CConstaterende datLeiden
Koppel je AI →
Document · PDF

Beantwoording TV wensen en bedenkingen SP71 GL en VVD

raadscommissie Werk en Middelen 2 september 2021, gemeente LeidenBij agendapunt: Technische vragen781 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Beantwoording Technische vragen Wensen en bedenkingen samenwerkingsmodel SP71 GL en VVD

Vragen (GL): - Voor hoe lang gaan de gemeenten dit samenwerkingsmodel aan en wat zijn de mogelijkheden voor Oegstgeest, Zoeterwoude en Leiderdorp om er tussentijds uit te stappen? De voorwaarden met betrekking tot opheffing en uittreding worden nog nader bepaald en vastgesteld in de centrumregeling. De regeling wordt in principe aangegaan voor onbepaalde tijd en duurt tot het eventuele moment van opheffen. Het is mogelijk om in de regeling aanvullende voorwaarden hierover op te nemen, bijvoorbeeld dat opheffen in de eerste zoveel jaar na inwerkingtreding niet mogelijk is. -Wat zijn de consequenties (organisatorisch en financieel) als een van de gemeenten tussentijds uitstapt? De voorwaarden tot uittreden zijn nog niet geconcretiseerd, daarom is het lastig deze vraag concreet te beantwoorden. Over het algemeen komen de kosten die gepaard gaan met uittreding voor rekening van de uittredende partij. Vanuit organisatorisch oogpunt zal uittreding leiden tot ontvlechting van de dienstverlening. -Wat zijn de consequenties (organisatorisch en financieel) voor het gehele samenwerkingsmodel als een of meer van de drie gemeenten (Oegstgeest, Zoeterwoude, Leiderdorp) niet mee gaat doen binnen deze samenwerking? Vooralsnog hebben we er vertrouwen in dat we een nieuwe samenwerking kunnen optuigen waar alle vier de partijen aan zullen deelnemen.

Alle vier de colleges hebben inmiddels ook een voorgenomen principebesluit hiertoe genomen. Mocht een van de gemeenten uiteindelijk een ander besluit nemen dan zal op dat moment worden bezien wat daar de consequenties van zijn.

Tv's VVD bij SP71 1. Eerder meldde de wethouder dat de oplevering voor het nieuwe financiële systeem is vetraagd. A) Zijn hier meerkosten aan verbonden, en zo ja, hoeveel? B) Worden eventuele meerkosten nog door alle gemeenten gedragen, ookal vindt de opleverdatum plaats na de overgang? C) Welke opleverdatum wordt nu verwacht? Eerder meldde de wethouder dat de oplevering voor het nieuwe financiële systeem is vertraagd. A) Zijn hier meerkosten aan verbonden, en zo ja, hoeveel? Voor de gemeente Leiden zijn hier geen meerkosten aan verbonden. B) Worden eventuele meerkosten nog door alle gemeenten gedragen, ook al vindt de opleverdatum plaats na de overgang? Niet van toepassing. Het grootste deel van de meerkosten zijn opgevangen door de leverancier, de rest wordt binnen de begroting van Servicepunt71 opgevangen. C) Welke opleverdatum wordt nu verwacht? 1 januari 2023 2. Er wordt voorgesteld om de financiering via lumpsum in te richten met een kleine risicobuffer zodat extra kosten worden voorkomen voor deelnemende gemeenten. Gelet op de transitie is het wel te verwachten dat grote tegenvallers voor zullen komen. Hoe wordt (formeel) voorkomen dat Leiden straks voor alle extra kosten opdraait?

Dit uitgangspunt zal concreet worden gemaakt middels een doorvertaling in de dienstverleningsafspraken. De afspraak is gemaakt dat als grote risico’s zich voordoen in de transitiefase daar gezamenlijk een oplossing voor wordt gevonden. 3. Regiogemeenten hebben al aangegeven in de toekomst mogelijk dienstverlening weg willen halen. Om welke dienstverlening gaat het dan bijvoorbeeld? Onze buurgemeenten hebben als prioriteit dat de kwaliteit van de dienstverlening stijgt. Juist omdat deze dienstverlening zo belangrijk is voor de gemeentelijke processen. Als de kwaliteit niet voldoende stijgt dan kan dat reden zijn om een deel van de dienstverlening weer zelf te organiseren. Partijen zijn zich er echter ook bewust van dat het opknippen van de bedrijfsvoering andere nadelen met zich meebrengt. HRM-advies is genoemd als voorbeeld van dienstverlening die partijen mogelijk weer dichterbij georganiseerd willen hebben. 4. Er wordt in het stuk vaak benadrukt dat collectieve samenwerking de voorkeur heeft, maar toch wordt er gekozen voor 1 op 1 samenwerking als uitgangspunt.

A) In hoeverre bestaat de mogelijkheid voor (nieuwe) colleges in omliggende gemeenten om over 2 jaar en daarna onder afspraken uit te komen als ze het er niet (meer) mee eens zijn? B) Waarom wordt er niet gekozen voor collectieve samenwerking als uitgangspunt, met mogelijkheid tot 1 op 1 samenwerking? A: de centrumregeling wordt een collectieve regeling waar vier gemeenten aan deelnemen. De onderliggende dienstverleningsovereenkomsten worden 1 op 1 afspraken tussen de centrumgemeente en een buurgemeente waarin ook een aantal ‘gezamenlijke spelregels’ worden opgenomen die voor alle gemeenten gelden. De centrumregeling is de basis, die zal niet snel worden veranderd. Als de termijn van de eerste DVO is verstreken (einde transitiefase) dan bestaat de mogelijkheid om afspraken te herijken. Dat kan alleen als beide partijen instemmen met deze nieuwe afspraak. B: Op sheet 36 staat uitgewerkt wat de kenmerken van collectief samenwerken en 1 op 1 samenwerken zijn. De conclusie is dat echt samenwerken als collectief het uitgangspunt is binnen de nieuwe samenwerking. Dit komt tot uitdrukking in de centrumregeling en de gezamenlijke spelregels. Maar er moet ook voldoende ruimte zijn voor passende (individuele) afspraken. Daarvoor komt ook ruimte in de DVO’s.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10487831/2