Beantwoording technische vragen PvdA Uitvoeringsprogramma 2022 Handhaving openbare ruimte
Tekst van het document
Technische vragen Onderwerp: Fractie: Doorgezonden door griffie: Beantwoording:
Wensen en bedenkingen Uitvoeringsprogramma 2022 Handhaving openbare ruimte Abdelhaq Jermoumi (PvdA) 10 januari 2022 19 januari 2022
Camera's voor voorkomen overlast Stevenshof Er is al tijden overlast door jongeren op en rondom het buurthuis Stevenshof en ook tijdens oud en nieuw was het helemaal raak. Om daders beter in beeld te krijgen, kunnen camera's helpen. 1. Wat zijn de kosten voor permanent plaatsen van camera's op dit pand in de Stevenshof? De kosten voor installatie van permanente beveiligingscamera’s hangt sterk af van het type camera’s, de hoeveelheid camera’s die worden geïnstalleerd en de verdere mogelijkheden qua opslag, infraroodbeelden, etc. Kostenschattingen lopen hiermee uiteen tussen de €750,- à €1000,- voor één camera met zo’n €300,- à €400,- bijkomende kosten per extra camera. De uiteindelijke kosten hangen daarnaast sterk af van de vraag of de camera’s live uitgekeken worden of slechts beelden opnemen die achteraf worden teruggekeken. Los van de vraag wat de uiteindelijke kosten zijn van cameratoezicht, is er voor het college echter nog een aantal overwegingen van belang ten aanzien van de vraag of het realiseren van cameratoezicht op het buurthuis aan de Trix Terwindstraat (of andere buurthuizen) wenselijk is. Het realiseren van cameratoezicht zou ook een kostendoorberekening richting de huurders opleveren.
Een verdere afweging is dat op locaties van buurthuizen veelal ook sociale hulpverleningsorganisaties gevestigd zijn, waarbij het vanuit privacyoverwegingen van bezoekers onwenselijk kan zijn om hier camera’s te bevestigen. Dit zal in de toekomst ook aan de Trix Terwindstraat het geval zijn. Cameratoezicht wordt wat het college betreft pas enkel gerealiseerd na overleg met de hoofdhuurder en onderhuurders. Het bovenstaande geldt bovendien slechts voor camera’s die worden opgehangen ten behoeve van de beveiliging van het pand zelf en niet voor camera’s die toezicht houden op de openbare ruimte rondom het buurthuis. Voor het installeren van dit type camera’s in de openbare ruimte geldt dat deze camera’s conform art. 151c van de gemeentewet enkel onder strikte voorwaarden (beperkte tijdsduur, geen andere middelen meer voorhanden) op verzoek van de politie mogen worden opgehangen om de openbare orde te handhaven. Deze camera’s mogen ook enkel door de politie worden uitgelezen. Het besluit tot installatie van deze camera’s is een raadsbevoegdheid. De kosten voor de installatie van dit type camera bedraagt zo’n €4000,- per jaar, los van de ambtelijke voorbereidingskosten. Ook voor dit type camera’s geldt dat de uiteindelijke kosten sterk afhangen van de vraag of ze live uitgekeken worden of slechts beelden opnemen.
Losstaand van de vraag over camera’s kan wel worden gemeld dat op termijn een nieuwe gevelconstructie vormgegeven wordt op de locatie aan de Trix Terwindstraat. Deze biedt minder mogelijkheid biedt om hieronder verdekt opgesteld te staan en schade aan te richten. 2. Zijn er andere buurthuizen in de stad die reeds voorzien zijn van camera's en dragen die bij aan daderherkenning of preventief toezicht? Er zijn momenteel in Leiden geen buurthuizen die door de gemeente zijn voorzien van cameratoezicht. Inclusio heeft als hoofdhuurder wel camera’s bevestigd in het multifunctionele pand ‘het Gebouw’ aan het Arubapad en in het buurthuis aan de Driftstraat. 3. Wat zouden de kosten zijn van een pilot gedurende 1 of 2 jaar bij een buurthuis van de gemeente. Hiermee zouden we na afloop kunnen bepalen of cameratoezicht helpt bij het verminderen van overlast en schade.
Voor een indicatie van de kosten voor de installatie van cameratoezicht wordt verwezen naar het antwoord onder vraag 1. Winkelwagens Ik begrijp dat er door de handhaving van de corona maatregelen minder capaciteit beschikbaar is voor het handhaven van winkelwagens in de openbare ruimte. Volgens de APV zijn de eigenaren van de winkelwagens zelf verantwoordelijk dat ze netjes worden gebruikt en opgeruimd. 1. Is er een overleg structuur met supermarkteigenaren om dit probleem aan te kaarten? Zo nee, kan zoiets opgezet worden, bijvoorbeeld door de inzet van wijkregisseurs in de betreffende wijken. Er is geen overlegstructuur specifiek met de supermarkteigenaren. Vanuit de gemeente (o.a. de wijkboa’s, wijkregisseurs en afdeling economie) is er wel structureel contact met de ondernemers- en winkeliersverenigingen in bredere zin. Er is in het verleden contact geweest met individuele supermarkten over de winkelwagens. Op korte termijn zal in het college ook het aanwijzingsbesluit worden vastgesteld waardoor in de APV gebieden aangewezen zijn waarbinnen winkelwagens gebruikt mogen worden. Dit geeft handhaving nu ook de grondslag om op te treden indien winkelwagens elders in de stad worden aangetroffen. Overlast lachgas De Kooi Ik kreeg nieuwe signalen dat er in de Kooi nog steeds overmatig overlast en verkoop van lachgas is. Bewoners maken zich zorgen en hebben bij mij aangeklopt. 1.
Wat heeft het college allemaal ondernomen m.b.t. het lachgasverbod dat is afgekondigd in 2021. De overlast van het gebruik en de verkoop van lachgas is helaas in meerdere delen van de stad een regelmatige bron van overlast. Sinds de invoering van het lokale verbod op het gebruik en venten van lachgas zijn de locaties waar veelvuldig sprake is van overlast van lachgas in kaart gebracht en worden deze regelmatig gecontroleerd / meegenomen in de surveillances van de BOA’s en politie. 2. Zijn er specifiek in de Kooi en in het bijzonder rond het Kooipark verkopers aangehouden in 2021? Het gebruik of de verkoop (het venten) van lachgas zijn op zichzelf geen feiten waarvoor direct wordt overgegaan tot aanhouding, maar waar wel middels bekeuringen op kan worden gehandhaafd. Daarbij komt dat de verkoop van lachgas in strikte zin niet verboden is, maar het verbod ‘slechts’ toeziet op het venten (‘op wisselende plaatsen in de openbare ruimte te koop aanbieden’) van lachgas. In de praktijk wordt lachgas online of telefonisch besteld en op afspraak bezorgd, waarmee in juridische zin geen sprake is van venten. Hoewel met enige regelmaat dealers worden gecontroleerd, kunnen zij dus veelal niet beboet worden. Ook het verbaliseren op het gebruik van lachgas is complex omdat het feitelijk gebruik moet worden waargenomen.
Het verbod op het gebruik en venten van lachgas is op 15 mei vastgelegd middels een aanwijzingsbesluit in de APV en zowel politie als handhaving kunnen op basis hiervan verbaliseren. Omwille van wetstechnische perikelen (ontbrekende / niet-aansluitende feitcodes bij het Openbaar Ministerie) is het echter pas vanaf juli mogelijk geworden voor politie en handhaving om te verbaliseren. Het is niet goed mogelijk om de cijfers te filteren op specifiek het venten van lachgas in (de omgeving van) het Kooipark. Omwille hiervan wordt hieronder een stadsbreed overzicht gegeven van de behaalde resultaten over de tweede helft van 2021. In totaal zijn in deze periode door politie en handhaving 40 processen-verbaal opgemaakt (waarvan 39 voor gebruik en een voor foutief vervoer van lachgas) en 6 waarschuwingen uitgedeeld (waarvan 4 voor gebruik en 2 voor vervoer van lachgas). Het merendeel van de bovenstaande bekeuringen is door de politie uitgedeeld.
3. Welke acties gaat het college in 2022 ondernemen om dit verbod te handhaven? Zoals in het Uitvoeringsprogramma is opgenomen, is jeugdoverlast een geprioriteerd thema in 2022 waar aanvullende aandacht aan wordt besteed en waarvoor (voor zover mogelijk) capaciteit zal worden gereserveerd. Zodoende wordt ook de ingezette aanpak ten aanzien van het lachgasverbod doorgezet en zal ook in 2022 risico- en gebiedsgericht gesurveilleerd worden. Ook de politie heeft aandacht voor dit thema en trekt hierin samen met handhaving op. Dit geldt in het bijzonder voor situaties waarin sprake is van samenscholingen van grotere groepen (jongeren) die lachgas gebruiken, ook voor de eigen veiligheid van de BOA’s. Indien handhaving zorgwekkende signalen heeft over jeugdigen worden deze gedeeld met onze ketenpartners. Uiteraard geldt voor dit alles het voorbehoud dat hiervoor wel capaciteit beschikbaar moet zijn gelet op de bijkomende handhaving van de coronamaatregelen. 4. Is het college bereid in gesprek te treden met de wijkvereniging over deze zorgen en/of is het college bereid via de wijkkrant of lokale media aandacht te vragen voor de gevaren van lachgas en het verbod van verkoop in de openbare ruimte. Er is nauw contact met bewoners en ondernemersverenigingen en professionals in de wijk. Hierdoor is het college vaak snel op de hoogte van zorgwekkende signalen vanuit de wijk.
Het beeld dat zowel de wijkregisseur als de wijkboa en wijkagent hebben, is dat het de afgelopen periode juist rustiger was in en rondom het Kooipark, al zou dit deels ook te verklaren zijn door het slechtere weer. Het thema lachgas kan in de volgende contacten tussen de wijkvereniging / wijkboa met de wijkvereniging worden meegenomen. Rondom de invoering van het lachgasverbod is hier vanuit communicatief oogpunt ook aandacht aan besteed; er is ook de nodige mediaberichtgeving over geweest. Ten aanzien van de gevaren van lachgasgebruik wordt hier op dit moment niet eigenstandig door de gemeente aan preventieve voorlichting gedaan richting de gebruikersdoelgroep. Het college acht het ook niet reëel dat de gebruikersdoelgroep wordt bereikt via de reguliere gemeentelijke communicatiekanalen zoals de stadskrant. Vanuit het college geniet het de voorkeur om bij andere campagnes aan te haken, zoals de campagne ‘Rij Ballonvrij’ vanuit jongerenorganisatie TeamAlert. De GGD heeft ook een webpagina met informatie over de risico’s van lachgas. Vanuit de rijksoverheid zijn er recentelijk geen campagnes omtrent het gebruik van lachgas gevoerd.