CConstaterende datLeiden
Koppel je AI →
Document · PDF

210094 Bijlage Raadsvoorstel Tweede voortgangsrapportage 2021

raadscommissie Stedelijke Ontwikkeling 2 november 2021, gemeente LeidenBij agendapunt: RV21.0093 Programmabegroting 2022 - 2025, RV21.0094 2e Voortgangsrapportage 2021, RV21.0095 Afdoen moties 2021 II, RV21.0096 3e technische wijziging Programmabegroting 2021, RV21.0106 Eerste begrotingswijziging 2022 bestemming resultaat septembercirculaire 2021 (ca. 16.15 uur)26.363 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 3

Ondertekening Preventieakkoord Op 19 april 2021 is het lokaal preventieakkoord getekend door bijna 30 partijen. Dit akkoord richt zich op het versterken van de gezondheid van inwoners van Leiden. De focus ligt hierbij op de wijken Leiden Noord en Leiden Zuid-West. Beschermd wonen Er is een permanent tekort aan woningen, waardoor huisvesting een knelpunt blijft. Voor beschermd wonen is er een oplopende wachtlijst, hoewel er meer woningen beschikbaar zijn gekomen. Corona De coronacrisis heeft nog altijd invloed op de manier waarop de prestaties kunnen worden uitgevoerd. De werkdruk bij de Sociale Wijkteams is onverminderd hoog. Wel is er langzaam meer mogelijk in bijvoorbeeld hulp en ondersteuning op locatie (en thuis).

Beleidsrealisatie begroting 2021 | 65

3.9.1 Doelenbomen Beleidsterrein 9A Sociale binding en participatie Doel

Prestatie

9A1 Sociale binding en participatie van inwoners is hoog

9A1.1 Doen organiseren van een passend voorzieningenaanbod dat aansluit op de sociale situatie van de wijk 9A1.2 Doen organiseren van activiteiten die maatschappelijke participatie bevorderen en sociaal isolement voorkomen 9A1.3 Doen bevorderen van cliëntbetrokkenheid en publieksparticipatie op het gebied van maatschappelijke ondersteuning 9A1.4 Opdracht geven voor het uitvoeren van de vijf basisfuncties voor lokale ondersteuning van vrijwilligerswerk

Toelichting doelenboom Beleidsterrein 9A Sociale binding en participatie van inwoners is hoog Leiden inclusief Op 15 juni 2021 is het Programma Leiden Inclusief door het college vastgesteld (BW 21.0317). Onder voorbehoud van besluitvorming door de raad over de voor het programma benodigde middelen. Dit budget van € 75.000 heeft de raad met de Kaderbrief 2021-2025 beschikbaar gesteld.

Beleidsterrein 9B Preventie Doel

Prestaties

9B1 Inwoners zijn zo zelfredzaam mogelijk

9B1.1 Organiseren van een samenhangend aanbod van informatieverstrekking, advies en cliëntondersteuning

9B2 Gezondheidsproblemen worden voorkomen

9B2.1 Uitvoeren van wettelijke taken basisgezondheidszorg

9B3 Iedere Leidenaar heeft een gezonde en actieve leefstijl

9B3.1 Leidenaars hebben kennis van een gezonde en actieve leefstijl 9B3.2 Leidenaars gaan verantwoord om met genotmiddelen 9B3.3 Leidenaars hebben een gezond gewicht

Toelichting doelenboom Beleidsterrein 9B Preventie 9B1.1 Organiseren van een samenhangend aanbod van informatieverstrekking, advies en cliëntondersteuning Door corona is deze functie van Stichting MEE minder open geweest. 9B2.1 Uitvoeren van wettelijke taken basisgezondheidzorg Ondanks alle inzet op corona heeft de GGD de wettelijke basistaken kunnen uitvoeren. 9B3.2 Leidenaars gaan verantwoord om met genotmiddelen De uitvoering motie Rookvrij is vertraagd. Inmiddels is de reguliere communicatie met sportverenigingen in Leiden weer opgestart, onder meer over de gezonde sportkantine en rookvrije generatie.

66 | Beleidsrealisatie begroting 2021

Beleidsterrein 9C Ondersteuning Doel

Prestatie

9C1 Integraal zorg en ondersteuning op maat

9C1.1 Organiseren toegang zorg en welzijn door middel van sociale wijkteams

9C2 Mensen met een beperking zijn in staat zelfstandig te leven

9C2.1 Organiseren van een samenhangend en passend aanbod van algemene Wmo-voorzieningen 9C2.2 Organiseren van een samenhangend en passend aanbod van maatwerk Wmo-voorzieningen

Toelichting doelenboom Beleidsterrein 9C Ondersteuning 9C1.1. Organiseren toegang zorg en welzijn door middel van Sociale Wijkteams De druk door corona is onverminderd hoog. Van de oorspronkelijke taakstelling van € 350.000 wordt in 2021 € 100.000 gerealiseerd. Dit nadeel is betrokken bij de kaderbrief 9C2.1 Organiseren van een samenhangend en passend aanbod van algemene Wmo-voorzieningen De gesprekken met Incluzio over het organiseren van dagbesteding als vrij toegankelijke voorziening lopen. Hiermee wordt invulling gegeven aan de bijsturingsmaatregel uit 2019.

Beleidsterrein 9D Kwetsbare groepen Doel

Prestatie

9D1 Stabiele leefsituatie voor kwetsbare groepen

9D1.1 Uitvoering geven aan preventie en herstel t.a.v. verslaving en dak- en thuisloosheid 9D1.2 Uitvoering geven aan toeleiding naar zorg van mensen met verslavings- en psychiatrische problematiek en begeleiding van exgedetineerden en vreemdelingen in nood 9D1.3 Uitvoering geven aan opvang en huisvesting van kwetsbare groepen 9D1.4 Uitvoering geven aan beschermd wonen

9D2 Verminderen van (de gevolgen van) huiselijk geweld

9D2.1 Uitvoering geven aan maatregelen die het voorkómen van geweld in huiselijke kring, het stoppen van geweld en het herstel van veiligheid in het huishouden of gezin bevorderen 9D2.2 Uitvoering geven aan opvang van slachtoffers van geweld in huiselijke kring

Toelichting doelenboom Beleidsterrein 9D Kwetsbare groepen 9D1.3 Uitvoering geven aan opvang en huisvesting van kwetsbare groepen Er is een permanent tekort aan woningen. Daardoor is huisvesting van kwetsbare groepen een blijvend knelpunt. Hier is veel aandacht voor, ook vanuit landelijk beleid: met het Landelijk Actieprogramma komen er middelen vrij om huisvesting te stimuleren en zet het Rijk in op het faciliteren van een versnelde realisatie van huisvestingsplannen. In 2021 is er een tekort op de aangevraagde subsidie van de Binnenvest. De meevaller van 2020 (extra ontvangst van de Binnenvest van € 415.000) wordt gebruikt om dit tekort te dekken. 9D1.4 Uitvoering geven aan beschermd wonen De taak beschermd wonen wordt conform vastgesteld beleid en binnen de beschikbare financiële kaders uitgevoerd. Tegelijkertijd is er sprake van een oplopende wachtlijst. Deze wachtlijst heeft de volle aandacht en er wordt op verschillende manieren inzet gepleegd om de wachtlijst te verkorten. Enerzijds door de realisatie van nieuwe woon-zorg vormen, anderzijds door pilots gericht op het versterken van de ambulante ondersteuningsstructuur.

Beleidsrealisatie begroting 2021 | 67

3.9.2 Financiële afwijkingen begroting 2021 Programma 9 Maatschappelijke ondersteuning (- = voordeel)

Nummer

Onderwerp

B/L

2021

2022

2023

2024

I/S

L

80

-

-

-

I

Betreft reserve?

Indien ja, welke?

Mee- en tegenvallers 09.01

Verplaatsing Woonunits Sumatrastraat

Budgetneutrale wijzigingen 09.02

Beschermd Wonen

L

-700

-

-

-

I

09.02

Beschermd Wonen

B

700

-

-

-

I

09.03

Koplopertraject onafhankelijke cliëntondersteuning

L

-193

193

-

-

I

09.03

Koplopertraject onafhankelijke cliëntondersteuning

L

193

-

-

-

I

Ja

Reserve budgetoverheveling

09.03

Koplopertraject onafhankelijke cliëntondersteuning

B

-

-193

-

-

I

Ja

Reserve budgetoverheveling

09.04

Project Gewoon wonen

L

-100

100

-

-

I

L

100

-

-

-

I

Ja

Reserve budgetoverheveling

B

-

-100

-

-

I

Ja

Reserve budgetoverheveling

Ja

Reserve afschrijvingen investeringen

Ja

Reserve leefbaarheidsprojecten in de wijken

Ja

Reserve afschrijvingen investeringen

Ja

Reserve sociaal domein

Ja

Reserve sociaal domein

Project Gewoon wonen 09.04 Project Gewoon wonen 09.04 Trix Terwindtstraat mfa 09.05

L

223

-

-

-

I

Trix Terwindtstraat mfa 09.05 09.05

Trix Terwindtstraat mfa

B

-223

-

-

-

I

L

-

9

9

9

S

Trix Terwindtstraat mfa 09.05

B

-

-9

-9

-9

S

09.06

Vrouwenopvang/aanpak huiselijk geweld

L

-1.300

-

-

-

I

09.06

Vrouwenopvang/aanpak huiselijk geweld

L

1.300

-

-

-

I

09.07

Investeringsfonds Rijnstreek 2020

L

376

-

-

-

I

09.07

Investeringsfonds Rijnstreek 2020

B

-376

-

-

-

I

80

-

-

0

Resultaat programma 9

3.9.3 Toelichtingen afwijking begroting 2021 Mee- en tegenvallers Verplaatsing woonunits Sumatrastraat De verplaatsing van de 16 woonunits van de Sumatrastraat naar de Verdamstraat heeft meer tijd in beslag genomen dan bij aanvang was voorzien. Daarnaast vallen de daadwerkelijke realisatiekosten hoger uit. In de eindfase na verplaatsing en oplevering van de woonunits heeft de inrichting van het naastgelegen speelveld voor de buurt meer tijd en geld gekost dan voorzien. Het speelveld was vroeger een groot grasveld, wat getransformeerd is met bosschages en veel bomen en is uitgebreid met avontuurlijke speelvoorzieningen.

68 | Beleidsrealisatie begroting 2021

Dit is na zorgvuldige participatie met een klankbordgroep van omwonenden en na afzonderlijke participatie door kinderen tot stand gekomen. Het tekort voor plan- en uitvoeringskosten bedraagt € 80.000. In de voorziening die is getroffen voor de verplaatsing van de woonunits is geen rekening gehouden met deze aanvullende kosten. Voorgesteld wordt om het krediet Verplaatsen 16 woningen Sumatrastraat te verhogen met € 80.000. De woonunits aan de Verdamstraat zijn bedoeld voor de bijzondere doelgroepen. Deze kosten maken geen onderdeel uit van het sociaal domein. Budgetneutrale wijzigingen: Beschermd wonen PGB Net als vorig jaar lijkt het budget voor Beschermd Wonen (BW) PGB overschreden te worden met circa € 1 miljoen. Daarnaast zal een lagere eigen bijdrage BW (circa € 0,7 miljoen) worden ontvangen door het lagere aantal cliënten door de overgang naar de WLZ. De tekorten kunnen worden gedekt door het verwachte overschot op BW Zorg in natura (circa € 1,7 miljoen). Koplopertraject onafhankelijke cliëntondersteuning Vanuit de meicirculaire 2021 ontvangt Leiden als koplopergemeente in 2021 € 400.000 om aan de ambities rondom onafhankelijke cliëntondersteuning te werken. In 2021 is hiervoor een projectplan opgesteld en is een start gemaakt met de uitvoering hiervan. De verwachte kosten worden echter met name in 2022 en 2023 gemaakt.

Om die reden wordt bijna het gehele budget overgeheveld naar 2022. In 2022 wordt aan de hand van de dan gemaakte keuzes gekeken welk deel moet worden doorgeschoven naar 2023. Project Gewoon wonen In 2019 heeft Leiden € 100.000 ontvangen van het Rijk voor het project Gewoon wonen. Het is bestemd voor een woonvoorziening voor jongeren met ernstige beperkingen. De verwachting is dat in het laatste kwartaal de omgevingsvergunning kan worden afgegeven en dat de bouw begin 2022 gaat plaatsvinden. Het budget van € 100.000 wordt daarom overgeheveld naar 2022. Trix Terwindt Multifunctionele Accommodatie Na uitwerking van het Voorlopig ontwerp, waarbij aan de minimale eisen/wensen is voldaan, blijkt het huidige krediet van € 1.050.000 te krap. Een aanvullend krediet van € 223.000 is nodig. Dekking zal plaatsvinden uit de reserve Leefbaarheidsprojecten in de wijken. Vrouwenopvang De regionale middelen vrouwenopvang zijn vanaf 2021 door het Rijk met structureel € 1,4 miljoen verhoogd doordat de afgelopen jaren het aantal meldingen fors was gestegen en omdat extra inzet nodig is voor de aanpak van huiselijk geweld. Door corona is het aantal meldingen in 2021 veel lager uitgevallen dan verwacht. De verwachte onderbesteding bedraagt € 1,3 miljoen. De onderbesteding wordt gestort in de reserve sociaal domein en daarbinnen geoormerkt voor vrouwenopvang en aanpak huiselijk geweld.

Investeringsfonds Rijnstreek Het Investeringsfonds 2020 was voor alle regio's naar beneden bijgesteld i.v.m. een lager restant op budget Beschermd Wonen 2020 dan oorspronkelijk was ingeschat. Hierdoor is het Investeringsfonds-Rijnstreek in 2020 met € 376.300 overschreden. In het Portfefeuillehoudersoverleg Maatschappij Holland Rijnland is afgesproken dat deze overschrijding uit 2020 ten laste van de reserve Sociaal Domein, geoormerkt deel Beschermd wonen gebracht zou worden. In de Jaarrekening 2020 is echter via budgetoverheveling 2020/2021 de overschrijding uit 2020 ten laste van het Investeringsfonds-Rijnstreek 2021 gebracht. Met deze mutatie wordt dit teruggedraaid en wordt het Investeringsfonds voor de Rijnstreek 2021 verhoogd met € 376.300, ten laste van de reserve Sociaal Domein, geoormerkt deel Beschermd Wonen.

Beleidsrealisatie begroting 2021 | 69

10 Werk en inkomen

70 | Beleidsrealisatie begroting 2021

Werk en inkomen Programmanummer Commissie Portefeuille(s)

10 Werk en Middelen Werk. Inkomen, Economie & Cultuur Gezondheid, Jeugdzorg & Welzijn Bestuur, Veiligheid en Handhaving

De missie van het programma Werk en inkomen luidt: De gemeente Leiden stimuleert haar inwoners om door werk zelfstandig in het bestaan te voorzien, bevordert maatschappelijke participatie en biedt waar nodig een financieel vangnet. Stand van zaken bij Voortgangsrapportage Corona Als gevolg van de versoepelingen rond corona wordt steeds meer dienstverlening en hulp en ondersteuning weer op de reguliere manier uitgevoerd. Er wordt ook aandacht besteed aan de uitvoering van de TONK als inkomensondersteunende regeling voor door corona getroffen inwoners. DZB Met name opleidingen en opstapsubsidies konden en kunnen minder worden ingezet vanwege corona. Sinds de versoepelingen vindt een inhaalslag plaats met de intakegesprekken. De intakeperiode duurt echter langer dan voorheen omdat kandidaten meer moeten worden 'aangespoord'. Dit betekent ook een verwacht financieel voordeel in het tweede halfjaar, en geeft de gelegenheid om extra in te zetten op de identificatie en begeleiding van specifieke doelgroepen, waaronder mensen die met behulp van loonkostensubsidie aan de slag kunnen. Ook is er ruimte voor pilots op extra trainingen voor vitaliteit, stressregulering en computervaardigheden. Schuldhulpverlening In februari 2021 is het Beleidsplan schuldhulpverlening 2021-2024 vastgesteld.

Dit beleidsplan richt zich op het voorkomen, beheersbaar maken en oplossen van schulden van inwoners van Leiden. Door middel van Eerste Hulp Bij Geldzorgen, de Buddy app en hulp bij thuisadministratie proberen we te voorkomen dat schulden ontstaan of problematisch worden.

Beleidsrealisatie begroting 2021 | 71

3.10.1 Doelenbomen Beleidsterrein 10A Arbeidsparticipatie Doel

Prestatie

10A1 Leidenaren hebben werk en zijn daardoor minder uitkeringsafhankelijk

10A1.1 Inzetten van re-integratie en participatievoorzieningen 10A1.2 Aanbieden volwasseneneducatie 10A1.3 Inzetten project Jongeren op de Arbeidsmarkt (Project JA)

10A2 Mensen met loonwaarde onder het wettelijk minimumloon werken zo regulier mogelijk

10A2.1 Inzetten sociale werkvoorziening 10A2.2 Inzetten beschut werk 10A2.3 Inzetten loonkostensubsidie

Toelichting doelenboom Beleidsterrein 10A Arbeidsparticipatie 10A1.1 Inzetten van re-integratie en participatievoorzieningen Ondanks dat opleidingen en opstapsubsidies minder konden worden ingezet vanwege corona, staat deze prestatie wel op groen. Er is sprake van een inhaalslag.

Beleidsterrein 10B Maatschappelijke participatie en ondersteuning minima Doel

Prestatie

10B1 Minima doen mee in de samenleving en raken niet in een sociaal isolement

10B1.1 Ondersteunen van mensen die gebruik maken van een bijstandsuitkering om actief te zijn in de samenleving en niet ín een sociaal isolement te raken

10B2 Armoedebestrijding

10B2.1 Behandelen aanvragen individuele bijzondere bijstand en individuele inkomenstoeslag 10B2.2 Verstrekken (bijdrage in) premie Collectieve Ziektekostenverzekering Minima 10B2.3 Verstrekken tegemoetkoming kinderopvang op Sociaal Medische Indicatie 10B2.4 Kwijtschelding gemeentelijke heffingen 10B2.5 Subsidies minimabeleid

Toelichting doelenboom Beleidsterrein 10B Maatschappelijke participatie en ondersteuning minima Er zijn geen afwijkingen ten opzichte van de begroting.

Beleidsterrein 10C Inkomensvoorzieningen Doel

Prestatie

10C1 Leidenaren (18 t/m AOW-leeftijd) voor wie een financieel vangnet nodig is, ontvangen inkomensondersteuning

10C1.1 Behandelen aanvragen en beheer uitkeringen Participatiewet, Ioaw, Ioaz, Bbz- inkomensvoorzieningen 10C1.2 Uitvoeren fraudepreventie en opsporen uitkeringsfraude 10C1.3 Uitvoeren terugvordering en verhaal

Toelichting doelenboom Beleidsterrein 10C Inkomensvoorzieningen Er zijn geen afwijkingen ten opzichte van de begroting.

72 | Beleidsrealisatie begroting 2021

Beleidsterrein 10D Schuldhulpverlening Doel

Prestatie

10D1 Het ontstaan dan wel escalatie van problematische schuldensituaties is voorkomen

10D1.1 Uitvoeren van budgetbeheer, stabilisatietrajecten en overige preventieve maatregelen

10D2 Problematische schuldensituaties zijn beheersbaar gemaakt en (zo mogelijk) opgelost

10D2.1 Uitvoeren schuldhulpverlening

Toelichting doelenboom Beleidsterrein 10D Schuldhulpverlening Er zijn geen afwijkingen ten opzichte van de begroting.

3.10.2 Financiële afwijkingen begroting 2021 Programma 10 Werk en inkomen (- = voordeel)

Nummer

Onderwerp

B/L

2021

2022

2023

2024

I/S

Betreft reserve?

Indien ja, welke?

Ja

Reserve sociaal domein

Ja

Reserve debt to no debt

Ja

Reserve sociaal domein

Ja

Reserve sociaal domein

Ja

Reserve sociaal domein

Ja

Reserve sociaal domein

Mee- en tegenvallers 10.01

Bijstand 2021

L

-1.940

-

-

-

I

10.01

Bijstand 2021

B

-100

-

-

-

I

Budgetneutrale wijzigingen 10.02

DZB Trajectbegeleiding

L

-200

-

-

-

I

10.02

DZB Trajectbegeleiding

L

200

-

-

-

I

10.03

Pilot Debt to no Debt

L

9

-

-

-

I

10.03

Pilot Debt to no Debt

B

-9

-

-

-

I

10.04

Re-integratie corona

L

-1.300

-

-

-

I

10.04

Re-integratie corona

L

1.300

-

-

-

I

10.05

Schuldhulpverlening

L

-350

-

-

-

I

10.05

Schuldhulpverlening

L

350

-

-

-

I

10.06

TONK

L

-2.000

-

-

-

I

10.06

TONK

L

2.000

-

-

-

I

10.07

REACT EU HR-gemeenten 2020 tm 2022

L

833

965

-

-

I

10.07

REACT EU HR-gemeenten 2020 tm 2022

B

-1.233

-965

-

-

I

10.07

REACT EU HR-gemeenten 2020 tm 2022

L

400

-

-

-

I

-2.040

-

-

-

Resultaat programma 10

Beleidsrealisatie begroting 2021 | 73

3.10.3 Toelichtingen afwijking begroting 2021 Mee- en tegenvallers: Bijstand 2021 Op basis van de uitgaven tot en met juli wordt een incidenteel voordeel verwacht van € 2,1 miljoen, bestaande uit € 2,0 miljoen lagere bijstandsuitgaven en € 0,1 miljoen hogere baten uit terugvordering. De afgelopen maanden is het aantal bijstandsgerechtigden gedaald, terwijl in de vorige prognose rekening werd gehouden met per saldo een stijging in de periode april tot en met juli. Begin oktober wordt het definitieve rijksbudget 2021 bekendgemaakt. Dit zal verwerkt worden in decemberwijziging. De vertraging van de invoering van de suite sociaal domein leidt dit jaar tot € 60.000 extra kosten. Bestaande pakketten moeten langer worden aangehouden en er is extra inhuur nodig voor functioneel beheer. Budgetneutrale wijzigingen: DZB Trajectbegeleiding e Als gevolg van de coronamaatregelen blijven in het 1 halfjaar diverse kosten achter bij de begroting van het participatiebudget. De verwachting is dat dit voor een deel ook in de tweede helft zo zal zijn. De prognose is dat over heel 2021 op het participatiebudget een voordeel ontstaat van totaal € 0,2 miljoen. Dit bedrag kan worden toegevoegd aan de reserve Sociaal Domein. Pilot Debt to no debt De pilot Debt to no Debt (schuldhulpverlening voor jongeren) is financieel afgerond. Er heeft een afboeking van € 9.451 plaatsgevonden.

Dit wordt onttrokken aan de reserve Debt to no Debt. Re-integratie Werk en Inkomen (corona) Er is € 1,35 miljoen ontvangen van het Rijk voor extra re-integratie inspanningen om de nadelige effecten van corona op te vangen. Het zijn vrij besteedbare middelen. Hiervan zal € 1,3 miljoen niet worden besteed omdat de huidige inzet voldoende is. De onderbesteding wordt gestort in de reserve sociaal domein en zal daar binnen worden geoormerkt voor het programma Social Impact Team. Schuldhulpverlening (corona) Er is in totaal € 420.000 ontvangen voor extra schuldhulp als gevolg van corona. Hiervan zal € 350.000 niet worden besteed omdat de huidige capaciteit de vraag aan kan. De onderbesteding wordt gestort in de reserve sociaal domein en zal daar binnen worden geoormerkt voor het programma Social Impact Team. TONK (tijdelijke ondersteuning noodzakelijke kosten) Er is al € 0,6 miljoen ontvangen voor de TONK, bestemd voor mensen die vanwege corona hun woonlasten niet (volledig) kunnen betalen. In de septembercirculaire is een tweede tranche van € 1,8 miljoen opgenomen. De kosten van TONK, inclusief de uitvoeringskosten, komen naar verwachting uit op circa € 0,4 miljoen. De onderbesteding van € 2,0 miljoen wordt gestort in de reserve sociaal domein en zal daar binnen worden geoormerkt voor het programma Social Impact Team.

Daarbij wordt ook nadrukkelijk gekeken om het budget bij de oorspronkelijke doelgroep van de TONK terecht te laten komen. REACT EU-subsidie HR-gemeenten De arbeidsmarktregio Holland Rijnland bestaat uit drie samenwerkingsverbanden van gemeenten die activiteiten voor werkzoekenden in de regio organiseren. Werkzoekenden in de Rijnstreekgemeenten kunnen terecht bij Rijnvicus, werkzoekenden uit Katwijk en de Bollenstreekgemeenten zijn in begeleiding bij de Maregroep en voor de Leidse regio worden de activiteiten georganiseerd door de gemeente Leiden. De gemeente Leiden is daarnaast als centrumgemeente de aanvrager van de subsidie voor de arbeidsmarktregio. Door de coronacrisis zijn er meer werkzoekenden in de arbeidsmarktregio en is de afstand tot de arbeidsmarkt voor mensen groter geworden. De gemeenten hebben ervoor gekozen om deze subsidie in te zetten voor de activiteit “vergroten mogelijkheden arbeidsinpassing”. De subsidie REACT-EU wordt voor groepsactiviteiten zoals trainingen ingezet, maar ook individuele begeleiding. De doelgroep van deze activiteiten bestaat uit jongeren tot 28 jaar, uitkeringsgerechtigden en statushouders. De subsidieregeling is pas in 2021 opengesteld, maar gaat over het tijdvak 2020 tot en met 2022. De subsidie bedraagt afgerond € 2,2 miljoen, waarvan afgerond € 1,2 miljoen in 2021 en afgerond € 1,0 miljoen in 2022.

In 2021 kan naar verwachting € 0,4 miljoen aan reeds gedekte kosten verantwoord worden onder deze subsidie. Het voordeel wordt ten gunste gebracht van de reserve sociaal domein. Minimabeleid De subsidie-afrekening van het Jeugdfonds sport en cultuur over 2020 is voordelig uitgevallen. De subsidieafrekening 2021 van de stichting Leergeld zal ook positief uitvallen. Het totale verwachte voordeel bedraagt € 300.000 en wordt verrekend met de reserve sociaal domein.

74 | Beleidsrealisatie begroting 2021

3.11 Algemene dekkingsmiddelen, overhead, vpb en onvoorzien 3.11.1 Financiële afwijkingen begroting 2021 Programma Algemene dekkingsmiddelen, Overhead, VPB en Onvoorzien (- = voordeel)

Nummer

Onderwerp

B/L

2021

2022

2023

2024

I/S

Betreft reserve?

Indien ja, welke?

Ja

Reserves herstructurering SvZ&V en Ons Doel

Ja

Reserve bedrijfsvoering

Ja

Reserve parkeren

Ja

Reserve sociaal domein

Mee- en tegenvallers ADOH01

Lagere inkomsten GPC

L

200

-

-

-

I

ADOH05

Kapitaallasten

L

66

-

-

-

S

ADOH06

Actualisatie Treasury

L

-307

-1

-1

-1

S

ADOH06

Actualisatie Treasury

B

85

-

-

-

S

ADOH06

Actualisatie Treasury

L

47

1

1

1

S

ADOH10

Ontwikkeling algemene uitkering 2021

B

614

-

-

-

I

Budgetneutrale wijzigingen ADOH03

Intranet

L

175

175

-

-

I

ADOH03

Intranet

B

-175

-175

-

-

I

ADOH07

Vervanging applicatie Key2Parkeren

L

400

50

-

-

I

ADOH07

Vervanging applicatie Key2Parkeren

B

-400

-50

-

-

I

ADOH08

Vervanging subsidiesysteem BpmOne

B

118

-

-

-

I

ADOH08

Vervanging subsidiesysteem BpmOne

B

-118

-

-

-

I

705

-

-

-

Resultaat Algemene dekkingsmiddelen

Beleidsrealisatie begroting 2021 | 75

3.11.2 Toelichtingen afwijking begroting 2021 Mee- en tegenvallers Lagere inkomsten Grafisch Productiecentrum Al langere tijd heeft het Grafisch Productie Centrum te maken met tekorten van rond € 350.000 per jaar. In de Kaderbrief 2021 - 2025 is daarom met ingang van 2022 budget van € 200.000 toegekend. Tegelijkertijd maakt het GPC een noodzakelijk ommezwaai. Noodzakelijk om financiële en kwalitatieve redenen. Er is gekozen om te investeren in efficiëntie, kwaliteit en professionaliteit. Met als doel een servicegerichte dienst die voldoet aan de wensen en eisen van de organisatie op al deze genoemde punten. De administratieve en financiële stroom wordt doorgelicht aangescherpt en verbeterd. De teamleden krijgen trainingen en coaching waardoor de professionaliteit en kwaliteit van de geleverde producten verbeterd. Vervolgens worden complexere en grotere opdrachten geworven om de inkomsten de verhogen en de investeringen zijn vruchten te laten afwerpen. Deze opdrachten moeten komen van interne afdelingen en opdrachtgevers vanuit organisaties aangesloten bij servicepunt 71. Op deze manier dienen de opbrengsten in de toekomst met ongeveer € 150.000 verhoogd te worden. Tijdens de overgangsfase in 2021 wordt deze meeropbrengst nog niet gehaald. Daardoor is er ook in 2021 nog steeds sprake van het tekort, waarvoor aanvullend budget nodig is.

Kapitaallasten Bij de actualisatie van de afschrijving op de kapitaalgoederen ontstaat er een incidenteel nadeel op de kapitaallasten € 66.171 Actualisatie treasury Het voordeel op het taakveld treasury bedraagt € 175.000. Het resultaat is hoofdzakelijk het gevolg van lagere rentelasten op aan te trekken financiering, als gevolg van een lager benodigd volume aan leningen (€ 231.000 voordeel). Daarnaast zijn de interne rentedoorberekeningen, de verwachte rentebaten en de rentestortingen in een tweetal reserves geactualiseerd, met per saldo een negatief resultaat (€ 56.000 nadeel) Ontwikkeling algemene uitkering 2021 De algemene uitkering 2021 ontwikkelt zich negatief door verdere krimp van de gemeente ten opzichte van 2020. De daling van het aantal inwoners leidt ook tot een daling van de daaraan gerelateerde sociale maatstaven.Bovendien zien we ook een daling van het regionale klantenpotentieel. Voor 2021 wordt verwacht dat derving van inkomsten voor parkeren, leges en marktgelden als gevolg van corona wordt gecompenseerd in de algemene uitkering. Budgetneutrale wijzigingen Vervanging applicatie Key2Parkeren De ICT-applicatie die nu gebruikt wordt voor een aantal (vergunnings) aanvraagprocessen en heffingen rondom parkeren, markten en ligplaatsen zal per 1 januari 2022 niet langer ondersteund worden door de leverancier.

De financiële functionaliteit kan niet, zoals gepland, worden ondergebracht in de bij aanvang van de vervangingsprojecten ontworpen oplossingsrichtingen. Om de betalingsprocessen per 1 januari 2022 te kunnen continuere, wordt daarom een nieuwe applicatie aangeschaft. De kosten van deze applicatie inclusief in- en externe projectkosten bedragen € 400.000. Daarbij komt nog € 50.000 voor het nog 6 maanden in de lucht houden van de huidige applicatie in 2022. De kosten worden gedekt door een onttrekking aan de reserve parkeren. Vervanging subsidiesysteem BpmOne De implementatie van het nieuwe subsidiesysteem is complexer en zal langer duren dan verwacht. Dat betekent dat er extra uren nodig zijn voor projectmanagement en projectondersteuning. De extra kosten voor 2021 bedragen € 118.000. De kosten worden gedekt door een onttrekking aan de reserve sociaal domein. Intranet De intranetten van de samenwerkende gemeenten in de regio zijn sterk verouderd. Technisch is het moeilijk de soms wel 10 jaar oude intranetten overeind te houden en qua functionaliteiten sluit het ook niet meer aan bij het gebruik van deze tijd en de behoefte die er (extra) is door het meer op afstand werken, mede door de coronacrisis. Regionaal wordt nu gewerkt aan een gezamenlijke scenariokeuze en vervolgens opdrachtformulering voor het vervangen van de intranetten.

In het vooronderzoek is gebleken dat het intranet van Leiden compleet moet worden vervangen en moet worden geïntegreerd in de werksystemen die nu worden gebruikt in Kantoor71. Voor de vervanging van het Leidse intranet moet rekening worden gehouden met 175.000 in 2021 en eenzelfde bedrag in 2022, bestaande uit gelden voor (technisch) projectleiderschap, informatiemanagement, aankoop intranet passend in de nieuwe architectuur, inrichting en vulling van het nieuwe intranet. De benodigde middelen wordent gedekt via de reserve bedrijfsvoering.

76 | Beleidsrealisatie begroting 2021

Overdracht Landmeterauto's naar Servicepunt71 Bij de overgang van VRIS 3 zijn de drie landmeterauto's overgegaan naar SP71. Het vervangingskrediet (van € 65.000) voor de 3 landmeterauto's is achtergebleven in Leiden. Reden is dat in het krediet ook de vervanging voor een bedrijfswagen voor GPC was opgenomen. De bedrijfswagen voor GPC hoeft niet te worden vervangen. In 2023 worden de twee bedrijfswagens binnen SP71 vervangen. Dit betekent dat vanaf 2024 de bijdrage aan SP71 met de bijbehorende kapitaallasten van € 9.897 per jaar stijgt (afschrijving in 5 jaar). Deze hogere bijdrage kan ruimschoots gedekt worden door de lagere kapitaallasten die nu geraamd zijn in de begroting van Leiden als gevolg van latere start afschrijving en lager budget door het niet vervangen bedrijfswagen (GPC).

Beleidsrealisatie begroting 2021 | 77

78 | Beleidsrealisatie begroting 2021

Hoofdstuk 4 4 Paragrafen 4.1 Plankosten Plankosten - krediet Enkele teams registeren uren per project/activiteit. De bewaking van de uren en de bijbehorende plankosten (kosten van uren van medewerkers) vindt per project plaats. De huidige opzet van plankosten heeft tot doel plankosten zowel in de fase voor kaderbesluit als na kaderbesluit inzichtelijk te maken, teneinde de beheersbaarheid te waarborgen. Om dit blijvend te monitoren zijn er overzichten voor lijn- en projectmanagers om de uren en de euro's in te zien. Daarnaast zijn voor de plankostenteam personeelstarieven berekend en wordt de casuïstiek gevolgd op naleving van deze systematiek. Plankosten worden zo goed en sober mogelijk geraamd, bij de kosten wordt sluitende dekking aangegeven, er zijn heldere afspraken gemaakt tussen teams voor de inzet van capaciteit. Bij overschrijdingen van geraamde plankosten wordt een besluit tot aanvullende dekking gevraagd en de stand van het krediet plankosten in definitiefase wordt gevolgd. Monitoren, evalueren en bijsturen van plankosten is en blijft van essentieel belang voor optimale beheersing van projectkosten. In de bijgevoegde tabellen treft u de stand van het krediet plankosten in definitiefase. Dit krediet wordt gevoed door een jaarlijkse onttrekking aan de reserve bedrijfsvoering plankosten en ingesteld vanuit het oogpunt van transparantie, monitoring en bewaking.

Elke projectopdracht waarbij voor plankosten in definitiefase een beroep wordt gedaan op het krediet, wordt aan het college ter vaststelling aangeboden. Deze werkwijze is voor het bestuur een goede grondslag voor enerzijds een betere beheersing van plankosten en anderzijds voor prioritering van de projectenportefeuille. Ofwel: het bestuur geeft keer op keer bewust fiat aan het investeren van voorbereidingstijd in projecten en weet precies hoeveel geld hiermee gemoeid is. Op het moment dat er een kaderbesluit wordt genomen, worden de plankosten meegenomen in de totale lasten van het project en vloeien de reeds gemaakte plankosten in één keer terug in de reserve. Indien een project geen doorgang vindt, kunnen de kosten uiteraard niet worden meegenomen in de totale projectkosten. In dat geval vindt er geen terugstorting plaats in de reserve en kan dat bedrag niet opnieuw beschikbaar worden gesteld. In beide gevallen zal het project na kaderbesluit worden afgerond en uit het krediet worden gehaald. Er resteert op dit moment voor het lopende jaar nog een bedrag van circa € 2.866.945 voor de plankosten van nieuwe projecten in definitiefase (onderstaande tabel). Totaal beschikbaar tot en met 2020 via begroting

6.762.000

Opnieuw beschikbaar gesteld t/m 2020

3.520.551

Reeds afgesloten projecten in definitiefase in voorgaande jaren inclusief 2020

-5.596.167 4.686.384

2021 Afgesloten projecten definitiefase , Kopermolen, Terweepark, HOV 2021 Af te sluiten projecten def. fase oa Energiepark, Werninkterrein, Kaasmarkt

-700.652 -2.538.487

2021 Begroting uit de reserve plankosten, nog niet besloten door college

598.000

2021 Beschikbaar gesteld via 2e techn wijz. Kopermolen

560.000

Opnieuw beschikbaar te stellen via 3e techn. wijz. 2021, 2e deel Haarlemm.garage

24.600

Opnieuw beschikbaar te stellen via 3e techn. wijz. 2021 Telderskade

100.000

Opnieuw beschikbaar te stellen via 3e techn. wijz. 2021 Kaasmarkt

185.000

Opnieuw beschikbaar te stellen via 3e techn. wijz. 2021 Energiepark

1.525.000

Opnieuw beschikbaar te stellen via 3e techn. wijz. 2021 Turkoois

60.455

Paragrafen | 79

Opnieuw beschikbaar te stellen via 3e techn. wijz. 2021 Werninkterrein

456.000

Opnieuw beschikbaar te stellen via 3e techn. wijz. 2021 Westerpoort, bijdrage derde

50.000

Totaal beschikbaar

5.006.300

Projectomschrijving

Leids project of project Derden

B&W besluit

Uren tot kaderbe- sluit totaal

Lopende projecten

Begrote kosten tot kaderbesluit €

Blok Dolfijn-'t schippertje Zeeheldenbuurt

Leids project

BW16.0399

1.000

100.000

Aanvullende uren Blok Dolfijn-'t schippertje

Leids project

BW18.0432

1.174

117.705

Renovatie Trien Semlerstraat

Leids project

BW18.0571

1.260

129.150

Diamantplein e.o.

Leids project

BW19.0333

1.610

165.000

2e Aanvullende uren Diamantplein e.o.

Leids project

BW21.0073

400

42.000

Aanvullende uren Diamantplein e.o.

Leids project

BW20.0336

1.771

186.000

Paardenwei

Leids project/derden

BW19.0486

2.770

283.925

Aanv. budget onderzoekskosten Paardenwei

Leids project/derden

RB 20.0134

0

32.348

Aanv. uren Westerpoort (voorheen Paardenwei)

Leids project/derden

BW21.0129

2.829

297.075

Aanv. budget onderz.kn. Westerpoort (voorheen Paardenwei)

Leids project/derden

BW21.0129

0

150.652

Wijksportpark De Mors

Leids project

240.000

Bedrijventerrein Vlietzone midden

Leids project

300.000

Bedrijventerrein Vlietzone midden onderzoekskn

Leids project

15.000

Totale onttrekking

12.814

Resterend bedrag voor 2021

2.058.855

2.947.445

Aanvraag onderweg, nog niet door college besloten Herinrichting openbare ruimte Verbeekstraat Onderz. kn. herinr. OR Verbeekstraat

710

74.500

0

6.000

Totaal aan aanvragen onderweg

80.500

Resterend voor nieuwe aanvragen

2.866.945

Plankosten - reserve Bij de instelling van de reserve bedrijfsvoering plankosten, waaruit het krediet plankosten definitiefase is gedekt, is vastgesteld dat deze primair bedoeld is voor dekking van de plankosten van projecten in definitiefase en secundair voor het oplossen van knelpunten met betrekking tot het uitvoering van deze systematiek.

80 | Paragrafen

4.2 Initiatieven derden Plankosten - krediet Initiatieven derden Het doel van het krediet Initiatieven derden is om bouwprojecten (initiatief ligt bij de marktpartij) vanuit de markt te faciliteren. Om deze bouwprojecten goed te kunnen faciliteren is het van belang dat snel ambtelijke capaciteit ingezet kan worden om zodoende kansrijke particuliere initiatieven te begeleiden en waar nodig om onderzoeken te laten verrichten. Middels het instellen van het krediet Initiatieven derden worden aanloopkosten voorgefinancierd tot het sluiten van een anterieure overeenkomst. Het betreft kosten van ambtelijke inzet en onderzoekskosten (ook extern) die overeenkomstig de Wet ruimtelijke ordening verhaald moeten worden op de initiatiefnemer. Door het sluiten van een anterieure overeenkomst, afroming van de meeropbrengst bij erfpachtconversie, extra opbrengsten uit grondverkoop of een exploitatieplan worden deze voorgefinancierde middelen van derden door de gemeente terug ontvangen. Na ontvangst van deze bijdrage worden deze middelen teruggestort in het fonds zodat deze middelen opnieuw beschikbaar kunnen worden gesteld voor nieuwe initatieven vanuit de markt. Kortom, hetzelfde geld kan in meerdere projecten worden geinvesteerd. Het krediet Initiatieven derden is hiermee een revolverend fonds. In de onderstaande tabel is de actuele stand van het krediet initiatieven derden opgenomen.

Dit krediet wordt gevoed door onttrekkingen aan de reserve Grondexploitaties. Per 2021 is vanuit de reserve Grondexploitaties in totaal € 5 miljoen beschikbaar gesteld. Elke projectopdracht - waarbij voor voorfinanciering een beroep wordt gedaan op het krediet Initiatieven derden - wordt aan het managementteam van het cluster Stedelijke Ontwikkeling ter vaststelling aangeboden. Deze werkwijze is een goede grondslag voor enerzijds een betere beheersing van plankosten en anderzijds voor prioritering in de projectenportefeuille. Ofwel: vanuit het cluster Stedelijke Ontwikkeling wordt keer op keer bewust toestemming gegeven aan het investeren van voorbereidingstijd in projecten en weet precies hoeveel geld hiermee gemoeid is. Indien akkoord wordt gegeven om vanuit de gemeente te werken aan een project sluit de gemeente met de initiatiefnemer een intentieovereenkomst af. Hierin wordt alvast een eerste tegemoetkoming in de kosten overeengekomen (deze bijdrage wordt verrekend met de uiteindelijk te verhalen kosten). Deze vergoeding wordt na ontvangst teruggestort in het fonds. Als een initiatief niet leidt tot een uitvoerbaar plan kunnen de gemaakte kosten niet verhaald worden. In dat geval zullen de middelen die beschikbaar zijn gesteld uit het krediet initiatieven derden definitief voor rekening van dit krediet komen en zijn ze dus ‘verloren’ voor andere nieuwe initiatieven.

Het beschikbare budget voor nieuwe initiatieven is per heden € 531.198, zie onderstaande tabel. Opgestarte initiatieven beginnen meer en meer te revolveren. In 2021 is afgerond € 600.000 terug gevloeid in het fonds. Naast revolverende middelen zijn er ook middelen die niet terugvloeien (in 2021 € 88.810). Dit betreft het project LEAD Monuta waar kosten zijn gemaakt als gevolg van een WOB verzoek. Deze kosten zijn niet verrekenbaar met de betreffende initiatiefnemer. Bedrag in euro's Totaal beschikbaar per 2021

5.000.000

Revolverende middelen 2018-2020

1.790.847

Revolverende middelen 2021

75.000

Revolverende middelen 2021 (3e technische wijziging 2021)

526.053

Totaal beschikbaar

Projectomschrijving lopende projecten

7.391.900

Begrote kosten tot sluiten anterieure overeenkomst

PID Ontwikkeling Rooseveltstraat

165.000

PID Robijnhof

92.515

PID Willem de Zwijgerlaan

80.000

PID Plesmanlaan-Jacobs eo

394.000

PID Toussaintkade

200.000

PID Ter Haarkade 1

170.000

PID Lorentzkade fase 2

14.033

PID Rhijnvreugd

342.000

PID Sumatra

258.225

PID Scal-locatie

165.861

PID Werninkterrein

80.000

Paragrafen | 81

Projectomschrijving lopende projecten

Begrote kosten tot sluiten anterieure overeenkomst

PID ID College Vijf Meilaan (Premier)

149.994

PID Watergeuskade

293.000

PID Noordman

100.102

PID Monuta (LEAD)

860.000

PID Motorhuis Plesmanlaan

377.174

PID Gebiedsvisie Schipholweg

433.704

PID Diamantplein

207.716

PID Ypenburgbocht

93.489

PID Centrale Blokken

62.455

PID Maranathakerk (Statendijck)

88.463

PID Initiatief Brahmslaan 80

110.000

PID Bloemistenlaan

43.346

PID Corantijnstraat

115.000

PID Mary Zeldenrustlaan

168.300

PID Bizetpad

200.000

PID Hoflaan

70.000

PID Turkoois

162.500

PID Hoge Rijndijk 5

57.500

PID Barthen

30.000

PID Woningbouw Portaal Zeeheldenbuurt

67.000

PID Verbeekstraat

154.650

PID Plexus Kaiserstraat

50.000

PID Opaalstraat

55.000

Totaal onttrekking

5.911.027

Resterend bedrag voor 2021

1.480.873

Aanvraag onderweg (nog niet door het MTSO besloten en nog niet verwerkt):

949.675

BESCHIKBAAR VOOR NIEUWE INITIATIEVEN

531.198

82 | Paragrafen

4.3 Personele lasten en externe inhuur Inleiding Deze prognose is gebaseerd op een dwarsdoorsnede van afdelingsbudgetten met alle uitgaven en inkomsten op het gebied van salarislasten en externe inhuur van de gemeentelijke afdelingen en instellingen. De prognose is exclusief gegevens van DZB, deze zijn in zijn geheel opgenomen onder programma 10 ‘Werk en Inkomen’ Totaal budget

Totaal uitgaven/ inkomsten

Vrije ruimte

94.534.268

90.937.875

3.596.392

909.379

-909.379

Percentage externe inhuur

GEMEENTEBREED TOTAAL salarislasten mogelijke CAO loonsverhoging 1% interne inhuur

2.133.865

4.065.386

-1.931.521

externe inhuur

7.788.443

17.124.629

-9.336.186

budgetten ter dekking salarislasten en inhuur

4.936.761

0

4.936.761

-16.048.081

-17.392.732

1.344.651

-467.083

-2.678.456

2.211.373

92.878.172

92.966.080

-87.908

doorbelasting naar investeringen/grex inkomsten ter dekking salarislasten en inhuur RESULTAAT

15,7%

Gebruikte rubrieken Naast de formatiebegroting zijn er voor salarislasten en inhuur meer budgetten in de begroting beschikbaar uit projectgelden, investeringen en grondexploitatie (grex). Daarnaast zetten we medewerkers in voor taken bij derden waarbij kosten worden doorberekend. Deze budgetten en inkomsten zijn apart in het overzicht opgenomen. Resultaat Op basis van het verloop van de kosten en inkomsten in het eerste halfjaar wordt een prognose gemaakt voor het jaarresultaat. Aan de hand van deze prognose wordt per saldo gemeentebreed een negatief resultaat verwacht van € 87.908. Nog steeds is het vanwege de verschillende coronamaatregelen en onzekerheden over de nabije toekomst moeilijk om een goede inschatting te maken. De ene afdeling heeft nadelen omdat verschillende projecten niet kunnen worden uitgevoerd waardoor het personeel ook niet aan die projecten kan worden doorberekend, of moet het personeel inzetten voor zaken die niet door te berekenen zijn. Andere afdelingen hebben weer voordelen omdat ze meer tijd kunnen besteden aan de verschillende projecten of minder personeel en inhuur hoeven in te zetten omdat activiteiten niet doorgaan. Alle teams hebben de opdracht om met de beschikbare budgetten uit te komen. Indien toch tekorten ontstaan, worden deze via de gebruikelijke procedure gemeld in de voortgangsrapportage.

Extra kanttekeningen bij dit resultaat Nieuwe CAO Op dit moment is er nog geen nieuwe CAO per 1-1-2021 afgesproken. De onderhandelingen over een loonsverhoging schommelen tussen 2,75% en 0%. Verder worden er afspraken gemaakt over een mogelijke thuiswerkvergoeding en harmonisatie verlof. In de salarisbegroting 2021 zit bijna 1% ruimte voor een loonsverhoging. In de prognose is nu, in afwachting van een akkoord, voorzichtigheidshalve wel alvast rekening gehouden met een extra uitgave voor loonkosten van 1% van de geraamde uitgaven salarislasten.

Paragrafen | 83

Voor de salarisbegroting 2022 is in ieder geval rekening gehouden met een CAO loonsverhoging van in totaal (voor 2021 én 2022) 2,5%. Formatie en bezetting De formatie van Leiden is van 1 januari naar 1 juli van 1.200 fte naar 1.227 fte gegaan. Hiervoor is dekking beschikbaar. Het percentage bezetting is van 98,7% naar 97,3% gegaan. Door de stijging van de formatie bestaat de kans dat de loonkosten hoger uitkomen dan nu in de prognose is opgenomen. Het percentage bezetting is gedaald, maar als er voor de nieuwe functies en openstaande vacatures personeel kan worden aangenomen zullen de loonkosten hoger uitkomen, en zal de inhuur waarschijnlijk weer lager uitkomen. Inhuur De interne inhuur betreft alle inhuur van medewerkers van andere teams en van medewerkers van de vier gemeenten en het Servicepunt. Deze inhuur gebeurt in de vorm van flexatures en andere tijdelijke inhuur. Daarnaast wordt hierbij ook inhuur van andere overheidsinstellingen meegerekend. Het onderscheid interne en externe inhuur wordt gemaakt omdat de VNG in de Personeelsmonitor interne inhuur niet meetelt met het percentage inhuur. Het percentage inhuur zijn de uitgaven externe inhuur in verhouding tot de uitgaven van salarislasten en externe inhuur. Het percentage externe inhuur is nu 15,7%.

Het streefcijfer voor 2021 bedraagt 19% (zoals vermeld in de 1 begroting 2021, gebaseerd op de personeelsmonitor A&O fonds gemeenten 2019 ). Bij de jaarrekening 2020 was het percentage 18,1% Vanwege de onzekere tijden inclusief de moeizame arbeidsmarkt is nu niet goed aan te geven of de daling van het percentage structureel is. Voor de vele – vaak eenmalige – activiteiten en projecten in de stad huren we meer in dan begroot. Daar staat tegenover dat deze kosten voor het grootste deel worden gedekt binnen het betreffende project.

1

De streefcijfers worden gebaseerd op de Personeelsmonitor A&O-fonds voor 100.000+ gemeenten (excl. de grote 4). Voor de begroting van 2021 gelden het cijfers van de Personeelsmonitor uit 2019. De Personeelsmonitor voor 2020 is immers nog niet gereed op moment van vaststellen van de begroting 2021 omdat het jaar 2020 dan nog niet afgelopen is. Dit is zo vastgesteld door de Raad.

84 | Paragrafen

4.4 Bedrijfsvoeringsreserve concern De reserve bedrijfsvoering concern heeft als primaire functie het opvangen van jaarlijkse fluctuaties in de bedrijfsvoering en heeft om die reden een egaliserend karakter. Secundair kan deze reserve worden aangewend ter oplossing van knelpunten in de bedrijfsvoering. De voeding van deze reserve is o.a. het resultaat op de bedrijfsvoering bij de jaarrekening. Bedrijfsvoeringsreserve concern

Stand reserve per 1-1-2021

2021

1.087.730

Inzet Projectleiding HLW /Digitaal Werken

-50.000

Werkbudget LEV

-75.000

Projectbudget WPM

-94.000

Werkbudget en capaciteit interne communicatie

-90.000

Extra inzet project vervanging financieel systeem

-35.000

Anonimiseringstool

-55.000

Adviseur coördinator participatie

-33.333

Extra inzet Ict helpdesk tbv uitreiking surfaces/inname mobieltjes

-30.000

Inzet coördinator Diversiteit/Inclusie

-18.000

Meerwerk financiële advisering cluster Stedelijke Ontwikkeling

-13.000

Interne accountantskosten vanwege inhuur

-130.000

Aanloopkosten Intranet

-175.000

Verwachte stand per 31-12-2021

289.397

In het tweede kwartaal worden de aanvragen voor budgetten die gedekt moeten worden uit de reserve bedrijfsvoeringsreserve concern geïnventariseerd en gelabeld. De administratieve verwerking van het bovenstaande overzicht van de onttrekkingen wordt meegenomen in de 2e Voortgangsrapportage 2021. Het betreft de volgende mutaties: ■ Voor extra inzet van Het Leidse Werken / Digitaal werken is voor 2021 € 50.000 benodigd. Dit betreft de voorbereiding voor de ambtenaren die komend jaar naar het Stadhuis verhuizen. ■ Voor LEV (Leren, Experimenteren, Verbeteren), oftewel procesverbetering stellen we eenmalig een bedrag van € 75.000 beschikbaar. ■ Voor de kosten inzet van een werkproces (de inzet van een werkproces-engagespecialist) stellen we € 94.000 beschikbaar. ■ Er is dit jaar extra inzet voor interne communicatie benodigd, ter ondersteuning van onze organisatieontwikkeling. Hiervoor stellen we € 90.000 beschikbaar. ■ Voor de extra inzet voor begeleiding van de vervanging van het financiele systeem is € 35.000 benodigd. ■ Om de WOB-verzoeken, AVG-verzoeken, bezwaarschrift-dossiers en de publicatie van de vergunningsaanvragen ‘privacy-proof’ geautomatiseerd te kunnen uitvoeren is anonimiseringssoftware nodig. De eenmalige kosten bedragen € 55.000. ■ Door de raad is de motie "Participatie onafhankelijk belicht" aangenomen.

Voor de begeleiding en implementatie van dit onderzoek is € 33.333 benodigd. ■ Dit jaar vond in het kader van de nieuwe werkomgeving de uitrol plaats van de surfaces en mobiele telefoons. De extra kosten voor begeleiding en uitrol bedragen € 30.000. ■ Voor inzet van een coördinator Diversiteit/Inclusie is € 18.000 benodigd.Vanaf 2022 wordt deze inzet bekostigd uit het budget dat bij de Kaderbrief beschikbaar is gesteld. ■ Dit jaar heeft er een reorganisatie plaats gevonden binnen cluster Stedelijke Ontwikkeling. Voor dit proces is extra financiële ondersteuning noodzakelijk waarvoor we € 13.000 beschikbaar stellen. ■ Dit jaar is er nog voor het grootste deel gebuik gemaakt van inhuur voor de interne accountant. Kosten bedragen € 130.000. De inhuur stopt per medio oktober 2021. ■ Het intranet is verouderd en moet worden vervangen. De kosten hiervoor in 2021 worden begroot op € 175.000.

Paragrafen | 85

4.5 Taakstellingen De raad wordt via de planning- en controlcyclus over de voortgang van de realisatie van de taakstellingen geïnformeerd. In deze paragraaf geven wij een overzicht van de hoogte van taakstellingen in 2021, de wijzigingen bij deze rapportage, en de wijze waarop wij nog openstaande taakstellingen in 2021 willen realiseren (overige taakstellingen in Programmabegroting 2022-2025 zijn vanaf 2022). Voor 2021 zijn er nog een tweetal taakstellingen met een totaal bedrag van € 254.000. NB: taakstellingen staan weergegeven als negatief bedrag (korting op het budget). Taakstelling 2021

Bedrag

Toebedeelde taakstelling Sportaccommodaties

-23.853

Overige financiële opgaven Stelpost VRIS applicatierationalisatie

-230.000

Totaal

-253.853

Toelichting toebedeelde taakstellingen: Sportaccommodaties Op de sportaccommodaties staat een taakstelling van circa € 24.000. Dit is het restant van de totale structurele taakstelling van € 788.000. Het resterende deel van deze taakstelling wordt ingevuld door een besparing op de energielasten. Overige financiële opgaven VRIS applicatierationalisatie Bij de overgang van de I-medewerkers en applicaties naar Servicepunt71 is het uitgangspunt dat er een besparing wordt gerealiseerd. In de begroting van Leiden is hiervoor in de begroting 2021 een bedrag opgenomen van € 230.000. Het is op dit moment nog niet duidelijk of en in welke mate deze taaksteling kan worden ingevuld.

86 | Paragrafen

4.6 Halfjaarlijkse MeerjarenPerspectief Grondexploitaties (MPG) Met deze paragraaf geeft het college invulling aan de motie uit 2014 om twee keer per jaar te rapporteren over de grondexploitaties, éénmaal bij de jaarstukken en een tweede moment na het zomerreces en voor de begroting. Rapportage over grondexploitaties in voorbereiding in het Stationsgebied vindt jaarlijks plaats in het MPG, dus eerstvolgend in het MPG 2021. Ten behoeve van de rapportage zijn alle grondexploitaties opnieuw doorgerekend aan de hand van de meest recente informatie. Hiermee zijn de grondexploitaties feitelijk geactualiseerd. De bijgestelde resultaten zullen echter niet tussentijds, middels een begrotingswijziging worden geformaliseerd. Hiervoor is het nodig dat de gemeenteraad alle geactualiseerde versies van de grondexploitaties afzonderlijk vaststelt. Dit gebeurt één keer per jaar middels het “Meerjaren Perspectief Grondexploitaties”(MPG), onderdeel van de jaarstukken. De stoplichtrapportage bij tabel 1.3 geeft aan in hoeverre een project zich ontwikkelt volgens de ver-wachting in het MPG 2021. Als de status oranje of rood is, wordt dit nader toegelicht. Resultaten en risico’s Onderstaande tabel 1.1 toont de resultaten zoals vastgesteld bij het MPG 2021 en vergelijkt deze met de resultaten medio 2021.

De resultaten medio 2021 zijn opgesteld op basis van ontwikkelingen die zich het afgelopen half jaar hebben voorgedaan en op eventuele hernieuwde inzichten. Gedetailleerde informatie over de grondexploitaties is vertrouwelijk beschikbaar. Tabel 1.1 Resultaten MPG 2021 versus resultaten MPG halfjaar 2021 (Bouwgrond in exploitatie, BIE)

Niet binnen elk project was er aanleiding om het resultaat van de BIE bij te stellen ten opzichte van het MPG 2021. Het totaal resultaat van alle BIE’s is met € 394.000 verslechterd t.o.v. het MPG 2020. Deze verslechtering wordt veroorzaakt door de projecten Stationsge-bied en de Oude Rijnlocatie. Bij de Oude Rijnlocatie is het resultaat verslechterd omdat dit project met de onvoorziene kosten voor het verwijderen van een woonboot op de bouwlocatie en een WOB verzoek werd geconfronteerd. In het Stationsgebied zijn, bij deelexploitatie RBB K1,2,5, om administratieve reden de verplichtingen voor het woonrijp maken (€ 152.309) bij het MPG 2021 als risico's met een kans van optreden van 100% opgevoerd. Met het bijramen van de verplichtingen in de grondexploitatie kan het risico vervallen waarmee deze wijziging per saldo geen consequenties heeft voor de reserves en vermogen van de gemeente. De andere verslechtering in het resultaat wordt veroorzaakt doordat in deelexploitatie RBB K3-4 de bijdrage van Synchroon aan de kosten, die het mogelijk maken de kelder in de fundering te laten zitten (t.b.v. de stabiliteit van het pand Eigenzorg), lager is dan verwacht bij het MPG 2021. Die bijdrage is lager omdat de voorgestelde uitgestelde betaling van de grondkosten niet is overgenomen door het gemeentebestuur.

Behalve dat de resultaten kunnen wijzigen door nieuwe omstandigheden en inzichten, is het risico- en kansenprofiel van de projecten dynamisch. Daarom worden de risico’s en kansen per project meerdere keren per jaar geactualiseerd. Hierdoor kan het risicosaldo wijzigen. Tabel 1.2 vergelijkt de gewogen risicosaldi per project medio 2021 met de risicosaldi zoals opgenomen in het MPG 2021.De uiteindelijk overeengekomen bijdrage van Synchroon is lager dan ingeschat bij het MPG 2021 om-dat een voorgenomen financieringsconstructie bij nadere uitwerking niet wenselijk bleek waardoor dit voordeel niet behaald kon worden.

Paragrafen | 87

Tabel 1.2 Risico's MPG 2021 versus resultaten MPG halfjaar 2021 (BIE)

Uit de tabel komt naar voren dat de som van de gewogen risico’s en kansen per project tot een afname leidt van ruim € 206.000 ten opzichte van het MPG 2021. Deze daling komt voor het grootste deel voor rekening van het projecten Stationsgebied Rijnsburgerblok K1 t/m 5. Binnen de Lammenschansdriehoek wordt het (weliswaar geringe) verhoogde risicoprofiel met name veroorzaakt door voortschrijdend inzicht op het gebied van het woonrijp maken van het projectgebied. De verlaging van het risicoprofiel in Groenoord Noord en Groenoordhallenterrein wordt grotendeels veroorzaakt door de marktontwikkelingen en om die reden de kans op een hogere grondopbrengst. Binnen het Stationsgebied Rijnburgerblok K3-4 is door aanvullend onderzoek meer duidelijkheid gekomen over de risico’s, die samenhangen met de fundering en bouwkundige staat van het aangrenzende Eigenzorg. Die risico’s konden worden afgeschaald. Bij de Oude Rijnlocatie is het risicoprofiel positief bijgesteld omdat de verwachting is dat we een deel van de onvoorziene kosten voor het verwijderen van een woonboot op de eigenaar kunnen verhalen en dat de kosten voor het WOB-verzoek lager uitkomen dan geraamd. Tabel 1.3 Beoordeling resultaten MPG halfjaar 2021

In het eerste half jaar van 2021 hebben zich met name binnen het Stationsgebied en de Oude Rijnlocatie enkele wijzigingen in de grondexploitaties voorgedaan, die het resultaat en ook de risico-inschatting heeft doen wijzigen. Voor beide projecten geldt dat het resultaat van de grondexploitatie fors verslechterd is. Daar staat tegenover dat voor beide projecten een afname van de risico’s te zien is. De resultaten en risico’s van de BIE’s laten samen een verslechtering zien met € 187.210 ten opzichte van het MPG 2021 op 1 januari. Geen majeure ontwikkelingen dus en voor de 6 projecten kunnen we derhalve melden dat alle seinen nog op groen staan. Voortgang jaarschijf 2021 Tabel 1.4. vergelijkt voor alle grondexploitaties gezamenlijk de bijgestelde raming van kosten en opbrengsten van jaarschijf 2021 met de aanvankelijke raming zoals opgenomen in het MPG 2021.

88 | Paragrafen

Tabel 1.4 Bijstelling raming jaarschijf 2021

Tabel 1.4 laat zien dat er tot op heden in 2021 naar verwachting dit jaar ruim € 0,98 mln. minder wordt geïnvesteerd dan verwacht bij de vaststelling van het MPG 2021. Dit wordt vooral veroorzaakt doordat de bouw van de deelexploitatie K3-4 van het Rijnsburgerblok in het Stationsgebied is vertraagd en kosten bouwrijp maken doorschuiven naar 2022. Bij de afbouw van de Lammenschansdriehoek worden ook een aantal kosten doorgeschoven naar 2022 omdat de bouw van de verschillende fases elkaar in de weg zitten en men wil voorkomen dat een opgeleverd stukje ontsluitingsweg weer aan gort wordt gereden. Aan de opbrengstenkant gaan de woningen in de Oude Rijnlocatie iets meer opbrengen dan bij de vaststelling van het MPG 2021 was voorzien. En bij het Rijnsburgerblok K-4 heeft een administratieve correctie plaats gevonden. Het lijkt er op of de grondopbrengst met € 365.757 is afgenomen maar dat zijn de betaalde reserveringsvergoedingen, die reeds voor 2021 geboekt zijn, moeten worden verrekend met de nog te betalen grondprijs. Voor de overige projecten zijn de halfjaar prognoses ten opzichte van de prognoses van het MPG 2021 nagenoeg ongewijzigd en was er derhalve geen aanleiding om deze tussentijds bij te stellen.

Paragrafen | 89

4.7 In control In de paragraaf bedrijfsvoering van de Programmabegroting 2021 staat kort beschreven wat de aandachtspunten zijn voor ‘in control’ in 2021, zowel de reguliere punten als de specifiek voor 2021 relevante. # De afgelopen jaren was de totstandkoming van en de controle op de jaarstukken een van de speerpunten. Net als in 2019 is dat proces grosso modo ook t.a.v. de jaarstukken 2020 naar tevredenheid verlopen. We denken dat we deze werkzaamheden met die ervaring weer als ‘regulier’ kunnen aanmerken. De Commissie voor de Rekeningen wordt wel nog steeds periodiek geïnformeerd over de voortgang daarvan. Speerpunten voor 2021, naast de focuspunten die worden genoemd in het Algemeen Controleplan 2021, zijn: • de invoering van een nieuw financieel en inkoopsysteem, • de invoering van de rechtmatigheidsverantwoording en • aanpak digitalisering van de audits. In 2020 en 2021 bereiden we de invoering voor van een nieuw financieel en inkoopsysteem (Unit4ERP). Hiertoe zijn in 2020 een business case en een programma van eisen opgesteld. In maart 2021 is de invoeringsfase begonnen. Het betreft een regionaal project waarbij dit systeem op 1 januari 2022 in zes organisaties tegelijk werkend zal moeten zijn. Dat vergt een enorme inspanning van de gehele financiële kolom, inkoopadviseurs, informatieadviseurs en functioneel beheerders en vertegenwoordigers uit de gebruikersorganisaties.

De complexiteit van het project zit ‘m niet alleen in de regionale aanpak, maar ook in de vele koppelingen die met systemen vanuit het primaire proces moeten worden gelegd. In de 1e voortgangsrapportage gaven we aan dat zou worden beoordeeld of de invoeringsdatum van 1-1-2020 nog steeds haalbaar zou zijn. Dat is niet het geval gebleken, waarna is besloten de invoeringsdatum te verleggen naar 1-1-2023. De extra kosten die dit met zich meebrengt worden grotendeels gedragen door de leverancier. Het restant wordt gedekt uit budgetten binnen SP71. Vanaf 2022 zal naar aanleiding van landelijke wetgeving het College een rechtmatigheidsverantwoording moeten afgeven. Het jaar van invoering is door het Rijk verzet van 2021 naar 2022. Hoewel Leiden reeds een in-control verklaring heeft, zal de rechtmatigheidsverantwoording niet geheel hetzelfde zijn. In 2022 zal de invoering daadwerkelijk moeten plaatsvinden. Inmiddels zijn daarover door de raad de benodigde besluiten genomen. Digitalisering van de audits: de verwachting is dat binnen 10 jaar de belangrijkste financiële processen geautomatiseerd zullen zijn. Door robotisering en artificial intelligence zullen processen wezenlijk anders zijn ingericht. Dit maakt de weg vrij om ook anders de audits uit te voeren: geen intensieve handmatige steekproeven meer, maar steeds meer data-analyses.

In 2019 en 2020 zijn een aantal pilots uitgevoerd om het gebied van de digitale audit te verkennen en kennis op te bouwen, in samenwerking met andere gemeenten. In 2021 zijn en zullen deze activiteiten op beperkte schaal worden voortgezet. Over uitgevoerde doelmatigheids- en doeltreffendheidsonderzoeken rapporteren wij in de jaarstukken.

90 | Paragrafen

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10602978/1