210147 Bijlage 2 Nota van beantwoording inspraakreacties
Tekst van het document
Nota van beantwoording op conceptnota Warenmarkt- en retailbeleid Leiden 2021 Inleiding Op 5 oktober 2021 heeft het college van B&W de conceptnota Warenmarkt- en retailbeleid Leiden 2021 vastgesteld voor de schriftelijke inspraak. De inspraakperiode liep van 8 oktober 2021 tot en met 19 november 2021.
Reacties Schriftelijk zijn in totaal twaalf reacties binnengekomen van belanghebbenden. Het college van burgemeester en wethouders heeft veel waardering voor alle mensen die de moeite hebben genomen hun zienswijze in te dienen. Het college hecht eraan dit te benadrukken, omdat soms de omvang van de reacties op de inspraakreacties korter is dan de inspraakreactie zelf. Bijvoorbeeld doordat een reactie vooral een ondersteuning van het voorgenomen beleid is of omdat een reactie gedetailleerd is. De inspraakreacties zijn zoveel mogelijk één op één in de nota van beantwoording opgenomen. Hiervan is afgeweken als dit nodig is voor het waarborgen van de anonimiteit van de inspreker.
Procedure Het college stelt zijn antwoord op de inspraakreacties met een B&W-besluit vast en legt de gewijzigde nota Warenmarkt- en retailbeleid Leiden 2021 vervolgens ter vaststelling aan de gemeenteraad voor.
Inspreker
Ingekomen reactie
Reactie van het college
Gevolgen voor het besluit
1.
De inspreker stelt voor het oude V&D / Hudsons Bay pand in te richten als overdekt winkelcentrum met kleine, gevarieerde en bijzondere winkels. Dat zou heel aantrekkelijk zijn voor winkelend publiek – zeker met het mooie horeca dakterras. (Bijvoorbeeld als Magna Plaza in Amsterdam.) Het biedt ook een fijne winkel omgeving in slecht weer en het kan fungeren als centraal ontmoetingspunt om daarna verder te winkelen.
Het betreffende pand is gesitueerd aan de Aalmarkt 22. Dit is een onderdeel van het kernwinkelgebied. In het kernwinkelgebied ligt de focus op retail, waarbij in de conceptnota Warenmarkt- en retailbeleid wordt aangegeven dat we de vestiging van sterke Leidse winkels en bekende retailketens wenselijk vinden. Ook wij zien het belang van een inspirerend totaalconcept voor het pand, dat bijdraagt aan de vitaliteit van het (kern)winkelgebied. Wij laten dergelijke initiatieven aan de markt, waarbij de gemeente een faciliterende rol aanneemt.
Geen gevolgen.
2a.
Inspreker stelt dat bedrijven die hun bedrijf op de markt hebben hardwerkende mensen zijn die vaak al tientallen jaren voordat de horeca er was een plek op de markt hebben. Inspreker voelt zich steeds meer aan de kant gezet, omdat er steeds meer beslissingen genomen worden over zijn hoofd heen. Er worden beslissingen genomen door mensen die beïnvloed worden door de horecabranche die overal hun mensen hebben zitten die de invloed kunnen uitoefenen. Wekelijks hoort de inspreker dat er ruimte moet komen en de kramen achteruit moeten plaatsmaken voor de horeca. Volgens inspreker kan een marktondernemer niet zomaar verplaatsen. Je vraagt ook niet aan een horecabedrijf: “Ga jij maar drie straten verder opzitten want jouw pand is nu voor iemand anders.” Inspreker wil gewoon op een normale manier geld verdienen om kosten te betalen en het gezin te onderhouden.
Het Nieuwe Rijngebied is een aantrekkelijk winkelgebied in de Geen gevolgen. binnenstad. De combinatie van markt, horeca en winkels maakt het gebied uniek. Tegelijkertijd signaleren we een aantal knelpunten. Zo neemt de druk op het Nieuwe Rijngebied toe. Hierdoor wordt bijvoorbeeld de doorstroming van publiek naar andere kramen, naar winkels en naar horeca belemmerd. Om het Nieuwe Rijngebied als aantrekkelijk gebied te behouden, is het noodzakelijk om deze knelpunten aan te pakken. Hierin trekken we op met alle (weekmarkt)ondernemers en bewoners om ervoor te zorgen dat de unieke combinatie van markt, horeca en winkels behouden blijft. Dit is ook goed voor de weekmarkt. Tijdens het proces zal een zorgvuldige afstemming plaatsvinden met alle betrokkenen in het gebied.
2b.
Inspreker stelt dat de gemeente niet zomaar een hele groep In 2006 is de Europese dienstenrichtlijn ingevoerd. De Geen gevolgen. ondernemers zo kan wegzetten. Het gedoe met de dienstenrichtlijn moet het ondernemers gemakkelijker maken hun vergunningen die boven het hoofd hangt is al erg genoeg. diensten aan te bieden op de Europese markt. Voor de
Dan haalt de inspreker het punt aan dat men tegen geen enkele ondernemer zegt: “Je mag hier bijv. 5 jaar je zaak runnen maar daarna moet je of je wil of niet eruit.” Inspreker stelt dat dit eigenlijk te gek is om over te praten. Denk dus goed na voordat er beslissingen worden genomen en zet de marktmensen niet weg als een groep die onder aan de ladder staan. Dat gevoel is er volgens inspreker nu wel. 3a.
Bezwaar op het betrekken van de Apothekersdijk bij het zwerfmilieu:
(week)markt betekent dit dat het invoeren van een vergunningstelsel op basis van tijdelijke vergunningen dient te worden ingevoerd. Dit stelsel dient in Leiden nog te worden opgezet. Hierbij realiseren we ons dat marktondernemers te maken hebben met terugverdientijd van investeringen. Wij zullen de implementatie van de Europese wetgeving zorgvuldig en goed onderbouwd uitvoeren, waarbij de terugverdientijd van investeringen onderdeel is van de afweging.
De uitbreiding van horeca in het gebied Apothekersdijk – Stille Rijn is benoemd in de horecavisie die in 2021 is vastgesteld door de gemeenteraad. Dit betekent dat er volgens bestaand beleid in Het is een hoog kwalitatief woongebied. dit gebied twee horecavestigingen kunnen worden toegevoegd op Insprekers geven aan met plezier te wonen in de het gebied van lunchroom of restaurant. Wij gaan voor een binnenstad. Hier wonen gezinnen die hier leven en slapen. zorgvuldige balans tussen vitaliteit en leefbaarheid. Daarom Reuring en activiteiten horen daar uiteraard bij. De kade bieden we in de conceptnota Warenmarkt- en retailbeleid Leiden zoals deze op dit moment is ingericht is een brede 2021 alleen extra ruimte voor consumentverzorgende promenade met veel licht en lucht die erg aantrekkelijk is bedrijvigheid en dienstverlening voor de eerste acht panden van als woon- en verblijfsgebied. Deze kade vormt hierbij de de Apothekersdijk vanaf de Prinsessekade. Economische functies ruimte waar velen uitrusten en naar de voorbijvarende in panden met woonbestemming zijn ook in deze nota niet boten kijken; een moment van rust in de drukke binnenstad. toegestaan.
Voor de overige panden aan de Apothekersdijk tot Ook de toeristen genieten van deze typisch Leids-Hollandse aan de Kippenbrug zijn volgens het bestemmingsplan naast setting; oude pandjes met een molen op de achtergrond, wonen economische functies reeds toegestaan. Van een bankjes met geveltuintjes, en hier en daar een luie kat toevoeging van extra horeca en winkels in de conceptnota achter het raam. Warenmarkt- en retailvisie Leiden 2021 met de daarmee gepaard In het beleidsplan van de gemeente wordt gesproken over gaande drukte is geen sprake. het integrale beleidsthema ‘Vitaliteit en leefbaarheid’ en ‘Binnen het (centrum) gebied is de balans tussen rust en (Bestaande) bedrijven moeten voldoen aan het modellenboek reuring een belangrijke waarde’. Echter vrezen de ‘gevelreclame en uitstraling binnenstad Leiden’. insprekers juist voor de leefbaarheid van de Apothekersdijk middels de wijziging tot zwerfmilieu. Dit zet volgens de insprekers de mogelijkheid open om winkels en horeca tussen de huizen te plaatsen. Het winkelende publiek dat
De passage over het toevoegen van de Apothekersdijk aan het zwerfmilieu wordt nader toegelicht.
dan in grote getalen toeneemt, of horeca voor de woonkamer- of slaapkamerraam zorgt voor zorgelijke overlast. Niet in het allerminst aangezien de monumentale panden niet de hoogste geluidsisolerende waarde hebben. Daarnaast is het noemenswaardig dat het huidige straatbeeld met vele monumentale gevels onbehouwen wordt aangetast door de komst van lichtreclame en winkelgevels die moeten voldoen aan de standaard van grote winkelketens.
3b.
Bezwaar op het betrekken van de Apothekersdijk bij het zwerfmilieu: De woonstraat wordt nu al zwaar belast Gedurende het gehele jaar zijn er op de Apothekersdijk diverse evenementen. Dragon races, El-Cid, Schemerstad etc. Toeristen trekken dagelijks door de Apothekersdijk naar de stad. Studenten laten van zich horen na twaalf uur ’s nachts. Veel bewoners wonen hier al jaren. De insprekers zien de (geluids)overlast jaarlijks toenemen. Het plaatsen van een markt en of het uitbreiden van terrassen of winkelgebied in deze woonstraat zal de weekendrust en rustige setting totaal verstoren. Afgelopen jaar tijdens de Covid-pandemie werd de verandering door de uitbreiding van de terrassen in de Apothekersdijk al voelbaar. Door deze tijdelijke uitbreidingen werden er delen afgenomen van de openbare ruimte langs de kade en de brug. Daardoor verslechterde volgens de insprekers de doorloop over de promenade. Daarnaast was de verkeerssituatie vanuit een auto of een
Zie de beantwoording bij 3a. De uitbreiding van de terrassen aan de Apothekersdijk is bedoeld om ondernemers te steunen die zijn getroffen door de coronacrisis. Deze tijdelijk uitbreiding loopt tot en met 31 december 2021.
Geen gevolgen.
jonge fietser over de Kippenbrug slechter te overzien door de tafeltjes en de gasten. Tevens wordt vooral doordeweeks de bevoorrading van diverse winkels met zwaar vrachtverkeer aangevoerd waarbij de huizen aan de Apothekersdijk letterlijk op hun grondvesten trillen en de monumentale voorgevels worden beschadigd. 3c.
Bezwaar tegen het uitbreiden van de markt naar de Apothekersdijk: Het is ondenkbaar om een markt door een gewone woonstraat te laten lopen De wisselwerking die de markt nu heeft met de winkels ‘aan de overkant’ van de kramen komt volgens de insprekers absoluut niet overeen met het straatprofiel van de Apothekersdijk. Hier zijn bijna alle panden woningen, met een groot deel daarvan verblijfsruimtes op de begane grond. De insprekers zien het niet voor zich hoe de markt zonder forse overlast voor de bewoners kan plaatsvinden. Bewoners parkeren hun fietsen en auto’s aan de Apothekersdijk, waarbij sommigen slecht ter been zijn, en niet zomaar de auto ‘een straatje verder’ kunnen parkeren. Bewoners ‘lenen’ de openbare ruimte voor de woningen als tuin. Omdat dit de zuidzijde van de woningen betreft, zitten bewoners hier graag. En ze ‘delen’ deze openbare ruimte dus met de vele langs slenterende andere Leidenaars en toeristen. Een markt door een gewone woonstraat is volgens de insprekers dus ondenkbaar.
Het is niet de intentie de weekmarkt uit te breiden naar de Apothekersdijk. De bedoeling is het creëren van een extra ‘lus’ Aalmarkt - Kippenbrug - Stille Rijn. Dit heeft geen gevolgen voor het autoparkeren aan de Apothekersdijk.
Geen gevolgen.
3d.
De insprekers stellen voor om de Apothekersdijk aan te laten sluiten op het deel van het beleidsplan dat de rust wil bewaren in de binnenstad. Laat de straat aansluiten bij het plan om de stad meer te verduurzamen door meer groen langs de kade toe te voegen, zodat de verblijfskwaliteit van de straat naar een nóg hoger niveau kan worden getild.
De Apothekersdijk zorgt voor meer samenhang van het gebied rondom de Nieuwe Rijn door het creëren van een natuurlijke verbinding tussen de Haarlemmerstraat en de Breestraat.
Geen gevolgen.
4a.
De inspreker heeft de conceptnota Warenmarkt- en retailbeleid Leiden 2021 gelezen en beoordeeld. De inspreker stelt het op prijs om mee te denken en stelt het ook op prijs als de aandachtspunten worden meegenomen.
Wij willen samen met de adviescommissie ambulante handel en andere belanghebbenden werken aan een toekomstbestendig gebied.
Geen gevolgen.
4b.
Markt-klantstrategie De inspreker wil melden dat de betrokkenheid niet zo is gegaan, zoals wordt vermeld in de conceptnota Warenmarkt- en retailbeleid Leiden 2021. Tevens kloppen niet alle punten die opgenomen zijn in de conceptnota Warenmarkt- en retailbeleid Leiden 2021. Bijvoorbeeld het stuk over de markt-klantstrategie dat er een enquête is afgenomen onder de marktondernemers. Dit klopt niet helemaal, want niet alle marktondernemers zijn bevraagd. De uitkomsten komen ook niet overeen met wat de inspreker hoort van de marktondernemers.
In 2021 heeft een enquête plaatsgevonden onder marktondernemers. Hierop hebben 36 ondernemers gereageerd.
Geen gevolgen.
4c.
Oplossen van knelpunten op het huidige marktterrein Als één van de oplossingen wordt aangegeven dat een paar marktondernemers van plaats kunnen verwisselen en andere marktondernemers kunnen opschuiven. Echter ziet de inspreker dit niet als een oplossing voor de doorstroming en het bieden van ruimte voor passanten en bewoners.
Wij willen samen met de inspreker en andere belanghebbenden Geen gevolgen. werken aan een toekomstbestendig gebied. In dit kader willen we in overleg met de marktondernemers en de andere ondernemers in het gebied werken aan knelpunten. Hier hoort de vraag bij hoe de kramen zo kunnen worden geplaatst dat de doorstroming van de bezoekers maximaal kan worden gewaarborgd. Het eventueel verplaatsen van marktkramen maakt onderdeel uit van het
Indien het ruimtelijke herinrichtingsplan voor de huidige locatie wordt aangepast, dient dit volgens de inspreker vooraf goed afgestemd en besproken te worden met de marktcommissie. Hierover wil de inspreker tijdig geïnformeerd worden om mee te denken en te adviseren.
totaalpakket aan maatregelen die voor het Nieuwe Rijngebied worden genomen. We doen dit ook in overleg met de inspreker.
4d.
Uitbreiding marktterrein De voorkeur om de markt uit te breiden met een extra lus (omgeving Stille Rijn – Aalmarkt) snapt de inspreker. Echter wil de inspreker hierbij wel melden dat de extra lus voor nieuwe marktondernemers van andere branches moet zijn, om de diversiteit op de markt te bevorderen. Tevens wil de inspreker dat de markt echt de markt blijft. Het liefst niet met terrassen e.d. tussen de marktkramen.
Wij willen een uitbreiding van de markt met een extra lus samen met alle belanghebbenden vormgeven. Uitgangspunt is dat horeca, retail en markt elkaar in het Nieuwe Rijngebied kunnen versterken zodat het een positieve uitwerking heeft op alle stakeholders. De overwegingen die de inspreker meegeeft zullen we hierbij betrekken.
Geen gevolgen.
4e.
Vernieuwing markregels Op welk termijn worden de marktregels vernieuwd? Graag wil de inspreker tijdig op de hoogte worden gebracht als de huidige marktregels worden geëvalueerd en de nieuwe marktregels ingaan. De inspreker wil hierbij actief betrokken worden.
Wij hebben het voornemen om de vernieuwing van de marktregels in 2022 op te pakken. Dit zullen wij doen in overleg met de adviescommissie ambulante handel. Het advies van de adviescommissie ambulante handel zal meegenomen worden bij de besluitvorming.
Geen gevolgen.
4f.
Overige De inspreker pleit ervoor om een marktmeester te hebben. Sinds de marktmeester weg is ervaart de inspreker veel problemen op de markt. Door een vaste marktmeester te hebben is de inspreker ervan overtuigd dat de problemen minder zullen zijn en/of sneller opgelost kunnen worden.
De traditionele marktmeestersfunctie is afgeschaft om een Geen gevolgen. onderscheid te maken tussen de vergunningverlening en de handhaving. In de conceptnota Warenmarkt- en retailbeleid Leiden 2021 is opgenomen dat onderzocht wordt of capaciteit kan worden gereserveerd voor een onafhankelijke gebiedsmanager die de belangen van alle functies in het Nieuwe Rijngebied bij elkaar brengt. De gebiedsmanager zorgt voor een goed functioneren van warenmarkt, retail en horeca. Voorbeelden
Wij zullen de inspreker betrekken bij een herinrichtingsplan.
hiervan zijn het begeleiden van praktische oplossingen voor het functioneren van de markt en het begeleiden van de uitbreiding van het marktgebied. Bij het onderzoek dient onder andere aandacht te zijn voor de reikwijdte en het mandaat van de functie. Vergunningverlening en handhaving zal niet tot het mandaat van de gebiedsmanager behoren. 5.
Graag ziet de inspreker een marktmanager die dicht bij de markt staat, verstand heeft van de marktregels en ook bevoegd is om te handhaven. Zelf is de inspreker er voor om voor de drie (markt, horeca en winkels) verschillende soorten ondernemers een eigen manager aan te stellen. Deze kunnen dan weer met elkaar sparren over de eventuele hindernissen.
In de conceptnota Warenmarkt- en retailbeleid Leiden 2021 is opgenomen dat er onderzoek wordt gedaan of het aanstellen van een gebiedsmanager voor het marktgebied wenselijk is en wat de beste invulling hiervan is. Dit om alle belanghebbenden (onder andere markt, horeca en winkels) bij elkaar te brengen en samen te werken aan een toekomstbestendig gebied.
Geen gevolgen.
6.
In het retailbeleid is opgenomen dat bestaande periferiedetail aansluiting moet zoeken bij een van de bestaande clusters, indien dat niet lukt, dat men op de bestaande locatie moet blijven. Voor bouwmarkten stelt de inspreker voor op te nemen dat als aansluiting op bestaande clusters niet mogelijk is, er toch altijd de mogelijkheid moet kunnen zijn om op een nieuwe locatie verder te "winkelen". Perifere detailhandel is volgens de inspreker een wezenlijk onderdeel van het geheel van aanbod om aantrekkelijk zijn als winkelstad. Een Bouwmarkt is een lokale voorziening, voor Leiden is de Rijneke Boulevard, Woon of de Baanderij volgens de inspreker te ver uit het bereik. Helaas is de Lammenschansweg als locatie uit beeld verdwenen, maar deze vorige visie sluit wel beter aan bij de behoefte van de consument.
In tegenstelling tot woon- en meubelwinkels zijn bouwmarkten en Geen gevolgen. tuincentra in principe toegestaan buiten de bestaande winkelgebieden, mits daar ruimte kan worden gevonden en de vestiging van een bouwmarkt past binnen het geldende bestemmingsplan.
7a.
Het feit dat het uitvoeringsprogramma wordt voortgezet steunt de inspreker van harte. De uitdagingen zijn zo groot dat het niet alleen bij mooie worden kan blijven. Daarom is de inspreker bereid uren in te zetten voor de realisatie daarvan en op basis van cofinanciering mee te investeren in het uitvoeringsprogramma.
Ook wij vinden dat een goede en tijdige uitvoering van de plannen Geen gevolgen. belangrijk is. Wij gaan graag met de inspreker het gesprek aan over de realisatie daarvan, inclusief eventuele cofinanciering.
7b.
Voordat de inspreker concreet op de conceptnota Wij erkennen de uitdagingen voor binnensteden die de inspreker Warenmarkt- en retailbeleid reageert, beschrijft de beschrijft en zullen dit benadrukken in de inleiding van de inspreker eerst wat in zijn ogen de belangrijkste uitdagingen conceptnota. voor binnensteden zijn. Dit doet de inspreker omdat in de inleiding deze slechts summier worden beschreven. De inspreker vindt dat het verstandig is om dit uitgebreider te doen, omdat de urgentie veel groter is dan nu uit het beleid naar voren komt. De komende jaren zijn cruciaal voor veel binnensteden. Het is erop of eronder. Een duidelijke visie, concrete plannen en een uitstekende samenwerking is noodzakelijk.
In de inleiding wordt nader ingegaan op de uitdagingen voor de binnenstad van Leiden.
7c.
Investeren in de huiskamer van de stad en regio De Leidse binnenstad is volgens de inspreker de huiskamer van de regio voor niet-dagelijkse boodschappen, publieke voorzieningen, kwaliteitshoreca en culturele evenementen. Dat vinden niet alleen de ondernemers van de binnenstad, dat staat ook zo benoemd in de Omgevingsvisie 2040. Deze rol wordt in deze notitie volgens de inspreker echter slechts summier benoemd. Ook zijn er weinig aanknopingspunten te vinden op welke wijze het college deze rol wil invullen. De inspreker stelt daarom voor om die rol uitgebreider te beschrijven en daarbij richting te geven hoe deze de komende jaren kan worden versterkt. De inspreker denkt bijvoorbeeld aan het langjarig doorgaan met de regionale winkelcampagne (Trakteer jezelf op
In hoofdstuk 2 wordt een alinea toegevoegd die ingaat op het investeren in de huiskamer van de stad en regio.
Wij zijn het met de inspreker eens dat de Leidse binnenstad de huiskamer van de regio is en dat het van belang is deze rol in de komende tijd te blijven versterken. Wij betrekken dit bij de evaluatie van het uitvoeringsplan van de huidige winkelvisie en het formuleren van een uitvoeringsplan voor de conceptnota Warenmarkt en retailbeleid Leiden 2021.
Leiden) en de koop lokaal-beweging (Liever in Leiden). En daarnaast aan het blijven investeren in een betere bereikbaarheid voor alle vormen van vervoer. De inspreker stelt voor dergelijke voornemens op te nemen in het uitvoeringsprogramma. 7d.
Kansen pakken die er zijn: investeren in het onderscheidende karakter Omdat het pure shoppen steeds minder populair wordt, en als men dat toch wil, men vaker naar shopping malls zal gaan, is het volgens de inspreker van belang om te investeren in het onderscheidende karakter van de Leidse binnenstad. Zoals gezegd heeft Leiden daarin een goede uitgangspositie vanwege de mix aan functies, maar dat betekent volgens inspreker niet dat we genoegzaam achterover kunnen leunen in de ‘strijd’ om de consument. In tegendeel, Leiden zal moeten blijven investeren in het specifieke karakter van de binnenstad en de kansen pakken die voor het oprapen liggen. Inspreker stelt daarom voor om samen op zoek te gaan naar bijzondere ondernemers en concepten. En deze de ruimte te geven om te ondernemen door bepaalde regels minder strikt toe te passen. De inspreker denkt dan in eerste instantie aan het percentage horeca in blurringconcepten (onderzoek naar mogelijkheden van een groter percentage horeca), het bestemming technisch mogelijk maken voor ambachten om te produceren in de binnenstad (onderzoek naar beklemmende milieurichtlijnen), het loslaten van bepaalde regels en eisen waardoor winkelpanden en winkelstraten toekomst vast worden (denk aan stadsschoon- en erfgoedregels die de vindbaarheid van stegen blokkeren of winkelpanden ongeschikt maken voor een gezonde exploitatie) en wonen
Op zoek naar bijzondere ondernemers en vernieuwende concepten Geen gevolgen. Hiervoor is de vestigingsadviseur van Centrummanagement in de lead, waarbij periodiek afstemming plaatsvindt met de accountmanagers. Vanzelfsprekend blijven we in gesprek met de vestigingsmanager over (vernieuwende) concepten in de binnenstad. Minder strikt toepassen van regels - Blurring: In de door de gemeenteraad vastgestelde horecavisie (vastgesteld in 2020) is het gemeentelijke beleid voor blurringconcepten met horeca weergegeven. Dit heeft in goede afstemming met de reguliere horeca plaatsgevonden. Bij de tussentijdse evaluatie van de horecavisie wordt de werking hiervan onderzocht. Vooralsnog zien we geen aanleiding om het percentage te verhogen. - Mogelijk maken produceren ambachten: voor panden met een Gemengde Doeleinden 1 bestemming (GD1 bestemming) is het voor dit type kleinschalige bedrijvigheid al mogelijk zich te vestigen. Voor panden met een Gemengde Doeleinden 2 bestemming (GD2 bestemming) of centrumbestemming zal in verband met een goede ruimtelijke ordening een afweging worden gemaakt. Deze afweging wordt per aanvraag gemaakt, waarbij bijvoorbeeld de impact van geluid- en geuroverlast zal worden onderzocht. - Loslaten regels en eisen: wij gaan graag per thema in gesprek om de mogelijkheden te verkennen.
Ook wij vinden dat de doorlooptijden voor vergunningen zo kort mogelijk moet zijn.
boven winkels (onderzoek naar mogelijkheden wonen boven winkels zonder aparte opgang). Tenslotte is het volgens inspreker noodzakelijk dat doorlooptijden voor vergunningsaanvragen korter worden. Ook hier wil de inspreker onderzoek naar doen. Al deze onderzoeken wil de inspreker opnemen in het uitvoeringsprogramma. 7e.
We verlenen de vergunningen binnen de wettelijke termijn. Als dit mogelijk is hanteren we een kortere doorlooptijd.
Ontwikkeling van een nieuw onderscheidend gebied langs de Wij danken de inspreker voor de steun om het gebied economisch Geen gevolgen. Rijn te ontwikkelen. Het gebied langs de Rijn bij de Aalmarkt, Nieuwe Rijn en Apothekersdijk heeft volgens inspreker alles in zich om zich te komende jaren te ontwikkelen tot een aantrekkelijk nieuw verblijfsgebied. In potentie kan dit gebied uitgroeien tot een nieuwe hotspot met dezelfde sfeer en uitstraling als langs de Nieuwe Rijn en Botermarkt. Inspreker steunt daarom van harte het voornemen van het college om dit gebied economisch te ontwikkelen, iets dat de gemeente ook al heeft gedaan in het recent vastgestelde horecabeleid. Behalve de locatie langs het water is dit ook de plek waar de twee belangrijkste winkelstraten, de Breestraat en Haarlemmerstraat, het dichtst bij elkaar liggen. Door de activering van dit gebied in combinatie met het aantrekkelijker maken van de Catharinasteeg en Vrouwensteeg kan er zo een betere verbinding ontstaan tussen de Breestraat en Haarlemmerstraat. Dit draagt volgens de inspreker bij aan de compactheid van de Leidse binnenstad. Inspreker denkt verder dat een vergrote zaterdagmarkt op de Aalmarkt en Stille Rijn, waardoor er een extra achtje op de markt ontstaat, zal bijdragen aan meer publiek in dit deel van de binnenstad.
Hierdoor zal dit gebied voor ondernemers nog aantrekkelijker worden om te ondernemen en kan de Aalmarkt en Catharinasteeg een
volgende stap maken in haar ontwikkeling. Iets dat in de ogen van de inspreker noodzakelijk is, omdat wij anders geen stap vooruit maar achteruit voorzien. 7f.
De ontwikkeling van een stegen- en bronpuntenstrategie Nog niet alle stegen functioneren volgens de inspreker zoals het zou moeten. Zo is de Catharinasteeg vooral een fietspad in plaats van een gezellige winkelsteeg. Hetzelfde geldt voor enkele bronpunten. Daarom stelt de inspreker voor om gezamenlijk (ondernemers, vastgoedeigenaren, gemeente, CML) een stegen- en bronpuntenstrategie te ontwikkelen voor die stegen en bronpunten die dat nodig hebben. De inspreker wil daarbij zoveel mogelijk aansluiten bij de ambities die al gesteld zijn. Met een dergelijk strategie kunnen we de compactheid van het winkelgebied, de bereikbaarheid, de gastvrijheid en het onderscheidende karakter van Leiden verbeteren. Onderwerpen als vindbaarheid, signing, aankleding van stegen, bestrating, informatievoorziening en prettige looproutes zijn onderwerpen die we daarbij graag bespreken. Voor de stegenstrategie denkt de inspreker aan de Pieterskerk-Choorsteeg, de Catharinasteeg, de Diefsteeg en de Vrouwensteeg. Voor de bronpuntenstrategie denken wij aan het Pelikaanplein, de Sint-Jorissteeg, de entree van de stad (Stationsweg, Steenstraat, Beestenmarkt) en de Lammermarkt (Turfmarkt, Prinsessekade en KortRapenburg). De inspreker geeft aan open te staan om de precieze stegen en bronpunten samen te bepalen.
Wij onderschrijven de opvatting van de inspreker dat de stegen en bronpunten van belang zijn voor de totaalbeleving van de binnenstad van Leiden en gaan graag het gesprek aan over het opstellen van een actieplan voor het verbinden van stegen – en bronpunten binnen de mogelijkheden die er zijn. Hierbij dienen belanghebbenden in de stad en andere disciplines integraal bij betrokken te worden. Per steeg worden de mogelijke acties en de financieringsmogelijkheden afgewogen. Deze afweging vindt ook plaats bij de bronpuntenstrategie.
We nemen het voornemen tot het opstellen van een actieplan stegen en bronpunten op in de nota.
7g.
Investeer in de warenmarkt De Leidse zaterdagmarkt is volgens de inspreker uniek door haar enkelzijdige karakter (de kramen staan slechts aan één zijde) en haar ligging langs het water. Maar ook hier
De prioriteit ligt bij het benutten van de quickwins en het aanpakken van de knelpunten voor de weekmarkt. Hierbij dient integraal te worden gekeken naar de inrichting van het gebied, waarbij de horeca- en retailfuncties worden betrokken. Op die
Geen gevolgen.
7h.
betekent dat volgens de inspreker niet dat we achterover kunnen leunen. Stilstand is volgens de inspreker achteruitgang en mede door corona, maar ook door het gebrek aan opvolging, zijn volgens de inspreker recent enkele kramen gestopt. Om de kwaliteit van de Leidse markt hoog te houden is het volgens de inspreker verstandig om te investeren in de markt. Denk daarbij aan het aantrekken van nieuwe kramen in sectoren die niet (meer) vertegenwoordigd zijn of die versterking behoeven. Wij denken dat het verstandig is om actief aan acquisitie te doen. Indien de gemeente het wenst en de gemeente er met de inspreker financieel uitkomt, is de inspreker bereid om die taak op zich te nemen. Hiervoor dienen volgens de inspreker overigens wel de huidige marktregels voor het toetreden van nieuwe marktkooplui aangepast te worden. Ook dit idee zou volgens de inspreker kunnen landen het uitvoeringsprogramma. Ook denkt de inspreker dat de markt beter vermarkt kan worden. Hiervoor zal volgens de inspreker de huidige marketing van de markt verder geprofessionaliseerd moeten worden. Een mogelijkheid zou zijn om deze onder te brengen in de Trakteer jezelf op Leiden-campagne. Mocht de gemeente dit een interessant idee vinden, dan gaat de inspreker hierover graag met de gemeente in gesprek.
manier creëren we zicht op de wenselijkheid van nieuwe kramen en waar deze kunnen worden gesitueerd. Actieve acquisitie is daarom wat ons betreft op korte termijn niet aan de orde, maar kan een vervolgstap zijn. Bij het benutten van de quickwins dient de mogelijkheid tot het voeren van acquisitie in de toekomst integraal meegenomen te worden.
Oplossen knelpunten zaterdagmarkt De inspreker sluit zich aan bij het voornemen om enkele knelpunten van de warenmarkt op het gebied van veiligheid en drukte aan te pakken. Met name aan het ruimtegebrek veroorzaakt door drukte, de geparkeerde busjes achter kramen en de steeds groter wordende uitstallingen, moet snel iets gedaan worden. Consequente en strikte handhaving is daarbij absolute voorwaarde net als het
Wij zijn het met de inspreker eens dat het aanpakken van de Geen gevolgen. knelpunten van de warenmarkt van belang is. Wij zijn het ook eens met het geschetste profiel en de beoogde activiteiten van de gebiedsmanager en betrekken de inspreker graag bij het onderzoek naar een gebiedsmanager. Uitgangspunt is dat de zaterdagmarkt op de huidige locatie blijft. Wij betrekken de inspreker graag actief bij het inventariseren van
De marketing van de warenmarkten wordt uitgevoerd door de Stichting Marktpromotie Leiden. De gemeente speelt hierin een faciliterende rol. Wij willen de inspreker in contact brengen met de Stichting Marktpromotie Leiden om te onderzoeken of samenwerking gewenst is.
opnieuw opstellen van de marktregels. Ook krijgt de de (praktische) mogelijkheden tot het uitbreiden van de inspreker signalen dat handhavers niet weten hoe de weekmarkt richting Aalmarkt en Stille Rijn. regelgeving precies in elkaar zit. De inspreker denkt dat nieuwe regels daarom gepaard moeten gaan met goede voorlichting voor de marktkooplui maar zeker ook de handhavers. De aangekondigde gebiedsmanager kan daarbij volgens de inspreker helpen. Het is echter essentieel dat deze vanuit een integraal gebiedsperspectief naar de knelpunten kijkt en een hands on mentaliteit heeft. Daarnaast zal deze gemakkelijk benaderbaar moeten zijn, ook tijdens de opbouw van de markt. Vanzelfsprekend denkt de inspreker graag mee over de precieze opdracht van de gebiedsmanager. Wat de inspreker betreft is de verhuizing van de zaterdagmarkt naar een andere plek niet aan de orde. Sterker nog: de warenmarkt verplaatsen naar een plein in de binnenstad doet volgens de inspreker meer kwaad dan goed, omdat daarmee het onderscheidende karakter van een enkelzijde markt wordt losgelaten. Wel denkt de inspreker dat een uitbreiding van de markt richting Aalmarkt en Stille Rijn kan meehelpen om het ruimteprobleem op te lossen waardoor markt en terrassen elkaar verder kunnen versterken. Met een dergelijke uitbreiding wordt tevens tegenmoet gekomen aan een oude wens van de gemeenteraad.
De inspreker stelt voor om hier enkele slimme ondersteuningsmaatregelen voor te bedenken. Denk bijvoorbeeld aan het tijdelijk niet heffen van stagelden en extra promotie. Dergelijke maatregelen kunnen wat de inspreker betreft landen in het uitvoeringsprogramma. In het beleid staat dat voor het oplossen van de knelpunten op de markt de gemeente in overleg zal treden met de marktcommissie. Als belangenvertegenwoordiger van alle ondernemers van de binnenstad en als organisatie die
integraal naar de binnenstad kijkt, wil de inspreker hier graag actief bij betrokken worden. Hetzelfde geldt voor de mogelijke uitbreiding van het marktgebied. 7i.
Aanpassingen plattegrond sfeergebieden De inspreker stelt voor de kaart met de sfeergebieden op enkele punten aan te passen. Deze voorgestelde aanpassingen hebben volgens de inspreker weinig tot geen impact op de toegestane mogelijkheden, maar geven in de ogen van de inspreker de juiste waardering aan ondernemers die in die straten en stegen hun bedrijf hebben. Zo hebben de Nieuwstraat en de Nieuwe Rijn aan de kant van de Hooigracht veel meer de uitstraling van zwerfmilieu dan van gemengd milieu. Op de begane grond wordt zo goed als niet gewoond, deze twee straten kennen bijna geen leegstand, zeker niet langdurige, en zij sluiten perfect aan op de rest van het Leidse zwerfmilieu langs de Rijn. Inspreker stelt daarom voor deze straten onder het zwerfmilieu op te nemen. Ook stelt de inspreker voor om de Langebrug tussen Diefsteeg en Wolsteeg op te nemen in het zwerfmilieu. In dit deel zitten verschillende nu nog verstopte winkels, maar de inspreker denkt dat de ambities aangaande de autoluwe binnenstad deze winkels, maar bijvoorbeeld ook Young Rembrandt Studio, beter vindbaar zullen maken. Daarnaast mist de inspreker de nieuwe HOV bronpunten Pelikaanplein en Sint Jorissteeg in het kaartje. Vanaf 2022 zullen daar alle regionale bussen stoppen die via de Centrumroute naar het station rijden. De inspreker stelt voor om deze twee pleinen als entreegebied op te nemen.
Tenslotte stelt de inspreker voor om ook de Hooglandse Kerksteeg op te nemen als zwerfmilieu. Ook dit kleine straatje zit vol met lokale winkels.
Nieuwstraat en de Nieuwe Rijn aan de kant van de Hooigracht Deze straten hebben op dit moment geen leegstand, daarom is het op dit moment niet noodzakelijk om de economische functies te verruimen. Wij vinden het van belang om per aanvraag te kunnen afwegen of de betreffende aanvraag gewenst is. Langebrug tussen Diefsteeg en Wolsteeg De meeste panden in dit gebied hebben reeds een bestemmingsmogelijkheid detailhandel. Door het opnemen van deze straat in de winkelstructuur menen wij genoeg aandacht te hebben gegeven aan de mogelijkheid om ook hier winkels te vestigen. Omdat hier vrijwel geen leegstand is en er zich veel woningen bevinden, zien we nu geen noodzaak om de economische functies van dit gebied middels het benoemen tot zwerfmilieu te verruimen. ‘Pelikaanplein’ en Sint Jorissteeg We voegen het plein op de kruising Pelikaanstraat, Haarlemmerstraat en de Sint Jorissteeg toe als bronpunt op het kaartje. Wij vinden het karakter van deze twee gebieden niet passen bij het karakter van het entreegebied. Hooglandse Kerksteeg Wij zijn het met de inspreker eens dat het van meerwaarde is om de Hooglandse kerksteeg op te nemen in de winkelstructuur van de binnenstad. We willen het winkelkarakter van deze steeg echter behouden, vandaar dat we een verruiming van de functies niet willen toestaan. We betrekken de Hooglandse Kerksteeg bij het gemengd milieu.
De Hooglandse Kerksteeg wordt betrokken bij het gemend milieu van de binnenstad. Twee bronpunten worden toegevoegd aan de kaart.
7j.
7k.
Impuls geven aan de Haarlemmerstraat-Oost In de Haarlemmerstraat-Oost is de afgelopen jaren door gemeente en Centrummanagement veel aandacht en energie gestoken. Met succes. De leegstand is er fors gedaald en er zijn verschillende leuke concepten geland. De inspreker denkt echter dat dit deel van de Haarlemmerstraat nog meer positieve stappen kan maken. Het voornemen om te kijken of het mogelijk is om het aantal vierkante meters detailhandelsoppervlakte daar te reduceren, wordt door de inspreker gesteund. Daarbij is het voor de inspreker essentieel dat op de begane grond van de Haarlemmerstraat winkelruimtes blijven. Tegen het transformeren van magazijnen achter en boven winkels in bijvoorbeeld appartementen heeft de inspreker geen bezwaar. Wel doet de inspreker de suggestie dat als dit mogelijk wordt gemaakt aan de eigenaar de verplichting wordt opgelegd om de winkelgevel op te knappen. Het gebied wordt hierdoor aantrekkelijk voor ondernemers om zich er te vestigen en voor publiek om er te lopen. De inspreker gaat hierover graag met de gemeente in gesprek bij de actualisatie van het uitvoeringsprogramma. Voor deze transformatie is het verder van belang dat de huidige subsidiemogelijkheden voor wonen boven winkels en de restauratie van historische winkelgevels behouden blijven. Kan de gemeente dit bevestigen?
Reductie vierkante meters detailhandel: De idee is inderdaad om op de begane grond winkelruimtes te behouden, waarbij achter de winkel een transformatie kan plaatsvinden.
Geen gevolgen.
Ondernemers helpen met de platformeconomie Mede door corona heeft online shoppen, bestellen en reserveren via platforms een enorme vlucht genomen. Achter deze nieuwe platformbedrijven gaan meestal grote internationale multinationals schuil met een enorme financiële slagkracht, grote marketingmachines en de
Wij onderschrijven het belang om lokale (kleinere) winkeliers te Geen gevolgen. ondersteunen in het implementeren van een multichannel strategie. Wij gaan hierover graag het gesprek aan bij de evaluatie van het huidige uitvoeringsplan van de winkelnota.
Wij zijn het met de inspreker eens dat het wenselijk is dat de winkelgevels worden opgeknapt. Dit is echter geen rechtsgeldige grond om een vergunning af te wijzen. Een verplichting kan dan ook niet worden opgelegd. Wel kunnen wel het opknappen van winkelpuien stimuleren en onder de aandacht brengen bij initiatiefnemers. We gaan graag in gesprek om te inventariseren wat hiervoor de mogelijkheden zijn. De huidige subsidiemogelijkheden voor de restauratie van winkelpuien blijft inderdaad gelden.
allerlaatste technologie, waardoor ze lage kosten hebben en zeer goed vindbaar zijn op het internet. Lokale ondernemers kunnen – uitzonderingen daargelaten – in hun eentje niet op tegen deze multinationals. Kenmerkend aan deze platformeconomieën is dat in een korte periode een aantal partijen zeer dominant worden. Zo dominant dat ze direct impact hebben op het verdienmodel van de kleine ondernemer. Denk bijvoorbeeld aan commissies die regelmatig verhoogd worden en die een ondernemer wel bijna moet betalen, want door de dominante positie zijn er vaak geen alternatieven. En als klap op de vuurpijl hanteren verschillende van deze platformen zeer agressieve tactieken om concurrenten uit de markt te duwen. Goede voorlichting, zodat lokale ondernemers verstandige keuzes kunnen maken en samenwerking met andere kleine ondernemers waarbij het platform in eigen handen blijft, zijn in de ogen van de inspreker twee mogelijke antwoorden op deze ontwikkeling. Met Liever in Leiden (de Leidse Koop Lokaal-beweging met bijbehorend platform) en speciale Kennis&Kunde-workshops, willen wij de komende jaren de ondernemers van de Leidse binnenstad hierbij ondersteunen. De inspreker wil graag bij de samenstelling van het uitvoeringsprogramma bespreken op welke wijze de inspreker hierin met de gemeente kan samenwerken. 7l.
Het verblijfsklimaat beschermen tegen overlast gevende formules In de afgelopen jaren zijn er verschillende nieuwe formules ontwikkeld die misschien goed zijn voor de portemonnee van de ondernemer, maar niet voor het verblijfsklimaat van het winkelgebied. Voorbeelden zijn ‘winkels’ voor fietskoeriers en ‘winkels’ voor supermarkten die binnen 10
Wij willen de ‘nieuwe formules’ in principe niet toestaan binnen de straten die zijn opgenomen in de winkelstructuur van de binnenstad omdat deze formules onvoldoende bijdragen aan het karakter van de sfeergebieden binnen de winkelstructuur van de binnenstad. Binnen het kernwinkelgebied hebben de panden een Centrumbestemming. Op grond hiervan willen we dit soort formules uit het kernwinkelgebied weren. Voor de panden met
Geen gevolgen.
7m.
minuten boodschappen thuis afleveren. In werkelijkheid zijn dit geen winkels, maar magazijnen en opslagruimtes. Ze worden daarom ook darkstores genoemd. Omdat dit soort winkels een grote negatieve impact hebben op het verblijfsklimaat, stelt de inspreker voor om deze niet toe te staan in alle straten en stegen die op de kaart met de sfeergebieden staan ingetekend. De inspreker is benieuwd hoe de gemeente hier tegenaan kijkt.
een Gemengde Doeleinden 1 (GD1 bestemming), veelal gelegen in de andere sfeergebieden en buiten de kernwinkelstructuur van de binnenstad, wordt per aanvraag een afweging gemaakt. Hierbij wordt gekeken of er sprake is van een goede ruimtelijke ordening (zoals geur- en geluidshinder en overlast in de openbare ruimte, bijvoorbeeld het plaatsen van fietsen en dergelijke).
Inzetten op een nog betere samenwerking Alleen door goed samen te werken met alle stakeholders van de binnenstad, kunnen de uitdagingen effectief worden aangepakt. De inspreker blijft daarom graag de komende jaren intensief samenwerken met de gemeente en de overige stakeholders. De inspreker denkt wel dat er nog een aantal stappen te maken zijn. Eén van die stappen is een betere communicatie tussen ondernemers onderling. Dit wil de inspreker doen door gebruik te maken van veel gebruikte communicatiemiddelen. Zo is de inspreker inmiddels bezig om verschillende appgroepen in de binnenstad op te zetten. De eerste resultaten daarvan zijn volgens de inspreker veel belovend. Hiermee wil de inspreker doorgaan. Bij een andere verbeterslag heeft de inspreker de hulp van de gemeente nodig. Want hoewel de contacten met lokale vastgoedeigenaren zeer goed zijn, is de afstand tot veel landelijke vastgoedpartijen groot. Hierdoor is het lastig om samen ergens de schouders onder te zetten. Denk dan aan leegstandsbestrijding of het opstellen van een stegenstrategie. De inspreker stelt daarom voor om samen een regulier bestuurlijk overleg met landelijke vastgoedpartijen op te zetten naast het bestaande lokale
Wij gaan graag met de vestigingsadviseur in gesprek om te inventariseren waar de vestigingsadviseur tegenaan loopt in het contact met de landelijke vastgoedeigenaren die in Leiden actief zijn. Wij zijn bereid het gesprek aan te gaan over de voortzetting van het KVO.
Geen gevolgen.
vastgoedoverleg. Wij is de inspreker benieuwd wat de gemeente hier van vindt. Daarnaast bestaat sinds vele jaren het Keurmerk Veilig Ondernemen-overleg (KVO). In dit overleg zitten ondernemers van de binnenstad, Stedelijk beheer en verschillende veiligheidsdiensten. Viermaal per jaar houden zij een schouw in de binnenstad waarvoor ook de bewonersverenigingen van de binnenstad worden uitgenodigd en waarbij gekeken wordt of deze nog schoon, heel en veilig is. De meerwaarde van het KVO is onomstreden: de Leidse binnenstad is een van de weinige binnensteden die een Gouden Ster heeft van het landelijke KVO. Graag gaat de inspreker bij de actualisatie in gesprek over de voortzetting van het KVO. Het voornemen om door te gaan met het Aanjaagteam en de vestigingsadviseur steunt de inspreker van harte. Beide zijn belangrijke spelers om verschillende ambities uit deze nota te realiseren. Tenslotte is de inspreker van plan om de ondernemers langs de Stationsweg, de entree van de binnenstad, beter te organiseren. Zeker nu er de komende jaren veel te gebeuren staat in dat gebied, is dat noodzakelijk. 7n.
Rol vestigingsmanager bij gemeentelijk overleg over vestigingsmogelijkheden De afgelopen jaren is het regelmatig voorgekomen dat niet direct duidelijk was of een bepaalde ondernemer of concept zich mocht vestigen in een pand. Bij verschillende vraagstukken was de afgelopen jaren de vestigingsmanager van CML betrokken, vaak omdat de ondernemer zich in eerste instantie bij CML had gemeld. Binnen de gemeente is er een overleg dat zich over dit soort vraagstukken buigt. Op dit moment is de vestigingsmanager geen onderdeel van een dergelijke plaatsingscommissie. De inspreker denkt dat
Er is geen plaatsingscommissie voor dit soort vraagstukken. Bij een initiatief wordt door vergunningverlening aan alle relevante disciplines om advies gevraagd. Centrummanagement heeft een regulier overleg met de accountmanager binnenstad, waarbij de mogelijkheden worden besproken.
Geen gevolgen.
het betrekken van de vestigingsmanager bij dit overleg tot betere besluiten zal leiden. Uiteraard is het gemeente die altijd het finale besluit neemt, maar een beter vertegenwoordiging van het ondernemersbelang zal er voor zorgen dat besluiten nog evenwichtiger zijn. De inspreker hoort graag of dit mogelijk is. 7o.
Duidelijkheid over sfeerverlichting Er is een verlichtingsplan in concept opgesteld. Dit plan wordt De verkopen in de decembermaand zijn van zeer groot separaat vastgesteld. belang voor ondernemers. Soms verdienen zij in deze maand 40% van hun totale inkomen. Om mensen naar de binnenstad te trekken is het van belang dat deze tijdens de donkere dagen sfeervol is. Sfeerverlichting is daarin van groot belang naast de evenementen van bijvoorbeeld de WinterWonderWeken. De inspreker wil graag investeren in nieuwe duurzame sfeerverlichting passend binnen het gemeentelijke illuminatiebeleid. De inspreker denkt echter dat een actualisatie van de locaties waar sfeerverlichting mag hangen, nodig is. De inspreker stelt daarbij voor om dit beleid waar mogelijk af te stemmen op de kaart met sfeergebieden in de nota. Op die manier is het mogelijk om verantwoord te kunnen investeren in de sfeerverlichting. De inspreker hoopt dat de gemeente de gevraagde duidelijkheid kan geven.
8a.
Het rapport verwijst naar korte en lange termijn oplossingen en de inspreker zien als betrokkenen de volgende mogelijkheden. Op de korte termijn kan door een paar simpele maatregelen al veel ruimte gewonnen worden. 1. Strikte regels voor de uitstallingen. Geen uitstallingen voor de kramen plaatsen, geen statafels, bakken, kisten enz.
Geen gevolgen.
Strikte regels voor de uitstallingen: Geen gevolgen. Ook wij zijn van mening dat strikte regels noodzakelijk zijn. De openbare orde en veiligheid in het Nieuwe Rijngebied komt op dit moment regelmatig in het gedrang. Wij denken hierbij met name aan routes voor hulpdiensten. Wij gaan graag in gesprek om te inventariseren wat er nodig is om deze knelpunten op te lossen.
Dit zal onmiddellijk ruimte bieden zodat er voor de consument bredere paden beschikbaar zijn om te lopen. 2. Een vaste marktmanager, marktmeester of boa voor de markt. Iemand die de hele dag aanwezig is en precies weet hoe een markt werkt en aangestuurd moet worden. Controleert, zorgt voor strikte handhaving, begeleid ondernemers en zorgt voor een prettige marktsfeer. 3. Geen onnodige voertuigen op de markt. Door professionalisering van de ambulante handel investeren de ondernemers steeds meer in mooier en groter materieel waarmee ze naar de markt komen. Dit moet goed begeleid worden en dit materieel moet wel binnen de vergunde meesters geplaatst worden. De handkarren van vroeger zijn verleden tijd. 8b.
Middellange termijn: 1. Voor een diverse markt is volgens de insprekers een goede branchering van belang. Dit zou jaarlijks geëvalueerd moeten worden of de markt op weg is naar het gewenste eindresultaat 2. Het aantrekken van aanvullende branches die de diversiteit verhogen 3. Huidige marktregels herijken en daar waar nodig aanpassen. Kijken naar de mogelijkheden en niet de onmogelijkheden. 4. In kaart brengen wat de gevolgen voor de ambulante handel in Leiden zijn op de dossiers Schaarse vergunningen en Zero-emissie en hoe kunnen dit zo goed mogelijk inpasbaar kan worden gemaakt.
Gebiedsmanager: In de conceptnota Warenmarkt- en retailbeleid Leiden 2021 is opgenomen dat een onderzoek volgt naar (de mogelijkheden tot) het aanstellen van een gebiedsmanager en wat hierin een passende vorm is. Onnodige voertuigen op de markt: Wij willen op korte termijn samen met de adviescommissie ambulante handel en ondernemers in het Nieuwe Rijngebied aan de slag gaan om knelpunten voor dit gebied aan te pakken. Het tegengaan van onnodige voertuigen op de markt maakt hier onderdeel van uit.
Het herijken van de marktregels, onder andere de Geen gevolgen. marktverordening (aandachtspunt 3) zien we als prioriteit voor de korte termijn. Het opzetten van een goede branchering en het aantrekken van aanvullende branches (aandachtspunt 1 en 2) zien we inderdaad als mogelijkheid voor de middellange tot lange termijn. Schaarse vergunningen en Zero-emissie zullen in een later stadium aan de orde komen.
8c.
Lange termijn: 1. Mogelijke uitbreiding van de markt. Dit is volgens de insprekers een precair onderwerp omdat goed moet worden gerealiseerd wat haalbaar is. Een volledig nieuw “Achtje” toevoegen zal volgens de insprekers niet haalbaar zijn. Voor de markt is de locatie belangrijk en een uitgetrokken en te lange markt is voor de consument niet aantrekkelijk. Enige uitbreiding is mogelijk maar wel met een goede aansluiting aan de huidige markt.
Wij vinden het belangrijk dat de huidige knelpunten van de markt, Geen gevolgen. bijvoorbeeld de doorstroom van bezoekers, wordt aangepakt. Hiervoor willen we samen met de (weekmarkt)ondernemers aan de slag om knelpunten die op korte termijn kunnen worden ingevoerd te inventariseren en uit te voeren. Op meer lange termijn verwachten wij dat de druk op het totale gebied zo groot wordt, dat uitbreiding van de markt naar de Aalmarkt – Kippenbrug – Stille Rijn noodzakelijk is. Uiteraard willen wij dit doen in samenspraak met alle betrokkenen. Het doel hierbij is om een toekomstbestendige markt te creëren, met onder andere een goede aansluiting aan de huidige markt.
9a.
De inspreker kan zich vinden in de benoemde knelpunten op het huidige marktterrein. Het zorgen voor goede doorstroming in het middenpad is volgens de inspreker essentieel. Het is hierbij zinnig te kijken welke marktondernemers van plaats kunnen wisselen of kunnen worden opgeschoven zodat een deel van de problematiek al wordt opgelost. Het creëren van oplossingen zal het meest vruchtbaar blijken wanneer deze in overleg gaan met de horeca- en retailondernemers in de plint. Het aanpakken van de knelpunten vraagt om praktische oplossingen die haalbaar en handhaafbaar zijn. En ook worden gehandhaafd.
Wij onderschrijven de acties en aandachtspunten die de inspreker Geen gevolgen. benoemt om de knelpunten op het huidige marktterrein aan te pakken.
9b.
Op langere termijn ziet de inspreker absoluut de meerwaarde van de uitbreiding van het marktterrein. Het doel van uitbreiding van het marktterrein om de drukte van het bestaande marktterrein te spreiden en de marktondernemers, aanwezige retail en horeca meer ruimte te bieden, onderschrijft de inspreker ten
Wij onderschrijven het belang om een combinatie van markt, horeca en retail te creëren, waarbij deze functies elkaar versterken. Wij willen hierbij inzetten op een uitbreiding die het Nieuwe Rijngebied aankan.
Geen gevolgen.
zeerste. Op deze manier ontstaat een combinatie van markt, horeca, en retail waarbij deze functies elkaar versterken. Dit tevens in combinatie met het feit dat op de Apothekersdijk richting de Kippenbrug wordt ingezet op ontwikkeling tot horecagebied. Het is hierbij van belang dat in die situatie het aantal marktkramen niet aanzienlijk toeneemt. 9c.
Het aanstellen van een gebiedsmanager voor het samenbrengen van retail, markt en horeca juicht de inspreker toe, al is de inspreker wel benieuwd naar het bijbehorende mandaat. De inspreker is graag betrokken bij het vormgeven van de opdrachtstelling en -invulling van deze functie.
Wij willen het onderzoek naar een gebiedsmanager samen met de Geen gevolgen. betrokkenen in het gebied vormgeven. Wij willen de inspreker hierbij dan ook graag betrekken.
9d.
De inspreker vraagt aandacht voor de logistiek en tijden van de op- en afbouw van de markt en de handhaving hierop. Dit geldt tevens voor de bezetting van de Nieuwe Rijn met voertuigen van marktkraamondernemers tijdens de marktdagen, conform het vigerende beleid.
Wij willen op korte termijn aan de slag gaan om knelpunten van en de regelgeving op de markt aan te pakken. De aandachtspunten die de inspreker noemt, maken hier integraal onderdeel van uit.
Geen gevolgen.
9e.
Graag wordt de inspreker betrokken bij de verdere invulling en totstandkoming van het beleid, waarbij de inspreker onderschrijft dat het voor iedereen wenselijk is de gezamenlijke belangen zo goed mogelijk over het voetlicht te brengen, waarbij er naar de mening van de inspreker geen ruimte is voor heilige huisjes. Iedereen vaart volgens de inspreker wel bij een bruisende en leefbare binnenstad, iedereen zal soms water bij de wijn moeten doen. Het is zaak dit proces niet te lichtvoetig tegemoet te treden, aangezien een dergelijk veranderproces tijd, geduld en begrip vraagt van alle stakeholders.
Wij willen samen met alle belanghebbenden in het Stille Rijngebied een traject aangaan om het gebied als toekomstbestendig winkelgebied te behouden. Wij danken de inspreker voor de bereidheid om hierin samen met de gemeente op te trekken.
Geen gevolgen.
9f.
Al met al ligt er een nota voor, die door de inspreker positief is ontvangen. De inspreker dankt iedere betrokkene voor zijn/haar inzet, en stelt voor dat er een evaluatiemoment wordt ingepland, twee jaar na invoering van het beleid.
Wij danken de inspreker voor de steun voor de beleidsvoornemens die zijn weergegeven in de conceptnota Warenmarkt- en retailbeleid Leiden 2021. Wij willen een uitvoeringsplan opstellen voor een periode van drie jaar. Bij de actualisatie daarvan kan een evaluatiemoment onderdeel zijn.
Geen gevolgen.
10.
Op 19 november werd de inspreker na een gesprek met de Gemeente Leiden gewezen op de ‘conceptnota Warenmarkt- en Retailbeleid 2021’ (zaaknummer: Z/3309867). Op pagina 73 van de 'conceptnota Warenmarkt- en Retailbeleid 2021' staat: "Webshops met alleen bezorg- of afhaalconcepten vanuit magazijnen (vb. Picnic, flitsbezorgers Crisp, Gorilla’s, Getir e.d.) zijn geen retailfuncties. Deze hebben een bedrijfsmatig karakter." De inspreker wil benadrukken dat hij een dergelijke zinsnede, mede gelet op haar bedrijfsactiviteiten, onjuist vindt om de onderstaande redenen: Er bestaat jurisprudentie waaruit blijkt dat een webshop – met alleen bezorg- of afhaalconcepten vanuit een magazijn – kwalificeren als detailhandel (ECLI:NL:RBSHE:2011:BV0158). Het betreft immers het leveren van goederen aan consumenten (zie bijvoorbeeld r.o. 2.3 van ECLI:NL:RVS:2001:AB1871 en r.o. 2.15 en r.o. 2.16 van ECLI:NL:RBUTR:2001:AB1901). In de voorgaande voorbeelden betreft het een concept met enkel afhaal- en bezorgmogelijkheden. Bovendien wordt in de meeste bestemmingsplannen een ‘standaarddefinitie’ van detailhandel aangehouden en is niet bepaald dat de levering van producten ter plaatse moet geschieden (zie bijvoorbeeld r.o. 2.17 van ECLI:NL:RBUTR:2001:AB1901).
In zijn algemeenheid zijn wij van mening dat er bij betreffende concepten geen sprake is van detailhandel. Om te spreken over detailhandel dient namelijk aan een aantal voorwaarden te zijn voldaan met betrekking tot de bedrijfsvoering, zoals: - de mogelijkheid tot het ophalen van goederen op locatie; - het ter plaatse kunnen bestellen van goederen (en niet uitsluitend online); - het op gezette tijden open zijn van de shop; - het voeren van reclame (van buitenaf moet zichtbaar zijn dat er goederen worden verkocht); - er moet sprake zijn van een uitstalling van goederen; - de goederen dienen op locatie te worden geleverd.
Geen gevolgen.
Per aanvraag kan de concrete invulling van het concept verschillen. Daarom dient per aanvraag gekeken te worden naar bovengenoemde begripsomschrijving, de invulling van het betreffende concept en de jurisprudentie hierover. Indien blijkt dat er geen sprake is van volwaardige detailhandel, dient er te worden beoordeeld in hoeverre de activiteit wenselijk is op de beoogde locatie. Hierbij wordt afgewogen of er sprake is van een goede ruimtelijke ordening.
Uit de jurisprudentie blijkt dat een pick up point (afhaal) kwalificeert als detailhandel (zie bijvoorbeeld: ECLI:NL:RVS:2013:BZ7580 en ECLI:NL:RBOBR:2014:1154). De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State komt tot deze conclusie onder de volgende motivering: "Het betreft hier immers een faciliteit waar de goederen, die elders zijn besteld en afgerekend, worden geleverd aan consumenten" (r.o. 3.3 van ECLI:NL:RVS:2013:BZ7580). Verder maakt de inspreker (internationaal) gebruik van meerdere concepten. De inspreker bepaalt per locatie wat een geschikt concept is. Het is voorstelbaar dat de g-store een voor consumenten toegankelijke ruimte betreft waar mogelijk een terminal geplaatst kan worden waarop de consument de producten kan bestellen. De consument krijgt de boodschappen vervolgens vanaf een balie aangereikt. Uitgaande van een dergelijk concept ziet de inspreker zelf geen feitelijke verschillen met klassieke vormen van detailhandel. Denk bijvoorbeeld aan de Kijkshop waar consumenten in het verleden op een briefje schreven welke producten zij wilden kopen en een medewerker deze producten vervolgens uit het magazijn ging halen. Het voorbeeld betreft een concept dat toegankelijk is voor consumenten, waarbij consumenten producten ter plekke aanschaffen en deze producten direct op de locatie geleverd krijgen. 11.
Wat zijn de plannen voor de zaterdag centrummarkt?
We hebben de volgende beleidsvoornemens: - in 2022 een (herinrichtings)plan voor de weekmarkt in het centrum op te stellen om de ruimte op de huidige locatie van de weekmarkt beter te benutten;
Geen gevolgen.
- voor de periode na 2022 de uitbreiding van het marktterrein richting Aalmarkt – Kippenbrug – Stille Rijn te onderzoeken; - De marktregels te evalueren en zo nodig aan te passen; - Onderzoek te doen naar de wenselijkheid tot het aanstellen van een gebiedsmanager voor het Nieuwe Rijngebied; 12.
Inspreker geeft over de locatie van de zaterdagmarkt het volgende aan: de druk op het gebied rondom de Nieuwe Rijn is onverantwoordelijk groot. Als de periode rond corona ons als mensen iets geleerd zou moeten hebben is dat te veel mensen op een te krappe ruimte zorgt dat ziektes (of dit nu corona is of een simpele verkoudheid) zich snel kunnen verspreiden. De enorme drukte rondom de Nieuwe Rijn op marktdagen moge evident zijn. Advies: zorg voor meer ruimte, toegankelijkheid en overzicht. Het mooie is: dit kan zonder veel geld uit te geven. De markt bij Molen de Valk was een heel goed ideewant het voorzag in al deze pluspunten. Bijkomstig, het maakt de markt ook toegankelijker en vriendelijker voor introvertere mensen of zij die niet zo van grote groepen mensen houden omdat men meer afstand kan houden.
Tijdens het opstellen van deze nota is gebleken dat de meerderheid van de stadspartners de markt in het Nieuwe Rijngebied wil behouden. De druk op het gebied wordt inderdaad steeds groter. Dat is de reden dat we de knelpunten in het gebied willen aanpakken. Met betrekking tot de Coronacrisis het volgende: we hebben maatregelen genomen om de anderhalve meter afstand zoveel mogelijk te kunnen waarborgen.
Geen gevolgen.