gemeente niet aan het rechtszekerheidsbeginsel kan voldoen. Er zijn al wijken in Nederland waar de bewoners gebruik kunnen maken van stadswarmte. De wijk Helmerhoek in Enschede is zo'n wijk.
Ook vóór de enorme stijging van de gasprijzen waren er toen al mensen in de Helmerhoek die stadsverwarming hadden en die niet gebruikten om in plaats daarvan gebruik te maken van een bio-ethanol kachel, een houtkachel of elektrische verwarming, omdat dat goedkoper voor hen was en is. Door de toename van de houtkachels verslechtert daar de luchtkwaliteit. Er is al energiearmoede. Zonder garantie dat mensen in de bijstand zich een warm huis kunnen veroorloven is er geen sprake van dat aan de eis van betaalbaarheid kan worden voldaan. Sommige politieke partijen vinden dat niet klimaatrechtvaardig. Over de definitie van duurzaamheid wordt verschillend gedacht. In het kader van de circulaire economie zouden we daar energieomzettingen onder moeten verstaan waarbij alle deelnemende stoffen steeds weer opnieuw gebruikt kunnen worden zonder dat er milieuvervuiling optreedt anders dan de emissie van elektromagnetische straling die bij temperaturen onder de 2500 graden Celsius vrijkomt. Tegenwoordig wordt onder duurzaamheid vaak verstaan dat een stof hergebruikt kan worden. Dat impliceert echter nog geen circulaire activiteit. Het ligt in de lijn der verwachting dat door de groeiende zorg om de klimaatverandering te zijner tijd warmteleverantie uit afvalverbranding niet meer als duurzaam wordt gezien, maar als contraproductief in de strijd tegen de klimaatverandering.
Pagina |2 In de Enschedese wijk de Helmerhoek komt bij gebruik van stadswarmte per verkregen GJ vijf keer zoveel CO2 vrij dan bij gebruik van een aardgasgestookte HR-ketel. Daar wordt warmte gekocht die van het afvalverwerkingsbedrijf Twence afkomstig is. Indien de gemeente Leiden eigenaar zou zijn van alle gebouwen en woningen in Leiden dan zou zij zich aan een derde beginsel van behoorlijk bestuur moeten houden, het fair-play-beginsel (art. 2:4 Awb), dat impliceert dat de gemeente haar besluit zonder vooringenomenheid moet nemen. Dat betekent dat ook andere mogelijkheden om een huis te verwarmen bij de besluitvorming betrokken dienen te worden. Één van die alternatieven bestaat eruit dat een huis verwarmd kan worden met behulp van elektrische energie, die uit zonlicht is omgezet met zonnepanelen, en wordt gebruikt om met infraroodpanelen het huis te verwarmen. In Enschede heeft een bewoner van een tussenwoning dat gerealiseerd en dankzij saldering heeft hij nu geld terug gekregen van zijn energieleverancier. Hij is netto-ontvanger geworden. Hij heeft zijn leverancier van stadswarmte gemeld dat hij geen warmte meer afneemt en ook niet meer betaalt. Eerder heeft een huurder in de Helmerhoek de levering van warmte aan hem kunnen stoppen via een rechtszaak. Zie ECLI:NL:GHARL:2017:297. Die huurder gebruikt uitsluitend elektrische energie om zijn huis te verwarmen.
Daarvoor heeft hij jaarlijks circa 1000 kWh nodig. Dat is 13% van wat hij voorheen gebruikte toen hij stadswarmte afnam. In de toekomst verwacht hij dankzij waterstoftechnologie ook van het elektriciteitsnet af te kunnen. Met vriendelijke groet, Wim Lentink 23-2-2022 Lentink Eureka&Advies Enschede